bölzer

Dool – Summerland

Het Rotterdamse Dool timmert al sinds 2015 aan de weg en ontstond uit de restanten van het mij onbekende Elle Bandita, Herder en een andere band die velen nauw aan het hart ligt: The Devil’s Blood, en bevat dus wel wat leden die niet onbekend zijn. De Rotterdammers zijn toe aan hun tweede langspeler die in april uitkwam en de naam “Summerland” kreeg. Of ze daarmee onze living bedoelen is nog steeds de vraag, gezien we komende zomer bitter weinig anders te zien zullen krijgen. Doorheen de jaren zijn er enkele wissels in de bandbezetting geweest, met als resultaat dat we Omar van Turia, Iskandr (en al de rest) nu ook bij Dool terugvinden. Omar kennen we als begenadigd black metalmuzikant, maar Dool gooit het over een andere boeg, want raakvlakken met (black) metal zijn er muzikaal gezien nauwelijks. De groep houdt er een dark rock/occulte rock benadering aan over die meer dan eens knipoogt naar The Devil’s Blood (zoals op “The well’s run dry”) die het diverse stemgeluid van zangeres en gitariste Ryanne Van Dorst. Waar “Wolf moon” een meer dan degelijke single was, “Be your sins” een opzwepende nervositeit aan de dag legt, “Dust & shadow” zelfs eventjes de wereld van de doom metal aanraakt en het album middels lang uitgesponnen epiek kundig afsluit én opener “Sulphur & starlight” wel wat wegheeft van The Sisters of Mercy, is het toch moeilijk me volledig in de wereld van Dool onder te dompelen. Op “Summerland” horen we naast de band zelf ook Okoi Jones (Bölzer) en Farida Lemouchi (The Devil’s Blood) terug als gastzangers, terwijl Per Wiberg (Opeth, Candlemass) het hammondorgel voor zijn rekening neemt. Veel namedropping hier, waardoor Dool soms wat aanvoelt als een samenraapsel van getalenteerde en gewaardeerde muzikanten, die wel wat kunstmatig overkomt. De nummers zijn niet slecht, maar weten me niet naar hogere sferen te tillen en voelen soms wat geforceerd aan – behalve op “God particle” dan, waar de groep een glimps van hun volle potentieel laat horen dankzij postrockachtige gitaarlijnen, waarna het nummer op duistere wijze wordt afgesloten. Ik hoor steeds dat Dool vooral een goede liveband is – en ving op dat net hun liveshow het bij veel mensen deed klikken. Ik heb het plezier nog niet gehad ze te aanschouwen maar ben dat zeker van plan, eens dat terug aan de orde is. Ik kan me perfect inbeelden dat Dool zalen plat kan spelen en er een zekere intensiteit van zangeres Ryanne Van Dorst uitgaat, maar op album schiet “Summeland” naar mijn bescheiden mening toch wat naast de roos. Ondanks de getalenteerde mensen die achter het album schuilgaan en ondanks het feit dat elk nummer zeker wat interessants te bieden heeft mis ik een rode draad doorheen het album. Slecht is het allerminst, maar me omverblazen doet het evenmin.

CAS: 73/100

Dool – Summerland (Prophecy Productions 2020)
1. Sulphur & starlight
2. Wolf moon
3. God particle
4. Summerland
5. A glass forest
6. The well’s run dry
7. Ode to the future
8. Be your sins
9. Dust & shadow

