Maand: januari 2019

Griefloss – Griefloss

In 2014 schopte het nummer “łłł” van de Amerikaanse band Griefloss het tot mijn persoonlijke song van het jaar. Niet slecht voor een band die toen net haar debuut “Ruiner” in eigen beheer had uitgebracht. We zijn ondertussen vijf jaar verder en ik was de band eerlijk gezegd al uit het oog verloren. Plots is daar dan het nieuws dat de opvolger klaar is. En vreemd genoeg wordt die opnieuw in eigen beheer uitgebracht. Is er dan geen enkel platenlabel dat in deze mannen gelooft? Misschien heeft het te maken met het eclectische genre van de band waarin elementen uit shoegaze en atmosferische post-black vermengd worden en dat de hype rond deze niche al op haar retour is? Wie weet. Vol torenhoge verwachtingen waag ik me aan de self-titled opvolger. Zou het kwartet opnieuw zo’n kippenvel kraker als “łłł” geschreven hebben? De emotioneel geladen cleane vocalen van gitarist Ben Polson die dat nummer droegen, krijgen alvast meteen ook de hoofdrol in opener “Anneliese“, maar eerst jaagt een sample van exorcismegeluiden ons de stuipen op het lijf. Dit nummer behandelt immers de duiveluitdrijving van Anneliese Michel, een Duitse vrouw die geloofde dat ze bezeten was door diverse demonen en waarop ook de films “The exorcism of Emily Rose” (2005), “Requiem” (2006) en “Anneliese: The exorcist tapes” (2011) gebaseerd zijn. De heldere, niet altijd even toonvaste – zang en het mellow karakter van de muziek was nu niet meteen wat ik verwachtte na deze onheilspellende intro. Rond de 4:30 grens vallen dan plots de screams in en schakelen de drums een paar tandjes hoger zodat het black metal-aspect van Griefloss’ sound op de voorgrond treedt. Gewaagde openingssong! Het contrast met “Blood flashing” (het nummer dat in augustus vorig jaar als teaser de wereld ingestuurd werd) kan niet groter zijn want hier trekt de band middels blast beats en de helse krijsen van bassist Blade Ronetz volop de black metal-kaart. Ook in “God is hell” is het menens hoewel het tempo hier terug lager ligt, maar de ijle hoge screams wijden ver uit en vullen de ruimte met wanhoop. In “Life is too long” komt het depri-kantje om de hoek loeren maar in “Total hate” worden we op het verkeerde been gezet. Wie hier ziedende en haatvolle black verwachtte, is eraan voor de moeite. Electronica doet immers haar intrede en samen met de zwaar-door-de-effectenmangel-gehaalde cleane zang zorgt dit voor een Jesu-achtige beleving. Geen gitaren en drums hier maar elektronische beats en allerhande achtergrondgeluidjes. De band is duidelijk niet vies van experiment waardoor ik ook gerust een parallel durf te trekken met Altar Of Plagues’ zwanenzang “Teethed glory and injury“, hoewel de Ieren het experiment niet zó ver dreven. Ik ben er nog steeds niet goed uit wat ik hier van moet vinden. Na dit out of the box-uitstapje volgt nog de acht minuten durende uitsmijter “For decades” die het meer gekende blackgaze-terrein van het debuut verkent. Hier wisselen post-rock gitaargepingel en hevige uitbarstingen mekaar af en er wordt voldoende tijd uitgetrokken om spanningsbogen te creëren. Het weet me echter niet zo te pakken als hun oud materiaal. Griefloss bewijst op haar tweede langspeler dat het verschillende gezichten heeft en weerde het experiment niet wat leidde tot een plaat die heel wat luisterbeurten nodig heeft alvorens het kwartje valt. De niet eenduidige koers zal dan ook niet bij iedereen in de smaak vallen. Persoonlijk vind ik het een lichte tegenvaller vergeleken met “Ruiner” en blijf ik toch wat op mijn honger zitten.

JOKKE: 75/100

Griefloss – Griefloss (Eigen Beheer 2019)
1. Anneliese
2. Blood flashing
3. God is hell
4. Life is too long
5. Total hate
6. For Decades

Blot & Bod – Ligæder

In elk land heb je tegenwoordig wel een clubje gelijkgestemde zwarte zielen rondlopen. In Denemarken is de interessantste de “Korpsånd Circle” waar o.a. Jordslået, Grifla da la Secta, War is Aer, Broder, Ærekær en Blot & Bod op de ledenlijst staan. Deze laatste band bestaat uit de Noor Jøran Elvestad en de Deense broers Erik and Jesper Bagger Hviid. In 2017 werd een demo uitgebracht en later op het jaar volgde het debuut “Ligæder” dat door het Amerikaanse label Fallow Field op tape werd gereleased. Iron Bonehead rook het potentieel van deze nieuwe speler uit de new wave of DKBM en brengt “Ligæder” nu opnieuw onder de aandacht mits een vinyl-uitgave. Blot & Bod is niet alleen een muzikale uitlaatklep voor de drie muzikanten maar ook een manier om hun gezamenlijke interesse in Noorse mythologie te botvieren. Intro “Kom i hu” en outro “Erindring” vormen het muzikale equivalent van Huginn en Muninn – de twee raven van Odin – waartussen tien songs gebundeld zijn die topics als overwinning en verslagenheid, rebellie, dood en verlossing aansnijden. Als communicatiemiddel kozen de heren voor primitieve black metal die – zoals elke andere release van deze kliek uit Kopenhagen – in een studio in de befaamde Mayhem-venue werd vereeuwigd. Nu is primitieve black misschien toch wat kort door de bocht vermits de nummers ook ingrediënten uit punk, hardcore, black ’n roll en crust bevatten die door de heerlijke lo-fi buzz sound beenhard uit de boxen knallen. Het inzetten van drie zangers die elk in hun eigen register de longen uit het lijf schreeuwen, geeft extra punch aan de relatief korte nummers. In een nummer als “Auga” gaan de down-tuned gitaren de strijd aan met een meedogenloos ronkende bass en de knetterharde ride-aanslagen in “Blodstænkte fjer“, “Mit blodbad” en het explosieve “Når ulven glammer” roepen beelden op van het zwaardgekletter waarmee een stel bloeddorstige Vikingen één of ander klooster naar de verdoemenis slaagt. Er is nog wel wat marge voor verbetering want sommige nummers konden beter uitgewerkt worden, niet alle riffs zijn even sterk en het lijkt allemaal wel heel hard op mekaar, maar “Ligæder” is toch al een mooi begin voor liefhebbers van apocalyptische onbeschaafde black metal en schedelsplijtende ragna-rock.

