Month: augustus 2017

War Possession – Doomed to chaos

Dat noemen we nu nog eens een intro se! Het lijkt wel van de jaren negentig geleden te zijn dat we nog zo’n onheilspellende en groots klinkende introductie als “March into hell (Beyond the chaos)” gehoord hebben die de eerste langspeler van het Griekse War Possession doeltreffend in gang zet. Hoewel de leden actief zijn in underground black metal bands als Embrace of Thorns, Merciless Crucifixion en Wargoat, gooit het kwartet het met War Possession eens over een andere boeg. Rollende en beukende diehard death metal met oorlogsgeïnspireerde thema’s is wat ze in de aanbieding hebben: titels als “Operation neptune“, “Verdun hell” of “The sword of Stalingrad” liegen er niet om, hoewel de bandnaam natuurlijk ook al een dikke vette hint gaf. Death metal en oorlog? Bolt Thrower doemt dan natuurlijk al snel aan de einder op maar ook oude knallers als Incantation, Asphyx en Treblinka liggen ondergronds in het mijnenveld ingegraven. De compacte blitzkrieg songs rollen als een beukende tank over het slagveld en bevatten goed volgbare structuren, enkele dodelijke riffs en een oorlogssample links en rechts. De diepe growls van frontman Vaggelis lijken wel in één of andere bunker opgenomen te zijn en hoewel er niet veel variatie aan te pas komt, is zijn doodsreutel toch erg effectief. Na net geen veertig minuten zit het offensief erop; één waarbij War Possession ondergetekende alvast als krijgsgevangene genomen heeft.

JOKKE: 80/100

War Possession – Doomed to chaos (Memento Mori 2017)
1. March into hell (Beyond the chaos)
2. Operation neptune
3. God of a wicked mind
4. Verdun hell
5. Doomed to chaos
6. War is the father and king of all
7. Slapton sands tragedy
8. The sword of Stalingrad
9. Haunted by carnage
10. Mass for the dead

Spectral Voice – Eroded corridors of unbeing

Na een inlooptraject van vijf demo’s en twee splits werd het hoogtijd voor het uit Colorado afkomstige Spectral Voice om haar kunsten te etaleren op een volwaardige langspeler. “Eroded corridors of unbeing” werd ie gedoopt en Dark Descent Records heeft de eer het ding op de markt te brengen. De mix van down tuned death metal en extreme doom gaat erg diep en de lage tonen walsen als een tientonner over je heen. Spectral Voice is echter niet voor één gat te vinden en bouwt afwisselende tempo’s gaande van funeral doom tot blast beats in de vijf nummers in en heeft tevens oor voor melodie tussen al het forsbolgerol door. Wat Vassafor niet voor mekaar krijgt, lijkt voor het kwartet – waarvan gitarist M. Kolontyrsky en bassits J. Barrett trouwens ook deel uitmaken van het geniale Blood Incantation – een koud kunstje waar ze met twee vingers (en waarschijnlijk dan nog de ver uiteen gespreide devil’s horns) in de neus in te slagen, namelijk nummers met een epische speelduur de hele rit boeiend houden. Het veertien minuten durende “Visions of psychic dismemberment” is hier een schoolvoorbeeld van. Deze kolos marcheert over hoogtes en laagtes en bezit een afwisselende flow met enkele trippy passages zonder gebricoleerd over te komen. Het kortere “Lurking gloom” dendert onstopbaar door en bevat een coole passage waarbij blast beats over arpeggio’s gedrapeerd zijn. dISEMBOWELMENT luurt om de hoek. Alle songs behalve de hekkensluiter bevatten aan het einde erg duistere drone en noise, om de stemming te zetten voor de opvolgende track. De diepe grunts en vettige screams van drummer (!) E.Wendler gaan door merg en been en laten geen spaander heel van je trommelvliezen. Tel hier nog een erg krachtig maar ruw geluid bij zodat Spectral Voice op alle gebied weet te overtuigen. Joechei!

