reviews

The True Werwolf – Devil crisis

Het verhaal van de Finse black metal-scene vertellen zonder Lauri Penttilä te vermelden, zou ongeloofwaardig zijn. De legendarische Fin is onder tal van pseudoniemen in een dozijn bands actief en tel daar gerust nog maar eens een verleden in minstens evenveel acts bij. De meest klinkende namen zijn Satanic Warmaster voor die eerste categorie en Horna voor de laatste. Onder de monniker Werwolf runt hij tevens zijn eigen label Werwolf Records en met The True Werwolf heeft de muzikant sinds 2012 nog een soloproject lopen dat met de regelmaat van de klok een resem demo’s, EP’s en splits uitpoepte. In 2020 werd het tijd voor het échte werk en verschijnt het debuut “Devil crisis” dat zes jaar in de maak was. Het verleden van The True Werwolf werd gevoed door een bloeddorstige voorliefde voor vampieren, middeleeuwse hekserij en mystiek. Op deze langspeler gaan de teksten ook de meer erotische en in “0373” zelfs kosmische tour op. Onze Satanic (Star)War(s)master is niet vies van een streep toetsen die afkomstig zijn van de handen van Tollhorn (Finntroll en Moonsorrow) en voor de drums werd de satanische medeplichtige terrorist Grond ‘opgetrommeld’. Het tien minuten durende “Thy deviant” is een knap staaltje met majestueuze keyboards doorspekte grimmige old school Finse black. Doorheen de introklanken van het op-en-top Fins klinkende “Spellbound” is één of andere betoverende spoken word sample geweven. In het nummer word verder geëxperimenteerd met sappige screams en diepere growls die synchroon samenlopen waarna vrouwelijk kreten voor een necro-sfeertje zorgen. Leuk weetje is dat de muziek van verschillende nummers oorspronkelijk soundtracks van videogames zijn. Zo werd de melodie van “0373” gecomponeerd door de Japanner Naoki Kodaka voor het spel “Journey to Silius” en in het geval van “Chi no namida” werd de compositie “Bloody tears” van Kenichi Matsubara van “Castlevania II: Simon’s quest” inclusief een Duitse dialoog uit “Castlevania Dracula X” in een zwartmetalen jasje gestoken. Het zorgt voor menig catchy oorwurm wat een leuke meerwaarde geeft aan een band die voor de rest weinig verschillen baart met hoofdbezigheid Satanic Warmaster. Enkel het afsluitende “Magick fire” dat een jaren ’80 speed metal vibe heeft, is te cheesy voor mij en doet wat afbreuk aan een voor de rest geslaagde plaat. Leuk spul voor liefhebbers van oude Finse symfonische black en/of Japanse videogames.

JOKKE: 81/100

The True Werwolf – Devil crisis (Wrewolf Records 2020)
1. My journey’s under the battlemoon
2. Thy deviant
3. Spellbound
4. Chi no namida
5. 0373
6. The witch of my heart
7. Magick fire

