zweden

Vananidr – Vananidr

Hoewel het Zweedse Vananidr op het eerste zicht een nieuwe naam in het black metal-gebeuren lijkt te zijn, gaan de roots van dit project terug naar het midden van de jaren ’90 toen Titan (nu in de band IXXI) Hydra oprichtte. In 1999 vindt hij in de vorm van gitarist Anders Eriksson, zanger Erebus en drummer Thunder (eveneens huidig lid van IXXI) gelijkgestemde zielen waarmee enkele demo’s en een debuutalbum “Phaedra” opgenomen worden. Tijdens het schrijfproces van de opvolger loopt het echter mis en verlaten zowel Erebus als Titan de band. Anders besluit de zang zelf te verzorgen en het album verschijnt onder de nieuwe naam Synodus Horrenda. In 2017 schreef Anders een derde plaat die hij samen met Thunder opnam en vorig jaar in eigen beheer digitaal het levenslicht zag, opnieuw onder een nieuwe noemer: Vananidr. Ondertussen heeft Thunder zijn drumkoffers gepakt, speelt Anders het solo slim en wordt de plaat via Purity Through Fire op CD uitgebracht. Met Vananidr eert de multi-instrumentalist de klassieke black metal van halfweg de jaren negentig, maar dan in een modern productioneel jasje gegoten, zonder al té gelikt en zielloos te klinken. Met songtitels als “Raging blizzards” en “Frostbitten kingdom” wil je al snel een link maken met Immortal, maar dat is misschien wat kort door de bocht. Hoewel Vananidr’s muziek wel in hetzelfde straatje zit als het latere werk van de Noren, ademen de nummers van Vananidr veeleer een natuurlijke mystiek uit en vinden melodieën uit Zweedse folk subtiel hun weg naar de toch wel agressieve en krachtige black. Door middel van heldere zangkoren neemt de dramafactor in de opener toe maar “Frostbitten kingdom” klinkt toch minder grimmig dan verwacht. Een snel en repetitief nummer als “Abomination of evil” kent dan weer een heuse Kampfar-vibe en gaat erin als zoete koek. Ook in “Rise” wordt hard en snedig van leer getrokken en hoor ik onverwachts het woord “Satan” vallen. Tussen deze twee energiebommen vormt “Projections” een instrumentaal rustpunt. Vananidr blijft ook naar het einde van het album waken over de dynamiek want met een titel als “Warfare” verwacht je natuurlijk uptempo geweld – en die verwachting wordt ingelost – om met “Enter eternity” terug meer ruimte voor melodie te laten. Maar Anders zijn snelle nummers weten me toch meer te boeien. Het Zweeds getitelde “Psalm till döden” sluit de plaat in de vorm van serene orgelklanken af en geeft een sacrale toets aan het geheel – wat ik eerlijk gezegd minder vind te rijmen met de stijl van Vananidr’s black. In afwachting van de fysieke release werd nog een nieuwe twee-songs-tellende single getiteld “Bleak and desolate” uitgebracht waarop het titelnummer laat horen dat Anders hier voor nog meer furie en een iets rauwere sound heeft gekozen. Het eerder mid-tempo “Beneath the glimmering surface” bevat dan weer meer Scandinavische dramatiek en melodieuze gitaarsolo’s. Liefhebbers van moderne, krachtig klinkende Zweedse melo-black hebben er een interessante nieuwe speler bij. Voor mij klinkt Vananidr soms nog iets te generiek en mist de muziek wat diepgang.

JOKKE: 78/100

Vananidr – Vananidr (Purity Through Fire 2019)
1. Raging blizzards
2. Frostbitten kingdom
3. Abomination of evil
4. Projections
5. Rise
6. Warfare
7. Enter eternity
8. Psalm till döden

