interviews

The Fifth Alliance – Geen rooskleurig beeld over de mensheid

Je hebt bands die plaat na plaat eenzelfde sound laten horen en geen duimbreed afwijken van hun formule. Aan het ander uiteinde heb je acts die met elke release het publiek weten te verrassen en nooit doen wat van hen verwacht wordt. The Fifth Alliance is een vijfkoppig post/sludge/black/doom-gezelschap uit Breda dat zich ergens tussenin bevindt en met elke release verder evolueert zonder diens roots echter te verloochenen. Op 30 augustus 2019 verscheen hun derde langspeler “The depth of the darkness” via Burning World Records, Consouling Sounds, Init Records en Bharal Tapes. Een knappe plaat waarover ik frontvrouw Silvia en gitarist Niels aan de tand voelde. (JOKKE)

Het heeft vier jaar geduurd alvorens er een opvolger verscheen voor “Death Poems”. Was “The depth of the darkness” een moeilijke plaat om te schrijven?
Niels: Op zich viel dat schrijfproces wel mee, al waren er uiteraard wel wat factoren die het proces van de totstandkoming van de plaat in ieder geval niet hebben versneld zoals een tussentijdse wisseling in de bezetting en het feit dat Silvia in tussentijd ook moeder is geworden. Maar er lag verder ook geen druk om de plaat persé op een bepaalde datum klaar te hebben dus bij ons komt het zoals het komt en als de tijd rijp is, leveren wij weer een nieuwe af. Dus over 4 jaar is er misschien wel weer nieuw werk. 

Ik kon jullie mix van doom, sludge, post-hardcore en post-metal altijd wel al smaken, maar de té prominent aanwezige hardcore-vocalen waren een persoonlijke afknapper. Silvia’s vocalen kunnen me op de nieuwe langspeler echter veel meer bekoren. Haar zang is nu eerder krijsend in plaats van schreeuwerig en heeft ook een wat lagere pitch. Was het een bewuste keuze om die hardcore-zang meer en meer achterwege te laten en op zoek te gaan naar een andere vocale invulling?
Niels: Wellicht is Silvia’s stem door de jaren heen wat veranderd. De één wijt het aan de hormonale schommelingen na de zwangerschap en de ander aan de normale gang van zaken als je 12 jaar je stem op deze manier gebruikt. Al met al is haar nieuwe brul wat dieper dan haar vorige high pitched scream. Een klein verschil, toch een grote verandering.

Silvia, je zang vertoont nu ook veel meer dynamiek en variatie. Er wordt (geslaagd) geëxperimenteerd met heldere zang die me in “Hekate” aan Dool’s Ryanne van Dorst doet denken. Hoe ben je de voorbije jaren met je stem aan de slag gegaan om dit knappe resultaat te kunnen neerzetten?
Eigenlijk is dat iets wat gaandeweg in het schrijfproces van het album vanzelf is gegaan. Daarnaast is de manier waarop ik nu zing minder vermoeiend voor mijn stem en hoef ik minder geforceerd te zingen. Daarnaast ben ik eigenlijk pas kort geleden ook begonnen met stemtraining om mijn techniek verder te verbeteren, maar daar ben ik eigenlijk pas mee begonnen nadat het nieuwe album al was opgenomen. Dus dank voor het grote compliment.

(c) Fleur Coevoet

De hardcore-zang is er bij momenten nog wel maar de vocalen zijn nu veel beter in balans met de rest van de muziek. Op “Death Poems” lag de zang mijns inziens te veel als een extra laag op de muziek. Was dat een instructie die op voorhand aan Tim de Gieter van Much Luv Studio in Lembeke gegeven werd?
Silvia: Zoals onze stijl de afgelopen jaren organisch veranderde/evolueerde is dat met de vocals ook gebeurd. Iedereen in de band heeft zijn zegje over “daar wat meer en daar wat minder” en Tim heeft in de studio vooral de juiste schuiven opengezet om het een mooi geheel te maken zonder teveel instructie en voelt hij zelf vooral wel aan wanneer iets werkt of niet.

Ik kende deze studio niet maar zag dat er al heel wat artiesten uit de Consouling Sounds-stal gepasseerd zijn. Op welke vlakken kunnen jullie de Much Luv Studio aanraden aan andere bands?
Niels: Tim is zelf ook muzikant in hart en nieren (o.a. bij Every Stranger Looks Like You, Fär en hij valt wel eens in bij Amenra) en benadert het opnameproces ook wel vanuit die invalshoek, en daarnaast is het gewoon een vakman die weet hoe het werkt bij opnemen. Hij weet in de studio vaak ook nog wel wat te sturen vanuit een producerende rol en kan ook nog even een extra zetje geven of nog even een ander gitaarpedaaltje erbij pakken om het nog nét wat beter of juist wat vuiler te laten klinken. Zeker een aanrader. En Tim is ook gewoon een geweldige kerel.

Qua stijl blijven jullie subtiel verder evolueren wat zich op “The depth of the darkness” uit in het incorporeren van enkele black metal-passages. Soundwise liggen jullie roots overduidelijk in het hardcore-milieu. Ik ken persoonlijk wel enkele muziekliefhebbers van het zwaardere werk die black metal vroeger als iets potsierlijks afdeden, maar ondertussen stevig met het genre dwepen. Het (satanische) imago, de esthetiek en alle mystiek rond de bands spraken mij als tiener enorm aan. Na meer dan vijfentwintig jaar is black metal nog steeds dé muziekvorm die mij mateloos weet te boeien en emotioneel gezien het meest raakt. Voor veel metalliefhebbers duurt het echter even om door het imago en de thematieken heen te prikken en tot de kern van ‘black metal’ door te dringen. Wat triggert jullie binnen het black metal-genre opdat jullie hier nu ook invloeden in jullie muziek van laten doorsijpelen? En is dat een eerder recent gegeven of zijn jullie al langer geïntrigeerd door the devil’s music?
Niels: Iedereen in de band is muzikaal vrij breed georiënteerd en luistert naar allerlei genres, wat daarmee ongemerkt ook wel z’n invloed achterlaat in onze muziek. Wij proberen ons ook niet toe te leggen op één bepaald genre. Daarbij zat Ruud (basgitaar) in een duister verleden trouwens ook in een black metal band en zijn de meeste mensen in de band al van jongs af aan into alle lagen van de metal en alles wat erbij hoort, dus ook black metal is geen onbekende aangezien we allemaal al langer in het brede spectrum van het genre meedraaien. Maar black metal heeft gaandeweg muzikaal zeker wel steeds meer invloed gekregen op onze sound. Nu zien we onszelf niet als een black metal-band, omdat het een smeltkroes van genres is die onze muziek maken wat het is. Die invloed is er na verloop van tijd dan ook op een redelijk natuurlijke manier ingeslopen (ook al wel hoorbaar op “Death poems“). Nu boeit de hele thematiek en mystiek van het genre ons dus ook al lang. Muzikaal vertaalt zich dat vooral in de donkere en met vlagen rauwe, snelle en desolate feel in onze muziek.

(c) Bart Verhelst

Hoewel ik niet over teksten beschik, lijken de album- en songtitels opnieuw een gitzwarte boodschap met zich mee te dragen. Waar handelen de teksten zoal over?
Silvia: De voorliefde voor het occulte komt in de teksten vooral van mij, maar eigenlijk houdt het onderwerp de meeste mensen in de band wel op de één of andere manier bezig. Hoe diep ga jij naar binnen en wat houdt zich daar allemaal schuil? Waar zitten je angsten? Wat maakt ons duister? Wat maakt de mensheid duister? In veel van onze nummers zit wel een referentie naar het thema.

Op basis van het “666”-geschreeuw lijkt het me aannemelijk dat het afsluitende nummer “Aleister” handelt over Aleister Crowley, een Brits esotericus, lid/oprichter van verscheidene occulte genootschappen en schrijver van o.a. “The book of the law”. Als we echter opener “Black” erbij betrekken, krijgen we de combinatie ‘Aleister Black’, wat de bijnaam is van de Nederlandse worstelaar Tom Budgen. Hoe zit het nu? Silvia: Haha, wauw die link hadden wij nog niet gelegd. We gaan ogenblikkelijk met Tommy mailen, want we willen de WWE niet achter ons aan. Geen connectie whatsoever. Dus ‘Aleister Crowley’ is correct en de track “Black” staat helemaal op zichzelf.

Wat spreekt jullie zo aan in de figuur van Aleister Crowley?
Silvia: Is hij een serieuze mafketel of een groot genie? “Love is the law, love under will“. Los van hem was het tijdperk waarin hij leefde en handelde een zeer bizarre tijd. Occulte genootschappen in zijn hoogtijdagen en waarin in sommige kringen enkel de rijken hun ‘ding’ deden onder het kopje ‘occult’. Zoals de Hellfire club, waar een track naar vernoemd is op ons laatste album.

Het (wederom) erg geslaagde artwork laat een figuur zien die in één of andere existentiële crisis vervat lijkt te zijn. Is dit een weerspiegeling van jullie gemoedstoestand en fatalistische kijk op de wereld? “Mass extinction” hoor ik Silvia immers meerdere malen schreeuwen?
Niels: Bedankt voor het compliment op het artwork. Ik denk dat het op persoonlijk vlak met onszelf nog best redelijk OK gaat en dat het artwork niet meteen een directe afspiegeling van onze huidige gemoedstoestand is, maar wel op die manier zou kunnen geïnterpreteerd worden. Je zou er ook een beeld in kunnen zien van iemand die verstikt wordt door zijn of haar omgeving en daarmee een innerlijke strijd voert. Het lot van die persoon wordt bepaald door de verstikkende greep van zijn of haar omgeving en kan daar geen invloed op uitoefenen.
Silvia: Wat wel uit onze teksten blijkt, is dat wij niet bepaald een rooskleurig beeld hebben van de toekomst en de mensheid in het algemeen en van wat er om ons heen gebeurt. De track “Into extinction” heeft betrekking op de zelfvernietigingsdrang van de mensheid en het niet kunnen of willen leren van voortekenen van een versnelde gang naar een totale vernietiging. Al zou alles morgen vergaan, dan zou de mens nog blind doorgaan op de manier waar ze nu mee bezig is en doen alsof er niks aan de hand was.

Bij de uitwerking van de fysieke formaten van “The depth of the darkness” zijn verscheidene labels betrokken. De vinyl versie komt uit op Burning World Records en Init Records, de tape op Bharal Tapes en de CD-versie wordt verzorgd door Consouling Sounds. Welke fysieke geluidsdrager verkiest jullie voorkeur en waarom?
Niels: Voor mij persoonlijk voornamelijk vinyl. Ik koop van jongs af aan nog steeds vinyl, of soms ook wel tapes. Digitaal en streaming staat bij mij onderaan het lijstje van favorieten, omdat dat weinig charme heeft voor mij. Het gaat uiteraard om de muziek maar bij vinyl, tape, cd heb je ook net dat extraatje van het tastbare van een album en bij die eerste twee zit (voor mij persoonlijk) ook wel nog een soort van verzameldrang die meespeelt, zeker met gelimiteerde versies. Overigens zijn al onze albums ook gewoon via de digitale platformen zoals Spotify te vinden.

Bandcamp is een ideaal platform om je muziek ook digitaal aan te bieden. De ene band vraagt een klein bedrag, de andere hanteert het ‘pay what you want’-principe. Op jullie Bandcamp-pagina staat te lezen dat geïnteresseerden in een digitale versie jullie een mailtje moeten sturen. Is hier veel vraag naar?
Niels: Onze platen “Death poems” en “Unrevealed secrets of ruin” staan voor ‘pay what you want’ op Bandcamp en daar wordt best veel gebruik van gemaakt. Voor de laatste plaat “The depth of the darkness” moet nog wel betaald worden. Soms gebeurt het wel eens dat iemand een mailtje stuurt over een niet werkende download/code en vragen ze om een digitale versie, maar dat gebeurt niet heel vaak. Na verloop van tijd zetten we de releases meestal gewoon op ‘pay what you want’ en kan iemand hem gratis downloaden als ie wil.

