terratur possessions

Kêres- Ice, vapor and crooked arrows

Het Finse Kêres leerde ik pas twee jaar geleden kennen dankzij de ge-wel-di-ge split met het ter ziele gegane Cosmic Church. De band heeft echter al een vijfentwintigtal releases op haar palmares staan waarvan het merendeel demo’s zijn. “Ice, vapor and crooked arrows” is langspeler nummer vier en Terratur Possessions zag hier wel graten in. Met zijn nieuwe batch releases focust labelbaas Ole op meerdere projecten van Kêres’ meesterbrain Atvar die waarschijnlijk het meest bekend is van Circle of Ouroborus. Zo is er ook de nieuwe plaat van Vordr waar Atvar eveneens deel van uitmaakt en ook van zijn ex-band Karmic Void verschijnt nu een vinylrelease van diens enige output, de “Armageddon sun“-demo uit 2008. Ik moet dringend eens wat meer werk maken van het uitdiepen van Kêres’ discografie want ook deze nieuwe plaat bekoort mijn gehoorgang met haar door subtiele synths gedreven mid-tempo – enkel opener “Dream of clouds” en “Into the underworld” kennen deels repetitief knuppelwerk – atmosferische black. Ideale luistermuziek voor een winterse zondagnamiddag waarop de luiheid de bovenhand neemt en de eerste zonnestraaltjes doorheen het sneeuwdek komen piepen. In Finland zal dit scenario zich natuurlijk meermaals voltrekken in vergelijking met België en Nederland, maar het beschrijft wel het gevoel dat ik krijg van me te laten meeslepen op de bijwijlen dromerige sound van Kêres. Pas op, want het blijft natuurlijk wel grofkorrelige Finse black die niet in uitgesponnen post-toestanden vervalt. Een kraker als het meesterlijke “Lucifer returns to heaven“-tweeluik heb ik niet gehoord op “Ice, vapor and crooked arrows“, maar “At the arch of victories” komt toch akelig dicht in de buurt, hoewel de goddelijke melodieën iets meer ondergesneeuwd zijn in de grimmige massa. Naarmate “Into the underworld” vordert, hoor je de muziek een meer hallucinogene vorm aannemen en “Moon guide” draagt een kosmische schoonheid uit. Over alle nummers valt wel iets positiefs te melden. “Ice, vapor and crooked arrows” is dan ook een erg genietbare schijf.

JOKKE: 85/100

Kêres – Ice, vapor and crooked arrows (Terratur Possessions 2019)
1. Dream of clouds
2. The sleeping master
3. At the arch of victories
4. Grail dance
5. Into the underworld
6. Moon guide
7. Instrumental
8. The tall ones
9. Sleepers below

Vordr – Vordr

Het Finse Vordr draait al sinds 2003 mee maar was, ondanks een grote output, tot nog toe een onbeschreven blad voor ondergetekende. Daar brengt Terratur Possessions nu verandering in dankzij de release van Vordr’s vijfde langspeler die net als veel andere releases selftitled is. In de Noorse mythologie is een ‘vörðr’ (‘bewaker’, ‘wachter’ of ‘verzorger’) een bewakingsgeest waarvan men gelooft dat hij vanaf de geboorte tot de dood de ziel (‘hugr’) van elke persoon volgt. De Finnen trappen hun nieuwste telg af middels het achterstevoren gespelde “Erianoisiv“. Dit geintje vind ik eigenlijk best wel passend want Vordr’s muziek klinkt allesbehalve ‘visionair’. Dit is pure, gure, minimalistische en riffgedreven oer-black, voorzien van een rauwe punk-attitude zoals Darkthrone die op een plaat als “Sardonic wrath” bracht. Volgens Metal Archives is Shatraug bij deze band betrokken – zij het onder de schuilnaam Gand – maar of de man die in zowat elke Finse band gespeeld heeft anno 2019 nog deel uitmaakt van Vordr, kan ik niet zeggen. Wat wel als een paal boven water staat, is dat ik in deze moderne tijden van dissonantie- of ritualistische black metal-overvloed, dankzij Vordr nog eens lekker simplistisch door het dak kan gaan. Grindcore daar gelaten, tref je nog zelden platen met vijftien tracks aan, maar als je weet dat de gemiddelde speelduur van de nummers iets meer dan twee minuten is, is dit toch nog een beknopte plaat geworden die zonder franjes en tierlantijntjes de kern van black metal meegeeft. De opzwepende riffs vliegen je om de oren en slechts sporadisch neemt de band wat gas terug. Hoogtepunten zijn legio: “Shaman“, “Dreamer’s loot“, “Visionaire“, … Oh, en wat een heerlijk geluid van dat chinacymbaal dat ten gepaste tijde deze rauwheid doorklieft. Lekkerrrrr!

