frankrijk

Esoctrilihum – Eternity of Shaog

Weinig mensen brengen 5 full length albums uit op 4 jaar tijd en zij die het doen, boeten vaker wel dan niet in aan kwaliteit. De anonieme Fransman Astâghul probeert het tegendeel te bewijzen én pakt die opdracht op zijn eentje aan middels het vehikel Esoctrilihum. In zijn eentje wat menselijke inbreng betreft dan toch, want de heremiet haalt inspiratie uit een uitgebreide fantasywereld die hij van de protagonist van dit album, Shaog Og Mogtoth, krijgt doorgespeeld. Shaog is een godheid die buiten tijd en ruimte verblijft en knarsetandend wacht tot hij binnen kan breken in dit universum. Deze Sovereign Of Nothingness is één van de Immemorial Gods waarvan op album nummer vier, “The Telluric Ashes of the Ö Vrth Immemorial Gods” sprake was en hanteert dezelfde werkwijze als Markov Soroka’s Tchornobog, met dat verschil dat Shaog eerder lijkt op H.P. Lovecrafts Azatoth. Niet in staat het universum binnen te breken en het met een vingerknip weg te vagen, dus beïnvloedt hij het maar middels het uitzenden van dromen die wij nu in auditieve vorm te horen krijgen. I, Voidhanger Records heeft altijd al een voorliefde gehad voor acts die buiten de lijntjes kleuren en wijkt met Esoctrilihum niet van dit stramien af. Voor het immer kleurrijke love-it-or-hate-it artwork werd het schilderij The Dracula Of Mars van Alan E. Brown gebruikt, die sinds de vorige plaat deze taak van Jeff Whitehead overnam. Alles is bevreemdend aan Esoctrilihum en zo ook de muziek: een mix van blackened death metal met ingetogen passages en een enorm experimenteel gehalte – zonder het overgewaardeerde label progressive te willen gebruiken. Esoctrilihum klinkt met momenten verstikkend, zoals in het met dissonante viool doorspekte “Thritônh (2nd passage: the colour of death)” waarin de blastbeats met machinale precisie op ons af worden gevuurd, wat best impressionant is gezien Astâghul ook deze zelf heeft ingespeeld. Op andere momenten is er dan weer tijd voor wat ingetogen contemplatie zoals op het melodisch beginnende “Amenthlys (5th passage: through the Yth-Whtu seal)” waarin melodische riffs en ondersteunende synths het geweld wat doorbreken. Maak u echter geen illusies, echt kalm wordt het nergens en het met momenten zwaar verwrongen gekrijs blijft de geschifte sfeer verder in de verf zetten en wisselt af tussen hoge stembandscheurende uithalen en agressieve grunts. Her en der worden chaotische solo’s ingezet en ook een traditioneel Fins instrument als de kantele wordt niet geschuwd om de boel nog wat buitenaardser te doen klinken. Zij die houden van voorspelbare, rechtdoorzee songstructuren zijn er ook meteen aan voor de moeite, want de muziek van Esoctrilihum blijft constant onverwachte kanten opgaan. Één van de weinige constanten zijn een vaak doorratelende basdrum en rollende riffs die hier meer een black randje, dan weer een vunzige death metal kant meekrijgen en de volle, bombastische productie. Opnieuw klokt de speelduur op ongeveer een uur af, en opnieuw spuwt Esoctrilihum van aan de randen van het universum een brok excentrieke vuiligheid in onze oren. Astâghul schrijft verre van toegankelijke muziek, maar liefhebbers van acts als Blut Aus Nord, Tchornobog, Ævangelist en The Ruins Of Beverast kunnen deze plaat blindelings aanschaffen.

