king dude

Sterling Serpent – Sterling Serpent

Sterling Serpent is zo’n voorbeeld van een band waarin muzikanten uit reeds gevestigde acts de samenwerking aangaan. Seattle, Washington is de plaats waar Sterling Serpent opgericht werd en in de line-up treffen we David Alexander Nelson (Terminal Fuzz Terror), Joey D’Auria en Anne K O’Neill (beiden in Serpentent) en Dylan Desmond (Bell Witch) aan. Er zou ook nog een ex-lid van King Dude in de line-up moeten zitten en dat is meteen ook de grootste referentie die ik terug hoor in de vier nummers die op de eerste selftitled EP prijken. Donkere neo-folk met occulte inslag dus waarbij in dit geval donkere mannelijke zang in duet gaat met de verleidelijke klanken van Anne K. In opener “Violet” zorgt dat voor een onderhuidse spanning en sluimerende dreiging. In “Eternity” mag het er al eens wat steviger aan toe gaan en geeft de bezwerende zangstem van Anne K. een oosters cachet aan het nummer. Het is echt maf hoe sterk de diepe mannelijke vocalen in een song als het licht psychedelische “Bones” op die van Thomas Jefferson Cowgill aka King Dude gelijken. De diepdroeve emotie van het op akoestische gitaar en piano ingespeelde “Evelyn” weet me keer na keer te raken. Beloftevolle EP voor fans van King Dude, Chelsea Wolfe, Emma Ruth Rundle en consorten.

JOKKE: 81/100

Sterling Serpent – Sterling Serpent (Ván Records 2019)
1. Violet
2. Eternity
3. Bones
4. Evelyn

Duivel – Duivel

De in lichterlaaie staande kerk die op de cover van de eerste seven inch van het Nederlandse Duivel prijkt, lijkt wel een profetie te zijn voor het lot dat de Notre Dame een week na de release van dit duivelse kleinood onderging. Het kwintet brengt Dutch black metal the old way. Aan de tronies van de bandleden te zien, hebben we hier niet met een bende jonkies van doen maar met veteranen die het schijt hebben aan elke vorm van vernieuwing in de scene. Geen hipstertoestanden of boomgeknuffel dus, maar vieze en vuile archaïsche black metal-klanken waar echo’s van oude Samael en oer-Finse acts als Beherit of een Impaled Nazarene doorheen waren. P’s basklanken ronken lekker zwaar door en complementeren de simpele maar effectieve riffs van N die weliswaar wel wat te zacht in de mix staan. De keys van K zorgen – waar nodig – voor extra beleving zonder dat we met bombastische of symfonische toestanden te maken hebben. Het tempo bevindt zich grotendeels in de mid-regionen, hoewel drummer D ook de gaspedaal weet staan en de dynamiek dus niet uit het oog verliest. De raspende strot van frontman S scheurt nachtgewaden van wulpse nonnetjes aan flarden terwijl hij zijn Nederlandse teksten uitbraakt: “Ik ben de haat, allesverterend tot er niks meer in de kosmos bestaat!” Ván Records heeft o.a. van Urfaust, Kwade Droes, :Nodfyr:, Svartidauði en King Dude al sterke seven inches uitgebracht. Deze Duivel mag gerust aan het rijtje toegevoegd worden. Weeral een Nederlandse band bij om in de gaten te houden! Fans van Moenen Of Xezbeth en Perverted Ceremony moeten Duivel zeker eens een kans geven.

JOKKE: 83/100

Duivel – Duivel (Ván Records 2019)
1. Schaduw over God’s verdomde oord
2. In ketens & vlammen