JOKKE: 81/100

Vordr – Vordr (Terratur Possessions 2019)
1. Erianoisiv
2. Beast of the woods
3. Forever bound
4. Blissfully possessed
5. Goretusk
6. Candle in the astral wind
7. Rebirth
8. Chained in recollections of a life that once was
9. Shaman
10. Dreamer’s loot
11. Soulbirds
12. Driftwood
13. The forest king
14. Enchanting fires of pain
15. Visionaire

Deus Mortem – Kosmocide

Het pad van de Poolse black metal-scene werd de afgelopen twintig jaar in de eerste plaats geëffend door Behemoth. Meer recent was het Mgła die uit de dichte mist opdoemde en liet horen dat ook zij een hele resem bands kunnen inspireren op zowel muzikaal als visueel vlak. In de vorm van Deus Mortem biedt zich opnieuw een speler aan die het in zich heeft om tot de hoogste echelons van de Poolse scene door te dringen. We hebben uiteindelijk zo’n drie jaar moeten wachten op een nieuwe langspeler nadat in 2016 de geweldige EP “Demons of matter and the shells of the dead” verscheen waarop mijn persoonlijke Deus Mortem favoriet “Olam haBeriah” prijkte. Wat een heerlijke song is me dat toch! Maar nu is er dus het spiksplinternieuwe “Kosmocide“. Wanneer Deus Mortem in een nummer als “Sinister lava” gas terug neemt horen we nog steeds een duidelijke link naar hun reeds eerder vernoemde gemaskerde landgenoten (de plaat werd ook vereeuwigd in Mgła’s M’s No Solace Studios en samen vertrekken ze weldra ook op tour). De melodieën in het afsluitende “The destroyer” zijn dan weer schatplichtig aan Dissection. Wanneer de Polen echter van jetje geven – en dat is het grootste deel van deze 43 minuten het geval – infuseren ze hun black met een heuse portie thrash zoals ook een Watain dat regelmatig doet. Dat was op debuut “Emanations of the black light” reeds het geval en zal waarschijnlijk altijd zo blijven. De duidelijk hoorbare invloeden vinden we echter allesbehalve erg want de zeven nummers zijn opnieuw beresterk. Vergelijk het een beetje met een Whordeom Rife die ook niets nieuws onder de zon laten horen, maar hun sterke songs wel met voldoende overtuiging en klasse brengen. Deus Mortem bandleider Necrosodom en zijn mannen hechten veel belang aan details zoals zangkoortjes (“The soul of the worlds“, “The seeker“) of akoestische gitaren en hebben duidelijk hun tijd genomen om boeiende en pakkende songs te schrijven met heel wat interessante bruggetjes, catchy riffs en een duidelijk rol voor de lead gitarist. Dit alles culmineert in het epische “Ceremony of reversion part 2” waarin akoestische gitaren, een hoge heavy metal zanguithaal en proclamerende vocalen de revue passeren. Opnieuw klasse van deze Polen die agressiever uit de hoek komen dan op de meer melodieuze EP!

JOKKE: 90/100

Deus Mortem – Kosmocide (Terratur Possessions 2019)
1. Remorseless beast
2. The soul of the worlds
3. Sinister lava
4. Through the crown it departs
5. The seeker
6. Ceremony of reversion p.2
7. The destroyer

