italië

Nubivagant – Roaring eye

Dat we hier fan zijn van Gionata Potenti aka Omega is al lang geen geheim meer. De laatste jaren waren we dan ook zeer te spreken over zijn werk bij onder andere Chaos Invocation, het geniale Hallucinogen van Blut Aus Nord en zijn eigen materiaal met Darvaza en Fides Inversa, en dit zijn dan maar enkele (grote) namen binnen het wereldje waaraan de Italiaan heeft bijgedragen, voornamelijk van achter de drumkit. Potenti’s dag duurt precies achtenveertig in plaats van vierentwintig uur, want tussenin heeft hij ook nog de tijd gevonden om zijn eerste solo-album in elkaar te timmeren, dat nu via Amor Fati het levenslicht ziet. Interessant natuurlijk, want werk van zijn hand is zo goed als altijd synoniem voor oerdegelijke blackmetal. Met Nubivagant, want zo heet het project, slaat hij echter een iets andere weg in. Nog steeds krijgen we naar goede gewoonte retestrak drumwerk, en ook de repetitieve, meeslepende riffs rollen vlotjes uit zijn pols en bevatten zoals gewoonlijk ook een orthodoxe inslag, hoewel die minder uitgesproken is dan bij pakweg een Fides Inversa. “Roaring eye” beslaat een goeie veertig minuten, opgebouwd uit 5 middellange nummers en een intermezzo in de vorm van “Solemn peals”. In tegenstelling tot Potenti’s andere bands wordt het tempo relatief laag en slepend gehouden (behalve op “Crawling the earth” waar we dan toch een hoop blastbeats te horen krijgen), wat de repetitiviteit ten goede komt. De man weet op instrumentaal vlak wel degelijk een meeslepend album neer te poten. Op instrumentaal vlak, that is, want op vocaal gebied gaat het er radicaal anders aan toe dan we van hem gewend zijn. Het ganse werk lang horen we geen enkele scream terug, integendeel: enkel cleane, melodieuze zang bereikt onze trommelvliezen, iets wat hier op Addergebroed zelden het geval is. Dit soort cleane vocalen die meer richting deathrock dan blackmetal neigen zijn naar mijn smaak vaker wel dan niet hit or miss, en in dit geval komt het helaas op dat laatste neer. Potenti’s zang klinkt ondanks een vrij vol geluid redelijk eendimensionaal en weinig gevarieerd, maar is wel ‘verdraagbaar’ (bij gebrek aan een beter woord). Wat echter compleet tenenkrullend is, is het feit dat in opener “Wonders of the invisible earth” zelfs gebruik wordt gemaakt van poppy meezingrefreintjes. Een greep uit het lyrisch aanbod op deze track: “Nananaaana // Nananaananaaa”, en dat terwijl teksten bij zijn andere projecten meestal wel degelijk in elkaar zitten. Heldere zang in blackmetal is sowieso al gewaagd, maar als die dan nog eens worden ingezet om meezingrefreintjes in de nummers te steken haak ik af. Het is pas tijdens het hierboven genoemde “Crawling the earth” dat er wat meer variatie en vooral kracht in de zanglijnen kruipt, wat ervoor zorgt dat dit (in combinatie met meer variatie in tempo) het meest interessante nummer van de plaat is geworden. Ook in afsluiter “The plague of flesh” gaat het tempo weer even de hoogte in en slaat de zangstem om in iets dat het midden houdt tussen cleane zang en geroep en waar eindelijk eens wat oprechte passie vanaf spat. Al bij al klinkt Nubivagant verre van slecht en de productie is naar aloude gewoonte ook weer dik in orde (wat komen die cymbaaltikjes heerlijk door in de mix) maar de ondermaatse en eentonige zang doet voor mij ferme afbreuk aan wat het album had kunnen worden. Meer variatie alstublieft! Onze Jokke lijkt deze aanpak dan wel weer te kunnen smaken en vindt het net verfrissend, dus het zal vooral van persoonlijke smaak afhangen. Mij doet het weinig, maar geef het vooral een kans gezien het album op elk ander vlak wél een zeer degelijk niveau haalt en aanhoudt!

