The Fifth Alliance – Geen rooskleurig beeld over de mensheid

Je hebt bands die plaat na plaat eenzelfde sound laten horen en geen duimbreed afwijken van hun formule. Aan het ander uiteinde heb je acts die met elke release het publiek weten te verrassen en nooit doen wat van hen verwacht wordt. The Fifth Alliance is een vijfkoppig post/sludge/black/doom-gezelschap uit Breda dat zich ergens tussenin bevindt en met elke release verder evolueert zonder diens roots echter te verloochenen. Op 30 augustus 2019 verscheen hun derde langspeler “The depth of the darkness” via Burning World Records, Consouling Sounds, Init Records en Bharal Tapes. Een knappe plaat waarover ik frontvrouw Silvia en gitarist Niels aan de tand voelde. (JOKKE)

Het heeft vier jaar geduurd alvorens er een opvolger verscheen voor “Death Poems”. Was “The depth of the darkness” een moeilijke plaat om te schrijven?
Niels: Op zich viel dat schrijfproces wel mee, al waren er uiteraard wel wat factoren die het proces van de totstandkoming van de plaat in ieder geval niet hebben versneld zoals een tussentijdse wisseling in de bezetting en het feit dat Silvia in tussentijd ook moeder is geworden. Maar er lag verder ook geen druk om de plaat persé op een bepaalde datum klaar te hebben dus bij ons komt het zoals het komt en als de tijd rijp is, leveren wij weer een nieuwe af. Dus over 4 jaar is er misschien wel weer nieuw werk. 

Ik kon jullie mix van doom, sludge, post-hardcore en post-metal altijd wel al smaken, maar de té prominent aanwezige hardcore-vocalen waren een persoonlijke afknapper. Silvia’s vocalen kunnen me op de nieuwe langspeler echter veel meer bekoren. Haar zang is nu eerder krijsend in plaats van schreeuwerig en heeft ook een wat lagere pitch. Was het een bewuste keuze om die hardcore-zang meer en meer achterwege te laten en op zoek te gaan naar een andere vocale invulling?
Niels: Wellicht is Silvia’s stem door de jaren heen wat veranderd. De één wijt het aan de hormonale schommelingen na de zwangerschap en de ander aan de normale gang van zaken als je 12 jaar je stem op deze manier gebruikt. Al met al is haar nieuwe brul wat dieper dan haar vorige high pitched scream. Een klein verschil, toch een grote verandering.

Silvia, je zang vertoont nu ook veel meer dynamiek en variatie. Er wordt (geslaagd) geëxperimenteerd met heldere zang die me in “Hekate” aan Dool’s Ryanne van Dorst doet denken. Hoe ben je de voorbije jaren met je stem aan de slag gegaan om dit knappe resultaat te kunnen neerzetten?
Eigenlijk is dat iets wat gaandeweg in het schrijfproces van het album vanzelf is gegaan. Daarnaast is de manier waarop ik nu zing minder vermoeiend voor mijn stem en hoef ik minder geforceerd te zingen. Daarnaast ben ik eigenlijk pas kort geleden ook begonnen met stemtraining om mijn techniek verder te verbeteren, maar daar ben ik eigenlijk pas mee begonnen nadat het nieuwe album al was opgenomen. Dus dank voor het grote compliment.

(c) Fleur Coevoet

De hardcore-zang is er bij momenten nog wel maar de vocalen zijn nu veel beter in balans met de rest van de muziek. Op “Death Poems” lag de zang mijns inziens te veel als een extra laag op de muziek. Was dat een instructie die op voorhand aan Tim de Gieter van Much Luv Studio in Lembeke gegeven werd?
Silvia: Zoals onze stijl de afgelopen jaren organisch veranderde/evolueerde is dat met de vocals ook gebeurd. Iedereen in de band heeft zijn zegje over “daar wat meer en daar wat minder” en Tim heeft in de studio vooral de juiste schuiven opengezet om het een mooi geheel te maken zonder teveel instructie en voelt hij zelf vooral wel aan wanneer iets werkt of niet.

