ambient

Midnight Odyssey – Biolume part 1 – in tartarean chains

De aandachtsspanne van de gemiddelde luisteraar gaat met rasse schreden achteruit door de stortvloed van releases en de mogelijkheid om alles snel even te pauzeren of over te schakelen op iets anders. Ook de shuffle-knop is hier debet aan, want veel mensen nemen zelfs de tijd niet meer een release volledig door te nemen. Ik snap dat niet, en Dis Pater van Midnight Odyssey duidelijk ook niet. In een wereld waar releases vaak onder het halfuur afklokken knalde de Australiër al twee langspelers de ether in. Neem langspeler trouwens maar letterlijk, want beide duurden langer dan twee uur omwille van de uitgesponnen ambient-stukken doorheen de atmosferische black metal. De eenmansband begon aan nummer drie maar bleek te beseffen dat deze nóg langer uit zou draaien. Zodus werd besloten om het album op te splitsen in drie delen, waarvan “Biolume part 1 – in tartarean chains” het eerste is. Naar Midnight Odyssey-standaarden hebben we hier eigenlijk een EP voor onze neus, want het kleinood bedraagt ‘maar’ een schamele 72 minuten. Wat in vergelijking met de vorige albums meteen opvalt is dat er geen lange ambient intro is, en dat ook de twintig minuten durende keyboardpassages achterwege zijn gelaten, wat voor een compactere songstructuur zorgt. Dat het langste nummer van de plaat maar twaalf minuten bedraagt getuigt hiervan – op eerder werk was dit maar een intro of intermezzo geweest. Midnight Odyssey is anno 2019 dus meer to the point, wat voor een veel dynamischer luisterervaring zorgt. Dankzij de bombastische productie komen de doom metalinvloeden, zoals in “A storm before a fiery dawn”, goed tot hun recht en ook zijn de synths niet al te overstemmend, hoewel ook nooit afwezig. Het voorgenoemde nummer bevat trouwens ook een heel interessante spanningsboog die de titel reflecteert. In “Of golden age descended” krijgen we ook even een harp te horen, wat een opwekkend kantje aan het nummer geeft. Tijdens “When titans fall” wordt dit doorgetrokken want miljaar, black metal hoort helemaal zo vreugdevol niet te klinken, zelfs niet als het spacy ambient atmospheric black metal is! Dis Paters screams zijn vol van klank en hebben een raspend kantje, en worden constant afgewisseld met vol klinkende, cleane vocalen. De bas ondersteunt de hier eens dreigende, daar weer zweverige riffs en geeft het geheel een mooi, vol geluid mee. Ik zei al dat er geen ambient interludes te bespeuren zijn, maar vertelde er nog niet bij dat “Pillars in the sky” de rol van ambient outro op zich neemt, daarbij duidelijk knipoogt naar de intro van vorige langspeler “Shards of silver fade” én tegelijk aanvoelt als een intro voor deel twee van de trilogie. Laat dat tweede deel trouwens maar komen, want ik ben wel te vinden voor deze nieuwe aanpak!

CAS: 83/100

Midnight Odyssey – Biolume part 1 – In tartarean chains (I, Voidhanger Records 2019)
1. Hidden in tartarus
2. Forever silenced
3. Biolume
4. A storm before a fiery dawn
5. Of golden age descended
6. When titans fall
7. Pillars in the sky

Ison – Inner-space

Hier wordt je even stil van. Ik kende dit duo niet tot enkele weken geleden en daar heb ik inmiddels best wel spijt van, want dit is echt klasse. Daniel Änghede (Crippled Black Phoenix, Hearts of Black Science) en Heike Langhans (Draconian, LOR3L3I) brengen een dromerige mengeling van ambient, post-rock, darkwave en shoegaze die er bij mij ingaat als zoete cyanide verhullende koek. Vanaf het eerste nummer wordt de toon gezet. Het gaat vooral om synths en prachtige vocalen. Dit derde album klinkt weids en ijl, koud en toch weemoedig. Op de tweede track “Radiance” krijgen we even Neige van Alcest te horen, wat een goede afwisseling is, al had het nummer beter wat later op de cd gekomen om meer effect te hebben. Alles kabbelt mooi voort als een kosmische beek, met hier en daar wat meer ondersteuning van gitaar zoals in het voorlaatste “Everything’s about to change forever“, maar voornamelijk drijvend op elektronische kracht. Dit is geen hipster post-rock met synths-plaatje, dit is de begeestering van twee mensen die iets moois willen maken. Het heeft weinig of niks met metal te maken, maar dit is een must voor elke open-minded liefhebber van alles wat geen chart muziek is.