Misotheist – Misotheist

Wat zit er daar in Trondheim in het water zeg? Met killer releases van o.a. Knokkelklang, Mare en Whoredom Rife voorspel ik reeds een mooie aanwezigheid van Terratur Possessions in mijn eindejaarslijstje. Out of the blue brengt het Noorse label eind november ook nog het debuut uit van Misotheist, een kakelverse nieuwe speler uit de Trondheim-scene die door labelbaas Ole een platform aangereikt krijgt om haar haat jegens God wereldkundig te maken. Meer is er van de band niet geweten: geen social media accounts, geen name dropping van vorige bands en geen ego’s. Let the music do the talking! Op basis van de eerste vrijgegeven track, het elf minuten durende “Beast and soil“, zat er nog heus wat duw-en-trek-werk in mijn top 10 aan te komen. Dit epische nummer zalft onze oren eerst met een Oost-Europees Drudkhiaans-aandoend folky deuntje om vervolgens keihard toe te slaan met repetitieve en opgejaagde black waarin – voor zover die al bestaat – een zekere Terratur-vibe hoorbaar is. Halfweg trakteren de Noren ons op pulserende uithalen om uiteindelijk middels slepende dissonantie in een pakkende apotheose uit te monden waarin het spanningsveld opgezocht wordt tussen blastbeats en een bloedmooie doommelodie. Enig minpuntje is de overgang naar de finale die beter uitgewerkt had kunnen worden. Naast deze geweldige song prijken er op het debuut nog twee andere nummers die qua speelduur en dynamisme alvast niet moeten onderdoen. Opener “Carriers of captivity” vlamt er meteen op los met repetitieve drumsalvo’s, grimmige vocalen en venijnige riffs maar wanneer de drums wegvallen en we het met een passage vol dissonante gitaarklanken moeten doen, verslapt de aandacht doordat de vaart uit het nummer wordt gehaald. Nadien schakelt de band over naar een slepende doom-modus die uiteindelijk terug in een blastfestijn en triomfantelijke riffs uitmondt, waardoor we terug bij de les zijn. Afsluiter “Blood of rats” start met een trage onheilspellende riff in 7/8 waarover rochelende screams dood en verderf zaaien. Het duurt echter niet zo lang alvorens ook hier een vijftigtal versnellingen hoger geschakeld wordt en we de band in haar meest agressieve vorm horen. Er wordt nogmaals teruggekeerd naar onwelriekende mid-tempo regionen om ons tenslotte tot aan het gaatje te bestoken met een zinderende en voortdenderende climax. In de wandelgangen heb ik opgevangen dat een opvolger reeds zou ingeblikt zijn. We zullen dus niet al te lang moeten wachten op nieuw werk van Misotheist. Dit debuut zal volgende maand niet in de allerhoogste regionen eindigen maar klinkt alvast erg veelbelovend!

JOKKE: 82/100

Misotheist – Misotheist (Terratur Possessions 2018)
1. Carriers of captivity
2. Beast and soil
3. Blood of rats

Misotheist_Cover

 

Whoredom Rife – NID – Hymner av hat

Vier jaar geleden meldde het Noorse Whoredom Rife zich vanuit het niets aan het black metal-firmament. Partner in crime was Terratur Possessions, een label met een uit de kluiten gewassen neus voor al het talent dat er in Trondheim en omstreken ronddwaalt. Middels haar selftitled EP uit 2016 en de debuutlangspeler “Dommedagskvad” uit 2017 wist de band, bestaande uit kernduo V. Einride (alle muziek) en K.R. (zang), heel wat zieltjes voor zich te winnen. Ook live wist het duo, aangevuld met leden van One Tail One Head, Mare, Ritual Death en Perished, me eerder dit jaar op Throne Fest te overtuigen middels een strakke en bevlogen performance. Dat sommige criticasters van Boredom Rife spreken, snap ik dan ook hoegenaamd niet, tenzij je je portie black metal liever rommeliger, grimmiger of dissonanter consumeert: op dat vlak is Whoredom Rife inderdaad meer easy listening. Het duo perfectioneert haar jaren ’90 black dan ook tot in de puntjes zonder echter een nieuw/fris geluid te laten horen. De band heeft als doel de oude Noorse grootheden te eren en slaagt met verve in haar opzet. Zoals al vaker het geval is geweest bij de band, ervaar ik hetzelfde majestueuze gevoel als bij het onvolprezen debuut van Keep Of Kalessin (ik weet het ondertussen wel hoor jongens!) en in “New hate dawns” grijpt de band terug naar het gouden Satyricon-tijdperk ten tijde van “Nemesis divina“. Aan inspiratie blijkbaar geen gebrek aangezien de Noren een jaar na “Dommedagskvad” al met langspeler nummer twee op de proppen komen. Een plaat die de band wel eens definitief tot in de hoogste regionen van het black metal-wereldje zou kunnen stoten, zonder dat er noemenswaardige veranderingen te bespeuren vallen ten opzichte van het debuut. De bijwijlen epische en monumentale zwartmetalen klanken bevatten nog steeds de nodige portie haat en venijn, de sound is droog en helder maar niet te afgelikt en het artwork is voor de derde keer op rij van de hand van Jose Gabriel Alegría Sabogal en Kontamination Design en bevat – in tegenstelling tot de blasfemische taferelen van de hoes van “Dommedagskvad” – verwijzingen naar de lokale thuisstad Trondheim. Het nieuwe materiaal klinkt wel donkerder en meer repetitief vergeleken met de voorganger en er werden deze keer amper ondersteunende keyboards ingezet. “Hyllest” werd als eerste nummer op ons losgelaten en start inderdaad met een vrij eentonige basisbeat, maar halfweg het nummer schudt de multi-instrumentalist wel weer een ijskoude kippenvelopwekkende melodie uit zijn gitaar. Elke song bevat er zo wel één. Herhaling (zowel qua riffstructuren als invulling van de blastbeats waarbij er weinig plaats is voor cymbaalaccenten en inventieve roffels) en een goed oor voor melodie lijken ook in de andere songs de basisformule te zijn, maar het magistrale “Where the shadows dwell“, dat akoestisch start, springt er nog een tikkeltje extra bovenuit qua pakkendheid. Het tempo ligt volcontinu hoog waarbij opener “Summoning the ravens” en “Crown of deceit” het felste uit de speakers knallen. Het is eigenlijk pas in de meer dan tien minuten durende afsluiter “Ceremonial incantation” dat er wat gas terug genomen wordt; dit is meteen ook de meest epische en slepende song op de plaat. Whoredom Rife levert met “NID – Hymner av hat” een logische opvolger uit voor het debuut dat waarschijnlijk nog moeilijk te overtreffen valt. De aanpak is iets meer back to basics, maar zelfs na een tiental luisterbeurten blijven de songs dermate boeien, waardoor de band in haar opzet slaagt. Ik voorspel een heel mooie toekomst voor deze Noren.