CAS: 85/100

Esoctrilihum – Eternity of Shaog (I, Voidhanger Records 2020)
1. Orthal
2. Exh-Enî Söph (1st passage: Exiled from sanity)
3. Thritônh (2nd passage: The colour of death)
4. Aylowenn Aela (3rd passage: The undying citadel)
5. Shtg (4th passage: Frozen soul)
6. Amenthlys (5th passage: Through the Yth-Whtu seal)
7. Shayr-Thàs (6th passage: Walk the oracular way)
8. Namhera (7th passage: Blasphemy of Ephereàs)
9. Eternity of Shaog (∞th passage: Grave of agony)
10. Monotony of a putrid life in the eternal nothingness

Necrowretch – The ones from hell

Naar mijn weten is Frankrijk een land met toch wel wat talent als het op extreme metal aankomt. Een hoop steengoede death en black metal bands van alle strekkingen die vaker weten te verrassen dan teleur te stellen. Vooroordeel of niet, het heeft in elk geval mijn verwachtingen van het voor mij voordien onbekende Necrowretch en hun vierde full length “The Ones from hell” ingekleurd. Dommage…Met een bandnaam als Necrowretch kan je eigenlijk al denken dat de muziek behoorlijk wat old school invloeden zal hebben en jawel, het gaat hier wel degelijk om muziek gehaald uit een met thrash/black/death gevulde, voor Vaderdag in een jaren tachtig basisschool gemaakte, asbak. Snelle, typische gitaarriffs, ambivalente solo’s en wat willekeurig getier worden vergezeld van enthousiaste drums, die er ongelukkigerwijs soms een fractie “naast” zitten. Spitsafbijter “Pure hellfire” vind ik, op enkele lead riedeltjes na, rotzooi. Een muzikale belichaming van waarom ik niet vaak naar dit genre luister. Dit verandert pas lichtjes als we bij het derde nummer en titeltrack “The ones from hell” aankomen. Hier horen we de meer black metal kant van Necrowretch en daar slaagt de band iets beter in om te overtuigen. Het nummer doet me zelfs denken aan vroege Dissection. Er wordt op dit elan niet verder gegaan en de volgende drie tracks zijn wat meer mid-tempo death/thrash. Op bepaalde momenten vind ik het best catchy, maar na heel even verslik me dan toch steeds in de uitvoering, welke naar mijn bescheten mening, niet altijd even geweldig is en sowieso bij elke snellere passage het seizoen van de mist ingaat. De band sluit de plaat met het nummer “Necrowretch” even slecht af als ze begonnen. Het is mijn genre niet per se, dus wil ik niet te hard zijn en een eervolle vermelding geven aan het, om een of andere reden, Chinees aandoende artwork en de gitaarproductie die ok is… maar hoe iemand dit echt spectaculair goed kan vinden is me een raadsel.

Xavier: 68/100

Necrowretch – The ones from hell (Season Of Mist 2020)
1. Pure hellfire
2. Luciferian sovranty
3. The ones from hell
4. Absolute evil
5. Codex obscuritas
6. Darkness supreme
7. Through the black abyss
8. Necrowretch