Bölzer – Lese majesty

In 2016 verraste het Zwitserse Bölzer vriend en vijand op “Hero” met heel wat heldere zang die de aanhang resoluut op een Mozes-en-de-Rode-Zee wijze in twee splitste. We zijn nu drie jaar later en KzR (zang en gitaar) en HzR (drums) hebben ondertussen de touwtjes rond het uitbrengen van hun releases volledig in eigen handen middels hun label Lightning & Sons. Het eerste nieuwe wapenfeit biedt zich aan in de vorm van de vier songs tellende EP “Lese majesty” die al bij al toch op een klein half uur afklokt. Wanneer “A shepherd in wolven skin” uit de boxen knalt, krijgen we die signature loodzware sound vol onorthodox gitaarwerk en schedelsplijtend drumwerk te verteren waarvoor het duo gekend staat. Het nummer kent een heerlijke groove, HzR tovert een heel arsenaal aan drumritmes uit zijn mouw en opnieuw duiken daar die fel bekritiseerde cleane vocalen weer op. KzR is nog steeds geen wereldzanger en de eerste keer is het altijd even de wenkbrauwen fronsen, maar uiteindelijk vind ik die heroïsche zangpartijen eigenlijk niet meer weg te denken uit Bölzer’s sound. Ze zorgen voor een dynamisch luisterspel met de nog steeds grotendeels woest gezongen en gebrulde teksten die deze keer de bombastische heroïek achter zich laten en een eerder ketterse insteek hebben. Enkele helder gezongen zanglijnen geven een catchy twist aan de voor de rest moeilijk verteerbare brok extreme metal. Na het ambient rustpunt “Æstivation” laat Bölzer in “Into the temple of spears” zien dat het nog steeds woeste lawines doorheen de Zwitserse berglandschappen kan ontketenen en tijdens de blastpassages waait een zwartgeblakerde orkaan doorheen de donderende doodsmetalen riffs. Onheilspellende spoken word samples voegen nog een extra shotje complete duisternis aan het nummer toe. “Ave Fluvius! Danu be praised” klokt op een epische twaalf minuten af maar bevat een iets te lange dronende aan- en uitloop die verder ook niet veel toevoegt aan deze compositie. Verder zie je KzR zo voor je op één of andere besneewde Zwitserse bergtop in imposant ontbloot bovenlijf en met een woest swingende aks in de hand de goden tarten. Bölzer gaat stug haar eigen weg en dat is lovenswaardig. Aan restrictieve dogma’s en oubollig elitarisme hebben deze heren duidelijk het schijt. Op 11 december doet Bölzer ons landje nog eens aan met de interessante package die in de Antwerpse Zappa neerdaalt en verder nog uit de Noorse excentriekelingen Dødheimsgard, de Poolse blackies Blaze Of Perdition en het death/speed metal combo Matterhorn is samengesteld. Allen daarheen zou ik zeggen!

JOKKE: 84/100

Bölzer – Lese majesty (Lightning & Sons 2019)
1. A shepherd in wolven skin
2. Æstivation
3. Into the temple of spears
4. Ave Fluvius! Danu be praised

Blue Hummingbird On The Left – Atl Tlachinolli

De in Zuid-Californië actief zijnde Black Twilight Circle zal de meeste Addergebroed-lezers ondertussen wel niet meer onbekend in de oren klinken. Dit zootje muzikanten onder leiding van Eduardo Ramírez en gelinkt aan diens Crepúsculo Negro-label spreekt tot de verbeelding van menig extreem muziekliefhebber. De teksten en de muziek van veel bands uit deze kliek is doordrongen van de Azteken (Mexica)-cultuur. Eén van de beste compilaties van BTC-bands verscheen in 2016 onder de noemer “Desert dances and serpent songs” en bevatte bijdrages van Volahn, Shataan, Arizmenda en Kallathon. Die laatste bracht vorig jaar een split uit met Blue Hummingbird On The Left wat de Engelse naam is van de Azteekse god Huitzilopochtli. Negen jaar na haar oprichting brengt die laatste onder de naam “Atl Tlachinolli” nu haar debuut uit. Nu is Blue Hummingbird On The Left niet meteen mijn favoriete band uit de BTC-stal, maar toch mag deze langspeler er zijn. Voor mij persoonlijk heeft de met thrash-metal geïnfuseerde black van het kwartet soms te veel war metal-trekjes waarbij het eentonig hakkend drumspel van drummer/gitarist Yayauhqui (Ramírez’ schuilnaam in dit geval) in nummers als “Sun / War club” en “Life death rebirth” me in dat geval al snel verveelt. De afwisseling tussen opzwepende riffs in het woeste “Storms” en meer melodieuze nummers houdt het gelukkig toch interessant. In het einde van “Blood flower” ontwaren we bijvoorbeeld een Bölzer-achtige melodie en het mid-tempo “Precious death” en “Tenochtitlan” zijn met hun mooie gitaararrangementen melodieuzer, fijngevoeliger en meer atmosferisch van aard. En dan zijn er ook nog de tal van inheemse instrumenten en mysterieuze klanken die als water doorheen vurige songs als “Southern rules supreme – Moon” en “Rain campaign” kronkelen, wat een authentiek karakter aan de muziek geeft, vooral wanneer zanger Tlacaelel zijn fluit boven haalt. De oorlogsgoden worden weer tot leven gewekt in “Hail Huitzilopochtli” en geëerd voor het bewaken van de eigen cultuur ten opzichte van indringers. Hoewel “Atl Tlachinolli” door de knipogen naar de Zuid-Amerikaanse bestial black metal-scene niet honderd procent my cup of tea is, is dit door de muzikale afwisseling en het eigen karakter toch een onderhoudende plaat.