Xavier: 93/100

Ison – Inner-space (Eigen beheer 2019)
1. Inner-space
2. Radiance
3. Equals
4. ISAE
5. Shipwrecks
6. The fifth world
7. Everything’s about to change forever
8. A golden force

Voidsphere – To exist | To breathe

Het lijkt wel of de jongens (en meisjes?) van het Prava Kollektiv jaarlijks op schrijf- en musiceerkamp gaan, want vier van de vijf bands die onderling ook leden delen (Voidsphere, Mahr, Pharmakeia en Hwwauoch) brengen gelijktijdig nieuw werk uit. Enkel Arkhtinn mocht niet meespelen deze keer. Momenteel zijn ze enkel maar op cassette en digitaal te verkrijgen, maar Amor Fati brengt de releases later ook nog op CD en vinyl uit. Voor elk wat wils dus. We trappen af met Voidsphere dat haar derde plaat op drie jaar tijd uitbrengt. Zoals de bandnaam aangeeft, draait het bij deze band louter en alleen rond het opzoeken en aanbidden van de Grote Leegte. Naar gewoonte prijkt het Groot Gapend Gat in één of andere vorm in al haar glorie op de hoes en om de tradities volledig in ere te houden, telt “To exist | to breathe” twee nummers die telkens flirten met de twintigminutengrens en een bepaalde toestand van de Grote Leegte in een sonische vorm gieten. Intergalactische maalstroomblack en kosmische ambient (hoewel iets minder prominent aanwezig dan op “To await | To expect“) gaan hand in hand en creëren een vacuüm dat je moedwillig meesleurt. Gitaarleads scheuren als sirenes door de kosmos, ijle screams doemen uit het niets op en verdwijnen weer in de massa en de toetsen trekken de verstikkende chaos open en geven de muziek een ruimtelijk, open karakter waarbij de grenzen vervagen. Op andere momenten werken de repetitieve riffs en drumpartijen dan weer een hallucinerend gevoel op. Er zijn weinig bands waarvan de bandnaam zo doeltreffend de muziek weet te capteren. Voidsphere is er zo één.

JOKKE: 83/100

Voidsphere – To exist | To breathe (Prava Kollektiv/Amor Fati Productions 2019)
1. The void exists
2. The void breathes

K.F.R. – L’enfer à sa source / Démonologue

Sommigen onder jullie kennen Maxime Taccardi misschien wel. Deze Franse artiest is vooral gekend van de schilderijen die hij met zijn eigen bloed vervaardigt en de vele albumcovers die hij voor o.a. Sarke, Natvre’s, Drowning The Light en Diabolicum creëerde. Zijn meest bizarre, meest duistere en meest verwrongen illustraties brengt hij – Wagners’ Gesamktkunstwerk indachtig – echter ook op muzikale wijze tot leven middels K.F.R. De bandnaam is afgeleid van het Arabische woord “kafir“, wat ongelovig betekent, en in het voorhoofd van Dajjal (de Islamitische antichrist) gekerfd staat. In den beginne produceerde K.F.R. donkere ambient en messcherpe black metal in de lijn van Les Légions Noires wat resulteerde in bijdrages van Meynach (Mütiilation) op de platen “Anti” (2014) en “Ad manifestationem diaboli” (2018) en Vordb van Belketre op “Ø” (2016). Na de trilogie “Anti“, “Nekro” en “Ø” was het even goed geweest voor Taccardi, maar twee jaar later besloot hij de mensheid terug te terroriseren in de vorm van “Ad manifestationem diaboli” en “Par le sang“, twee platen waarop een nerveuze kakofonie aan extreme black metal-klanken geëtaleerd werd. De inspiratie is blijkbaar niet te stoppen, want ook dit jaar laat K.F.R. twee nieuwe platen op de mensheid los die we voor het gemak samen reviewen. Bij “L’enfer à sa source” draait alles om het concept waarbij de hel de incarnatie van het niets is, een terugkeer naar dat wat het leven voorafging. De inkijk die we driekwartier lang in Taccardi’s bizzare psyche krijgen, wordt vertaald in claustrofobische en getormenteerde black die het grootste deel van de tijd tenenkrommende valse gitaarleads en noisy synths bevat. Deze martelelementen mogen dan wel als zout in een open wonde aanvoelen, ik probeer me toch zo snel mogelijk door een gedienstig verpleegsterke te laten helpen om deze gapende sneden te laten dichten. Om het allemaal nóg echter te maken werden de drums met menselijke botten bespeeld. U weze gewaarschuwd!

