terratur possessions

Misotheist – Misotheist

Wat zit er daar in Trondheim in het water zeg? Met killer releases van o.a. Knokkelklang, Mare en Whoredom Rife voorspel ik reeds een mooie aanwezigheid van Terratur Possessions in mijn eindejaarslijstje. Out of the blue brengt het Noorse label eind november ook nog het debuut uit van Misotheist, een kakelverse nieuwe speler uit de Trondheim-scene die door labelbaas Ole een platform aangereikt krijgt om haar haat jegens God wereldkundig te maken. Meer is er van de band niet geweten: geen social media accounts, geen name dropping van vorige bands en geen ego’s. Let the music do the talking! Op basis van de eerste vrijgegeven track, het elf minuten durende “Beast and soil“, zat er nog heus wat duw-en-trek-werk in mijn top 10 aan te komen. Dit epische nummer zalft onze oren eerst met een Oost-Europees Drudkhiaans-aandoend folky deuntje om vervolgens keihard toe te slaan met repetitieve en opgejaagde black waarin – voor zover die al bestaat – een zekere Terratur-vibe hoorbaar is. Halfweg trakteren de Noren ons op pulserende uithalen om uiteindelijk middels slepende dissonantie in een pakkende apotheose uit te monden waarin het spanningsveld opgezocht wordt tussen blastbeats en een bloedmooie doommelodie. Enig minpuntje is de overgang naar de finale die beter uitgewerkt had kunnen worden. Naast deze geweldige song prijken er op het debuut nog twee andere nummers die qua speelduur en dynamisme alvast niet moeten onderdoen. Opener “Carriers of captivity” vlamt er meteen op los met repetitieve drumsalvo’s, grimmige vocalen en venijnige riffs maar wanneer de drums wegvallen en we het met een passage vol dissonante gitaarklanken moeten doen, verslapt de aandacht doordat de vaart uit het nummer wordt gehaald. Nadien schakelt de band over naar een slepende doom-modus die uiteindelijk terug in een blastfestijn en triomfantelijke riffs uitmondt, waardoor we terug bij de les zijn. Afsluiter “Blood of rats” start met een trage onheilspellende riff in 7/8 waarover rochelende screams dood en verderf zaaien. Het duurt echter niet zo lang alvorens ook hier een vijftigtal versnellingen hoger geschakeld wordt en we de band in haar meest agressieve vorm horen. Er wordt nogmaals teruggekeerd naar onwelriekende mid-tempo regionen om ons tenslotte tot aan het gaatje te bestoken met een zinderende en voortdenderende climax. In de wandelgangen heb ik opgevangen dat een opvolger reeds zou ingeblikt zijn. We zullen dus niet al te lang moeten wachten op nieuw werk van Misotheist. Dit debuut zal volgende maand niet in de allerhoogste regionen eindigen maar klinkt alvast erg veelbelovend!

JOKKE: 82/100

Misotheist – Misotheist (Terratur Possessions 2018)
1. Carriers of captivity
2. Beast and soil
3. Blood of rats

Misotheist_Cover

 

