verenigd koninkrijk

Ninkharsag – Discipline through black sorcery

UK Black metal doet het de laatste tijd vrij goed bij de Addergebroed redactie. Ook in het geval van Ninkharsag bevinden we ons op het eiland aan de overkant van de Noordzee. Ik dacht eerst dat het een nieuwe band betrof die Vendetta Records een duwtje in de rug wou geven, maar blijkbaar loopt Ninkharsag – vernoemd naar een vruchtbaarheidsgodin uit de Sumerische mythologie – al sinds 2009 op deze aardkloot rond en werd vijf jaar geleden reeds een eerste volwaardige langspeler “The blood of celestial kings” via Candlelight Records verspreid, volgens de band destijds niet meer dan een veredelde demo. Wedra zou echter de nieuwe langspeler “The dread march of solemn Gods” moeten verschijnen en in de vorm van de “Discipline through black sorcery” 7 inch krijgen we daar al drie voorproevertjes van. De band, die oorspronkelijk als een soloproject van lead gitarist Paul Armitstead startte maar ondertussen tot een volwaardige entiteit uitgroeide, heeft een grote voorliefde voor old-school Zweedse meloblack genre Dissection, Lord Belial, Dark Funeral, Setherial en Naglfar, dat wordt al vrij snel duidelijk. Drummer Jay Pipprell’s zweep gaat er tempogewijs dan ook drie nummers lang zo goed als voortdurend op, hoewel “The lord of death and midnight” eveneens wat meer groove laat horen. Ook logo’s van oude heavy metal bands zijn onmiskenbaar op de lederen vesten van de bandleden genaaid, luister maar eens naar het gitaarstukje naar het einde van “The necromanteion” toe. De scream van zanger/gitarist Kyle Nesbitt is bovendien vrj goed verstaanbaar, wat helpt bij het meebrullen van de toegankelijke refreinen. Originaliteitsprijzen zijn niet aan Ninkharsag besteed en het onderscheidend karakter van de drie songs is vrij miniem. Voor wie hier echter geen genoeg van krijgt, heeft Ninkharsag met de gekende ingrediënten van Zweedse meloblack een interessante teaser voor zijn op til zijnde langspeler weten klaarstomen.

JOKKE: 77/100

Ninkharsag – Discipline through black sorcery (Vendetta Records 2020)
1. Discipline through black sorcery
2. The necromanteion
3. The lord of death and midnight

Abduction/Nocturnal Prayer – Intercontinental death conspiracy

Abduction – de éénmansband uit het Verenigd Koninkrijk – staat sinds de release van zijn derde langspeler “All pain as penance” op ons lijstje van bands die we zeker in de gaten moeten houden. A|V besloot een internationale samenzwering aan te gaan met het Canadese Nocturnal Prayer, een duo dat pas sinds 2019 muzikale output produceerde en tot dusver twee demo’s op zijn conto had staan en waarmee de Engelsman een gedeelde interesse in kosmisch nihilimse, dood en wedergeboorte deelt. Of het ligt aan het feit dat de sound van deze Canadezen, vergeleken met de Europese/Amerikaanse black metal blend van Abduction meer orthodox, rauwer, monochromatisch en wars van alle moderniteiten klinkt, weet ik niet, maar feit is dat de vier nummers die Abduction voor zijn rekening neemt productioneel gezien rauwer zijn uitgevallen dan wat we op “All pain as penance” hoorden. Vooral de power is uit de sound en meer bepaald de basdrum weggezogen wat verdomd jammer is, want de link die hierdoor met het geweldige Aosoth gelegd werd, verdwijnt nu als sneeuw voor de zon. Vooral in agressievere nummers als “Mass extinction salvation” of “Astral projection” en het wat meer technische “In ceaseless night” wordt die moddervette sound gemist. Een meer gelaagde en atmosferische song als “Cremation sickness” blijft in deze nieuwe aanpak wel nog overeind, maar algeheel genomen stelt Abduction me hier toch wel wat teleur na de fantastische voorganger. Een dunne en iele productie bevalt het zwartmetaal van Nocturnal Prayer, dat eigenlijk dicht tegen de huidige Portugese scene aanleunt, dan weer wel als gegoten. Op het eerste gehoor heeft deze no-nonsense black weinig om het lijf maar de twee Canadezen weten in “Leading the tumbrels of affliction” toch te verbazen door opera-achtige zang te laten samenvallen met het typische black metal gekrijs. In “Drink the kindled flask of longevity” gaan de heren voor een wat meer swingende black ’n roll aanpak en duikt in de finale heldere, haast dronkemanszang op. “Solar danctums raped by calamity” is het meest traditionele nummer van de drie stuks die we voorgeschoteld krijgen en bevalt me met zijn pakkende hypnotiserende tremolo’s het meest, hoewel de heren het niet kunnen laten om ook hier finaal, vergezeld door atonale akoorden, vocaal uit de bocht te gaan met nietszeggend gebral. Het zijn fratsen die we al kenden van op de demo’s. Hoewel het demomateriaal van deze heren me meer raakte, ligt Nocturnal Prayer me in dit cross-continentale pact wat beter dan Abduction, maar absoluut noodzakelijk is deze split niet.

