unreqvited

Unreqvited – Mosaic II: la déteste et la détresse

Nu we toch even massaal opgesloten zitten is het tijd voor een inhaalbeweging, dus haal ik wat releases van onder het stof die ons alziend oog waren ontglipt, of waar ik tot nu toe nog geen tijd voor heb gehad. Twee jaar geleden haalde het Canadese Unreqvited nog mijn jaarlijst met “Stars wept to the sea”, sindsdien hebben we “Mosaic I: l’amour et l’ardeur” over het hoofd gezien en kwam er begin dit jaar een split met Sylvaine. Op diezelfde dag werd echter ook langspeler nummer vier de wereld in gestuurd, een aansluitend vervolg op nummer drie. Deze timing was geen toeval, want waar de Canadees zelf zei dat de split zijn lichtste materiaal tot op heden was, geldt het omgekeerde voor “Mosaic II: la déteste et la détresse”: dit zou zijn meest zwaarmoedige uitspatting zijn. Zwaarmoedig, niet zwaar, want Unreqvited klinkt nog steeds even etherisch. Op deze laatste telg wordt meer dan ooit geëxperimenteerd met keyboards, waardoor we op het einde van “Wasteland” zelfs op een soort trap-beat worden getrakteerd. Nog steeds fungeren de vocals enkel en alleen als instrument (er worden namelijk geen teksten geschreven), maar gevoelswaarde bevat de muziek des te meer. Zweverige keys en post-rockachtige gitaarlijnen wisselen elkaar constant af (zoals op “Stars wept to the sea” ook al het geval was, alleen wordt dit contrast hier meer uitvergroot) en halfweg krijgen we een rustpunt in de vorm van “Transience I: the ambivalent”, een naar mijn mening overbodige opener van het afsluitend drieluik dat voor twee delen uit ambient bestaat, en waarvan het afsluitende zelfs meer richting distorted noise neigt, niet geheel onverwacht gezien het nummer “Trancience III: the static” heet. Niet mijn kopje thee; want daar waar de naamloze Canadees met de eerste vier tracks bijzonder puike nummers aflevert, verliest hij momentum en gaat hij tijdens het laatste kwartier van het album de mist in. Dat hij hiermee ‘het meest donkere werk’ bedoelde kan ik begrijpen, maar muzikaal biedt het niet bepaald veel meerwaarde, ook omdat het drieluik zo opvallend breekt met wat eraan voorafging. Ondanks dat er dus héél veelbelovend wordt opgebouwd, waarbij “Pale” echt een parel van een nummer is (de solo halfweg is niet minder dan prachtig te noemen), wordt helaas met een sisser afgesloten.

CAS: 76/100

Unreqvited – Mosaic II: la déteste et la détresse (eigen beheer, 2020)
1. Nightfall
2. Wasteland
3. Pale
4. Disorder
5. Transience I: the ambivalent
6. Transience II: the gentle void
7. Trancience III: the static
8. Can’t help falling (bonus track)

Sylvaine/Unreqvited – Time without end

Dat we hier fan zijn van Sylvaine en Unreqvited steken we niet onder stoelen of banken. Deze twee namen zijn dan ook van het meest hoogstaande dat post-black metal de dag van vandaag te bieden heeft, hoewel ze blijkbaar niet trve metal genoeg zijn om op de metalen archieven vermeld te worden. Ik sprong dan ook een gat in de lucht toen aangekondigd werd dat beide zouden samenwerken voor een split, die eigenlijk meer een collaboratie is geworden. Op “Time without end”, bijt Kathrine Shepard de spits af middels twee nummers die inderdaad geen spoortje metal bevatten. Niettemin zullen de nummers van de Noors-Franse met engelenhaar menig liefhebber van atmosferische black metal en shoegaze kunnen bekoren. “No more solitude” is gestript tot de pure essentie: enkel piano-arrangementen en haar fragiele stem zorgen voor een ingetogen start van deze split. Op “Falling” wordt de sfeer weemoediger dankzij de Agalloch-esque akoestische gitaar die ten tonele verschijnt en waarin vocaal ook de lagere regionen worden opgezocht, die in schril contrast staan met de hoge engelenvocalen in het refrein. De tweede helft van de split is aan Unreqvited, die hier zijn tot nu toe lichtst verteerbare muziek uitbrengt, in contrast met zijn meest donkere werk op het gelijktijdig uitgebrachte “Mosaic II: la déteste et la détresse”. Op “Interwoven” horen we voor het eerst elektrisch versterkte instrumenten en komen er ook drums aan te pas, al blijft het geheel vrij licht voor de Canadees zijn doen. Gezien Unreqvited op ander werk ook geen teksten schrijft en de vocalen dus puur als instrument worden ingezet, wordt deze trend voortgezet met de cleane zang van Kathrine die fungeert als extra melodielijn, in samenspel met de etherische keyboard die tevens een ferm crescendo inzet alvorens terug licht en bezwerend het nummer af te sluiten. Afsluiter “Meadows of elysium” wordt volledig door de Canadees voor zijn rekening genomen en bevat voor het eerst een échte post-black uitbarsting, compleet met blastbeats en melodieus riffwerk, nog steeds gedragen door zijn ondertussen typerende synths. Na de drie voorgaande, zweverige tracks komt deze explosie als een verrassing, maar komt de dynamiek ten goede en weet toch dezelfde sfeer als de eerste paar nummers te capteren. Door de band genomen krijgen we hier een samenwerking waarbij beide artiesten hun wederzijds respect betuigen. Het duo toont zich hier van hun meer fragiele kant, en dat gaat hen bijzonder goed af! Voor zij die Sylvaine trouwens eens live aan het werk willen zien speelt ze op 31 mei als support act op de CD-release van Thurisaz te Wervik.