Whoredom Rife – NID – Hymner av hat

Vier jaar geleden meldde het Noorse Whoredom Rife zich vanuit het niets aan het black metal-firmament. Partner in crime was Terratur Possessions, een label met een uit de kluiten gewassen neus voor al het talent dat er in Trondheim en omstreken ronddwaalt. Middels haar selftitled EP uit 2016 en de debuutlangspeler “Dommedagskvad” uit 2017 wist de band, bestaande uit kernduo V. Einride (alle muziek) en K.R. (zang), heel wat zieltjes voor zich te winnen. Ook live wist het duo, aangevuld met leden van One Tail One Head, Mare, Ritual Death en Perished, me eerder dit jaar op Throne Fest te overtuigen middels een strakke en bevlogen performance. Dat sommige criticasters van Boredom Rife spreken, snap ik dan ook hoegenaamd niet, tenzij je je portie black metal liever rommeliger, grimmiger of dissonanter consumeert: op dat vlak is Whoredom Rife inderdaad meer easy listening. Het duo perfectioneert haar jaren ’90 black dan ook tot in de puntjes zonder echter een nieuw/fris geluid te laten horen. De band heeft als doel de oude Noorse grootheden te eren en slaagt met verve in haar opzet. Zoals al vaker het geval is geweest bij de band, ervaar ik hetzelfde majestueuze gevoel als bij het onvolprezen debuut van Keep Of Kalessin (ik weet het ondertussen wel hoor jongens!) en in “New hate dawns” grijpt de band terug naar het gouden Satyricon-tijdperk ten tijde van “Nemesis divina“. Aan inspiratie blijkbaar geen gebrek aangezien de Noren een jaar na “Dommedagskvad” al met langspeler nummer twee op de proppen komen. Een plaat die de band wel eens definitief tot in de hoogste regionen van het black metal-wereldje zou kunnen stoten, zonder dat er noemenswaardige veranderingen te bespeuren vallen ten opzichte van het debuut. De bijwijlen epische en monumentale zwartmetalen klanken bevatten nog steeds de nodige portie haat en venijn, de sound is droog en helder maar niet te afgelikt en het artwork is voor de derde keer op rij van de hand van Jose Gabriel Alegría Sabogal en Kontamination Design en bevat – in tegenstelling tot de blasfemische taferelen van de hoes van “Dommedagskvad” – verwijzingen naar de lokale thuisstad Trondheim. Het nieuwe materiaal klinkt wel donkerder en meer repetitief vergeleken met de voorganger en er werden deze keer amper ondersteunende keyboards ingezet. “Hyllest” werd als eerste nummer op ons losgelaten en start inderdaad met een vrij eentonige basisbeat, maar halfweg het nummer schudt de multi-instrumentalist wel weer een ijskoude kippenvelopwekkende melodie uit zijn gitaar. Elke song bevat er zo wel één. Herhaling (zowel qua riffstructuren als invulling van de blastbeats waarbij er weinig plaats is voor cymbaalaccenten en inventieve roffels) en een goed oor voor melodie lijken ook in de andere songs de basisformule te zijn, maar het magistrale “Where the shadows dwell“, dat akoestisch start, springt er nog een tikkeltje extra bovenuit qua pakkendheid. Het tempo ligt volcontinu hoog waarbij opener “Summoning the ravens” en “Crown of deceit” het felste uit de speakers knallen. Het is eigenlijk pas in de meer dan tien minuten durende afsluiter “Ceremonial incantation” dat er wat gas terug genomen wordt; dit is meteen ook de meest epische en slepende song op de plaat. Whoredom Rife levert met “NID – Hymner av hat” een logische opvolger uit voor het debuut dat waarschijnlijk nog moeilijk te overtreffen valt. De aanpak is iets meer back to basics, maar zelfs na een tiental luisterbeurten blijven de songs dermate boeien, waardoor de band in haar opzet slaagt. Ik voorspel een heel mooie toekomst voor deze Noren.

JOKKE: 90/100

Whoredom Rife – NID – Hymner av hat (Terratur Possessions 2018)
1. Summoning the ravens
2. Verdi oeydest
3. Where the shadows dwell
4. Hyllest
5. Crown of deceit
6. New hate dawns
7. Ceremonial incantation

