zwitserland

Schammasch – Hearts of no light

Schammasch is een band die niet van half werk beschuldigd kan worden. Het plaatwerk van deze modieuze Zwitsers is steevast tot in de puntjes verzorgd qua artwork en fotografie en ook op muzikaal vlak wordt nooit over één nacht ijs gegaan, wat in het verleden o.a. resulteerde in een dubbelaar (“Contradiction” uit 2014) en een driedelige plaat (“Triangle” uit 2016). In 2017 volgde de EP “The Maldoror chants: Hermaphrodite” en nu is het opnieuw tijd voor een kolossale brok muziek, want het kakelverse “Hearts of no light” klokt toch ook weer op een mooie 67 minuten af. Het uit pianoklanken opgetrokken “Winds that pierce the silence” fungeert als introductie maar gaat wat aan haar doel voorbij aangezien het daaropvolgende acht minuten durende epos “Ego sum omega” best een lange instrumentale aanloop kent en beter de plaat had geopend daar de spanningsboog meteen opgespannen wordt. Deze compositie kent een mooie opbouw die uitbarst in melodieuze black die echter nergens gevaarlijk of duivels klinkt. De finale is wel lekker groots en bombastisch met haar toeters en bellen. “A bridge ablaze” is dan weer eerder een occult sfeerscheppend intermezzo vol mysterieuze elektronica. Gelukkig ontbloot het kwintet in “Qadmon‘s heir” haar tanden wat meer: de muziek is steviger (zo worden er enkele blastspurtjes getrokken), er passeren knappe wendingen en de vocalen flirten met helder gezongen theatraliteit. “Rays like razors” trekt die lijn door nu de band goed op dreef is: knappe herhalende melodieuze leads en cinematografische instrumentale epiek gaan hand in hand met ruwere riffs. In de personen van Aldrahn (de legendarische ex-Dødheimsgard frontman), klankkunstenaar DehnSora (o.a. Throane, Treha Sektori en Ovtrenoir) en de klassiek geschoolde pianiste Lillian Liu, werd er – zeker in het geval van die laatste – schoon volk opgetrommeld om de plaat van extra kleur te voorzien. Aldrahn’s excentrieke zangstijl op “I burn within you” is uit de duizenden te herkennen en maakt van dit nummer meteen het meest avontuurlijke op “Hearts of no light“. Alhoewel, “A paradigm of beauty” trapt met Amenra-achtige akkoorden af om vervolgens met gothrock-achtige cleane gitaren te dollen en is absoluut de vreemde eend in de bijt, zeker wanneer de heldere zang een wel heel toegankelijk poppy randje toevoegt. Deze moderne aanpak heeft wel wat weg van een band als Alchemist. “Katabasis” is met haar rituele percussie en occulte atmosfeer dan weer een veiligere keuze voor deze Zwitserse formatie waarin nog eens lekker ouderwets van jetje wordt gegeven. “Innermost, lowermost abyss” breidt een einde aan de plaat maar dan wel één dat ongeveer een kwartier duurt en waarbij DehnSora het elektronisch raamwerk aanleverde voor een compositie vol (iets te lang) uitgesponnen (akoestisch) gitaar- en pianowerk en rituele ambient. Deze vierde langspeler is opnieuw een knap epos geworden waar duidelijk veel werk in geslopen is, maar zoals met al het vorig materiaal van Schammasch komt het me dikwijls te berekend en doordacht voor. Ik mis nog steeds wel wat spontaneïteit, rock ’n roll en het gevaarlijke karakter dat intrinsiek met black metal verbonden zou moeten zijn. Anderzijds heeft de band geen schrik om met een afwijkend nummer als “A paradigm of beauty” uit te pakken en zo buiten de lijntje te kleuren. Liefhebbers van ‘universiteitsblack’ kunnen echter blind toehappen.

JOKKE: 81/100

Schammasch – Hearts of no light (Prosthetic Records 2019)
1. Winds that pierce the silence
2. Ego sum omega
3. A bridge ablaze
4. Qadmon‘s heir
5. Rays like razors
6. I burn within you
7. A paradigm of beauty
8. Katabasis
9. Innermost, lowermost abyss

