grimfaug

Enthroned – Cold black suns

Nooit eerder zat er een gat van vijf jaar tussen twee opeenvolgende Enthroned-platen. Om maar aan te geven dat het na het verschijnen van “Sovereigns” duidelijk geen sinecure is geweest om met die elfde langspeler “Cold black suns” op de proppen te komen. Behalve op “Pentagrammaton” en “Obsidium“na, is Enthroned er nog nooit in geslaagd om twee opeenvolgende platen met dezelfde line-up in te spelen en ook nu vielen er twee personeelswissels te noteren. Bassist Phorgath hield het na elf jaar trouwe dienst voor bekeken (maar zat wel opnieuw achter de knoppen tijdens de opnames in de Blackout Studio) en werd vervangen door Norgaath (o.a. Coldborn, Grimfaug en Nightbringer). En op die moeilijke positie van tweede gitarist treffen we nu de Argentijn (!) Luis Cederborg aan. Nu u weer helemaal mee bent op vlak van line-up, kunnen we tot de muziek overgaan. Het moge duidelijk wezen dat “Cold black suns” niet de meest standaard Enthroned-plaat is geworden en dat we heel wat variatie te horen krijgen. In de vorm van het korte intense “Hosanna Satana” en het modern klinkende en claustrofobische “Vapula omega” vallen er nog wel enkele typische post-Sabathan-era Enthroned-nummers te bespeuren, maar een uitermate atmosferische en vrij toegankelijke song zoals “Silent redemption” en haar trippy start is toch wel een primeur voor onze vaderlandse blekkies. Het als een mantra opgebouwde “Aghoria” is met haar bezwerende gezangen een ander opvallend nummer dat boven de rest van de plaat uitsteekt net zoals de psychedelische insteek van het mysterieuze Oosters-klinkende “Oneiros” en haar rituele koorzang. “Beyond humane greed” is een song van contrasten op vlak van snelheid en bevat knappe psychedelische leads. Ook “Smoking mirror” heeft twee gezichten want na een mid-tempo start ontpopt het zich tot een razendsnel Enthroned-nummer waarin drummer Menthor volledig kan losgehen. Toch is er opnieuw ruimte voor een soort van kosmische atmosfeer die een link legt met het artwork waarvoor gitarist Neraath optekende. Het negen minuten durende “Son of man” borduurt hierop verder en heeft opnieuw een erg weids en open karakter waarbij ik soms wat Pink Floyd-invloeden in het gitaarwerk meen te bespeuren. Middels koorzangen die “Hail, Lucifer!” zingen komt er een einde aan deze avontuurlijke reis. Daar waar de laatste paar Enthroned-platen erg onderling inwisselbaar waren, siert het de band dat er met “Cold black suns” nieuwe wegen verkend worden. Puntje van kritiek is dat Enthroned in de blastpassages nogal steriel klinkt, een euvel dat ze sinds de laatste paar platen al hadden. Ik kan aannemen dat sommige fans wel eens zullen slikken bij de passages waar de band voluit voor atmosfeer gaat, maar ik smaak deze nieuwe invalshoek wel. Jankers die nog altijd op een nieuwe plaat in de stijl van “Towards the skullthrone of Satan” blijven hopen, zijn er ook nu weer aan voor de moeite en kunnen hun geld misschien beter op Sabathan inzetten.

JOKKE: 85/100

Enthroned – Cold black suns (Season Of Mist 2019)
1. Ophiusa
2. Hosanna Satana
3. Oneiros
4. Vapula omega
5. Silent redemption
6. Aghoria
7. Beyond humane greed
8. Smoking mirror
9. Son of man

Thronum Vrondor – Ichor (The rebellion)

Vorig jaar deden we een klein vreugdedansje toen Paragon Impure na een afwezigheid van dertien jaar keihard terug sloeg met “Sade” en nu zijn we opnieuw in onze nopjes met het uit Tielt afkomstige Thronum Vrondor dat er ook maar liefst tien jaar heeft over gedaan om met een opvolger voor het op Dante Alighieri’s “La divina commedia” gebaseerde “Vrondor II: Conducting the orchestra of evil” uit de bus te komen. Nu niet dat het oude werk dezelfde impact had als Paragon Impure’s onovertroffen “To Gaius!“, maar Thronum Vrondor leverde met haar eerste twee platen toch ook uitmuntende Belgische black af. Paragon Impure-mastermind Noctiz is trouwens op het Thronum Vrondor-debuut “Vrondor I: Epitaph of Mass-Destruction” uit 2007 nog als gastzanger te horen, naast de kern van de band die op de eerste twee platen bestond uit Vrondor (gitaar en bas; Hellewacht en Demonizer) en Crygh (drums en zang; ex-Urzamoth en ex-Grimfaug). Sinds 2015 lijfde het duo echter zanger SvN (Dodengod) als versterking in en werd aan album nummer drie begonnen dat nu eindelijk via Pulverized het levenslicht ziet. Ondanks de lange pauze klinkt Thronum Vrondor anno 2019 niet spectaculair anders dan een decennium geleden. De black van het misantropische trio roept nog steeds een desolate atmosfeer en apocalyptische beelden van ziekte, plagen, moord, kwelling en dood op, maar klinkt misschien net iets progressiever dan vroeger. Nadat de inleidende tonen van “The well” weggeëbd zijn, start “A symbol of acrimony” – één van de langere tracks op de plaat – vrij atmosferisch en bombastische door een aanwellend keyboardtapijt, maar al gauw ontbloot het trio haar tanden en krijgen we vervaarlijk klinkende black te horen. De klankkleur van nieuwe zanger SvN geeft soms een death metal-insteek aan het geheel hoewel hij varieert tussen black- en death-vocalen. De drumsound doet me wel te klinisch aan en neigt naar geprogrammeerde drums. Het hieronder te horen “Ceremony of atonement” is één van de meer agressievere tracks van het album zonder echter het gevoel voor melodie te verbannen daar er tal van melodieuze gitaarleads passeren. Ook doorheen de titeltrack zweeft een apocalyptische gitaarlead zoals die bij het latere In-Quest ook veelvuldig aanwezig waren. In het rustige middenstuk van het extreme “Diety” wordt met semi-cleane geëxperimenteerd, maar dat overtuigt niet voor de volle honderd procent. Het korte “Vision of the seven tombs” bevat heuse striemende black metal-riffs en staat in schril contrast met het meer dan zeven minuten durende “Doom upon doom…” dat – zoals de titel doet vernoemen – een trage epische start kent. Thronum Vrondor zet de luisteraar echter graag op het verkeerde been want al snel volgen opnieuw verschillende extreme erupties die de spanningsboog strak opgespannen houden. De cleane epische zang die aan het einde van het nummer opduikt, werkt hier dan weer wel. Er komt heel wat info binnen wat een tijdje vraagt alvorens alles verwerkt is. “Ichor (The rebellion)” is dan ook geen easy listening-album geworden maar een plaat waarvan de texturen zich pas na meerdere luisterbeurten in je hersenpan nestelen en die heel wat diepte en een eigenzinnig karakter laat horen. Welkom terug heren!