Amnutseba – Emanatism

Wat we over Amnutseba weten is niet veel. Naast het feit dat het om Parisiens gaat en ze twee demo’s uitbrachten die in 2018 als compilatie door Iron Bonehead Productions zijn uitgebracht, valt er bitter weinig op te spitten, al zou het me niet verwonderen moesten enkele leden ook in Novae Militiae terug te vinden zijn. Nu brengt datzelfde label uiteindelijk een volwaardig debuutalbum uit, dat afklokt op een goeie 36 minuten. Normaalgezien zou ik hier in vraag stellen of de speelduur de titel ‘langspeler’ rechtvaardigt, maar in het geval van Amnutseba moest het niet veel langer geduurd hebben. Wat mijn trommelvliezen teistert is zodanig condens en beklemmend dat mijn luchtwegen zich ook zonder corona vernauwen. “Emanatism” klinkt op en top Frans, en daarmee bedoel ik: vuil en godverdomde dissonant. Invloeden van Deathspell Omega zijn niet te ontkennen, maar dan in een chaotischer versie – denk oude Medico Peste of nieuwere Fides Inversa, maar dan met een hoop ranzigheid over gegoten die we bij Skáphe en Irkallian Oracle terugvinden. Vanuit deze beerput rochelen ook de hier diepe, death metal-aandoende growls op, al houden de Fransozen wat ruimte voor ruwe, pijnlijk klinkende krijsen. Structuur? Niks van aan. Vanaf de eerste noten van opener “Abstinence” krijgen we een constant spervuur aan scherpe dissonanten te verwerken, gelaagd op een meer dan onheilspellende vorm aan slepende black metal, verpakt in een van alle franjes ontdane productie. Hierna trekt het mysterieuze gezelschap het tempo omhoog met “Ungrund”. Amnutseba komt nog experimenteler uit de hoek met “Dislumen”, waar Death Fetishist om de hoek komt piepen maar waarin naar het einde toe ook een soort trap-beat zit verwerkt die ze voor mijn part achterwege mochten laten. Het draagt bij tot de ontmenselijking van de sound, maar voegt muzikaal gezien weinig toe. Afsluiter “Tabula” verwerkt dan weer wat bijbels aandoend gepreek, maar wordt na negen minuten wat langdradig gezien de chaos die het begin van het album kenmerkte hier wat lijkt te verdwijnen. Amnutseba trekt op dit debuutalbum alle registers open om hun verwrongen visie op black metal te uiten, maar net daardoor wordt het soms wat ratatouille aan ideeën. De eerste twee nummers voor intermezzo “.” zijn een nietsontziende maalstroom aan messcherpe riffs en onwezenlijk gekrijs, maar dit momentum wordt niet behouden naar het einde toe. Weliswaar laat het geheel een zeer desoriënterende indruk na, en het moge duidelijk wezen dat dat een compliment is.

CAS: 78/100

Amnutseba – Emanatism (Iron Bonehead Productions 2020)
1. Abstinence
2. Ungrund
3. .
4. Dislumen
5. Tabula

Burzum – Thulêan mysteries

Burzum is een van de bekendste namen uit de black metal geschiedenis dankzij de excentrieke Vikarnes. De moord op ander genre icoon Øystein Aarseth aka Euronymous maakte hem berucht en zijn regelmatig wederkerend gezwets sindsdien houdt hem min of meer in de kijker. “Thulêan mysteries” is vernoemd naar de Burzum single uit 2015 en is een verzameling losse nummers die Varg over de jaren heeft bijeengesprokkeld. Een verstandige zet, want ik neem aan dat de extreme fans dit sowieso wel zullen kopen, hoeveel percent totale rommel de release ook bevat. Nu hou ik best wel veel van minimalistische ambient, neo-folk en darkwave, maar deze kant van Burzum heeft me nooit overtuigd. Het is meestal gewoon doelloos gepingel, gespeend van een pakkende sfeer, een vrij essentieel element voor het genre. Alle tracks afzonderlijk bespreken heeft weinig zin. Het zijn er gewoon te veel en de meeste vallen ofwel onder de categorieën “willekeurig gitaar geklooi”, “willekeurig synthesizer geklooi” of “iets met onnozel gezang”. Varg zegt zelf dat het vaak overblijfsels zijn van eerdere albums en als je hoort hoe twijfelachtig die al waren, dan weet je dat dit niet veel soeps is. Het best kan ik het omschrijven als het werk van een LARP´er die zich aan muzikale fan-fictie heeft gewaagd zonder zich te laten tegenhouden door een lastig criterium als kwaliteit. Waar ik zelfs de latere metal releases van Burzum nog kon pruimen, is dit gewoon een slordige 80 minuten aan tijdverspilling over twee schijfjes die regelrecht de vuilbak in kunnen.