JOKKE: 55/100

K.F.R. – L’enfer à sa source (Purity Through Fire 2019)
1. L’enfer, c’est toi
2. Le sinueux chemin
3. Simulacre de chair
4. Ne cherche pas à devenir, rien a jamais commencé
5. Anathème de l’envie
6. L’Enfer à sa source

Op “Démonologue” gaat Taccardi nog een stap verder want dit is ongetwijfeld één van de meest geesteszieke dingen die hij ooit voortbracht. De titel verwijst naar een specialist in demonologie maar kan ook opgevat worden als een conversatie of monoloog met jezelf of de demonen die in je lichaam en geest huizen en is gedeeltelijk gebaseerd op de “Dictionnaire infernal” van de Franse occultist Jacques Collin de Plancy. Synths zijn hier grotendeels afwezig en werden vervangen door allerhande koorgezangen. De mix van extreme, hatelijke en verdorven black metal en de verstikkende ambient atmosfeer zal liefhebbers van mainstream black ongetwijfeld de stuipen op het lijf jagen. Taccardi maakt allesbehalve feel good muziek en mikt bij zijn luisteraars op onlust en walging want dat hoort het genre voor hem te doen. Dat kan allemaal wel zijn, maar ook voor mijn geoefende oren is deze teringherrie toch een brug te ver. De muzikale freaks onder ons komen hier misschien wel mee aan hun trekken, maar ik pas.

JOKKE: 60/100

K.F.R. – Démonologue (Purity Through Fire 2019)
1. Invocation
2. Asmodée
3. Azazel
4. Prélude à l’exterminateur
5. Abaddon
6. Lucifer
7. La Chute

Malokarpatan – Cesta podzemnými sálami Kovovlada

Spiksplinternieuw is ie niet, deze twee-songs-tellende 7 inch EP van Malokarpatan. “Cesta podzemnými sálami Kovovlada” zag initieel in eigen beheer het levenslicht in 2018 maar Sun & Moon besloot het kleinood nu ook fysisch vast te leggen voor het nageslacht. Hoewel slechts tien minuten lang in speelduur, vertellen de twee nummers een mythologisch verhaal, namelijk dat van Kovovlad, heerser van de onderwereld, die een maagdelijk meisje uit de mensenwereld ontvoert om haar tot zijn bruid te maken. Qua muzikale uitvoering vertaalt zich dat in het eerste deel van het nummer in duistere ambient waarbij een kil, donker en akelig psychedelisch plaatje van de onderwereld geschetst wordt. In het tweede deel van het verhaal ziet het er niet zo rooskleurig uit voor het meisje waarbij de Slovaakse dronkemansstrijders hun instrumenten inpluggen om ons op een potje traditionele, zich traag voortslepende old school as fuck black te trakteren. Macabere keyboards hullen zich als een nevel doorheen de simplistische trage riffs waarover echoënde vocalen het noodlot van het meisje bezegelen. Fijne EP die ook eens een andere kant van Malokarpatan laat zien.

JOKKE: 78/100

Malokarpatan – Cesta podzemnými sálami Kovovlada (Sun & Moon 2019)
1. Cesta podzemnými sálami Kovovlada I
2. Cesta podzemnými sálami Kovovlada II

Of Blood And Mercury – Strangers

And now for something completely different. Wat krijg je als je (ex-)leden van Enthroned, Emptiness, Bathsheba en Serpentcult samen een band laat oprichten? “Dat moet wel iets heavy zijn”, hoor ik u al denken. Wrong guess! Veel metalheads hebben immers – tussen alle grafherrie door – nood aan meer rustgevende klanken. Dat geldt dus ook voor de muzikanten van Of Blood And Mercury, een Brusselse darkpop-band die werd opgericht door gitarist/keyboardspeler Olivier J.LW en frontvrouw Michelle Nocon waarbij ze hulp krijgen van Jonas Sanders (Emptiness, Pro-Pain) op drums en David Alexandre Parquie (Luminance) op basgitaar. Of Blood And Mercury’s muziek valt dus buiten de doorsnee genres waarover jullie gewend zijn op Addergebroed te lezen, maar toch ben ik ervan overtuigd dat hun eerste drie-songs-tellende EP bij een deel van onze lezers in de smaak kan vallen. Openen doet Of Blood And Mercury met haar meest poppy song en dan kan een sterk refrein natuurlijk niet ontbreken. “Dusty words remember a lost cause. A feeling of a half filled glass. Half poison, half wine. Half bitter, half sweet. some steel, some rust, some victory.” zingt Michelle op een tedere en gevoelige manier waarbij haar zang kippenvel bezorgt wanneer de hogere regionen opgezocht worden. De woorden spookten reeds na de eerste luisterbeurt nog dagenlang door mijn hoofd. Het is een triphop song waar Hooverphonic jaloers op zijn en waarin Michelle’s voorliefde voor een zangeres als Lana del Rey duidelijk naar voor komt. “Walk the void” wordt dan weer opgeëist door de ritmesectie met interessante percussie en een pulserende bas. Het Noorse Ulver en diens magistrale “The assassination of Julius Ceasar” is hier qua dromerige sfeer en soundscapes nooit veraf. De ambient- en elektronicageluiden die de achtergrond van “Estranged” kleurgeven, doen me meteen aan recente Katatonia en diens nummer “Vakaren” denken. De mysterieus sensueel klinkende zang van Michelle werkt traag op je gestel in en bij momenten leunt ze dicht aan bij een Cristina Scabbia zoals die op de oude Lacuna Coil-platen klonk, maar ook Madonna in een nummer als “Frozen” spookt door mijn hoofd. Jonas tilt het nummer vol ’80 synthpop en new wave met vinnige percussie nog naar een hoger niveau. De eerste luisterbeurten vond ik het Twin Peaks-achtig sfeertje van “Walk the void” en “Estranged” net iets té vrijblijvend klinken vergeleken met de opener. Als je echter voor de muziek gaat zitten en eens aandachtig luistert, zal je merken dat de minder poppy-songs uiteindelijk ook hun geheimen prijsgeven en nu zelfs mijn favorieten zijn. Benieuwd welke richting Of Blood And Mercury op haar debuut zal uitgaan. Indien ze meer poppy-songs schrijven, zou dit best nog wel wat potten kunnen gaan breken, zonder hierbij aan integriteit te moeten inboeten. Wie acts als Daughter, Cigarettes After Sex, Moonbeast (ex-Lighthousing) of Julie Cruise weet te appreciëren, moet Of Blood And Mercury zeker eens een kans geven.