JOKKE: 75/100

Blue Hummingbird On The Left – Atl Tlachinolli (Iron Bonehead/ Nuclear War Now!/Crepúsculo Negro 2019)
1. Sun / War club
2. Blood flower
3. Precious death
4. Hail Huitzilopochtli
5. Rain campaign
6. Life death rebirth
7. Tenochtitlan
8. Storm
9. Southern rules supreme – Moon

Orkan – Element

Het Noorse Orkan wist me een tijdje geleden te overtuigen als opener voor de Taake/Bölzer/One Tail One Head-package. De band was niet alleen aan de line-up toegevoegd wegens diens gitarist Gjermund Fredheim die al meer dan een decennium lang links van Taake’s Hoest op het podium prijkt (en tevens verantwoordelijk is voor de eerst banjosolo ooit op een black metal-plaat), maar zag ook de opportuniteit om nieuw werk te spelen van haar nagelnieuwe derde album “Element“. Zoals de titel reeds prijsgeeft, draaien de teksten rond de kracht en furiositeit van de vier natuurelementen waarbij vooral de prachtige landschappen van hun geboorteregio (het Stord-eiland ten zuiden van Bergen) geëerd worden. “Lenker” opent de plaat op een vrij traditionele manier met een snel en van repetitief drumwerk voorziene drive. “I flammar skal du eldast” en “Avmakt” klokken beide op meer dan negen minuten af en zijn epischer van opzet met lange uitgesponnen instrumentale passages en een mooie dynamiek die zich gaandeweg ontplooit als monumentale berglandschappen die uit de aarde oprijzen. “Iskald” bevat heerlijk opzwepend en iets technischer gitaarwerk en zanger Einar Fjelldal kwijt zich oerdegelijk van zijn taak door de voortrazende black van snijdende vocalen te voorzien. Orkan bewijst hier haar naam niet gestolen te hebben. “Motstraums” is een kort slepend nummer dat toelaat om zelf verzonnen Noors op een plechtstatige manier mee te k(w)elen. Hoewel de eerste zes nummers al een overdonderende indruk nalaten, komt de climax middels het afsluitende “Heim” waarin de vier Noren laten horen ook niet vies te zijn van experiment (we ontwaarden eerder op het album ook reeds accordeon-klanken, wat niet zo voor de hand liggend is voor een black metal-band). Cleane gitaren, een diepe pulserende tromdrum en dronende feedback zetten een droevige toon neer en creëren een spanningsboog die je op het puntje van je stoel doet zitten. De verwachte snelheidsuitbarsting blijft uit maar de song ontpopt zich tot een epische ode aan het thuisland waarin heldere zang alle aandacht opeist. Besluit: Orkan weet zich plaat na plaat nog meer te positioneren als een oerdegelijke speler in de Noorse black metal-league.     