Treurwilg – An end to rumination

Of het nou lag aan de Nederlandse bandnaam of het logo, om één of andere reden nam ik aan dat dit een black metal schijf zou zijn. Ik was dus enigszins verbaasd toen bleek dat de Tilburgers van Treurwilg eigenlijk een soort slepende doom metal spelen. Met deze release in eigen beheer zijn ze, naar vier jaar stilte, toe aan hun tweede studio album. Hoewel je op basis van hun bijgevoegde biografie, de term “studio album” moet nuanceren. De heren delen namelijk mee dat het allemaal min of meer live werd opgenomen met een minimum aan overdubs of opsmuk en dat de vijf nummers dienen gezien te worden als één enkel stuk over angst, zwakte en de mogelijke overwinning op deze emoties. Vandaar waarschijnlijk ook het unieke cover artwork, welke vermoedelijk een kunstzinnige representatie is van de voornoemde gevoelens, maar voor mijn ogen teveel lijkt op een eindwerk aan de kunsthumaniora. Kortom, een ambitieuze aanpak, die niet helemaal heeft geloond. Hoewel ik veel respect heb voor bands die dit doen en daarmee het verschil tussen opname en live performance verkleinen, heb ik daar als luisteraar en recensent gewoon niet geweldig veel aan. Zeker niet als het muziek betreft die had kunnen profiteren van een betere sound en een paar extra takes. Begrijp me niet verkeerd, het is allemaal zeker niet slecht en als dit niveau effectief live wordt gehaald, dan prima… maar onder deze omstandigheden, ben ik toch niet geheel overtuigd. Daarvoor is de sound soms wat te modderig, het spel hier en daar niet strak genoeg en zijn de nummers vaak wat te langdradig. Dit laatste is, volgens mij dan, vooral te wijten aan de lang uitgerokken tokkels en de nogal eentonige drums. Deze zijn ook weer absoluut niet slecht te noemen, maar ze missen gewoon de inventieve afwisseling en sfeervolle klank die broodnodig is om dergelijke lange tracks interessant te houden. Iets wat misschien anders was geweest met een modernere aanpak achter de knoppen. De zeer sterke strot van zanger/gitarist Rens draagt heel veel op dit album. Enkel wat sneu dat er geen cleane zang te horen is. Goede toonvaste vocalen, op die tokkels bijvoorbeeld, hadden een meerwaarde kunnen betekenen. Een speciale vermelding blijkbaar voor Faal- en Fenadorn keyboardiste Catía, die de nummers aan elkaar rijgt met synth outros die, jammer genoeg, niet bijzonder indrukwekkend zijn qua sound of compositie. Weliswaar met als uitzondering, de laatste twee mooie minuten van afsluiter “Shallow pools of Grief“. De beste stukken op het album vind ik terug in het meer up-tempo “The fragility of mankind“, een nummer dat dan toch wat flirt met atmosferische black, en het funeral doom geïnspireerde “Myosotis“. Dit is een album dat, ondanks enkele tekortkomingen, veel belooft voor de toekomst en ik hoop dan ook van harte dat Treurwilgs volgende opus de knaller is waar “An end to rumination” naar hint.

Xavier: 69/100

Treurwilg – An end to rumination (Eigen beheer 2020)
1. Fragility of mankind
2. In ruin and misery
3. Myosotis
4. I
5. Shallow pools of grief