JOKKE: 85/100

Spectral Voice – Eroded corridors of unbeing (Dark descent Records 2017)
1. Thresholds beyond
2. Visions of psychic dismemberment
3. Lurking gloom
4. Terminal exhalation of being
5. Dissolution

Verge – The process of self-becoming

Liefde op het eerste gehoor: het bestaat nog en ik had het voor met het Finse Verge. Het kwintet met leden van Saturnian Mist en Charnel Winds in de gelederen was tot nog toe een nobele onbekende voor ondergetekende, maar wat ben ik blij dat hun derde album “The process of self-becoming” mijn pad kruist. Vanaf de allereerste noot ben ik immers verk(n)ocht voor (aan) hun unieke en bij momenten progressieve kijk op het black metal genre. Zoals de titel enigszins doet vermoeden, betreft het hier een conceptalbum dat gebaseerd is op de theorie van de existentiële niveaus van de Deense filosoof Sören Kierkegaard. Het album is in drie hoofdstukken onderverdeeld – het esthetisch, ethisch en religieus niveau van leven – en naarmate deze existentiële dilemma’s doorlopen worden, wijzigt de muzikale invulling ervan. “The piety in hatred” start als onversneden black metal maar laat – zodra het tempo daalt – al minieme progressieve elementen horen. De zinsnede “A spouse who places trust above everything / As long as it feels nice / Then she leaves and trusts someone else” legt de vinger op de wonde van de existentiële crisis die in deze fase vervat zit. Het betekenisloze proces van het voortdurend creëren van verlangens wordt perfect verwoord in “The futility of it all” waarin theatrale cleane zang voor een schril contrast zorgt met de raspende black metal vocalen die soms naar landgenoten Oranssi Pazuzu neigen. Het laatste deel van dit hoofdstuk windt er met het compacte “The ridiculous difficulty of acceptance” geen doekjes om en bevat enkele razende blastende passages. De voortdurende strijd tussen rede en twijfel wordt belichaamd in het furieuze “The decision beyond calculation” en het slepende “The pride in despair” waarin het contrast opgezocht wordt tussen black metal en intense rock-georiënteerde gitaarsolo’s. En laat ik de fenomenale rol die de basgitaar opeist ook zeker niet onvermeld laten. In de twee meer epische songs van de laatste religieuze fase horen we majestueuze crescendo’s, psychedelische klanken, lange solo’s en opnieuw cleane zang die de dramatische woorden “Not God, but me in God / Taking the serpents from His mother’s hands / You are the final stream of beginning / The fire of the last and first question” brengt. Het betreft hier een zéér aangename kennismaking met Verge en ik ga de komende weken hun oud materiaal zeker eens opsnorren. “The process of self-becoming” is in ieder geval héél lekker spul voor de meerwaardezoeker.

JOKKE: 88/100

Verge – The process of self-becoming (I, Voidhanger Records 2017)
1. Aesthetic I – The piety in hatred
2. Aesthetic II – The futility of it all
3. Aesthetic III – The ridiculous difficulty of acceptance
4. Moral I – The decision beyond calculation
5. Moral II – The pride in despair
6. Religious I – The bedrock gives way
7. Religious II – Grounding in the unground