JOKKE: 76/100 (Abduction: 75/100; Nocturnal Prayer: 77 /100)

Abduction/Nocturnal Prayer – Intercontinental death conspiracy (Inferna Profundus Records 2020)
1. Abduction – Mass extinction salvation
2. Abduction – Astral projection
3. Abduction – Cremation sickness
4. Abduction – In ceaseless night
5. Nocturnal Prayer – Leading the tumbrels of affliction
6. Nocturnal Prayer – Drink the kindled flask of longevity
7. Nocturnal Prayer – Solar danctums raped by calamity

Despondent Moon – The infernal shadows of winter

Derde langspeler op een half jaar tijd alweer van Despondent Moon, het geesteskind van de Brit Deorc Weg. Als je dan weet dat hij met zijn ander, naar zichzelf vernoemde, dungeon synth soloproject sinds januari 2017 al een twintigtal (digitale & tape) releases heeft uitgebracht, weet je dat zijn inspiratievat bodemloos lijkt. Despondent Moon situeert zich in de symfonische, maar rauwe black metal hoek, maar meet zich een kosmisch karakter aan waar tevens ook ruimte is voor ambient en dungeon synth. Een geluid dat over-en-weer flitst tussen de diepste ondergrondse krochten en het oneindige heelal dus. De drumcomputer raast onverstoord als een bezetene en vormt de hogesnelheidspuls voor de volcontinu pakkende melodieuze leads die de solomuzikant uit zijn gitaar schudt. De salpeter screams en hoge shrieks echoën door tijd en ruimte en geven – ondanks een gebrek aan variatie – een ijselijke dimensie aan zijn black metal. In tegenstelling tot kosmische genre-astronauten als Borgne, Arkhtinn of Darkspace worden de nummers – op de zeven minuten durende afsluiter “The veil of the wintermoon” na – vrij bondig gehouden, maar door het ijzingwekkend hoge tempo gebeurt er bijna zoveel als wat er in een lichtjaar bij een funeral doom band plaats vindt. Het breekpunt tussen het sinistere pianospel in “Shrouded movement by night” en de rauwe monsterriff die de afsluiter vervolgens in gang trapt, bezorgt me keer op keer kippenvel. Vergeleken met de voorgangers “A spectral descent” en “Invoking the freezing mist” heeft “The infernal shadows of winter” productioneel gezien aan kosmische kracht toegenomen. Het symfonische element van Despondent Moon zal fans van oude Emperor ongetwijfeld kunnen bekoren en de snerpende doordreunende gitaarthema’s refereren aan een Nightbringer. In de beklijvende titeltrack valt alles mooi samen. Heerlijk spul!