Wat mogen we op live-vlak de komende maanden van The Fifth Alliance verwachten?
Niels: In september staan er een aantal release shows op de planning (20 september OCCII, Amsterdam en 27 september, Little Devil, Tilburg) en later dit jaar staan we ook op onder meer Dutch Doom Days 2019 in Baroeg, Black Earth Festival in Utrecht en in begin februari spelen we met o.a. Wiegedood in JH Splinter, Roosdaal.

Unholy Congregation – Een interessante mix van binnen- en buitenlandse acts en exclusieve gigs

Muziekliefhebbers der Lage Landen, markeer zaterdag 9 november met stip in uw agenda, en zak massaal af naar Oudenaarde voor een onheilige bijeenkomst aan black en ander extreem metal-geweld dat de Vlaamse Ardennen ongetwijfeld op haar grondvesten zal doen daveren. We laten Filip l’Hommelet, net terug van een meerdaags bezoek aan het Noorse Beyond the Gates festival en de bezieler achter ons eigenste Unholy Congregation festival aan het woord. (JOKKE)

Dag Filip, hoe is de idee voor een festival als Unholy Congregation ontstaan?
Eigenlijk speel ik al jaren met de idee om iets te organiseren. Ik ga sinds eind jaren ’90 regelmatig naar optredens en ik had altijd al een idee om iets te doen. Om een bandje op te richten was ik niet gemotiveerd genoeg en om zelf iets te organiseren was er toen te weinig durf (te groen achter de oren) en te weinig tijd. Uiteindelijk ben ik na wat omwegen webmaster van de Hades Almighty-website geworden. Dat was begin jaren 2000. Heel veel werk had ik niet want de band was in een verlengde winterslaap beland. Rond 2008 speelde ik even met het gedacht om iets op te zetten met als bands Hades Almighty (waar ik ondertussen bevriend mee was) en Kampfar. Er zijn toen wat mails over en weer gegaan maar een optreden is daar nooit uit gevloeid. Wel is dan ergens rond 2014 Ask (drummer van Kampfar), zanger bij Hades Almighty geworden. Ondertussen had ik Hades in 2010 in Bergen, Noorwegen nog eens live gezien en dan in 2011 en ik denk 2014 in Arnhem op Aurora Infernalis. Binnen mijn professioneel leven had ik tegen 2016/2017 enkele belangrijke beslissingen genomen. En eind 2017 begon het idee weer te groeien. Deels ook omdat ik er niet in slaagde om een nieuwe editie van Aurora Infernalis – met wiens oprichter ik ondertussen bevriend geworden was – op gang te krijgen. Het startpunt was dan om iets te doen rond uiteraard Hades Almighty, want ik wou hen eindelijk nog eens in België en Alfahanne, die ik rond die periode had leren kennen en waarvan ik wist dat er connecties waren met Bergen, Noorwegen. Wat ik van hen zag en hoorde was best indrukwekkend en enkele Belgische vrienden van me hadden die in Noorwegen op Hole In The Sky (dacht ik) al zien spelen.  Ik had dus twee bands en daarrond ben ik beginnen bouwen. Het idee was om een gevarieerde line-up neer te zetten, een mix van binnen- en buitenlandse acts en bovenal ook bands die je geen 35 keer per jaar ziet langs komen. Uiteraard neem je dan altijd wel een beetje een risico maar dat kon me eigenlijk weinig schelen voor de eerste editie, ik zou iets op poten zetten naar mijn idee. Uiteindelijk ben ik dan echt van start gegaan rond eind mei.

Heb je hiervoor al ervaring opgedaan bij de organisatie van andere festivals of muzikale events?
De enige “ervaring“ die ik heb, was op de laatste Aurora Infernalis-editie chauffeur spelen voor o.a. Zemial en Arcturus. Daar kreeg ik een eerste blik achter de schermen van hoe het er op een indoor festival aan toe gaat. Voor de rest was het gewoon een kwestie van ogen open doen wanneer ik naar optredens en festivals ging en daar proberen dingen van op te pikken. Ik had ook veel aan de gesprekken met Reinier (van Aurora Infernalis) en Marijn (van het fantastische Thronefest).

Hoeveel mensen zijn er betrokken bij de uitwerking van een festival als Unholy Congregation?
Het grootste deel van de uitwerking van de eerste editie heb ik alleen gedaan. Bands en zaal kiezen, catering, geluid en licht, alles van social media. Na verloop van tijd is mijn beste vriend Jeroen er ook bij gekomen. Eerlijk is eerlijk, ik denk niet dat het zo goed zou gelopen zijn zonder hem. Samen zijn we beginnen zoeken naar versterking, vrijwilligers, … en uiteindelijk denk ik dat we met een crew van een 25-tal mensen waren. Een crew die alles op rolletjes heeft laten lopen. Waarvoor nog steeds mijn welgemeende dank!

Hoe kijk je terug op de eerste editie van Unholy Concregation die vorig jaar in november plaats vond?
Ik ben heel tevreden met de eerste editie. Achteraf eigenlijk alleen maar positieve kritiek gekregen van bands, crew en attendees. Uiteraard waren er kleine hiccups (zoals wat sound-probleempjes en een lichtshow die beter kon). Maar ik was best fier op het verloop van de ganse avond. Op organisatorisch vlak had ik het gevoel dat alles goed verlopen is ook al hebben mijn voeten toch nog tot een week of 3 na het festival last gehad van het vele rond lopen.

Persoonlijk vond ik het een geslaagde editie met als sterkste punt de gevarieerde line-up met een goede mix aan Belgische bands en internationale acts, die je bovendien maar zelden in onze contreien ziet. Minpunt vond ik de akoestiek die niet altijd in orde was en bijvoorbeeld de beleving van het Hades-optreden vergalde (maar dat kan ook komen door het ontbreken van een tweede gitarist). Zaal De Qubus in Oudenaarde voelt bovendien wat als een koude industriële venue aan. Zijn er lessen die je uit de eerste editie getrokken hebt en die gaan veranderen?
Merci voor je leuke commentaar op de line-up. Daar ging ik ook voor: gevarieerd, een mix van binnen- en buitenlandse bands en enkele exclusieve zaken. Hetroertzen speelde “Exaltation of wisdom” pas voor de tweede keer volledig live en de vorige keer was geloof ik in 2010. Voor Urarv was het hun eerste optreden in de Benelux. Idem voor Alfahanne. Voor Darkest Mind was het zelfs hun eerste optreden tout court.
Wat betreft Hades, ben ik persoonlijk van mening dat een tweede gitarist nodig is. Maar dat neemt niet weg dat er inderdaad een issue was met de akoestiek die vooral bij Hades dan parten speelde. En dat heeft uiteraard te maken met De Qubus zelf. Het is koud en industrieel maar goed, het is een black metal-fest. Thronefest gaat ook door in een gelijkaardig gebouw dus qua type gebouw moet het niet echt anders. We hebben er voldoende ruimte voor de merch, de backstage is tip-top en er is ruime parkeergelegenheid (tot 400 wagens). Qua verandering gaan we hoogstwaarschijnlijk met een andere firma in zee gaan voor geluid/licht. We gaan speciale aandacht hebben voor de akoestiekproblemen en voor de lichtshow. Verder gaan we ook zorgen voor wat meer handen bij het afsluiten van het festival. Verleden jaar hebben we nog tot 4u staan opruimen en kuisen met slechts 4 man. Geen aanrader.

Tijdens het optreden van Urarv bleek nog maar eens wat een sterke frontman Bjørn “Aldrahn” Dencker niet is. Aanvankelijk is het altijd even met de wenkbrauwen fronsen, maar uiteindelijk komt hij wel altijd met zijn extravagante performance weg. Wat vond jij van hun show en wat was jouw persoonlijk hoogtepunt?
I love Aldrahn. Die man is geniaal. Die trekt zich niks aan van wat er “in” of “true” is. De occulte symboliek op hun album covers zijn allemaal zelf uitgevonden doodles die een beetje de spot drijven met bands die zichzelf iets teveel au sérieux nemen. Gewoon zijn eigen ding doen en dat is zalig. Niet iedereen is fan, maar ik zeker en vast.
Ik heb eerlijk gezegd genoten van elke minuut die ik gezien heb. Ook achteraf was het fijn om alle videos eens te herbekijken, zeker als dan blijkt dat Ask van Hades me bedankt heeft voor de organisatie tijdens hun optreden… iets wat ik dus gemist heb de avond zelf haha.
Als ik er dan toch 1 hoogtepunt moet uitpikken, dan wel het optreden van Alfahanne. Vooraf wat als de vreemde eend in de bijt aanzien, maar achteraf bleek dat ze toch heel wat fans voor zich gewonnen hebben. Zelfs nu nog kom ik mensen tegen die naar dat optreden verwijzen en danig onder de indruk waren. Komt nog eens bij dat het een enorm sympathieke bende is ook. En ze hebben net een nieuwe single “Atomvinter” met Hoest van Taake op guest vocals uit!

Was het meteen na afloop duidelijk dat er in 2019 al een vervolg op zou komen?
Niet meteen. Ik had me voorgenomen om eerst eens rustig alles te evalueren. Het was eigenlijk ook niet de bedoeling om er een vervolg aan te breien. Maar alle positieve commentaren gaven me toch een licht duwtje om misschien aan een tweede editie te beginnen. Er waren immers toch wel nog enkele bands die ik (nog) eens in België wou zien. Voor de tweede editie waren er enkele voorwaarden: ik zou er eerder aan beginnen (5 maand op voorhand is krap), ik zou zorgen voor een opkuiscrew (work in progress) maar bovenal, ik moest en zou Vemod boeken. Uiteindelijk is dat nog een proces van enkele maanden geweest om pas begin mei het definitieve ja-woord te krijgen. Ondertussen had ik ook al Helheim gecontacteerd omdat ik wel voelde dat het met Vemod in orde zou komen.

Hoe loopt de kaartverkoop ondertussen?
We hebben nog geen grote bekendheid dus een voorverkoop waarbij bijna alle kaarten vanaf de eerste aankondiging de deur uit vliegen zit er bijlange nog niet in. Maar we zijn wel op schema om beduidend meer bezoekers dan de eerste editie te hebben. Mede door de drukke zomerperiode en de vele andere shows, gebeurt het gros van de verkoop veelal in de laatste weken. Op dit moment zitten we aan bijna dubbel zoveel tickets als verleden jaar rond dezelfde periode.

Met festivals als Alcatraz, Antwerp Metal Fest, GMM, Throne Fest, Metal Méan, Rock Avelgem, enz. en de honderden clubshows lijkt het Belgisch metal concertlandschap me stilaan verzadigd. Hoe zie jij dat
Ik zie wat je bedoelt en ik voel het zelf ook wel zo aan. Het lijkt tegenwoordig wel alsof je elk weekend (en vaak ook in de week) alleen al in West- en Oost-Vlaanderen op 3 of 4 verschillende plaatsen naar shows kunt gaan. En dan mis je er nog een heleboel net over de grens met Frankrijk, of in Antwerpen en Brussel. Van het lijstje dat je opgenoemd heb, is enkel Thronefest voor mij een jaarlijkse afspraak. Metal Méan had ik dit jaar wel willen bij zijn, maar het lag in de balans met Beyond The Gates in Noorwegen en dan was de keuze gauw gemaakt. Festivals als GMM en Alcatraz zeggen me heden ten dage maar weinig meer. Als ik nog eens ga, dan is het zoals enkele jaren geleden om een Emperor te zien spelen. Wat ik probeer, is niet teveel te kijken naar de rest en mijn eigen ding te doen. Dat betekent de voorgenoemde mix van buiten- en binnenlandse acts en exclusieve gigs. Oktober en november zijn ook dit jaar weer heel druk maar ik denk dat onze affiche zich genoeg onderscheidt van de rest om succesvol te kunnen zijn. En succesvol voor mij is in de eerste plaats een goed verlopen avond voor bezoekers, crew en bands.