Xavier: 30/100

Burzum – Thulêan mysteries (Byelobog Productions 2020)
Disc 1
1. The sacred well
2. The loss of a hero
3. ForeBears
4. A Thulêan perspective
5. Gathering of herbs
6. Heill auk sæll
7. Jötunnheimr
8. Spell-lake forest
9. The Ettin stone heart
10. The great sleep
11. The land of Thulê
12. The lord of the dwarves
13. A forgotten realm
14. Heill Óðinn, sire
15. The ruins of dwarfmount
16. The road to Hel
17. Thulêan sorcery

Disc 2
1. Descent into Niflheimr
2. Skin traveller
3. The dream land
4. Thulêan mysteries
5. The password
6. The loss of Thulê

Cénotaphe – Monte verità

Eén ieder van ons die al eens een bergvakantie of -trektocht heeft gedaan, zal beamen dat de woeste en adembenemende berglandschappen tot de verbeelding spreken en je als mens heel nietig doen voelen. In het metal-wereldje komen bergtoppen regelmatig terug in cover artwork of songteksten. Zo ook bij het Franse duo Cénotaphe, één van de verborgen pareltjes van de Franse black metal-scene die met hun debuut langspeler “Monte verità” ontegensprekelijk heel wat nieuwe zieltjes gaan winnen, als dat al niet gebeurde middels de uitstekende EP “Empyrée“. De contemplatieve en poëtische Franse teksten verwijzen naar een specifieke berg in het Zwitserse Ascona die begin 19de eeuw tal van outcasts, kunstenaars en intellectuelen aantrok die op zoek waren naar afzondering van de chaotische wereld beneden hen. Het concept is echter allegorisch van aard en vanuit een metafysisch standpunt bekeken waarbij elk nummer de zoektocht naar afzondering en verademing van een individueel persoon vertelt. Eens de top bereikt is liggen de verleidingen en banale routine van de maatschappij en het dagdagelijkse leven echter terug op de loer en geraken de individuen opnieuw verder verwijderd van dat verlichtingsmoment bovenop de berg. In het titelnummer dat de plaat afsluit, krijst Khaosgott (maar dan in het Frans): “The ascent ends, and with it have faded, one by one, paradoxes, components of a body hastily doomed to decay. And now complete, now completed, I could get lost in the permanence of the mirage, staked with obsessions, like so many obstacles, like so many dry sources, through their cracked ground, I can hear the rattle of twilight.” De kracht van Cénotaphe ligt ‘em in de kwaliteiten van multi-instrumentalist Fog die complexe riffs vol stoïcijnse en troosteloze melodieën componeert die het verhaal verder kracht bij zetten. Ook keyboards worden daar waar nodig ingezet om meer diepte te geven aan de verhalende nummers. Het feit dat het duo voor een krachtige productie heeft gekozen, doet de composities perfect tot hun recht komen want een groezelige keldersound had de muziek hier onrecht aangedaan. Dat maakt het genieten van de pakkende tremolo-riffs van opener “Myosis” of het krachtige “Intolérante thébaide“, misschien wel hét hoogtepunt van “Monte verità“. In “Aux cieux antérieurs” dragen heldere koorgezangen bij tot de nodige grandeur alvorens een nieuwe pandoering om de oren te geven middels dynamische blasts en pakkende leads. Khaosgott drijft zijn stembanden in “L’oeuf de mammon” tot het uiterste en laat zien dat hij heel wat gevoel in zijn krijswerk weet te leggen. Het stuwt de nummers nog verder naar een emotionele catharsis met de sacrale wending van de gezangen in “De mon promontoire astral” als prachtig voorbeeld. Hier komt late-Emperor ook stiekem vanachter de hoek piepen. “Ne m’oubliez” zet elke keer weer aan tot het meekelen van de ‘ooh ooh oooh’s’. Dat hoeft trouwens helemaal niet cheesy te zijn, want “Monte verità” is een plaat die onder je huid en in je systeem sluipt en daar heel wat emoties weet los te weken.

