leviathan

Leviathan – Förmörkelse

Het mythische zeemonster Leviathan heeft al menig blackmetalband geïnspireerd qua naamgeving. De bekendste is natuurlijk die van Jef “Wrest” Whitehead en in ons Belgenlandje heb je nog een versie rondlopen die klinkers vergat te kopen bij Walter Capiau. Het onderwerp van deze recensie is echter de Zweedse band waarachter een zekere Roger “Phycon” Markstrom schuilgaat die in een ver verleden nog bij Armagedda en diens voorloper Volkermord drumde. In 2002 verscheen het debuut “Far beyond the light” en nu jáááren later verschijnt daar – op zijn Armagedda’s – plots en zonder veel bombarie een opvolger. “Förmörkelse” werd het beestje gedoopt wat Zweeds is voor ‘verduistering’, een vlag die de muzikale lading dekt. Phycon pikt de draad bij het eerste volwaardige nummer “Avgrundens atersken” bijna moeizaam terug op daar waar die achttien jaar geleden uitgerafeld was achtergebleven. De multi-instrumentalist weet een uiterst grimmige atmosfeer neer te zetten waarbij ook ruimte is voor een melodieusheid waar we midden jaren ’90 mee om de oren geslagen werden. Enkele muzieknoten wekken zelfs de suggestie alsof er spookachtige vrouwenzang doorheen het nummer sluimert. Of de muzikant ook ooit tot de creatieve kern van Armagedda heeft behoord weet ik niet, maar feit is dat een nummer als “Svart“, dat véél ruimte voor de basgitaar open laat en ook akoestisch gitaarspel bevat, zo op een Armagedda-plaat zou hebben kunnen staan. Voeg daar nog aangrijpende leads en swingend drumwerk aan toe en je hebt een kraker van een song die ook wel wat Allegiance-trekjes laat horen ten tijde van diens zwanenzang “Vrede“. Ook het met heldere zang en een contemplatieve akoestische break doorspekte, maar voor de rest gitzwarte “Förbannelsen” valt positief op. De nummers laten veel meer variatie in tempo, structuur en riffs horen dan wat er op het eerste gehoor lijkt. Phycon combineert meermaals twee of drie verschillende riffpatronen, een samenspel dat textuur geeft en de spanning gestaag doet opbouwen. “Verklighetens väv” en diens repetitieve cleane gitaarpatroon dat door de fuzzy riffs penetreert en even later een heuse solo bevat, is hier een mooi voorbeeld van. Phycon beschikt tevens over een strot die zijn negatieve gedachtenstromen lekker sappig en duister theatraal onder woorden brengt. Ik moet soms haast aan enfant terrible Niklas Kvarforth denken. Een song als “Melankolins ävja” zou met ietwat verbeelding zelfs voor een oud-Shining nummer kunnen doorgaan. “Förmörkelse” is een enorm krachtige en suggestieve release voor zij die bereid zijn een kijkje achter het verduisterende gordijn te nemen waar een zwartgeblakerde geest rondwaart die we nog maar zelden tegenkomen in alles wat ons na de tweede golf van de gouden jaren ’90 bereikte.

JOKKE: 82/100

Leviathan – Förmörkelse (Bile Noire/Nebular Carcoma 2020)
1. XVII
2. Avgrundens atersken
3. Förmörkelse
4. Svart
5. Förbannelsen
6. Verklighetens väv
7. En tidlös illvilja
8. Melankolins ävja
9. Babylons sand
10. Pestens sigill