CAS: 77/100

Nubivagant – Roaring eye (Amor Fati Productions 2020)
1. Wonders of the invisible world
2. The furnace of Apollyon
3. One eye upon the grave
4. Crawling the earth
5. Solemn peals
6. The plague of flesh

Idolatria – Tetrabestiarchy

Op het door Cold Poison ontworpen artwork van “Tetrabestiarchy“, de tweede langspeler van het Italiaanse Idolatria, prijken een serpent, een vleermuis, een geit en een gier. De teksten verhalen dan ook over een aantal interessante dierlijke mythen die in verschillende culturen centraal stonden (en nog steeds zijn). De terugkerende thema’s zijn de nihilistische visie van een decadente wereld gebaseerd op het aanbidden van Satan als de enige ware God en de interpretaties van dergelijke mythen als instrumenten om andere religies te vernietigen. De beschrijving van deze vier dieren is geïnspireerd op een porfieren sculptuur, daterend uit ongeveer 300 na Christus, genaamd “The portrait of the four Tetrarchs“. Het toont de vier heersers die de leiding hebben over het hele rijk, ingesteld door keizer Diocletianus. De beeldengroep is sinds de middeleeuwen bevestigd aan een hoek van de façade van de Basiliek van San Marco in Venetië en maakte oorspronkelijk waarschijnlijk deel uit van de decoraties van het Philadelphion in Konstantinopel. Deze interessante insteek wordt muzikaal vertaald in orthodoxe black voorzien van een flinke scheut death metal, vooral de zware productie en iets diepere vocalen dan gangbaar in de black metal scene, zijn hier debet aan. Een nummer als “Noctule – The emperor of scourge” laat horen dat de vier heren ook best technisch onderlegd zijn en dat ze ingewikkeld gestructureerde en rijkelijk dynamische composities kunnen neerpennen. Zo ondergaat dit nummer na de overweldigende start een volledige transformatie naar een serene maar sinistere rustgevendheid, om die vervolgens terug middels sonisch geweld aan flarden te scheuren. Na elke overgang aanschouwen we een nieuwe ervaring gaande van waanzin, geweld, onaardse verwondering en afschuwelijke pracht tot lugubere verrukking. “Goat – The servant of underworld” start eerder slepend en hypnotiserend maar de sacrale gezangen uit de intro worden vervolgens ondergesneeuwd door een lawine aan blastende drums en felle, ietwat atonale riffs. Dit neigt wel wat naar Aosoth als je het mij vraagt. Ook “Serpent – The father of darkness” en “Vulture – The god of last rites” bevatten vele gezichten, maar misschien moet ik voor de gelegenheid eens niet te veel verklappen en moeten jullie het zelf maar ontdekken. Idolatria overtuigt immers met een knappe, modern klinkende extreme metal plaat (Stephen Lockhart, gekend van tal van IJslandse spelers verzorgde de mastering) die soundgewijs wel wat afwijkt van het zwartmetaal dat we doorgaans van Signal Rex toebedeeld krijgen.

JOKKE: 80/100

Idolatria – Tetrabestiarchy (Signal Rex 2020)
1. Intro – Glorious praise to the tetrarchs
2. Serpent – The father of darkness
3. Noctule – The emperor of scourge
4. Goat – The servant of underworld
5. Vulture – The god of last rites
6. Outro – Vibrant flare of their coming

