reviews

Pan-Amerikan Native Front – Little Turtle’s war

Native Amerikanen en black metal hebben elkaar enkele jaren geleden al gevonden, maar stilaan begint er een kleine buzz rond deze niche te ontstaan. Naast de Black Twilight Circle met bands als Kallathon, Kuxuan Suum, Volahn , Axeman, Ashdautas en Arizmenda zijn er ook onbekendere acts als Gybiaaw of Morbitory en met Ifernach en Pan-Amerikan Native Front zijn er ook enkel bands die recent veel belangstelling kregen. Deze laatste twee brachten vorig jaar nog een split uit. Nu is het de beurt aan een tweede langspeler voor Pan-Amerikan Native Front getiteld “Little Turtle’s war” die het debuut “Tecumseh’s war” uit 2016 opvolgt. Met strijdlustige (ninja)schildpadden heeft “Little Turtle’s war” niets van doen, maar dat had u waarschijnlijk al door. De titel verwijst naar de bijnaam van Michikiniqua, een legendarische Amerikaanse inheemse leider. Hij was een commandant, militaire strateeg en gemeenschapsleider en het album vertelt het relaas van de militaire successen van de Westelijke Confederatie onder leiding van Little Turtle en Blue Jacket die tussen 1785 en 1795 plaats vonden in het gebied van the Great Lakes. Zo leidde Michikiniqua samen met Weyapiersenwah tijdens de Slag om de Wabash een leger van inheemse strijdkrachten naar de grootste overwinning ooit tegen een Amerikaans leger. Het nummer “Michikiniqua’s triumph” handelt over deze gebeurtenissen aldus Kurator Of War, de man achter Pan-Amerikan Native Front. De titel van het laatste nummer “Nakaaniaki meehkweelimakinciki” betekent zo veel als “We herinneren de oude” en tot op de dag van vandaag kun je Michikiniqua’s grafsteen vinden in Fort Wayne in Indiana. Bij dergelijke thematiek verwachten we natuurlijk een exotische kruiding van de black metal die ons voorgeschoteld wordt. We horen inderdaad kabbelende beekjes, tsjirpende krekels, oorlogsdrums (o.a. in het korte instrumentaaltje “The whispering oak“) en pakkende akoestische klanken en het laatste nummer wordt volledig in de inheemse taal Myaamia vertolkt, maar van ons mocht hier gerust nog een stapje verder in gegaan worden. De black metal die de kwade Kurator Of War op ons afvuurt klinkt triomfantelijk en oppeppend en vertoont in nummers als “Power of the Calumet dance” en “Battle of the Wabash” ook kleine warmetaltrekjes door de robuuste drumstijl die gehanteerd wordt. In “Michikiniqua’s triumph“, waarin traditionele inheemse gezangen hun opwachting maken, gaat de man met Mexicaanse roots echter voor een wat meer swingendere aanpak wat resulteert in een minder hoekig songkader en een meer dynamische songstructuur. Het levert één van de betere nummers van de plaat op. “The great white beaver lurks” kent een wat sterielere aanpak en injecteert een koude realiteit voor Michikiniqua want een invasie is op til. Op zich klinkt Pan-Amerikan Native Front niet zó bijster speciaal of uniek of het moest in de reeds vermelde, meer dan negen minuten durende epische afsluiter zijn waarin we echt een wondermooi akoestisch intermezzo te horen krijgen dat even rust brengt in de opzwepende blackmetalklanken. Op deze momenten weet de band écht te overtuigen. Wanneer de warmetalinvloeden doorschemeren, doet het me net iets minder ook al is het de soundtrack voor een leger indianen dat ten strijde trekt. Maar beoordeelt u vooral zelf.