Je bent er wederom in geslaagd om een aantrekkelijk affiche samen te stellen met lokaal Benelux-talent en enkele Noorse kleppers. Laten we de bands eens één voor één overlopen. Als opener is er de Belgische doom/death metalband Iteru. Waarom zijn zij de ideale opener om het festival in gang te trappen?
Ik zag Iteru openen voor Gaahls Wyrd in februari dit jaar en was blown away. De toon was die avond direct gezet en ik hoop dat ze dat trucje nog eens kunnen herhalen 9 november. Het is een vrij nieuwe band maar alle leden hebben reeds een 20-tal jaar ervaring in de Europese death, black en doom-scene. En live weten ze van aanpakken.

Het black metal-duo Doodswens is één van de twee Nederlandse bands die dit jaar op de affiche prijken. De scene bij onze Noorderburen floreert de laatste jaren als geen ander en levert de ene na de andere topband en topplaat af. Waarom viel je keuze net op Doodswens?
Ik ben eerder per toeval op Doodswens gestoten. Ik weet niet meer zeker of ik het doorgekregen had van iemand of per toeval tijdens YouTube-bingewatchen. Feit is dat wat ik hoorde heel sterk klonk en ik dan meer info ben beginnen zoeken. Bleken ze een ijzersterk optreden op Roadburn 2019 gehad te hebben én België nog niet aan gedaan te hebben. Ik was heel blij toen ze toezegden.

Het Duitse Crone is met haar duistere rock de vreemde eend in de bijt en vind ik de minst sterke band uit de line-up. Vorig jaar had je met Alfahanne ook een buitenbeentje op de affiche prijken. Vind je het belangrijk om toch niet al té strikt aan het extreme (black) metal-concept vast te houden en op deze manier voor wat afwisseling te zorgen?
Ik wou altijd iets doen wat qua stijl aanleunde bij Aurora Infernalis, nadruk op kwaliteit, maar met voldoende eigen identiteit. Op Aurora Infernalis waren ze ook niet te beroerd om af en toe wat van het rechte pad af te wijken. En desondanks dat Crone meer rock is, is er toch nog een link met black metal dankzij hun frontman Phil sG Jonas die ook frontman is van Secrets of the Moon. Crone zit ook onder de vleugels van Prophecy, heeft al gespeeld op Prophecy Fest en hun langspeler “Godspeed” is een donkere én zeer aangename plaat. Elke song vertelt een afzonderlijk (waargebeurd) verhaal met telkens een tragische afloop voor het hoofdpersonage.

Kludde verraste vriend en vijand eerder dit jaar met een dijk van een comeback-plaat. Waarom verdienen deze Oilsjteneers een plekje op de affiche?
Louter en alleen al omwille van die nieuwe plaat. Ik had de review van “In de kwelm” gelezen op jullie site en mijn interesse was gewekt. De plaat heb ik ondertussen grijs gedraaid en ik ben Kludde ook nog eens gaan bekijken in Ninove. Het zijn toffe mannen en dit zou wel eens één van de hoogtepunten van de avond kunnen worden.

De Nederlandse black metal-band Bezwering is een soort van wederopstanding van het geniale Wederganger en hun show op Unholy Congregation zal hun eerste ooit zijn. Hoe kom je erbij om een band te boeken (en vrij hoog op de affiche te zetten) die nog geen noot muziek heeft uitgebracht?
Ik was enorme fan van Wederganger, ik ken Joris al enkele jaren en hoewel ik minder bekend ben met zijn vorig werk bij bv Heidevolk, was ik helemaal weg van wat Wederganger deed. Het was eigenlijk de bedoeling dat Wederganger op de eerste editie zou staan maar toen ik bij Joris informeerde kwamen ze net naar buiten met het nieuws dat ze gingen splitten. In Bezwering zit het grootste deel van Wederganger en inderdaad, ze hebben nog geen noot muziek uitgebracht maar de stijl ligt in de lijn van Wederganger en ik kon de kans niet laten liggen om hen bij ons neer te zetten. Op 9 november zal er een eerste cassette met 2 songs op de merch-stand liggen. Ik heb al een voorsmaakje gekregen en ik vind het stiekem nog beter dan Wederganger.

Qua buitenlandse bands ligt je voorkeur duidelijk in Noorwegen want de top drie op de affiche is uit het land afkomstig dat voor de meeste mensen nog steeds het meest aan black metal gelinkt wordt. Het Noorse Djevel is een band waarin drie black metal-veteranen het mooie weer maken maar waarbij vooral drummer Faust tot de verbeelding spreekt. Ik veronderstel dat er toch wel een kleine droom in verwezenlijking gaat door deze legendarische black metal-muzikant op je podium te hebben?
Mijn (black metal) hart ligt in Noorwegen. Ik ben met die scène opgegroeid. Iemand als Faust op een Belgisch podium krijgen spreekt zeer tot de verbeelding, temeer omdat hij zelf ook enorm enthousiast is over dit optreden. Maar zoals je zegt, mannen zoals Mannevond (Koldbrann) en Trann Ciekals (die bv verantwoordelijk was voor het sublieme demo-materiaal van Ljå, “Skamslaadte engler” is één van mijn favoriete nummers ooit) kennen ook het klappen van de zweep. Ik verwacht best veel van Djevel, zeker na hun laatste release “Blant svarte graner“. Ik was al fan van “Besatt av maane og natt“, maar nu met Faust op drums, is het nog een niveautje hoger gegaan.

Wat vind je van de eerste song die vrijgegeven werd van de op til staande “Ormer til armer, maane til hode”-plaat?
Illoeygd foedt som Satans barn, paa ferd uden spor af menneskeverd“.  De titel alleen al belooft al zoveel goeds. De song is echt de stijl van black metal waar ik verzot op ben. Veel (typisch Noorse) sfeer, tempowisselingen, de uitgesponnen riffs. De drums denderen de ganse plaat door en daar bovenop als finishing touch een ijskoude schreeuw. I love it!

Helheim is een band die we vanop de zijlijn volgen en waarvan de ene plaat ons meer kan bekoren dan de andere. Zelf hebben we hun laatste wapenfeit “Rignir” nog niet aan een luisterbeurt onderworpen. Hoe zou jij die plaat omschrijven?
Rignir” is… anders… maar toch weer volledig Helheim. ‘Rignir’ betekent zoiets als ‘het regent’ en daar kennen ze in Bergen alles van (dat kan ik zelf ook beamen, JOKKE). De productie is echt top. Maar je kan het denk ik wat vergelijken met wat Gaahls Wyrd met “Ghosts invited” onlangs uitgebracht heeft. Een soort van evolutie richting meer melodie en gevoel. De grenzen van black metal worden opgezocht en op veel plaatsen ook overschreden. Progressief? Nog niet zo extreem als een Enslaved dat deed, maar het neigt er meer naar toe. Volwassen is ook wel een woord wat in me op komt. Ingetogen ook. Ik ben zeker dat heel wat oude Helheim-fans zullen moeten slikken hebben. Maar dat het goede muziek is, dat staat niet ter discussie. Het is eigenlijk de perfecte plaat voor een natte novemberavond.

Vemod prijkt bovenaan de affiche en lijkt me dé publieksfavoriet. De vorige keren dat ik de band aan het werk zag, hing er iets magisch over hun performance. Nu Whoredom Rife’s drummer tot de band is toegetreden zijn de verwachtingen nog hoger gespannen. Vemod teert wel nog steeds op hun “Venter på stormene”-plaat die ondertussen toch al weer uit 2012 dateert. Stiekem hoop ik in Oudenaarde toch iets van nieuw materiaal te horen. Zit er snel nieuw werk aan te komen dat jij weet?
Snel is relatief, maar ze zijn op dit moment bezig met de opnames voor hun nieuwe plaat. Ze zijn nu ook getekend door Prophecy Records en ze mogen in alle rust verder werken aan het nieuwe album om een topplaat af te leveren. Jan Even (guitars) en Eskil (guitars/vocals) zijn sowieso druk bezig geweest met andere bands zoals One Tail, One Head, Dark Sonority, Mare… maar ik heb de indruk dat ze nu toch hun volle aandacht aan Vemod geven. Ze oefenen nu ook veel regelmatiger dan voordien en zijn bezig de setlist finete tunen en dergelijke meer. En de show op 9 november belooft een magische belevenis te worden. De band treedt echt niet vaak op en is selectief in hun performances dus als je ook maar een beetje van Noorse black metal houdt, mag je dit echt niet missen.

Waarom moet iedereen zaterdag 9 november naar Oudenaarde afzakken?
Ik geef u 8 simpele redenen:
Iteru – loodzwaar en occult
Doodswens – old school en furieus
Crone – donker en betoverend
Kludde – Oilsjters en kwaliteit
Bezwering – ondood en bezwerend
Djevel – True Norwegian Black Metal
Helheim – viking black van de bovenste plank
Vemod – pure magie

Een mooie niet-alledaagse affiche met top-black metal! Acht bands voor een aantrekkelijke prijs.

Tot dan!

Unmensch – Een afkeer van de dwaasheid van de mensheid

Op 30 augustus verblijdt Immortal Frost Productions ons met het debuut van Unmensch, een nieuw éénmansproject uit eigen land dat liefhebbers van het snelle Zweedse black metal-werk wel zal kunnen bekoren. We zochten contact met ZR, de bezieler van de band, voor een gesprek over wolven, misantropen en onmensen. (JOKKE)

Alvast gefeliciteerd met de release van je debuut “Scorn” dat meteen via Immortal Frost Productions verschijnt. Je hebt echter geen officiële demo op je palmares staan. Hoe ben je met labeleigenaar Surtur in contact gekomen?
Gegroet en bedankt! Immortal Frost Productions was me reeds bekend, Surtur kende ik persoonlijk nog niet. Toen de opnames van “Scorn” rond waren, heb ik IFP gecontacteerd om af te toetsen of er interesse bestond om ze uit te brengen. Surtur heeft dit positief beantwoord en zo ziet “Scorn” het daglicht via hen! Dit proces is inderdaad niet via een demo verlopen. Ik zag geen meerwaarde in het uitsturen van de demonummers en heb beslist om direct met definitieve opnames naar buiten te komen. 

Uit welke behoefte is de oprichting van Unmensch ontstaan? Zijn dit je eerste stappen als muzikant of ben je eerder al in andere bands actief geweest?
De plannen om een black metal-project te starten bestaan al gemakkelijk vijftien jaar. Ik was in het verleden in verschillende bands actief, in sommige als actief lid, in andere als sessiegitarist. De geplande opstart van een nieuwe band bleef op de achtergrond verder leven tussen pot en pint. Hier en daar was er eens een moment waarbij we samen zijn gekomen om aan eerste nummers te werken. Ik vond dit telkens wel veelbelovend, alleen kwam het gewoonweg niet van de grond door tijdsgebrek bij de drie betrokkenen.
Uiteindelijk heb ik de andere bandactiviteiten afgebouwd tot het punt dat ik in geen enkele band meer actief was. Ik moest mijn ei dus elders kwijt. De inspiratie bleef toenemen en ik werkte enkele nieuwe nummers af. Bij de andere twee betrokkenen bleef de factor tijdsgebrek spelen. Toen evolueerde het idee van een driepersoonsband naar een soloproject. Als ik hierop terugkijk is het absurd dat het zo lang heeft moeten duren eigenlijk. De tijd vliegt…Wel zijn de 2 andere personen heel dicht betrokkenen bij de uiteindelijke uitwerking, namelijk via de opnamestudio en het artwork. Op die manier is de cirkel toch ergens rond.