Prison Of Mirrors – De ritualibus et sacrificiis ad serviendum abysso

Dat deze Italianen hun bandnaam ontleend hebben aan het gelijknamige Xasthur-nummer lijkt me vrij ondenkbaar, want met lo-fi depressieve éénmans black metal heeft dit niets van doen. Integendeel, “De ritualibus et sacrificiis ad serviendum abysso“, het debuut (er verschenen eerder al twee EP’s) van Prison Of Mirrors, staat bol van de avontuurlijke black en death metal waarin met de nodige dissonanten in het rond gestrooid wordt. Een geluid dat oorspronkelijk door Franse pioniers als Deathspell Omega en Blut Aus Nord verkend werd en nadien gretig gekopieerd werd door tal van IJslandse bands. Het moge met andere woorden geen verrassing wezen dat Prison Of Mirrors onderdak heeft gevonden bij Oration, het label van Studio Emissary producer Stephen Lockhart en meesterbrein achter Rebirth Of Nefast. Stephen heeft immers een groot aandeel in de sound van het gros van de IJslandse black metal bands en nam ook de mix en mastering van deze plaat voor zijn rekening. De vier composities die op deze eerste langspeler prijken, vormen dan ook geen easy listening-materiaal. Opener “The unquenchable visions from the abyss” klokt meteen op negen minuten af. De twee volgende nummers doen daar telkens nog een minuutje bij en het afsluitende “Ascending through the majesty of the dark towers” verdubbelt de speeltijd van “Sigils for the ritual exhumation” en neemt een dikke 22 minuten voor zijn rekening. U weze gewaarschuwd! De duistere, occulte en rituele sfeerschepping die van de knappe albumhoes van Khaos Diktator Design (ofte Atterigner, die de Gorgoroth-plaat “Instinctus bestialis” inzong) afdruipt, vindt zijn weerga ook in het muzikale gebeuren. Met zo’n lange composities kan het ook niet anders dat Prison Of Mirrors de instrumenten ook geregeld lange tijd voor zich laat spreken. Hierbij creëren de riffs van Anubis en Lord Swart mystieke spanningsvelden waarin heel wat atonale riffs een akelig sfeer scheppen. Om de albumtitel geen onrecht aan te doen, mogen ook ritualistische elementen zoals sacrale Russische gezangen en rituele percussie niet ontbreken, maar drummer Bestia (o.a. Earth And Pillars) gooit ook tal van blastpartijen, tempowissels en minder gangbare ritmes in de strijd. Dikwijls vinden deze overgangen abrupt plaats in plaats van gelijdelijk aan aangekondigd en opgebouwd te worden. En wanneer Lord Swart zijn strot dan toch open trekt, ontsnappen er gortdroge screams die de satanische en orthodoxe boodschap verkondigen. Wel moeten de Italianen erover waken dat ze zichzelf niet te veel verliezen in hun ellenlange composities. Ik mis immers soms een kapstok, leidraad of écht memorabele riff die het ene nummer van het andere onderscheidt. Natuurlijk draait het bij een plaat als dit om de totaalbeleving en niet zo zeer om de indivuele songs, maar soms is minder ook meer weet je wel.

JOKKE: 79/100

Prison Of Mirrors – De ritualibus et sacrificiis ad serviendum abysso (Oration 2020)
1. The unquenchable visions from the abyss
2. Blaze of the ecstatic liturgy
3. Sigils for the ritual exhumation
4. Ascending through the majesty of the dark towers