JOKKE: 72/100

Blot & Bod – Ligæder (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Kom i hu
2. Ul
3. Auga
4. Blodstænkte fjer
5. Sindet styrter
6. Mit blodbad
7. Bær lig
8. Velt din gud
9. Når ulven glammer
10. Væk døde mænd
11. Ravne
12. Erindring

Thronum Vrondor – Een nihilistische en apocalyptische visie

Vorig jaar verblijdde de herrijzenis van Paragon Impure ons zwarte hart. Begin 2019 is het de beurt aan Thronum Vrondor om na een afwezigheid van een decennium opnieuw van zich te laten horen. Destijds werden twee knappe platen uitgebracht waarmee Thronum Vrondor zich in de bovenste regionen van onze vaderlandse black metal-scene nestelde. Eerstdaags verschijnt via Pulverised Records de langverwachte derde plaat “Icho (The rebellion)” waarover we een gesprek hadden met gitarist/songschrijver Vrondor en zanger SvN. (JOKKE)

Gegroet heren! Na een afwezigheid van ruim tien jaar stelt zich als vanzelfsprekend de vraag waarom het zo lang heeft geduurd alvorens er nieuw werk van Thronum Vrondor verscheen?
Vrondor: Na de opnames van “Vrondor II: Conducting the orchestra of evil” hebben we nog wel wat nieuw materiaal geschreven dat in dezelfde lijn lag als dat tweede album, maar de opnames hiervan liepen niet goed en werkten demotiverend. De daaropvolgende pauze ging over in een lange periode van non-activiteit en zo hebben we eigenlijk een zestal jaar stilgelegen. Toen we de instrumenten opnieuw ter hand namen, hebben we dan op twee jaar tijd “Ichor” geschreven en opgenomen.

Gedurende het eerste decennium van Thronum Vrondor bestond de kern van de band uit drummer/zanger Crygh en gitarist/bassist Vrondor, hoewel op het debuut ook Noctiz (o.a. Paragon Impure en Lugubrum) mee kwam kwelen. Sinds 2015 worden jullie echter versterkt door toevoeging van zanger SvN (Dodengod). Waarom wilden jullie niet langer als duo verder?
Vrondor: Crygh is van nature enkel drummer en heeft op de eerste twee albums de zang uit noodzaak gedaan. Hij had daar al ervaring mee bij zijn vroegere band Grimfaug, vandaar dat het toendertijd een logische keuze was. Echter was dit nooit zijn favoriete bezigheid en dus waren we beide van mening dan het aantrekken van een échte vocalist een grote meerwaarde zou zijn voor de muziek. 

De opnames, mix en mastering van het nieuwe album “Ichor (The rebellion)” waren eveneens in handen van SvN. Hebben jullie geen schrik dat opnemen in een eigen studio ertoe leidt dat je oneindig lang blijft sleutelen aan een plaat doordat er geen deadlines zijn?
Vrondor: Ons creatief proces bestaat eruit om nummer per nummer op te nemen en af te ronden. Ongeveer één nummer per maand wordt op die manier opgenomen en ook afgerond. Vooral in de beginfase is het dus opletten dat je niet bij elke nieuw song wilt teruggrijpen naar de vorige nummers en checken of een aanpassing van dit of dat instrument ten goede komt aan de feeling van de muziek. Maar na die eerste twee of drie nummers zit het gevoel juist en wordt er eigenlijk niet meer zo veel gesleuteld aan de productie.

Ondanks de lange pauze klinken jullie plots niet compleet anders. De stijl van de nieuwe plaat ligt in het verlengde van diens voorganger “”Vrondor II: Conducting the orchestra of evil“, hoewel de nieuwe nummers iets technischer en progressiever klinken en er meer death metal-invloeden in jullie black geslopen zijn. Putten jullie nu meer inspiratie uit andere bands of genres vergeleken met de begindagen?
Vrondor: Tijdens de non-actieve fase van Thronum Vrondor heb ik gedurende die jaren geen enkele noot op gitaar gespeeld en heeft Crygh zijn drum ook opgeborgen. Toen we dan besloten om een derde album te creëren, heb ik mijn gitaarspel opgefrist aan de hand van onze oude albums en het niet uitgebrachte materiaal. De techniek, songstructuren en riffopbouw sijpelde dus automatisch door in het nieuwe materiaal zonder al te veel nieuwe invloeden.
Ik ben ook altijd een hevig voorstander geweest van goed klinkende en gevarieerde basslijnen. Op de vorige albums komt dit door de killere black metal productie wat minder tot zijn recht, maar bij “Ichor” hadden we de knowhow om dit mooi te laten uitkomen. Dit kan inderdaad wat progressiever of technischer overkomen, maar in feite is het kader van dit geluid al lang geleden zo gesmeed. Ook de drumpartijen zijn wat gevarieerder dan vroeger, Crygh houdt ervan op zijn tijd een atypisch ritme in de nummers te laten sluipen.

De titel van jullie nieuwe album intrigeert me enorm. “Ichor” staat in de Griekse mythologie voor de etherische vloeistof die als het bloed van de goden of de onsterfelijken kan beschouwd worden. Welke boodschap of symboliek zit er achter dit woord in combinatie met “The rebellion” wat tussen haakjes staat?
SvN: Ichor staat in dit geval inderdaad voor ‘bloed van de goden’. De teksten vormen samen één verhaal en zijn geïnspireerd door Dante’s “Inferno” en het Oude en Nieuwe Testament. De mensheid is van mening dat ze de goden niet meer nodig hebben, komen in opstand (vandaar ‘The Rebellion’) en willen hen vernietigen. Door onze technologie en kennis van de wetenschap zijn we zo machtig geworden, dat we onszelf als goden zijn gaan zien. De goden van hun kant zijn het hier niet mee eens en willen dat ongedierte verdelgen.

