Month: december 2014

Dysangelium – Thánatos áskésis

Het Duitse World Terror Committee staat, samen met het Amerikaans/Russische Daemon Worship Productions, ten huize satan naderhand wel als hofleverancier geboekstaafd als het aankomt op kwaliteitsvolle orthodoxe black metal. Op de nieuwjaarsreceptie van Zijne Gehoornde mag Dysangelium in elk geval niet ontbreken. De “Leviaxxis” EP die eerder dit jaar verscheen beloofde al veel goeds (https://addergebroed.wordpress.com/2014/10/30/dysangelium-leviaxxis/). Twee van de drie nummers die we daar in demovorm terugvonden, prijken nu in een nieuw lijkkleedje op de debuutplaat, namelijk het rockende midtempo “Obelisk of the sevencrowned son” en de wervelwind genaamd “Chaomega”. De negen doodspraktijken op “Thánatos áskésis” kleuren braaf binnen de ondertussen meer dan gekende lijntjes van het subgenre (dat zo stilaan zijn verzadigingspunt wel bereikt blijkt te hebben). Af en toe valt er wel eens iets thrashier riffwerk te bespeuren (“Murmura” of “Ave obscuritas incarna”),  hoewel de hoofdkleur waarmee geschilderd wordt nog steeds overduidend pikzwart is. De productie en sound zijn degelijk, maar voor de hand liggend, waardoor het onderscheidend karakter van Dysangelium tegenover de welgekende genregenoten Chaos Invocation, Ascension, Acherontas, Blaze Of Perdition en Acrimonious (om er maar enkelen te noemen) elders gezocht moet worden. Zo komen we uit bij frontman Sektarist 0 die het geheel van nóg meer dynamiek voorziet met zijn gezaghebbende semi-cleane/semi-geraspte vocalen en hierdoor de troef van de band is. De typische productie blijft echter het enige minieme kritiekpuntje want voor de rest zal “Thánatos áskésis” zeker niet in je platenkast misstaan als je eerder vernoemde bands een zwart hart toedraagt.

JOKKE: 82/100

Dysangelium – Thánatos áskésis (World Terror Committee 2014)
1. Consecrated by light
2. Words like flames
3. Obelisk of the sevencrowned son
4. Chaomega
5. Aries
6. Gateways to necromancy
7. Murmura
8. Ave obscuritas incarna
9. I am the witness, I am the servant

Insanity Reigns Supreme – Unorthodox

The Insane Cult of Doom. Respect! Dat verdienen ze. En daarvoor moet je nog niet eens naar hun muziek luisteren. Insanity Reigns Supreme is de oudste actieve Belgische band uit de extreme hoek. Deze heren maakten al herrie toen Eva nog op slangen joeg. Snelheidsduivels zijn het nooit geweest, figuurlijk dan, want alle 4 full lengths werden uitgebracht in een tijdspanne van 25 (!) jaar. Is dat het recept voor een langdurig bestaan? De eerste releases waren een pak trager dan de laatste albums. Het My Saaing Bride gezeur werd ingeruild voor een krachtige trap richting teelballen. Net zoals voorganger “Occultus insanus damnatus” uit 2009 (traag, je weet wel) kiest Insanity Reigns Supreme voor identiek dezelfde werkwijze: korte plaat (klokt rond dik een half uur, dubbel nummer niet meegeteld), belachelijk goede volle productie (Andy Classen heeft blijkbaar al eens achter een mengtafel gezeten), voortreffelijk Photoshop artwork door Seth Siro Anton, hetzelfde label, korte intermezzo’s (knipoog naar Beethoven) en verwoestende death- doomnummers. Knal!!! Vorig jaar al verscheen “Satanas rex inferis” op de Face Your Underground sampler. De gastbijdrage van zangeres Claudia Michelutti gaven een eerder bevreemdend gevoel, maar na enkele beurten werden ze net juist dat extra wat het nummer speciaal maakte. Gelukkig komt deze dame terug op meerdere tracks. Maar het zwaartepunt van “Unorthodox” zijn toch wel de sterke songs gecombineerd met de perfecte productie voor dit soort lawaai. “Throne of one” en “Ov fire” (of “Serpent ov fire“; geen idee waarom tweemaal quasi hetzelfde nummer (eenmaal met vrouwenzang, de andere keer zonder) op de cd staat) trekken alle registers open. De ene na andere mokerslag wordt toegediend op je gehoorwegen. Voeg daarbij de aardedonkere grunt van opperdemoon Tes Re Oth en veel meer moet niet gezegd worden. Bij wijlen wordt er wat gas teruggenomen zoals in (het eerste deel van) “Cursed be the faithful“. Insanity Reigns Supreme valt niet te vergelijken met alle hippe en trendy death metalbands van de laatste jaren. Ze weten oude, simpele death metal van het vorige millennium in een modern jasje te steken. En dat op een uiterst overtuigende en volhardende manier. Dus ook daarvoor: respect!