The Rite – Liturgy of the black

De recensie van The Rite’s “The brocken fire” EP sloot ik af met de conclusie dat ik op basis van het gebodene niet zou wakker liggen van een navolgende langspeler. Maar kijk, die opvolger ligt er nu in de vorm van “Liturgy of the black” en passeerde hier wel eens tijdens de vele uren home office tijdens de lockdownperiode. Meteen viel me op dat de mix van klassieke doom en black die het Italiaans/Deense combo hier voorschotelt nu wel beter smaakte. De muzikale uitspattingen van The Rite zijn nog steeds verre van complex, maar het betere en meer pakkende songmateriaal verbloemt de soms eenvoudige opzet en structuur. De riffs van gitarist A.Th (Black Oath) zijn kwalitatiever, de melodieën pakkender, de narratieve stem van Denial Of God’s Ustumallagam klinkt sepulchraler dan ooit en het Hammer Horror-achtige orgel tovert de atmosfeer bij wijlen om tot een spookachtige bedoening. Langere composities als “Necromancy” en “Echoes of past lives” blijven ons nu wel van begin tot eind boeien. Halfweg “Liturgy of the black” maakt de mid-tempo kraker “Famadihanan” het meeste indruk. Het nummer verwijst naar de ‘herbegrafenis’ een funeraire traditie van de Malagassische bevolking in Madagaskar. Tijdens deze ceremonie, bekend als het omdraaien van de botten, halen mensen de lichamen van hun voorouders tevoorschijn uit de familiegraven, wikkelen de lijken in verse doeken en herschrijven hun namen op de doek zodat ze altijd zullen worden herinnerd. Vervolgens dansen ze op livemuziek terwijl ze de lijken over hun hoofd dragen en gaan ze om het graf heen voordat ze de lichamen terugbrengen naar het familiegraf. Deze – in onze ogen lugubere – aangelegenheid wordt door The Rite perfect in bezwerende en meeslepende muziek omgezet. Clean gitaargetokkel creëert een funeraire sfeer en de fluisterende vocalen lijken haast van de doden zelf afkomstig te zijn. The Rite weet ons dan ook positief te verrassen met dit debuut.

JOKKE: 79/100

The Rite – Liturgy of the black (Iron Bonehead Productions 2020)
1. The initiation
2. The black effigy
3. Children of Belial
4. Necromancy
5. Famadihanan
6. The bornless one
7. Echoes of past lives
8. Sinister minister
9. Trespassing the chapel
10. Past lives

Enepsigos – Wrath of wraths

De Noor Anders O. Hansen kennen we als Doedsadmiral van de bands Nordjevel, Doedsvangr en Svartelder. Hij houdt er echter nog een andere band op na die Enepsigos gedoopt werd en verwijst naar de gevallen engel uit het testament van Solomon die van gedaante kan verwisselen. Voor Enepsigos wist de Noor – hier actief als V.I.T.H.R. – drummer Thorns (Darvaza, Fides Inversa en zo veel meer) aan te trekken. Oospronkelijk was de band als studioproject ontstaan wat resulteerde in debuut “Plague of plagues” dat in 2017 via Drakkar Productions verscheen. Het duo wordt nu versterkt door gitarist/bassist Rituul die de opgestapte Straff vervangt en heeft het plan om ook live podia onveilig te maken, zodra dat terug aan de orde is wel te verstaan. Het riffwerk van Rituul is verankerd in Noorse black maar bevat – net zoals bijvoorbeeld de laatste Behexen-plaat – een aan Zweedse death metal ontleende grofkorrelige structuur. Natuurlijk wordt er geramd en geblazen maar een zwaar en heavy downtempo nummer als “Seventh seal” zoekt in de eerste helft eerder doom/death-regionen op waarna Zweeds hakkende drumpatronen het tempo de hoogte insturen om uiteindelijk in knuppeltoestanden en meer technisch gitaarspel uit te monden. Het is een dynamisch en complexer nummer waarin V.I.T.H.R. zijn stembanden in alle uitersten stretcht. Ook in het groovy blastmonster “The whore is the temple” kan de zanger zich uitleven – Attila komt haast even vanachter de hoek piepen – en het is om – net zoals de angstvallig schreeuwende dame die opduikt – schrik van te krijgen. De Gregoriaanse gezangen die “Cups of anger” aftrappen, vallen ook nog positief op maar eigenlijk valt Enepsigos zes nummers lang nergens op een foutje te betrappen, daarvoor is er te veel ervaring binnen de band aanwezig. De high pitched riffs hebben hier een enerverend randje wat doet denken aan Nightbringer. Is u trouwens het artwork van Benjamin A. Vierling al opgevallen? Diens kunstwerkjes prijkten in het verleden ook al menigmaal op die van de vermelde Amerikaanse referentie. Nog even meegeven dat “Wrath of wraths” in de Zweedse Necromorbus Studio vereeuwigd werd en met andere woorden van een puike sound voorzien is. Knappe plaat die een kruisbestuiving van black metal (de helse screams en de haatdragende atmosfeer) en death metal (het bijwijlen groovy riff-werk) laat horen.