WhoredomRife_Cover

Devouring Star – The arteries of heresy

Devouring Star laat met haar tweede langspeler “The arteries of heresy” al voor de derde keer dit jaar haar demonen vrij nadat een paar maanden geleden een bijdrage verscheen aan de “Ekstrophë“-compilatie en de “Apostasis“-split met het Schotse Caecus. Spilfiguur achter de band is multi-instrumentalist JL die – in tegenstelling tot menig andere band – eerst een tekstueel concept creëert om dat achteraf pas in muzikale vorm te gieten. Voor “The arteries of heresy” liet de Fin zich inspireren door de singulariteit van het universum en hoe dat christelijke doctrines nutteloos maakt. Vanuit een kosmologisch standpunt bekeken is een singulariteit een punt in de ruimtetijd waarin de natuurwetten hun geldigheid verliezen. Het doel om de hemel (of hel) te bereiken via dogma’s of een spiritueel pad is volgens JL nutteloos in een universum dat reeds allesomvattend is en waar je reeds in leeft. Maar we wijken af en ik ben geen Sheldon Cooper die alles afweet van de relativiteitstheorie en zwarte gaten. Devouring Star klonk altijd al meer Frans dan Fins en dat is opener “Consummation” opnieuw geen uitzondering. Referenties naar een Aosoth zijn nog altijd hoorbaar (vooral in de snelle partijen en op vocaal vlak dan), maar er wordt ook regelmatig gas teruggenomen. In het verleden wist de (one man) band me met haar tragere songs (zoals op de “Antihedron” EP) niet altijd in te pakken. Nu klinken de doompartijen in “Procreation of blood” en “Scar inscriptions” overtuigender en worden ze afgewisseld met uptempo beukstukken, maar Devouring Star is voor mij nog altijd het meest in haar element als er voluit gegaan wordt zoals in het overweldigende “Sin assimilation“, misschien wel de beste Devouring Star-song tot op heden. Afsluiten doet de band met “Her divine arteries“, een nummer waarin een repetitieve gitaarriff een hypnotiserende vibe uitstraalt waarover JL dood en chaos preekt, en of het nu tijdens de slome start of de felle tussenstukken is, de melodie deint genadeloos en monotoon door en nestelt zich vast in de hersenpan. Opnieuw een song om trots op te zijn en die van Devouring Star een band maakt om mee rekening te houden.

JOKKE: 83/100

Devouring Star – The arteries of heresy (Dark Descent Records/Terratur Possessions 2018)
1. Consummation
2. Procreation of blood
3. Sin assimilation
4. Scar inscriptions
5. Her divine arteries

One Tail One Head – Worlds open worlds collide

Een klein jaar geleden liet One Tail One Head eindelijk een voorproefje horen van haar debuutalbum “World open worlds collide” via de “Firebirds“-single. Ondertussen stuurde de band uit Trondheim de boodschap de wijde wereld in dat het debuut, dat zo’n twaalf jaar na oprichting zou verschijnen, meteen ook haar zwanenzang zal zijn. Vooral op het podium zal dit zooitje ongeregeld gemist worden want ze speelden de concurrentie met hun energieke en dynamische spel toch meermaals naar huis. Het feit dat het kwartet regelmatig op mooie affiches prijkte zonder een écht noemenswaardige release onder de arm te hebben, wekte links en rechts wel wat afgunst op, maar ik denk nu niet dat ze daar ook maar één nacht slaap voor gelaten hebben. Op de tracklist van “Worlds open worlds collide” vinden we zowel meer primitieve, tien jaar oude nummers terug als recenter, meer atmosferisch werk. “Arrival, yet again” moet even op gang komen, maar spreidt na een minuutje de kracht van de band tentoon middels opzwepende black metal, dynamisch drumwerk en een zwaar ronkende bas die een stuwende kracht doorheen de ganse plaat vormt. De titeltrack rockt lekker weg, maar blijkt vooral ook het moment te zijn waarop zanger Afgrundsprofet – die we in andere gedaantes ook tegenkomen bij onder andere Mare, Ritual Death, Whoredom Rife, Darvaza en Behexen – zich vocaal kan uitleven en de meest bizarre keelklanken produceert. Ik heb het al menigmaal gezegd en herhaal het nog een laatste keer: de zwaar getatoeëerde frontman is één van de beste die er momenteel op onze aardkloot rondlopen. “Stellar storms” is met haar zeven minuten een vrij lang nummer naar One Tail One Head-normen en is progressiever van opzet, maar lijkt ook nooit écht ergens naartoe te gaan. Bovendien ben ik geen fan van de main riff die regelmatig terug opduikt, ook al doet ie me soms wat aan Turia denken. Geef me dan maar het prijsbeest “Firebirds” dat hier echter in ingekorte versie terug te vinden is vergeleken met de single-versie van vorig jaar, zonder atmosferisch eindstuk dus. “Rise in red” is een vet nummer in hetzelfde straatje, of zeg maar gerust donker steegje waarin een zekere vijandigheid op de loer ligt en waardoor de geur van dood en verderf waait. Tussen deze twee krakers horen we “Sordid sanctitude“, een instrumentale track die de atmosferische kaart trekt maar me weinig boeit en waarin de basgitaar té prominent aanwezig staat en alzo veel definitie van de gitaar wegneemt. Een euvel dat we meermaals op de plaat tegenkomen. “Passage” is vintage One Tail One Head waarin de basloopjes dan weer Alkerdeelsgewijs positief uit de primitieve riffmuur springen. “Summon surreal surrender” is het langste nummer dat de bende ooit geschreven heeft en mixt donkere energie en duistere atmosfeer op een positieve manier. Concluderend kan gezegd worden dat “Worlds open worlds collide” niet de kopstoot is geworden die ik had verwacht. Hiervoor weet de band niet altijd voldoende te overtuigen in de meer atmosferische stukken en verneukt de sound van de té prominent aanwezige bas de luisterervaring meermaals, ook al is ze één van de sterktes van de band. Wanneer One Tail One Head echter goed op dreef is in de meer rechttoe-rechtaan stukken wordt de energie van haar live performances op plaat geëvenaard.