Flp: 86/100

Insanity Reigns Supreme – Unorthodox (Shiver 2015)
1. The conjuring
2. Ov fire
3. Throne of one
4. Torment
5. Moonlight sacrifice
6. By the blood of the beast
7. Cursed be the faithful
8. The calling
9. Opposer
10. Satanas rex inferis
11. Serpent ov fire

Thy Darkened Shade – Liber lvcifer I: Khem sedjet

Eén blik op de tracklist en titel van het tweede album van het Griekse Thy Darkened Shade en je weet wat voor vlees je in de kuip hebt: orthodoxe black metal (sorry “acausal necrosophic black metal” zoals ze zelf zeggen) waarbij het een gegoochel is met magische formules, occulte boodschappen, en duivelse mantra’s. Bio’s van dergelijke bands (sorry: entiteiten) zijn soms op het lachwekkende af omdat zowat alles verbloemd wordt met occulte grootspraak en kosmisch geneuzel. Spilfiguren van het hellenistische Thy Darkened Shade zijn Semjaza (o.a. Acrimonious) die instaat voor alle snareninstrumentatie en de teksten (sorry: mantra’s), die vocaal gebracht worden door bloedbroeder The A. Op drums worden ze uit de nood geholpen door een zekere H.G, die zich erg goed van zijn taak kwijt. De productie, mix en mastering van “Liber lvcifer I: Khem sedjet” was in handen van knoppentovenaar V. Santura (Dark Fortress, Triptykon) en Stamos Kolliousis. De heldere (hoor die bass!) maar droge sound maakt het maar liefst tachtig minuten lang genieten van de uitgesponnen maar goed in het gehoor liggende occultos black metallos. Vergeleken met andere orthodoxe collega’s zoals Acrimonious, Flagellant of Chaos Invocation klinkt Thy Darkened Shade echter nergens écht gevaarlijk. Het klinkt tamelijk braaf en sfeervol. De songs (sorry: rites) zitten echter wel erg goed ineen en je hoort dat hier getalenteerde muzikanten aan het werk zijn. Geheel volgens het boekje duiken her en der de obligate duivelskoren op. In het afsluitende nummer “Δαήμων Ὁ Φώσφορος” levert  Magus Wampyr Daoloth (Necromantia) nog een vocale bijdrage. Tachtig minuten lijkt een lange rit, maar die is makkelijk te halen door de toegankelijkheid, hoewel het hier absoluut geen commercieel popcorn occultisme betreft.

JOKKE: 80/100

Thy Darkened Shade – Liber lvcifer I: Khem sedjet (World Terror Committee 2014)
1. Holy lvcifer
2. Revival through arcane skins
3. Elixir of azazel
4. Black light of sitra ahra
5. Or she-ein bo mahshavah
6. Nox profunda
7. Drayishn I Ahriman o divan
8. Saatet-ta renaissance
9. Liber lvcifer
10. Deus absconditus
11. Δαήμων Ὁ Φώσφορος

