elande

Disciples Of The Void – Disciples of the void

We blijven nog even in de Finse flow hangen waar we momenteel inzitten. Disciples Of The Void is een nieuwe band uit het land van de duizend meren en verkiest anoniem (what’s new?) te blijven door zich onder zwarte hoodies te verbergen. Het enige gezicht dat we herkennen is het liefelijke snoetje van drumster Trish Kolsvart (Urarv, Elände en ex-live lid van ondermeer Isvind en Craft). Zo onorigineel de presentatie van de band is, zo onorigineel is ook de gebrachte muziek. De leden ontdekten het black metal-genre midden jaren negentig – toen het volgens hen op haar hoogtepunt was – en willen dat eren. Op zich grappig dat er zo veel nieuwe bands rondlopen die teruggrijpen naar de oude dagen en daar precies qua ontwikkeling zijn blijven hangen. Wie luistert er dan eigenlijk naar de hele mikmak aan nieuwe spelers als vroeger toch alles beter was? Soit, de retro-sound van de Finnen is opgesmukt met de nodige symfonische elementen zonder al té overdadig te zijn. De moderne productie mist echter wat levendigheid waardoor de band nogal generisch klinkt en een eigen karakter ver zoek is. Ook al wil je het warm water niet heruitvinden, een eigen sound blijft toch belangrijk want in een shuffle playlist zou ik de band er met haar dertien-in-een-dozijn-geluid nooit uithalen. Qua uitvoering zit alles wel snor want er wordt strak gemusiceerd en we kunnen de band niet op foutjes betrappen. De riffs duiken slechts af en toe onder het vriespunt (“The apocalypse reign“), en klinken een pak Noorser dan Fins (“Per aspera ad noctum“) met op tijd en stond een black ’n roll-infusie (“Dominion“, “The harvest” en “Choronzon“). In het begin van deze laatste track ontwikkelen de heren en dame plots een andere sound door qua vocale aanpak richting Dimmu’s Shagrath te gaan. Het nummer wordt verder ook met cleane epische gezangen opgesmukt en vormt alzo het perfecte bruggetje naar “Home of the once brave“, een minder voor de hand liggende Bathory-cover met het – al dan niet bewust door Quorthon gepikte – einde van de Metallica-klassieker “For whom the bell tolls“. Wie smult van bands als Obtained Enslavement, Troll, oude Covenant of Darkwoods My Betrothed zal hier wel zijn of haar gading in vinden. Voor mij mist het debuut van Disciples Of The Void wat karakter en is het iets te steriel qua sound.

JOKKE: 70/100

Disciples Of The Void – Disciples of the void (Primitive Reaction 2018)
1. Ad gloriam invictus satana
2. Dominion
3. The apocalypse reign
4. Enter the void
5. Per aspera ad noctum
6. The harvest
7. The heirs of wormwood
8. Choronzon
9. Home of the once brave (Bathory cover)

 

 

Djevelkult – Når avgrunnen åpnes

De naam Djevelkult klinkt Noors en des duivels…en valt dus perfect te rijmen met black metal. Dit door Dødsherre Xarim in 2009 opgerichte duivelseskader draagt blasfemie hoog in het vaandel en verblijde vriend en vijand in 2014 met haar debuut “I djevelens tegn“. Na deze plaat hield drummer Ond het voor bekeken en ging de band verder met sessiedrumster Trish Kolsvart (Elände, Gestalte, Urarv en nog een resem bands). In 2014 en 2015 dook Xarim samen met gitarist Beleth en bassist Skabb de Gravkors Studios in om de funderingen van de opvolger vast te leggen. De opnames werden echter stilgelegd ten voordele van concerten en een tour met IXXI. Midden 2016 keerde Ond terug naar het oude nest en kon het album in de loop van 2017 verder afgewerkt worden in de Kirkebrann Studios waar de drums en zang voor het nageslacht vastgelegd werden. “Når avgrunnen åpnes” (of “As the abyss opens” in het Engels) was zo eindelijk een feit. De immens getalenteerde José Gabriel Alegría (o.a. Inferno, Whoredom Rife) voorzag de plaat van uitmuntend artwork en Kark (Dødsengel) stond in voor de mastering van het zaakje. Zodra Djevelkult haar ijskoude riffwerk middels opener “Atomic holocaust” uit de boxen laat knallen, weten we al dat het goed zit en duikt de naam Tsjuder als referentie op. “Condemned into eternal void” is bij aanvang eerder mid-tempo van insteek waarbij de groezelige sound van de gitaarmelodie een depressief sfeertje over de song drapeert. Nadien gaat het tempo de hoogte in en klieven de ijzige, maar iets te monotone screams de riffs met gemak in twee want echt memorabel klinken deze niet. De op-en-top Noors klinkende meloblack van de titeltrack zet het boeltje terug in lichterlaaie en in het daaropvolgende “En ny tid” levert gitarist Kleven (Liktjern, ex-Gravkors) een bijdrage en geeft hij het nummer middels zijn gitaarleads een Windir-vibe mee. “Døpt i helvetesild” neigt opnieuw heel hard naar Tsjuder terwijl “An evil unheard of” eerder thrashy van aard is met hakkend drumwerk van Invisius (Blodhemn), die de song tevens van een tekst voorzag en het boeltje ook inscreamde (en dat eigenlijk beter doet dan Xarim). Bij een titel als “Apocalypse (Hellspawn)” hoort geen liefelijk deuntje, maar desondanks haar felle aard is deze song ook eerder middelmatig, hoewel de solo van Ånneland aan het einde wel nog positief opvalt. Met “Vredeskvad“, waarvoor Draug van Kirkebrann de zang en tekst op zich nam, komt er echter een sterk einde aan een plaat die liefhebbers van pure Noorse black wel zal kunnen bekoren maar net wat tekortschiet om over de hele lijn te bekoren. En hierbij is het ook spijtig dat de twee gastzangers een betere prestatie neerzetten dan de bezieler van de band.

JOKKE: 77/100

Djevelkult – Når avgrunnen åpnes (Saturnal Records 2018)
1. Atomic holocaust
2. Condemned into eternal void
3. Når avgrunnen åpnes
4. En ny tid
5. Døpt i helvetesild
6. An evil unheard of
7. Apocalypse (Hellspawn)
8. Vredeskvad