One man bands worden soms afgeschilderd als knullige slaapkamerprojecten van gefrustreerde tieners, hoewel er toch wel voldoende lone wolves het tegendeel bewijzen, denk maar aan Mare Cognitum, Arckanum of Worsen. Is het voor een éénmansband moeilijker om serieus genomen te worden dan “doorsnee” bands met een meerkoppige line-up?
Het gemak waarmee de dag van vandaag muziek kan worden opgenomen resulteert vanzelfsprekend in een overaanbod. Daarnaast zijn het niet enkel ‘knullige’ bands die hun muziek proberen aan de man te brengen. Naast het aantal bands duikt er ook wel voldoende kwaliteit op. Het is dus zeker moeilijker om ergens op te vallen als je geen liveshows doet.
Ik geloof niet dat je minder serieus wordt genomen op zich. Wel is het zo dat je moeilijker mensen bereikt en dus voor labels een groter risico vormt wanneer ze er tijd en geld willen in investeren. Black metal hoeft voor mij niet altijd live te worden gebracht. Het is voor mij net een genre dat heel individueel beleefd kan worden, zonder al te veel circus errond.

Unmensch werd door jou in het leven geroepen als een vehikel om je afkeer tegen de mensheid te uiten. Schuilt er een misantroop in jou?
Ik zou eerder durven stellen dat het een afkeer van de dwaasheid van de mensheid betreft. Op zich zal ik per definitie geen misantroop zijn waarschijnlijk. Maar als ik eens ongenuanceerd over de ‘mensheid’ als één geheel zou spreken, kan het vast wel zo lijken. We worden dan ook dagdagelijks, via alle mogelijke media,  in deze dwaasheid ondergedompeld. Dit weerspiegelt zich uiteindelijk in het dagdagelijkse leven.  En ja, bij mij borrelen er dan af en toe wel eens wat frustraties op…

Is het de bedoeling om Unmensch louter als studioproject te houden of zeg je geen neen tegen het aantrekken van extra leden om zo ook shows te kunnen spelen?
Het is zeker geen prioriteit om live te spelen en ik denk niet dat het past binnen het huidig concept. Zeg natuurlijk nooit nooit. Maar ik loop er op vandaag zeker niet warm voor.

Qua stijl kan Unmensch overduidelijk het label “snelle Zweedse black metal” opgespeld krijgen. Wat trekt je zo aan in deze vorm van black metal en welke platen in deze stijl behoren tot je favorieten?
Dat krijg ik vaker te horen, hoewel ik zelf maar heel weinig in dergelijke termen zal spreken. Ik begrijp wel van waar dat label komt, maar dat was voor mij geen doel om te bereiken. Ik heb dus zeker geen aparte collectie “snelle Zweedse black metal”. Mijn smaak en bijgevolg ook invloeden gaan heel ruim. Om toch ergens een antwoord te kunnen geven is Marduk nu de eerste band die in me opkomt onder die noemer en die op vandaag nog heel regelmatig door de speakers gaat. “Heaven shall burn…” is voor mij bijvoorbeeld zeker een klassieker.

Wanneer je voortdurend het gaspedaal induwt, kan al snel de verveling toeslaan. Met “The path” heb je gelukkig ook een mid-tempo, meer episch nummer opgenomen, hoewel ik je sneller werk wel beter kan smaken. Best een paradox dus. Zal je focus altijd op het uptempo knuppelwerk blijven liggen of tracht je in de toekomst nog meer dynamiek in te bouwen door ook meer tragere nummers te schrijven
Opnieuw moet ik zeggen dat die snelheid  geen doel op zich is, alleen leert de ervaring intussen wel dat ik er nogal snel in verwikkeld geraak. Dus vermoedelijk zal dit ook niet te gauw veranderen. Persoonlijk hou ik wel van afwisseling, hoewel dit geen noodzaak is. Het zal dus vooral afhangen van de gemoedstoestand tijdens het schrijven van de nummers. 

In sommige nummers flirt je met subtiele orchestratie. Is dat een element dat je nog verder zou willen uitdiepen of wil je toch eerder de focus op de agressieve kant van je muziek behouden?
Voor mij draagt dit bij aan de sfeer, alleen kan dit net het omgekeerde effect hebben ook. Ik hoop dit dus inderdaad subtiel te kunnen houden.

Op de hoes van “Scorn” prijkt een wolf en je wijdt ook een nummer aan dit mythische dier. Wat trekt je zo aan in wolven en wat symboliseert de wolf voor jou?
Goeie vraag, zelf nog nooit bij stil gestaan… Ik denk ook niet dat de wolf me op een bijzondere manier aantrekt, of het is eerder onbewust? Op de hoes lijkt me de context duidelijk binnen het concept waarover ik het had naar aanleiding van je vraag of ik een misantroop ben.
Het nummer “Wolf” handelt eerder over een entiteit die zich in verschillende vormen manifesteert, waarbij ik o.a. verwijs naar de mythologische aanwendingen. De wolf is een dier dat in allerhande verhalen en gebruiken opduikt, reeds van kindsbeen af, van sprookjes tot mythologie, van wolfskrijgers tot (schuil)namen,  tot in dagdagelijkse uitdrukkingen…Het is dus een dier dat doorheen de tijd duidelijk tot de verbeelding is blijven spreken.

Ken je het boek “De wijsheid van wolven” van Elli H. Radinger? Hierin geeft één van de bekendste wolvenexperts ter wereld een inkijk in de intelligentie van dit dier en trekt ze verrassende parallellen met ons eigen gedrag en leven. Hou van je familie, zorg voor degenen om je heen, geef nooit op en maak altijd tijd om plezier te hebben. Kan je je vinden in deze gouden regels van wolven?
Ik ken het boek niet. Deze waarden lijken me op het eerste zicht zeker eervol en herkenbaar.

Een “Unmensch” of “onmens” is een barbaar, een beest, een beul, een ellendeling, een gedrocht, een monster, een onaangename kerel, een ondier, een ontaard mens, een onverlaat, een sadist, een schurk, een slecht mens, een smeerlap, een snoodaard, een wreedaard, en ga zo maar door. Allemaal omschrijvingen die ik moeilijk te rijmen vind met het imago van een wolf en hopelijk ook niet van toepassing zijn op je eigen persoon. Hoe zie jij dat?
Het hangt er natuurlijk van af van wat jouw definitie van ‘mens’ dan zou zijn en vanuit welk perspectief je het wenst te bekijken. Want letterlijk betekent het eenvoudigweg niet-mens. Alle andere eigenschappen kan je er zelf aan toekennen. Elke andere context zal zorgen voor een andere betekenis.
Wat betreft het imago van een wolf, wat is dat imago precies? Je hebt de wolf als roedeldier met elk hun rang binnen de roedel. Je hebt ook de ‘eenzame wolf’. … Als mevrouw Radinger deze vraag zou beantwoorden of een Limburgse schapenboer, dan vermoed ik ook een ander soort imago te horen te krijgen. Voor de schapenboer zou de wolf wel eens een ‘ondier’ kunnen zijn, haha. Alles hangt af van perceptie. Iedereen kijkt vanuit een eigen prisma telkens anders naar ‘dezelfde’ dingen. Ik laat dus ook ieder zijn interpretatie.

In België loopt al enkele jaren het Gentse EBM en industrial duo Onmens rond. Heb je daarom maar voor de Duitse vertaling van de bandnaam gekozen?
Ik moet bekennen dat ik aanvankelijk voor de Nederlandse naam ging gaan tot ik zag dat deze al bestaande was en dan nog eens dichtbij. Ik was in die periode ook “Zo sprak Zarathoestra” aan het lezen, waardoor ik al snel bij de Duitse bewoording kwam.

In de wandelgangen wordt gefluisterd dat er nog wat op til staat op korte termijn. Kan je al een tipje van de sluier oprichten?
Hier moet ik je het antwoord schuldig blijven. Ik heb geen flauw idee op wat je doelt. Die wandelgangen blijven alvast een fenomeen… 🙂

Hope Drone – Gedreven door een optimistisch nihilisme

Vier jaar na de release van het monolithische “Cloak of ash” op Relapse Records, keert het uit Brisbane afkomstige Hope Drone op 30 augustus terug met het nieuwe “Void lustre“, een plaat over persoonlijke en existentiële wanhoop. We zien de band verder reizen langs de dynamische paden die op het oude werk verkend werden waarbij afgewisseld wordt tussen sobere atmosferische passages en verpletterende geluidsmuren. Door het combineren van black metal, sludge, postrock en invloeden die zelfs verder weg liggen, creëert de band een rijk geluid dat zowel mooi als verwoestend klinkt. Sinds hun fantastische titelloze EP uit 2013, stond Hope Drone op mijn rader voor een interview. Nu leek de tijd rijp. (JOKKE)

The English version of this interview can be found here.

Zenuwachtig nu “Void lustre” na lang wachten eindelijk op het punt van releasen staat?
Karl (gitaar, noise): Voor mij persoonlijk, voelt het eerder als een opluchting aan dat de plaat er eindelijk is.

We hebben vier jaar moeten wachten op “Void lustre“. Was het een moeilijke plaat om te schrijven?
Karl: Absoluut. Ik denk dat we na de creatie en release van zo’n allesomvattende plaat als “Cloak of ash” een beetje uitgeblust waren. Nadat de plaat af was, duurde het nog even alvorens ze kon uitgebracht worden daar we rekening dienden te houden met het releaseplan van Relapse. Normaal gezien zit er een soort van ‘finaliteit’ in het uitbrengen van een plaat waardoor je ze achter je kan laten en kan vooruitkijken, maar wij waren dus nog wat ‘gebonden’ aan “Cloak of ash“. Hoewel we al snel weer nieuwe riffs en songs aan het schrijven waren, hadden we nog niet echt een richting voor een nieuwe plaat bepaald aangezien we in onze hoofden nog steeds met “Cloak of ash” bezig waren. Daarbovenop komen dan nog eens onze drukke privélevens en een achteruitgaande mentale gezondheid, waardoor het allemaal vrij lang duurde.

Het muzikale recept van Hope Drone mengt elementen van black metal, sludge en post-rock tot een denamisch geheel. Een combo die ik persoonlijk erg smaak, maar ondertussen wel niets nieuws onder de zon meer laat horen. Om eerlijk te zijn, hoor ik ook niet echt een verschil in sound en aanpak tussen “Void Lustre” en diens voorganger. Zal je in de toekomst de aanpak niet moeten wijzigen om stagnatie te voorkomen en het fris te houden?
Karl: Ik apprecieer je eerlijkheid, maar ik ben het niet met je eens. Er kunnen best bands zijn die gedeeltelijk in dezelfde vijver vissen, maar ik denk dat er geen één het op onze manier doet en ik zou niet zeggen dat er geen verschillen tussen beide platen zijn. Er zijn wel degelijk subtiele verschillen; We zijn momenteel meer gefocust op het verfijnen van de details van ons geluid en in het inbrengen van invloeden buiten de genres die mensen aan onze muziek toeschrijven wanneer ze erover schrijven of praten.
We leven in vluchtige tijden en ik denk dat, in een wereld waar we constant worden aangevallen door dingen die onze aandacht proberen te trekken, langzame groei, ambacht en herhaling vergeten waardes zijn. Het doel van Hope Drone is altijd al persoonlijke catharsis door middel van muziek geweest. We zijn dus niet bezig met het drastisch veranderen van ons geluid of met het beschouwd worden als fris of vernieuwend. Als we erdoor geraakt worden, worden we erdoor geraakt.
Natuurlijk houdt de mens van vernieuwing en we zijn daar ook niet tegen zolang verandering in dienst van de muziek staat. Voor de soort muziek die wij willen maken en de emoties die we via deze weg willen uitdrukken en opwekken, zijn er bepaalde handelswijzes en opnamemethodes die ondertussen tot de kernelementen behoren van wat Hope Drone is.

Is er een alomvattend thema op “Void lustre”?
Chris (gitaar, zang): Void Lustre gaat over het overwinnen van de existentiële wanhoop die voortkomt uit het confronteren van het niets. De vijf nummers op de plaat volgen een pad dat start met het ontwaken in een wereld zonder inherente betekenis en dat leidt tot de wanhopige dieptepunten die zo’n ontwaken met zich brengt. Er ontstaat een besef dat we in dit vacuüm van binnenuit een betekenis kunnen opbouwen, een eigen pad kunnen uitstippelen en onze eigen betekenis kunnen dicteren. Tenslotte is er de strijd om die dingen vast te houden die betekenis geven aan ons bestaan ​​in het licht van vergankelijkheid en het ouder worden. Void Lustre wordt uiteindelijk gedreven door een optimistisch nihilisme.