CAS: 86/100 (Sylvaine: 88/100; Unreqvited: 84/100)

Sylvaine/Unreqvited – Time without end (independent, 2020)
1. Sylvaine – No more solitude
2. Sylvaine – Falling
3. Unreqvited – Interwoven
4. Unreqvited – Meadows of elysium

Unreqvited – Stars wept to the sea

Wie anno 2016 af en toe eens door Youtube-comments scrolde kreeg ongetwijfeld lucht van het Canadese Unreqvited. De man achter de band (die schuilgaat onder het pseudoniem 鬼) had toen net “Disquiet” uitgebracht, en vond schaamteloze zelfpromotie op bovengenoemd kanaal precies de beste methode om het nieuws te verspreiden. Deze onorthodoxe promocampagne werd hem echter snel vergeven toen “Disquiet” een pareltje bleek te zijn waarin aangrijpende pianolijnen een bijzonder sfeervolle combinatie met atmosferische black metal en shoegaze vormen. Middels de plotse vrijgave van het nummer “Stardust” en het prachtige artwork van de mij tot nu toe onbekende Saprophial werd “Stars wept to the sea” aangekondigd. “Stardust” liet meteen horen dat Unreqvited vasthield aan de vertrouwde sound maar deze heeft uitgediept. Zo zijn de gitaren op de nieuwe telg iets prominenter aanwezig en wordt iets meer focus gelegd op het black metal aspect in de muziek. Na een lang uitgesponnen intro-track (die voor een keer niet totaal overbodig is) komt dan “Anhedonia”, meteen één van de meest aangrijpende nummers die het album rijk is. Een ietwat slepende, über-melancholische riff wordt ten gepaste tijde doorspekt met piano waarbij de uiterst getormenteerde screams (die bijwijlen wel wat richting het DSBM-genre neigen) nog net die extra touch geven. Unreqvited moet zich de terechte bedenking hebben gemaakt dat veel atmosferische black metal vaak nogal monotoon is, dus werd er beslist om de nodige variatie en tempowisselingen aan te brengen. Ook aan een rustpunt werd gedacht, en het moet gezegd dat de outro met fe-no-me-na-le vrouwelijke zang op het einde van het titelnummer een absolute meerwaarde biedt. Ook “Empyrean” voorziet halverwege het album een moment om even stil te staan met kalmere, ambient aandoende klanken. Niks dan lovende woorden voor Unreqvited hier, en dan zitten we nog maar halfweg het album. “Kurai” implementeert Agalloch-gewijs enkele natuurgeluiden zoals fluitende vogels, om vervolgens te exploderen in een beklijvend nummer dat bijna op een Woods of Desolation-plaat zou hebben gepast. Voor het eerst krijgen we een fikse verhoging van het tempo en zijn er blastbeats en een enorm heldere lead te horen. De rest van het album gaat op dit élan verder, waarbij afsluiter “Soulscape” een perfecte samenvatting is van alles waar Unreqvited voor staat. Dynamisch, melancholisch en fucking goed zijn enkele termen die het album perfect vatten. Met “Stars wept to the sea” levert Unreqvited prachtwerk af dat het ook al steengoede “Disquiet” bijna naar de vergetelheid verwijst. Volgens sommigen is de band niet ‘metal’ genoeg en verdient ze daarom geen plekje in de metalen archieven, maar wat dit album wél verdient is een plek in de collectie van iedereen die het genre een warm hart toedraagt. Unreqvited katapulteert zichzelf in één klap naar het absolute summum van de atmosferische black metal, en brengt ons één van de beste albums die het genre in jaren heeft gezien. Het feit dat het album al iets meer dan een maand uit is en nog steeds quasi dagelijks te horen is in casa Cas zou boekdelen moeten spreken. Als dit pareltje niet in de jaarlijsten verschijnt kap ik ermee, want beter dan dit wordt het niet.

CAS: 95/100

Unreqvited – Stars wept to the sea (Avantgarde Music, 2018)
1. Sora
2. Anhedonia
3. Stardust
4. Kurai
5. Empyrean
6. White Lotus
7. Namida
8. Soulscape