Ik kende deze studio niet maar zag dat er al heel wat artiesten uit de Consouling Sounds-stal gepasseerd zijn. Op welke vlakken kunnen jullie de Much Luv Studio aanraden aan andere bands?
Niels: Tim is zelf ook muzikant in hart en nieren (o.a. bij Every Stranger Looks Like You, Fär en hij valt wel eens in bij Amenra) en benadert het opnameproces ook wel vanuit die invalshoek, en daarnaast is het gewoon een vakman die weet hoe het werkt bij opnemen. Hij weet in de studio vaak ook nog wel wat te sturen vanuit een producerende rol en kan ook nog even een extra zetje geven of nog even een ander gitaarpedaaltje erbij pakken om het nog nét wat beter of juist wat vuiler te laten klinken. Zeker een aanrader. En Tim is ook gewoon een geweldige kerel.

Qua stijl blijven jullie subtiel verder evolueren wat zich op “The depth of the darkness” uit in het incorporeren van enkele black metal-passages. Soundwise liggen jullie roots overduidelijk in het hardcore-milieu. Ik ken persoonlijk wel enkele muziekliefhebbers van het zwaardere werk die black metal vroeger als iets potsierlijks afdeden, maar ondertussen stevig met het genre dwepen. Het (satanische) imago, de esthetiek en alle mystiek rond de bands spraken mij als tiener enorm aan. Na meer dan vijfentwintig jaar is black metal nog steeds dé muziekvorm die mij mateloos weet te boeien en emotioneel gezien het meest raakt. Voor veel metalliefhebbers duurt het echter even om door het imago en de thematieken heen te prikken en tot de kern van ‘black metal’ door te dringen. Wat triggert jullie binnen het black metal-genre opdat jullie hier nu ook invloeden in jullie muziek van laten doorsijpelen? En is dat een eerder recent gegeven of zijn jullie al langer geïntrigeerd door the devil’s music?
Niels: Iedereen in de band is muzikaal vrij breed georiënteerd en luistert naar allerlei genres, wat daarmee ongemerkt ook wel z’n invloed achterlaat in onze muziek. Wij proberen ons ook niet toe te leggen op één bepaald genre. Daarbij zat Ruud (basgitaar) in een duister verleden trouwens ook in een black metal band en zijn de meeste mensen in de band al van jongs af aan into alle lagen van de metal en alles wat erbij hoort, dus ook black metal is geen onbekende aangezien we allemaal al langer in het brede spectrum van het genre meedraaien. Maar black metal heeft gaandeweg muzikaal zeker wel steeds meer invloed gekregen op onze sound. Nu zien we onszelf niet als een black metal-band, omdat het een smeltkroes van genres is die onze muziek maken wat het is. Die invloed is er na verloop van tijd dan ook op een redelijk natuurlijke manier ingeslopen (ook al wel hoorbaar op “Death poems“). Nu boeit de hele thematiek en mystiek van het genre ons dus ook al lang. Muzikaal vertaalt zich dat vooral in de donkere en met vlagen rauwe, snelle en desolate feel in onze muziek.

(c) Bart Verhelst

Hoewel ik niet over teksten beschik, lijken de album- en songtitels opnieuw een gitzwarte boodschap met zich mee te dragen. Waar handelen de teksten zoal over?
Silvia: De voorliefde voor het occulte komt in de teksten vooral van mij, maar eigenlijk houdt het onderwerp de meeste mensen in de band wel op de één of andere manier bezig. Hoe diep ga jij naar binnen en wat houdt zich daar allemaal schuil? Waar zitten je angsten? Wat maakt ons duister? Wat maakt de mensheid duister? In veel van onze nummers zit wel een referentie naar het thema.

Op basis van het “666”-geschreeuw lijkt het me aannemelijk dat het afsluitende nummer “Aleister” handelt over Aleister Crowley, een Brits esotericus, lid/oprichter van verscheidene occulte genootschappen en schrijver van o.a. “The book of the law”. Als we echter opener “Black” erbij betrekken, krijgen we de combinatie ‘Aleister Black’, wat de bijnaam is van de Nederlandse worstelaar Tom Budgen. Hoe zit het nu? Silvia: Haha, wauw die link hadden wij nog niet gelegd. We gaan ogenblikkelijk met Tommy mailen, want we willen de WWE niet achter ons aan. Geen connectie whatsoever. Dus ‘Aleister Crowley’ is correct en de track “Black” staat helemaal op zichzelf.