JOKKE: 82/100

Despondent Moon – The infernal shadows of winter (His Wounds 2020)
1. Majestic chants of the spectral forest
2. Frost beneath the vast light
3. The crystal dagger in the mighty woods
4. Of the black cosmos (pt II)
5. The infernal shadows of winter
6. Ancient coffins amongst the trees
7. Shrouded movement by night
8. The veil of the wintermoon

Lychgate – Also sprach Futura

Het Britse Lychgate behoort sinds hun gelijknamig debuut uit 2013 tot mijn absolute favorieten. Waar ze toen nog te klasseren vielen onder “experimentele black metal”, gaat de muziek sinds het geniale tweede album “An antidote for the glass pill” meer richting een soort technisch progressieve horror doom met black en death invloeden. Daarop werd verder gebouwd gedurende de derde langspeler “The contagion in nine steps” en nu dus ook op de EP “Also sprach Futura“. Laat me deze bespreking echt beginnen met te duiden dat dit niet voor iedereen is. De doodse dissonantie, kille kakofonie en algemene complexiteit van de muziek, die vaak in de verf worden gezet door een typerend kerkorgel, maken deze band tot iets wat – vermoedelijk – eerder mensen zal aanspreken die intensief bezig zijn met wat “ingewikkeldere” muziek. Dit zijn zeer goed uitgedachte en uitgevoerde composities die aandacht en soms geduld vereisen om op prijs gesteld te worden. Concreet over deze EP: die grijpt meer terug naar “Lychgate” en “An antidote for the glass pill” dan het vorige album. Dit hoor je letterlijk al vanaf de eerste noot waarmee het vrij korte “Incarnate” aanzet. Op het eerste gehoor zou je denken dat de bas en de orgels een chaotische tegenpool zijn voor de – in vergelijking – eerder eenvoudige gitaren en drums. Maar dat zijn ze niet, veeleer vult alles elkaar aan. Eigenlijk fungeert de track meer als een soort intro voor “Progeny of the singularity“, een nummer dat iets toegankelijker lijkt door de wat meer traditionele black en doom elementen, maar nog steeds bedrieglijk moeilijk in elkaar zit. “Simulacrum” is voor het grootste deel slepend en een nummer waar je de aanwezigheid van Greg Chandler – zanger/gitarist van o.a. Esoteric – goed kan horen. Het eindigt wat sneller en vloeit mooi over in de laatste track “Vanity ablaze“. Hier is de ritmesectie geweldig op dreef en spelen de cleane en extreme zang ook een grotere rol, ondanks het feit dat deze zoals wel vaker bij Lychgate diep in de mix liggen. Elk instrument heeft een unieke rol die passend is, ook al staat het soms haaks op wat een ander instrument dat moment produceert. Het rauwer geluid, de vaker voorkomende snelle passages en een soms wat minder aanwezige “frivoliteit” voelen misschien als een kleine stap “terug”. Deze is voor een EP echter volkomen aanvaardbaar, zeker als je het concept gaat nalezen dat alles te maken heeft met trans- en post-humanisme. Het is je te vergeven als je soms niet meteen zou merken waar de nummers heen gaan, maar de opbouw is doordacht en heeft wel degelijk een pointe. Echt gaan uitleggen hoe dit klinkt is bijna onbegonnen werk. Meerdere luisterbeurten zijn gewoon onontbeerlijk. Maar als ik enkele referenties moet geven, dan zou ik zeggen dat mensen die fan zijn van Ebony Lake, Dolorian, Esoteric of zelfs mid-era Sadist dit sowieso moeten checken. En eigenlijk ook alle anderen, want dit is simpelweg origineel en steengoed.