Atmospherische black metal handelt dikwijls over de vier natuurelementen (lucht, water, aarde en vuur) die uitgedrukt worden door de dynamische en cinematografische aanpak van het genre. Veel van jullie nummers lijken het element ‘water’ te behandelen?
Karl: De muziek die we creëren, leent zich uitermate goed voor de elementen en water in het bijzonder aangezien onze nummers dit element zowel qua inhoud als vorm weerspiegelen. We hanteren regelmatig een eb- en vloedstructuur die zoals een rivier is die helder en puur kan zijn maar evengoed kan omslaan in een verwoestende stortvloed. En de tranceachtige natuur van sommige repetitieve stukken roept het eeuwige geklots van de golven tegen de oever op. Tekstueel gezien verkennen we de mensheid en onze plaats in de tijd. Van alle elementen leent water zich van nature voor het idee van tijdverloop: het stromen van een rivier, de erosie van een oever of de cyclische aard van regenval.

Cloak of ash” verscheen op het gerenommeerde Relapse Records. Voor “Void lustre” keren jullie echter terug naar het kleinere Moment Of Collapse Records dat ook jullie EP uitbracht. Waarom kwam de samenwerking met Relapse tot een einde? Zou het iets te maken kunnen hebben met het feit dat dit specifieke genre over haar top lijkt te zijn en dus niet meer zo van belang is voor een label als Relapse
Karl: Ik denk dat je deze vragen beter aan Relapse kan stellen dan aan ons. Aangezien wij uit Australië komen, hypes ons niet echt beïnvloeden en de underground vrij klein is, is het bijna onmogelijk een oversaturatie van een bepaald type band of sound te hebben. Vanuit ons eigen perspectief, zijn we een erg kleine band uit een afgelegen stuk van de wereld die de opportuniteit had met een label te werken waar ooit veel van onze favoriete bands op zaten. We zijn erg dankbaar voor deze ervaring. Desondanks voelden we ons als een kleine vis in een grote vijver aan gevestigde waarden, des te meer door onze geografische isolatie.
Basti van Moment of Collapse, daarentegen, is iemand waar we samen mee optrokken, bij verbleven en ons verbonden mee voelen. Met Hope Drone voelen we ons comfortabeler op een kleiner label waarbij we meer controle hebben over hoe we ons werk willen presenteren.
Tenslotte hadden we nooit de ambitie met Hope Drone een carrière te starten. We gingen er bij de oprichting vanuit dat we een lokale band zouden zijn die voor drie man staat te spelen. Al de rest was één grote verrassing.

Peege (bas): Toen we bij Relapse tekenden, zat het opnameproces van “Cloak of ash” er in essentie al op wat wil zeggen dat we de opnames dus zelf financierden. Initieel was onze deal met Relapse dus enkel om de plaat in licentie aan hen te geven zodat we eigenaar bleven van het materiaal. Er was ook geen sprake van een overeenkomst voor meerdere platen. We benaderden hen wel opnieuw voor “Void lustre“, maar kwamen niet tot een overeenkomst. Moment Of Collapse heeft echter altijd aan onze zijde gestaan. Basti heeft ons op veel manieren gesteund, zelfs toen we min of meer een ‘Relapse band‘ waren. Hij is een buitengewoon persoon en ik ben trots dat ik hem een vriend mag noemen. Het was dus erg gemakkelijk om terug met hem in zee te gaan.

Ter promotie van de vorige plaat, trokken jullie doorheen Europa met Downfall Of Gaia. Ik was aanwezig bij het optreden in Utrecht en ik kan me herinneren dat het toen bloedheet was in de zaal met temperaturen van meer dan 35°C. Herinneren jullie je deze show? Aangezien jullie van Australië zijn, zullen jullie wel beter gewend zijn aan deze hoge temperaturen, niet?
Karl: Persoonlijk zie ik touren niet zo zeer als promoten en meer als een manier om ervaringen op te doen en met andere mensen en culturen in aanraking te komen. Grotere bands touren om een plaat te promoten omdat ze ervan moeten leven. In ons geval is één van de voordelen van het uitbrengen van een plaat dat we een excuus hebben om op een coole plaats te gaan touren of onze buitenlandse vrienden terug te zien.
Natuurlijk herinneren we ons deze show. We speelden goed en we hadden een leuke tijd in Utrecht. Het was gedurende de gehele tour erg warm, maar dat is zoals je al zei, geen groot probleem voor ons aangezien we hete temperaturen wel gewend zijn. We gedijen slechter in koude aangezien het in Brisbane niet bepaald kou is.

Ik herinner me dat ik buiten de venue een korte babbel met één van jullie had. Jullie vertelden dat Nederland één van de mooiste landen was die jullie ooit hadden gezien. Ofwel waren jullie dronken ofwe lstoned (ofwel allebei), want ik kan er amper inkomen dat een land als Nederland zo’n indruk kan nalaten op iemand die in Australië leeft
Karl: Er zijn veel mooie plaatsen op deze aarde, zowel van natuurlijke als menselijke aard. Voor ons Australiërs bestaat zoiets als jullie Europese architectuur met honderden jaren geschiedenis niet evenmin jullie soort van bossen en bergen, dus voor ons is dat iets moois of overweldigend. Natuurlijk komen we zelf uit een plaats met een erg mooie natuurlijke schoonheid die we niet als vanzelfsprekend beschouwen en spijtig genoeg in verval is door de klimaatsverandering en de veronachtzaming (of zelfs actieve minachting) van onze overheid voor het milieu.

Zijn er plannen voor een tour? Een Europese tour met jullie landgenoten Encircling Sea zou te gek zijn!
Karl: De bedoeling is er wel om te touren maar het is momenteel niet echt duidelijk waar we eerst naartoe gaan. We willen graag opnieuw naar Europa komen, maar we zouden ook graag minder ver van huis willen spelen zoals in Japan. Over ’t algemeen verkiezen we te touren met een band uit de regio waar we naartoe gaan. Op deze manier is het financiële plaatje van een tour door de minder lange vluchten minder precair. Bovendien hebben we dan de mogelijkheid met mensen uit een andere cultuur en scene in contact te komen.

© Maria Louceiro

In België zijn we rotverwend op gebied van concerten en festivals. Wie wil, kan meerdere keren per week naar underground of grotere shows gaan. Hoe zit het met de scene in Australië? Zijn er veel shows en festivals die op underground muziek focussen?
Karl: Vergeleken met Australië zijn jullie in het grootste deel van Europa inderdaad verwend als het op underground muziek aankomt. Als je het underground uiteinde van het zwaardere genre omarmt, is er absoluut geen groot wekelijks aanbod qua internationale shows. We hebben geen écht grote heavy music festivals meer, zeker niet zoals een ROadburn of Amplifest waar vele bands van overal ter wereld spelen die wij goed vinden. Wat het dichtste in de buurt komt, is Dark Mofo in Tasmanië die soms underground bands programmeren waarvan je nooit had gedacht dat ze in Australië zouden kunnen komen touren, maar dan nog is het slechts een klein deel van hun programmatie.
Het kan erg moeilijk zijn om mensen buiten te krijgen voor een show, zelfs in onze grotere steden en er is geen groot aanbod aan zalen in eender welke stad en degene die er zijn, zijn onbestendig.
Het DIY-magazijnachtige type van zalen, houdt het zelden lang vol. Er is erg weinig overheidssteun voor live muziek of het nachtleven in ’t algemeen, meestal belemmeren ze muziek zelfs. Waarmee ik niet wil zeggen dat er hier geen goede bands zijn of mensen die hard werken voor de muziekscene, maar er zijn absoluut vele uitdagingen.

Peege: Australia is een erg moeilijk land voor underground muziek. Geografisch gezien hebben we oppervlakte van de USA maar met slechts 26 miljoen inwoners. Openbaar vervoer en haar infrastructuur is erg beperkt vergeleken met andere landen, en zeker buiten de grote steden. Om een tour te doen slagen, moeten je ofwel van de ene naar de andere stad vliegen of meer dan 10 uur rijden. Hierdoor missen we vele grote bands die hier niet komen. Neurosis, bijvoorbeeld, tourde hier pas enkele jaren geleden voor de eerste keer. Dat gezegd zijnde, maakt het de keren dat er een band naar hier komt erg speciaal aangezien we weten dat een underground band hier enkel vertrekt met mooie herinneringen en schulden.

Tenslotte vroeg ik me af of jullie bandnaam ontleend was aan het gelijknamige Godspeed You! Black Emperor nummer? Het lijkt wel of het contrast tussen de woorden ‘hope’ en ‘drone’ een opzettelijke contradictie suggereren. Zware wanhopige drones naast een woord dat optimisme impliceert en het vertrouwen dat dingen zullen verbeteren.
Karl: Correct, maar we zochten er niet al te veel achter? We hadden gewoon een naam nodig. Geen idee wat de bedoeling achter de woorden was voor GY!BE, maar voor ons klonk het ambigu en paste het wel bij de muziek die we wilden creëren. Tenslotte wordt Hope Drone niet echt gedefinieerd vanuit haar naam maar eerder vanuit wat we onder die naam doen.



Misþyrming – Het publiek ophitsen

Op de warmste dag die ooit officieel gemeten werd in België, hing ik aan de lijn met Dagur Gíslason, oprichter, componist, frontman en gitarist van het IJslandse Misþyrming. Terwijl ik last had van een gigantische zweetreet, zat de frontman dan weer met een verkoudheid opgescheept. Van contrasten gesproken! Het was niet evident een interviewmoment met Dagur vast te leggen. Reden hiervoor was zijn drukke studioschema met o.a. Mannveira, maar hij wist me ook te vertellen dat er een studioversie in de maak is van “Sól án Varma”, het ‘commissioned piece‘ dat Dagur, samen met leden van Misþyrming, Svartidauði, Wormlust en Naðra, tijdens Roadburn 2018 opvoerde. Bovendien zit de IJslander ook midden in de voorbereidingen voor een anderhalve maand durende trip naar Roemenië. Een drukbezet man op zijn zachtst gezegd. (ADDERGEBROED)

The English version of this interview can be found here.

© Verði Ljós

Hallo Dagur, “Algleymi” is nu enkele maanden uit. Hoe zijn de reacties tot dusver?
Goed eerlijk gezegd, hoewel er natuurlijk altijd mensen zijn die het debuut beter vinden, wat geen probleem is. Ik ben erg blij dat “Algleymi” er eindelijk is, want de aanloop naar het album liep niet van een leien dakje sinds we met de opnames startten in 2016.

Zo lijkt het inderdaad wel. Ik was er immers bij toen jullie in 2016 ‘artist in residence‘ waren op Roadburn en jullie “Algleymi” reeds in zijn geheel vertolkten. Toch heeft het nog een dikke twee jaar geduurd alvorens de plaat uitkwam.
Toen Walter ons vroeg om drie avonden op een rij op te treden, besloten we elke keer een andere set te spelen. De laatste avond stond in het teken van ons debuut “Söngvar elds og óreiðu”, de tweede set was getiteld “Úlfsmessa” en was een collaboratie met leden van Naðra, NYIÞ en Grafir. Voor de eerste show besloten we inderdaad om al het materiaal van “Algleymi” te laten horen, aangezien de opnames toen net afgerond waren.
’t Is te zeggen: de eerste opnames, want tijdens het mixen, ontdekte ik dat enkele partijen niet strak ingespeeld waren en dat de sound erbarmelijk klonk door met goedkoop materiaal zoals shitty microfoons te werken. Ik had op voorhand moeten weten dat zoiets in de mix niet recht te trekken valt. Er zat dus niets anders op dan het hele opnameproces, na intense repetities, helemaal over te doen in de herfst van 2017. Voor de drumopnames trokken we deze keer naar een professionele studio en de andere opnames vonden plaats in Gryfjan, onze repetitieruimte, maar met veel beter materiaal zoals een Mesa Boogie amplifier die ik leende van mijn goede vriend Þórir van Svartidauði.