JOKKE: 79/100

Pan-Amerikan Native Front – Little Turtle’s war (Stygian Black Hand/Les Fleurs du Mal/Death Kvlt Productions 2021)
1. Assembly of the Western confederacy
2. Power of the Calumet dance
3. Battle of the Wabash
4. The whispering oak
5. Michikiniqua’s triumph
6. The great white beaver lurks
7. A witness
8. Nakaaniaki meehkweelimakinciki

Kastijder – Kastijder

Het woord kastijden bestaat al meer dan duizend jaar in het Nederlands. In de oudste vormen stond een ‘g’ in plaats van een ‘d’: ‘kestigon’, ‘kestegoda’. Het woord gaat namelijk terug op het Latijnse ‘castigare’ dat ‘berispen’, ‘terechtwijzen’, ‘straffen’, ‘tuchtigen’ betekent en waarschijnlijk verband houdt met ‘castus’ (‘zuiver, kuis’). De ‘g’ verdween in de Nederlandse uitspraak (‘castiën’, ‘castyen’) en later kwam daar een ‘d’ voor in de plaats, waarschijnlijk onder invloed van de verledentijdsvorm. Na dit linguïstisch weetje, gaan we over naar de blackmetalband Kastijder en diens eerste self-titled demo, zeg maar gerust een nieuwe revelatie op gebied van NLBM. Want mijn God, al van meet af aan weet de openingsriff van “Toorts in het duister” ons zwartgeblakerde hart in vuur en vlam te zetten. Voeg daar nog een fikse scheut Gehenna-achtig toetsenwerk aan toe en we zitten helemaal gebeiteld voor 23 minuten old-school black metal die ons terug teleporteert naar midden jaren ’90 en diens symfonische blackmetalklassiekers als “Stormblåst“, “Seen through the veils of darkness” en “Malice“. Het hoesontwerp van Gustave Doré maakt het plaatje helemaal af. Ook landgenoten Tirgûl eren het roemrijke verleden van de band rond Sanrabb en Dolgar, maar waar zij zich doorgaans richten op het geluid van diens “First spell“, klinkt Kastijder iets ruiger (hoewel ook hier doorgaans mid-tempo gemusiceerd wordt), wat dus meer in lijn ligt met het vermelde second and third spell. In de vocale aanpak en gitaarmelodieën waart ook een soort van triomfantelijk oostblokgevoel rond. Het organische geluid van deze demo is perfect in balans en legt de nadruk op de majestueuze toetsen wanneer dat nodig is zonder de grimmige riffs echter onder te sneeuwen. Uitermate geslaagde demo die me ook doet terugdenken aan de twee eerste begeesterende demo’s van ons eigenste Gotmoor (waarover later meer), maar dan met meer prominent aanwezige toetsen. Kastijder katapulteert zich hiermee meteen naar de top van mijn want list. Te scoren via New Era Productions. Who else?

JOKKE: 90/100

Kastijder – Kastijder (New Era productions 2021)
1. Toorts in het duister
2. Nabij is het hellegezang ​
3. Satans spelonk
4. In den kiel gesmoord
5. Slechts vuur in de ogen

Dolchstoss – Dolchstoss

De Dolkstootlegende – in het Duits “Dolchstoßlegende” of “Dolchstoßlüge” – is een bekende complottheorie die tussen de beide wereldoorlogen vooral onder de nationalisten en conservatieven in Duitsland leefde. Het idee werd gevoed dat de Eerste Wereldoorlog niet op het slagveld verloren was, maar doordat de linkse revolutionairen het land met hun Novemberrevolutie hadden ondermijnd en vervolgens een (linkse) burgerlijke regering aan de macht hadden gebracht die het bevel aan de legerleiding gaf om de strijd te staken. De sociaaldemocraten en andere ‘interne vijanden’, onder wie de Joden, links-revolutionaire bewegingen en de kleurloze massa, dan wel burgerbevolking, hadden Duitsland aldus een ‘dolkstoot’ in de rug gegeven. De dolkstoot inspireerde reeds een Amerikaanse industrial en Duitse oi band en dichter bij huis vond ook een stel blackmetalmuzikanten het een geschikte naam voor hun muzikale uitwasemingen die over de dood en vernieling van Wereldoorlog I handelen. Ik meen een idee te hebben van enkele leden die achter Teutoonse schuilnamen als Otto Grimminger, Wolff Ott of Karl Schmidt-Hammer en de bijhorende gasmaskers verborgen zitten. Hoewel Antifa zijn messen waarschijnlijk al aan het slijpen is, vermoed ik dat we hier veeleer over oorlogsfascinatie in plaats van -verheerlijking mogen spreken. “Don’t mention the war!” Het zal Dolchstoss ongetwijfeld worst wezen. In een tijdspanne van 19 minuten krijgen we naast een intro en outro met oorlogsgerelateerde spoken word samples vier volwaardige blackmetalsongs toebedeeld die je als een panzertank vakkundig platwalsen. De snedige gitaarriffs klinken als allesverschroeiende vlammenwerpers, maar verliezen toch ook de melodie niet uit het oog, en de zanger lijkt wel een portie yperiet ofte mosterdgas (zowat het meest onmenselijke en ontwrichtende wapen van de Eerste Wereldoorlog) uit te ademen. De zweep gaat er tijdens de dodenmars tempogewijs goed op met hier en daar een panzer division Marduk spurtje dat getrokken wordt. Met deze opzwepende soundtrack ter beschikking hadden de soldaten er in de Westhoek destijds waarschijnlijk minder lang over gedaan om enkele honderden meters land te heroveren. “On Flemish soil” bezit een heerlijke punky Impaled Nazarene vibe terwijl het kwintet in een nummer als het afsluitende “Guttering, choking, drowning” dan weer mid-tempo door de loopgraven en dodenakkers ploetert. Deze nieuwe orde van vuur en staal zendt met deze eerste demo Überzeugende Grüße von der Front!