Vassafor – Malediction

Op papier zou Vassafor mijn hart moeten kunnen veroveren met haar barbaarse mix van black, death en doom, maar in de realiteit blijk ik moeilijker te versieren zijn dan gedacht. In het verleden was ik niet altijd overtuigd van de (soms ellenlange) songs van het Nieuw-Zeelandse duo, want steevast waren ze mijn aandacht halverwege kwijt. Nu twee interessante labels hun handen in mekaar hebben geslagen om het langverwachte tweede full album op de mensheid los te laten, besloot ik Vassafor nog eens een kans te geven. Eén blik op de tracklist laat zien dat drie van de vijf songs nog steevast boven de tien minuten grens afklokken waarvan opener “Devourer of a thousand worlds” zelfs boven het kwartier. Het duurt even vooraleer de duisternis voldoende aangezwollen is om vervolgens loodzwaar uit de startblokken te schieten. Die startblokken zijn van massief beton gemaakt, want dit is onvervalste funeral doom waarover zwaar distorted vocalen dood en verderf prediken. Alleen begin mijn aandacht na een minuut of vijf weer af te dwalen en is er een versnelling nodig om me terug bij de les te houden. In de up-tempo stukken, voelt het geheel echter al snel modderig aan door de zompige sound, wat meer te maken heeft met de productie dan met de instrumentbeheersing van de twee heren. Net na de tien minuten grens dient een Deströyer 666-achtige riff de boel opnieuw te moeten redden. Conclusie na de openingstrack: hier had één goede song van vijf minuten ingezeten en de rest is middelmatigheid doordat de riffs niet spannend genoeg klinken. Geef me dan maar het snelle en bestiale “Emergence (Of an unconquerable one)” dat “slechts” vijf minuten nodig heeft om een dozijn nonnen naar het hellevuur te katapulteren, hoewel de trage riff halverwege opnieuw van een gebrek aan inspiratie blijkt. Het compacte “Elegy of the accurser” veegt het Vaticaan zelfs op drie minuten tijd van de kaart. Het kan dus! De laatste twee songs zijn terug monumentaler qua speelduur en hoewel ze danig verwrongen en overstuur klinken, weet enkel “Illumination of the sinister” met haar snelle, zwaar zagende riffs en ronkende bastonen te overtuigen. Zanger/gitarist VK zou volgens de geruchtenmolen ook deel uitmaken van het gelijkaardige Irkallian Oracle, dat mij een pak beter weet te bekoren. Nu zijn het enkel de kortere songs en snellere passages die de meubels weten te redden, want wanneer Vassafor de doomregionen induikt, weet ze niet boven de middelmatigheid uit te steken.

JOKKE: 70/100

Vassafor – Malediction (Debemur Morti Productions/Iron Bonehead Productions 2017)
1. Devourer of a thousand worlds
2. Emergence (Of an unconquerable one)
3. Elegy of the accurser
4. Black winds victoryant
5. Illumination of the sinister

Utzalu – The loins of repentance

Utzalu is een extensie van de visies achter Urzeit – één van de vele andere bands van Vrasubatlat-oprichter R – zij het in een minimalistischer en ruwer black metal kader. Qua inspiratie wordt de mosterd gehaald bij de Franse schrijver Emile Zola en worden thema’s als verdorvenheid, overmoed, zelfvernietiging, wraak en meedogenloze lust bezongen. In het geval van Utzalu doet R het met drummer T; of het dezelfde vellenmepper als bij Dagger Lust betreft, weet ik niet. Wat ik wel weet, is dat de zeven songs van “The loins of repentance” tot het beste werk van Utzalu tot op heden behoren, want de demosongs overstegen de grijze middelmaat niet, voornamelijk door het voortdurend herkauwen van één-en-dezelfde riff en bijhorend drumpatroon. Na het nodige gepiep en gekraak gaat “Putrid aide-mémoire” over naar rauwe black ’n roll zoals we van Utzalu gewend zijn. Ook “Loins of rapine” ontpopt zich volgens hetzelfde stramien. In het aanstekelijke, punky “We don’t belong…he is alone” schemeren lichte Alkerdeel invloeden door en voor het eerst horen we in “Absent eyes” en “Fetid morality” eens wat blastende drums in plaats van boem-tsjak-boem-tsjak-ritmes wat de afwisseling ten goede komt. Afsluiter “Loins of repentance” is slepen van aard maar blijft té lang in dezelfde middelmatige repetitieve riff hangen terwijl “Bloodied gowns on cringed worms” van een mid-tempo start naar het einde toe toch alles losgooit. Door haar dynamiek is dit de beste song van de plaat. Met slechts zesentwintig minuten speeltijd voelt het wel wat overdreven aan om dit een langspeler te noemen, maar soit. Utzalu maakte een positieve ontwikkeling door, in de eerste plaats door het inbouwen van de nodige variatie. Dat juichen we toe!