Wat spreekt jullie zo aan in de figuur van Aleister Crowley?
Silvia: Is hij een serieuze mafketel of een groot genie? “Love is the law, love under will“. Los van hem was het tijdperk waarin hij leefde en handelde een zeer bizarre tijd. Occulte genootschappen in zijn hoogtijdagen en waarin in sommige kringen enkel de rijken hun ‘ding’ deden onder het kopje ‘occult’. Zoals de Hellfire club, waar een track naar vernoemd is op ons laatste album.

Het (wederom) erg geslaagde artwork laat een figuur zien die in één of andere existentiële crisis vervat lijkt te zijn. Is dit een weerspiegeling van jullie gemoedstoestand en fatalistische kijk op de wereld? “Mass extinction” hoor ik Silvia immers meerdere malen schreeuwen?
Niels: Bedankt voor het compliment op het artwork. Ik denk dat het op persoonlijk vlak met onszelf nog best redelijk OK gaat en dat het artwork niet meteen een directe afspiegeling van onze huidige gemoedstoestand is, maar wel op die manier zou kunnen geïnterpreteerd worden. Je zou er ook een beeld in kunnen zien van iemand die verstikt wordt door zijn of haar omgeving en daarmee een innerlijke strijd voert. Het lot van die persoon wordt bepaald door de verstikkende greep van zijn of haar omgeving en kan daar geen invloed op uitoefenen.
Silvia: Wat wel uit onze teksten blijkt, is dat wij niet bepaald een rooskleurig beeld hebben van de toekomst en de mensheid in het algemeen en van wat er om ons heen gebeurt. De track “Into extinction” heeft betrekking op de zelfvernietigingsdrang van de mensheid en het niet kunnen of willen leren van voortekenen van een versnelde gang naar een totale vernietiging. Al zou alles morgen vergaan, dan zou de mens nog blind doorgaan op de manier waar ze nu mee bezig is en doen alsof er niks aan de hand was.

Bij de uitwerking van de fysieke formaten van “The depth of the darkness” zijn verscheidene labels betrokken. De vinyl versie komt uit op Burning World Records en Init Records, de tape op Bharal Tapes en de CD-versie wordt verzorgd door Consouling Sounds. Welke fysieke geluidsdrager verkiest jullie voorkeur en waarom?
Niels: Voor mij persoonlijk voornamelijk vinyl. Ik koop van jongs af aan nog steeds vinyl, of soms ook wel tapes. Digitaal en streaming staat bij mij onderaan het lijstje van favorieten, omdat dat weinig charme heeft voor mij. Het gaat uiteraard om de muziek maar bij vinyl, tape, cd heb je ook net dat extraatje van het tastbare van een album en bij die eerste twee zit (voor mij persoonlijk) ook wel nog een soort van verzameldrang die meespeelt, zeker met gelimiteerde versies. Overigens zijn al onze albums ook gewoon via de digitale platformen zoals Spotify te vinden.

Bandcamp is een ideaal platform om je muziek ook digitaal aan te bieden. De ene band vraagt een klein bedrag, de andere hanteert het ‘pay what you want’-principe. Op jullie Bandcamp-pagina staat te lezen dat geïnteresseerden in een digitale versie jullie een mailtje moeten sturen. Is hier veel vraag naar?
Niels: Onze platen “Death poems” en “Unrevealed secrets of ruin” staan voor ‘pay what you want’ op Bandcamp en daar wordt best veel gebruik van gemaakt. Voor de laatste plaat “The depth of the darkness” moet nog wel betaald worden. Soms gebeurt het wel eens dat iemand een mailtje stuurt over een niet werkende download/code en vragen ze om een digitale versie, maar dat gebeurt niet heel vaak. Na verloop van tijd zetten we de releases meestal gewoon op ‘pay what you want’ en kan iemand hem gratis downloaden als ie wil.