Nawaharjan – Lokabrenna

Het Duitse Nawaharjan is zo’n band die duidelijk niet over koetjes en kalfjes zingt, maar wilt dat diens muziek stevig verankerd is met een overkoepelend thema. In het geval van “Lokabrenna“, het volwaardige debuut dat negen jaar na de EP “Into the void” verschijnt, betreft het een conceptueel werkstuk gebaseerd op het uit de Germaanse mythologie stammende “Thursian Brandawegiz”-systeem, een soort mix van heidendom en satanisme waarbij destructieve/negatieve krachten (‘Thursar’) worden vereerd in plaats van goden (‘Æsir – Ásatrú’). Elk van de negen nummers is een hymne die opgedragen wordt aan Loki en de albumtitel die vertaald kan worden als “Loki brandt” is de Scandinavische naam voor de ster Sirius die volgens de Brandawegiz-traditie wordt geassocieerd met de bevrijdende krachten van Loki en de vernietiging van de kosmos tijdens Ragnarök. Wie meer over dit onderwerp wilt weten, kan enkele boeken van de Zweed Johan S. Lahger, beter bekend als Shamaatae van Arckanum, opsnorren. Niet toevallig is deze Zweedse pioniersband de eerste referentie, zowel qua muziek als zang, die in mijn gedachten opkomt wanneer het korte “Warassuz” meteen met volle kracht uit de boxen knalt. Naarmate de plaat vordert hoor ik ook steeds meer en meer invloeden van een Misþyrming doorschemeren, vooral door de opzwepende zang en tempo’s. Met nummers van gemiddeld zo’n 6 à 7 minuten speelduur verwachte ik de nodige dynamiek, maar op dat vlak kom ik bedrogen uit want Nawaharjan laat hier bijna één uur lang hetzelfde kunstje horen waardoor de verveling al gauw toeslaat. Zo heb ik bv. enkel door de seconde stilte tussen “Thwerhanassuz” en “Umbibrautiniz” door dat er een ander nummer ingezet werd. De drummer kiest in de snelle passages bijna steevast voor een up-tempo single kick drumbeat die we na een nummer of drie wel gehoord hebben. Het militaristisch klinkende snaredrumpatroon dat in “Thwerhanassuz” opduikt, klinkt hierdoor als een verademing. Naar adem happen is iets waar de vier gesluierde muzikanten weinig oog voor hebben, want zowel de vocalen als de gitaren en drum vechten voortdurend voor een plaats vooraan in de mix waardoor finesse en details verloren gaan. En ondanks het soms epische karakter van de lange nummers is er zoals gezegd heel weinig dynamiek. Af en toe schakelt het viertal wel eens een versnelling lager, maar aan het einde van de rit blijft daar niet veel van hangen want ik heb het gevoel naar een constant voortrazende plaat geluisterd te hebben. Slecht is het allemaal niet en er passeren naast de best ferme hekkensluiter “Hradjungo” wel enkele knappe Zweeds aandoende riffs, maar zelfs na meerdere luisterbeurten wil de mayonaise bij mij niet echt pakken.

JOKKE: 73/100

Nawaharjan – Lokabrenna (Amor Fati Productions 2020)
1. Warassuz (Awareness)
2. Maino (Intention)
3. Skuwwe (Reflection)
4. Ūtfurskō Exploration)
5. Sunjo (Realization)
6. Thwerhanassuz (Opposition)
7. Umbibrautiniz (Transformation)
8. Thrawo (Suffering)
9. Hradjungo (Liberation)

Blaze Of Perdition – The harrowing of hearts

Vijfde langspeler alweer voor het Poolse Blaze Of Perdition, een band die zich in het overvolle occulte en orthodoxe black metal genre gestaag naar de top aan het werken is middels een reeks uitstekende platen. “The harrowing of hearts” komt er drie jaar na “Conscious darkness“, een periode waarin de band van Agonia Records naar het grote Metal Blade verkaste en waarin drummer DQ (ex-Mord’A’Stigmata en Arkona) en gitarist M.R. (In Twilight’s Embrace) aan boord gehesen werden om de oorspronkelijke kern bestaande uit zanger Sonneillon en gitarist XCIII te vervolledigen. De “The harrowing hearts” klokt op een pittige 52 minuten af en bevat naast zes nieuwe eigen composities in de vorm van “Moonchild” ook een cover van Fields of the Nephilim. De gothrock van deze grootmeesters heeft trouwens duidelijk haar sporen nagelaten in de black van de Polen. Dat maken de eerste twee nummers “Suffering made bliss” en “With madman’s faith” meteen duidelijk door meer op warmbloedige atmosfeer en mid-tempo melodieën in te zetten waarbij de meer rock-georiënteerde drumstijl van de nieuwbakken vellenmepper goed tot zijn recht komt. Een zeer gesmaakte nieuwe invalshoek wat mij betreft. Met “Transmutation of sins“, de eerste vrijgegeven single voor de nieuwe plaat, wordt terug wat sneller van leer getrokken hoewel deze song zich ook al snel ontplooit tot een melodieuze kraker met een erg aanstekelijk meezingbaar refrein. Blaze Of Perdition is duidelijk toegankelijker geworden en begint wat naar recente Nachtmystium te neigen. Halfweg de plaat valt “Królestwo Niebieskie” op door de Poolse teksten waar we geen jota van verstaan – terwijl de screams van Sonneillon wanneer hij Engels uitbraakt vrij goed te volgen zijn – wat een gesmaakt exotisch kantje toevoegt aan het nummer dat opnieuw aan goth rock ontleende ritmes en melodieën bevat waarin ook een belangrijke rol voor de stuwende basgitaar is weggelegd. “What Christ has kept apart” zoekt wederom de aanstekelijkheid van “Transmutation of sins” op en weet op je gevoel in te spelen middels slepende leadgitaren en infectieuze melodieën. Het meer dan negen minuten durende “The great seduces” moet het hebben van bakken atmosfeer, Katatonia-achtige leads, onderhuidse spanning en subtiele post-rock invloeden. Zoals steeds het geval is bij deze Polen sluiten muziek, teksten (losjes gebaseerd op “The harrowing of hell“, de afdaling van Christus naar de onderwereld in de tijd tussen zijn kruisiging en wederopstanding, waarbij het menselijk hart vol angsten, duistere fantasieën en donkere verlangens symbool staat voor de hel) en artwork naadloos op mekaar aan. “The harrowing of hearts” is gemakkelijker verteerbaar dan de vorige platen en ligt goed in het gehoor met heel wat catchy nummers. Deze nieuwe richting voelt echter niet als een knieval richting commercie aan, maar laat zien dat Blaze Of Perdition steeds nieuwe invalshoeken zoekt voor haar kwalitatieve composities en haar black metal-origine hierbij herschaapt tot een beklijvende brok muziek met bredere invloeden.