Thantifaxath – Sacred white noise

Ik ben een lijstjes fetisjist, neuroot die ik ben. Her en der zag ik de mysterieuze naam Thantifaxath opduiken in overzichten van de beste platen van 2014. Nu ben ik normaal gezien goed op de hoogte van het muzikale reilen en zeilen in de underground, maar bij het lezen van deze moeilijke bandnaam hoorde ik het toch in Keulen donderen. Effe Metal Archives raadplegend dan maar. Daar valt te lezen dat het om een Canadese black metal band gaat en dat “Sacred white noise” de eerste full length is, volgend op een EP uit 2011. De plaats is al een paar maanden uit, maar toch geef ik jullie mijn gedacht er nog over mee. Niet alleen is het band numero elvendertig waarbij de bandleden zich verschuilen onder zwarte kapmantels, tevens verkiezen ze ook nog eens incognito te blijven. Veel meer info over de band kan ik jullie dus niet meedelen en wie of wat Thantifaxath is, daar heb ik ook het raden naar. Over naar de muziek dan maar. Bij Canadese black metal denk ik in eerste instantie aan Xasthur-worshipping groezelige depri black à la Forteresse of Gris. Daarvoor zijn we bij dit Thantifaxath echter aan het verkeerde adres. “Sacred white noise” staat immers garant voor een intense brok avontuurlijke en progressieve black metal die op tijd en stond de nodige theatraliteit bevat. Het tempo ligt doorgaans verschroeiend hoog en het disonnante gitaarspel is zenuwachtig (soms zelfs zenuwslopend) van aard zoals we dat ook kennen van een Krallice of Nightbringer (vooral in openingstrack “The bright white nothing at the end of the tunnel” en “Where I end and the hemlock begins”). Soms krijg ik het er dan ook van op mijn heupen. Emperor ten tijde van “Prometheus – The Discipline of Fire & Demise” popt ook regelmatig in mijn brein op. Na twintig minuten vormt het kalmere (hoewel bevreemdende) “Eternally falling” dan ook een welgekomen rustpunt. Het theatrale en avantgardistische effect wordt vooral bekomen door het experimentele gebruik van blazers en strijkers (“Gasping in darkness”, “Eternally falling”, “Lost in the static between worlds“). De productie staat als een huis, wat noodzakelijk is bij dit soort muziek. Complexe en moeilijk te doorgronden songstructuren zorgen ervoor dat je deze plaat de nodige luisterbeurten dient te geven alvorens je enkele herkenningspunten als houvast kunt vastleggen. ADHD’ers, avontuurlijke black metal liefhebbers en fans van bands genre Dillinger Escape Plan zullen dit wel kunnen smaken. Tijdens het schrijven van deze review, heb ik de plaat nog eens twee maal integraal na mekaar opgezet. Tijd voor mijn dwangbuis!

JOKKE: 80/100

Thantifaxath – Sacred white noise (Dark Descent Records 2014)
1. The bright white nothing at the end of the tunnel
2. Where I end and the hemlock begins
3. Gasping in darkness
4. Eternally falling
5. Panic becomes despair
6. Lost in the static between worlds

Mono – The last dawn/Rays of darkness

In battle there is no law. In post-rock Mono is the law. Het betreft hier niet een nieuwste telg van de bliksemwerpers, maar een dubbelluik custom made in het land van sushi en nucleaire weelde. Samen met Godspeed You! Black Emperor, Mogwai en Explosions in the Sky zet Mono de lijnen uit hoe post-rock gespeeld dient te worden. Al jaren behoort de band tot de absolute wereldtop en steeds blijven ze gouden albums afleveren. “The last dawn/Rays of darkness” is alweer het zevende (en achtste) studioalbum. De lat wordt zeer hoog gelegd en bij het aanhoren van “Cyclone” was ik meteen verkocht. Dit is mooi. Mooie muziek. Vaak rustig kabbelend. Sfeervol en instrumentaal met sporadische harde uithalen. Zo kennen we Mono en zo willen we ook dat Mono klinkt. Emotioneel, intens… De tracks kennen een trage, maar typische post-rockopbouw zoals we dat gewoon zijn. Er wordt immer naar een climax toegewerkt. En misschien klinkt Mono deze keer net iets ruiger dan voordien. Zeker als je “Rays of darkness” ontleedt. Het tweede luik klinkt donkerder en rauwer dan we doorgaans van Mono gewend zijn. Voor zover ik weet wordt er voor de allereerste keer ooit (schreeuw-)zang gebruikt en dat maakt “The hand that holds the truth” een van de interessantste nummers die Mono ooit gemaakt heeft. De rauwe, hysterische zang schiet de band naar een eenzame hoogte. Misschien ook omdat niemand dit verwacht? Afsluiten doet Taka en de zijnen met “The last rays“, een stuk dat enkel bestaat uit noise en feedback. Mono staat terecht in mijn eindejaarslijstje. Een van de meest pakkendste releases van het jaar. Mono I love you!

Flp: 90/100

Mono – The last dawn (Temporary Residence Limited/Pelagic Records 2014)
1. The land between tides/Glory
2. Kanata
3. Cyclone
4. Elysian castles
5. Where we begin
6. The last dawn

Mono – Rays od darkness (Temporary Residence Limited/Pelagic Records 2014)
1. Recoil, ignite
2. Surrender
3. The hand that holds the truth
4. The last rays