Wat mogen we op live-vlak de komende maanden van The Fifth Alliance verwachten?
Niels: In september staan er een aantal release shows op de planning (20 september OCCII, Amsterdam en 27 september, Little Devil, Tilburg) en later dit jaar staan we ook op onder meer Dutch Doom Days 2019 in Baroeg, Black Earth Festival in Utrecht en in begin februari spelen we met o.a. Wiegedood in JH Splinter, Roosdaal.

Belenos – Argoat

Er zijn van die bands die je vergeet tot je plots een promo voor je neus krijgt. Zo ook het bijna 25 jaar oude Franse Belenos. Dat Frankrijk goeie technische metal weet uit te persen, horen we aan Gorod, Dead Season, Gojira, … En ook qua donkere black metal weet de kenner dat onze buren een Metal Merlot kunnen onderscheiden van een Pino Noir – Pino is al angstaanjagend genoeg en behoeft geen extra domme woordspeling. Minder bekend is dat het land ook een paar oerdegelijke pagan bands in de wijnkelder heeft, zoals Himinbjørg or Aes Dana, … En nou net daar is waar Belenos heeft liggen rijpen sinds het vorige album uit 2016. Het nieuwe “Argoat“, als ik me niet vergis full-length studioalbum nummer zeven, is geen nakomertje. Enige originele en vaste lid Loïc Cellier heeft namelijk wel erg zijn best gedaan om een rauwe, moderne sound te creëren. Het staat misschien niet bol van de originele vondsten, “Argoat” dendert door van begin tot einde. Alle nummers zijn goed gespeeld, met zowaar goede cleane zangpartijen, en passen netjes bij elkaar. Ze bevatten voldoende tempo- en melodiewissels om alles interessant te houden, maar niet zoveel dat het onoverzichtelijk gaat worden. Eigenlijk is dit een prachtig voorbeeld van hoe je old school black-pagan metal in de moderne tijd kan brengen, zonder teveel compromissen aan eender welke kant van de tijdslijn. Geen enkel nummer springt er echt uit, maar dat is niet erg, want het hele album loopt vlotjes naar binnen. Mijn complimenten aan de chef.

Xavier: 83/100

Belenos – Argoat (Les Acteurs de l’Ombre Productions 2019)
1. Karv-den
2. Bleizken
3. Argoat
4. Nozweler
5. Huelgoat
6. Dishualder
7. Duadenn
8. Steuziadur
9. Arvestal

Nupta Cadavera – Nupta Cadavera

Na de IJslandse, Nederlandse en Portugese black metal-scene is de laatste tijd ook Denemarken toegetreden tot de moderne hot beds qua zwartmetaal. En dit allemaal dankzij een groepje gelijkgestelde zielen dat de Korpsånd-cirkel oprichtte en waarvan de activiteiten zich om en rond de Mayhem-zaal/repetitieruimte afspelen. Een grote verscheidenheid aan labels probeert een graantje mee te pikken in de interesse in dit clubje en wij namen o.a. Jordslået, Ærekær, Fanebærer en Blot & Bod al onder de loep. Nu is er de nieuwe band Nupta Cadavera (Latijn voor “huwelijk met een lijk”) waarin leden van de Korpsånd-cirkel huizen, maar de line-up strekt zich ook buiten de Deense landsgrenzen uit. Label van dienst is Nuclear War Now! Productions dat een eerste twee-songs-tellende EP uitbrengt. Rauwe riffs als glinsterend metaal clashen bijwijlen met ondersteunende keyboards waarbij grimmige en sappige vocalen de spanning breken. Het tempo is traag tot mid-tempo en bewijst dat overtuigende black dus niet altijd op razende snelheid dient gespeeld te worden. Denk aan een ruwere en meer krakende versie van oude-Gehenna. Beide nummers zijn met een speelduur van iets meer dan drie minuten pittig en beknopt gehouden. Houden zo! Benieuwd naar wat dit in de toekomst gaat geven!  

