akantha

Akantha – Gnothi seauton

Na het lezen van Rotting Christ’s biografie begon ik me meer en meer in de oude Griekse blackmetalscene te verdiepen, daar ik die destijds grotendeels links liet liggen. Stilaan geven bands als Rotting Chist, Varathron en Necromantia me hun geheimen prijs. Toen ik via New Era Productions Akantha voorgeschoteld kreeg en las dat de bandleden een Grieks paspoort bezitten, werd ik getriggerd om “Gnoti seauton“, de derde langspeler van het trio, onder de loep te nemen. Ik kwam echter bedrogen uit want met de typische Helleense sound heeft “My throne is the epicenter“, de opener van “Gnoti seauton” niet veel van doen. Geen mid-tempo gemusiceer en warmbloedige leads hier, maar furieuze Scandinavisch getinte black die aan een rotvaart voorbij dendert met vlijmscherpe stalagtieten die van de venijnige tremoloriffs druipen. Samen met verbeten screams vormt dit zes nummers en een dik half uur lang zo wat het scenario voor deze derde worp. Zanger/snarenplukker (zowel de dikke als de dunne) Athanasios Valeras en drummer Sakis Spiropoulos beheersen hun instrumenten meer dan naar behoren en voorzien met het mid-tempo “The mystical nyx” na twee nummers raggen en blazen een eerste rustpunt. Hoewel het verre van een slechte song is, ligt de kracht van deze Grieken toch eerder bij het wat vinniger en sneller spul, dat lijken ze na een viertal minuten zelf ook door te hebben. “Anaclisis of a threnody” hakt er dan ook opnieuw als een bezetene zwaar op in en het daaropvolgende “Chasm” moet er amper voor onderdoen. De zeven minuten durende afsluiter “Spiralling up the cosmos” laat het tempo opnieuw wat zakken maar maakt een betere beurt dan “The mystical nyx” doordat de riffs een zeker triomfantelijk gevoel weten op te wekken. De laatste twee minuten gaat de voet terug op het gaspedaal voor een zinderende blastfinale. Ondanks het feit dat de snellere stukken soms wat onderling inwisselbaar zijn, ligt hierin toch de kracht van de heren. De albumtitel staat dan ook voor “Ken uzelf”, het duizenden jaren oude motto van de Griekse wijsbegeerte, dat in marmer met gouden letters uitgebeiteld boven de ingang van de tempel van Apollo, ook wel het orakel van Delphi genaamd, prijkt, en door Sokrates als zijn lijfspreuk verkozen werd. De kunst van het leven dus, dat echter in schril contrast lijkt te staan met de lijkverbranding die we op de cover aantreffen. Weldra verschijnt er via Vendetta Records (CD en tape) en Not Kvlt Records (vinyl) ook nog een vierdelige split waarop naast Akantha ook hun landgenoten Sørgelig, de Duitse revelatie Nimbifer en het Bulgaarse Hajduk prijken.

JOKKE: 80/100

Akantha – Gnothi seauton (His Wounds/New Era Productions 2020)
1. My throne is the epicenter
2. Synergies (skepsis, logos, praxis)
3. The mystical nyx
4. Anaclisis of a threnody
5. Chasm
6. Spiralling up the cosmos

Nimbifer – Demo I & II

Nimbifer is een vrij recent opgericht black metal tweemansorkestje afkomstig uit het Duitse Hanover. Als we hun bescheiden discografie chronolisch overlopen, tellen we twee demo’s en een split met Hajduk, Akantha en Sørgelig. Vendetta Records verzamelde beide demo’s om ze opnieuw via een vinyluitgave onder de aandacht te brengen. De heren Windkelch (zang, gitaar en bas) en Sturmfriedt (drums) hebben aan het artwork van de demo’s te zien een grote interesse in de duistere Middeleeuwen – een tijd waarin je, als je niet voorzichtig was, al eens een zwaard in je schedelpan gekliefd kon krijgen – en wijden er hun Duitstalige black aan. Bij het beluisteren van de vier nummers die “Demo I” vormgeven, moest ik eigenlijk meteen denken aan wat menig Deense Korpsånd band heden ten dage zoal uitvreet. Het feit dat ook Nimbifer een duo is, en dus met beperkte manschappen een black metal blitzkrieg vol powerchords uitvoert, voedt deze referentie. Windkelch’s high pitched scream gaat door merg en been, de tremoloriffs scheuren voorbij en trommelaar Sturmfriedt doet het eerste deel van zijn naam alle eer aan, hoewel er op tijd en stond ook al eens gas wordt teruggenomen, zij het nooit voor lang. Het punky element is wel iets minder prominent aanwezig dan bij de Denen van een Jordslået of Skravl. Productioneel gezien klinkt de eerste demo wat winderiger dan diens opvolger, maar al bij al liggen beide mooi in mekaars verlengde. “Der Herrscher“, de opener van “Demo II” bevat in diens uitluidende seconden subtiele toetsen en gepiep van een overstuur geraakte amp. “Im Dickicht” is met acht en een halve minuut speeltijd het langste nummer van beide demo’s en laat het meeste ademruimte toe, even voor halfweg zelfs een tijdje tot op doomniveau. Nimbifer heeft al twee geslaagde demo’s weten componeren die ik met een dikke vette smile tot achter mijn oren regelmatig opzet. De vinyluitgave was op een wip en een knip uitverkocht, maar niet getreurd want in het najaar zal een repress volgen..

JOKKE: 81/100

Nimbifer – Demo I & II (Vendetta Records 2020)
1. Geister
2. Im fahlen Schein
3. Krone
4. Kadaver
5. Der Herrscher
6. Die Diener
7. Im Dickicht