Bones – Awaiting rebirth

Bones, ik heb veel sympathie voor dit bandje. Vier jonge snaken die muziek maken van voor hun tijd, maar dat met zoveel overtuiging en passie doen dat je alleen daarom al bewondering hebt. Vorig jaar was ik al lovend enthousiast over hun debuutdemo en dit jaar volgt een nieuwe EP gedoopt “Awaiting rebirth“. Wat moet je verwachten van deze drie songs? Niks. Helemaal niks. Bones speelt death metal van het eerste uur. Een dikke flashback naar begin jaren (negentien) negentig. Er is niks moois aan “Awaiting rebirth” en laat het net dat zijn wat hun dat tikkeltje overtuigender maakt dan alle andere revival bands. Begrijp het niet verkeerd, de nummers geven iedere Dismember fan een stijve, maar het zijn de kleine nuances die de puntjes op de i zetten: de gitaren zijn op het randje van vals gestemd en de productie is beneden alle peil. Heer-lijk!!! Laat het grootste pluspunt de authentieke zang zijn. Als je terugdenkt aan de begindagen van dööds metaal, dan denk je toch automatisch aan al die grunters met een origineel stemgeluid? Ja toch? Tardy, Tompa, Van Dreunen, Schuldiner,… Ook de heren van Bones horen thuis in dit rijtje. Fuck this modern world! Killer songs, killer artwork, killer sound & killer band!

Flp: 82/100

Bones – Awaiting rebirth EP (Blood Harvest Records/Pulverised Records 2014)
1. Awaiting rebirth
2. Blight upon Sodom
3. Adulation of the spheres

Árstíðir Lífsins – Aldafǫðr ok munka dróttinn

Árstíðir Lífsins. Moeilijk, moeilijk, moeilijk,… En dan heb ik het niet over tongtwisters (quizvraagje iemand?) zoals “Kastar heljar brenna fjarri ofan Ǫnundarfirðinum“, “Knǫrr siglandi birtisk á löngu bláu yfirborði” en “Norðsæta gætis, herforingja Ormsins langa“, maar over de muziek die deze noorderlingen uit de pols schudden. Het is zeer moeilijk om een zwart-witrecensie neer te pennen. En daarbij zou een middelmatige, men zegge grijze, bespreking Stefáns werk oneer aandoen. Dan maar wat feiten. Het oudere Árstíðir Lífsins vond ik snel saai worden, maar hun split met Helrunar vorig jaar was fenomenaal. Ook langspeler nummer drie “Aldafǫðr ok munka dróttinn” (bon, niemand die iets aan de titel heeft, maar ik kon het niet laten) gaat verder op het vorige elan. Je hoort en merkt dat er echt heel veel moeite, passie en werk in het album gestopt is. Het laat zich allemaal moeilijk doorgronden en vangen onder een pet. De noords mythologische black metal varieert van traag, naar mid-tempo naar snel. Soms hoor je wat van Helrunar (nummer 3 op de eerste cd), maar dat is wel erg voor-de-hand-liggend, daar zanger Marsél ook deel uitmaakt van Helrunar. De veel voorkomende mannenkoren klinken belachelijk diep en drukken meer dan ooit hun stempel op “Aldafǫðr ok munka dróttinn“. Prachtig! Al mag ook gezegd worden dat de hysterische uithalen van Georg gemist worden. Hij is er op deze plaat niet bij. Verder hoor je heerlijke akoestische riedels waarmee Ulver ooit eens een hele cd heeft opgenomen. Enerzijds ligt alles gemakkelijk in het oor, maar (hoe vreemd genoeg) blijft alles moeilijk hangen. Komt het door de uitgesponnen lengte? Of is er te weinig variatie? Moeilijk… En feiten… Je weet wel. Een ander feit is dat “Aldafǫðr ok munka dróttinn” twee schijfjes bevat en naar goede Árstíðir Lífsins gewoonte afklokt op toch wel een dikke 80 minuten. Dat is erg veel. Misschien wekt dat inderdaad saaiheid in de hand. Verder heeft Ván Records wederom voor een erg mooie verpakking gezorgd. Eerlijk gezegd vind ik het een gemiste kans. De ganse digipack heeft een soort bruine one-click-made Photoshop textuur. Evenals de cover ziet er als snelwerk uit. En dat terwijl er zoveel opties zijn: lederen boekje, vernis laagje, het symbool (van de cover) in hout laten maken en fotograferen op aarde,… Ook het boekje van 22 pagina’s zou beter kunnen. De teksten staan in het Ijslands geprint als zijnde een bijbel, daarna nog eens in gewone letters en daarna volgt hun Engelse vertaling. Waarop niet wat meer opsmuk en minder herhaling? Of duiding erbij? Je merkt het; ik kan er lang over doorgaan. Misschien volgende conclusie trekken: “Aldafǫðr ok munka dróttinn” is een prachtplaat, maar stelt op verschillende vlakken wat teleur door gemiste kansen.