Xavier: 95/100

Lychgate – Also sprach Futura (Debemur Morti Productions 2020)
1. Incarnate
2. Progeny of the singularity
3. Simulacrum
4. Vanity ablaze

The Holy Flesh – Emissary & vessel

Wat The Holy Flesh – een nieuw éénmansproject uit de UK – ons op diens debuut “Emissary & vessel” voorschotelt, klinkt best lekker…én origineel. Dit is namelijk black metal die doordrongen is van post-rock invloeden, echter niet de wijds uitwaaierende en grootse klinkende soundscapes die we doorgaans te horen krijgen, maar eerder een psychedelische benadering van het genre wat een interessante en boeiende kruisbestuiving oplevert die eerder als occulte rock kan gecatalogiseerd worden. De agressie en kracht die black metal doorgaans uidragen, blijven hier immers achterwege en de vocalen van de onbekende eenzaat achter The Holy Flesh zijn eerder fluisterend/zwaar ademend van aard. De drums zijn basic van opzet en het gitaarwerk zwelt laagje na laagje aan en sleurt je mee in een psychedelische trance. In “Emissary III” krijgen we een meer stuwende rock-beat te horen en het gothic achtige gitaarwerk doet het nummer in een post-punk sfeertje baden. We horen veelvuldig ook wel wat dissonante en afwijkende akkoorden (bv. in “Vessel I“), maar de chaotische en verstikkende maalstroom die veel bands hieraan koppelen, is niet aan The Holy Flesh besteed. “Emissary & vessel” bevat acht nummers die opgedeeld zijn in vier “emissaries” en vier “vessels” die het harde pad van de onderdrukking richting de afgrond beschrijven, maar klinkt haast als één langgerekte compositie die 42 minuten duurt. The Holy Flesh is een band waarbij de less is more-aanpak zijn vruchten afwerpt want de man weet een knap staaltje occulte mystiek neer te zetten zonder daarvoor een heel cirkus aan toeters en bellen – op de sitar(?) in het afsluitende nummer na – nodig te hebben. Wie iets of wat referenties wil, kan ik The Devils Blood, Year Of The Goat of Verwoed meegeven. Te verkrijgen in een oplage van 150 tapes via Caligari Records.

JOKKE: 78/100

The Holy Flesh – Emissary & vessel (Caligari Records 2020)
1. Emissary I
2. Emissary II
3. Emissary III
4. Emissary IV
5. Vessel I
6. Vessel II
7. Vessel III
8. Vessel IV

Morte Lune – Temple of flesh

Cumbrian black metal; ’t is niet de eerste keer dat deze geografische niche binnen het genre hier aan bod kwam. Pluis de recensies van o.a. Nefarious Dusk, Úlfarr en Thy Dying Light maar eens uit. Spilfiguur in deze bands is Hrafn, die duidelijk geen zittend gat heeft en precies “ja” lijkt te zeggen op iedereen die hem vraagt in een black metal band te spelen. Deze keer slaat hij de handen in elkaar met gitarist Leviathan (Written In Torment) en drummer Dan “Storm” Mullins (The Deaththrip, An Axis of Perdition) met Morte Lune als resultaat. “Temple of flesh” is een EP geworden en is het tweede wapenfeit van het trio na de “The endless forest” demo uit 2017. Zoals we van Hrafn gekend zijn, lust die zijn zwartmetaal het liefst puur en rauw, zonder moderne toestanden en veel overtollige franjes buiten een ambient intro en outro dan. En dat is ook hier weer het geval. De demo bevatte naar ’t schijn een veel hoger ambientgehalte , maar online zoekwerk leverde niets op waardoor ik dit niet kan staven. Qua opnames is het een DIY-job geworden daar Leviathan instond voor het engineering proces en Dan de mastering verzorgde. Net als op de The Deathtrip platen resulteert dat spijtig genoeg in een te vlakke basdrumsound. Voor de rest geen klachten over de organisch klinkende sound die de riffs messcherp doet klinken en ook voldoende aandacht geeft aan de basgitaar. Agressie en duister klinkende melodieën gaan hand in hand en Morte Lune koos voor een dynamische aanpak door niet voortdurend in blastmodus te gaan. Het met keyboards opgesmukte “Silence of the night” en het heerlijk melodieuze “Spewing black vomit” zijn dan ook goede no-nonsense traditionele black metal nummers waar we geen genoeg van kunnen krijgen. Ook de vier andere nummers die “Temples of flesh” bevat, klinken best aardig en liggen in het verlengde van oude-Gorgoroth en Nargaroth. Voor de eerste keer zit er een “acht” in voor de naar eigen zeggen door Satan gezegende Hrafn en zijn muzikale activiteiten.

