zweden

October Tide – In splendour below

Iedereen die zich ooit heeft afgevraagd hoe Katatonia had kunnen klinken indien ze een hardere weg hadden ingeslagen, moet maar eens luisteren naar October Tide. Opgericht in de eerste helft van de jaren negentig door Jonas Renkse en Frederik Norrman mag dat eigenlijk ook niet verbazen. Na een decennium lange winterslaap maakte de band in 2010 een comeback -zonder Renkse – met “A thin Shell“. En sindsdien kunnen we ons ongeveer elke drie jaar aan een nieuwe plaat tegoed doen. Deze “In splendor below” is de zesde langspeler en gaat verder in de inmiddels vertrouwde richting, namelijk melodische death metal met vleugjes doom en black. Er zijn echter wel een paar verschillen ten opzichte van voorganger “Winged waltz“. Iets waar ik best wel mee kan leven. Zo is het gitaarwerk harder nu broer Mattias Norrman van vier naar zes snaren is gegaan en is de ritmesectie wat gestroomlijnder met nieuwkomers Johan Jönsegård op bas en Jonas Sköld achter de drumkit. De productie is een pak helderder, wat alles mooi tot zijn recht laat komen. De opener “I, the polluter” is een steengoede song die de kracht van sterke riffs combineert met catchy melodie. De geweldige strot van Alexander Högbom (Demonical, …) speelt hier en gedurende het hele album een voorname rol. Deuntje drie “Ögonblick av nåd” flirt wat meer met black metal, terwijl “Guide my pulse” eerder de doom richting opzoekt. Ondanks de vele invloeden past elk nummer netjes op de release. Het enige wat me soms stoort is dat er hier en daar een gitaarnoot wringt. Hoewel deze band steeds in de schaduw van Zweedse collegae heeft moeten staan, vind ik dat ze, bij deze, nog maar eens bewijzen consequent ijzersterk materiaal te kunnen neerzetten.

Xavier: 90/100

October Tide – In splendour below (Agonia Records 2019)
1. I, the polluter
2. We died in October
3. Ögonblick av nåd
4. Stars starve me
5. Our famine
6. Guide my pulse
7. Seconds
8. Envy of the moon

Flagellant/Orcivus – Split

Al het materiaal dat het Zweedse Flagellant na diens tweede langspeler “Maledictum” (uit 2013 weeral) losliet, is eigenlijk niet spiksplinternieuw. Het nummer “Great illuminationg void awareness” dat op de vorig jaar verschenen “Ekstrophë“-compilatie preek, dateerde al van voor “Maledictum” en de nummers die we nu via een split met de landgenoten Orcivus voorgeschoteld krijgen, werden ook reeds eind 2015 vereeuwigd. Beide bands leverden vier songs af, goed voor 37 minuten black metal van het gitzwarte soort. Flagellant heeft geen tierlantijntjes en occulte hocus pocus nodig om zijn duivelse boodschap aan de man te brengen. De Zweden leveren altijd bovengemiddeld sterke nummers af maar “The fires are lit” springt er dankzij diens Svartsyn-vibe wat mij betreft bovenuit. Op dit nummer is het trouwens Orcivus zanger Mortifer die de honneurs achter de microfoon waarneemt. Wat Orcivus betreft, moeten we voor diens laatste langspeler “Est deus in nobis” al negen jaar terug de tijd induiken, hoewel in 2016 nog wel een nummer werd aangebracht voor een split EP met Excessum. Orcivus’ zwartmetalen klanken klinken iets scheller en dunner vergeleken met het zwaardere, door een ronkende basgitaar voortgedreven geluid van Flagellant en leunen dicht aan bij een Watain ten tijde van diens debuut. Het orthodox satanische karakter van deze Zweden wordt in de verf gezet door het enigmatisch aura dat de songs uitstralen. De songstructuren zijn iets uitdagender vergeleken met Flagellant, maar ook hier blijven sacrale gezangen, rituele ambient en overige toeters en bellen in de kelder opgeslagen. Regelmatig wordt het spanningsveld opgezocht tussen trage gitaarriffs waaronder snelle drums voor een opwindende hartpuls zorgen. Mits “Tattered beliefs” laat Orcivus zien dat ook een pakkend traag nummer met meer rockende riffs schrijven mogelijk is. Meteen ook de uitschieter aan diens kant. “Black sun of illumination” werd ingezongen door Flagellant vocalist E. Op deze manier is er dus sprake van een grotere verbondenheid tussen beide bands dan het louter aanbrengen van enkele nummers, wat toch steeds een meerwaarde is bij splits. Geslaagde release met knap artwork van Karmazid voor liefhebbers van Ofermod, Svartsyn, Watain en Malign.

