enslaved

Orkan – Element

Het Noorse Orkan wist me een tijdje geleden te overtuigen als opener voor de Taake/Bölzer/One Tail One Head-package. De band was niet alleen aan de line-up toegevoegd wegens diens gitarist Gjermund Fredheim die al meer dan een decennium lang links van Taake’s Hoest op het podium prijkt (en tevens verantwoordelijk is voor de eerst banjosolo ooit op een black metal-plaat), maar zag ook de opportuniteit om nieuw werk te spelen van haar nagelnieuwe derde album “Element“. Zoals de titel reeds prijsgeeft, draaien de teksten rond de kracht en furiositeit van de vier natuurelementen waarbij vooral de prachtige landschappen van hun geboorteregio (het Stord-eiland ten zuiden van Bergen) geëerd worden. “Lenker” opent de plaat op een vrij traditionele manier met een snel en van repetitief drumwerk voorziene drive. “I flammar skal du eldast” en “Avmakt” klokken beide op meer dan negen minuten af en zijn epischer van opzet met lange uitgesponnen instrumentale passages en een mooie dynamiek die zich gaandeweg ontplooit als monumentale berglandschappen die uit de aarde oprijzen. “Iskald” bevat heerlijk opzwepend en iets technischer gitaarwerk en zanger Einar Fjelldal kwijt zich oerdegelijk van zijn taak door de voortrazende black van snijdende vocalen te voorzien. Orkan bewijst hier haar naam niet gestolen te hebben. “Motstraums” is een kort slepend nummer dat toelaat om zelf verzonnen Noors op een plechtstatige manier mee te k(w)elen. Hoewel de eerste zes nummers al een overdonderende indruk nalaten, komt de climax middels het afsluitende “Heim” waarin de vier Noren laten horen ook niet vies te zijn van experiment (we ontwaarden eerder op het album ook reeds accordeon-klanken, wat niet zo voor de hand liggend is voor een black metal-band). Cleane gitaren, een diepe pulserende tromdrum en dronende feedback zetten een droevige toon neer en creëren een spanningsboog die je op het puntje van je stoel doet zitten. De verwachte snelheidsuitbarsting blijft uit maar de song ontpopt zich tot een epische ode aan het thuisland waarin heldere zang alle aandacht opeist. Besluit: Orkan weet zich plaat na plaat nog meer te positioneren als een oerdegelijke speler in de Noorse black metal-league.     

JOKKE: 85/100

Orkan – Element (Dark Essence Records 2018)
1. Lenker 
2. I flammar skal du eldast 
3. Iskald 
4. Motstraums 
5. Avmakt 
6. Den våte grav 
7. Heim

Iskandr – Euprosopon

Het lijkt wel alsof alle muziek die de heer O aanraakt in goud verandert. We zijn immers al meermaals ferm onder de indruk geweest van zijn muzikale uitspattingen in onder andere Turia, Solar Temple, Lubbert Das, Galg en ook Iskandr, waarmee de man nu een tweede langspeler aflevert. Deze komt er na het debuut “Heilig land” uit 2016 en de EP “Zon” die later dat jaar uitkwam. De nieuwe plaat kreeg de ietwat vreemde titel “Euprosopon” mee en verwijst naar de onmogelijkheden van de ideale man (“prosopon” betekent het aanzien of de gestalte van een mens en is afkomstig uit het Grieks waar het woord oorspronkelijk “gezicht” of “masker” betekende). Er is echter nood aan een nieuw soort heldendom binnen het werelds verval en de plaat wil een heroïsch en middeleeuws symbolisme opwekken bij de luisteraar. O geeft zelf aan dat Noorse klassiekers zoals “Eld” van Enslaved, “Dark sorcery” van Aeternus en “…Again shall be” van Hades de voornaamste blauwdrukken voor Iskandr’s heidense black vormen. Drie platen die ik zelf ook met warme gevoelens onthaal, maar het is nu niet zo dat de invloeden er vingerdik opliggen. Het zijn eerder de strijdvaardige, heroïsche en triomfantelijke gevoelens van die albums die ook in de riffs, melodieën en strijdlustige zang van “Euprosopon” gecapteerd zijn. Bovendien zijn de vier lange composities complexer dan het oude werk en bevatten ze meer atmosferische elementen. Zo kent “Regnum” een meer timide akoestische passage die een heidens verlangen en terugkeer naar lang vervlogen tijden uitademt. Dit vormt een mooi contrast met de black metal passages. Ook het gebruik van koebellen en andere traditionele instrumenten in onder andere “Heriwalt” verrijkt de sound. Dit is echt een nummer dat de glorieuze oude Hades-dagen doet herleven terwijl de hoofdmelodie van “Verban” dan weer Drudkh uitademt en catchy klinkt. Nadat O in het verleden alle instrumenten zelf verzorgde, heeft hij nu in M. Koops van Fluisteraars een nieuwe strijdmakker gevonden voor de battle drums, wat op ritmisch vlak sterker uitpakt. Koops stond O tevens op productioneel vlak bij waardoor de plaat meer open en natuurlijk klinkt. De ambities van Iskandr reiken ver en met “Euprosopon” slagen ze erin om de verwachtingen meer dan waar te maken.