Nasheim – Jord och aska

Enkele jaren terug leverde Erik Grahn een persoonlijke favoriet in het atmosferisch black metal gebeuren af. Onder de moniker Nasheim werd toen “Solens vemod” uitgebracht, een album met artwork dat op je netvlies blijft plakken. Na het verzamelen van sessiemuzikanten in de vorm van D. Ekevärn (drums), E. Harper (viool) en R. Shakespeare (cello) achtte de Zweed het hoog tijd voor een opvolger die we eigenlijk beter een ‘deel II’ zouden noemen. Lang uitgesponnen melodieën voeren zoals vanouds de boventoon (opener “Att sväva över vidderna” duurt alleen al een goeie twintig minuten) terwijl met de vocalen – hier eens hese uithalen, daar weer warme zang – eerder spaarzaam wordt omgesprongen. De weinige keren dat Grahn zijn strot opentrekt zijn wel bijzonder passend en goed getimed, waardoor zijn schreeuwen zeker hun effect niet missen. Het minimaal gebruik aan zang geeft het album dat de titel “Jord och aska” (vertaald als “aarde en as”) meekreeg echter alle ruimte om te ademen. Bij de opener krijgen we een trage, semi-akoestische riff te horen die als eb en vloed doorheen het nummer wordt geweven en waarrond, golfbrekergewijs, de rest is opgebouwd. Het sfeervolle “Grå de bittert sådda skogar” vormt een vijf minuten durend intermezzo alvorens met “Sänk mig i tystnad” opnieuw een kwartier aan oerdegelijke atmosferische black metal uit de speakers klinkt. Naast viool en cello doet hier ook de piano z’n intrede, wat het geheel nog wat meer grandeur verleent. In plaats van met een episch crescendo, zoals gebruikelijk bij dit genre, eindigt “Jord och aska” uiteindelijk met twee minuten aan blastbeats die eigenlijk het enige minpuntje aan een voor de rest uiterst gebalanceerd album vormen. Nasheim brengt ons met zijn heldere productie, golvende riffs en rustgevende soundscapes niets nieuws binnen een zo goed als uitgemolken genre, maar doet het met verve!

CAS: 84/100

Nasheim – Jord och aska (Northern Silence Productions 2019)
1. Att sväva över vidderna
2. Grå de bittert sådda skogar
3. Sänk mig i tystnad

Ultra Silvam – The spearwound salvation

Het Zweedse Ultra Silvam werd me aangeraden door Stilla’s Pär. En het moet gezegd worden dat diens gelijknamige EP uit 2017 de aciditeit van een brok salpeterzuur benadert. Shadow Records brengt op 22 maart het debuut van het uit Malmö afkomstige trio uit dat met een speelduur van 28 minuten wel wat aan de korte kant is; de bandleden zullen waarschijnlijk het argument van Slayer’s “Reign in blood” wel in de strijd gooien, dat doet namelijk iedere band die een langspeler van minder dan een half uur uitbrengt. Soit, “The spearwound salvation” werd het kleinood gedoopt, een titel die nagels met koppen in de polsen van ome Jezus aan het kruis slaat. Het in bloed gedrenkte powertrio raast vol vuur en bezetenheid doorheen de zeven songs waarbij de idiomen van de oeroude Zweedse black metal-geschiedenis geëerd worden. Ultra Silvam houdt duidelijk niet van een gepolijste sound: de feedback van de gitaren giert erop los en de kleine foutjes die we her en der opmerken werden niet vakkundig weggemoffeld. Dit draagt bij aan de kracht en de ruwe bolster van het gebodene. Er schemert iets van de dunne, schelle sound van Sorhin’s “Apokalypsens ängel” doorheen de bijwijlen jengelende black van “The spearwound salvation” wat maakt dat een supersnelle song zoal “A skull full of stars” – het enige nummer van de EP dat we ook op deze plaat aantreffen – nog meer zout in de wonden strooit. Gitarist O.R. krijgt heel wat ruimte om thrashy leads op de luisteraar af te vuren, terwijl drummer A.L. serieus het stof van zijn ketels mept. Zanger/bassist M.A. vervolledigt het gewelddadige plaatje met overtuigende screams die afwisselend Engelstalige en Zweedse blasfemische boodschappen de wijde wereld insturen en de finale van een nummer als “Ödesalens uppenbarelse” voorziet hij van bulderende basnoten. Echt nieuwe dingen laat Ultra Silvam op het compacte “The spearwound salvation” niet horen, maar het ongedwongen karakter en de laaiende vurigheid en intensiteit van het trio maken veel goed.

JOKKE: 82/100

Ultra Silvam – The spearwound salvation (Shadow Records 2019)
1. The spearwound salvation
2. Ödesalens uppenbarelse
3. Birth of a mountain
4. Förintelsens andeväsen
5. Wings of burial
6. A skull full of stars
7. The first wound