JOKKE: 83/100 (Flagellant: 82/100; Orcivus: 84/100)

Flagellant/Orcivus – Split (World Terror Committee 2019)
1. Flagellant – Barbarous names of evocation
2. Flagellant – Globus cruciger
3. Flagellant – The fires are lit
4. Flagellant – Ten spheres
5. Orcivus – Monumental ending
6. Orcivus – Breaking the seals
7. Orcivus – Black sun of illumination
8. Orcivus – Tattered beliefs

Trespasser – Чому не вийшло?

Politiek in muziek. Ik denk te mogen stellen dat de gemiddelde muziekliefhebber zijn of haar muziek het liefst politiekvrij heeft, hoewel de meesten een protestsong op tijd en stond wel kunnen waarderen. Er lopen echter tal van bands rond die hun muziek gebruiken om tal van politieke pijnpunten aan te kaarten. Binnen het wereldje van de extreme klanken zijn er aan beide uiteinden van het spectrum ook bands te vinden die hun politieke opvattingen middels hun muziek aan de man willen brengen. Aan de rechtse kant heb je NSBM en lijnrecht tegenover deze nationaalsocialistisch gezinde zielen staat de RABM-beweging wat staat voor Red and Anarchist black metal. Beide extremen clashen van tijd tot tijd, zeker als Antifa zich (te pas en te onpas) bemoeit. De meningen over dit fenomeen laat ik over aan de internet warriors onder ons. In het geval van de Zweed XVI en zijn band Trespasser is zijn muzikale uitlaatklep heel sterk politiek geïnspireerd. Gevoed door teleurstellingen in het fascistisch gedachtegoed van veel van zijn favoriete bands en het ontbreken van brutaliteit en muzikaal vakmanschap van veel van de ‘linkse’ spelers richtte de Zweed met een jarenlange achtergrond in de punk-scene in 2017 Trespasser als soloproject op. Al snel besloot hij echter zanger Dräparn aan de rangen toe te voegen (wat een uitstekende zet was op basis van zijn strot die we hier te horen krijgen) en na drie demo’s ziet de eerste langspeler “Чому не вийшло?” nu het levenslicht. De stijl van de zeven nummers die het debuut telt, beschrijft de muzikant als ‘anarchastische blastbeat mayhem’. Hoewel de sound overduidelijk als black metal omschreven kan worden, neemt XVI die term zelf niet in de mond aangezien hij walgt van de ego-worshipping en de quasi-spirituele rituelen waarachter veel black metal-bands zich verschuilen. Soit, de voornaamste inspiratiebronnen voor Trespasser’s muziek waren Marduks’ “Frontschwein“, Dissection’s “Storm of the light’s bane” en “Pure holocaust” van Immortal. Van die eerste twee is dat absoluut niet gelogen. Razendsnelle door blastbeats gevoede partijen, hondsbrutale vocalen, wat oorlogssamples dabei: de Zweedse pantserdivisie loert in pijlsnelle nummers als “Tachanka” en “The execution of Grigoriev” om de hoek. In de melodische stukken zoals de openingsklanken van “Hunted like wolves” leeft de geest van Jon Nödtveidt dan weer onmiskenbaar voort. De invloed van the sons of northern darkness is minder voor de hand liggend. De zeven nummers vliegen aan een rotvaart voorbij maar gelukkig kennen songs als het met-akoestische-gitaren-doorspekte “Death to fight death“, afsluiter “Miscreant dawn” en het met-plechtige-gezangen-doorspekte “To the barricades” ook de nodige mid-tempo passages. Thematisch gezien handelt de plaat over de geschiedenis van anarchisme en de ideeën van Nestor Ivanovitsj Machno, een Russische (Oekraïense) partizanenleider en volksheld die tijdens de Russische Burgeroorlog als leider van het Zwarte Leger, onder anarchistische vlag, streed aan wisselende fronten tegen wisselende vijanden. Ondertussen is de band door toevoeging van drummer Леопольд, bassist Upiór en gitarist Gyða Hrund ook klaar om live dood en anarchie te zaaien. “Чому не вийшло?” is een plaat waarvan het politiek statement wellicht groter is dan het muzikale doordat de invloeden er wat té dik bovenop liggen. Desondanks een erg effectieve, agressieve, maar niet-rechtlijnige black metal-plaat.