JOKKE: 86/100

Iskandr – Euprosopon (Eisenwald/Haeresis Noviomagi 2018)
1. Vlakte
2. Regnum
3. Verban
4. Heriwalt

Myrkraverk – Nær døden

Op papier zou ik instant verk(n)ocht moeten zijn aan Myrkaverk, het geesteskind van Infamroth, beter bekend van onder andere Throne Of Katarsis en Skuggeheim. Dat de man een voorliefde heeft voor klassieke black metal zoals die tot 1996 uit zijn thuisland verscheen is dan ook geen staatsgeheim. Hij benoemt het beestje zelf als “Nasjonalnekromantisk svart metall” en wist grootheden als Nocturno Culto (Darkthrone), Grutle Kjellson (Enslaved) en Hoest (Taake, Gorgoroth) te strikken om enkele gastvocalen vast te leggen voor zijn debuut “Nær døden” dat elf jaar na de oprichting verschijnt (eerder bracht Myrkraverk wel al twee EP’s uit). In welke songs deze legendarische zangers opduiken, mogen jullie zelf uitvissen. Tot hiertoe lijkt er nog steeds geen vuiltje aan de lucht te zijn, au contraire! Na de obligatoire intro klinken de conservatieve klanken van “Heidinn rites blot” en “Ritual” best aangenaam in de oorgang. Samen met drummer Blot destilleert Infamroth de meest ijskoude ingrediënten uit pure en authentieke Noorse black. Deze nummers hadden zo van de eerste paar Gorgoroth platen kunnen komen. Daarna verliest het duo echter alle focus en wordt een blik experimenten opengetrokken waarvan de inhoud alle kanten uitspat, soms in de vorm van nummers en soms eerder als intermezzo. Zo horen we rituele drums (met blikken koekendoos sound) en een saaie gitaarriff (“Astral“), wat getokkel op een Spaanse gitaar (“NatasataN” en “Rekviem“), eentonige black metal met hypnotiserende noise-vocalen (“Blåkvit“) en een valse gitaarsolo in een voor de rest OK song (“Instinkt“). Verder merken we nog oude heidense gezangen op die doen denken aan “Loreia” van Siebenbürgen (“Sensdlava“) evenals een hoop angstwekkende klanken in de titeltrack. Tussendoor passeren gelukkig ook nog het slepende “Hyllest! Reia!“, het kort maar krachtige (“Dimensjon dødsspiral“) en het zeven minuten durende, goed in het gehoor liggende “Nordvegen II“. Op een paar overtuigende nummers na mist “Nær døden” samenhang en structuur. Volgende keer graag sterkere songs uit de goede ideeën laten knallen in plaats van wat in het rond te schieten en elke losse flodder op plaat te gooien.

JOKKE: 66/100

Myrkraverk – Nær døden (Blut & Eisen Productions 2018)
1. Inngang
2. Heidinn rites blot
3. Ritual
4. Astral
5. Nær døden
6. NatasataN
7. Blåkvit
8. Sensdlava
9. Instinkt
10. Hyllest! Reia!
11. Rekviem
12. Dimensjon dødsspiral
13. Nordvegen II
14. Utgang

