iron bonehead productions

Pa Vesh En – Cryptic rites of necromancy

De rusteloze Wit-Rus van Pa Vesh En slaat weer toe middels een nieuwe EP getiteld “Cryptic rites of necromancy“, de zesde release reeds in twee jaar tijd. Voor ongeoefende oren zullen zijn muzikale creaties als één pot doorweekte drek klinken, maar toch vallen er de nodige nuances te ontdekken in zijn gitzwarte getormenteerde output. Zo was er de miserabele gewelddadigheid van de demo’s “Knife ritual” en “Deathwomb“, de schijnbaar structuurloze uitingen op de “A ghost” EP en de split met Temple Moon en de onwelriekende rauwheid en verwrongen melodieën van langspeler “Church of bones“. De drie nieuwe auditieve kwellingen die we – op de intro na – op deze 7 inch gepresenteerd krijgen, klinken concreter, drukker en chaotischer (“The witness of ceremonial witchery“) en brutaler en gewelddadiger (“Raised from the grave“) dan ooit, maar doorheen de weergalmende en verontrustende golven van “Entwined with snakes” ontwaren we toch ook de nodige melodie die ons bij het nekvel grijpt maar tegelijk ook de stuipen op het lijf jaagt. Dit zes minuten durende nummer is misschien wel zijn beste tot op heden en zou liefhebbers van bands als Cepheide of Turia ook moeten kunnen aanspreken. Laat je niet afschrikken door de lo-fi frequenties en gekwelde krijsen van Pa Vesh En maar ga in zijn obscuriteit op zoek naar houvast en emotionele verbondenheid. Benieuwd naar de volgende stap die Pa Vesh En zal nemen op haar mistige pad richting verdoemenis.

JOKKE: 81/100

Pa Vesh En – Cryptic rites of necromancy (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Chants for the deceased
2. The witness of ceremonial witchery
3. Raised from the grave
4. Entwined with snakes

Vitriol – Chrysalis

Scheikunde was nooit mijn dada maar wat ik toch onthouden heb uit die cursus vol chemische formules is dat vitriool de naam is van verschillende sulfaten die onder meer als verdelgingsmiddel gebruikt worden. Van die betekenis is de stap naar een negatieve figuurlijke connotatie niet zo groot maar vitriool is ook een belangrijk element uit de alchemie. Vandaar dat dit woord al meer dan eens als bandnaam gebruikt werd. In dit geval hebben we met het Duitse Vitriol van doen, een duo uit Nuremburg. Iron Bonehead was dusdanig onder de indruk van de band dat ze beide heren in huis haalden en een eerste EP dient zich nu aan (in 2016 verscheen reeds een demo). Het label spreekt over visionaire death metal en zelf omschrijft de band zich als “cryptic metal carnage“. Het hoesontwerp intrigeert en de songtitels klinken inderdaad geheimzinnig of wat dacht je van een titel als “Swarming segments, spirit splinters of stellar dust” waarvan het correct uitspreken voor een lispelaar een heuse opgave zal zijn? “Chrysalis” bevat twee epische songs die gezamenlijk op twintig minuten speeltijd afklokken. De titel van de EP kan geïnterpreteerd worden als een verwijzing naar verpopping, een bij veel insecten voorkomend proces waarbij de larve zich transformeert tot een volwassen insect. Deze volledige gedaanteverwisseling is immers toepasselijk voor de muziek van Vitriol die soms de idee van improvisatie kan opwekken hoewel het geheel spontaan en organisch klinkt en de uitvoering behoorlijk strak is. Heuse death metal maalstromen worden met het grootste gemak afgewisseld met Spaanse gitaarklanken, jazzy intermezzi, psychedelisch gepingel en auditieve horror, telkens wel met een sinistere insteek als gemeenschappelijke deler. De samenhang is nog niet altijd even coherent maar avontuurlijke is het wel!