JOKKE: 75/100

Utzalu – The loins of repentance (Vrasubatlat/Fallen Empire Records 2017)
1. Putrid aide-mémoire
2. Absent eyes
3. Bloodied gowns on cringed worms
4. Fetid morality
5. Loins of rapine
6. We don’t belong… he is alone
7. Loins of repentance

Adzalaan – Adzalaan

Met Triumvir Foul, Uškumgallu, Utzalu en Urzeit bevinden de meeste bands van muzikale duizendpoot R zich in de achterste regionen van mijn platencollectie. Met Adzalaan komt daar verandering in, hoewel deze eerste demo momenteel enkel op cassette  – in een gelimiteerde oplage van honderd stuks – werd uitgebracht. R doet het normaal op zijn eentje in dit project maar heeft zich op drums toch laten bijstaan door Mróz. De muziek van Adzalaan is inktzwart en projecteert de kracht van isolement, angst en claustrofobie; no happy tunes hier. De twee tracks, die gezamenlijk afklokken op een kwartier, overtuigen met de vingers in de neus, maar liggen wel niet zo gek ver verwijderd van de aanpak en sound van het geweldige Uškumgallu. Maar dat is gezeik in de marge. “Tower of false cleansing” is de snellere van de twee songs met een in de riffs ingebakken triomfantelijk gevoel terwijl “Morbid oaths fall from wicked tongues” meer repetitief, slepend en dreigender van karakter is, hoewel halverwege het gaspedaal ook terug ingeduwd wordt. Dit smaakt absoluut naar meer…en snel wat!

JOKKE: 85/100

Adzalaan – Adzalaan (Vrasubatlat 2017)
1. Tower of false cleansing
2. Morbid oaths fall from wicked tongues

Angrenost – Nox et hiems

Ik hou wel van bands die voortdurend in ontwikkeling zijn en herhalingsoefeningen proberen vermijden. Het Portugese (er loopt ook een Poolse naamgenoot rond) Angrenost produceerde op haar knappe debuut “Planet muscaria” uit 2014 symfonische, steriel klinkende, spacey black metal met subtiele electronica-toets. Al dan niet door het toetreden van gitarist W.uR (Israthoum, Monte Penumbra, Ab Imo Pectore) ligt de focus op de opvolger op rituele, mystieke en occulte black metal met een veel ruwere en grimmigere sound, doch met duidelijk hoorbare stuwende basgolven. Bovendien hebben de elektronische drums plaats geruimd voor een slagwerker van vlees en bloed en zijn de keyboards tot een minimum herleid. Meer dan een uur lang produceert Angrenost een hermetische black metal duisternis waarbij de eerste vijf songs gevoelsmatig tot het hoofdstuk “nox” (nacht) behoren en de andere vier eerder tot “hiems” (winter). Doorgaans mid-tempo van aard, hoewel een versnelling niet geschuwd wordt zoals in het sinistere “Lightless soul” waarin zanger Pursan laat horen een begenadigd, veelzijdig vocalist te zijn. Hij zou best bij opperstrot Aldrahn (ex-Dødheimsgard) in de leer geweest kunnen zijn. In het tergend trage begin van “Ophiucus” doet de zagende, slepende gitaarsound denken aan het onvolprezen Throne Of Katharsis, een referentie om trots op te zijn. Het draait bij Angrenost niet om agressie, maar om gitzwarte sfeerzetting waarin het gevaar voortdurend sluimert. Aan het einde van “Of granite, night and cold” duiken serene akoestische gitaarklanken op. Het contrast met “Lupus in fabula” kan haast niet groter zijn, want hier mag Lamoth – interim-drummer van dienst – even alles uit de kast halen. Ook in “Poço negro“, dat het tweede luik inluidt, steelt Pursan de show en kan je er niet naast kijken dat Attila Csihar zijn held is en Mayhem’s meesterwerk “De mysteriis dom sathanas” ongetwijfeld grijsgedraaid werd (bij wie niet?). Hij weet dat Portugees best beangstigend te doen klinken. De titeltrack klinkt lekker vertrouwd en gaat erin als zoete koek om tenslotte in het instrumentale “Lua negra” de complete gure duisternis op te zoeken. In beide black metal sub-genres heeft Angrenost een erg overtuigende plaat afgeleverd. Benieuwd of dit pad in de toekomst verder bewandeld zal worden of we ons opnieuw aan een koerswijziging mogen verwachten. De tijd zal het uitwijzen.