JOKKE: 83/100

Enepsigos – Wrath of wraths (Osmose Productions 2020)
1. Shields of faith
2. Confess
3. Seventh seal
4. The whore is the temple
5. Cups of anger
6. Water and flesh

Funeral Oration – Eliphas love

Fans van Tool hebben maar liefst dertien jaar op een nieuwe plaat moeten wachten. Maar het kan nog erger. Het Italiaanse Funeral Oration bracht in 1996 haar debuut “Sursum luna” uit en liet haar volgelingen ruim drieëntwintig (!!!) jaar op een opvolger wachten. Tijdens de grote periode van inactiviteit verkaste bassist Malfeitor Fabban van het zuidelijke Apulia naar Rome om er ondermeer zijn eigenste Aborym op te richten. Zanger The Old Nick werd leerkracht en bibliofiel en bracht in 2017 ook “Letters from the dead” uit, een verzameling van zijn correspondentie met Mayhem’s Dead alvorens die iets te binnen schoot. Samen met oprichter en songschrijver Luca La Cara trok The Old Nick in 2017 terug de studio in voor wat de opvolger “Eliphas love” zou worden, een plaat opgedragen aan de vaders van de moderne esoterie (A.O. Spare, M. Rollinat, A. Saint-Yves d’Alveydre and S. de Guaita). In tegenstelling tot het debuut waarop de teksten in het Engels en Latijn waren geschreven, werd nu grotendeels voor het Italiaans gekozen. Een exotische keuze, die echter wel past bij het occulte sfeertje dat 36 minuten lang wordt neergezet, niettemin door de vele invloeden van klassieke Italiaanse horrorfilm soundtracks die in Funeral Oration’s black doorsijpelt. Keyboards zijn dan ook prominent aanwezig maar vervallen regelmatig in kermisgeluiden en foute jaren ’90 Last Episode-toestanden. Op de drumkruk vinden we Luca M. terug, maar door de digitale sound klinken ze veel te steriel naar mijn meug. Snelle nummers zoals “Furor eretico” hebben in hun venijnige momenten wel wat weg van het Enthroned rond de milleniumwisseling, maar deze passages zijn schaars. Het is pas wanneer we bij het zesde, meer gitaargedreven, nummer “Tregenda” aanbeland zijn dat er nog eens iets spannend gebeurt. Back in the nineties wist Funeral Oration al geen grote ogen te gooien en dat zal drieëntwintig jaar laten niet veel beter zijn.

JOKKE: 69/100

Funeral Oration – Eliphas love (Avantgarde Music 2019)
1. Intro
2. Furor eretico
3. Anatema di Zos
4. L’abisso
5. Marcia funebre
6. Tregenda
7. Vuoto mistico