JOKKE: 85/100

Orkan – Element (Dark Essence Records 2018)
1. Lenker 
2. I flammar skal du eldast 
3. Iskald 
4. Motstraums 
5. Avmakt 
6. Den våte grav 
7. Heim

Sulphur Aeon – The scythe of cosmic chaos

Liefhebbers van Lovecraft en death metal zullen hun hart weeral kunnen ophalen aan de nieuwe derde langspeler “The scythe of cosmic chaos” van Sulphur Aeon. Deze Duitsers zetten al sinds 2010 de toon op gebied van kwaliteitsvol doodsmetaal, maar lijken pas sinds de release van “Gateways to the antisphere” uit 2015 – destijds dé death metal-plaat voor oud-collega Filip – meer naamsbekendheid te hebben vergaard. Dank u Ván Records! Op zich zijn er geen wereldschokkende nieuwigheden te horen op “The scythe of cosmic chaos” waarvan het artwork – zoals we van de band gewend zijn – weer uitmuntend is en vooral op de vinyluitgave weer extra goed tot zijn recht zal komen. Dank u Ola Larsson! Ook de sound van de acht death metal-epossen die we in een dikke vijftig minuten te horen krijgen, klinkt weer lekker vol, modern en toch noch organisch en atmosferisch. Dank u Simon Werner! Qua stijl leunen de Duitsers dicht aan bij onze Poolse vrienden van Behemoth ten tijde van diens “Zos kia cultus“, alleen weet Suplhur Aeon over heel de lijn de volle aandacht te trekken. Filip zei het destijds ook al. Ook Immolation kan als referentiepunt dienen en in “Yuggothian spell“, de single die als eerste werd vrijgegeven en is gebaseerd op Lovecraft’s “Haunter of the dark“, horen we ook wel wat midden-oosterse invloeden waardoor een band als Nile natuurlijk al snel vanachter de piramide komt loeren. Bovendien duiken in deze song, net als in opener “Cult of starry wisdom“, het van pakkende melodieën voorziene “The summoning of Nyarlathotep” en de afsluiter ook cleane vocalen op die extra cachet en epiek aan de muziek toevoegen. Van mijn part mag deze aanpak in de toekomst nóg verder uitgediept worden zoals Bölzer op “Hero” deed. Met het bijna tien minuten durende “Sinister sea sabbath” heeft het kwintet haar langste song tot op heden neergepend. Van verveling is er echter geen sprake want Sulphur Aeon blinkt uit in het verweven van de nodige dynamiek in haar nummers waarbij er ook steeds een mooie balans is tussen agressie en melodie. Ook “Lungs into gills” wisselt doom-tempo’s af met snelheidsuitbarstingen, melodieus gitaarwerk en een zinderende finale. Likkebaarden! In het van een lange titel voorziene “The oneironaut – Haunting visions within the starlit chambers of seven gates” zorgen subtiele keyboards voor extra sfeerzetting in de rustige passages die in deze song ingebouwd zijn. Het afsluitende “Thou shalt not speak his name (The scythe of cosmic chaos)” laat de spierballen en dubbele bassen nog éénmaal rollen, roept om meegezongen te worden en moet live slachtoffers maken, dat kan niet anders. Sulphur Aeon is het belangrijkste en meest ambitieuze death metal-instituut van Duitsland en levert met “The scythe of cosmic chaos” het voorlopig doodsmetalen hoogtepunt van 2018 af (de nieuwe Bloodbath dient nog steeds gecheckt te worden). Dank u Sulphur Aeon!

JOKKE: 87/100

Sulphur Aeon – The scythe of cosmic chaos (Ván Records 2018)
1. Cult of starry wisdom
2. Yuggothian spell
3. The summoning of Nyarlathotep
4. Veneration of the lunar orb
5. Sinister sea sabbath
6. The oneironaut – Haunting visions within the starlit chambers of seven gates
7. Lungs into gills
8. Thou shalt not speak his name (The scythe of cosmic chaos)