JOKKE: 85/100

Angrenost – Nox et hiems (Altare Productions 2017)
1. Basaltos da arga escura
2. Lightless soul
3. Ophiucus
4. Of granite, night and cold
5. Lupus in fabula
6. Poço negro
7. Estrela d’alva
8. Nox et Hiems
9. Lua negra

Serpentfyre – Illuminating ruin

In afwachting van een tweede langspeler trakteert het Finse Serpentfyre haar aanhang op een lekker tussendoortjes in de vorm van de “Illuminating ruin” EP. Serpentfyre mag dan misschien wel een minder bekende naam zijn, haar second wave black metal mag zeker gehoord worden. De Finse sound sijpelt subtiel doorheen de basisingrediënten (helse screams, melodieuze gitaarleads en tremolo picking riffs, opzwepend drumwerk) en we hebben dit al een ontelbaar aantal keer gehoord: soms beter, maar dikwijls ook slechter en ongeïnspireerder. Het mid-tempo, in de moedertaal gezongen “Kuoleman monet kasvot” bevat een grote dosis Sargeist en luistert vlot weg. De basgitaar eist hier een duidelijk plaatsje in de krachtige en transparante mix op en bewijst dat er zeker een rol voor dit instrument is weggelegd in old school black metal. Ook in het snellere werk weet het trio te overtuigen. Tweederde van de line-up houdt er ook nog Hatespirit op na, waarvan vorig jaar het debuut “Blood and poetry” verscheen. Daar gaat het er in de sterk punk-gedreven black metal nog een pak rauwer aan toe, maar ook middelmatiger. Met Serpentfyre weten ze mijn zwarte hart wel sneller te doen kloppen.

JOKKE: 79/100

Serpentfyre – Illuminating ruin (Altare Productions 2017)
1. Altars of infinite obscurity
2. Invocation of phosphorus
3. Kuoleman monet kasvot
4. Supreme primal darkness