Malakhim – II

In oktober 2017 schreven we zeer lovende woorden over de eerste demo van het Zweedse Malakhim. De EP die in die recensie aangekondigd werd is ondertussen en feit. Deze keer krijgen we één song meer voorgeschoteld dan op de demo en het geluid ligt natuurlijk in het verlengde ervan, namelijk Zweedse black met occulte invalshoek en een doodsmetalen randje. De no bullshit-attitude en spirituele rebellie komen gemeend over en de professionele uitvoering verraadt dat de bandleden al heel wat jaren op de teller hebben staan. Aan namedropping willen de band en het label niet te veel doen, zodat Malakhim zo veel mogelijk op zichzelf kan staan. Maar noteer toch maar even dat Naglfar’s Andreas Nilsson één van de twee snarenplukkers van dienst is. In de sound van de vier nummers horen we invloeden van zowel oude als moderne acts uit het genre doorsijpelen, zonder dat er één specifieke band kan aangewezen worden. Opener “In the rays of the new sun” heeft een majestueus randje terwijl er in “Triumphant spears” sneller van leer getrokken wordt. “He who devours” moet het hebben van de spanningsopbouw in de mid-tempo start van het nummer die de luisteraar geleidelijk aan op het puntje van zijn stoel doet zitten totdat de hel uiteindelijk losbarst. “Sworn to Satan’s fire” is de meest chaotische track van het viertal met in your face drumpartijen en snelle en intense, maar ook melodieuze riffs. Puntje van kritiek is dat zanger E zijn erg bevlogen semi-cleane uithalen, vergeleken met de demo, nu een pak minder in de strijd gooit. Maar zijn krijsende strot schuurt ook legger weg hoor, daar niet van. Malakhim levert opnieuw een erg gesmaakte EP af die door Karmazid van passend artwork voorzien werd maar toch de duimen moet leggen ten opzichte van de demo. En nu op naar die langspeler!

JOKKE: 83/100

Malakhim – II (Iron Bonehead Productions 2019)
1. In the rays of a new sun
2. Triumphant spears
3. He who devours
4. Sworn to Satan’s fire

Dødsfall – Døden skal ikke vente

True black metal” staat er te lezen op de inner sleeve van “Døden skal ikke vente“, de alweer vijfde langspeler van Dødsfall. Een geografische prefix als “Norwegian” of “Swedish” werd achterwege gelaten aangezien de band vanuit beide landen opereert en bandleider/oprichter Ishtar bovendien Mexicaans bloed door zijn aderen heeft stromen. Dat de muzikant zich in Scandinavië echter als een vis in het water voelt, maakt hij al sinds 2009 duidelijk via Dødsfall’s muziek. Doorheen de levensloop van de band blijft Ishtar de enige constante want vergeleken met de knappe voorganger “Kaosmakt” uit 2015, is er weer heel wat veranderd in de line-up. Toenmalig sessiedrummer Jocke Wallgren heeft het tegenwoordig te druk bij Amon Amarth, waardoor we nu Telal (Troll, ex-Isvind, ex-Endezzma) op de drumstoel aantreffen. Zanger Adramalech verliet de band net na de opnames van “Kaosmakt“, terwijl Clandestine (ex-Dødheimsgard) de heren vervoegde, maar die is ondertussen ook al weer met de noorderzon verdwenen. Deze wissels maken dat Ishtar naast alle snaarinstrumenten voor het eerst sinds de demo “Svarte vinger‘ uit 2010 nu ook de zang voor zijn rekening neemt. Op zich heeft de man best een raspende strot maar iets meer variatie in zijn screams had toch welgekomen geweest. Na de Endarker Studio en de Sunlight Studio, koos Ishtar voor deze nieuwe plaat de Necromorbus Studio uit. En het moet gezegd worden dat het resultaat niet diens typische geluid heeft meegekregen. Om variatie in de tien nummers aan te brengen, werden elementen zoals piano (“Hemlig vrede“), heel wat gitaarsolo’s, heldere verhalende vocalen en akoestische gitaren (“Svart drömmar“) en subtiele (keel)gezangen (“Tåkefjell” en “I de dødens øyne“) aan de in het Noors vertolkte black toegevoegd. Over het algemeen klink Dødsfall iets minder agressief dan op de voorganger en een dynamisch nummer als “Tåkefjell” heef teigenlijk best wel wat hitpotentieel. Wel weet Ishtar op tijd en stond ook enkele effectieve meer thrashy-getinte riffs uit zijn gitaar te toveren. Het duo levert met “Døden skal ikke vente” een degelijke plaat af die vlot weg luistert en nergens buiten de lijntjes kleurt. Daar is op zich niets fout mee, maar ze gaan hier ook niet veel potten mee breken.

JOKKE: 79/100

Dødsfall – Døden skal ikke vente (Osmose Productions 2019)
1. Hemlig vrede
2. Tåkefjell
3. Svarta drömmar
4. Grå himlar
5. Kampsalmer
6. I de dødens øyne
7. Ødemarkens mørkedal
8. För alltid i min sjæl
9. Ondskapelse
10. Skogstrollet