Deathcult – Cult of the goat

Deathcult, een bijster originele bandnaam is het hoegenaamd niet want volgens de metalen archieven lopen er toch enkele gelijknamige bands rond op onze aardkloot. In het geval van deze review betreft het de Noorse Deathcult waarin we enkele figuren aantreffen die hun sporen al dik verdiend hebben in notoire black metal bands. Het betreft hier immers Hoest van Taake op bas en de gebroeders Thurzur (drums) en Skagg (zang en gitaar) die we kennen van ondermeer Gaahlskagg en de live bezettingen van Taake en Gorgoroth. Tien jaar na het debuut waarbij de cultus van de draak geprezen werd, verschijnt er nu een ode aan de geit. En opnieuw wordt die vorm gegeven mits old school black metal zoals we die begin jaren negentig uit Noorwegen te horen kregen. De snelste, hardste of gevaarlijkste van de klas, wil het trio uit Bergen niet zijn. Hun black ligt immers tamelijk goed in het gehoor en bevat de nodige melodie, wat de lange opener “Climax of the unclean“, waarin ook met de vocalen geëxperimenteerd wordt, meteen duidelijk maakt. En met “Bloodstained ritual” gaan ze qua melodieuze tremolo/black ’n roll riffs nog een stapje verder. Het levert een aanstekelijke song op hoewel de solo aan het einde best achterwege had mogen blijven. Door de sound van de donderende drums aan het begin van “Ascension rite” lijkt het even alsof Gorgoroth’s “Revelation of doom” uit mijn boxen knalt, maar dan beter. Deze song wordt opgefleurd door Attila Csihar die sacraal aandoende vocalen uit zijn opperstrot perst en mee instaat voor de beste song van de plaat die ook enkele knappe cello-partijen bevat. Naast een bijdrage van Mayhem’s opperhoofd stond Dirge Rep (ex-Gehenna, ex-Enslaved) in voor de teksten en mocht ex-Taake lid Lava nog wat riffjes mee inspelen. Het inzetten van cello, maar ook van sitar (“Devilgoat“) en barokke gitaar en het veelvuldig opdraven van samples en naargeestige geluiden geeft de songs net dat tikkeltje meer eigenheid mee ten opzichte van veel gelijkgezinde collega’s. “Man versus beast” en “The oath” zijn meer rechttoe-rechtaan qua opzet waarbij toch opvalt dat de bas een mooi plaatsje tussen de distortion riffs heeft weten opeisen. De legendarische producer Eirik “Pytten” Hundvin (Grieghallen Studio) weet natuurlijk hoe hij aan zijn knoppen moet draaien om een Noorse black metal kraker deftig te laten klinken. “Cult of the goat” is een dikke aanrader voor fans van zowat elke band die in deze review aangehaald werd.

JOKKE: 86/100

Deathcult – Cult of the goat (Soulseller Records 2017)
1. Climax of the unclean
2. Bloodstained ritual
3. Ascension rite
4. Man versus beast
5. The oath
6. Devilgoat
7. Laudate hircum