Arkhaaik – *dʰg̑ʰm̥tós

Dat het Zwitserse Arkhaaik qua bandnaam een eigen draai aan het woord ‘archaic‘ heeft gegeven vind ik nog enigszins leuk gevonden, maar wat het trio bezielt om je plaat en songs onuitspreekbare titels mee te geven snap ik niet. Zoals te verwachten was, zit hier natuurlijk wel een heel verhaal achter. Bij dit trio draait het immers om het doen heropleven van lang vergeten rites en het aanbidden van primitieve goden in tijden lang voor de mens op deze aardkloot rondliep. We spreken dan over het Bronzen Tijdperk en de vreemde titels zouden ontleend zijn aan een oeroude Indo-Europese taal. Allemaal mooi en wel, maar hoe vertaalt zich dat naar de muziek van Arkhaaik? Wel, in 33 minuten tijd krijgen we drie songs voorgeschoteld waarbij de eerste en de laatste uit een mix aan barbaarse en sepulchrale death metal, bestiale black en pompende doom opgetrokken zijn. Alleen passeert er geen enkele noemenswaardige riff, wat van nummers van tien à vijftien minuten een lange rit maakt. De mix aan extreme genres klinkt vrij plat en gaat het ene oor in en het andere oor uit zonder dat er onderweg vonken overslagen. “u̯rsn̥gwhé̄nIn” heeft nog wel enkele aanvaardbare momenten, maar over het algemeen is dit maar een zwakke meug. Voor het titelnummer besloten de heren een blik aan rituele geluidjes en tierlantijnen open te trekken, maar beklijven doet ook deze aanpak allerminst. Sterker nog, heel deze band voelt als aanstellerij en interessantdoenerij aan. Het concept mag dan wel goed gevonden zijn, zonder sterke nummers valt heel het occulte bouwwerkje als een kaartenhuisje in mekaar. De heren behoren – zoals dat tegenwoordig blijkbaar moet – ook tot een clubje gelijkgestemde zielen. In dit geval is dat het Helvetic Underground Committee waartoe o.a. ook Dakhma en Death.Void.Terror behoren. Allemaal heel trvu ende kvlt maar Arkhaaik klinkt in mijn oren “arkie-saai“.

JOKKE: 55/100

Arkhaaik – *dʰg̑ʰm̥tós (Iron Bonehead Productions 2019)
1. u̯iHrós i̯émos-kʷe
2. *dʰg̑ʰm̥tós
3. u̯rsn̥gwhé̄n

Ancient Moon/Prosternatur – Secretum secretorum

Het Noorse Terratur Possessions heeft enkele van haar bands laten gaan, waardoor het nieuwste teken van leven van Prosternator bij Iron Bonehead opduikt. Het debuut “Abyssus abyssum invocat” van dit internationale gezelschap wist ons bij Addergebroed duidelijk te imponeren. Voor deze nieuwe split-release werd een partner in crime gevonden in een ander pan-Europees collectief genaamd Ancient Moon, waarachter individuen uit België, Frankrijk en Zwitserland zouden schuilgaan. Ook Ancient Moon heeft slechts één voorgaande release (“Vvltvre” die in 2015 via Sathanath Records verscheen) die ik dringend eens moet opsnorren, want wat ik hier te horen krijg, klinkt alvast duivels lekker. Ancient Moon leverde slechts één track aan voor deze collaboratie, maar “Hekas hekas este bebeloi” klokt wel meteen op achttien minuten af. In die tijdspanne horen we occulte black metal waarbij een repetitieve, hypnotiserende, ietwat lo-fi zoemende gitaarriff gedurende de eerste zeven minuten de ruggengraat van het nummer vormt, ondersteund door blastende drums en een gevarieerd vocaal klankenpallet waarbij demonische screams en sacraal aandoende cleane zang dikwijls simultaan de mystieke teksten verkondigen. Subtiele keyboards geven tevens een kosmische toets aan het geheel. Net voorbij de negen minuten grens volgt er een stukje dat wat aan mid-tempo Aosoth doet denken om vervolgens naar sacrale koorzang en een mix van ritualistische ambientklanken en black metal over te gaan. Tenslotte worden er tremolo picking riffs bijgehaald om dit epos van een beklijvende apotheose te voorzien. Prosternatur voorziet bijna evenveel minuten speelduur maar deelt haar verhaal wel op in drie afzonderlijke tracks. Hoewel de productie net iets beter en de densiteit voller is, passen beide bands wonderwel perfect bij mekaar. Van de drie mysterieus getitelde songs is het met cleane gitaren ingezette “Zi dingir isatum kanpa!” meer mid-tempo van aard terwijl het trio in de twee andere nummers het tempo opdrijft. Doorheen de razernij van “Ana harrani sa alaktasa la tarat” priemt zich een repetitieve gitaarmelodie en “Usella mituti” klinkt enerzijds lekker agressief en anderzijds creepy door de angstwekkende vocalen en duistere ambientintermezzo’s. Heerlijke split voor al wie kwijlt bij occulte, ritualistische black metal!

