heidevolk

Grafjammer – De zoute kwel

De grootste uitdaging tijdens het beluisteren van een Grafjammer album is onbewogen op je stoel blijven zitten. Ook nu weer roepen de negen nummers die op “De zoute kwel“, langspeler nummer drie, prijken op om de ballen uit het ballenbad van dochterlief alle kanten van de woonkamer uit te gooien en als een bezetene op haar van de Sint gekregen schommelpaard te keer te gaan. Primitieve Nederlandstalige Necrorock noemen de heren hun opzwepende zwartmetalen klanken en die vlag dekt de lading wel. Daar waar menig black ’n roll band voortdurend in dezelfde regionen blijft baggeren, valt er bij Grafjammer heel wat meer variatie te horen. Drummer Jahwe stuurt alles in goede banen, of het nu zwaar hakkend, met een rockende schwung en rollende basdrums of middels allesvernietigende blastbeats is. Ook het riffwerk van Jouter en Jeroen klinkt bijzonder effectief: de ene keer vurig en explosief zoals in de opzwepende binnenkomer “Jajempriester“, de andere keer wat meer ingetogen en melodisch (“Zelfverminkers & spiritusdrinkers“) en ook een goedgeplaatste gitaarsolo mag zo nu en dan niet ontbreken. Bassist Jelle is trouwens ook onmisbaar in het muzikale geheel want zijn zwaar ronkende snaren zorgen voor extra punch en diepgang. Luister maar een naar zijn bijdrage in “De kinderen branden” of de slepende afsluiter “Kolkgat“. Bijkomend pluspunt zijn de erg gesmaakte Nederlandstalige teksten die Jorre uitspuwt. Het verdient dan ook aanbeveling het tekstvel bij de hand te nemen en je zo te verdiepen in de teksten die handelen over misantropie en dood in combinatie met Nederlandse volksverhalen, spookverhalen en nautische onderwerpen. Die maritieme inspiratie is natuurlijk niet nieuw voor de band en deze keer wordt die invalshoek in een nummer als “De bakboordshand” middels toepasselijke accordeonklanken van Jacco De Wijs (Heidevolk) extra onderstreept. Mijn absolute favoriet is het alles vermorzelende “De bijlman van trecht” dat geen spaander heel laat van al wat er op deze alternatieve toeristische trip doorheen Utrecht op het pad van de heren komt. Op dit nummer horen we Galgevot (van partners in crime Wrang) meekwelen en ook op het zinderende “Affreus. Infaam. Abject.” en het cool getitelde “Bijbelgordelgesel” staat hij Jorre bij. “De zoute kwel” is de ideale plaat om al die opgekropte coronafrustraties de vrije loop te laten. Vooral live staat Grafjammer steeds garant voor een demolition party, maar ik moet zeggen dat de heren er met glans in geslaagd zijn hun live-energie ook op plaat te capteren, dus hopelijk zijn we snel van dat kutvirus verlost en kunnen we armen en benen op een Grafjammer concert losgooien.

JOKKE: 81/100

Grafjammer – De zoute kwel (Folter Records 2020)
1. Jajempriester
2. Affreus. Infaam. Abject.
3. Zelfverminkers & spiritusdrinkers
4. De bijlman van trecht
5. De bakboordshand
6. Bijbelgordelgesel
7. De kinderen branden
8. Maak het kort
9. Kolkgat

Knoest – Dag

Het stopt écht niet bij onze noorderburen hé. 2018 was een knaljaar voor de NLBM-scene en 2019 lijkt ook weer goed op weg te zijn om voor een groot stuk gekaapt te worden door releases van bestaande en nieuwe Nederlandse spelers. Een neofiet in de scene is Knoest hoewel het trio reeds een heus palmares aan activiteiten in andere bands kan voorleggen. Drummer Mink Koops kennen we als vellenmepper van Fluisteraars, Galg, Nusquama en Solar Temple en de unieke strot van frontman Joris hoorden we in het verleden reeds schallen bij Wederganger, :Nodfyr: en Heidevolk. Op gitaar treffen we Harold aan, die reeds ervaring opdeed bij Mondvolland en Bottenkoning. Knoest is het resultaat van een mooie bromance tussen drie kerels uit Gelderland. Een gedeelde passie voor de natuur en omgeving van Nederland’s grootste provincie vormde de voedingsbodem voor hun debuutplaat. Trek- en rijtochten doorheen Gelderland in de ochtend, de middag, de avond en de nacht resulteerden in het toepasselijk getitelde “Dag“. De unieke diepe heldere vocalen van Joris trekken van meet af aan de aandacht maar staan wel iets te ver vooraan in de mix wat bij opener “De ochtend” zelfs wat storend is. De riffs die Harold uit zijn gitaar tovert schipperen tussen weids meanderende melancholische klanken en meer rechttoe rechtaan black metal riffs of rockgetinte passages. Het spanningsveld tussen de guur klinkende zwartmetalen riffs en de ietwat genrevreemde vocale aanpak levert soms mooie contrasten op die in het toegankelijke startende “De avond” wondermooi samengaan, maar honderd procent overtuigd zijn we nog niet. Daar waar de plechtstatige gezangen van Joris bij Wederganger afgewisseld werden met krijszang, blijft die aanpak hier achterwege waardoor de zang een love it or hate it ding wordt. In het bijna twaalf minuten durende “De nacht” lijken de muzikanten bij momenten bezeten te zijn door de volle maan die door de bladerhemel in de Gelderse bossen schijnt en wordt het onderste uit de kan gehaald middels energieke en overstuurde uithalen op gitaar en drum. Maar evengoed schakelt Knoest even later op een akoestische passage over. Knoest is een band die op alle vlakken het contrast in haar muzikale landschap opzoekt, gaande van kabbelende akoestische passages tot stormende zwartgeblakerde watervallen, van brede laagvlaktes tot extreme pieken en dit alles overgoten met theatrale vocalen. Interessante eerste kennismaking die je kort door de band genomen kan omschrijven als een kruisbestuiving tussen Fluisteraars (muzikaal gezien) en :Nodfyr: (vocaal gezien, hoewel Joris bij Knoest eerder klassiek theatraal dan folky klinkt) maar het niveau van beide bands vooralsnog niet haalt.