Zat er, op de sound na, veel verschil tussen de eerste en tweede opname van “Algleymi“?
Eigenlijk niet, behalve dat ik de tekst voor één nummer herschreef.

Als ik een puntje van kritiek mag geven: ik vind de zang wat te veel op de voorgrond staan in de mix en de muziek hierdoor, vooral in de meer melodieuze stukken, domineren. De sound doet me hierdoor wat aan Behemoth’s laatste platen denken.
Ik vind Behemoth’s platen fantastisch klinken, dus ik beschouw dat als een compliment.

Ik heb ook de indruk dat je stem op “Algleymi” dieper klinkt. Hanteer je een nieuwe manier van zingen?
Ja inderdaad, ik wou krachtiger klinken en onze energetische live-sound meer benaderen op plaat.

© Void Revelations

Algleymi” bevat gastbijdrages van Sturla Viðar van Svartidauði en Wraath van Darvaza, Behexen en ex-One Tail One Head. Wat mij betreft, is Wraath de beste black metal frontman die er momenteel rondloopt. Welke muzikanten inspireerden jou om een frontman te worden?
Ik denk dat Wraath en ikzelf elkaars favoriete frontman zijn, haha. Hij is zo’n energetische en enigmatische man die ik erg graag bezig zie. Met Misþyrming proberen we altijd een bijna dierlijke, rauwe en agressieve performance neer te zetten en het publiek altijd op te hitsen (ik herinner me hun optreden op Aurora Infernalis in 2015 waarbij de bandleden tijdens een intermezzo zelfs het publiek indoken om de gemoederen te verhitten, JOKKE). Bij sommige black metal bands staan de muzikanten als zoutpilaren op het podium waarbij ze meer gefocust lijken op foutloos spelen dan op het brengen van een performance. Well, fuck that.
Toen ik had besloten om met Misþyrming op te treden, wou ik wel zingen en gitaarspelen combineren. Onze muziek bevat immers lange instrumentale passages en ik zou het moeilijk vinden om die te overbruggen zonder gitaar in mijn handen.
Qua inspiratiebronnen heb ik een heel grote bewondering voor Arioch/Mortuus. De manier waarop hij met Marduk op het podium staat is zó intens en bovendien heeft hij erg veel fantastische nummers geschreven met Marduk, Triumphator en Funeral Mist. Ook Till Lindemann van Rammstein mag ik niet onvermeld laten. Zij inspireren me met hun mannelijke en toch nog humoristische homo-erotische stijl van optreden.

In tegenstelling tot jullie debuut, zijn de teksten nu wel in het boekje te vinden en zijn ze zelfs vergezeld van een Engelse vertaling. Was het deze keer belangrijk voor jou om de luisteraars een idee te geven van de teksten?
Op een bepaalde manier wel, ja. Er vroegen wel wat mensen naar de teksten van “Söngvar elds og óreiðu” waarna ze middels Google Translate een poging ondernamen om te weten waarover ik zong. We weten allebei dat deze vertalingen echter niet altijd even correct of genuanceerd zijn. Daarom besloot ik zelf met de vertalingen aan de slag te gaan. Ik koos voor een directe 1-op-1 vertaling van elk woord; de Engelse teksten zijn dus minder poëtisch dan hun oorspronkelijke IJslandse versie. Op deze manier kan ik misschien mensen aansporen om IJslands te leren. Het album bevat ook een tekstuele bijdrage van dichter en mzuikant Kristófer Páll voor het nummer “Og er haustið líður undir lok”.

Qua tekst, is vooral het epische nummer Ísland, steingelda krummaskuð” (“Iceland, castrated dump”) erg fascinerend. Ik kan me wel vinden in het sombere beeld dat je in het nummer schets. Hoewel ik erg onder de indruk was van de overweldigende natuur in IJsland, denk ik niet dat ik er zou kunnen wonen gezien de uitgestrekte desolaatheid. Is het door zo afgelegen te zijn van het Europese vasteland moeilijker voor IJslandse bands?
Op sommige vlakken wel, ja. Samen met onze gitarist Tómas Ísdal, run ik het Vánagandr tape label. Toen we ontdekten dat er ook in IJsland interesse was in vinyl, zochten we uit hoe we dit efficiënt konden realiseren. Maar het is gewoon niet logisch om vinyl in Europa te laten produceren, vervolgens naar IJsland te verschepen om dan terug naar Europese klanten te versturen. Het label is trouwens nog steeds actief, hoewel de activiteiten op een laag pitje staan. Er komt weldra wel een tapeversie van “Algleymi” aan.

Ik was ook verbaasd over het feit hoe toeristisch IJsland wel niet is. De luchthaven lijkt de toestroom aan toeristen nog amper aan te kunnen en aan elk sightseeing punt staan de bussen te wachten, hoewel je bijna alleen op de baan rijdt. Denk je dat IJsland stilaan haar maximumcapaciteit qua toerisme bereikt heeft? (Het aantal toeristen dat jaarlijks naar IJsland afzakt ligt vijf keer hoger dan het bevolkingsaantal, JOKKE).
Ja, vijf jaar geleden waren de parkings aan de watervallen nog gratis, maar dat is nu verleden tijd met de vele hordes toeristen die er jaarlijks komen. Bovendien zijn er veel toeristen die niet deftig met een wagen kunnen rijden of shitty auto’s huren, wat soms resulteert in auto-ongevallen. We kennen nu zelfs files in Reykjavik! Onze hoofdstad ziet er ondertussen trouwens ook sterieler uit, vroeger bezat ze veel meer kleur.

Voor het debuut verzorgde je gedeeltelijk zelf het artwork. Voor “Algleymi” besloot je met de Nederlandse kunstenaar Manuel Tinnemans samen te werken?
Na de release van “Söngvar elds og óreiðu”, contacteerde Manuel mij om te vragen of we op een dag niet zouden kunnen samenwerken. Ik ontmoette hem in Svartidauði’s repetitieruimte toen ik met hen enkele zangopnames aan het doen was. We dronken enkele biertjes en werden samen dronken. Hij vertelde over zijn trip doorheen IJsland en wat hij daarbij voelde. Dit spoorde me aan het nummer “Ísland, steingelda krummaskuð” te schrijven en ik besloot ook voor het artwork samen te werken. Ik vind dat de afbeelding van de man op de klif de atmosfeer van de muziek en teksten heel goed weergeeft.

Jullie debuut en de daaropvolgende split met Sinmara, werden uitgebracht door het Noorse Terratur Possessions en het terziele gegane Amerikaanse Fallen Empire Records. “Algleymi” kwam uit via Norma Evangelium Diaboli. Waarom switchten jullie naar dit Franse label?
Destijds waren Terratur en Fallen Empire de geschikte labels om “Söngvar elds og óreiðu” uit te brengen. Voor “Algleymi” was het echter tijd om de zaken naar een volgend niveau te tillen. Het voelt trouwens absolutely fucking great om deel uit te maken van Norma Evangelium Diaboli, aangezien er zo veel van mijn favoriete bands zoals Antaeus, Funeral Mist en Deathspell Omega gehuisvest zijn.

Ik herinner me dat jullie regelmatig covers speelden in het begin. Op het Beyond the Gates Festival in het Noorse Bergen was ik in 2015 vanop de eerste rij getuige van jullie versie van het Funeral Mist-nummer “The God Supreme” waarvoor Aricoh jullie zelfs op het podium vervoegde. Op het Aurora Infernalis Festival in Arnhem in datzelfde jaar brachten jullie “Commando” van The Ramones. Zijn er nog covers die jullie speelden?
Voor de festivals waar we extra speeltijd hadden, besloten we een cover in de setlist op te nemen. Zo speelden we vorig jaar op het De Mortem et Diabolum Fest in Berlijn een cover van het Svartidauði-nummer “Dthtrp” waarvoor diens Sturla Viðar ons eveneens op het podium vervoegde. En voor een optreden in IJsland besloten we voor het nummer “Angel in disguise” van de IJslandse hardcore band Minus te gaan. Voor onze show in het Finse Turku in 2017 wou ik echt een Fins nummer brengen aangezien het land zo’n geweldige scene heeft. We kozen uiteindelijk voor “The horny and the horned” van Impaled Nazarene. Dat nummer van The Ramones speelden we omdat het zo’n energiebom is. Tijdens de opnamesessies van ons debuut werd ook een versie van Slayer’s “War ensemble” ingeblikt, maar ik denk niet dat we die ooit zullen uitbrengen. Covers spelen is erg leuk om doen.

© Void Revelations

Oorspronkelijk startte je de band in juni 2013 als solo-project toen je nog in de secundaire school zat. We zijn nu zes jaar later en je bracht met Misþyrming twee langspelers en een EP uit, speelde verscheidene club- en festivalshows buiten IJsland, was curator op Roadburn en speelde er twee jaar later het “Sól án Varma”-stuk. Wat beschouw je tot dusver als je grootste verwezenlijking?
Al deze dingen waren erg cool om te doen en maken deel uit van de hoogtepunten. “The God supreme” samen met Arioch opvoeren was extra speciaal voor mij aangezien ik – zoals ik reeds vertelde – een grote fan ben van Funeral Mist waarmee hij bovendien nooit live speelde.

Je nam ook al verscheidene platen op voor andere IJslandse bands waaronder het recent verschenen fantastische debuut “Undir skyggðarhaldi” van Andavald. Is het studiowerk ondertussen je bron van inkomsten of is dit eerder een hobby?
Ik heb een voltijdse baan om de huur te betalen, maar doe inderdaad ook veel studiowerk voor bevriende IJslandse bands, iets wat ik heel graag doe en heel serieus neem. Tof trouwens dat je die Andavald-plaat zou goed vindt. Het was een erg experimentele studio-opname, vooral gezien het feit dat schrijven en opnemen een nieuw gegeven was voor die gasten.

Naast Misþyrming, maak je ook deel uit van Martröð, Naðra en Skáphe. Met die laatste kwam recent een erg coole collaboratie met Wormlust uit. Zit er van Martröð en Naðra ook nieuw werk aan te komen?
De Skáphe en Wormlust-split was inderdaad very sick. Martröð werd opgericht door Alex Poole, maar staat momenteel on hold door de vele andere muzikale bezigheden van de leden. Met Naðra spelen we af en toe enkele shows en telkens we een nieuw nummer af hebben, staan we te popelen om het live te brengen. We deden zo wel al enkele premières haha. We zijn erg opgewonden over het nieuwe materiaal en hopen dit snel te kunnen uitbrengen.

© Verði Ljós

Ik ben geboren in het begin van de jaren ’80 wat maakt dat mijn favoriete black metal-platen veelal diegene zijn die in de jaren ’90 uitkwamen. Ik herinner me nog goed de eerste keer dat ik de videoclip van Emperor’s “The loss and curse of reverence” zag. Ik was erg onder de indruk en besloot de mysterieuze wereld van black metal verder te verkennen. Aangezien jij een stuk jonger bent, vroeg ik me af welke platen de grootste impact op jou hadden? Ook de klassiekers of eerder albums die in de jaren ’00 uitkwamen?
Beide, eerlijk gezegd. Ik ontdekte het genre dankzij Deathspell Omega of Funeral Mist’s “Maranatha” maar evengoed via “De mysteriis dom sathanas” of Burzum’s “Hvis lyset tar oss”. Grappig trouwens dat je Emperor vermeldt, aangezien ik om de één of andere reden nooit écht naar die band luisterde. Maar veel mensen zeggen me dat ze Emperor-referenties terughoren in “Algleymi“, waarschijnlijk door het gebruik van keyboards en de meer epische passages.

In september vertrekken jullie op een Europese headlining tour met Darvaza en Vortex Of End. Alle drie de bands stonden eerder dit jaar op het A Thousand Lost Civilizations festival in Brussel. Werden de plannen voor deze tour in onze hoofdstad gesmeed?
Het idee was al ouder, maar de bevestiging kwam tijdens het festival aangezien Leslie deze tour ook regelt. Het was een fantastisch gebeuren trouwens. Onze show in Atelier 210 was OK, hoewel ik liever in Magasin 4 had gespeeld. Zo jammer dat deze coole venue weldra zal sluiten.