JOKKE: 86/100

Cénotaphe – Monte verità (Nuclear War Now! productions 2020)
1. Myosis
2. Aux cieux antérieurs
3. L’oeuf de mammon
4. De mon promontoire astral
5. Intolérante thébaide
6. Ne m’oubliez
7. Emersion
8. Monte Verità

Iffernet – Iffernet

De twee schedels en de dorre tak die op de zwart-witte hoes van Iffernet’s gelijknamige debuut prijken, weten de sfeer op de plaat perfect te capteren. Dit is immers een 41 minuten lang schouwspel vol wanhoop, moedeloosheid, rouw, verdriet, pijn en eenzaamheid waar de geest van Burzum meer dan eens doorheen waait, hoewel de sound van Iffernet wel een pak zwaarder en minder scherp klinkt dan op Varg’s essentiële platen. Iffernet is een Frans duo met leden die tot het La Harelle collectief behoren, een groep gelijkgestemde zielen die actief zijn in o.a. Mòr, Sordide, Telümehtår, The True Malemort en Void Paradigm. Nadat Turia reeds enkele shows met Sordide speelde, trekken de Nederlanders er nu weldra met Iffernet op uit om hun nieuwe plaat aan het Europese publiek voor te stellen. In het geval van Iffernet verscheen het debuut reeds eind vorig jaar via het voor mij onbekende WV Sorcerer Productions, maar Vendetta Records verzorgt de op til zijnde vinylrelease. Breathe Plastic Records denkt dan weer aan de tape liefhebbers. De black van Iffernet is gestript van overtollig vet en de muzikanten weten het interessant te houden door met verschillende tempo’s en gemoedstoestanden te spelen. Zo voelt het up-tempo “The knife and the rope” bijvoorbeeld veel gevaarlijker aan dan het droefgeestige mid-tempo “Crushing void“. Maar de contrasten zijn soms ook binnen één en hetzelfde nummer aanwezig. Zo evolueert “Unconquered suns” van een traag ritme en beheersd riffwerk naar een intense kwelling. Zowel drummer N. als gitarist B. krijsen de ziel uit hun lijf, maar de meest hese van de twee (die we o.a. in het reeds eerder aangehaalde “Crushing void” aan het werk horen) ligt me het minste. Ondanks de variatie die beide muzikanten in de muziek proberen te steken, hebben de zes nummers net wat te weinig om het lijf om in de overvloed aan releases het hoofd boven water te houden. Ik vrees dan ook dat deze release voor mij kopje onder zal gaan zonder ooit nog eens aan het wateroppervlak te verschijnen.

JOKKE: 70/100

Iffernet – Iffernet (WV Sorcerer Productions 2019/Vendetta Records 2020/Breathe Plastic Records 2020)
1. The tales of things to sink
2. Black flood
3. The knife and the rope
4. Crushing void
5. Unconquered suns
6. Far quest for a dead end