Het knappe artwork is van de hand van de Chileense artiest Daniel Valencia (Fenomeno Design) die ook reeds werkte voor o.a. Blut Aus Nord, Demonical, Manes, Glorior Belli en Inferno. Kreeg hij carte blanche bij het uitwerken van het hoesontwerp?
SvN: We hebben Daniel inderdaad enkel een beknopte instructie en de teksten meegegeven en hem zijn ding laten doen. Een kunstenaar als hem mag je geen beperkingen opleggen. We stellen zelf geen grenzen aan onze creativiteit. Dan kan je dit ook niet verwachten van anderen.

De hoes lijkt vergeven te zijn van de occulte symboliek. Kan je een tipje van de mystieke sluier oplichten en toelichten wat we zoal te zien krijgen?
SvN: Eigenlijk is Daniel degene die deze vraag zou moeten beantwoorden, maar als je de teksten leest, dan kan je veel terugvinden in het artwork. Voor zij die nog de moeite doen om de teksten te lezen natuurlijk.

De teksten voor “Ichor (The rebellion)” werden door SvN neergepend. In welke mate is er een verschuiving qua thematiek ten opzichte van het oude werk? “Vrondor II: Conducting the orchestra of evil” was gebaseerd op Dante Alighieri’s “La divina commedia” terwijl de nieuwe nummers een meer nihilistisch en apocalyptisch sfeertje lijken uit te stralen. 
SvN: Mijn teksten hebben altijd een nihilistisch en apocalyptisch thema. Bij alle bands waar ik ooit bij betrokken was/ben, was/is dit het thema van mijn teksten. Aard van het beestje zeker…

Als vinylverzamelaar vind ik het spijtig dat ik het nummer “Chants of the depraved” zal moeten missen daar dit enkel op de digipack-versie zal verschijnen. In welke mate verschilt het nummer van de rest van de songs daar dit het lot van bonustrack kreeg toegewezen?
Vrondor: Het bonusnummer is een nummer dat direct na de opnames van “Vrondor II: Conducting the orchestra of evil” geschreven is. Het vormt dus de link tussen onze eerste en onze tweede periode. Het is een snel en intens nummer, zeker het checken waard.

Jullie debuut verscheen via het Chinese label GoatoWarex en na een zijsprongetje via het Zweedse Total Holocaust Records voor de release van de tweede plaat, werken jullie nu opnieuw samen met een Aziatisch label, namelijk Pulverised uit Singapore. Hebben ze in Azië een speciale voorliefde voor Thronum Vrondor?
Vrondor: Pulverised was voor ons het label dat ons op de beste manier kon ondersteunen bij de promo van “Ichor” en het contact met hen verloopt heel vlot en professioneel. Het was dan ook een logische keuze om bij hen te tekenen. Geografie speelt in deze wereld geen rol meer, dus het was geen bewuste keuze om met een Aziatisch label in zee te gaan.

De eerste twee platen bezaten de respectievelijke prefixen “Thronum I” en “Thronum II”. Op welke manier waren beide albums met mekaar verbonden en vormen zij ondertussen een afgewerkt geheel of zal er ooit nog een derde deel volgen?
Vrondor: De eerste twee albums werden kort na mekaar gemaakt en zijn daardoor compositorisch en muzikaal sterk verbonden. Bij “Ichor” hadden we het gevoel dat de non-actieve periode ervoor gezorgd heeft dat we een album maakten dat meer balans en maturiteit uitstraalt. Nog steeds dezelfde stijl, maar composities die meer kloppen. Vandaar dat we besloten het voorvoegsel Thronum achterwege te laten en een nieuwe doorstart te maken.

Als ik me niet vergis heeft Thronum Vrondor zelden of nooit opgetreden. Blijft dat zo of komt er verandering in en mogen we jullie weldra op het podium van menig Belgisch concertzaaltje verwachten ter promotie van “Ichor (The rebellion)?
Vrondor: In wezen zijn we geen liveband, we hebben inderdaad nog nooit opgetreden. Om dat te gaan doen hebben we twee struikelblokken. We moeten minstens twee gelijkgestemde sessiemuzikanten vinden om live te spelen (2de gitaar en bass) én onze drummer is zo perfectionistisch dat hij enkel in auditief perfecte omstandigheden wilt spelen, wat natuurlijk niet makkelijk is bij een live performance. Ik verwacht dus dat je ons niet snel live zal te zien krijgen.

Vrondor, jij hebt ook nog een tijdje deel uitgemaakt van Paragon Impure. Wat vind jij van diens langverwacht “Sade”? Welke andere Belgische releases uit 2018 kan je aanbevelen?
Vrondor: Ik heb inderdaad deel uitgemaakt van Paragon Impure als live sessiegitarist ten tijde van de promo van “To Gaius!”. Noctiz heeft een goede beslissing gemaakt om “Sade” toch af te werken en uit te brengen, het is het beste Belgische black metal-album van 2018. Wat complexer en gelaagder dan de voorganger, maar heel geslaagd. Andere 2018 Belgische releases die in mijn ogen het luisteren waard zijn Theudo “De roep van het woud” , Cultor Noctis “Demiurg” en de nieuwe Wiegedood.

Als afsluiter iets wat ik me eigenlijk altijd al heb afgevraagd? Wat is de betekenis van die enorm duister klinkende bandnaam?
Vrondor: Bij het oprichten van Thronum Vrondor had ik eigenlijk voor ogen om de muziek als éénmansproject te gaan maken om geen compromissen te moeten sluiten over de muzikale koers. Daardoor koos ik als bandnaam de troon van Vrondor, ofte “Thronum Vrondor”. De tijd heeft me echter doen inzien dat het samen musiceren met gelijkgestemden wijzer is en ten goede komt van de feeling van de muziek.