JOKKE: 75/100

Vitriol – Chrysalis (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Swarming segments, spirit splinters of stellar dust
2. Soma somnambulistic trance

Malakhim – II

In oktober 2017 schreven we zeer lovende woorden over de eerste demo van het Zweedse Malakhim. De EP die in die recensie aangekondigd werd is ondertussen en feit. Deze keer krijgen we één song meer voorgeschoteld dan op de demo en het geluid ligt natuurlijk in het verlengde ervan, namelijk Zweedse black met occulte invalshoek en een doodsmetalen randje. De no bullshit-attitude en spirituele rebellie komen gemeend over en de professionele uitvoering verraadt dat de bandleden al heel wat jaren op de teller hebben staan. Aan namedropping willen de band en het label niet te veel doen, zodat Malakhim zo veel mogelijk op zichzelf kan staan. Maar noteer toch maar even dat Naglfar’s Andreas Nilsson één van de twee snarenplukkers van dienst is. In de sound van de vier nummers horen we invloeden van zowel oude als moderne acts uit het genre doorsijpelen, zonder dat er één specifieke band kan aangewezen worden. Opener “In the rays of the new sun” heeft een majestueus randje terwijl er in “Triumphant spears” sneller van leer getrokken wordt. “He who devours” moet het hebben van de spanningsopbouw in de mid-tempo start van het nummer die de luisteraar geleidelijk aan op het puntje van zijn stoel doet zitten totdat de hel uiteindelijk losbarst. “Sworn to Satan’s fire” is de meest chaotische track van het viertal met in your face drumpartijen en snelle en intense, maar ook melodieuze riffs. Puntje van kritiek is dat zanger E zijn erg bevlogen semi-cleane uithalen, vergeleken met de demo, nu een pak minder in de strijd gooit. Maar zijn krijsende strot schuurt ook legger weg hoor, daar niet van. Malakhim levert opnieuw een erg gesmaakte EP af die door Karmazid van passend artwork voorzien werd maar toch de duimen moet leggen ten opzichte van de demo. En nu op naar die langspeler!

JOKKE: 83/100

Malakhim – II (Iron Bonehead Productions 2019)
1. In the rays of a new sun
2. Triumphant spears
3. He who devours
4. Sworn to Satan’s fire

Blot & Bod – Ligæder

In elk land heb je tegenwoordig wel een clubje gelijkgestemde zwarte zielen rondlopen. In Denemarken is de interessantste de “Korpsånd Circle” waar o.a. Jordslået, Grifla da la Secta, War is Aer, Broder, Ærekær en Blot & Bod op de ledenlijst staan. Deze laatste band bestaat uit de Noor Jøran Elvestad en de Deense broers Erik and Jesper Bagger Hviid. In 2017 werd een demo uitgebracht en later op het jaar volgde het debuut “Ligæder” dat door het Amerikaanse label Fallow Field op tape werd gereleased. Iron Bonehead rook het potentieel van deze nieuwe speler uit de new wave of DKBM en brengt “Ligæder” nu opnieuw onder de aandacht mits een vinyl-uitgave. Blot & Bod is niet alleen een muzikale uitlaatklep voor de drie muzikanten maar ook een manier om hun gezamenlijke interesse in Noorse mythologie te botvieren. Intro “Kom i hu” en outro “Erindring” vormen het muzikale equivalent van Huginn en Muninn – de twee raven van Odin – waartussen tien songs gebundeld zijn die topics als overwinning en verslagenheid, rebellie, dood en verlossing aansnijden. Als communicatiemiddel kozen de heren voor primitieve black metal die – zoals elke andere release van deze kliek uit Kopenhagen – in een studio in de befaamde Mayhem-venue werd vereeuwigd. Nu is primitieve black misschien toch wat kort door de bocht vermits de nummers ook ingrediënten uit punk, hardcore, black ’n roll en crust bevatten die door de heerlijke lo-fi buzz sound beenhard uit de boxen knallen. Het inzetten van drie zangers die elk in hun eigen register de longen uit het lijf schreeuwen, geeft extra punch aan de relatief korte nummers. In een nummer als “Auga” gaan de down-tuned gitaren de strijd aan met een meedogenloos ronkende bass en de knetterharde ride-aanslagen in “Blodstænkte fjer“, “Mit blodbad” en het explosieve “Når ulven glammer” roepen beelden op van het zwaardgekletter waarmee een stel bloeddorstige Vikingen één of ander klooster naar de verdoemenis slaagt. Er is nog wel wat marge voor verbetering want sommige nummers konden beter uitgewerkt worden, niet alle riffs zijn even sterk en het lijkt allemaal wel heel hard op mekaar, maar “Ligæder” is toch al een mooi begin voor liefhebbers van apocalyptische onbeschaafde black metal en schedelsplijtende ragna-rock.