Enslaved – E

Sommigen onder jullie zijn ongetwijfeld afgehaakt zodra het Noorse Enslaved rond de millenniumwissel begon te flirten met psychedelica en progressieve elementen en die stelselmatig haar viking/black-metal liet doordringen en overheersen. En ja ja, sommigen hielden het waarschijnlijk al voor bekeken na “Vikingligr veldi” of “Frost“, maar ik niet! Ik kan elke stijlperiode van Enslaved erg waarderen en vind het kwintet, waarbij zanger/bassist Grutle Kjelsson en gitarist Ivar Bjørnson reeds meer dan 25 jaar de spilfiguren zijn, één van de meest interessante bands van onze aardkloot. Voor het eerst sinds de “Isa“-plaat uit 2004 heeft er trouwens een nieuwe line-upwissel plaats gevonden aangezien keyboardspeler Herbrand Larsen het tourleven grondig beu was en meer tijd in zijn eigen studio wou doorbrengen als producer. Deze switch hield echter ook in dat de overgebleven bandleden op zoek moesten gaan naar een nieuw begenadigd zanger aangezien Herbrand ook instond voor de cleane vocalen die ondertussen niet meer weg te denken zijn uit de Enslaved-sound. Maar wie zoekt die vindt, en jonkie Håkon Vinje (voorheen actief in de progressieve rockband Seven Impale) werd ingelijfd om beide rollen op zich te nemen. Op het kakelverse “E” – langspeler veertien ondertussen waarvan de titel verwijst naar de fonetische waarde van de Ehwaz-rune maar die als een Latijnse M geschreven wordt – is het echter Grutle (in combinatie met co-producer Iver Sandøy) die de cleane zang nog vertolkt aangezien Håkon pas vrij laat aan boord kwam. O.a. in het korte, aanstekelijke en catchy “The river’s mouth” toveren de heldere vocalen kippenvel tevoorschijn. Van Håkon’s fantastische vintage toetsenwerk kan echter wel al volop genoten worden, de ene keer met een serieuze Deep Purple kwinkslag (“Sacred horse“), de andere keer bluesy à la Led Zeppelin (“Axis of the world“). Ondertussen heeft Enslaved een unieke sound die uit de duizenden herkenbaar is, maar de heren dienen toch op te letten dat ze zichzelf niet beginnen herhalen. Zo klinken de main riff en het ritmepatroon aan het begin van opener “Storm son” wel heel gerecycleerd. Toen ik deze elf minuten durende song – die als eerste nieuw nummer vrijgegeven werd – de eerste keer hoorde, was ik niet volledig overtuigd van de flow, maar ondertussen is het kwartje gevallen. Het kolossale nummer bevat zowat alle karakteristieke Enslaved-elementen: de wisselwerking tussen screams en cleane zang, proggy riffs, heftige black metal passages en uitstekend muzikaal vakmanschap. Enslaved levert met “E” dan ook een, enerzijds erg vertrouwd klinkende, plaat af die echter wel weer met kop en schouders boven de grijze massa uitsteekt. Het gaat er best erg progressief aan toe (zoals in het van tegendraadse ritmes aaneengeregen “Feathers of Eolh” en het met saxofoon ingekleurde “Hiindsiight“), maar er zijn nog steeds voldoende heftige passages aanwezig waardoor de contrasterende wisselwerking meermaals voor vuurwerk zorgt. De Röyksopp cover “What else is there?” ontbreekt spijtig genoeg op mijn bruine vinylplaten. Die zal ik dus on-line eens moeten opsnorren. Hulde aan Enslaved; vrijwel de enige Nuclear Blast band die ertoe doet!

JOKKE: 90/100

Enslaved – E (Nuclear Blast 2017)
1. Storm son
2. The river’s mouth
3. Sacred horse
4. Axis of the worlds
5. Feathers of Eolh
6. Hiindsiight
7. Djupet

Satyricon – Deep calleth upon deep

Nadat Satyricon in 1996 haar magnum opus “Nemesis divina” had uitgebracht, hadden Satyr en Frost met gemak op hetzelfde elan kunnen doorgaan. Echter koos het duo ervoor om de geijkte black metal paden te verlaten en brachten ze met “Rebel extravangza” een enorm harde, kille en modern-industrieel klinkende plaat uit waarop het middeleeuws karakter van het verleden verbannen werd. De plaat werd destijds niet door iedereen even gemakkelijk verteerd, maar zou later tot één van de favorieten van ondergetekende uitgroeien. Alle lof voor visionair Satyr! Nadien verscheen in 2002 “Volcano“, een overgangsplaat zeg maar, waarop Satyricon opnieuw op zoek ging naar een andere insteek. Met “Fuel for hatred” en “Possessed” preken er twee meer rock-georiënteerde nummers op die plaat die een voorbode voor de volgende vijftien jaar zouden inluiden. Echter was het al meteen opvolger “Now, diabolical” uit 2006 waarop die sound geperfectioneerd werd want “The age of nero” (2008) kwam er relatief snel voor Satyricon-begrippen en leek wel uit B-kantjes van die opnamesessie te bestaan. En ja hoor, de Noren leken zelfs nog wat C-nummers in petto te hebben, want de self-titled plaat uit 2013 vormde het absolute dieptepunt uit Satyricon’s carrière waarop we songs hoorden die nul komma nul raakvlakken hadden met black metal. En nu werd met veel bombarie “Deep calleth upon deep” aangekondigd. Aangezien mijn verwachtingen toch bedroevend laag waren, kon de plaat alleen maar meevallen. In opener “Midnight serpent” grijpt de band terug naar het “Volcano” era en lijken Satyr en Frost terug wat peper in hun lijkwitte Noorse reet te hebben, alleen spreken we nog maar over een vederlicht snuifje. Het poppy karakter van het trio “To your brethern in the dark” (een wiegende song waarbij de aanstekers – pardon smartphones – van het publiek voor extra sfeer moeten zorgen tijdens concerten en de titel tot treurens toe herhaald wordt), “Deep calleth upon deep” (dat een afgezaagde zanglijn bevat die Satyr al drie platen lang hanteert en met “In the forest old, when the moon rises and the shadows fall. Deep calleth upon deep. And in the forest old. Deep Calleth upon deep” echt wel puberale teksten laat horen) en “The ghost of Rome” (irritante gitaarloopjes en opera-gekweel) klinkt bedroevend slecht en maakt dit een soort van arena “black-pop” voor de massa. Om te vermijden dat Frost op zijn drumkruk in slaap zou vallen, besloot Satyr dan maar enkele progressievere tracks met avontuurlijkere drumpatronen te schrijven. In “Blood cracks open the ground” doet Satyricon het op zijn Enslaved’s, alleen hangt de song aaneen van de open eindjes, want de flow is ver te zoeken. “Dissonant” laat enerzijds wat experiment en venijn horen met overstuurde vocalen die naar de “Rebel extravaganza” tijden teruggrijpen maar bevat ook een misplaatste “Load“-era Metallica riff. Met het vertrouwd aanvoelende maar onverwachts sterk klinkende “Black wings and withering gloom“, boordevol up-tempo drumwerk en black metal grootsheid gericht aan het hoge Noorden, en het donkere “Burial rite” stijgt het niveau aan het einde van de plaat, hoewel het kalf dan eigenlijk al lang verzopen is. Daar waar “Satyricon” nog een knappe hoes had, is die van “Deep calleth upon deep” bovendien gatlelijk en daar kan het feit dat ze van de hand van de legendarische Noorse kunstschilder en graficus Edvard Munch is, niets aan veranderen. Ik heb de plaat zo’n zes keer beluisterd alvorens mijn gedacht erover neer te pennen…en dat is zes keer te veel. Tot nooit meer!