JOKKE: 80/100

Dolchstoss – Dolchstoss (Iron Scourge 2021)
1. … Wenn es einig war
2. On Flemish soil
3. Yperite dawn
4. Flamethrower deathcult
5. Guttering, choking, drowning
6. Todesmarsch

Necromantical Invocation – Dogme et rituel de la haute magie

Het Belgische Medieval Prophecy Records staat met beide voeten diep in de Belgische ondergrond geworteld, maar weet zo nu en dan ook undergroundspul uit internationale wateren op te vissen. Dat is ook nu weer het geval (en voor de gelegenheid in samenwerking met het eveneens Belgische Zombi Danz Records) met Necromantical Invocation, een Helleense blackmetalband die in 2014 werd opgericht door Echetleos. De man is niet aan zijn proefstuk toe en deed reeds ervaring op bij o.a. Ithaqua, Cades Cruenta en Kawir. Na enkele jaren in de schaduw rond gesluimerd te hebben, komt Necromantical Invocation met een (vreemd genoeg) Frans getitelde demo op de proppen die doet vermoeden dat het hier thematisch gezien niet over koetjes en kalfjes gaat, zelfs niet over gehoornde bokken en anaal genomen geiten in dit geval. “Dogme et rituel de la haute magie” behandelt onderwerpen als necromantie, hekserij, ceremoniële magie en waarzeggerij en bevat een Griekse spoken word intro en outro, waarbij de vrouwenstem wat aan Cadaveria van Opera IX doet denken. Daar ik destijds wiskunde en economie boven Latijn en Grieks prefereerde, versta ik spijtig genoeg geen jota van wat er meegedeeld werd. In het titelnummer is een nog meer theatrale rol voor de vrouwelijke vocalen weggelegd waardoor zelfs een Diamanda Gallas even vanachter een Griekse zuil komt piepen. “Necromantical ritual” en de titelsong zijn composities van respectievelijk tien en vijftien minuten en laten een grote variatie aan invloeden en stijlen horen. De blackmetalklanken van “Necromantical ritual“, waarin een prominente rol voor de basgitaar en toetsen is weggelegd, verraden geen Scandinavische invloeden, maar hebben een eerder mediterrane flair. Denk aan Necromantia en Mortuary Drape, maar ook wel wat aan oude Samael. Tussen deze old-school elementen en de lekker sappige rochelscream zit echter ook heel wat avant-garde en theatraliteit verborgen (zoals bv. bij een Sigh), net als dark ambient, dungeon synth en invloeden uit klassieke muziek. Echetlos laat zich dan ook door een klein leger aan gastmuzikanten bijstaan voor het inspelen van o.a. de drums, piano, viool en saxofoon. Die laatste roept in het haast als een Griekse rituele tragedie klinkende titelnummer, waarin de blackmetal achterwege blijft, een macabere atmosfeer op die herinnert aan de experimentele nummers van Carpathian Forest, een band die ook niet vies was van het gebruik van dit blaasinstrument. De wisselwerking tussen de verschillende vocale stijlen (gefluister, theatrale vrouwenzang, creepy mannenstem), de mediterrane akoestische klanken, de treurende viool, beladen toetsen, licht-erotische saxofoon en het haast freestylen op de basgitaar creëert een hoogst intrigerend spanningsveld. Het mysterie en de magie druipen dan ook als dik kaarsvet van deze uitermate geslaagde demo af. Ik vraag me af of Necromantical Invocation ook in de toekomst zowel voor de traditionele blackmetal- als de theatrale avant-garde aanpak (die ongetwijfeld niet bij iedereen in de smaak zal vallen) zal blijven gaan. “Dogme et rituel de la haute magie” is een mooi eerbetoon geworden aan Baron Blood, de op 20 november 2019 aan een hartaanval overleden bassist die het meest gekend is van zijn werk bij de Griekse blackmetalpioniers Necromantia. Hulde!