Ab Imo Pectore – Heaven, hell, earth, chaos, all

Eind 2018 bracht Oration Records nog een hele resem interessante platen uit waarvan de meeste re-releases waren, maar tussen deze lading zat ook de eerste langspeler van het Portugese Ab Imo Pectore, waar leden van Angrenost, Israthoum en Monte Penumbra (allen acts die we bij Addergebroed heel goed kunnen smaken) achter schuilgaan. We verwachten m.a.w. best veel van deze plaat. Zeker nadat we er zes jaar op hebben moeten wachten. En ook de ambitieuze titel “Heaven, hell, earth, chaos, all” scherpt onze verwachtingen aan. De zeven nummers die de Portugezen er in een dik half uur doorjagen, worden gedomineerd door dissonante melodieën, de niet-liefhebbers kunnen dus meteen al afhaken. Dit is immers desoriënterende waanzin zoals er in de IJslandse scene wel enkele genregenoten rondlopen. De krankzinnigheid druipt van de vocalen af, of het nu de met-een-bak-echo-overgoten-screams zijn of de sacrale, plechtstatige cleane stemmen die we horen en de muziek een ritueel karakter geven. Er wordt gegoocheld met kalme passages die abrupt overgaan in woeste, apocalyptische uitbarstingen en we horen allerlei naargeestige achtergrondgeluiden die bij momenten een goddelijk karakter aan deze auditieve calamiteiten geven. Met een gemiddelde speelduur van zo’n vier minuten (enkel het afsluitende “Inoreincorde” klokt boven de zeven minuten af) behouden de muzikanten het overzicht en verliezen ze zich nooit in een onstuurbaar geheel, hoewel de songs toch ook nu al erg veel van de luisteraar vragen. Voor mij scoort Ab Imo Pectore vooral in een nummer als “Teartasteglory” waarin enkele psychedelische en repetitieve passages een extra hallucinogeen effect oproepen. Stephen Lockart (STudio Emissary) weet ondertussen ook wel hoe hij dergelijke bands moet mixen zonder dat het geluid in een kakofonie verzandt. Met “Heaven, hell, earth, chaos, all” heeft Ab Imo Pectore een knaller van een plaat uitgebracht die liefhebbers van het dissonante ongetwijfeld zal kunnen bekoren. Dat meen ik uit het diepst van het hart, voilà op deze manier weet u meteen ook wat de betekenis is van de Latijnse bandnaam.

JOKKE: 84/100

Ab Imo Pectore – Heaven, hell, earth, chaos, all (Oration Records 2018)
1. 147 vertices
2. Teartasteglory
3. Between the fourth and the fifth
4. Nada
5. Finitude
6. Precipice invisible
7. Inoreincorde

Saqra’s Cult – Werpt gevestigde waarden omver

Hoewel Saqra’ Cult haar wortels in onze multiculturele hoofdstad Brussel heeft, draait de thematiek van de band al sinds het begin rond de intrigerende Inca-cultuur. Gisteren kwam de tweede langspeler “The 9th king” uit en daar deze plaat rond een belangrijk figuur uit de Inca-beschaving is opgebouwd, zaten er heel wat vragen in mijn koker die om verduidelijking schreeuwden. Gitarist S. en drummer A. geven meer inzicht in de leefwereld van Saqra’s Cult. (JOKKE)

The English version of this interview can be found here.

(c) Shasta Ulrich

Laat ons om te beginnen even teruggaan naar het ontstaan van Saqra’s Cult.
Saqra’s Cult werd in 2014 opgericht door drummer G. & gitarist S. Na een paar repetities vervoegden L. en A., waarmee S. reeds had samengespeeld bij Maleficence, zich bij de band. Het doel was black metal te spelen met het geluid van oude Mayhem, Leviathan, Xibalba en Katharsis als uitgangspunt. We ontwikkelden echter al snel onze eigen manier van schrijven en speelstijl op basis van agressieve, ongewone en verwrongen riffs. In 2015 brachten we een eerste demo uit (“Initiation to forgotten rites“) de we zelf opnamen en in 2017 volgde ons debuut “Forgotten rites” waarvoor we naar de Blackout Studio trokken.

Waarom werd voor de naam Saqra’ Cult gekozen?
De bandnaam verwijst naar een gemene rusteloze entiteit en is tevens een synoniem voor Supay, de duivel uit de Inca-cultuur.

Jullie bandlogo is vergeven van de symboliek. Kan je een tipje van de sluier oplichten?
Rond de “Q” zie je een chakana of Inca-kruis of “Andean Cross“. De chacana is meer dan louter een geometrisch motief, het staat namelijk symbool voor de sterke link tussen hemel en aarde. Het vierkant stelt de twee andere bestaansniveaus voor. De drie bestaansniveaus zijn “Hana Pacha” (de bovenwereld waar de superieure goden wonen), “Kay Pacha” (de wereld van ons alledaags bestaan) en “Uku Pacha” (de onderwereld waar de geesten van de doden, onze voorouders, hun heersers en verscheidene goden wonen die in nauw contact staan met de aarde). Het streepje van de “Q” stelt een “tumi” voor, een offermes. Binnenin de “Q” zie je een zonneklok die laat zien hoe belangrijk de zon was voor de Inca’s.

Het Inca-concept zit precies goed ingebakken in het DNA van Saqra’s Cult?
We hebben over ’t algemeen allemaal interesse in mystiek en tradities. Aangezien G. een kunstenaar uit Ecuador is en veel rond dit deel van zijn identiteit werkte, was het ook logisch dat de Inca-cultuur aan de basis voor Saqra’s Cult lag. We omarmden dit onderwerp als een manier om de gevestigde manier van denken, kunst en de samenleving vanuit een ander perspectief te zien. Je moet Saqra’s Cult echter niet zien als een folk band die deze ceremonies op een dramatische en theatrale manier gebruikt. Het is eerder een middel om westerse religies, en de manier waarop die als een primaire filter gecreëerd werden om de wereld te begrijpen, te herbekijken en te vernietigen.