Wel, ik ben door mijn vragen heen. Ik wens je een spoedig herstel van je verkoudheid en wens je het allerbeste met je trip naar Roemenië. Hopelijk tot in Brussel in september!
Dankjewel”, antwoordt Dagur in het Nederlands. Door de vele tijd op Roadburn, ken ik enkele woordjes Nederlands, hehe.


Mystagogue – Nog steeds geen fan van de mensheid

Over een maand brengt Vendetta Records het debuut “And the darkness was cast out into the wilderness” van Mystagogue uit. Het is de zoveelste Nederlandse black metal-band die ons weet te bekoren en bovendien is het een nieuw project van Mories, de bezieler achter Gnaw Their Tongues en tientallen andere projecten (we zijn de tel ondertussen kwijt geraakt). Omdat hij middels Mystagogue eens een andere kant van zichzelf laat zien, besloot ik het creatieve brein enkele vragen voor te schotelen, waarbij ik op zijn tenen trapte als het over moderne black metal ging. (JOKKE)

Dag Mories, we kennen jou voornamelijk van allerhande avantgardistische black metal en noiseprojecten zoals Gnaw Their Tongues en Cloak Of Altering. Met Mystagogue bewandel je meer traditionele black metal-paden. Werkte het verfrissend om eens niet zo veel buiten de lijntjes te “moeten” kleuren?
Ja, afwisseling van spijs doet eten. Maar buiten de lijntjes kleuren gaat altijd geheel vanzelf. Ik maak nooit een vooropgesteld kader voor mijn muziek, hoewel ik met Mystagogue wel een bepaald geluid/idee voor ogen had: to the point, catchy en pakkend, maar ook duister en atmosferisch. Het moest vooral niet dissonant, moeilijk of ontoegankelijk zijn, dat heb ik al zoveel gedaan.

Je bent in ontzettend veel bands actief en hebt ondertussen al honderden song geschreven. Waar blijf je al die energie en vooral ook inspiratie voor muziek en teksten vandaan halen? Geen schrik dat het vat vol ideeën op een bepaald moment uitgeput zal zijn?
Ja daar zit ik altijd een beetje over in, maar toch vloeit er nog steeds vanzelf muziek uit mij…sterker nog, ik loop over van de ideeën, meer dan ik ooit zal kunnen realiseren. Aan muziek zit tevens ook een ambachtelijke kant: hoe meer en langer je het maakt, hoe makkelijker en (hopelijk) beter het wordt. Waar de ideeën vandaan komen? Geen idee. Alles is zo’n beetje om te zetten naar muziek en het is ook een (voor mij) makkelijke uitlaatklep.

Vanwaar de drang om naast de vele projecten die je hebt lopen, toch ook nog Mystagogue op te richten? Besloot je nummers te schrijven na Mystagogue’s oprichting of werd de band in het leven geroepen naar aanleiding van allerhande materiaal dat je in de loop der jaren geschreven hebt, maar waarvoor er geen plaats was in je andere projecten?
Nee, ik had de wens om dit soort black metal te gaan maken. En al best heel lang. Ik heb een erg lange tijd gewacht met het benaderen van drummers want het is al even geleden dat ik nog met een drummer van vlees en bloed heb gespeeld, dus dat vond ik ook best weer spannend. Maar ik ben op een gegeven moment toch maar gaan mailen, want het werd weer eens tijd om in een ‘echte’ band te spelen. En Wessel wilde het gelukkig wel proberen. Na de eerste paar nummers schreef de rest van plaat zich haast vanzelf. We hebben me z’n tweeën de plaat in mekaar gezet.

Ga je Mystagogue naar het podium nemen of beschouw je de band louter als studioproject?
De bedoeling is wel om veel te gaan spelen. We hebben beiden volle agenda’s maar live spelen is zeker het doel! (Ondertussen werd Mystagoue bevestigd voor het Big Ass Metal Festival op 21 september in Utrecht; ADDERGEBROED)

Een mystagoog of hierophant is een persoon die anderen initieert in mystieke overtuigingen, en een opvoeder of een persoon die kennis heeft van de heilige mysteries van een geloofssysteem. Vanwaar de keuze voor deze naam? Beschouw je jezelf als een mystagoog?
Oh nee absoluut niet. Ik ben best wel geïnteresseerd in mystieke en occulte zaken, maar zeker geen autoriteit op dat gebied. De naam vind ik wel wat hebben, maar zoek er niet teveel achter. Het beestje moest een naam hebben. Na wat brainstorming bleef deze over.

Daar ik niet over teksten beschik, vroeg ik me af waar de nummers zoal over handelen?
De teksten spelen zich voornamelijk in mijn eigen fantasiewereld af. Ik denk graag in beelden en zo ontstaan de teksten ook. Ze zijn heel visueel. De onderwerpen zitten dicht bij de gebruikelijke black metal onderwerpen (religie, de dood, geschiedenis, de natuur, extreme emoties, …) maar ik gooi er nog een ’18de eeuws romantisch poëzie’-sausje overheen, omdat die periode me altijd heeft gefascineerd.

De albumtitel lijkt me door haar lange formulering een Bijbelse betekenis of invalshoek te hebben, correct? Op de “Abyss of longing throats” plaat van Gnaw Their Tongues preek ook al een nummer met een sterk gelijkaardige titel (“And they will be cast out into utter darkness”). Is er een link?
De titel is ook zo’n beeld dat ik heb bij ‘het’ of ‘een’ scheppingsverhaal: dat bij het creëren van licht ook de duisternis gecreëerd moet worden. In het Engels kan je dat zo mooi formuleren met het woord “cast“, dat is zo’n groot gebaar bij zoiets abstracts als ‘de duisternis’. Ik doe altijd maar mijn ‘ding’ en waarschijnlijk snapt niemand écht wat ik bedoel en dat is eigenlijk best prima. En ja de Bijbel: eindeloze inspiratie (ik ben trouwens niet gelovig).

Het hoesontwerp van “And the darkness was cast out into the wilderness” intrigeert me enorm. Ik bespeur o.a. figuren die met de dood te maken hebben. Wie ontwierp dit mysterieuze design en is er een link met de albumtitel?
Er is geen link met de titeln maar de hoes heb ik zelf gemaakt. Ik creëer eigenlijk al mijn eigen artwork. Iemands anders artwork voor mijn muziek voelt heel raar. Bij een paar collaboraties en split LP’s heb ik niet zelf het artwork gemaakt, maar voor de rest doe ik alles zelf. De hoes is min of meer spontaan ontstaan en is bijna een soort ‘collage’ geworden van afbeeldingen van de dood en het occulte.

Op basis van de bandnaam en de occult uitziende cover, had ik eerlijk gezegd rituele of orthodoxe black metal verwacht. De sound van Mystagogue heeft echter weinig van doen met dit deel van de scene en leunt veel dichter aan bij het geluid van moderne USBM-acts zoals Void Omnia of Woe. Welke bands beschouw je zelf als invloed voor de muziek van Mystagogue?
Beide bands die je noemt spreken me erg weinig aan haha. Ik denk dat het een kwestie van referentiekaders is waardoor je die sound erin hoort. Er is geen directe invloed, maar ik realiseerde me dat de muziek waar ik het meest naar terugkeer vaak de rauwe toegankelijkere, melodieuze en simpele black metal is. Ik ben een beetje moe van moderne black metal om heel eerlijk te zijn. Behalve tal van oude Griekse en Noorse black metal luister ik bijvoorbeeld naar oude Sargeist en vele andere Finse black metal bands, ook een band als Shroud of Satan die hele simpele catchy muziek speelt maar met het juiste gevoel en rauwe black metal zoals de labels Black Gangrene, the Throat en Signal Rex uitbrengen. Maar heel vaak heb ik een muzikaal idee, maar komt er heel wat anders uit. Mystagogue klinkt naar mijn mening als geen andere band.

Je hebt al verscheidene niches binnen black metal bewandeld. Zo breng je met Hagetisse ruwe black metal, Golden Ashes is eerder atmosferische en door synths gedreven black, je hebt de avantgarde-klanken van Cloak Of Altering en De Magia Veterum, Grand Celestial Nightmare gaat dan weer eerder de symfonische toer op en Mystagogue produceert een modern Amerikaans geluid. Zijn er bepaalde black metal substromingen waar je een hekel aan hebt en die je wellicht nooit zelf muzikaal zal verkennen?
Oeh, je doet mijn hart zeer door de term ‘modern Amerikaans geluid’ in de mond te nemen. Alles wat ik doe, vind ik altijd vrij old school, of het is een hommage aan een bepaalde oude stijl. Ik heb helemaal niets met nieuwe black metal. Ik geloof dat dat niet voor mij is. Heel veel nieuwe black (behalve vaak de raw black metal dingen) klinken ‘slap’. Het is wel goed geproduceerd en ze spelen goed maar het mist iets: ‘het’ gevoel, venijnigheid, iets zieks, iets echt duisters. Ik hoop dat Mystagogue dat een beetje heeft. Ik hou van black metal die klinkt alsof hij gemaakt is door een freak, die niet helemaal goed bij zijn hoofd is, er dubieuze opvattingen op nahoudt en bij zijn moeder in de kelder woont. Niet de black metal die klinkt alsof ie gemaakt is door intellectuelen, kunstacademiestudenten of ex-hardcore lui. Die is niet voor mij.

Oei en ik vind “Here in the white silence of the dawn“, door de positieve vibe die het nummer uitstraalt, zelfs wat naar oude-Deafheaven neigen. Godslastering waarschijnlijk?
Oe..ai ai..Deafheaven is inderdaad een beetje wat ik hierboven bedoelde haha. Neen, daar ben ik geen fan van. Ja, het nummer bevat wat majeurakkoorden maar naar mijn mening klinkt het eerder triomfantelijk.

Je hebt wel een punt. ‘Modern Amerikaans geluid’ is misschien wat fout verwoord. Ik doelde eerder op een sound die neigt naar wat vele nieuwere Amerikaanse bands doen maar waarvan het geluid duidelijk gestoeld is op oude bands.
Ah OK, …dat is beter.

A nacreous-tinted halo of bright sorrow” bevat een spoken word-sample. Wat is de bron van dit fragment en waarom past het bij dit specifieke nummer?
Dat ben ik zelf en het is een klein stukje uit een gedicht van Gustav Flaubert ‘The dance of death‘. Ik heb die tekst vaker gebruikt bij Gnaw Their Tongues. Hij heeft een geweldige sfeer en ik vond die passages passen bij dit nummer.

And the darkness was cast out into the wilderness” verschijnt via Vendetta Records, een label dat ik perfect bij deze muziek vind passen. Heb je lang moeten zoeken naar een geschikte labelpartner?
Neen, ik heb een paar mails rondgestuurd en Vendetta reageerde vrijwel meteen. En ja, veel toffe black metal met de juiste sfeer op het label, dus dat matchte wel.

Was Mystagogue een éénmalig iets of ben je van plan nog een vervolg aan het debuut te breien?
Neen, zeker niets eenmalig. Ik heb al schetsen voor nieuwe nummers. Maar eerst maar eens kijken wat de plaat doet, oefenen, optreden en dan voorzichtig aan nieuwe materiaal werken.

Je bent enkele maanden geleden vader geworden. Wat doet het vaderschap zoal met een mens en kijk je nu anders tegen de wereld en de mensheid aan?
Het slokt bijna alle vrije tijd op hehe, maar eigenlijk is er niets veranderd aan mijn kijk op de dingen. Kan nog komen natuurlijk, maar ik ben volgens mij niet veel veranderd, misschien nog grumpier door slaaptekort. Ik maak me iets meer zorgen over ‘de staat van de wereld’ want je wilt natuurlijk dat je kind ook een normaal leven mag hebben. Maar ik ben nog steeds geen fan van de mensheid.