JOKKE: 86/100

Necromantical Invocation – Dogme et rituel de la haute magie (Zombi Danz records/Medieval Prophecy Records 2021)
1. Nυχτερινή Επίκληση
2. Necromantical ritual
3. Dogme et rituel de la haute magie
4. Αι Σκιαί Του Άδου

Niaisny – Zastyły miesiac

In de meest recente batch van Medieval Prophecy Records zit een demotape die vanuit Wit-Rusland komt aangewaaid. Niaisny is de band van dienst, een naam die me niets zegt, kan ook niet anders want “Zastyły miesiac” is het eerste teken van leven. Wie er achter deze band schuilgaat kan ik niet zeggen en ook de tracklist is nietszeggend. Hoewel er wel degelijk meerdere separate tracks zijn, vallen er geen titels te ontdekken en ook Metal Archives en Discogs brengen geen opheldering. Muzikaal gezien brengt de black metal van Niaisny een ode aan de bands van de Russische Blazebirth Hall Circle als daar zijn Branikald, Forest, Raven Dark, Nitberg, Rundagor, Vargleide, Wotan Sølv en Yggrassil. De ene ideologisch gezien al met een heel wat fouter randje dan de andere getuige de Hitlergroet die ik op één van de bandfoto’s aantref. Of ook Niaisny onder de NSBM-noemer te scharen valt, kon ik niet meteen verifiëren, maar Medieval Prophecy Records wist me na publicatie van deze review toch te melden dat de band hen verzekerd had geen NSBM-ideologie na te streven. Productioneel gezien klinkt Niaisny wel beter dan de flarden muziek die ik heb opgezocht van de leden van dat overroepen BBH clubje. Ik moet vooral aan een band als Drudkh denken want ook hier is dat romantische oostblokgevoel inherent in de gitaarmelodieën en dramatische zangpartijen aanwezig. De basgitaar krijgt voldoende speelruimte en eist vooral in de wat rustigere passages de aandacht op. Absoluut geen foute demo.