JOKKE: 72/100

Blot & Bod – Ligæder (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Kom i hu
2. Ul
3. Auga
4. Blodstænkte fjer
5. Sindet styrter
6. Mit blodbad
7. Bær lig
8. Velt din gud
9. Når ulven glammer
10. Væk døde mænd
11. Ravne
12. Erindring

Ulvdalir – …Of death eternal

Het Russische Ulvdalir zette zich in 2008 op de internationale black metal-kaart door tegelijkertijd twee langspelers uit te brengen (“Flame once lost” en “Soul void“). Nadien volgde in 2011 nog de “Cold breath of apocalypse“-plaat die een grote progressie liet horen. Nadien bracht de band nog enkele EP’s, splits en een compilatie uit, maar op een nieuw volwaardig album was het acht jaar wachten. Die lange wachttijd heeft echter haar vruchten afgeworpen want met “…Of death eternal” starten de Russen het nieuwe jaar met glans. Nog even meegeven dat Ulvdalir samen met labelmakkers Khashm de “True Ingrian Black Metal Death inner circle” vormt, maar is twee bands niet wat zielig om van een inner circle te kunnen spreken? Soit, tussen de intro en outro prijken zes nieuwe nummers met een gemiddelde speelduur van zo’n zeven minuten die het orthodox black metal-label opgespeld kunnen krijgen (maar niet in occulte hocus pocus vervallen) en gelijkenissen vertonen met de Zweedse en Griekse school hoewel we ook die typische Russische hardvochtige insteek horen. “Awakening” is meteen een schoolvoorbeeld van hoe agressie en melodie hand in hand kunnen gaan. In “Black flame of will” geven rockgetinte riffs en de op-de-voorgrond-tredende basgitaar het nummer aan het einde een One Tail One Head-draai mee. In “Swords of Belial” gaat de voet aanvankelijk van het gaspedaal maar even later wordt ie toch weer ingedrukt zodat deze song een mooie dynamiek krijgt inclusief pakkende riffs en strak uitgevoerde drumpartijen. En opnieuw passeert halfweg zo’n heerlijk stuwend OTOH-stukje. Het mid-tempo “Birth of the beast” dient met haar slepend soleerwerk toch ook nog even onder de aandacht gebracht te worden en “Music of cold spheres” moet het hebben van haar scheurende solo’s en heavy metal-riffs. “Eternal angel of death eternal” vat met haar goed uitgevoerde dynamische mix van innemende melodieuze en venijnige black tenslotte nogmaals negen minuten lang samen waar Ulvdalir voor staat. Vladimir Uzelac (tevens ex-live-bassist bij Ulvdalir) voorzag de plaat van een krachtige productie met gedefinieerde drumsound en duidelijk hoorbare basgitaar (wat de Ulvdalir-sound al van in de begindagen kenmerkt). Deze productie past dit soort black als gegoten en de Servische knoppentovenaar bewijst dan ook dat er met zijn Wormhole Studio nog andere mogelijkheden bestaan dan de drukbezochte Necromorbus Studio. Kortom, Ulvdalir levert met “…Of death eternal” één van de sterkste platen ooit van Russische bodem af.

JOKKE: 85/100

Ulvdalir – …Of death eternal (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Intro
2. Awakening
3. Black flame of will
4. Swords of Belial
5. Birth of the beast
6. Music of cold spheres
7. Eternal angel of death eternal
8. Outro