Abhor/Abysmal Grief – Legione occulta / Ministerium diaboli

Qua stijl lijkt er op papier geen match te zijn, maar er zijn andere zaken die Abhor en Abysmal Grief verbinden en de samenwerking op deze split rechtvaardigen. Naast het feit dat beide bands zich vrij dicht bij mekaar bevinden indien je je platenkast alfabetisch ordent, zijn beide acts afkomstig uit Italië en draaien ze al een eeuwigheid mee in diens ondergrond. Abhor sinds 1995 om meer precies te zijn en Abysmal Grief werd een jaartje later opgericht. De oeroude black metal-klanken van Abhor openen deze split. Hun laatste langspeler “Occulta religio” uit 2018 ligt nog vers in het geheugen en draait hier nog regelmatig enkele rondjes. De nummers “Legione occulta” en “Possession obsession” liggen volledig in het verlengde van deze plaat. Mid-tempo black opgesmukt met allerhande angstaanjagende samples van exorcismes en natuurlijk is dat mysterieuze orgel ook weer volop van de partij. Daar het tempo zo laag ligt (enkel halfweg “Possession obsession” gaat het er wat sneller aan toe) is er uiteindelijk toch een stilistisch bruggetje te maken met de traditionele doom van Abysmal Grief. “Ministerium diaboli” start ook met mystieke orgelklanken en wordt daarna vergezeld door duistere keyboards, maar alles blijft zo’n dertien minuten lang wat aanmodderen. We krijgen nog wel Latijn-proclamerende vocalen, serene violen en op-de-achtergrond-opborrelende gitaarlijntjes voorgeschoteld, maar dat verandert niets aan het feit dat dit een zaaddodende meug is. Drummer Lord Of Fog mag na een minuut of acht eindelijk meedoen om nog een vijftal minuten een basis drumbeat te spelen waarover de andere bandleden nog wat rotzooien met oersaaie riffs en solo’s en een ver weggemoffelde scream. Ik snap wel welke sfeer Abysmal Grief poogt neer te zetten, maar dit is ronduit slaapverwekkend. Voor Abysmal Griefs’ bijdrage dien je deze split alvast niet aan te schaffen en wat Abhor betreft, kan je beter voor “Occulta religio” gaan. Overbodige release.

JOKKE: 65/100 (Abhor: 75/100 – Abysmal Grief: 55/100)

Abhor/Abysmal Grief – Legione occulta / Ministerium diaboli (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Abhor – Legione occulta
2. Abhor – Possession obsession
3. Abysmal Grief – Ministerium diaboli

Totalitarian – Bloodlands

De liefhebber van extreme metal weet al lang dat Italië meer te bieden heeft dan liedjes met veel gitaarsweeps en eenhoorns. Romeinse band Totalitarian onderlijnt dit behoorlijk met hun tweede release, de EP “Bloodlands“. Op het eerste gehoor zou je denken dat het gaat om de zoveelste black metal underground revival, maar wie wat meer aandacht besteedt aan de details in de nummers hoort meteen een pak complexer verhaal. Totalitarian raast aan gestaag blastbeat tempo doorheen vijf gitzwarte tracks vol dissonante melodieën en uitgespuugde vocalen en een instrumentale “outro”. De sound is rauwer en scherper dan wat er te horen was op hun debuut “De arte tragoediae divinae” en net als de muziek zelf is deze duidelijk gericht op agressie in plaats van de donkere melancholie typerend voor de voorganger. Het is een release die erg goed werkt als EP, omdat het gebrek aan variatie niet echt de tijd krijgt om te vervelen. Op een volgende, langere release zou ik toch uitkijken naar een meer evenwichtige mix. Het vijfde nummer “Of bullets en gas” heeft een heel sfeervolle partij met clean vocalen die bijvoorbeeld meer zou kunnen uitgediept worden. Fans van rauwe, intense black metal moeten dit zeker en vast eens beluisteren.

Xavier: 82/100

Totalitarian – Bloodlands (Barren Void Records/Lavadome Productions 2019)
1. 1933
2. The wings of the great terror
3. Defeated, destroyed and divided
4. Liberators
5. Of bullets and gas
6. Deathcult eternal