Flp: 78/100

Árstíðir Lífsins – Aldafǫðr ok munka dróttinn (Ván Records 2014)
Disc 1:
1. Kastar heljar brenna fjarri ofan Ǫnundarfirðinum
2. Knǫrr siglandi birtisk á löngu bláu yfirborði
3. Þeir heilags dóms hirðar
4. Úlfs veðrit er ið CMXCIX
5. Máni, bróðir Sólar ok Mundilfara

Disc 2:
1. Tími er kominn at kveða fyrir þér
2. Norðsæta gætis, herforingja Ormsins langa
3. Bituls skokra benvargs hreggjar á sér stað
4. Sem lengsk vánar lopts ljósgimu hvarfs dregr nærri

Ascension – The dead of the world

Inmiddels weet iedereen al aan welke bands je Ascension moet linken. Toch blijft de band in zijn anonimiteit volharden en weigert aan bekendmaking toe te geven. Bekend is de band alvast geworden. Relatief toch. Ik kan me maar niet ontdoen van het feit dat de leden hun achtergrond en de bands origine toch ook meespelen in het succesverhaal van Ascension. Dat wil niet zeggen dat de heren niet weten wat ze doen, want wederom wordt een prachtplaat afgeleverd. In wezen verschilt er niet veel met voorganger “Consolamentum” uit 2010. Nog steeds wordt er ijzige black metal in je gehoorgang gekatapulteerd. Nog steeds worden occulte onderwerpen aangesneden. Nog steeds ligt het tempo erg hoog. En nog steeds steekt Ascension boven de gemiddelde black metal uit. Over alle songs en hun arrangementen is goed nagedacht en het technisch niveau is niet van de poes. Het is nog steeds kaarduidelijk dat Watain als grootste inspiratiebron dient, maar Ascension voert het een pak beter uit dan hun Zweedse helden, die nogal simplistisch uit de hoek durven komen. Destijds deden de snelle en goed in het gehoor liggende stukken op “Consolamentum” me wat denken aan Keep of Kalessin, maar op “The dead of the world” plaats geruimd voor meer sinistere dissonante stukken. En “The dark tomb shines” heeft zelfs een riff die erg hard lijkt op eentje van “Fhtagn” van ons eigen Saille. Qua vormgeving en productie wordt beroep gedaan op grote namen en jeugdheld The Magus (van Necromantia) komt wat keelgeluiden rochelen op “Unlocking Tiamat“. Een zekere Mors Dalus Ra passeert ook nog ergens om wat zanglijnen te vervolledigen, maar in tegenstelling tot de andere gast wordt zijn band Necros Christos niet geciteerd in het boekje. Noem het onzin, noem het flauw, maar ik noem het Duitse zelfvoldaanheid. Het lijkt alsof ze ervan uitgaan dat iedereen dat toch weet. Want alle Duitsers houden vooral van hun eigen bands en eigen scene. Zodus ook van Ascension; een goede band met goede nummers, maar die het net iets gemakkelijker heeft dan andere bands, snap je?

Flp: 81/100

Ascension – The dead of the world (W.T.C. 2014)
1. The silence of Abel
2. Death’s golden temple
3. Black ember
4. Unlocking Tiamat
5. Deathless light
6. The dark tomb shines
7. Mortui mundi

Jaarlijsten 2014

Jaarlijst Jokke:
Ik wil beginnen met collega addergebroed en muzikaal mastermind FLP te bedanken om mij deel te laten uitmaken van zijn blog. Het heeft mij in ieder geval veel “artistiek” genot verschaft en ik hoop enkelen onder jullie toch enkele nieuwe ondergrondparels te hebben kunnen laten ontdekken (of behoeden voor teringherrie). Als je verplicht wordt om iets zinnigs te schrijven (allez, dat hoop ik toch) over een plaat, moet je echt opnieuw de tijd leren nemen om de muziek tot je geest en psyche te laten doordringen. Er vielen heel wat muzikale hoogtepunten te ontdekken, opnieuw eerder van underground-bands dan van de mainstream artiesten. Echt tegenvallende releases zoals die van Watain en Satyricon in 2013 vielen er niet te bespeuren het afgelopen jaar. Het Amerikaanse Griefloss schopt het bij ondergetekende tot nieuwkomer van het jaar en levert met “łłł” meteen ook de song van het jaar af.

Ook in eigen land kwamen heel wat veelbelovende orkestjes vanachter de hoek piepen. Denken we maar aan Grimmsons, Psychonaut of Hemelbestormer. 2014 was een muzikaal topjaar en het was een hele karwei om mijn “best of”-lijstje tot 10 platen te reduceren. Vielen net naast de boot: Primordial, Herder, Sun Worship, Agalloch, Tombs, Dirge, Triptykon, Behemoth, Downfall Of Gaia en Vader. Daar de nieuwe plaat van Ascension pas op 25 december op de mensheid losgelaten wordt, reserveer ik hiervoor alvast een plaatsje in mijn jaarlijst van volgend jaar. Beste live gigs waren Sun Worship in de Antwerpse Music City (dé place to be om ondergrondmuziek te ontdekken) en Inter Arma in Kavka waarvoor ik met mijn band Grown Below de eer had om te mogen openen. Hopelijk ruilen er volgend jaar niet te veel muzikale helden het tijdelijk voor het eeuwige in, want ik luister de laatste tijd meer naar muziek van doden dan levenden precies.