JOKKE: 84/100 (Ancient Moon: 82/100 – Prosternatur: 86/100)

Ancient Moon/Prosternatur – Secretum secretorum (Iron Bonehead productions 2018)
1. Ancient Moon – Hekas hekas este bebeloi!
2. Prosternatur – Ana harrani sa alaktasa la tarat
3. Prosternatur – Zi dingir isatum kanpa!
4. Prosternatur – Usella mituti

Horna/Pure – Split

We zijn nog geen maand ver in het nieuwe jaar of de Finse beeldenstormers Horna zijn al aan hun tweede release toe. Na de “Kuolleiden kuu” EP is het nu tijd voor een brok duivelse muziek die het gevolg is van een bloedpact gesloten met het Zwitserse Pure, het (solo-)project van Ormenos die ingewijden zullen kennen van een resem topacts waarvan Borgne, Manii en Oculus de bekendste zijn. Maar alvorens deze muzikale duizendpoot zijn kunnen mag laten horen, krijgen we vier zweepslagen van Horna te verwerken. Het is het eerste werk waarop LRH op drums te horen is, nadat hij de band in 2016 vervoegde. Dat heeft lang geduurd als je weet dat deze vellenmepper de broer is van zanger Spellgoth die toch al sinds 2009 dood en verderf zaait bij Finlands meest productieve black metal band. Hoewel voorganger Vainaja ook best kon drummen, klinken de beats en tempo’s swingender en soepeler dan ooit tevoren en stelt het Horna in staat om middels opener “Nielkää tuhkaa!” en het snelle “Kielletyn tulen kantaja” met het beste werk in lange tijd over de brug te komen. En wat blijft dat Fins toch een mooie, maar onnavolgbare taal! Er wacht Ormenos een zware taak om de Finnen te evenaren en hoewel hij een begenadigd multi-instrumentalist is, heeft hij zich voor deze release toch laten bijstaan door Thorns (Darvaza en nog ontelbaar veel acts) op drums en Beast op bass. Pure klinkt scheller, snijdender en meer bezeten, vooral door de lading effecten die de screams nóg maniakeler uit de boxen doen schetteren. De band laat twee snelle en twee mid-tempo songs horen die, ondanks het verschil in beats, beide een serieuze impact hebben. Goed spul van enerzijds veteranen die op hun best klinken en anderzijds een band waarvan ik het oudere werk dringend ook eens moet opsnorren.

JOKKE: : 82/100 (Horna: 83/100 – Pure: 81/100)

Horna/Pure – Split (World Terror Committee 2018)
1. Horna – Nielkää tuhkaa!
2. Horna – Kaaos
3. Horna – Kielletyn tulen kantaja
4. Horna – Kohti myrskyjen vuosia
5. Pure – Astral vanity
6. Pure – Imara
7. Pure – The black depths
8. Pure – Disclosure of knowledge

 

Oculus – The apostate of light

Het debuut van Oculus werd reeds in 2014 geschreven door mastermind Nero, die we ook als Azlum kennen van Manetheren. Met het schrijven van klassieke orthodoxe black metal voor ogen ging de Amerikaan op zoek naar gelijkgestemde zielen die hij vond aan de overkant van de grote plas. De Serviër Kozeljnik (o.a. The Stone) nam de vocalen en het schrijven van Luciferiaanse teksten op zich terwijl de Zwitser Ormenos, beter bekend als Bornyhake van Borgne en een dozijn andere bands, zich mocht uitleven op bas, drums en keyboards. Occulte atmosfeer staat centraal bij dit illustere trio en haar zes songs die op meer dan vijftig minuten speeltijd afklokken. Kozeljnik hanteert het gros van de tijd een soort van ruwe (s)preekzang in plaats van screams die bijdragen aan het sinistere, rituele karakter van de muziek en het volgen van de teksten vrij gemakkelijk maakt, zelfs zonder het tekstvel onder je neus te hebben liggen. Hoewel de lange nummers voldoende donkere vibes bevatten, slagen ze er echter niet altijd in om de hele rit te boeien. Hiervoor wordt er te veel in mind-tempo regionen geopereerd. Het zijn dan ook voornamelijk de snellere tracks zoals opener “The sour waters of life” (wanneer die na drie inleidende minuten openbarst tot een zwart etterende puist), het dynamische “A visage of dark remembrance” en de salpeter spuitende hekkensluiter “Storms of havoc” die blijven plakken. Nu, slecht is “The apostate of light” allerminst. Het is alleen spijtig dat dit album drie jaar op de planken is blijven liggen, want anno 2017 moet Oculus nog een tandje bijsteken om tot de allergrootsten in dit ondertussen platgereden genre te behoren. Ten opzichte van de laatste platen van een Israthoum of Angrenost moet dit internationaal gezelschap dan ook de duimen leggen. Desalniettemin een onderhoudend schijfje dat best haar begeesterende momenten heeft.