Ováte – Ováte

Het is nog even wachten tot het najaar vooraleer Taake samen met Bölzer en One tail One Head onze contreien aandoet in het teken van haar laatste plaat “Kong vinter“. In afwachting van de doortocht van deze interessante package presenteren Aindiachaí en Brodd, respectievelijk live-gitarist en live-drummer van Taake, ons hun eerste werk van hun nieuwe band Ováte waarmee ze een pagan black metal route bewandelen, zij het explosief, rockend en opzwepend; bijvoorbeeld zoals we het subgenre kennen van een Kampfar. Op vocaal gebied konden beide heren rekenen op de hulp van heel wat bevriende zangers. Zo leende V’Gandr (Helheim, Taake) zijn stembanden uit op “Morgenstjerne” waarbij hij screams afwisselt met sporadische cleane samenzang. Deze openingstrack bevat veel mooie, krachtige melodieën met een pakkend onderhuids heidens gevoel en is het meest epische nummer dat op de plaat te vinden is. “Song til ein orm” rockt dat het een lieve lust is en als mijn oorschelpen me niet bedriegen maakt de Taake frontman hier het mooie weer wat betreft vocalen. Opnieuw zit de pagan-inslag intrinsiek in de gitaarriffs vervat en worden we nog op een melodieuze solo getrakteerd. Andere hulplijnen die ingeschakeld werden zijn Eld (Krakow, Aeturnus, Gravdal), Ese (Slegest) en Ødemark (The 3rd Attempt) waarbij kan vermeld worden dat het afwisselen van zanger heel goed werkt op deze plaat, hoewel het verschil in raspende keelklanken nu ook niet wereldschokkend groot is. “Illhug” start aanvankelijk met de nodige blasts, maar schakelt al snel over naar een rockende modus inclusief spetterend gitaar- en soleerwerk en houdt het hoge niveau de volle acht minuten vol. Enkel “The horned forest king” wordt in het Engels uitgevoerd en de aandachtige luisteraar zal hier stoere, maar subtiele samenzang opmerken; het zit ‘em dikwijls in de details op deze plaat. In de negen minuten durende afsluiter zijn dat samples van barre natuurelementen zoals regen, donderslagen en huilende wind die doorheen de riffs gevlochten zijn. De krachtige, maar niet té gelikte productie zorgt er bovendien voor dat dit zwartmetaal als vuurwerk uit de boxen knalt. Met Deathcult’s “Cult of the goat” leverde Soulseller Records reeds een geweldige plaat af en met Ováte krijgen we zelfs nog een overtreffende trap aangeboden.

JOKKE: 89/100

Ovate – Ovate (Soulseller Records 2018)
1. Morgenstjerne
2. Song til ein orm
3. Illhug
4. The horned forest king
5. Inst i tanken

DSKNT – PhSPHR entropy

Hoewel Zwitserland in eerste instantie niet snel aan metal gelinkt zal worden, heeft het land van raclette, jodelaars, zakmessen en polshorloges in het verleden al enkele interessante metal-bands voorgebracht. Denken we maar aan Celtic Frost, Triptykon, Bölzer, Borgne of Schammasch. Een nieuwe interessante speler is DSKNT, het geesteskind van Asknt (Ab Occulto, AION, ex-Exordium), dat met “PhSPHR entropy” haar debuutplaat aflevert. Liefhebbers van het betere dissonante werk, spitst uw oren! De vreemde titel verwijst naar de wanorde, ontaarding, instabiliteit en chaos van de interne en externe metastabiliteit van de mens en dat wordt op een misselijkmakende manier vertaald naar extreme muziekklanken. Vermits DSKNT een éénmansproject is – hoewel Deus Mortuus van Antiversum de vocalen op zich nam – hoeft Asknt geen muzikale compromissen te sluiten en levert het een onconventionele sound op waarbij black, doom en death metal op verstikkende wijze gecombineerd worden. Het tegendraads en industrieel aandoend riffwerk van “S.O.P.O.R.” doet me soms wat denken aan de dit jaar verschenen “Arrayed claws“-plaat van het Italiaanse Lorn. In “Kr. Vy. rites” leeft Asknt zich uit met knetterharde hardware disto/fuzz effecten en reverbs om alzo het immens log beukende doomy “Kr. Vy. portals” in te luiden. Het snellere “Resurgence of primordial void aperture” is technischer van opzet en sleurt je bij je nekvel regelrecht mee de dieperik in. En de afsluitende titeltrack gaat qua extremiteiten zelfs nog een stapje verder. Liefhebbers van Deathspell Omega en Blut Aus Nord raad ik aan dit DSKNT eens aan een luisterbeurt te onderwerpen.

