blackgaze

Avast – Mother culture

Laat je niet misleiden door de baarden, tattoos en houthakkershemdjes outfit van deze Noren, want hoewel ze er als een stoner- of sludge-band uitzien, eren ze toch de grootste muzikale erfenis van hun prachtige thuisland Noorwegen, zijnde black metal. Het uit Stavanger afkomstige kwartet doet het echter niet op de traditionele manier maar mixt de extremiteiten en esthetiek van het genre met de atmosfeer, ingetogenheid en weidse ruimtelijkheid van post-rock. Qua thematiek lijken de roots van de band dan weer eerder in punk rock en hardcore te liggen want de teksten behandelen niet de doorsnee black metal topics, maar leunen meer naar een filosofische en poëtische kijk op sociale en milieugerelateerde zaken. In 2016 werd een twee-nummers-tellende EP uitgebracht die het beste deed beloven voor de toekomst. Het nagelnieuwe “Mother culture“gaat alvast op hetzelfde elan verder. Felle en snelle modern klinkende blackness à la Downfall of Gaia zoekt de contrasten op met betoverende en beklijvende post-rock soundscapes die zo uit de koker van een Caspian zouden kunnen komen. Reeds in de negen minuten durende opener worden we heen en weer gekatapulteerd tussen agressie en emotie waarbij de melodieën best catchy klinken maar nooit uitmonden in goedkoop emo-geneuzel. Avast bevindt zich met haar muzikale en vocale aanpak in het vaarwater van een Deafheaven maar laat de balans nooit naar een té grote emotionaliteit doorwegen. In de titeltrack flitsen ijzige screams als bliksemschichten doorheen een melancholisch post-rock wolkendek waar melodieuze gitaarmelodieën doorheen schemeren. “The myth” kent een instrumentale aanpak en laat van-ingetogenheid-naar-climax-evoluerende post-rock à la oude This Will Destroy You haar zegje doen zonder dat er zwartgalligheid aan te pas komt. Des te harder knalt “Birth of man” ons daarna tegen de kop met haar moderne black zonder echter de hele tijd door te rammen. In “The world belongs to man” versmelten black metal en post-rock nóg harder dan de ijskappen en de zee, waarbij dat laatste fenomeen desastreuze gevolgen gaat hebben voor de mensheid. “Mother culture” is gebaseerd op het filosofische verhaal “Ishmael” van Daniel Quinn en waarschuwt dan ook voor het grote potentieel van een wereldwijde catastrofe. De serene openingsklanken van “An earnest desire” klinken nog enigszins hoopvol en ontplooien zich If These Trees Could Talk-gewijs tot post-rock met een boodschap, maar verderop schudt het nummer ons wakker. Blijf niet bij de pakken zitten, maar doe iets! “Man belongs to the world” combineert rock-georiënteerde grooves met epische geluiden, dreunende bassnaren en zwartgeblakerde uithalen. Het warm water wordt hier niet uitgevonden, maar we stellen wel vast dat Avast in een uitgemolken genre toch nog een erg onderhoudende plaat heeft weten uitbrengen.

JOKKE: 83/100

Avast – Mother culture (Dark Essence Records 2018)
1. Mother culture
2. The myth
3. Birth of man
4. The world belongs to man
5. An earnest desire
6. Man belongs to the world