Sylvaine/Unreqvited – Time without end

Dat we hier fan zijn van Sylvaine en Unreqvited steken we niet onder stoelen of banken. Deze twee namen zijn dan ook van het meest hoogstaande dat post-black metal de dag van vandaag te bieden heeft, hoewel ze blijkbaar niet trve metal genoeg zijn om op de metalen archieven vermeld te worden. Ik sprong dan ook een gat in de lucht toen aangekondigd werd dat beide zouden samenwerken voor een split, die eigenlijk meer een collaboratie is geworden. Op “Time without end”, bijt Kathrine Shepard de spits af middels twee nummers die inderdaad geen spoortje metal bevatten. Niettemin zullen de nummers van de Noors-Franse met engelenhaar menig liefhebber van atmosferische black metal en shoegaze kunnen bekoren. “No more solitude” is gestript tot de pure essentie: enkel piano-arrangementen en haar fragiele stem zorgen voor een ingetogen start van deze split. Op “Falling” wordt de sfeer weemoediger dankzij de Agalloch-esque akoestische gitaar die ten tonele verschijnt en waarin vocaal ook de lagere regionen worden opgezocht, die in schril contrast staan met de hoge engelenvocalen in het refrein. De tweede helft van de split is aan Unreqvited, die hier zijn tot nu toe lichtst verteerbare muziek uitbrengt, in contrast met zijn meest donkere werk op het gelijktijdig uitgebrachte “Mosaic II: la déteste et la détresse”. Op “Interwoven” horen we voor het eerst elektrisch versterkte instrumenten en komen er ook drums aan te pas, al blijft het geheel vrij licht voor de Canadees zijn doen. Gezien Unreqvited op ander werk ook geen teksten schrijft en de vocalen dus puur als instrument worden ingezet, wordt deze trend voortgezet met de cleane zang van Kathrine die fungeert als extra melodielijn, in samenspel met de etherische keyboard die tevens een ferm crescendo inzet alvorens terug licht en bezwerend het nummer af te sluiten. Afsluiter “Meadows of elysium” wordt volledig door de Canadees voor zijn rekening genomen en bevat voor het eerst een échte post-black uitbarsting, compleet met blastbeats en melodieus riffwerk, nog steeds gedragen door zijn ondertussen typerende synths. Na de drie voorgaande, zweverige tracks komt deze explosie als een verrassing, maar komt de dynamiek ten goede en weet toch dezelfde sfeer als de eerste paar nummers te capteren. Door de band genomen krijgen we hier een samenwerking waarbij beide artiesten hun wederzijds respect betuigen. Het duo toont zich hier van hun meer fragiele kant, en dat gaat hen bijzonder goed af! Voor zij die Sylvaine trouwens eens live aan het werk willen zien speelt ze op 31 mei als support act op de CD-release van Thurisaz te Wervik.

CAS: 86/100 (Sylvaine: 88/100; Unreqvited: 84/100)

Sylvaine/Unreqvited – Time without end (independent, 2020)
1. Sylvaine – No more solitude
2. Sylvaine – Falling
3. Unreqvited – Interwoven
4. Unreqvited – Meadows of elysium

Possession/Spite – Passio Christi Part I/(Beyond the) witch’s spell & Possession/Venefixion – Passio Christi II/Necrophagous abandon

De klassieke muziek van Pergolesi, Vivaldi en Allegri en Doug Maxwell’s beiaardmuziek die de twee delen van “Passio Christi“, de nieuwe conceptuele splitreeks van Possession over de laatste uren van Jezus Christus, in- en uitluidt zou mijn grootouders nog wel hebben kunnen bekoren. De chaotische old school zwartgeblakerde metal of death die daartussen uit de speakers knalt, zou ongetwijfeld op minder bijval gerekend mogen hebben. Op één langspeler na (het uit 2017 stammende “Exorkizein“) bestaat Possession’s discografie voornamelijk uit korte releases. Onder de noemer “Passio Christi” verschijnen nu twee splits waarvoor de Belgen gelijkgestemde zielen vonden in het Amerikaanse Spite en, dichter bij huis, de Fransen van Venefixion. Twee namen die ik wel al heb horen waaien, maar écht bekend met hun werk ben ik niet. Opdracht van deze splits om daar verandering in te brengen. Possession trapt beide releases in gang. Doorheen de licht-chaotische extreme metal van de oude stempel waait bij wijlen een bestiaal windje, daar zit een tour met Black Witchery en Nyogthaeblisz ongetwijfeld voor iets tussen. Maar gelukkig worden hypnotiserende melodische leads in “Temptatio“, het felle compacte “Crux immissa” en het wat langere “Stabat mater” niet geweerd. Een door ondergetekende positief ontvangen evolutie. Op ritmisch vlak wisselen militant hakkende drumritmes mid-tempo partijen en swingende blasts af. Spite vervolledigt het eerste deel en de sound van dit eenmansproject bevat veel meer invloeden van pure snerpende black. Opnieuw echter op oude stoel geleest, met heel wat invloeden van een band als Negative Plane, op zich misschien niet zo verwonderlijk als je weet dat meesterbrein Salpsan van diens livebezetting deel uitmaakt. De in 2018 verschenen langspeler “Antimoshiach” moet ik precies toch maar eens opsnollen. De cover van het “Cruel creator” oudje van het Columbiaanse Manitú leunt dichter bij de sound van Possession aan. Voor het tweede deel klopte Possession bij Venefixion aan, een band met een nog vrij bescheiden discografie en een geluid dat zich overduidelijk in het doodsmetalen hoekje afspeelt, tenminste nadat de inluidende pianoklanken van “Egregore” uitgestorven zijn. Het contrast kan amper groter zijn, wanneer de bestiale death van Venefixion gedurende zeven en een halve minuut en verspreid over twee nummers op ons wordt afgevuurd. Flitsende leads klieven doorheen de asgrauwe lucht en zetten elk gebedshuis in vuur en vlam. Twee interessante releases waarbij me enerzijds Possession’s nieuwe insteek met hypnotiserend leadwerk positief bevalt en anderzijds Spite en Venefixion als interessante verder uit te spitten bands getipt worden.