JOKKE: 80/100

Morte Lune – Temple of flesh (Purity Through Fire/Worship tapes 2020)
1. O father, O Satan
2. Silence of the night
3. Chalice of blood
4. Lucifers gift
5. Spewing black vomit
6. Temple of flesh

Thy Dying Light – Thy dying light

Na een hele resem demo’s, EP’s en compilaties – die allen in een krappe tijdspanne van vier jaar verschenen – vond Thy Dying Light dat de tijd aangebroken was voor een volwaardig debuut. De door zanger/gitarist Hrafn opgerichte band speelt naar eigen zeggen anti-sociale UK black metal die ze zelf als Cumbrian black metal benoemen. Hrafn en zijn kompanen Azrael en Lord Blackwood lijken wel in de helft van de UK black metal bands actief te zijn. Nefarious Dusk en Úlfarr passeerden vorig jaar nog op dit forum. Wie deze bands kent, zal het niet verwonderen dat ook Thy Dying Light garant staat voor traditionele black. De zwartmetalen klanken bevatten best de nodige variatie gaande van Khold-aandoende mid-tempo nummers tot een rockende klassieke Craft-aanpak en bovenal heel wat jaren ’90 Darkthrone en Gorgoroth. De tien eigen nummers en cover van Nefarious Dusk’s “In the shadows” (dat dus eigenlijk ook een veredelde eigen compositie is) pretenderen allerminst het warm water heruitgevonden te hebben, maar dompelen de luisteraar onder in een ijskoude douche die onze ledematen echter nog niet compleet weet te verstijven. Voer voor liefhebbers van ongecompliceerde, compromisloze, duivelse en haatvolle black, niets meer, maar ook niets minder. Nummers als het melodieuzere “Ritual altar” of het meer agressieve “Fist of Satan” gaan erin als zoete koek maar doen ons niet stijl achterover vallen. Een acht zit er voorlopig dan ook nog niet in voor Thy Dying Light net als Hrafn’s andere bands die we onder de loep namen.

JOKKE: 78/100

Thy Dying Light – Thy dying light (Purity Through Fire 2020)
1. Under the horns
2. Cold in death
3. Impaler
4. Black death
5. The rise of evil
6. Ritual altar
7. Fist of Satan
8. Temple of flesh
9. Thy dying light
10. Death knell
11. In the shadows (Nefarious Dusk cover)