JOKKE: 89/100

Blaze Of Perdition – The harrowing of hearts (Metal Blade Records 2020)
1. Suffering made bliss
2. With madman’s faith
3. Transmutation of sins
4. Królestwo niebieskie
5. What Christ has kept apart
6. The great seducer
7. Moonchild (Fields of the Nephilim cover)

Slaughter Messiah – Cursed to the pyre

Old School is the new black‘ moeten de heren van het Belgische Slaughter  Messiah hebben gedacht. Na een slordig decennium komt de band met onder meer Sabathan (ex-Enthroned) in de gelederen op de proppen met een eerste full CD die – als je de band kent – klinkt zoals je zou verwachten, namelijk ouderwetse thrash metal met wat black metal invloeden. “Cursed to the pyre” is een release volgens de klassieke thrashy regels van de kunst: knullige cover, opvallend geleende riffs hier en daar – luister bijvoorbeeld maar naar de track “Hideous affliction” –  en een geluid dat afwisselt tussen chaotisch en strak. Dat gezegd zijnde klinkt alles best treffelijk en is het duidelijk dat de band met de spreekwoordelijke volle goesting speelt en de instrumenten ook degelijk beheerst, waarbij vooral de goede vocalen opvallen. Helaas is elk nummer nogal volgens het boekje en is die herdruk wel enigszins afgezaagd. Begrijp me niet verkeerd, dit is hoegenaamd geen slechte release, maar de plaat had dertig jaar geleden gewoon meer indruk gemaakt op een versie van mezelf die dit nog geweldig vond. Dit soort ‘worship of days gone by‘ heeft zeker een plaats, maar is simpelweg niet aan mij besteed zonder ergens een vernieuwende toets en dit geldt trouwens voor eender welk genre. Uiteindelijk is dit misschien wel zo een band die staat of valt met hoe ze het op termijn live zullen waarmaken. Intussen kunnen mensen die niet genoeg krijgen van bands als Dark Angel dit zeker kopen. Verder zou ik aanraden om het een kans te geven en een eigen oordeel te vormen. 

Xavier: 75/100

Slaughter Messiah – Cursed to the pyre (High Roller Records 2020)
1. From the tomb into the void
2. Mutilated by depths
3. Pouring chaos
4. Hideous affliction
5. Descending to black fire
6. Pyre
7. The hammer of ghouls
8. Fog of the malevolent sore