JOKKE: 90/100

Whoredom Rife – NID – Hymner av hat (Terratur Possessions 2018)
1. Summoning the ravens
2. Verdi oeydest
3. Where the shadows dwell
4. Hyllest
5. Crown of deceit
6. New hate dawns
7. Ceremonial incantation

WhoredomRife_Cover

Devouring Star – The arteries of heresy

Devouring Star laat met haar tweede langspeler “The arteries of heresy” al voor de derde keer dit jaar haar demonen vrij nadat een paar maanden geleden een bijdrage verscheen aan de “Ekstrophë“-compilatie en de “Apostasis“-split met het Schotse Caecus. Spilfiguur achter de band is multi-instrumentalist JL die – in tegenstelling tot menig andere band – eerst een tekstueel concept creëert om dat achteraf pas in muzikale vorm te gieten. Voor “The arteries of heresy” liet de Fin zich inspireren door de singulariteit van het universum en hoe dat christelijke doctrines nutteloos maakt. Vanuit een kosmologisch standpunt bekeken is een singulariteit een punt in de ruimtetijd waarin de natuurwetten hun geldigheid verliezen. Het doel om de hemel (of hel) te bereiken via dogma’s of een spiritueel pad is volgens JL nutteloos in een universum dat reeds allesomvattend is en waar je reeds in leeft. Maar we wijken af en ik ben geen Sheldon Cooper die alles afweet van de relativiteitstheorie en zwarte gaten. Devouring Star klonk altijd al meer Frans dan Fins en dat is opener “Consummation” opnieuw geen uitzondering. Referenties naar een Aosoth zijn nog altijd hoorbaar (vooral in de snelle partijen en op vocaal vlak dan), maar er wordt ook regelmatig gas teruggenomen. In het verleden wist de (one man) band me met haar tragere songs (zoals op de “Antihedron” EP) niet altijd in te pakken. Nu klinken de doompartijen in “Procreation of blood” en “Scar inscriptions” overtuigender en worden ze afgewisseld met uptempo beukstukken, maar Devouring Star is voor mij nog altijd het meest in haar element als er voluit gegaan wordt zoals in het overweldigende “Sin assimilation“, misschien wel de beste Devouring Star-song tot op heden. Afsluiten doet de band met “Her divine arteries“, een nummer waarin een repetitieve gitaarriff een hypnotiserende vibe uitstraalt waarover JL dood en chaos preekt, en of het nu tijdens de slome start of de felle tussenstukken is, de melodie deint genadeloos en monotoon door en nestelt zich vast in de hersenpan. Opnieuw een song om trots op te zijn en die van Devouring Star een band maakt om mee rekening te houden.