My Dying Bride – The ghost of Orion

My Dying Bride is na bijna dertig jaar uitgegroeid tot een icoon binnen de metal wereld. Met afwisselende albums, sterke live performances en een goed contact met de fanschare, heeft deze Engelse doom metal band meer dan eens de lat gelegd. Een introductie is dus niet nodig. Het is geen geheim dat ik een fan ben, al moet ik bekennen dat het van “A line of deathless kings” uit 2009 geleden is dat ik nog heel warm heb gelopen voor één van hun releases. Iets wat niet aan de kwaliteit per se ligt, maar vooral aan mijn eigen voorkeuren. Gezien de complicaties in het persoonlijke leven van frontman Aaron Stainthorpe zijn deelname aan het schrijfproces bemoeilijkten, had ik dus geen hoge verwachtingen voor “The ghost of Orion“. Iets wat helaas deels terecht is gebleken, want hoewel het album enkele erg sterke nummers bevat, verdrinken deze in de iets minder geslaagde deuntjes zoals de totaal overbodige en vrij amateuristische titeltrack. De productie is natuurlijk niet slecht, al klinken de gitaren hier en daar nu niet bepaald stabiel. Wat ik vreemd vind voor een band in dit stadium van zijn carrière. Het eerste nummer “Your broken shore” is een moderne versie van de klassieke My Dying Bride standaard en laat horen dat de heren het ook in 2020 nog klaargespeeld krijgen. “To Outlive the Gods” en “Tired of tears” zijn dan weer typische nummers in de nieuwere stijl. Minder mijn ding, maar zeker en vast van degelijk niveau. Dan gaat het echter mis bij “The solace“, een gitaar gebaseerde song zonder percussie die me helaas veel te veel doet denken aan een twijfelachtig nummer dat ik zelf ooit heb geschreven, maar dan hier geïmpregneerd met vrouwelijke vocalen die niet passen bij de melodie. “The long black land” en “The old earth” trekken weer wat steviger van leer en zijn zeker niet slecht, maar toch net iets te standaard om potten te breken. Het titelnummer is, zoals aangegeven, weinig meer dan een saaie rotsong en werpt een schaduw over het hele album. Iets wat in combinatie met “The solace” en de degelijke maar totaal onnodige outro “Your woven shore” het gevoel geeft dat de band gewoon “iets” van full-length moest uitbrengen om hun contractuele verplichtingen na te komen. Dus hoewel “The ghost of Orion” zeker flarden van de genialiteit van My Dying Bride laat horen, is het een erg gemengde release geworden. Ligt misschien deels aan de nieuwe gitarist Neil Blanchett en vooral aan de nieuwe drummer Jeff Singer die net dat tikkeltje mist of aan de zang die zich soms te hard lijkt in te spannen, maar wat de reden ook moge zijn, als fan heb je er gewoon niet veel aan. Met pijn in het hart kan ik dit niet meer geven dan een, voor de meeste bands respectable 79 op 100.

Xavier: 79/100

My Dying Bride – The ghost of Orion (Nuclear Blast 2020)
1. Your broken shore
2. To outlive the gods
3. Tired of tears
4. The solace
5. The long black land
6. The ghost of Orion
7. The old earth
8. Your woven shore

Wolvencrown – Of bark and ash

Nottingham is vooral bekend van Robin Hood en “Ye olde trip to Jerusalem“, één van de oudste pubs ter wereld (1189 n.C.) waar ik ooit het genoegen had mijn dorst te laven. Verder is het ook de thuishaven van Wolvencrown, een black metal kwintet dat in 2015 ontstond in het hartje van de Midlands. Na een selftitled EP uit 2017 presenteren de heren met “Of bark and ash” op de valreep van 2019 hun volwaardige debuut. En dat mag best gehoord worden, althans door wie een voorliefde heeft voor atmosferische black met pakkende melodieën (zo goed als elk nummer bevat wel een bepaalde hook), veelvuldige keyboardgolven en een heidense insteek waarbij natuurelementen centraal staan. Nu lopen er in het Verenigd Koninkrijk wel meerdere bands rond die deze aanpak erop nahouden. We denken daarbij aan Fen en die twee andere “W”-bands: Winterfylleth en Wodensthrone. Wolvencrown moet zich niet te beschaamd voelen om zich met hun debuut reeds in dit rijtje te nestelen. Akkoord, we hebben dit allemaal wel al eens eerder gehoord, maar de krachtige en transparante sound, uitstekende zanger en catchiness maken veel goed. Puntjes van kritiek zijn het nogal saaie drumwerk dat wel wat meer variatie mocht bevatten en de zangeres die in een nummer als “1194 pt. II” opduikt, maar niet al te toonvast klinkt. In “Towards broken depths” horen we haar nogmaals voor wat licht verteerbaar tegengewicht zorgen en deze keer brengt ze het er veel beter vanaf. Natuurlijk mogen op een plaat als “Of bark and ash” akoestische gitaren niet ontbreken. Ze zetten het nummer “Destined“, dat met zeven en een halve minuut speeltijd de langste song uit het rijtje is, melancholisch in. Ondanks de vele meeslepende melodieën en soms zeemzoete keyboards, blijft de zwartmetalen basis echter stevig genoeg. De romantische melodieën die de gitaristen en keyboardspeler opwekken, zijn in staat de luisteraar terug te deporteren naar tijden zonder social media, kernenergie, files, smeltende ijskappen en een gigantische afvalberg. Wat een tijden!