Trna – Earthcult

Post-black metal lijkt alweer een tijdje over zijn hoogtepunt heen te zijn, ondanks het feit dat hoogvliegers als Deafheaven en Harakiri for the Sky blijven doen waar ze goed in zijn en dat er daarnaast ook een nieuwe van Lantlôs in de maak is. Toch blijken er binnen het genre geregeld nog albums het daglicht te zien die het beluisteren waard zijn. Onverwachts lijkt één van de hedendaagse pareltjes uit het Russische Sint-Petersburg afkomstig te zijn, met name het trio Trna. In tegenstelling tot de voor Nederlandstaligen quasi onuitspreekbare naam blijkt de instrumentale post-black van de band een beter verteerbare brok te zijn. Na de twee eerste albums op amper anderhalf jaar tijd uit te brengen dachten de heren nu eens wat meer tijd te laten verstrijken voor nummer drie op de wereld zou worden losgelaten. In die periode werd ook drummer Sergey Tikhomirov vervangen door Timur Yusupov. “Earthcult” is zodus het derde wapenfeit van Trna, een pure brok sfeer van net geen zesenzestig minuten gespreid over vier songs, die allemaal minstens vijftien minuten lang door de speakers knallen. Over de muziek zelf kunnen we in principe kort zijn: de band rond Anton Gataullin (Show Me A Dinosaur) brengt ons een zeer vergelijkbare sound, structuur en gevoel als Deafheaven ten tijde van “Sunbather”, maar dan zonder het zieltogend gekrijs van George Clarke en met een meer prominente rol voor de basgitaar. Hierdoor ontstaat er iets meer ruimte voor het opbouwen van (soms zeer explosieve) climaxen, mede dankzij de vele knipogen naar blackgaze en post-rock. Desondanks houdt “Earthcult” er over de gehele lijn best een vrij hoog tempo op na, waarbij de blast beats ons geregeld om de oren vliegen. Trna weet ondanks het gebrek aan zang toch een dromerige en meeslepende sfeer te creëren: als luisteraar word je een uur lang meegevoerd doorheen het desolate bos dat op de albumhoes wordt afgebeeld. Écht origineel is deze stijl al lang niet meer, maar dit gezelschap heeft het kunstje duidelijk goed in de vingers en levert een melodieus en bijzonder melancholisch pareltje af. Helaas is hun Europese tour ondertussen afgezegd, want ik ben er zeker van dat Trna de Antwerp Music City volledig in vervoering zou hebben gebracht.

CAS: 85/100

Trna – Earthcult (Eigen beheer, 2018)
1. Earthcult
2. Everywhere and nowhere
3. The heart of time
4. Thaw

Numenorean – Home

Sinds (het door menigeen verguisde) Deafheaven op een succesvolle manier een brug wist te slaan tussen black metal en shoegaze/post-rock, zijn tal van bands in hun kielzog beginnen opereren, waarbij sommige nóg meer het slachtoffer werden van het haters gonna hate-theekransje, denken we maar aan een band als Ghost Bath. Met het in Canada residerende Numenorean is deze scene weer een band rijker. Ik kende ze niet – en u waarschijnlijk ook niet – maar daar zal de promomachine van Season Of Mist wel verandering in brengen. Debuutplaat “Home” werd van een ietwat shockerende hoes voorzien, maar in plaats van op z’n goregrinds enkel een provocerend hoesplaatje te kiezen just for the sake of it zit er wel degelijk een verhaal achter de misselijkmakende cover. Het centrale thema, de muziek en het artwork van ‘Home’ handelen over een verlangen naar iets dat we als mens nooit zullen bereiken. We voelen ons als mens allemaal op één of andere manier leeg en gebroken, dus zoeken we voldoening in zaken zoals geld, seks, relaties, drugs, religie en een verscheidenheid aan andere dingen, maar uiteindelijk blijven we verstoken van het ware geluk. Waar we écht op zoek naar zijn, is de onschuld van een kind dat niets van deze wereld kent en omdat we niet in staat zijn dit ooit terug te krijgen, is de enige plek waar we dit comfort terug kunnen vinden onvermijdelijk de dood. Het meisje op de cover stelt deze laatste rustplaats voor ons voor. En de albumtitel verwijst naar het feit dat ze alle pijn en verdriet, die verbonden zijn aan volwassen worden, niet moet ervaren. Een zwaarwichtig thema, dat door Numenorean op pakkende wijze in vier uitgesponnen tracks en een interludium verpakt wordt. De muzikale expressie situeert zich tussen extreme, overwegend zinderende black metal en melancholische shoegaze/postrock, waarbij ook meermaals rock-georiënteerde passages de revue passeren. Metershoge golven aan pakkende screams en riffs overspoelen plots de ingetogen instrumentale intermezzo’s die als moment van zelfreflectie en bezinning fungeren. Noem het post-black, noem het DSBM, noem het blackgaze, ach als het kind maar een naam heeft. Erg origineel is het ondertussen ook allemaal niet meer, maar het geheel wordt wel sterk en overtuigend gebracht. Hierbij weet het vijftal meer dan eens de gevoelige snaar te raken, zonder dat het gebodene in een zeemzoete brij vervalt – verre van zelfs. Naast de eerder genoemde invloeden, zal Numenorean ook de liefhebbers van Forgotten Tomb, Woods Of Desolation, Alcest of Harakiri For The Sky weten te bekoren. Goed debuut! Luistertip: “Devour“.

JOKKE: 78/100

Numenorean – Home (Season Of Mist 206)
1. Home
2. Thirst
3. Shoreless
4. Devour
5. Laid down