Kwade Droes – Onder de toren

Restaurant “Onder den toren”, café “Onder den toren”, bistro “Onder den toren”, frituur “Onder den toren”, … het blijken veelgekozen namen te zijn voor menig eet- en drinketablissement in Vlaanderen. Muzikaal gezien is er ook de toren waar, winter en zomer, de paartjes gaan vrijen in het licht van de maan, aldus schlagerzanger Christoff. Maar “Onder de toren” is ook de titel van de tweede langspeler van het geheimzinnige Nederlandse Kwade Droes. De toren in kwestie lijkt me de Grote Kerk te zijn in Elst in de gemeente Overbetuwe in de Nederlandse provincie Gelderland. Zoekwerk naar één of andere gortige of sappige gebeurtenis die aan deze kerk gelinkt kan worden, bracht niet veel op. Laten we ons dan maar op de muziek concentreren. Als die opnieuw zo verdomd verrot klinkt als op debuut “De duivel en zijn gore oude kankermoer” belooft dat weer veel goeds. “Nek van lood” trapt verdomme nóg zieker, schizofrener en meer bezeten af dan we van dit gezelschap gewend zijn. Ævangelististische sonische terreur, doorspekt met wansmakelijke samples, prehistorische Beherit-rauwheid, een Urfaustiaans delirium en zenuwtergende black. De compleet van de pot gerukte vocalen blijven in een nummer als “De zesklapper van Satan” bijna volledig achterwege, maar worden niet gemist in deze verrotte en dreunende compositie vol narigheid. Het op tien minuten afklokkende “In de Linge” drijft de experimenteerdrift nog verder op: een minimalistische beat zorgt voor een traag hartritme waarover dissonante gitaarriffs een horroresk beeld schetsen nadat een naargeestige bijna kleinkunstachtige sample het nummer in gang zette. Uiteindelijk zorgt de drummer voor een acute hartritmestoornis door het tempo op te drijven tot een repetitieve blast. Geen spek voor ieders bek! Met een titel als “Laat mij tot de kinderen komen” verwachtte ik hier absoluut geen kindvriendelijke Sinterklaas taferelen, integendeel, dit is teringherrie op funeral doom-tempo die absoluut niet voor gevoelige zielen is weggelegd. Opnieuw luidt een door de mangel gehaalde sample van één of ander folkloristisch lied de waanzin in. Het concept van échte nummers is op “Onder de toren” nóg minder omlijnd dan op de voorganger. Het komt me allemaal haast geïmproviseerd over. Enkel “Dorstige ratten in brak water” bevat nog min of meer structuur en houvast, maar verwacht nu geen easy listening Eurovisiesongfestival-materiaal want dit is eerder voer voor Leviathan-liefhebbers. Tussen de verwrongen black metal neemt een spacey solo je minutenlang mee op een hallucinogene trip. De titeltrack zet je voor de zevende keer op rij aan om de grenzen van je geestelijke gezondheid af te tasten. Wie zijn vervelende buren op stang wil jagen, heeft met “Onder de toren” een uiterst geschikt wapen in handen. Muzikaliteit is hier ver te zoeken, je bent gewaarschuwd!

JOKKE: 80/100

Kwade Droes – Onder de toren (Ván Records 2019)
1. Nek van lood
2. De zesklapper van Satan
3. In de Linge
4. Laat mij tot de kinderen komen
5. Dorstige ratten in brak water
6. Onder de toren

Chaos Moon – Eschaton mémoire

De laatste weken bevatten enkele momenten van contemplatie: twee webzines, meerdere organisaties waarvoor ik bookings help regelen en daarnaast nog twee jeugdhuiswerkingen kunnen op lange termijn overrompelen. Iets met bomen en het bos. De vraag die ik mezelf stelde was deze: waarom review ik albums? Verdergaand: waarom zet ik ze publiek online? Reviews zijn in se futiel: ieder vormt zijn eigen mening over het materiaal dat hem of haar wordt voorgeschoteld. Het antwoord op mijn  waarom-vraag was op het eind van de rit vrij simpel: ik hou ‘the scene’ vrij nauwlettend in het oog (met dank aan iedereen die mij attent maakt op nieuwe releases) en schrijf iets over albums die in mijn ogen de moeite waard zijn en waarvan ik denk dat liefhebbers ze ook zullen appreciëren. Dit is zeker weten het geval bij Chaos Moon. Zij die Addergebroed volgen hebben misschien gelezen dat “Eschaton mémoire” mijn nummer één van 2017 heeft weten te veroveren. Alex Poole, die deze keer het ganse album schreef (in tegenstelling tot enkel de vocale verdiensten bij Entheogen), blijft niet bij de pakken neerzitten. Verre van zelfs. Na het meer atmosferisch (en volgens mijn huisgenoot zelfs als DSBM gelabeld) aandoend “Resurrection extract” uit 2014 smijt de beste man een nieuwe full length naar onze kop: eentje die we niet snel zullen vergeten. “Eschaton mémoire” bezit alles wat ik van een hedendaags black metalalbum verwacht: Emperor-aandoende synths die mij geen moment voor het hoofd stoten (wat een groot compliment uit mijn mond is) in combinatie met een sublieme balans tussen agressie en voortslepende, atmosferische passages. Het artwork dat precies een combinatie is tussen Salvador Dali en het horroruniversum van H.P. Lovecraft gunt ons een blik in wat de muziek zelf te bieden heeft. Jeff Whitehead aka Wrest, die we kennen van Leviathan en Lurker of Chalice, heeft zich dus thematisch gezien perfect van zijn taak gekweten. “Eschaton mémoire” bevat knipogen naar Emperor, Mare Cognitum, Leviathan en nog een resem acts – you get the point. Of het album drie dan wel vijf nummers kent is voor discussie vatbaar, gezien zowel “The pillar, the fall, and the key” alsook “Eschaton mémoire” uit twee tracks opgebouwd zijn – het nut ervan ontgaat mij, gezien de tracks perfect in elkaar overlopen. Naast furieuze passages, ondersteund door het strakke drumspel van Jack Blackburn zoals op “Of wrath and forbidden wisdom” is er ook ruimte voor introspectie, iets wat ten volle hoorbaar is op beide “Eschaton mémoire” tracks. Niet-zo-subtiele synths vormen een toch subtiele sfeer die je bij de keel grijpt en je aandacht veertig minuten lang in de greep houdt. Eric Baker bezit hiernaast de gepaste strot voor dit soort meeslepende black metal: meeslepend, getergd, maar toch niet over the top. Vooral “Eschaton mémoire II” weet keer op keer te overtuigen: een nummer schrijven van om en bij de veertien minuten dat geen enkel moment verzwakt lijkt me een puike prestatie. Wat de productie betreft werd dit album me in de schoot geworpen: deze vierde langspeler werd gemixt en gemastered door niemand minder dan Swartadauþuz, die een gezonde dosis Ancient Records-mystiek aan het album toevoegt. Ondanks het feit dat mijn persoonlijke collectie vrij beperkt is – ik ben ook maar student – kon ik een blik werpen op de vinyluitgave: Wormlust-genie H.V. Lyngdal werkte in perfecte symbiose met Wrest om deze uitgave lay-outgewijs de moeite waard te maken. Chaos Moon zet zichzelf met behulp van het eclectische Blood Music definitief op de kaart. Enfin, een album waaraan zoveel getalenteerde zielen hebben meegewerkt kon toch niets anders dan een gesamtkunstwerk worden, niet?