1. Lord Mantis – Death mask
Ongetwijfeld de meest harde, vunzige brok herrie die het afgelopen jaar verschenen is. Vergezeld van een expliciete hoes en zieke video clip vormt “Deathmask” de ultieme soundtrack om je eens goed bij af te reageren terwijl je je de dwaze voorstellen en regeerakkoorden van onze regering voor de geest haalt. Ik kijk er al naar uit om te zien hoe de band rond boegbeeld Charlie Fell in 2015 eerst Het Bos in Antwerpen tot brandhout zal hakken om daarna Tilburg in lichterlaaie te zetten tijdens Roadburn.

2. Jakob – Sines
Op woedemomenten staat Lord Mantis op numero uno. Om te chillaxen staat Jakob bovenaan mijn lijstje. Hoewel de tot-aan-het-gaatje-gevulde post-rockscène al een tijdje over haar hoogtepunt heen is, bewijst het Nieuw-Zeelandse Jakob met het langverwachte “Sines” nog maar eens waarom ze tot de ongekroonde keizers van instrumentale post-rock behoren. Een kraakheldere sound maakt het volop genieten blazen van bloedmooie intieme momenten die afgewisseld worden met dreigende erupties. Jakob vormt de absolute reden om in 2015 nog eens een bezoekje te brengen aan Dunk!Festival.

3. Sinmara – Aphotic womb
Enkele jaren geleden was Frankrijk “hot” als het op (vernieuwende) underground black metal aankwam (en de VS voor hipster black). De afgelopen twee jaar moesten we echter terug noordelijker trekken richting Ijsland, waar momenteel één van de meest opwindende black metal scènes ter wereld te ontdekken valt, met Sinmara als één van haar nieuwste en meest potentiële krachten. In de nasleep van het succesvolle Svartidauði deelde Sinmara een ware kopstoot uit met haar debuutplaat “Aphotic womb”, een meesterwerk vol occulte en orthodoxe black metal.

4. Yob – Clearing the path to ascend
Platen van Yob belanden steevast in mijn eindejaarslijstje. Dat is niet anders met het geniale “Clearing the path to ascend” waarop de band rond de flamboyante frontman Mike Scheidt een subtiele verschuiving in het bandgeluid neerzet richting meer ingetogen, maar nog steeds donkere en dreigende muziek.

5. The Deathtrip – Deep drone master
Als er een versie “The Voice – Black Metal” zou bestaan, zou Aldrahn (o.a. Thorns en Dødheimsgard) ongetwijfeld met de eerste plaats gaan lopen. De Noor beschikt niet alleen over de juiste “X-factor” maar liet op “Deep drone master” met zijn gepassioneerde screams horen waarom hij tot de top van black metal vocalisten behoort. Frostbitten op Noorse leest geschoeide black metal. Niet al te origineel maar oh zo lekker uitgevoerd!

6. The Great Old Ones – Tekeli-Li
Dat ook hipsters een lekker potje black metal kunnen spelen, bewijst het Frans collectief The Great Old Ones. Op deze tweede plaat wordt een intense brok extreme metal neergezet gebaseerd op teksten van H.P. Lovecraft. Volgens collega FLP staat deze band ook live als een huis, dus moet ik ze dringend eens live gaan bekijken. Roadburn: Hallo?

7. Griefloss – Ruiner
Zoals reeds in de inleiding vermeld, schopt het Amerikaanse Griefloss het met haar debuutplaat “Ruiner” tot “beste nieuwkomer van het jaar”. “łłł” is daarenboven nog eens de “song van het jaar”. Post- black metal met wisselwerking tussen suïcidale screams en pakkende cleane vocalen. Op hun Facebook stond te lezen dat ze momenteel in de studio zitten om een opvolger op te nemen. Benieuwd wat dat gaat geven!