The Rite – The brocken fires

Na een afwezigheid van zeven jaar liet het illustere heerschap Ustumallagam recent weer van zich horen met zijn hoofdband Denial Of God. Sinds 2017 is de Deen echter ook actief bij The Rite, een band die hij samen met A. Th van het Italiaanse Black Oath oprichtte. De eveneens Italiaanse drummer P. Guts vervolledig het plaatje. Dit plaatje is er eentje dat nog met een analoog fototoestel getrokken werd, want de bands die als inspiratie gelden voor The Rite zijn ouwe knakkers zoals Mercyful Fate, Death SS, Celtic Frost, Samael, Ripper en Goatlord. Van die laatste werd “Acid orgy” trouwens door de mangel gehaald. Deze eerste vijfentwintig minuten tellende EP kwam oorspronkelijk via Unholy Domain Records uit, maar Iron Bonehead Productions besloot deze morbide black nu ook op CD te branden en op vinyl te persen. Na het door stormweer en kerkklokken vergezelde inluidende duivelsgebedje, barst “A pact with hell” uit de startblokken. Logge en mid-tempo black zonder al te veel toeters en bellen of wiskundige ritmes, is wat de heren ons voorschotelen. Wanneer A. Th doomy leads uit zijn gitaar tovert, hoor je de invloeden van zijn andere band overduidelijk. Er volgt nog wel een uitbarsting, maar die is eerder van korte duur. Dezelfde formule wordt ook in de twee andere nummers gehanteerd: doomy klanken vormen de basis maar de snellere partijen zouden ook de blekkies onder ons moeten kunnen bekoren. In het titelnummer vormen orgelklanken nog een extra sfeermaker. Daar het allemaal niet zo ingewikkeld klinkt en de nummers eenvoudig in mekaar zitten, heb ik het na een vijftal luisterbeurten wel gehad. Een zeven-minuten-durende song als “Heed the devil’s call” heeft simpelweg veel te weinig om het lijf om zo lang te boeien. Tijdens het afgelopen Metal Magic festival in Denemarken brachten de heren een gelimiteerde twee-songs-tellende-promo-rehearsaltape uit waarop reeds een tipje van de sluier werd opgelicht over wat we kunnen verwachten van het debuut dat voor het najaar gepland staat. Deze EP heeft me echter niet echt klaar kunnen stomen om van die langspeler wakker te liggen.

JOKKE: 66/100

The Rite – The brocken fires (Iron Bonehead productions 2019)
1. Prayer to Satan (Intro)
2. A pact with hell
3. The brocken fires
4. Heed the devil’s call
5. Acid orgy (Goatlord cover)

Darvaza – Darkness in turmoil

Het Italiaans/Noorse Darvaza breidt met het nagelnieuwe “Darkness in turmoil” een einde aan de EP-trilogie die het eerder met “The downward descent” en “The silver chalice” erg sterk was begonnen. Dat Omega aka Gionata Potenti een drummer van formaat is, bewees de kleine Italiaan al meermaals in o.a. Blut Aus Nord, Chaos Invocation en Glorior Belli (to name but a few) maar in Darvaza laat hij horen ook geweldige songs te kunnen schrijven. En als je dat talent bezit, heb je natuurlijk ook een fantastische frontman nodig die Omega vond in de Noor Wraath (o.a. One Tail One Head, Behexen, Ritual Death). Op muzikaal vlak liggen de drie nieuwe nummers in het verlengde van de twee voorgaande EP’s, waarbij “Towards the darkest mystery” misschien net iets meer old school vibes uitstraalt. “A new sun” is de snelste track van de EP maar vind ik vrij middelmatig voor hun doen. Gelukkig zijn er nog de gevarieerde vocalen die Wraath uit zijn strot kan toveren en die nog veel goed maken. In het catchy Lucifer-aanroepende refrein van “Towards the darkest mystery” laat de Noor zich écht gaan. “Fearless unfeard he slept” is tenslotte mid-tempo van opzet en opnieuw experimenteert de frontman lekker met zijn stembanden. Het nummer kent een plechtstatig einde waarbij de basgitaar lekker door de repetitieve gitaarriffs heen ronkt. Gionata’s gitaarspel is ondertussen best herkenbaar, dus daar verdient onze multi-instrumentalist alvast een dikke pluim voor. En met “Towards the darkest mystery” bevat ook deze EP een échte klepper zoals “The barren earth” vanop het eerste deel of de titelsong van de tweede EP. “Darkness in turmoil” is echter niet het overweldigende sluitstuk dat ik had verwacht, maar desondanks is Darvaza nog steeds een band die ik erg kan appreciëren – en dat heeft niets te maken met de slang in het logo – en die hopelijk nog tot grootse dingen in staat is.

JOKKE: 83/100

Darvaza – Darkness in turmoil (Terratur Possessions 2018)
1. A new sun
2. Towards the darkest mystery
3. Fearless unfeard he slept