JOKKE: 78/100

Niaisny – Zastyły miesiac (Medieval Prophecy Records 2021)
1. Zastyły miesiac

Sagenland – Oale groond

Sagenland, een project van Batr (Asgrauw en Meslamtaea) en Herjann (Uuntar, Cultus en Heimdalls Wacht) uit 2005, is weer tot leven gekomen. Destijds is er slechts één split met het Duitse Vargsang uitgekomen. Batr en Herjann zijn toen verder gegaan met het veel meer etherische Annwfyn. Dat project heeft ook slechts één EP uitgebracht, in 2014. Na zestien jaar is het nu dan eindelijk tijd voor de tweede release van Sagenland. De wil om er eerder wat mee te doen is er altijd wel geweest, maar zowel Herrjan als Batr kwamen gewoon tijd te kort. Sagenland maakt black metal geïnspireerd door traditionele Scandinavische black metal, zoals Ulver, Arckanum en de oude Dødheimsgard. Er zit een flinke dosis folk in en er is een leidende rol voor melodische, bijna proggy, baspartijen en akoestische gitaren. Het album is kort en als ik zo de titels van de nummers bekijk, zijn de drie nummers van de split ook opnieuw opgenomen voor deze release. Thematisch leunt deze langspeler op de historie en tradities van het Twenter land. Dit doet mij denken aan het drieluik van Sivyi Yar: “The dawns were drifting as before” (2013), “From the dead villages’ darkness” (2014) en “Burial shrouds“ (2015). Sivyi Yar maakt meer atmosferische black metal echter. Elementen daarvan kan je ook Sagenland niet ontzeggen, maar deze plaat is toch meer pagan black metal van de tweede generatie uit Scandinavië. Ik hou normaal gesproken maar matig van dit soort black metal. Ik vind het vaak wat eendimensionaal en de meeste van deze bands kunnen mijn interesse ook echt niet vasthouden. Dan zou je zeggen dat ik hier misschien ook niets mee kan. Niets is minder waar. Er zitten namelijk wat verrassende elementen in. De baslijnen zijn heel modern, en zouden niet misstaan bij een plaat van de nieuwe lichting Nederlandse black metal. De variatie tussen de nummers is ook groot en misschien wel (voor iemand die dus niet bijzonder houdt van dit soort black) het grootste pluspunt: het is een heel compact album. Geen van de nummers duurt langer dan iets van vijfeneenhalve minuten. Gecombineerd met de akoestische tussenstukken, die significant korter zijn dan de nummers, kom je dus op een looptijd van nog geen 33 minuten. Daarbij zitten er wat elementen in die gedeeld worden met de Slavische atmosferische blackmetalbands zoals de eerder genoemde Sivyi Yar en Drudkh. Bands die ik erg waardeer. Daarnaast vind ik de hoorns in het intro met hun interpretatie van “Last post” een heel goede vondst, zonder “cheesy” te worden. Zijn er dan helemaal geen negatieve punten? Nou ja, wel eigenlijk: ik vind regelmatig de zang wat weggemoffeld, er zijn net even teveel rustpunten op de plaat, en van mij hoeven de koortjes ook niet. Stoor ik me daar dermate aan dat ik het niets vind? Nee, ik kan hier wel wat mee: variatie in de nummers, verrassende elementen, een beetje folky atmosfeer. Het is een plaat die ik nog wel vaker op zal zetten.

MISCHA: 75/100

Sagenland – Oale groond (Heidens Hart Records, 2021)
1. Weer thuus
2. De jammerklachten van Singraven (eerste deel)
3. De jammerklachten van Singraven (tweede deel)
4. Veur de leu van vrogger
5. Bladval
6. In ’t bos
7. Van eigen land
8. Botte bijlen
9. ’t Leste gedicht (Twentse earde)
10. Terug noar et laand van aleer

Effroi – Sinister omen

Nog even een tweede demo op de mensheid lossen en dan is het eindelijk tijd voor een langspeler van Effroi. Het zou een primeur zijn voor Medieval Prophecy Records daar het label, met een uitstekende neus voor zwartmetaal van eigen bodem, tot hiertoe voornamelijk demo’s en splits uitbracht van de bands waar het in gelooft. De twee nummers die op “Sinister omen” prijken, laten geen verrassingen horen voor wie de “Cryptic prophecies” demo en split met Crypts Of Wallachia ook al in huis heeft. Maar dat verwachten we ook helemaal niet van een band als Effroi. Er zijn voldoende andere spelers die hun black metal met tal van invloeden uit death metal, post-rock, folk, avant-garde of klassieke muziek injecteren. Deze heren houden het graag puur. Hun zwartmeaal klinkt gestript en ontdaan van overbodige franjes en focust zich op de kernemoties van het genre: een muzikale uiting van negativiteit en sombere gedachten. Ook qua bezetting gaat Effroi voor een less is more aanpak van zang, gitaar en drums. Bassist D is deze keer blijkbaar niet van de partij. De gitaarsound is lekker korrelig en de drums klinken organisch zoals dat zou moeten. Tsotha’s vocalen komen bovendien beter tot hun recht vergeleken met de wat monotone eerdere prestaties. De riffs blijven hangen en de twee nummers hebben een gevoel voor dynamiek door mid-tempo passages af te wisselen met up-tempo uitbarstingen. Dit sinistere voorteken doet uitkijken naar de op til zijnde langspeler. Voer voor wie destijds niet verder dan de iconische eerste platen van een Darkthrone of Gorgoroth geraakte.