Musmahhu – Reign of the odious

Hallo. Nieuw Swartadauþuz materiaal. Doei. Vijf woorden waarin de komende review samen kan worden gevat: Swartadauþuz staat al jaren bekend om zijn sublieme black metal (Azelisassath, Beketh Nexëhmü, Mystik, Urkaos, Trolldom en leer de rest maar van buiten, ik ga ze niet blijven herhalen) maar deze keer lijkt één van Zwedens black metal genieën het anker over een andere boeg te gooien. Vorig jaar werd als voorsmaakje de Formulas of rotten death EP op ons losgelaten, een elf minuten durend opwarmertje om ons klaar te maken voor de even furieuze langspeler “Reign of the odious”. Het componerend brein lijkt de melodieuze black metal tijdelijk achter zich te laten en brengt nu een album waarbij opener “Apocalyptic brigade of forbidden realms” mij voor het eerst in tijden oprecht doet opschrikken. Na een ietwat voorspelbare intro wordt net buiten de maat een smerige, rollende riff ingezet die de toon zet voor de rest van het album: vuile, onwelriekende maar toch opzwepende death metal. In de promo-mail van Iron Bonehead Productions lezen we “Orthodox death metal is so dead, it’s undead and Musmahhu reanimates its corpse” en zo klinkt het ook. We krijgen de ene na de andere maagstomp te verwerken op een manier waar Grave Miasma trots op zou zijn: van subtiliteit is bij Musmahhu weinig sprake, of het moeten de dun bezaaide keyboardlijnen zijn die her en der doorheen de onstuitbare en chaotische death metal weerklinken. Ook qua productie staat “Reign of the odious” als een huis. In tegenstelling tot veel hedendaagse death metal klinkt Musmahhu niet plat geproduced maar vormen de vlijmscherpe drums en ronkende basgitaar een stevige fundering voor een spervuur aan riffs waarmee je met gemak een gans bataljon omver legt. Her en der komen de typische, slepende gitaarpartijen waarmee Swartadauþuz naam maakte (“Musmahhu, rise”) om de hoek piepen, maar over de gehele lijn genomen is Musmahhu het eerste project waarmee onze Zweedse vriend sterk van zijn vertrouwde sound afwijkt, en er met verve in slaagt een oerdegelijk, halfverrot death metal album uit te brengen. De nodige blackened randjes zijn logischerwijs nog steeds aanwezig, maar fans van Grave Miasma, Irkallian Oracle en Pseudogod zullen zeer zeker aan hun trekken komen met Reign of the odious”.

CAS: 86/100

Musmahhu – Reign of the odious (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Apocalyptic brigade of forbidden realms
2. Musmahhu, rise
3. Slaughter of the seraphim
4. Burning winds of purgatory (mellanspel)
5. Reign of the odious
6. Spectral congregation of anguish
7. Thirsting for life’s terminus

Perverticon – Wounds of divinity

Iron Bonehead Productions staat bekend om haar grote lading bestial/war metal bands, wat niet meteen mijn meug is. Toen ik de naam Perverticon zag passeren, vermoedde ik dan ook godslasterlijke klanken die in het Blasphemy-straatje zitten. De stupide aliassen die de bandleden aannemen beloofden ook niet veel goeds: Omnicremationist Supreme op drums en zang, Uncleanest Invictus op gitaar en Necrosadistic Elite op gitaar en bas. Van infantiele metalclichés gesproken! Groot was echter mijn verbazing toen ik “Wounds of divinity“, de tweede Perverticon plaat, opzette. Het powertrio is er namelijk in geslaagd om een authentiek klinkende plaat uit te brengen die de Scandinavische (en dan vooral Zweedse) black metal-scene van de tweede helft van de jaren negentig eert, zonder echter klakkeloos te kopiëren. We horen echo’s van Craft, Dawn, Dissection, Setherial en Tsjuder en minder Gorgoroth-worship zoals op de eerste langspeler “Extinguishing the flame of life” en promo uit 2013. Dé grote sterkte van de band is het gevoel voor ritme, dynamiek en melodie die ze in de negen anti-christelijke nummers heeft weten inbouwen. Zo bevat bijna elke song wel een catchy melodie of hook waarvan je de begeleidende drumlijnen met je vingers mee tokkelt, zonder dat er aan agressie ingeboet wordt. De cryptische melodieën van “An absence of all but ashes“, het met allerhande samples doorspekte “Cold embrace of sanctity“, het mid-tempo rollende “The cease of absolution“, het relatief korte “Breath of sulphur (Aura of flies)“, het dynamische “Extracorporeal climax” en de van een intrigerende titel voorziene afsluiter nestelen zich tussen je twee oren waardoor je keer op keer die play-toets opnieuw wil indrukken. De bandleden musiceren uitstekend en de moderne productie die “Wounds of divinity” werd aangemeten, doet de Zweden ook professioneler overkomen dan wat je op basis van de bandfoto’s zou denken. Perverticon leerde me met “Wounds of divinity” dat je met vooroordelen niet ver komt. Schitterende plaat!

JOKKE: 86/100

Perverticon – Wounds of divinity (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Thirsting for rain
2. An absence of all but ashes
3. Cold embrace of sanctity
4. The cease of absolution
5. Divine amusement for pitiless God
6. The apostate’s communion
7. Breath of sulphur (Aura of flies)
8. Extracorporeal climax
9. Holy gifts from skinless hands