JOKKE: P.C. I: 81/100 (Possession: 82/100 – Spite: 80/100)

Possession/Spite – Passio Christi part I/(Beyond the) witch’s spell (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Possession – Intro
2. Possession – INRI
3. Possession – Temptatio
4. Spite – Beyond the witch’s spell
5. Spite – Cruel creator [Manitú cover]

JOKKE: P.C. II: 80/100 (Possession: 83/100 – Venefixion: 77/100)

Possession/Venefixion – Passio Christi part II/Necrophagous abandon (Iron Bonehead productions 2019)
1. Possession – Intro
2. Possession – Crux immissa
3. Possession – Stabat mater
4. Venefixion – Egregore
5. Venefixion – Necrophagous abandon
6. Venefixion – Ripped from the cross

The Great Old Ones – Cosmicism

Als grote horrorfan in het algemeen en Lovecraft in het bijzonder, heb ik traditioneel een zwak voor bands die het literaire genre eer aandoen. En dat doen de heren van The Great Old Ones met deze vierde langspeler, want waar de eerste drie – overigens best goeie – releases voor mij persoonlijk hier en daar iets misten, slaat deze “Cosmicism” op mijn koptelefoon als een nihilistische bom in. Eigenlijk ligt deze nieuwe plaat geheel in dezelfde lijn, en toch lijkt alles net dat tikkeltje samenhangender. We hebben duidelijk te maken met een band die volwassen is geworden in deze donkere, overbeviste wateren. Dat de cosmos blijkbaar bakken sfeer uitblaast, hoor je meteen al bij opener “Cosmic depths” die met een langzame tokkel naadloos overgaat in het strakke “The omniscient” waarin snelle, snijdende riffs afgewisseld worden met mid-tempo gehak en rustige passages. Hetzelfde vergiftigde recept als bij het bijna twaalf minuten durende “A thousand young“. Dat The Great Old Ones ook een potje onheilspellende doom metal kunnen maken, bewijzen ze met afsluiter “Nyarlathotep“, een nummer waar de ene loodzware riff gevolgd wordt door een andere. Het geluid – dankzij Francis Caste van Studio Sainte-Marthe – zit prima en doet bij wijlen denken aan een vollere variant van het laatste Blut Aus Nord-album. Ritme en melodie komen tot hun recht, net als vocalen en ook van de bij wijlen complexe drums gaat niks verloren. Speciale vermelding gaat naar het alweer briljante artwork, dit keer van Jeff Grimal. “Cosmicism” is een sfeervol en toch agressief album dat zich met een perfecte balans weet te onderscheiden. Alles klopt hier en van mijn part is dit een trefzeker kerstgeschenk.

Xavier: 95/100

The Great Old Ones – Cosmicism (Seasons Of Mist 2019)
1. Cosmic depths
2. The omniscient
3. Of dementia
4. Lost Carcosa
5. A thousand young
6. Dreams of the nuclear chaos
7. Nyarlathotep