JOKKE: 79/100

Effroi – Sinister omen (Medieval Prophecy records 2021)
1. Ominous winds
2. Battles in desolate regions

Ordo Cultum Serpentis – Derej najash

De zwartgeblakerde (funeral) doomband Nathr wist recent mijn interesse in het traagste des muziekgenres terug aan te zwengelen met diens debuut. Toeval of niet maar gelijktijdig met “Beinahrúga” verschijnt op 12 februari, eveneens via Signal Rex, het debuut va Ordo Cultum Serpentis. Net als bij de labelgenoten gaat het om een multiculturele band, een cross-continentale aangelegenheid zelfs wat Ordo Cultum Serpentis betreft, want V is afkomstig uit Zuid-Korea en Fr. Der Cadaver is woonachtig te Mexico. Daar waar Nathr zijn composities eerder bondig wist te houden, kiest dit duo ervoor om diens debuut EP uit twee lange epische tracks van om en bij de dertien minuten op te trekken. Met een bandnaam als deze verwacht je een ritualistische insteek en dat is ook daadwerkelijk het geval. Beklemmend gekreun, sinister gefluister, zwaar echoënde grafvocalen, heldere religieus getinte koorzang, mystieke ambient en rituele percussie en belgeluiden weerklinken over het tergend trage doom/death/black-geluidsveld waarin momenten van gespannen stilte gecreëerd worden om die even later abrupt met een schurende beestachtigheid te willen vermorzelen. De te dunne en steriele drumsound is hierbij wel een mankement en de complete overrompeling blijft hierdoor achterwege. Nu lijkt Ordo Cultum Serpentis het neerzetten van rituele atmosfeer wel veel belangrijker te vinden dan onze geest en wezen met een megaton aan kracht te verpletteren, maar toch blijf ik het ontbreken van een massieve (drum)sound een beetje een gemiste kans vinden. Daar stoppen de kritische opmerkingen echter niet. De twee trage basisriffs die passeren vind je op pagina 1 van het gitaarhandboek “Doom metal for dummies” terug en de blastbeatpassages worden nogal abrupt ingelast in plaats van werk te maken van spanningsopbouw. Wat mij betreft verdient “Derej najash” (Hebreeuws voor “de weg van het serpent”) hierdoor niet meer dan het predicaat “aardig” in plaats van dat van “sonische titaan” waar de bijgeleverde biografie mee uitpakt.

JOKKE: 66/100

Ordo Cultum Serpentis – Derej najash (Signal Rex 2021)
1. Chapter 1
2. Chapter 2

Pestis Cultus – Pestis Cultus

In the mood voor een lekkere bak grafherrie? Zoek dan niet verder want met Pestis Cultus self-titled debuut zit je aan het juiste adres. Pestis Cultus is eigenlijk een doorstart van de band Snorri die in een tijdspanne van twee jaar twee demo’s en een split met Vetëvrakh uitpoepten. De drie jeugdvrienden uit het Australische Perth hebben een verleden in bands als Drohtnung, Grave Worship en Mors de Corpus; stuk voor stuk geen fijngevoelige orkestjes en ook de nieuwe start Pestic Cultus is doordrongen van verrotte lichaamssappen en die typisch Australische rebelse geest. Het resultaat zijn zeven nummers, naast een intro en outro die door Mortiis gecomponeerd werden, die een spectrum beslaan gaande van gewelddadige, chaotische en sepulchrale snelle black metal tot sinistere downtempo vuiligheid en vunzigheid. Het geheel is voorzien van een echoënde grafputkrijs overgoten met een verrot, satanisch, necro, terroriserend black (death) metalsausje. Gek genoeg houdt Pestis Cultus er een paradoxale compromisloze en openminded aanpak op na die een middelvinger opsteekt naar traditionalisme en unorthodoxe black. Zo ronkt een nummer als “H.H.L.” als een op hol geslagen Zweedse deathmetalgitaar terwijl “To the old ruins” dan weer grossiert in maniakale tempowisselingen en drumpatronen die van de hak op de tak springen, dit vergezeld van vocale horrortaferelen. De rauwe organische productie en mastering door Moonsorrow’s Henri Sorvali’s maakt het plaatje af. In 31 minuten tijd krijg je een soundtrack te horen voor zo wat alle mogelijke negatieve gedachten en gevoelens die de kop kunnen opsteken.

JOKKE: 77/100

Pestis Cultus – Pestis Cultus (Signal Rex 2021)
1. Lazarus
2. Into the endless darkness
3. Black mass
4. Cursed
5. Black tongue hymn
6. H.H.L.
7. Abel de la rue
8. To the old ruins
9. Apocrypha