Hebben jullie Peru of andere Latijns-Amerikaanse landen waar de Inca’s ooit heersten bezocht en welke impressies liet dat na?
S. : Ik reisde tien jaar geleden naar Peru om er te reizen en familie te bezoeken die er woont. Ik bezocht heilige Inca-tempels, de ene al meer toeristisch dan de andere, en zoals je je wel kan voorstellen waren dit impressionante en plechtstatige plaatsen. Ik maakte tevens kennis met Quechua (een volkstaal die wordt gesproken in Ecuador, Peru, Bolivia en het noorden van Chili en Argentinië) aangezien een vriend van mij die taal onderwijst op school. Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in de Inca-cultuur, wat dus een extra motivatie was om de band samen met G. op te richten aangezien hij hier door zijn culturele achtergrond ook veel kennis over heeft.

Wat is één van de belangrijkste lessen die je trok uit het bestuderen van het leven en de samenleving van de Inca’s?
Ik denk niet dat er één bepaald feit of historische gebeurtenis is. Het is eerder het omarmen van een nieuwe kosmologie die de wereld op een andere manier bekijkt en andere vragen stelt en antwoorden geeft op hoe wij naar het leven en de dood kijken.

G. is spijtig genoeg niet langer van de partij. Betekent dit ook het einde van de Inca-gerelateerde thematiek of zal die toch nog verder uitgediept worden in de toekomst?
Toch wel aangezien het best een complex en intrigerend thema is. Het is een andere manier om onze waarden in vraag te stellen. Black metal draaide ooit om het omverwerpen van gevestigde waarden en wij gaan daarmee door. We hebben echter niet de intentie om de Inca-cultuur op een folkloristische manier op het podium te gebruiken zoals bijvoorbeeld een band als Cult Of Fire (met alle respect voor hen trouwens). We spelen black metal geïnspireerd op de oude specifieke thematiek van de Inca’s.
G. vertrok net na de opnames van “Forgotten rites” doordat hij te weinig tijd had, maar hij blijft een belangrijk deel van de identiteit van de band aangezien hij al het artwork verzorgt. Hij is ondertussen ook een tattoo-artiest, dus je zal af en toe wel eens ergens een aan-het-artwork-van-Saqra’ Cult-gerelateerde tattoo zien.

Hoewel de essentie van Saqra’s Cult in black metal ligt, hoor ik ook invloeden uit death en thrash metal. Welke bands waren belangrijk voor de ontwikkeling van jullie sound?
De klassiekers zoals Darkthrone, Burzum, Dissection, Mayhem, Leviathan, Morbid, Katharsis, Archgoat, Rotting Christ, Black Witchery maar we kunnen ook andere voorbeelden aanhalen voor wat betreft de riffs en atmosfeer: The Chasm, The Ruins of Beverast, Deathspell Omega, Krieg, Hate Forest, Blood of Kingu, Volahn, Rhinocervs … Eigenlijk draagt alle muziek waar we naar luisteren wel op de één of andere manier bij aan onze sound, maar die lijst is veel te lang.
We willen nogmaals benadrukken dat Saqra’s Cult de bedoeling heeft noch een Inca folk black metal band noch een orthodoxe black metal band te zijn. Dat zijn niet onze muzikale visies en dat kan je ook wel horen denk ik, maar nu de scene stilaan uit de underground naar boven komt, hoor je vanalles verkondigd worden.

Jullie nieuwe plaat kreeg als titel “The 9th king” die (naar ik vermoed) verwijst naar Pachacuti Inca Yupanqui, de 9de Inca-koning. Wat is er zo intrigerend aan deze figuur behalve dat veel archeologen er vandaag de dag vanuit gaan dat de gekende Inca-site Machu Picchu voor hem werd gebouwd?
Klopt. De vier nummers op de plaat verwijzen naar Pachacuti Yupanqui, de 9de koning. Het eerste nummer dat we voor de nieuwe plaat schreven was “The 9th king“. Nadat we meer over hem hadden gelezen, besloten we om een volledig album aan deze krachtige figuur op te dragen. Er zijn zoveel legendes en verhalen rond Pachacuti Yupanqui. Hoewel hij de expansie van het Inca-rijk in gang stak, focusten wij ons meer op de legendes rond hem. Vooral de mysterieuze manier waarop deze legendes – dikwijls gebaseerd op ware gebeurtenissen – verteld worden fascineert ons. Hij vormde dus een vruchtbare voedingsbodem om een coherent muzikaal en tekstueel geheel rond te creëren.

In sommige nummers horen we traditionele gezangen die klinken als een soort van ceremonieel Inca-gezang. Werden deze door de bandleden ingezongen?
Al deze gezangen werden door A. uitgevoerd en de achtergrondzang door J. Het betreft echter geen traditionele manier van Inca-gezang. Het was eerder een manier om meer krankzinnigheid in de zang te leggen aangezien deze partijen altijd gerelateerd zijn aan een meer agressief stuk van het verhaal dat we vertellen. Dit creëert een speciaal aura dat de gewelddadigheid of triestheid van de teksten versterkt. Het is om eerlijk te zijn erg moeilijk om traditionele Inca-melodieën in black metal te verwerken aangezien die altijd opgewekt klinken.

Voor de opnames van “The 9th king” trokken jullie opnieuw naar de Blackout Studios. Wat maakt deze opnamefaciliteiten tot de beste die België momenteel te bieden heeft op gebied van metalmuziek?
Het professionalisme, hun verhelderend advies en de goeie mensen. Het zijn échte muzikanten die hun stiel kennen en échte sound engineers die erg goed werk verrichten. S. heeft er ook reeds met Possession opgenomen. De studio maakt deel uit van de Brusselse familie en loyaliteit is belangrijk in onze scene. De sound en de opnametechnieken verbeteren elke keer opnieuw als we er komen opnemen en het is altijd een leuke ervaring. Hetzelfde geldt voor ons label Amor Fati. We werken reeds sinds het begin met Marius en hij maakt ondertussen deel uit van onze familie.