JOKKE: 85/100

Of Blood And Mercury – Strangers (Eigen beheer 2019)
1. Strangers
2. Walk the void
3. Estranged

Yerûšelem – The sublime

Blut Aus Nord is niet voor één gat te vangen, dat weten we al langer dan vandaag. Wie de discografie van deze Franse band erop naslaat, zal een avontuurlijke evolutie detecteren die startte in de vorm van atmosferische black waarin gaandeweg allerlei elementen uit industrial, avantgarde en ambient slopen. Zo vervulde Blut Aus Nord een experimentele pioniersrol in een destijds vrij conservatief genre. De band werd ondertussen meermaals gekopieerd, maar nooit geëvenaard. In het omvangrijke oeuvre van deze twee avontuurlijke Fransmannen zijn er enkele platen die thematisch en stilistisch met mekaar verbonden zijn. Zo heb je de “Memoria vetusta“-trilogie, de “What once was“-trilogie en de “777“-trilogie. De genieën Vindsval en W.D. Feld wilden het sonisch pallet van “777 – Cosmosophy“, het sluitstuk van die laatst vernoemde trilogie, verder exploreren en doen dat gek genoeg niet onder de noemer Blut Aus Nord. Voor deze zijstap werd Yerûšelem in het leven geroepen en de plaat kreeg de titel “The sublime” mee. Een woord dat tevens van toepassing is op het intrigerende artwork van Dehn Sora. Het duo liet zich inspireren door Godflesh, Ministry, Pitchshifter en Skin Chamber maar ook door electronica, post-punk, new wave en dub. Ik las ergens een recensie waarin de reviewer de vergelijking maakte met Godflesh en Jesu, een goede analyse want zo verhouden Blut Aus Nord en Yerûšelem zich inderdaad ook ten opzichte van elkaar. “The sublime” laat immers een toegankelijker en bijwijlen dromerig geluid horen daar waar de hoofdband toch wel een pak dissonanter, duisterder en ontoegankelijker klinkt. In de negen nummers die “The sublime” telt, gooit Vindsval enkel zijn heldere zang in de strijd waarbij de vocalen meestal als extra laag in de muziek gemixt zijn, hoewel ze in “Reverso” ook iets meer op de voorgrond treden. Verder horen we ook beduidend minder distorted gitaren en de geprogrammeerde drums zijn bij wijlen dansbaar. De ruggegraat van de songs wordt in de meer heavy nummers zoals “Autoimmunity” en het mechanische “Joyless” door beats en loops of in “Triiiunity” en “Babel” door groovy baslijnen gevormd in plaats van door riffs. En in de titeltrack of het kippenvelopwekkende “Eternal” lagen meeslepende, repetitieve en hypnotiserende melodieën duidelijk aan de basis. Het korte “Sound over matter” en het afsluitende “Textures of silence” zijn dan weer rustgevende ambient-soundscapes waarvan de titels alleszeggend zijn. We hoorden in de wandelgangen dat de heren na het volgende Blut Aus Nord album, dat voor september gepland staat, aan de opvolger van “The sublime” zullen beginnen. Twee maal een goednieuwsshow dus!

JOKKE: 85/100

Yerûšelem – The sublime (Debemur Morti Productions 2019)
1. The sublime
2. Autoimmunity
3. Eternal
4. Sound over matter
5. Joyless
6. Triiiunity
7. Babel
8. Reverso
9. Textures of silence