JOKKE: 70/100

Knoest – Dag (Ván Records 2019)
1. De ochtend
2. De middag
3. De avond
4. De nacht

:Nodfyr: – In een andere tijd

In mijn jeugdige jaren luisterde ik af en toe wel eens naar heidensmetaal à la Falkenback, Theudho of Månegarm terwijl deze stijl nu nog amper door mijn boxen knalt. Toch weten de epische klanken van nieuwe speler :Nodfyr: mij te bekoren, in de eerste plaats door de genietbare cleane zang van Joris Van Gelre, die centraal in de muziek van :Nodfyr: staat. Bij zijn andere band Wederganger zorgen zijn plechtstatige vocalen voor afwisseling met de vettige screams van zijn kompaan Botmuyl, maar hier staat de man solo in de schijnwerpers. De muziek van :Nodfyr: heeft niet veel met black metal te maken en neigt eerder naar Joris’ ex-band Heidevolk, maar dan zonder de overdreven folk-elementen en het opzwepende, irritante huppelend karakter van diens muziek. :Nodfyr: klinkt serener en volwassener. De Nederlandstalige zang wordt gedrapeerd over mid-tempo metal die geïnfuseerd is met viool- en pianoklanken en middels de gitaarsolo in “In een andere tijd” een heavy metal toets kent. Gitarist Mark kwint en keyboardspeler Jasper Strik (beiden van de band Alvenrad) zorgen voor epische achtergrondkoorzang, maar het is toch vooral Joris die alle aandacht naar zich toezingt. Inspiratie haalt de band uit de folklore, mythologie en natuur van geboortestreek Gelderland. De bandnaam verwijst naar de Germaanse heidense manier van vuur maken zoals die vermeld wordt in de uit de achtste eeuw stammende “Indiculus superstitionum et paganiarum” en is daarmee één van de oudste proto-Nederlandstalige woorden. Ik kan dit :Nodfyr: wel smaken en de interesse is gewekt naar meer materiaal van deze Nederlanders.

JOKKE: 81/100

:Nodfyr: – In een andere tijd (Ván Records 2017)
1. In een andere tijd
2. Ode aan de IJssel

Wederganger – Halfvergaan ontwaakt

Uit de Gelderse drek komt het driekoppige monster Wederganger naar boven geklauterd om haar eerste volwaardige album “Halfvergaan ontwaakt” (klinkt poëtisch ondanks de gortigheid die ermee bedoeld wordt) met de mensheid te delen. De wandelende doden die Wederganger gestalte geven, hebben reeds heel wat zwarte watertjes doorzwommen in acts als Zwartketterij, Fluisterwoud, Heidevolk en Mondvolland. Op plaat en tijdens live rituelen laten ze zich bijstaan door figuren met illustere namen zoals Quaetslagher, Mysteriis en Klavierendeler. Karakteristiek element in de sound van Wederganger is het samenspel tussen de cleane, met momenten plechtige vocalen van Alfschijn en de vettige screams van Botmuyl die samen de Nederlandstalige teksten uitspuwen. “Dwaallichtbezwering” en “Wera-wulfa” zijn hier mooie voorbeelden van. Onze eigenste terziele gegane Heimat en Garmenhord (wie herinnert ze nog?) kunnen her en der als referentiekader dienen. Het gaat hier met andere woorden niet om de meest brutale black metal die er op de aardkloot gemaakt wordt, maar eerder om de bezwerende, dikwijls midtempo variant. “Gueldrian undeath metal”, noemen ze het beestje zelf. Inspiratie wordt gehaald uit plaatselijke sagen en legenden waarin de boosaardigheid staat beschreven die vroeger in de Gelderse contreien rondspookte. Mooi voorbeeld van een song met een eigen smoelwerk is het (haast ballade-achtige) “Dodendans” dat een walsend drumritme bevat waarop je, mits wat zieke verbeelding, perfect een in staat van ontbinding wezend zombiekoppeltje een slowtje kan zien placeren. Liefhebbers van een band als Urfaust zullen met Wederganger ook wel aan hun trekken komen, omdat er tussen de aanpak van de cleane vocalen enigszins parallellen getrokken kunnen worden tussen beide bands. In “Vlammenvonnis” schittert Alfschijn immers, die als een duivelse schlagerzanger zijn ontroerende en bezwerende keelklanken ten berde brengt. Met de melodische solo die in het verder zwartgallige “Zwarte gedachten” voorbij komt, kent ook het einde van de plaat nog een klepper van jewelste. Grelliger dan “The walking dead”, neem dat van me aan. Het kwaliteitslabel Ván Records merkte terecht het talent van Wederganger op waardoor “Halfvergaan ontwaakt” ook in een prachtig vormgegeven vinyleditie te bemachtigen valt.

JOKKE: 81/100

Wederganger – Halfvergaan ontwaakt (Ván Records 2015)
1. Dwaallichtbezwering
2. Gelderse drek
3. Dodendans
4. Wera-wulfa
5. Vlammenvonnis
6. Schimmenspel
7. Walmend graf
8. Zwarte gedachten