Het lijkt alsof Saqra’s Cult met optredens in Duitsland, Frankrijk, Zwitserland en IJsland altijd meer naar het buitenland heeft gekeken aangezien concerten op Belgische bodem schaars zijn. Is hier een specifieke reden voor?
Niet bepaald buiten het feit dat we niet graag te veel op dezelfde plaats willen spelen. Het moet een speciale gebeurtenis blijven zoals onze releaseshow in Bunker en het optreden in maart op het A Thousand Lost Civilisations-festival.

(c) Shasta Ulrich

Voor jullie thuisstad Brussel is Magasin 4 altijd heel belangrijk geweest wat betreft underground optredens. Spijtig genoeg moet deze concertzaal haar deuren binnenkort sluiten. Hebben jullie mooie herinneringen aan deze venue?
In maart zullen we er voor de eerste (en laatste) keer spelen. We speelden er wel al twee keer met Maleficence (waarvan één op de afscheidsshow van Detest) en ook met Possession. Het is altijd speciaal om thuis te spelen. We hebber er ontelbaar veel goeie herinneringen aan en ook gebrek aan herinneringen aan haha…Het festival in maart wordt de laatste kans om dit te vieren.

S., aangezien jij ook deel uitmaakt van Possession wou ik van de gelegenheid gebruik maken om te vragen wat we dit jaar van de band kunnen verwachten?
Ik wil op voorhand wel even duidelijk stellen dat beide bands totaal verschillend zijn. Saqra’s Cult is geen zijproject van mij, maar een op zichzelf staande band. Beide bands spelen wel black/death metal met enkele gedeelde invloeden, maar we hanteren niet dezelfde tuning, spirit en atmosfeer hoewel ik voor beide bands met dezelfde passie muziek schrijf. En hoewel de leden van beide bands tot dezelfde sick fuck Belgische familie behoren, zou ik het oneerbiedig vinden om hen niet als een afzonderlijke muzikale entiteit te bekijken.
Maar om op je vraag terug te komen: Possession heeft net vier nieuwe nummers opgenomen die voor twee splits gebruikt zullen worden: één met Venefixion en één met Spite. Er komen ook veel shows in Duitsland, Frankrijk, België, de UK en Ierland aan.
Maar er komen ook nog andere interessante Belgische dingen aan in 2019: Slaughter Messiah heeft in de studio gezeten en Dikasterion, Heinous en Pox zullen nieuw werk uitbrengen. Deze scene is al heel lang actief en wordt steeds interessanter.

Als afsluiter: van welke vijf platen uit 2018 waren jullie ondersteboven?
A.: Master’s Hammer met “Fascinator“, Demonomancy met “Poisoned atonement“, Xibalba Itzaes met “Ah Tza Xibalba Itzaes“, Culte des Ghoules met “Sinister or treading the darker paths“, Sargeist met “Unbound” en Svartidauði met “Revelations of the red sword
S.: Moenen of Xezbeth met “Ancient spells of darkness“, Temple Desecration met “Whirlwinds of fathomless chaos“, Spite met “Antimoshiach“, Abigor met “Höllenzwang (Chronicles of perdition)” en Galvanizer met “Sanguine vigil“. En verder ook nog Malthusian, Ploughsare, Antlers, Funeral Mist, Satan, Torture Rack, Death Fortress, Culte des ghoules, Sorcier des glaces, Dikasterion, Traveler, Archgoat, Judas Priest, Varathron, Summoning, Primordial, Runemagick, Evoken …

Thronum Vrondor – Ichor (The rebellion)

Vorig jaar deden we een klein vreugdedansje toen Paragon Impure na een afwezigheid van dertien jaar keihard terug sloeg met “Sade” en nu zijn we opnieuw in onze nopjes met het uit Tielt afkomstige Thronum Vrondor dat er ook maar liefst tien jaar heeft over gedaan om met een opvolger voor het op Dante Alighieri’s “La divina commedia” gebaseerde “Vrondor II: Conducting the orchestra of evil” uit de bus te komen. Nu niet dat het oude werk dezelfde impact had als Paragon Impure’s onovertroffen “To Gaius!“, maar Thronum Vrondor leverde met haar eerste twee platen toch ook uitmuntende Belgische black af. Paragon Impure-mastermind Noctiz is trouwens op het Thronum Vrondor-debuut “Vrondor I: Epitaph of Mass-Destruction” uit 2007 nog als gastzanger te horen, naast de kern van de band die op de eerste twee platen bestond uit Vrondor (gitaar en bas; Hellewacht en Demonizer) en Crygh (drums en zang; ex-Urzamoth en ex-Grimfaug). Sinds 2015 lijfde het duo echter zanger SvN (Dodengod) als versterking in en werd aan album nummer drie begonnen dat nu eindelijk via Pulverized het levenslicht ziet. Ondanks de lange pauze klinkt Thronum Vrondor anno 2019 niet spectaculair anders dan een decennium geleden. De black van het misantropische trio roept nog steeds een desolate atmosfeer en apocalyptische beelden van ziekte, plagen, moord, kwelling en dood op, maar klinkt misschien net iets progressiever dan vroeger. Nadat de inleidende tonen van “The well” weggeëbd zijn, start “A symbol of acrimony” – één van de langere tracks op de plaat – vrij atmosferisch en bombastische door een aanwellend keyboardtapijt, maar al gauw ontbloot het trio haar tanden en krijgen we vervaarlijk klinkende black te horen. De klankkleur van nieuwe zanger SvN geeft soms een death metal-insteek aan het geheel hoewel hij varieert tussen black- en death-vocalen. De drumsound doet me wel te klinisch aan en neigt naar geprogrammeerde drums. Het hieronder te horen “Ceremony of atonement” is één van de meer agressievere tracks van het album zonder echter het gevoel voor melodie te verbannen daar er tal van melodieuze gitaarleads passeren. Ook doorheen de titeltrack zweeft een apocalyptische gitaarlead zoals die bij het latere In-Quest ook veelvuldig aanwezig waren. In het rustige middenstuk van het extreme “Diety” wordt met semi-cleane geëxperimenteerd, maar dat overtuigt niet voor de volle honderd procent. Het korte “Vision of the seven tombs” bevat heuse striemende black metal-riffs en staat in schril contrast met het meer dan zeven minuten durende “Doom upon doom…” dat – zoals de titel doet vernoemen – een trage epische start kent. Thronum Vrondor zet de luisteraar echter graag op het verkeerde been want al snel volgen opnieuw verschillende extreme erupties die de spanningsboog strak opgespannen houden. De cleane epische zang die aan het einde van het nummer opduikt, werkt hier dan weer wel. Er komt heel wat info binnen wat een tijdje vraagt alvorens alles verwerkt is. “Ichor (The rebellion)” is dan ook geen easy listening-album geworden maar een plaat waarvan de texturen zich pas na meerdere luisterbeurten in je hersenpan nestelen en die heel wat diepte en een eigenzinnig karakter laat horen. Welkom terug heren!