JOKKE: 83/100

Devouring Star – The arteries of heresy (Dark Descent Records/Terratur Possessions 2018)
1. Consummation
2. Procreation of blood
3. Sin assimilation
4. Scar inscriptions
5. Her divine arteries

One Tail One Head – Worlds open worlds collide

Een klein jaar geleden liet One Tail One Head eindelijk een voorproefje horen van haar debuutalbum “World open worlds collide” via de “Firebirds“-single. Ondertussen stuurde de band uit Trondheim de boodschap de wijde wereld in dat het debuut, dat zo’n twaalf jaar na oprichting zou verschijnen, meteen ook haar zwanenzang zal zijn. Vooral op het podium zal dit zooitje ongeregeld gemist worden want ze speelden de concurrentie met hun energieke en dynamische spel toch meermaals naar huis. Het feit dat het kwartet regelmatig op mooie affiches prijkte zonder een écht noemenswaardige release onder de arm te hebben, wekte links en rechts wel wat afgunst op, maar ik denk nu niet dat ze daar ook maar één nacht slaap voor gelaten hebben. Op de tracklist van “Worlds open worlds collide” vinden we zowel meer primitieve, tien jaar oude nummers terug als recenter, meer atmosferisch werk. “Arrival, yet again” moet even op gang komen, maar spreidt na een minuutje de kracht van de band tentoon middels opzwepende black metal, dynamisch drumwerk en een zwaar ronkende bas die een stuwende kracht doorheen de ganse plaat vormt. De titeltrack rockt lekker weg, maar blijkt vooral ook het moment te zijn waarop zanger Afgrundsprofet – die we in andere gedaantes ook tegenkomen bij onder andere Mare, Ritual Death, Whoredom Rife, Darvaza en Behexen – zich vocaal kan uitleven en de meest bizarre keelklanken produceert. Ik heb het al menigmaal gezegd en herhaal het nog een laatste keer: de zwaar getatoeëerde frontman is één van de beste die er momenteel op onze aardkloot rondlopen. “Stellar storms” is met haar zeven minuten een vrij lang nummer naar One Tail One Head-normen en is progressiever van opzet, maar lijkt ook nooit écht ergens naartoe te gaan. Bovendien ben ik geen fan van de main riff die regelmatig terug opduikt, ook al doet ie me soms wat aan Turia denken. Geef me dan maar het prijsbeest “Firebirds” dat hier echter in ingekorte versie terug te vinden is vergeleken met de single-versie van vorig jaar, zonder atmosferisch eindstuk dus. “Rise in red” is een vet nummer in hetzelfde straatje, of zeg maar gerust donker steegje waarin een zekere vijandigheid op de loer ligt en waardoor de geur van dood en verderf waait. Tussen deze twee krakers horen we “Sordid sanctitude“, een instrumentale track die de atmosferische kaart trekt maar me weinig boeit en waarin de basgitaar té prominent aanwezig staat en alzo veel definitie van de gitaar wegneemt. Een euvel dat we meermaals op de plaat tegenkomen. “Passage” is vintage One Tail One Head waarin de basloopjes dan weer Alkerdeelsgewijs positief uit de primitieve riffmuur springen. “Summon surreal surrender” is het langste nummer dat de bende ooit geschreven heeft en mixt donkere energie en duistere atmosfeer op een positieve manier. Concluderend kan gezegd worden dat “Worlds open worlds collide” niet de kopstoot is geworden die ik had verwacht. Hiervoor weet de band niet altijd voldoende te overtuigen in de meer atmosferische stukken en verneukt de sound van de té prominent aanwezige bas de luisterervaring meermaals, ook al is ze één van de sterktes van de band. Wanneer One Tail One Head echter goed op dreef is in de meer rechttoe-rechtaan stukken wordt de energie van haar live performances op plaat geëvenaard.

JOKKE: 80/100

One Tail One Head – Worlds open worlds collide (Terratur Possessions 2018)
1. Certainly not
2. Arrival, yet again
3. Worlds open, worlds collide
4. Stellar storms
5. An utter lack of meaning, Hitherto unbeknownst, suddenly revealed
6. Firebirds
7. Sordid sanctitude
8. Rise in red
9. Passage
10. Summon surreal surrender