JOKKE: 80/100

Trespasser – Чому не вийшло? (Heavenly Vault Records 2019)
1. Hunted like wolves
2. Black flags on a blood-red horizon
3. To the barricades
4. Death to fight death
5. Tachanka
6. The execution of Grigoriev
7. Miscreant Dawn

Mylingar – Döda själar

Derde worp voor het Zweedse Mylingar en “Döda själar” is meteen ook het sluitstuk van een trilogie die in 2016 begon met de “Döda vägar” EP en in 2018 opvolging kreeg middel de langspeler “Döda drömmar“. Aan uitbollen denkt het gezelschap nog lang niet want de wervelwind aan bestiale zwartgeblakerde death metal die we veertig minuten lang op ons afgevuurd krijgen, rukt het vel van je botten. Dit sonische geweld vliegt meestal aan een rotvaart voorbij, maar deze bende gestoorde maniakken neemt op tijd en stond ook wat gas terug zonder echter aan intensiteit in te boeten. “Nedstigningen” is een nummer waarin met twee snelheden gespeeld word, maar op elk tempo slachtoffers maakt. “Bländningen” dendert aanvankelijk zonder pardon door maar de intense repetitieve slachtpartij mondt uiteindelijk uit in een slopende noise- en doomfinale. Ook de demonische, bijna onmenselijk klinkende vocalen zijn weer van de partij en schrapen zich een weg doorheen chaotische en dissonante riffs en vermorzelend, technisch drumwerk. Geen meezingrefreintjes, gemakkelijk in het gehoor liggende melodieën en hooks of platgeproduceerde tech-death hier. Maar gelukkig zijn er wel voldoende twists en wendingen in Mylingar’s teringherrie ingebouwd zodat de aandacht behouden blijft, zelfs in het sluitstuk “Förlusten” dat de tienminutengrens overschrijdt en gitaarsolo’s bevat die de auditieve terreur doorklieven. Het loodzware door-een-vetgeile-riff-ingezette-en-aan-complete-waanzin-grenzende “Giftet” is mijn favoriete track, hoewel dit claustrofobisch hoorspel mij bij momenten echt wel tot op de rand van een zenuwinzinking drijft. Mylingar is geen voer voor fijnproevers en tere communiezieltjes.