Ten slotte nog enkele vragen met betrekking tot je erg uitgebreide discografie. Op welke release ben je het meest trots en waarom?
Erg moeilijke vraag!. Ik heb zoveel gemaakt! Deze vraag zou ik elke dag anders beantwoorden.
Gnaw Their Tongues’ “All the dread magnificence of perversity” is gemaakt in een rare geestelijke periode. Die plaat is erg donker en heel spontaan ontstaan. Er is weinig over nagedacht, die is er zo in één keer uitgekomen, dat zijn vaak de mooiste platen. Erg zieke sfeer…oprecht ‘naar’…goed gelukt.
De Magia Veterum’s “The divine antithesis” is een compositorisch hoogtepunt. Ik heb er erg lang aan gecomponeerd, zowel de muziek als de teksten. Beide zijn erg complex.
Seirom’s “1973” is niet echt black metal (eerder shoegaze, ambient, drone), maar een zeer persoonlijke dubbelplaat. Ook erg goed gelukt naar mijn mening.
Gnaw Their Tongues’ “Genocidal majesty” is een meer recenter werk, maar ook echt een overgangswerk. Bijna geen black metal meer, meer industrial en power electronics. Bijna in zijn geheel vormgegeven met abstracte geluiden. Nare nare misantropische plaat.

Is er een release waar je echt niet meer achterstaat en die je ooit volledig zou willen overdoen?
Niet echt. Er zijn wel wat productionele beslissingen op platen die ik opnieuw zou willen doen. Of bepaalde platen die ik echt te snel en nonchalant heb gemixt maar ik heb geen muzikale beslissingen waar ik spijt van heb.

Wat is je meest populaire project en release?
Gnaw Their Tongues is waarschijnlijk het meest populaire. Welke release weet ik niet. Gnaw Their Tongues dingen verkopen bijna allemaal wel goed. All het oude werk is uitverkocht.

Als je je muzikale bezigheden tot één project zou moeten beperken, het welke zou dat dan zijn?
Onmogelijk..zo wil ik niet leven haha.

Welk eigen nummer zou men op je begrafenis moeten spelen?
Seirom’s “C major

Worsen – Over de onaangenaamheden en hindernissen in het leven

Eén van mijn favoriete éénmansbands is Worsen, opgericht door de in Noord-Carolina gebaseerde multi-instrumentalist Rick Contes die sommigen onder jullie misschien ook wel kennen van het fantastische Ayr, Votnut en Young and in the Way. Vijf jaar geleden wist Rick me omver te blazen met Worsen’s eerste EP “Blood“. Na enkele jaren radiostilte keert Worsen eindelijk terug met een volwaardige plaat getiteld “Cursed to witness life“. Het betreft een sombere en agressieve rit van veertig minuten waarvan het schrijfproces voor de Amerikaanse muzikant een heel persoonlijke en cathartische ervaring was. (JOKKE)

The English version of this interview can be found here.

Hallo Rick, het duurde verscheidene jaren om met een eerste volwaardige langspeler op de proppen te komen. Op welke manier was “Cursed to witness life” een moeilijke bevalling?
Toen ik Worsen in 2012 oprichtte, was het niet meteen mijn bedoeling om een langspeler te schrijven. Ik nam enkele demo’s op die echter nooit werden uitgebracht en twee jaar later verscheen de EP en nadien nog een split-tape met Whitewurm. Ik was die periode ook erg actief bezig met enkele andere bands waardoor mijn tijd om aan Worsen te spenderen beperkt was. Worsen was toen ook niet mijn prioriteit. Bovendien is het een uitdaging om op je eentje muziek te schrijven. Een tamelijk zelf-kritisch proces ook.

Worsen is een éénmansband hoewel je ook deel uitmaakt van bands waarin je wel met andere muzikanten samenwerkt. Waarom koos je het pad van de eenzaat voor Worsen? Wat zijn de voor- en nadelen van deze werkwijze?
Het allergrootste voordeel aan alleen werken, is de mogelijkheid om muziek in mijn eigen home studio op te nemen. Ik heb al menig uur gespendeerd aan het samen muziek schrijven, opnemen en spelen, waardoor ik behoefte had aan een muzikale uitlaatklep waarin ik alle beslissingen zelf kon maken, zonder dat ik met anderen diende te overleggen of verplicht zou zijn om live te spelen.

Ik hoor heel wat gelijkenissen qua sound met Mgła en Uada, twee bands die momenteel heel populair zijn, maar ook van een Nachtmystium en het Zweedse Dissection hoor ik wel wat invloeden doorschemeren. Kan je leven met deze referenties?
Zoals je zelf zegt, zijn deze bands heel populair vandaag. Volgens mij maken mensen de vergelijking met Mgła simpelweg omdat zij één van de bekendste hedendaagse black metal bands zijn en de tijd niet nemen om een plaat in zijn geheel te beluisteren of verder te graven dan één song. Ik versta de algemene vergelijking echter wel. Nachtmystium en Dissection zijn twee bands die ik erg goed vind en waarvan ik de referentie apprecieer. Om hun invloeden te horen, moet je al aandachtiger naar mijn muziek luisteren.

(c) Justin Driscoll

Ik vind Worsen een perfect voorbeeld van hoe black metal anno 2019 kan klinken zonder generiek te zijn of oudere bands te kopiëren. Welke nieuwe bands beschouw jij ambassadeurs van moderne black metal?
Bedankt voor het compliment. Wat nieuwe(re) bands betreft, moet ik denken aan Whoredom Rife, Misþyrming, Sinmara en One Tail One Head. Buiten deze wordt het al moeilijker om aan name dropping te doen. Ik ben momenteel wel volledig in de ban van de Amerikaanse band Dark Blue die dit jaar het geweldige “Victory is rated” uitbrachten. Ook Whipstriker uit Brazilië is een aanrader. Zij brachten vorig jaar een fucking geweldige plaat uit die “Merciless artillery” heet.

Toch nog niet aan gedacht om met Worsen op te treden? Ik geloof echt in het potentieel van de band dat door live te spelen enkel maar kan toenemen.
Ik ben het ermee eens dat live spelen goed is voor het bewustzijn van de muziek en de zaken naar een ander niveau kan tillen, maar op dit moment ben ik hier niet geïnteresseerd in.

De album- en enkele van de songtitels klinken vrij pessimistisch en de plaat blijkt ook heel persoonlijk te zijn voor jou. Voel je je beter nu de muziek uit je systeem is?
Elke muzikant voelt zich beter nadat muziek waaraan jaren lang werd gewerkt uitgebracht wordt. Dit is zeker en vast een soort van ‘therapie’ voor mij, wat waarschijnlijk voor de meeste muzikanten zo is. Op “Cursed to witness life” zing ik over tal van negatieve zaken waarmee ik de voorbije jaren af te rekenen kreeg, maar de plaat handelt voor het grootste deel over de pijn die ik ervoer toen ik mijn broer langzaamaan zag sterven aan kanker. Dit maakt het dan ook zo’n persoonlijke en cathartische plaat.

Hoewel “Cursed to witness life” zeker zijn agressieve momenten heeft, merkte ik toch een evolutie naar een meer melodieus geluid op. Ging je bewust op zoek naar meer zachtere invloeden om zo de dynamiek te bevorderen en met contrasten te spelen?
Met de nieuwe plaat had ik inderdaad meer focus op gitaarmelodieën, harmonieën en songstructuren. Dit gebeurde echter niet bewust dus je kan best wel van een natuurlijke progressie spreken. Ik schrijf wat ik op dat moment voel. Mijn volgende plaat zou gerust veel ruwer kunnen klinken.

Welke gitaristen beïnvloeden je melodieuze solo’s en leads?
Ik ben altijd een grote fan geweest van The Devil’s Blood en hoewel ik nooit zo’n goede gitarist als Selim Lemouchi zal zijn, beschouw ik zijn gitaarspel wel als een invloed. Daarnaast ook een band zoals Taake. My Dying Bride en Failure zijn erg belangrijk voor mij op gebied van solo’s en leads.

Op de cover van zowel de EP als de langspeler, zien we een dierenschedel. Ben je een verzamelaar?
Er loopt een rode draad doorheen het artwork van beide platen die deel uitmaken van een trilogie. Ik ben zelf geen verzamelaar, maar mijn oude band bezat een grote collectie aan beenderen en schedels die op het podium gebruikt werden. Het zijn deze die ook op de albumhoezen te zien zijn. “Blood” draait om ‘geboorte’ of om een manier waarop we geforceerd in deze wereld terecht komen. Je kan zien dat ik de schedel stevig met mijn handen vasthoudt op een manier waarbij het lijkt alsof hij aan iets geofferd wordt. Op de cover van “Cursed to witness life” zie je een kaars bovenop de schedel branden en kaarsvet naar beneden druipen, omring door vuil en modder. Dit representeert in zijn essentie de onaangenaamheden en hindernissen van het leven. Het levensvuur dat brandt en al haar shit over ons uitstrooit. Uiteindelijk zal deze vlam uitdoven.

Cursed to witness life” wordt op je eigen label The Hell Command uitgebracht. Betreft het een nieuwe label of een verderzetting van het stopgezette Atrum Cultus label?
Een beetje alle twee eigenlijk. The Hell Command is een nieuw label, maar ik besloot om ook enkele releases van Atrum Cultus beschikbaar te maken.

Welke andere bands heb je getekend en wat kunnen we in de nabije toekomst van het label verwachten?
Ik bracht een tape uit ven een band uit Greensboro, NC genaamd BloodRitual en een cassette voor een uit Willmington, NC afkomstige hardcore band genaamd Invoke. In de nabije toekomst zal ik me voornamelijk focussen op het uitbrengen van mijn eigen muziek. Alvorens een nieuwe Worsen-plaat uit te brengen staan er nog releases van enkele andere persoonlijk gerelateerde projecten zoals Ayr en Raw Hex gepland.

Via welke Europese distributeurs kunnen we aan jouw label releases geraken?
Geen enkele op dit ogenblik, maar daar zal snel verandering in komen. Mijn vriend Georgios (Dodsrit, Nuclear Devastation) runt het label Wolves Of Hades vanuit Amsterdam en zal verscheidene van mijn releases verdelen.

Op Metal Archives las ik dat je andere band Ayr uit de dood is herrezen na een zevenjarig hiaat. Waarom werd Ayr gereactiveerd?
Ayr is een partnership met mijn vriend Randall. De stekker ging er nooit officieel uit, maar we belandden inderdaad wel in een lange non-actieve periode. We waren tussen 2012 en 2017 allebei erg actief in andere bands en hadden geen tijd vrij om aan Ayr te besteden. Hoewel we zes jaar geleden wel even de tijd hadden om drums en enkele gitaarpartijen op te nemen. Vorig jaar pikte ik de draad terug op in mijn studio en nam alle gitaren, bas, keyboards en zang op. De mix werd eerder dit jaar afgewerkt en ook de mastering is gebeurd. Het zal een plaat met vijf nummers in veertig minuten tijd worden die hopelijk rond de herfst zal verschijnen.

Zowel Worsen als Ayr maken deel uit van AC//13, een soort van ‘cirkel’ als ik het goed voorheb?
AC//13 was een verwantschap van gelijkgestemde muzikanten die in verscheidene projecten samenwerkten. Het ging om Young and in the Way, Worsen, Ayr, Votnut en Raven Mocker. Alle bands waren op een directe manier verbonden aan het Atrum Cultus label waarin alle muzikanten operationeel betrokken waren. Twee van de meest creatieve leden van AC//13 zijn echter niet langer met muziek bezig. Dit is één van de redenen voor de stopzetting van Atrum Cultus en de oprichting van The Hell Command.

Welke andere muzikale projecten zitten er nog in de pijplijn?
Ik speel gitaar bij Raw Hex, een verderzetting van de band Votnut. Er zal weldra een plaat uitkomen via Closed Casket Activities en we zullen ook shows spelen. Van Ayr komt de nieuwe langspeler “The dark” eraan. Daarnaast ben ik op nieuwe ideeën voor Worsen aan het broeden en ik ga ook samen met mijn vrouw een project beginnen. Ik zal me niet snel vervelen.