(Dolch) – III – Songs of happiness, words of praise

Dezelfde stem die tijdens de meest recente Mayhem tour voorafgaand aan de show vroeg om geen foto’s te maken en de smartphones achterwege te houden, trapt de derde EP van het Duitse (Dolch) in gang met een dienstmededeling waarbij onder andere wordt meegegeven dat de zesde track van de plaat achterstevoren kan afgespeeld worden, tenminste als je een platenspeler hebt. Beetje vreemd om een album op dergelijke manier in gang te zetten, zeker voor een band waarbij atmosfeer en een serene sfeerschepping centraal staan. Daarna volgt een korte intro met pauken en trompetten – zoals de titel zonder rond de pot te draaien weergeeft – en kan het album met “The river” eindelijk tot de kern van de zaak komen. Gedurende acht minuten weten de dame en heer complete duisternis op te roepen met hun fuzzy zwartgeblakerde doom met een industrieel randje, die soms wel wat aan Urfaust verwant is. De titel van de plaat is behoorlijk “tongue in cheek” want een mens geraakt van het melancholische geluidlandschap dat gecreëerd wordt, in combinatie met de droevige vocalen en neerslachtige teksten, nu niet bepaald in een vrolijke mood. Maar dat is natuurlijk de doelstelling niet van het Duitse duo. “Siren” doet haar naam alle eer aan want het repetitieve karakter van de song en de bezwerende lokroep van de zangeres zuigen je mee de dieperik in. “Hydroxytryptamin baby I” is bedwelmend in al haar glorieuze tristesse. Niet moeilijk als je weet dat deze neurotransmitter (ook gekend als serotonine) een invloed heeft op het geheugen, stemming, zelfvertrouwen, slaap, emotie, seksuele activiteit en eetlust en een rol speelt bij de verwerking van pijnprikkels. Op kant B prijkt enkel het achttien minuten durende “100000 days” dat ook erg repetitief en hypnotiserend van opbouw is, maar al snel verzandt in één langgerekte noise-partij. In vergelijking met de eerste twee EP’s vallen de songs – eigenlijk dekt de term “compositie” beter de lading – nu een pak moeilijker onder de noemer “occult ambient rock” te catalogiseren en blijven ze eerlijk gezegd niet bepaald hangen omdat de catchiness van het oude werk simpelweg ontbreekt. Ook tijdens het recente optreden van de tour met King Dude en The Ruins Of Beverast bleek overduidelijk dat de oudere nummers het beter doen. Oh ja, die zesde track is niets meer dan wat applaus en kort gebrabbel dat ik nog niet weten ontcijferen heb.

JOKKE: 70/100

(Dolch) – III – Songs of happiness, words of praise (Ván Records 2017)
1. Opening speech
2. Intro mit Pauken und Trompeten
3. The river
4. Siren
5. Hydroxytryptamin baby I
6. Track six
7. 100000 days

Chelsea Wolfe – Abyss

De Amerikaanse singer-songwritster Chelsea Wolfe is ongetwijfeld één van de meest intrigerende madammen die er in het muziekwereldje rondlopen. Duidelijk niet voor één gat te vangen als je weet dat ze in haar muziek elementen van black metal, drone, ambient, psychedelica, goth en folk tot een interessant geheel verwerkt, ze reeds een film (“Lone”) heeft uitgebracht en haar muziek reeds gebruikt werd voor onder andere “Game of thrones” en “Fear the walking dead”. Ze houdt er tevens een naarstig werktempo op na want sinds haar debuutplaat “Soundtrack VHS” in 2010 verscheen, bracht ze bijna elke jaar een release uit, zij het een album, EP, collaboratie (King Dude) of gastbijdrage (Russian Circles). Op de eerste single “Carrion flowers” en tevens openingstrack van het nieuwe album “Abyss” wordt meteen duidelijk dat het album heavier, donkerder en mysterieuzer is uitgevallen dan “Pain is beauty” en de rest van haar oeuvre. Het album barst van de distorted guitaren en beukende drumslagen. Met momenten zorgen de dronende gitaarpartijen, die een torenhoge duisterheid doen oprijzen, voor magistrale contrasten met meer ingetogen fragiliteit en kwetsbaarheid, zoals in “Iron moon”. De drummer speelt zelden een steady beat maar kiest eerder voor een rituele invulling van het percussiegegeven. Mevrouw Wolfe klonk nog nooit zo veelzijdig als op de nieuwe langspeler. Regelmatig worden haar vocalen door de effectenmixer gehaald wat resulteert in onheilspellende en hypnotiserende zang zoals in het geniale “Dragged out”. Dat er geen dozijn zangeffecten nodig zijn om de luisteraar te beroeren bewijst ze in rustigere songs zoals “Maw” en “Simple death” en ook wanneer enkel vergezeld door een gitaar (“Crazy love”) weet ze tot het diepst van je ziel door te dringen. In deze song en “Survive” komt de donkere folk het meest uit de experimentele geluidsmuur naar de voorgrond getreden. In “After the fall” zorgt verwrongen gitaargedonder, doorspekt met subtiele elektronica en trip hop voor een onbehagelijk gevoel. “Color of blood” neigt met momenten dan weer meer naar experimentele industrial. Er staat werkelijk geen enkele mindere of overbodige track op “Abyss” wat getuigt van puur vakmanschap. De songs zijn het resultaat van een jarenlang gevecht met rare dromen en slaapproblemen en Wolfe gaat met momenten emotioneel erg diep. Straffe plaat van een straffe madam die by the way 666 keer duisterder en oprechter klinkt dan het gros van de black metal panda’s.

JOKKE: 86/100

Chelsea Wolfe – Abyss (Sargent House 2015)
1. Carrion flowers
2. Iron moon
3. Dragged out
4. Maw
5. Grey days
6. After the fall
7. Crazy love
8. Simple death
9. Survive
10. Color of blood
11. The abyss