JOKKE: 82/100

DSKNT – PhSPHR entropy (Clavis Secretorvm/Babylon Doom Cult Records/Sentient Ruin Laboratories 2017)
1. Exhaling dust
2. S.O.P.O.R
3. Kr. Vy. rites
4. Kr. Vy. portals
5. Resurgence of primordial void aperture
6. PhSPHR Entropy

Kosmokrator – First step towards supremacy

Met de veelbelovende demo “To the svmmit” wisten onze landgenoten Kosmokrator een deal met het gereputeerde Ván Records in de wacht te slepen. Na een heruitgave van die demo op CD en vinyl komt de vrij jonge band voor een tweede keer op de poorten van de hel beuken. “First step to supremacy” werd de nieuwe EP gedoopt en met een speeltijd van meer dan een half uur, wordt de luisteraar voldoende verwend. Wat meteen opvalt wanneer “Initiate decimation” op de luisteraar wordt los gelaten is de vooruitgang die werd geboekt op productioneel vlak. Hoewel de occulte en bestiale death metal van het vijftal nog steeds grimmig klinkt – zo hoort het ook bij deze vorm van doodsmetaal – is de sound toch een pak minder wazig en zompig wat de transparantie ten goede komt. De snaredrum klinkt nu misschien wat dunnetjes, maar dat zorgt er wel voor dat alle aanslagen duidelijk hoorbaar zijn in plaats van te verdrinken in een septisch opborrelende protput. Een ander opvallend nieuw element is het veelvuldig inzetten van cleane vocalen die voor een heroïsche noot (think Bölzer) en de nodige afwisseling zorgen met de diepe death growls. In “Kosmokratoras III – Mother whore” lijken we wel de één of andere duivelse hoogmis bij te wonen want het occulte en sacrale karakter spat middels de nodige kerkgezangen van deze song af. De disonnante gitaren en knuppelende drums dragen bij tot het verstikkende sfeertje dat deze EP uitademt maar daarnaast passeren ook erg pakkende en groots klinkende gitaarriffs (check hieronder het ge-wel-di-ge “Death worship“). “Myriad” is met haar dertien minuten de langste track van deze EP en laat een hybride vorm van groezelige doods-aanbidding en beklijvende doom horen alvorens uit te monden in donkere ambient/noise. Ongelofelijk hoeveel progressie het kwintet met deze EP heeft weten maken. Hoewel dit slechts een eerst stap richting heerschappij is, palmt Kosmokrator meteen de Belgische death metaltroon in. Wie Morbid Angel, Grave Miasma of Abyssal aanbidt, moet zich deze nieuwe EP van Komoskrator zo snel mogelijk aanschaffen! Fuck off and die!

JOKKE: 86/100

Kosmokrator – First step towards supremacy (Ván Records 2016)
1. Initiate decimation
2. Death worship
3. Kosmokratoras III – Mother whore
4. Myriad

Mortichnia – Heir to scoria and ash

Knap als een debuut van een voorheen onbekende band op een eveneens onbekend label je weet te overtuigen. Bij deze is de clue van de review meteen verklapt! Het uit Dublin afkomstige kwintet Mortichnia brengt via Apocalyptic Witchcraft Recordings (o.a.Zatokrev en Caïna) met “Heir to scoria and ash” een plaat uit die liefhebbers van het ter ziele gegane Altar Of Plagues zeker moet kunnen bekoren. Het feit dat het album geproduceerd, gemixt en gemastered werd door diens mastermind James Kelly, versterkt de vette knipoog naar Altar Of Plagues nog meer. Goed om vast te stellen dat Kelly nog steeds interesse heeft in het heavy gebeuren naast zijn elektronisch soloproject Wife. Mortichnia als een klakkeloze kopie van Altar Of Plagues afdoen, zou de heren echter onrecht aandoen. Dat ze post-black metal als basis nemen, waarbij het er net iets minder uitgesponnen atmosferisch aan toe gaat dan bij de Cascadian scene, valt niet te ontkennen. Deze fond wordt echter op smaak gebracht met beklemmende doom metal en wanhopige screams, die refereren aan Ash Borer, en met momenten gaat het er behoorlijk progressief aan toe. Het is vooral de licht industriële sound (ietwat kil klinkende drums) van de interessante mix aan stijlen die een link met de zwanenzang van Altar Of Plagues oproept. Zo wisselen beklijvende atmosferische passages af met laag gestemde grommende doom/death riffs (die wel wat weghebben van Bölzer) en ondersteunende dubbele basdrums. De riffs wringen zich met momenten uit hun strak omlijnd keurslijf om de nodige dissonanten op de gitaarfrets en -snaren op te zoeken.Thematisch gezien handelt dit werkje over de veroordeling van de menselijke zwakheid en het ontwaken van een onweerlegbare spijt.De vier monsterlijke songs en intermezzo halen inspiratie uit een misantropisch instinct en verhalen over een verwekt verdriet, ondersteund door catharsische visioenen van vergankelijkheid. Opgewekte jongens dus! Dit is een debuut dat kan tellen en Mortichnia is er dus weeral eentje om in het oog te blijven houden. Oordeelt u hieronder zelf maar!
JOKKE: 81/100