8. Nachtmystium – The world we left behind
Enfant terrible Blake Judd vond het welletjes geweest en wou zijn geesteskind Nachtmystium ten grave dragen, maar niet zonder nog een knaller van formaat uit te brengen. De toegankelijke blekk meddle is van een uitzonderlijk hoog niveau en vormt een gepast afscheid. Kort na de release meldde Blake dat hij alsnog zou verdergaan met Nachtmystium. To be continued…

9. Bloodbath – Grand morbid funeral
Normaal gezien ben ik niet zo te vinden voor Zweeds doodsmetaal, maar dat is dan zonder Bloodbath gerekend. Zonder twijfel dé death metal plaat van 2014. Eens bekend gemaakt werd dat Nick Holmes (Paradise Lost) de plaats zou innemen van de opgestapte Mikael Åkerfeldt (Opeth) regende het kritiek op diverse fora en sociale media. Ook ondergetekende stond sceptisch tegenover deze frontmanwissel. Eén luisterbeurt was echter voldoende om met een glimlach op mijn gezicht te beseffen dat Old Nick alle criticasters de mond snoerde met zijn geweldige death metal grunts.

10. Blut Aus Nord – Memoria vetusta III – Saturnian poetry
Het Franse Blut Aus Nord is niet minder dan geniaal. Deze experimentele black metal band stond de laatste jaren gekend voor zijn innovatieve industriële black metal maar keert met het derde deel van de “Memoria vetusta” reeks terug naar de traditionele black metal sound uit de jaren ’90. Het feit dat er een drummer van vlees en bloed te horen is (drumhoer Thorns aka Gionata Potenti) stuwt de band naar een nog grotere hoogte.

Jaarlijst Flp:
Je hebt mensen die van lijstjes houden, je hebt mensen die er een hekel aan hebben en je hebt een grote hoop die elk jaar opnieuw zagen dat muziek aan kwaliteit inboet. Dikke zever uiteraard. 2014 was een topjaar, net zoals elk jaar een topjaar is. Wie graag muziek beluistert en het aandurft nieuwe bands een kans te geven, zal heus merken dat de kwaliteit er daadwerkelijk is. Neen, Metallica, Burzum en Morbid Angel weten van hout geen pijlen meer te maken – Maar geef de nieuwelingen een kans! Mijn lijstje kon gemakkelijk uitgebreid worden met releases van Dead Congregation, Teitanblood, Ascension, Fides Inversa, Arstidir Lifsins, Conan, Alkerdeel, Triptykon, Blut Aus Nord, Bones, Earth,… Een topjaar, je te dis!

Persoonlijk nummer van het jaar: wat een emotie, wat een gevoel,…

1. The Great Old Ones – Tekeli-li
Zelf was ik niet zo bekend met The Great Old Ones totdat we samen ergens het podium deelden ergens op een boot ergens op de Maas. Live lieten ze zo een verpletterende indruk na dat ik de band wilde onderwerpen aan een inquisiet hoorverhoor. “Tekeli-li” schoot me niet dadelijk in een roes, maar sloop stilletjes in mijn systeem. Hun mix van post-elementen met sludge en (vooral) black metal brachten elke luisterbeurt nieuwe ontdekkingen ten gehore. “Tekeli-li” was geen instant sugar rush, maar smaakt immer zoet.

2. Electric Wizard – Time to die
Justin is een uit de kluiten gewassen kleuter die graag eens “we live” kraait om daarna doodleuk te zeggen dat het tijd is om te gaan. Maar alvorens de wietpijp aan Maarten te geven, knalt den tovenaar nog eens lekker voorspelbaar. Alhoewel; “Time to die” klinkt echter veel gemener, duisterder en meer zwartgallig dan alle andere voorgangers. De hitjes hebben je direct mee en “Time to die” geraak nooit of te nimmer uit het lange termijngeheugen.

3. Yob – Clearing the path to ascend
Het was oftewel eWiz oftewel Yob op nummer 2. Beide hebben zeer sterke albums uitgebracht. Yob is een pak sfeervoller en muzikaal veel uitdagender. Ze zijn wereldklasse in hun genre en “Clearing the path to ascend” heeft me al heel wat oorgasmes gegeven. Doch, is hij niet perse beter dan oudere voorgangers zoals “Catharsis” of “The illusion of motion“.

4. Schammasch – Contradiction
Schammasch heeft met “Contradiction” een steile opmars ingezet naar de top van de black metalwereld. Daar waar hun debuut wat gewoontjes was, heeft de band zich de spiegel voorgehouden en hun eigen identiteit verder uitgewerkt. Trage, onheilspellende black metal mét inhoud – Zoals het moet zijn! Jammer dat ik hun niet heb kunnen strikken tijdens de tour met Dark Fortress en Secrets of the Moon.

5. Mono – The last dawn/Ray of darkness
Mono dicteert de wetten van de post-rock. Dat was zo, dat is zo en dat zal zo zijn. De Japanners tonen hun trucjes op zelfs twee platen deze keer. Op “Ray of darkness” hebben ze zelfs wat ziekelijke screams toegevoegd. Alle emoties worden losgelaten en een topplaat werd gemaakt. Punt.