JOKKE: 78/100

Oculus – The apostate of light (Blood Harvest 2017)
1. The sour waters of life
2. Salt for the healer
3. A visage of dark remembrance
4. Axiom of the plague
5. The apostate of light
6. Storms of havoc

DSKNT – PhSPHR entropy

Hoewel Zwitserland in eerste instantie niet snel aan metal gelinkt zal worden, heeft het land van raclette, jodelaars, zakmessen en polshorloges in het verleden al enkele interessante metal-bands voorgebracht. Denken we maar aan Celtic Frost, Triptykon, Bölzer, Borgne of Schammasch. Een nieuwe interessante speler is DSKNT, het geesteskind van Asknt (Ab Occulto, AION, ex-Exordium), dat met “PhSPHR entropy” haar debuutplaat aflevert. Liefhebbers van het betere dissonante werk, spitst uw oren! De vreemde titel verwijst naar de wanorde, ontaarding, instabiliteit en chaos van de interne en externe metastabiliteit van de mens en dat wordt op een misselijkmakende manier vertaald naar extreme muziekklanken. Vermits DSKNT een éénmansproject is – hoewel Deus Mortuus van Antiversum de vocalen op zich nam – hoeft Asknt geen muzikale compromissen te sluiten en levert het een onconventionele sound op waarbij black, doom en death metal op verstikkende wijze gecombineerd worden. Het tegendraads en industrieel aandoend riffwerk van “S.O.P.O.R.” doet me soms wat denken aan de dit jaar verschenen “Arrayed claws“-plaat van het Italiaanse Lorn. In “Kr. Vy. rites” leeft Asknt zich uit met knetterharde hardware disto/fuzz effecten en reverbs om alzo het immens log beukende doomy “Kr. Vy. portals” in te luiden. Het snellere “Resurgence of primordial void aperture” is technischer van opzet en sleurt je bij je nekvel regelrecht mee de dieperik in. En de afsluitende titeltrack gaat qua extremiteiten zelfs nog een stapje verder. Liefhebbers van Deathspell Omega en Blut Aus Nord raad ik aan dit DSKNT eens aan een luisterbeurt te onderwerpen.

JOKKE: 82/100

DSKNT – PhSPHR entropy (Clavis Secretorvm/Babylon Doom Cult Records/Sentient Ruin Laboratories 2017)
1. Exhaling dust
2. S.O.P.O.R
3. Kr. Vy. rites
4. Kr. Vy. portals
5. Resurgence of primordial void aperture
6. PhSPHR Entropy

Antiversum – Cosmos comedenti

In het pop- en rockcircus is het dikwijls de frontman/-vrouw die in de schijnwerpers staat en met alle aandacht gaat lopen. In het black metal-wereldje lopen er ook zo van die bands rond hoewel de afgelopen jaren steeds meer en meer anonieme entiteiten boven water kwamen waar de band belangrijker is dan de som van de individuen die er deel van uitmaken. Het Zwitserse Antiversum is zo’n band waarbij de identiteit van de leden een waar staatsgeheim is maar een gemeenschappelijke nihilistische kijk op het universum de gemende deler vormt. Vijf jaar na de oprichting in 2010 werd een eerste demo uitgebracht en nu is het tijd voor het volwaardige debuut getiteld “Cosmos comedenti“. Er prijken slechts vier songs op de tracklist die tezamen op achtendertig minuten speeltijd afklokken en waarin we een amalgaam aan kosmosvernietigende black, doom en death metal over ons heen gestuwd krijgen met links en rechts de nodige dissonante klanken. Hier geen doffe ellende zoals we bij soortgelijke bands wel al eens aantreffen, maar een vrij transparante mix waarin alle instrumenten duidelijk van mekaar te onderscheiden zijn. Haaks op de interessante muzikale audiomaalstroom staat echter een zaaddodende, saaie van galm voorziene grunt waarin geen greintje afwisseling te horen valt. Gelukkig zijn er voldoende lange instrumentale passages waar de zanger zijn klep houdt en je een pandoering geven. Wie een referentiekader wil: Irkallian Oracle, Kosmokrator en Grave Miasma.

JOKKE: 79/100

Antiversum – Cosmos comedenti (Invictus Productions 2017)
1. Antinova
2. Creatio e chao orta est
3. Cosmos comedenti
4. Nihil ad probandum