JOKKE: 81/100

Nupta Cadavera – Nupta Cadavera (Nuclear War Now! Productions 2019)
1. Metaphysical cruelty
2. Instant mortification of the soul

Chelsea Wolfe – Birth of violence

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: wie had verwacht dat Chelsea Wolfe op haar nieuwe album “Birth of violence” opnieuw de hardere kaart zou uitspelen zoals op de sublieme voorganger “Hiss spun” komt bedrogen uit. Mevrouw Wolfe blinkt uit in het schrijven van nummers die een sombere schoonheid en American desolation blues in zich dragen wat zich doorheen haar discografie al op verschillende manieren uitte. “The grime and the glow” uit 2010 stond vol lo-fi bedroom recordings, terwijl “Unknown rooms” uit 2012 vele akoestische momenten bevatte. Tussen deze platen verscheen “Apokalysis” waarop elektrische wegen vol heavy uitspattingen ingeslagen werden, een aanpak die op het in 2017 verschenen “Hiss spun” herhaald werd en tot haar beste plaat leidde. Op “Pain is beauty” (2013) en diens opvolger “Abyss” (2015) werd dan weer succesvol met elektronische elementen geëxperimenteerd en werden de songs ingevuld met volledige bandarrangementen. Chelsea Wolfe’s muziek werd steeds voller en concentreerde zich op het live-element, wat best een contradictie is gezien het persoonlijke en geïsoleerde karakter van haar muzikale hersenspinsels. “Birth of violence” laat een terugkeer horen naar het teruggetrokken karakter van haar oudste werk en werd geschreven en opgenomen in de eenzaamheid van haar afgelegen huis in Noord-Californië. De chaos en survival mode die onlosmakelijk met het tourleven verbonden zijn, begonnen na acht jaar hun tol te eisen, waardoor me time broodnodig was. De impact van de talloze kilometers en voortdurende uitputting vonden hun weg naar nummers als “The mother road“, “Highway” en “Deranged for rock ’n roll“. Er worden ook hedendaagse topics aangekaart zoals de problematische schietpartijen op Amerikaanse scholen in het mineur-slaapliedje “Little grave” en de vernietiging van onze planeet op de donkere ballade “Erde“. “Birth of violence” laat geen onorthodoxe texturen of aanpak horen. De kern van de twaalf nummers bestaat uit Chelsea Wolfe’s innemende zang – in het intieme “Be all things” en het feeërieke “When anger turns to honey” in staat tot het creëren van vochtige ogen – gekoppeld aan haar akoestische gitaar. Waar nodig worden de songs aangevuld met vioolpartijen van Ezra Buchla en drums van Jess Gowrie, twee muzikanten waar Wolfe in het verleden ook al mee samenwerkte. Twaalf keer op rij weet Chelsea Wolfe een pakkende intieme atmosfeer en onheilspellende elegantie neer te zetten waarmee ze de eer van de Amerikaanse singer-songwriter en folk cultuur hoog houdt. Straffe straffe straffe madam!

JOKKE: 87/100

Chelsea Wolfe – Birth of violence (Sargent House 2019)
1. The mother road
2. American darkness
3. Birth of violence
4. Deranged for rock & roll
5. Be all things
6. Erde
7. When anger turns to honey
8. Dirt universe
9. Little grave
10. Preface to a dream play
11. Highway
12. The storm