Mortichnia – Heir to scoria and ash (Apocalyptic Witchcraft Recordings 2016)
1. Searing impulse
2. Carrion proclamation
3. The waning
4. A furious withering
5. Heir

Desolate Shrine – The heart of the netherworld

Als we een spelletje “associaties leggen” spelen, denk ik bij Finland in de eerste plaats aan de Kerstman, het noorderlicht, Nokia, persoonsnamen met elvendertig opeenvolgende klinkers en op muzikaal gebied aan reflux opwekkende hoempapa-metal of Darkthrone worshipping black metal. Kwaliteitsvolle  death metal popt niet meteen in mijn gedachten op. Toch bewijst Desolate Shrine dat er wel degelijk interessante doodseskaders rondlopen in het land van de duizend meren. “The heart of the netherworld” is reeds de derde langspeler van dit Finse trio en sluit perfect aan bij de illustere voorgangers. Beukende en raggende death metal, waarbij de nodige ruime voor atmosfeer voorzien wordt, is wat je mag verwachten van Desolate Shrine. LL opereert als het muzikale brein en laat zich door twee zangers bijstaan (RS en ML) waarbij de ene excelleert in diepe doodsrochels en de andere meer black metal getinte vocalen uit zijn stembanden tovert wat in perfect duetjes resulteert! In de woeste herrie valt laaggestemd Zweeds zaaggeluid te ontdekken zonder dat dit de bovenhand neemt en er passeren regelmatig mooie melodieuze solo’s (onder andere aan het einde van “Black fires of god”). De speelduur van de songs (gaande van zes tot veertien minuten) doet vermoeden dat er hier meer te beleven valt dan louter death metal. Er wordt regelmatig gas teruggenomen waarbij de doom-regionen opgezocht worden. “Desolate shrine” met zijn distorted baslijnen, maar vooral het met piano opgesmukte en atmosferische “We dawn anew” en de kolossale titeltrack zijn hier schoolvoorbeelden van. Komt de dynamiek alleen maar ten goede! In “Death in you” rollen de dubbele bassdrums als een tank over het slagveld en neemt de band geen genoegen met overlevenden of krijgsgevangenen. Iedereen moet eraan! De productie van “The heart of the netherworld” staat bovendien als een huis en maakt het een uur lang genieten! Als Bölzer, Dead Congregation, Grave Miasma, Malthusian, Necros Christos en Sonne Adam je bloedgeil maken, dan zal Desolate Shrine je hoofd ook wel op hol kunnen brengen. Na Devouring Star de tweede Finse klassebak die recent een greep doet naar de titel van “beste extreme metalact” van Finland, hoewel we de grinders van Rotten Sound ook niet mogen vergeten natuurlijk.

JOKKE: 84/100

Desolate shrine – The heart of the netherworld (Dark Descent records 2015)
1. For the devil and his angels
2. Black fires of god
3. Desolate shrine
4. Death in you
5. We dawn anew
6. Leviathan
7. The heart of the netherworld