JOKKE: 81/100

Thronum Vrondor – Ichor (The rebellion) (Pulverized Records 2019)
1. The well
2. A symbol of acrimony
3. Ceremony of atonement
4. Ichor (The rebellion)
5. Diety
6. …And then the fall
7. Vision of the seven tombs
8. Doom upon doom…
9. The Last Specs of a Dying Light

Ulvdalir – Wolven die hongeren naar dood en verderf

Het Russische Ulvdalir wist ons met haar nieuwe langspeler “…Of death eternal” compleet van onze sokken te blazen. We riepen deze plaat zelfs uit tot het beste wat we ooit vanop Russische bodem hebben mogen horen. Een gesprek met zanger/gitarist Void drong zich op. (JOKKE)

The English version of the interview can be found here.


Hail Void! Alvorens het met jou over de nieuwe langspeler “…Of death eternal” te hebben, zou ik willen terugkijken op de begindagen van Ulvdalir. Waarom heb je de band in 2011 opgericht?
Hail! Ik richtte Ulvdalir destijds op met als doel de duivel te eren via een eigen creatie waarin ik mijn persoonlijke visies en emoties kwijt kon. Black metal was in mijn ogen toen de perfecte manier om mijn demonen vrij te laten.

Hoewel jullie uit Rusland afkomstig zijn, klinkt de bandnaam eerder Scandinavisch?
Het woord “ulvdalir” werd deels door mij gecreëerd. Ik vertrok van de essentie van het Scandinavische woord “ulfdalir” en wijzigde dat een beetje. Vraag me niet waarom ik dat deed, maar waarschijnlijk wou ik een bandnaam die meer Duits klonk. Ulvdalir staat voor de “vallei van de wolven” die hongerig zijn naar dood en verderf!

Ondanks jullie oprichting in 2001 duurde het tot 2008 alvorens jullie debuut “Flame once lost” uitkwam. Maar amper een half jaar later was daar wel reeds de opvolger “Soul void”. Vanwaar de korte tijdspanne tussen deze twee releases?
Ons debuut werd reeds in 2005 opgenomen maar het duurde enkele jaren alvorens we een geschikt label vonden. Je moet weten dat het destijds niet evident was om een goed label te vinden aangezien de Russische black metal-scene volledig van de rest van de wereld geïsoleerd was. Slechts enkele Russische bands waren bekend in het buitenland en bovendien waren er ook – op enkele kleintjes na – niet veel goede labels actief. “Soul void” werd niet lang na het debuut opgenomen en nadat we onderdak vonden bij Black Devastation Records wilden zij beide albums in één jaar tijd uitbrengen.

Tussen jullie vorige plaat “Cold breath of apocalypse” en het nieuwe “…Of death eternal” ligt een tijdspanne van maar liefst acht jaar. Vanwaar die lange radiostilte?
We zijn die periode best nog actief geweest hoor. Zo brachten we in 2011 de “Metal wolves of death” split uit met Lindisfarne en Lamia Vox en in 2014 de “Harvest: Bloody harvest” split met Мор, Klandestyn, Nebelwerfer en Ruin. Dat jaar verscheen ook nog de “Sacral chalice of foundations” EP en in 2016 was er de “From the tyrant’s grave” compilatie waarop enkele covers, live songs en obscure nummers prijkten. Het duurde inderdaad wat langer om een nieuwe langspeler af te ronden doordat ik, naast de alledaagse beslommeringen, op zoek was naar een goede nieuwe line-up en ook nog actief was in andere bands (Black Flux, Khashm, Likferd, The Initiation, Морок). 

De kern van Ulvdalir lijkt te bestaan uit jou en gitarist M.K. hoewel jullie ook beroep doen op enkele sessiemuzikanten voor liveshows. Hoe ziet de huidige studio- en live line-up eruit?
Ulvdalir werd door mij opgericht maar sinds de aantrede van M.K. in 2013 behoort hij zeker ook tot de kern van de band. We hebben de laatste jaren geen vaste actieve live line-up, we vragen indien nodig aan enkele vrienden om in te vallen. Voor studio-opnames bestaat Ulvdalir momenteel uit M.K. en mezelf en Sttng van de Oekraïense band Morkt Tre.

Op basis van jullie covers van Darkthrone, Nifelheim, GG Alin en Venom lijkt het me duidelijk welke bands jullie destijds beïnvloedden. In het nieuwe werk hoor ik echter ook invloeden van hedendaagse Griekse en Zweedse orthodoxe black metal-bands terug. De meer rock-getinte passages en de belangrijke drive die de basgitaar aan het geheel geeft, doen me dan weer eerder denken aan een band als One Tail One Head. Welke bands zie jij als een belangrijke inspiratiebron voor Ulvdalir?
Onze invloeden waren en zijn nog steeds bands als oude Darkthrone, oude Dødheimsgard, oude Graveland, Judas Iscariot, Arckanum, Kristallnacht, Warloghe en Funeral Winds. Ik luister voornamelijk naar oud muziek zoals hard rock en heavy metal. Tijdens het componeren denk ik niet aan andere bands, ik luister enkel naar het wilde vuur dat in mijn hart en ziel brandt. Zelf hoor ik geen Griekse en Zweedse elementen in onze sound, maar als jij dat wel doet is dat natuurlijk OK.