Flagellant/Orcivus – Split

Al het materiaal dat het Zweedse Flagellant na diens tweede langspeler “Maledictum” (uit 2013 weeral) losliet, is eigenlijk niet spiksplinternieuw. Het nummer “Great illuminationg void awareness” dat op de vorig jaar verschenen “Ekstrophë“-compilatie preek, dateerde al van voor “Maledictum” en de nummers die we nu via een split met de landgenoten Orcivus voorgeschoteld krijgen, werden ook reeds eind 2015 vereeuwigd. Beide bands leverden vier songs af, goed voor 37 minuten black metal van het gitzwarte soort. Flagellant heeft geen tierlantijntjes en occulte hocus pocus nodig om zijn duivelse boodschap aan de man te brengen. De Zweden leveren altijd bovengemiddeld sterke nummers af maar “The fires are lit” springt er dankzij diens Svartsyn-vibe wat mij betreft bovenuit. Op dit nummer is het trouwens Orcivus zanger Mortifer die de honneurs achter de microfoon waarneemt. Wat Orcivus betreft, moeten we voor diens laatste langspeler “Est deus in nobis” al negen jaar terug de tijd induiken, hoewel in 2016 nog wel een nummer werd aangebracht voor een split EP met Excessum. Orcivus’ zwartmetalen klanken klinken iets scheller en dunner vergeleken met het zwaardere, door een ronkende basgitaar voortgedreven geluid van Flagellant en leunen dicht aan bij een Watain ten tijde van diens debuut. Het orthodox satanische karakter van deze Zweden wordt in de verf gezet door het enigmatisch aura dat de songs uitstralen. De songstructuren zijn iets uitdagender vergeleken met Flagellant, maar ook hier blijven sacrale gezangen, rituele ambient en overige toeters en bellen in de kelder opgeslagen. Regelmatig wordt het spanningsveld opgezocht tussen trage gitaarriffs waaronder snelle drums voor een opwindende hartpuls zorgen. Mits “Tattered beliefs” laat Orcivus zien dat ook een pakkend traag nummer met meer rockende riffs schrijven mogelijk is. Meteen ook de uitschieter aan diens kant. “Black sun of illumination” werd ingezongen door Flagellant vocalist E. Op deze manier is er dus sprake van een grotere verbondenheid tussen beide bands dan het louter aanbrengen van enkele nummers, wat toch steeds een meerwaarde is bij splits. Geslaagde release met knap artwork van Karmazid voor liefhebbers van Ofermod, Svartsyn, Watain en Malign.

JOKKE: 83/100 (Flagellant: 82/100; Orcivus: 84/100)

Flagellant/Orcivus – Split (World Terror Committee 2019)
1. Flagellant – Barbarous names of evocation
2. Flagellant – Globus cruciger
3. Flagellant – The fires are lit
4. Flagellant – Ten spheres
5. Orcivus – Monumental ending
6. Orcivus – Breaking the seals
7. Orcivus – Black sun of illumination
8. Orcivus – Tattered beliefs

Asagraum – Dawn of infinite fire

Het interview dat ik met Asagraum’s Obscura afnam naar aanleiding van het overweldigende debuut “Potestas magicum diaboli” is de tweede meest gelezen post ooit op deze blog. Om maar te zeggen dat er blijkbaar heel veel interesse is in deze band. En dat is volledig terecht, alleen hoop ik dat het niet louter komt door het feit dat Asagraum 100% vrouwelijk is. Naast bandleidster Obscura bestaat Asagraum officieel nog uit drumster Amber de Buijzer (ex-Sisters Of Suffocation) die de drumstokken overnam van Trish Kolsvart die momenteel een erg zware strijd tegen kanker levert. Op de promofoto’s treffen we echter ook nog live-bassiste Mortifero aan, het gaat hier om de Nederlandse kern van de band. Verder vervolledigen de Zweedse gitariste V-Kaos, de Noorse bassiste Makhashanah en de Zwitserse keyboardspeelster Lady Kaos (Borgne) het live-plaatje nog. De sulfur spatte van de eerste single “Abomination’s altar” af en wakkerde de hoge verwachtingen nog verder aan. Deze worden trouwens volledig ingelost. Obscura’s kenmerkende raspende krijsen brengen de blasfemische boodschappen (een titel als “Hate of Satan’s hammer” liegt er niet om) vol vurige overtuiging en ook muzikaal zet “Dawn of infinite fire” de boel drie kwartier lang in vuur en vlam (wat overigens knap wordt weergegeven in het artwork van de hoes). Venijnige messcherpe riffs en pakkende tremolo’s wisselen meer melodieuze passages en Watain-achtige leads (“Guahaihoque” en “Beyond the black vortex“) af waarbij de erg goed hoorbare baslijnen (dank aan Tore Stjerna’s Necromorbus Studio) voor de compacte lijm zorgen. Amber timmert het geheel vakkundig en met precisiewerk aaneen. Ambitieuze songwriting en een dynamische spel van snelheden zorgen voor voldoende variatie hoewel het tempo doorgaans hoog ligt. De old-school Noors/Zweedse formule wordt met een brandende vitaliteit gebracht die we buiten Scandinavië nog maar zelden te horen krijgen dezer dagen (of het moet door een band als Darkened Nocturn Slaughtercult zijn). Ten opzichte van het debuut is het aantal Nederlandstalige nummers nu verdubbeld. Als de tekst van “Dochters van de zwarte vlam” op Obscura en co slaat, hoop ik de dames alvast niet in het donker tegen te komen. In “Waar ik ben, komt de dood” zet mysterieuze heldere zang de toon voor een waardige afsluiter van deze erg geslaagde tweede langspeler. Ik heb één van de 150 gelimiteerde vinylexemplaren op de kop kunnen tikken waar als surprise nog een 7 inch met twee extra nummers bij zit. “Visions from the serpent’s chalice” wijkt met haar duistere ambient sterk af van de rest van de songs, terwijl “Abyssum abyssus invocat” de verleidelijke vertrouwde duivelse tronie van Asagraum laat zien. Ik kan me inbeelden dat de grotere labels al in de rij staan om Asagraum in te lijven.