JOKKE: 80/100

Wolvencrown – Of bark and ash (Avantgarde Music 2019)
1. Earths eternal dawn
2. 1194 pt.I
3. 1194 pt.II
4. Infernal throne
5. Of bark and ash
6 Towards broken depths
7. Destined
8. S.A.D.

Nefarious Dusk – The wanderer of the cold north

Het heerschap Dominus aka Hrafn passeerde hier onlangs nog met zijn band Úlfarr en diens niet onaardige “Hate & terror – The rise of pure evil” plaat. Broodheer van dienst was het Duitse Purity Through Fire die nu ook de eerste langspeler – na ettelijke eerdere kleinere releases – van Nefarious Dusk voor haar rekening neemt. In deze band laat Dominus zich bijstaan door zanger/keyboardspeler Azrael en trommelaar Fog. “The wanderer of the cold north” is een hommage aan Cumbria, een graafschap in het noordwesten van Engeland, waarvan talrijke natuurfenomenen, bezienswaardigheden en historische plaatsen bezongen worden. Enkel het trage en meeslepende nummer “Doll tor” zoekt het elders en is opgedragen aan een stenen cirkel uit Derbyshire. “The wanderer of the cold north” grossiert een klein uur lang in traditionele black waarin een streep synths niet mag ontbreken. De muziek van Nefarious Dusk is bijwijlen cinematografisch van aard – vooral in de lange instrumentale passages – en neemt je mee op een ontdekkingstocht doorheen al het natuurschoon zoals het nationaal park Lake District, dat Cumbria te bieden heeft. Sfeervolle heldere gezangen bewegen zich subtiel als een schaduwspel op de achtergrond voort en injecteren de black metal met een heidens gevoel. Het is hier niet de meest agressieve of rauwe black die we voorgeschoteld krijgen, maar goed in het gehoor liggend atmosferisch zwartmetaal (weliswaar van de oude stempel) met een vrij genuanceerde productie die heel wat ademruimte laat voor de basgitaar. Wanneer het trio in de eerste helft van het vierluik “Helvellyn” dan toch wat harder van leer trekt, resulteert dat in het eerste deel in een eerder enerverend stuk muziek terwijl het tweede deel erin slaagt om mij dankzij repetitief hakkend drumwerk en epische synths mee op pad te nemen naar lang vervlogen tijden. De laatste twee delen zijn het meest traditioneel van opzet en weten me het meest te raken met hun licht symfonische black die zo uit de tweede helft van de jaren ’90 zou kunnen stammen. “The wanderer of the cold north” heeft zeker zo zijn momenten, maar schiet nog wat te kort om een uur lang te kunnen boeien.

JOKKE: 75/100

Nefarious Dusk – The wanderer of the cold north (Purity Through Fire 2019)
1. Hodbarrow
2. Millom Pt. 1
3. Helvellyn Pt. 1
4. Helvellyn Pt. 2
5. Swinside stone circle
6. Helvellyn Pt. 3
7. Helvellyn Pt. 4
8. Doll tor
9. Duddon estuary
10. Millom Pt. 2