Jullie weten een goede balans te hanteren tussen agressie en melodie maar ik hoor ook die zekere typisch Russische hardvochtigheid terug. Zijn er elementen uit jullie geluid die ja als typisch Russisch kan omschrijven?
Russische invloeden? Haha, nee serieus, ik hoor dat zelf totaal niet terug aangezien alle Russische bands die ik goed vind anders klinken.

De albumtitel is een verkorte versie van de songtitel “Eternal angel of death eternal”. Vormt de dood het voornaamste thema in jullie teksten? Hoewel de nummers in het Russisch vertolkt worden, dragen ze wel Engelse songtitels…
De dood vormt inderdaad de essentie van onze lyriek. Ik zing in het Russisch, maar ik ken veel mensen buiten Rusland, vandaar dat we de vertalingen van de teksten in het boekje hebben voorzien. We zochten hiervoor hulp bij een professionele vertaler zodat onze niet-Russische fans voor de eerste keer de kans krijgen om op te gaan in de teksten die ik roep.

Ik hou erg van de sound die Vladimir Uzelac “…Of death eternal” meegaf in zijn Wormhole Studio. Tegenwoordig trekken de meeste gelijkgestemde bands richting de Zweedse Necromorbus Studio en hoewel die producties ook erg goed klinken, krijg je op deze manier wel veel generisch klinkende bands en platen. Ben je tevreden over hoe het geluid van de plaat is uitgedraaid?
Ik ben zelf ook erg tevreden over de sound van onze plaat, dit is hoe een black metal-album moet klinken ondanks alle moderne shit! Ik hou echt niet van die cleane, zielloze, moderne en te plastic-achtige sound van veel huidige bands. Vladimir en ikzelf zaten wat dat betreft volledig op dezelfde golflengte. Ik ben dan ook erg trots op hem.

Hoe kijk je terug op de muziek eens die opgenomen is? Ben je dan uitgeput en blij dat de opnames erop zitten of ben je opgewonden en nog steeds geëngageerd door die nieuwe nummers?
Het schrijf- en opnameproces was hard werken. Eerst op emotioneel vlak en nadien op technisch vlak. Zoals eerder gezegd ben ik erg trots op het eindresultaat en ook erg opgewonden om de plaat met de rest van de wereld te delen. Het album werd meer dan een jaar geleden afgerond en ik luister er zelf nog steeds met veel plezier naar. Ik ben blij dat de plaat eindelijk uitkomt want er zijn al veel nieuwe ideeën aan het opborrelen waar ik me snel op wil focussen.

In het verleden werkten jullie samen met kleinere labels zoals Black Devastation Records, Assault Records en Fog Of The Apocalypse Records. “…Of death eternal” komt uit via Iron Bonehead Productions. Zijn de gevolgen al voelbaar door met een groter label te werken?
Ik werkte in het verleden reeds met hen samen voor enkele van mijn andere bands en ben blij dat we nu ook voor Ulvdalir met hen in zee zijn gegaan. Patrick is een professionele en erg leuke kerel.

Ulvdalir schittert door afwezigheid op sociale media. Is promotionele ondersteuning door het label alleen vandaag de dag voldoende om op te vallen tussen de grote massa bands en platen die elke dag verschijnen?
Al die internethysterie is niet aan mij en Ulvdalir besteed. Ik verkies isolatie in dit geval en geloof nog steeds in de wetten van de underground. En Iron Bonehead levert een uitstekende job qua promotie, wat ik als hun taak beschouw en niet die van mij.

Zal er een tour komen ter promotie van de nieuwe plaat?
Een tour niet maar misschien wel enkele losse shows, we zien wel.

Ik hoorde geruchten over een split met onze landgenoten Ars Veneficium. Enig idee wanneer die zal uitkomen?
Geen idee! Het is een 7” split en zoals we allemaal weten zijn er niet veel labels die deze vandaag de dag nog uitbrengen.

Samen met Khashm vormt Ulvdalir de “Inner Circle of True Ingrian Black Metal Death”. Welke betekenis zit er achter deze cirkel en is twee bands niet wat aan de magere kant om over een cirkel te spreken als we vergelijken met andere black metal-cirkels zoals “Les Legions Noires” of de “Black Twilight Circle”?
We spreken zelf van een “cirkel” om op die manier gescheiden en geïsoleerd te blijven van de zogenaamde Russische scene. “True Ingrian Black Metal Death” bestaat uit Ulvdalir, Khashm, Likferd, Atanor, en deels Black Flux maar meestal zijn het enkel M.K. en ikzelf. Onze cirkel is inderdaad niet zo groot, maar het is perfect zo.

Volgens Wikipedia is Ingrisch of Izjorisch een bijna uitgestorven Finse taal die gesproken wordt door de Ingriërs, een inheemse bevolkingsgroep van Ingermanland, een historische regio rond Sint-Petersburg in Rusland. Er zijn nog slechts een honderdtal sprekers over, van wie de meesten op hoge leeftijd zijn. Spreek je zelf deze taal?
Neen, maar we leven vlakbij deze regio, vandaar dat we over “Ingrian Circle” spreken. Ik reisde vroeger erg graag naar dit gebied en haalde inspiratie uit de bossen, meren en bergen. Ik hou van deze desolate natuurlandschappen.

Persoonlijk vind ik “…Of death eternal” een van de beste Russische extreme metalplaten die ik ooit gehoord heb. Welke zijn jouw favorieten?
Bedankt man! Enkele aanbevelingen van oude en huidige bands zijn Old Wainds, Nav’, Scald, Odor Mortis, SS-18, Veter Daemonaz, Pyre, Blazing Rust, Draugwath, Forgot, Evilwinged, Blazebirth Hall, …