6. Sólstafir – Ótta
Na “Köld” was mijn interesse in Sólstafir wat (komt ie) afgekoeld. Ik was de band wat uit het oog verloren totdat een maat van me kwam aanzwaaien met woorden vol lof over “Ótta“. Het titelnummer had me at hello. De rest werd een succesverhaal en na het live mogen aanschouwen van deze cowboys was geen twijfel mogelijk: Sólstafir heeft een knaller van jewelste uitgebracht.

7. Entartung – Peccata mortalia
Melancholische black metal zonder al te veel poespas. Ik zal er dan ook maar niet te veel woorden aan vuil maken.

8. Hemelbestormer/Vanessa Van Basten – Portals
Je eigen band nomineren is wellicht not done, maar fuck dat – In je eigen blog mag dat! Zonder Vanessa Van Basten hun gedeelte zou ik hem zelfs een pak hoger laten eindigen. “Portal to the universe” kwam uit het niets en wist dadelijk te overtuigen. De chill atmosfeer en donkere dreunen toonden een combinatie die ik zelf niet vaak heb mogen aanhoren. Uiteraard ben ik helemaal ondergedompeld in Hemelbestormer en zal de duik nog zeebodem diep gaan.

9. Dirge – Hyperion
Ondanks dat deze heren uit Parijs al jaren meegaan, was “Hyperion” mijn eerste kennismaking met de band. Dankzij collega Jokke. Waarvoor dank, putain! Knalharde sludge met atmosferische elektronica, waarvan het aparte “Remanentie” als persoonlijk hoogtepunt geldt. Klasse!

10. Behemoth – The satanist
Deze plaat is al even uit, maar pas sinds kort hier te beluisteren. Wellicht scoorden ze hoger als ik de plaat eerder fatsoenlijk beluisterd had. Voordien was Behemoth niet de meest consistente band als het op songwriting aankwam, maar van dat euvel zijn ze al enkele platen verlost. Getuige The satanist.

Vorde – Vorde

Dat Michael Rekeviks een bezige baas is bewijst hij met het aantal bands waar deze Amerikaan deel van uit maakt. De meesten onder ons zullen hem natuurlijk kennen als de vellenmepper van Fell Voices, maar verder zijn er nog zijn twee geesteskindjes Sleepwalker en Vilkacis, waarmee hij vorig jaar de veelbelovende “The fever of war” EP uitbracht en waarbij hij alle instrumenten en zang voor zijn rekening neemt. Hoe de vork juist aan de steel zit met dit Vorde is mij een raadsel. Ik denk dat Michael hier de kern van de band vormt (onder zijn pseudoniem Vilkacis), maar hij zich op plaat heeft laten bijstaan door de illustere gezelschappen Lam (guitars), Eziagalis (bass) en Aziel (vocals). Deze laatste vervult een belangrijke rol op deze eerste selftitled plaat. De basis van Vorde’s sound is donkere, mystieke black metal die door Aziel voorzien wordt van akelige, horrorachtige proclamerende en diep kreunende misselijkmakende cleane vocalen. Zijn “zangstijl” valt wat te vergelijken met de almachtige Attila Csihar en heeft vaak iets sacraals over zich. Infamroth van Throne of Katarsis popte ook soms in mijn gedachten op. Alsof je naar een echte duivelspriester aan het luisteren bent die je de daver op het lijf jaagt. Niet iedereen zal zijn vocale aanpak kunnen smaken, maar ik vind het er wel bij passen, hoewel het na een tijdje wel wat eentonig wordt. Het tempo is hoofdzakelijk mid tempo maar af en toe mag Michael zich toch nog eens uitleven (o.a. aan het einde van “Blood moon” of in afsluiter “Funeral vortex”). Zelden heb ik live een drummer gezien die zo intens in zijn roffels en blast beats opging als toen hij met Fell Voices op tour was vorig jaar. Elke spier in zijn lichaam stond gespannen, elke ader kwam aan de oppervlakte piepen en terwijl hij zijn drumstel en bekkens geselde, perste hij nog (zonder microfoonversterking!) de meest helse screams uit zijn longen die boven de geluidsmuur uittorenden. “Vorde” is geen spek voor ieders bek, maar wie eens een echt donkere plaat wil opzetten en klaar komt op een band zoals Negative Plane, is hier aan het juiste adres.

JOKKE: 79/100

Vorde – Vorde (Fallen Empire Records/Psychic Violence 2014)
1. Intro
2. Hatewave
3. Transformations of the vessel
4. Blood moon
5. Crown of black flame
6. Funeral vortex