CAS: 95/100

Chaos Moon – Eschaton mémoire (Blood Music 2017)
1. The pillar, the fall, and the key I
2. The pillar, the fall, and the key II
3. Of wrath and forbidden wisdom
4. Eschaton mémoire I
5. Eschaton mémoire II

Martröð – Transmutation of wounds

Met het ten grave dragen van het Amerikaanse Twilight na het verschijnen van hun derde langspeler en tevens zwanenzang “III: Beneath trident’s tomb“, kwam er een eind aan deze black metal supergroep. Met het nagelnieuwe Martröð is er echter een nieuw super black metal collectief ontstaan waarbij gerespecteerde en gerenommeerde individuen van verschillende continenten de handen in mekaar slaan. Bent u klaar voor een rondje name dropping? Hier gaan we. Op zang vinden we MkM terug die het meest bekend is van Aosoth en Antaeus. De gitaartandem bestaat uit H.V. Lyngdal (o.a. Wormlust) en A.P. (o.a. Krieg, Esoterica en Skáphe). Bij Skáphe werkte A.P. reeds samen met D.G. (o.a. Misþyrming en Naðra), die hier de bas in handen neemt. Enfant terrible Wrest (welbekend van ondermeer Leviathan en Lurker Of Chalice) voegde nog wat extra gitaar en ambient toe en drummer van dienst is Thorns (o.a. Blut Aus Nord, Darvaza, Manetheren, etc.). Kwijl! Met twee IJslanders, twee Amerikanen, een Italiaan en een Fransman is hier dus sprake van een bont internationaal allegaartje. De vraag die zich stelt, is natuurlijk of er één welbepaalde band het meest doorklinkt in het eindresultaat? De sound van de gitaren, drums en vocalen verwijzen overduidelijk naar Aosoth (zeker wanneer de herrie van “Draumleiðsla” zijn intrede doet), maar daar waar deze band nogal rechtlijnig tekeer gaat, wringt de black metal audioterreur van Martröð zich in veel meer bochten en staat de deur van de hel wagenwijd open voor experiment, voornamelijk in “Draumleysa” waar de invloed van Wrest overduidelijk vanaf druipt: horrortaferelen, mystiek die zich laagje per laagje opbouwt, onderhuidse spanning, dissonantie ten top en creepy noise. Dit is smullen voor wie van donkere, chaotische black metal zonder keurslijf houdt. Je zou kunnen beginnen leuteren dat het vrij voos is dat deze zestien (uitstekende) minuten muziek in een 12″ LP gegraveerd zijn, maar als we eens de optimist in plaats van de pessimist spelen, houdt dit in dat je op kant B nogmaals van deze overheerlijke songs kan genieten. Enig puntje van kritiek blijft dan dat de basgitaar amper hoorbaar is in deze chaotische duisternis. Desondanks is dit eerste wapenfeit een regelrechte voltreffer. Wel zou ik het fijn vinden als dit collectief op toekomstig werk nog meer de strijd met het experiment aangaat en de ingeslagen weg van “Draumleysa” verder zet.