Irae – Crimes against humanity

De bloeiende Portugese black metal scene hebben we bij Addergebroed om één of andere reden bijna volledig links laten liggen, terwijl we steevast de nieuwste IJslandse snoepjes onder de loep namen. Nu zijn ze in Portugal wel niet zó inventief als in het hoge Noorden en gaat het er hier door de bocht genomen vrij old school aan toe. We verkondigden reeds onze mening over de laatste van Black Cilice en nu is het de beurt aan Irae, die deel uitmaken van een clubje gelijkgestemde zielen onder de noemer “Black circle“. Irae is één van de vele bands van een zekere Hugo Leal ofte Vulturius voor de black metal vrienden. De man is reeds vijftien jaar actief en heeft zich die periode verre van verveeld aan zijn uitgebreide discografie te zien. Vulturius kijkt duidelijk niet op een splitje of demo meer of minder. Op gebied van langspelers is “Crimes against humanity” de vierde in het rijtje, waarop de oprichter bijgestaan wordt door J. Goat op bas en Andrecadente op drums. Voor fijngevoeligheid of filosofische tekstflarden ben je bij Irae aan het verkeerde adres getuige songtitels als “In the name of Satan” of “Mastergoat” en het aantal keer dat er “Satan“, “Lucifer“, “Baphomet“, “Leviathan” of een ander koosnaampje van onze duivelse vriend gescandeerd wordt, is amper bij te houden. Soms roept ie het ook verdoken in het Portugees. Op de vinyl-insert staat dan ook een duidelijke boodschap te lezen: “Irae is black metal the way it is supposed to be manifested as. A big fuck off to the tolerant, valueless and safe “black metal” trend. … Black metal is intolerance!” Altijd fijn te weten wat je in huis haalt. Het tempo ligt meestal vrij hoog zonder echter blastsnelheden te halen, maar een mid-tempo song als “A um passo do fim” zorgt voor de aangename afwisseling. Als er gas gegeven wordt, haal ik de reeds lang vergane SM-knakkers van Tsathoggua voor de geest, hoewel een Impaled Nazarene ook niet misstaat als referentiepunt. “Beyond my torments” kent enkele zwartgeblakerde speed-metal momentjes à la Impiety, maar de allesvernietigende blitzkrieg van “Mastergoat” met serieuze Deströyer 666-vibe is het hoogtepunt van de plaat, zonder het niveau van de Aussies echter te halen. Hoe “Crimes against humanity” zich verhoudt ten opzichte van vorig werk, moet ik schuldig blijven. Ik heb geen tijd en zin om heel de discografie van Irae te gaan uitpluizen. Ik kom wel aan mijn trekken met deze.

JOKKE: 75/100

Irae – Crimes against humanity (Altare Productions 2017)
1. In the name of Satan
2. Beyond my torments
3. Genocide journey
4. Mastergoat
5. Da brandoa com ódio
6. The tongue of fire
7. The wildest existence
8. A um passo do fim
9. The sabbatical deathsign of moon

Poison Blood – Poison Blood

Beherit’s “Drawing down the moon” is een plaat met een cultstatus, dat vond ook Jenks Miller van Horseback. In plaats van de krautrock, drone en psychedelica van zijn hoofdband zocht de muzikant een nieuwe uitlaatklep in de vorm van meer straightforward agressie. Via een digitale date met Neill Jameson (Krieg) kreeg Poison Blood vorm, dat een eerbetoon vormt aan de eerder vernoemde plaat van de Finnen. Acht songs die op negentien minuten afklokken: in de grotendeels mid-tempo minimalistische black metal van het duo lijkt geen plaats voor overbodige franjes hoewel er meer dan louter Beherit-worship te beleven valt. “Deformed lights” en “From the ash” bevatten psychedelische gitaar- en synthleads, dus de invloed van Horseback schemert zeker nog door in de composities. In “Myths from the desert” vormt een punky d-beat de hartslag van de song waarover een aanstekelijke deathrock-achtige melodie opduikt. Het contrast met het aansluitende hels rockende “Cracked and desolate sky” kan niet groter zijn. De dungeon synth klanken van “The flower of serpents” halen de één minuut niet evenals het daaropvolgende “Shelter beneath the sea” dat een helse pandoering rond je oren geeft niettemin door de verrotte vocalen van Neill. Het afsluitende “Circles of salt” is de enige song die boven de vier minuten afklokt en via een creepy keyboardlijntje evolueert naar een repetitief krautrock gedreven lo-fo black noise nummer. Nu moet ik toegeven dat sommige nummers gerust nog verder uitgewerkt mochten worden want soms is het wat abrupt gedaan. Desalniettemin een leuk plaatje! Laat ons hopen dat het niet bij een éénmalige samenwerking blijft want dit smaakt naar meer!

JOKKE: 83/100

Poison Blood – Poison Blood (Relapse records 2017)
1. The scourge and the gestalt
2. Deformed lights
3. Myths from the desert
4. Cracked and desolate sky
5. The flower of serpents
6. Shelter beneath the sea
7. From the lash
8. Circles of salt