JOKKE: 81/100

Thronum Vrondor – Ichor (The rebellion) (Pulverized Records 2019)
1. The well
2. A symbol of acrimony
3. Ceremony of atonement
4. Ichor (The rebellion)
5. Diety
6. …And then the fall
7. Vision of the seven tombs
8. Doom upon doom…
9. The Last Specs of a Dying Light

Nightbringer – Terra damnata

“Does size matter?” In het geval van Kyle Spanswick in elk geval niet, want hoewel de Amerikaan klein van gestalte is, weet hij grootse dingen te doen met zijn Nightbringer. Op plaat nummer vijf bestaat het internationale gezelschap naast zanger/gitarist Kyle aka Naas Alcameth (Akhlys, Bestia Arcana) uit de Zweedse zanger ar-Ra’d al-Iblis (o.a. ex-Acrimonious), zanger/gitarist Ophis – je hoort inderdaad drie schreeuwlelijkerd aan het werk – Gitarist VJS (o.a. Adaestuo en Sargeist) – yep, ook drie gitaristen –  de Portugese drummer Menthor (o.a. Enthroned en Lucifyre) en met bassist Norgaath (o.a. Coldborn en Grimfaug) is er tenslotte zelfs een Belgische connectie. Allemaal jongens die het klappen van de zweep kennen en dus niet op een foutje te betrappen zijn. Voorganger “Ego dominus tuus” uit 2014 vond ik het toenmalige hoogtepunt uit de carrière van de band omwille van het lager gehalte aan enerverende tremolo picking leads ten opzichte van het ouder materiaal, wat me dus beter afging. Er werd wel grondig leentjebuur gespeeld bij Dark Funeral (zanglijnen) en in mindere mate Emperor en Dimmu Borgir (het symfonische aspect). Zelf zegt de band op de nieuwkomer terug te keren naar het meer orthodoxe geluid van “Hierophany of the open grave” uit 2011 –  wat ik beaam – maar spijtig genoeg betekent dat ook wel terug een hogere dosis volcontinu high pitched leads waar ik bij momenten onrustig van wordt – maar is dat eerlijk gezegd ook niet de bedoeling van black metal? In opener “As wolves amongs ruins” worden de snerpende leads zo verschroeiend heet als een laser waarmee foute tribal tattoos uitgewist kunnen worden om plaats te ruimen voor één of ander hip occult symbooltje. Naast moeilijker te verteerbare songs staan er ook een heleboel klassenummers op “Terra damnata” zoals “Midnight’s crown” waarbij de wisselwerking tussen de drie vocalisten vuurwerk geeft en “Let silence be his sacred name“, met haar dynamische en expansieve sound waarbij trage partijen afgewisseld worden met hyperspeed blasts die een meditatieve state of mind creëren. Referenties naar Emperor’s barokke “IX equilibrium“-periode zijn nog steeds aanwezig, zoals te horen is in de mid-tempo track “Inheritor of a dying world“. Het trage, slepende maar bombastische “The lamp of inverse light” springt het meest in het alziend oog met haar spoken word-sample, ontleend aan een interview met Julius Evola (Italiaanse filosoof, schilder en esotericus die hier spreekt over The Left Hand Path). In hekkensluiter “Serpent song” laat Nightbringer nog eens horen waarom ze qua complexe, symfonische black metal momenteel zo wat de absolute top in het genre zijn. Op grafisch vlak heeft de Mexicaanse kunstenaar David Herrerias zich weer eens mogen uitleven, want het cover artwork, vol occulte verwijzingen, is erg intrigerend. Deze jongens nemen hun spirituele overtuigingen uitermate serieus, wat bovendien respect afdwingt.

JOKKE: 86/100

Nightbringer – Terra damnata (Season Of Mist 2017)
1. As wolves amongst ruins
2. Misrule
3. Midnight’s crown
4. Of the key and crossed bones
5. Let silence be his sacred name
6. Inheritor of a dying world
7. The lamp of inverse light
8. Serpent sun