JOKKE: 55/100

Satyricon – Deep calleth upon deep (Napalm Records 2017)
1. Midnight serpent
2. Blood cracks open the ground
3. To your brethren in the dark
4. Deep calleth upon deep
5. The ghost of Rome
6. Dissonant
7. Black wings and withering gloom
8. Burial rite

Endezzma – The arcane abyss

Black metal: het is een genre waarin de ene band probeert opnieuw het warm water uit te vinden door de grenzen steeds te verleggen en de andere band vasthoudt aan traditie en de old school spirit. Het Noorse Endezzma behoort tot die tweede categorie. In haar tienjarig bestaan is “The arcane abyss” pas album nummer twee, hoewel de band ervoor ook nog wel als Dim Nagel actief was. Dat songschrijver Trondr Nefas (o.a. ook Urgehal en Beastcraft) kort na het verschijnen van het debuut “Erotik necrosis” uit 2012 te overlijden kwam, is hier natuurlijk debet aan. Frontman Morten Shax verzamelde een nieuwe line-up rond zich en bewijst op de nieuwe plaat dat Endezzma absoluut nog niet afgeschreven is. De Noorse black à l’ancienne is doorspekt met de nodige punk ’n roll invloeden, waardoor dit bij momenten rockt als een tiet. Het refrein van de titeltrack klinkt even als een Watain, maar door de bocht genomen is een band à la Carpathian Forest een betere vergelijking. Dit stelletje perverten zou recent terug uit hun SM-kelder gekropen zijn met ondermeer Endezzma-gitarist Mattis Malphas als snarenrukker. Zeker wanneer de band gas terug neemt, kunnen Nattefrost en co maar beter zorgen dat die langverwachte nieuwe plaat de moeite is, want aan Endezzma hebben ze een geduchte concurrent. De acht songs blinken uit qua songwriting, liggen goed in het gehoor en bevatten catchy refreinen en hier en daar een solo; en dat is allemaal positief bedoeld. Wie de cleane vocalen op het occult klinkende “Serpent earth” verzorgt, weet ik niet, maar de beste man zou zo maar even bij Enslaved aan de slag kunnen gaan om de opgestapte Herbrand Larsen te vervangen. Op “Sick kulta lucifer” komt ex-Beastcraft frontman Sorath Northgrove nog wat meebrullen en in de andere refreinen doe je dat vanaf de tweede luisterbeurt gewoon zelf. Lekkerrrrr!

JOKKE: 89/100

Endezzma – The arcane abyss (Pulverized Records 2017)
1. Intro
2. Malferno
3. The arcane abyss
4. Gates of mephisto
5. Morbus divina
6. Sick kulta lucifer
7. Serpent earth
8. Esoterisk mystagon
9. A grave so deep