JOKKE: 78/100

Mylingar – Döda själar (Amor Fati productions/20 Buck Spin 2019)
1. Obalansen
2. Nedstigningen
3. Offret
4. Bländningen
5. Mållösheten
6. Giftet
7. Förlusten

Vananidr – Road to north

Vananidr mastermind Anders Eriksson gaf in het gesprek dat we nog niet zo lang geleden hadden al aan dat de opvolger voor het gelijknamige debuut niet lang op zich zou laten wachten. De opvolger kreeg de titel “Road to north” mee en wie dacht dat Anders er zich makkelijk vanaf zou maken, komt bedrogen uit want met elf nummers en een speeltijd van meer dan een uur is “Road to north” geen haastklus geworden. Op het debuut waren het vooral de snelle en snedige nummers die me over de streep trokken en dat is op deze opvolger niet anders. De ijskoude wind die ons in de vorm van opener “Cold dead skin“, “Bleak and desolate” en “Shadow of the past” tijdens onze tocht naar het noorden in het gezicht blaast, is guurder en bijtender dan het debuutmateriaal – denk aan oude Gorgoroth als je wil – hoewel sommige razende partijen al eens durven omslagen in melancholische slepende leads. Hoogtepunt hiervan is “Ancient powers” waarin de harmonieën aan Windir of Mithotyn doen denken. Songwriting en aandacht voor dynamiek staan centraal voor Anders, maar niet alle nummers kunnen ons bekoren. Zo maakt de cleane folky zang in het gezapige “Melancholy march” – in tegenstelling tot de koorzang in het geslaagde Kampfariaanse Plains of desolation” – van dit nummer een doorspoeltrack en ook het mid-tempo “Raining fire” laat niets bijzonders horen. Het snelle “Drowned in hells fire” begint veelbelovend maar verliest zich daarna in een te lang durende melodieuze finale. Anders had er misschien goed aan gedaan om het overtollige vet van “Road to north” te trimmen en een iets bondigere plaat af te leveren. Op zich weer allemaal niet slecht, maar soms te langdradig.

JOKKE: 77/100

Vananidr – Road to north (Purity Through Fire 2019)
1. Cold dead skin
2. Melancholy march
3. Bleak and desolate
4. Drowned in hells fire
5. Raining fire
6. Plains of desolation
7. Shadow of the past
8. Beneath the glimmering surface
9. Introduction to ancient powers
10. Ancient powers
11. Purgatory

Gnipahålan/Demstervold – Split

Swartadauþuz laat weer eens van zich horen. Deze keer via Gnipahålan waarmee hij vooralsnog geen langspeler heeft uitgebracht maar de weg van EP’s, demo’s, compilaties en nu ook een split bewandelt. De gelukkige wederhelft van dienst is het Nederlandse Demstervold, een creatie van Morden Demstervold die voor de gelegenheid bijgestaan wordt door sessiedrummer en Blood Tyrant-collega The Wampyric Specter (tevens de man achter dungeon synth revelatie Old Tower). Ook Swartadauþuz heeft voor het intrommelen externe hulp gezocht en gevonden bij Aska. Gnipahålan staat voor pure, oude black metal waar de mystiek langs alle kanten van afspat, niet te min door de obscure synthlaag die de striemende black metal een spookachtige vorm geeft. Swartadauþuz’s krijszang klinkt als een gure wind die doorheen een duister woud waait waarbij de riffs kettingzaagsgewijs oude bomen vellen en de drumaanslagen als een specht op speed klinken. Voer voor wie ook zijn nieuwste band Gardsghastr hoog in het vaandel draagt. Demstervold spuwt zijn haat en venijn er vol overtuiging eveneens in zijn moerstaal uit, niet dat we er enigszins ook maar één woord van verstaan, maar soit. Muzikaal passen beide bands in hetzelfde straatje van gure, old-school black die niet vies is van een grote portie synths, hoewel Demstervold iets meer riffgedreven is en de drums eerder hakken dan blasten. Een muzikaal fragment kan ik niet laten horen, maar wie fan is van oude synth black, 7 inches en splits moet deze gewoon in huis halen!

JOKKE: 84/100 (Gnipahålan: 85/100 – Demstervold: 83/100)

Gnipahålan/Demstervold – Split (Amor Fati Productions 2019)
1. Gnipahålan – Nordens blodfyllda urvrede
2. Demstervold – Maalstroom des doods