Musmahhu – Reign of the odious

Hallo. Nieuw Swartadauþuz materiaal. Doei. Vijf woorden waarin de komende review samen kan worden gevat: Swartadauþuz staat al jaren bekend om zijn sublieme black metal (Azelisassath, Beketh Nexëhmü, Mystik, Urkaos, Trolldom en leer de rest maar van buiten, ik ga ze niet blijven herhalen) maar deze keer lijkt één van Zwedens black metal genieën het anker over een andere boeg te gooien. Vorig jaar werd als voorsmaakje de Formulas of rotten death EP op ons losgelaten, een elf minuten durend opwarmertje om ons klaar te maken voor de even furieuze langspeler “Reign of the odious”. Het componerend brein lijkt de melodieuze black metal tijdelijk achter zich te laten en brengt nu een album waarbij opener “Apocalyptic brigade of forbidden realms” mij voor het eerst in tijden oprecht doet opschrikken. Na een ietwat voorspelbare intro wordt net buiten de maat een smerige, rollende riff ingezet die de toon zet voor de rest van het album: vuile, onwelriekende maar toch opzwepende death metal. In de promo-mail van Iron Bonehead Productions lezen we “Orthodox death metal is so dead, it’s undead and Musmahhu reanimates its corpse” en zo klinkt het ook. We krijgen de ene na de andere maagstomp te verwerken op een manier waar Grave Miasma trots op zou zijn: van subtiliteit is bij Musmahhu weinig sprake, of het moeten de dun bezaaide keyboardlijnen zijn die her en der doorheen de onstuitbare en chaotische death metal weerklinken. Ook qua productie staat “Reign of the odious” als een huis. In tegenstelling tot veel hedendaagse death metal klinkt Musmahhu niet plat geproduced maar vormen de vlijmscherpe drums en ronkende basgitaar een stevige fundering voor een spervuur aan riffs waarmee je met gemak een gans bataljon omver legt. Her en der komen de typische, slepende gitaarpartijen waarmee Swartadauþuz naam maakte (“Musmahhu, rise”) om de hoek piepen, maar over de gehele lijn genomen is Musmahhu het eerste project waarmee onze Zweedse vriend sterk van zijn vertrouwde sound afwijkt, en er met verve in slaagt een oerdegelijk, halfverrot death metal album uit te brengen. De nodige blackened randjes zijn logischerwijs nog steeds aanwezig, maar fans van Grave Miasma, Irkallian Oracle en Pseudogod zullen zeer zeker aan hun trekken komen met Reign of the odious”.

CAS: 86/100

Musmahhu – Reign of the odious (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Apocalyptic brigade of forbidden realms
2. Musmahhu, rise
3. Slaughter of the seraphim
4. Burning winds of purgatory (mellanspel)
5. Reign of the odious
6. Spectral congregation of anguish
7. Thirsting for life’s terminus

Perverticon – Wounds of divinity

Iron Bonehead Productions staat bekend om haar grote lading bestial/war metal bands, wat niet meteen mijn meug is. Toen ik de naam Perverticon zag passeren, vermoedde ik dan ook godslasterlijke klanken die in het Blasphemy-straatje zitten. De stupide aliassen die de bandleden aannemen beloofden ook niet veel goeds: Omnicremationist Supreme op drums en zang, Uncleanest Invictus op gitaar en Necrosadistic Elite op gitaar en bas. Van infantiele metalclichés gesproken! Groot was echter mijn verbazing toen ik “Wounds of divinity“, de tweede Perverticon plaat, opzette. Het powertrio is er namelijk in geslaagd om een authentiek klinkende plaat uit te brengen die de Scandinavische (en dan vooral Zweedse) black metal-scene van de tweede helft van de jaren negentig eert, zonder echter klakkeloos te kopiëren. We horen echo’s van Craft, Dawn, Dissection, Setherial en Tsjuder en minder Gorgoroth-worship zoals op de eerste langspeler “Extinguishing the flame of life” en promo uit 2013. Dé grote sterkte van de band is het gevoel voor ritme, dynamiek en melodie die ze in de negen anti-christelijke nummers heeft weten inbouwen. Zo bevat bijna elke song wel een catchy melodie of hook waarvan je de begeleidende drumlijnen met je vingers mee tokkelt, zonder dat er aan agressie ingeboet wordt. De cryptische melodieën van “An absence of all but ashes“, het met allerhande samples doorspekte “Cold embrace of sanctity“, het mid-tempo rollende “The cease of absolution“, het relatief korte “Breath of sulphur (Aura of flies)“, het dynamische “Extracorporeal climax” en de van een intrigerende titel voorziene afsluiter nestelen zich tussen je twee oren waardoor je keer op keer die play-toets opnieuw wil indrukken. De bandleden musiceren uitstekend en de moderne productie die “Wounds of divinity” werd aangemeten, doet de Zweden ook professioneler overkomen dan wat je op basis van de bandfoto’s zou denken. Perverticon leerde me met “Wounds of divinity” dat je met vooroordelen niet ver komt. Schitterende plaat!

JOKKE: 86/100

Perverticon – Wounds of divinity (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Thirsting for rain
2. An absence of all but ashes
3. Cold embrace of sanctity
4. The cease of absolution
5. Divine amusement for pitiless God
6. The apostate’s communion
7. Breath of sulphur (Aura of flies)
8. Extracorporeal climax
9. Holy gifts from skinless hands