JOKKE: 88/100

Asagraum – Dawn of infinite fire (Edged Circle productions 2019)
1. They crawl from the broken circle
2. The lightless inferno
3. Abomination’s altar
4. Guahaihoque
5. Dawn of infinite fire
6. Dochters van de zwarte vlam
7. Beyond the black vortex
8. Hate of Satan’s hammer
9. Waar ik ben, komt de dood

Vort – Demo 2019

Wie af en toe eens iets leest op Addergebroed, weet dat black metal veel meer mijne meug is dan het dodelijke broertje ervan. Ik volg die eerste scene dus veel meer op de voet dan die tweede, dat geldt zowel voor internationale als nationale bands. Qua Belgische death metal passeerde Carnation natuurlijk met diens eerste langspeler, maar dat is ondertussen ook weer al een goed jaar geleden. En voor Kosmokrator moeten we nóg verder terug de tijd in gaan. Met Vort (‘verrot’, ‘corrupt’) halen we nog eens een nieuwe doodsmetalen band van eigen bodem aan, een kakelverse dan nog wel. Via het sympathieke Babylon Doom Cult Records verschijnt Vort’s eerste demo (op 7 inch formaat) waarop twee songs prijken, samen goed voor zo’n dikke negen minuten death metal of old. Voor fans van Grave Miasma en Spectral Voice geeft het persbericht mee. Laat dat nu net twee death metal-bands zijn die ik dik te pruimen vind en waarvan hun platen geen tijd krijgen om stof te vergaren in mijn kallax-kasten. Het trio K.P. (bas), T.S. (drums) en S.A. (gitaar) (en wie voorziet de in-reverb-gedrenkte grunts?) laat met de nummers “Subdermal putrescence” en “Augmentation of the black void” horen dat er voortaan rekening dient gehouden te worden met deze grafdelvers. Snelle old-school death metal stukken worden afgewisseld met doomy atmosferische passages, zodat de dynamiek snor zit en de snelle partijen ook beter aankomen. Qua sfeer en (on)gezelligheid scoort het trio alvast een dikke voldoende. De trage riffs van ‘Subdermal putrescence” doen me ook terugdenken aan de vroege jaren negentig hoogdagen van een Obituary. Het was een tijdperk waarin death metal nog moddervet klonk in plaats van afgelikt technisch. Ook Vort’s sound klinkt lekker zompend en organisch zonder echter een te groot beerput-gehalte te hebben. Deze negen minuten gaan erin als zoete koek en dat de Gentenaren daarbij geen minuut origineel klinkt, is in dit geval helemaal niet zo erg. Grave Miasma en Spectral Voice doen binnenkort ons landje aan. Oproep aan de organisatie: laat Vort de gemoederen maar opwarmen die avond!

JOKKE: 82/100

Vort – Demo 2019 (Babylon Doom Cult Records 2019)
1. Subdermal putresence
2. Augmentation of the black void