JOKKE: 85/100

Martröð – Transmutation of wounds (Terratur Possessions/Fallen Empire Records 2016)
1. Draumleiðsla
2. Draumleysa

Ljáin – Endasálmar / Klofnar tungur

Nu zijn we heel wat gewend bij Addergebroed, maar bij wat het IJslandse Ljáin (het inschakelen van de google translate hulplijn levert ons “zeisen” als vertaling op) ons voorschotelt, moeten we toch even gaan zitten, want dit is allerminst een hapklare brok luistermuziek. Op een tijdspanne van anderhalve week, stuurde dit mysterieuze gezelschap vorige maand twee digitale releases de wereld in. Omdat mijn beschadigde gehoor amper verschil hoort tussen beide demo’s, worden ze voor de gemakzucht samen onder de loep genomen. Zelf plaatst de band de tags “occult” en “ritual” voor hun black metal, maar wie zwartmetaal à la Ascension, Acherontas, Blaze Of Perdition en consoorten verwacht, is eraan voor de moeite. Ten eerste klinken voornoemde bands qua productie bijna afgelikt vergeleken met de groezelige krochtklanken die Ljáin produceert. Ten tweede zorgen de bakken feedback/echo/ijswindeffect waar de vocalen in ondergedompeld zijn voor een heuse DSBM sfeer en denken we eerder aan bands als Xasthur en Leviathan. Wie zich in de leefwereld van Ljáin wil verdiepen, raad ik aan een paar schoenen met stevige grip aan te doen, want bij het afdalen in de diepste spelonken van deze onnavolgbare maalstroom aan zwartgalligheid, ontbreekt elke vorm van houvast. Het semi-IJslandse Skáphe kan ook als referentiekader dienen, vooral op gebied van grilligheid qua muzikale vorm, want in termen van productie en vocalen luistert die band toch een pak beter weg (hoewel de doorsnee metalliefhebber hier toch ook wel al wenkbrauwgefrons bij zal vertonen). De horrorachtige suspense en de subtiele – vreemd om dit woord te gebruiken bij deze band – keyboardwaas die van de demo’s afdruipen, maken dat dit luistervoer is voor de nachtelijke uurtjes. Benieuwd wie dit thuis als feel good muziekje opzet.

JOKKE: 70/100

Ljáin – Endasálmar / Klofnar tungur (Eigen beheer 2016)

Endasálmar
1. Eilíf þjáning
2. Svartigaldur
3. Hlekkir holdsins
4. Endasálmar

Klofnar tungur
1. Klofnar tungur
2. Úr vansköpuðum draumum
3. Með blóði þínu

Twilight – III: Beneath trident’s tomb

 

Hoe commercieel, emo en simplistisch de Amerikaanse Twilight films zijn, hoe ontoegankelijk, schrikwekkend en naargeestig is de derde plaat van de gelijknamige Amerikaanse band. We kunnen hier zelfs van een heuse “all star” black metal band spreken. Oorspronkelijk opgericht door Blake Judd van Nachtmystium, liet hij zich bij de twee vorige platen bijstaan door een telkens wisselende bezetting van heerschappen die het mooie weer maken bij het summum van Amerikaanse black en sludge bands: Imperial (Krieg), Aaron Turner (Isis), Malefic (Xasthur), Wrest (Leviathan, Lurker Of Chalice), Stavros Giannopoulos (The Atlas Moth) en Sanford Parker (Minsk, Nachtmystium). Op “III: Beneath trident’s tomb” is er echter geen spoor meer terug te vinden van Blake (hij liet zich opnemen in een ontwenningskliniek en volgens de andere bandleden werd het door zijn onhandelbaar gedrag onmogelijk om nog verder met hem samen te werken). De nieuwe plaat is daarom meteen de zwanenzang van Twilight, maar wat voor één! Imperial, Wrest, Stavros en Sanford lieten zich op deze gitzwarte parel bijstaan door niemand minder dan Thurston Moore van het legendarische Sonic Youth. Hoewel hij niet actief deelnam aan het schrijfproces is zijn invloed toch duidelijk merkbaar want de songs zitten vol met biepjes, kraakjes, vreemde percussie en andere noise-elementen. Deze elementen waren reeds aanwezig op voorganger “Monument to time end” maar worden nu nog verder doorgetrokken. Slechts sporadisch worden we op uptempo black metalstukken getrakteerd (“Oh, wretched son”, “A flood of eyes” en “Seek no shelter, fevered ones“). Er gaat een verschroeiende kwaadaardigheid uit van de songs dat je er bijna ongemakkelijk van wordt. Het materiaal straalt één en al wanhoop, misantropie, verlatenheid en een apocalyptisch gevoel uit. Zelfs voor de doorwinterde black metalfan zal dit geen hapklare brok zijn. Een avontuurlijk en experimenteel donker klankspel!

JOKKE: 89/100

Twilight – III: Beneath trident’s tomb (Century Media)
1.Lungs
2. Oh, wretched son
3. Swarming funeral mass
4. Seek no shelter, fevered ones
5. A flood of eyes
6. Below lights