JOKKE: 80/100

One Tail One Head – Worlds open worlds collide (Terratur Possessions 2018)
1. Certainly not
2. Arrival, yet again
3. Worlds open, worlds collide
4. Stellar storms
5. An utter lack of meaning, Hitherto unbeknownst, suddenly revealed
6. Firebirds
7. Sordid sanctitude
8. Rise in red
9. Passage
10. Summon surreal surrender

Ritual Death – Ritual Death

Eén van de rauwste spelers van de Nidrosian black metal-scene is ongetwijfeld het mysterieuze Ritual Death waarachter leden van ondermeer Mare, Dark Sonority en One Tail One Head schuilgaan. Blikvanger in de ruwe sound van het trio zijn de orgelklanken van organist H. Tvedt die zoals steeds een mysterieus, sacraal sfeertje over het geheel draperen. “Luciferian pyre” is hier een schoolvoorbeeld van. Zanger/gitarist Luctus perst, zoals we van hem gewend zijn, erg vreemde klanken uit zijn keel waarbij de gehoornde meermaals geëerd wordt. Het slepende “Ritual murder (Mark of the devil)” klinkt hierdoor erg creepy en haast als een ritualistische zwarte mis. Op de drumkruk vinden we Mare-mastermind Nosophoros terug die de trommels basic en rechtlijnig maar effectief bespeelt. De vier nummers op deze selftitled EP – wat het er niet gemakkelijk op maakt aangezien de debuut-EP ook titelloos was – doen bovendien de oerdagen van het black metal-genre herleven. Geen al te moeilijke, primitief van insteek zijnde duivelse herrie in een to the point en no-nonsense uitvoering. Love it! Veel meer woorden dienen hier niet aan vuilgemaakt te worden.

JOKKE: 80/100

Ritual Death – Ritual Death (Terratur Possessions 2018)
1. Ritual death
2. December moon cultus
3. Luciferian pyre
4. Ritual murder (Mark of the devil)

Devouring Star/Caecus – Apostasis

Het Finse Devouring Star is de laatste jaren aan een opmars doorheen de underground scene bezig. In afwachting van haar nieuwe langspeler “The arteries of heresy” die later op het jaar verschijnt, laat de Finse band een samenwerking los met het minder gekende Schotse Caecus. Dit resulteerde in het gezamenlijk gecomponeerde en uitgevoerde, maar liefst achttien minuten durende bastaardkind “Apostasis“. De eerder black metal-gerichte achtergrond van de Fin(nen) levert samen met de death metal-insteek van het Schotse trio een kolossale obscure blackened death-metal sound op die zowel op doom-tempo als in zevende versnelling op ons afgevuurd wordt. Menig doomband is waarschijnlijk stikjaloers op de massieve donderslagen die “Apostasis” uitdeelt en er is voldoende afwisseling te horen zodat het nummer de ganse speeltijd blijft boeien. De kolossale track start als een sludgy mokerslag waarover in reverb gedrenkte vocalen hun gal spuwen totdat het rond de vier minutengrens plots “alle hens aan denk” is en het nummer in volle vaart vooruit schiet. Nadien blijven de muzikanten de spanningsboog opzoeken tussen zware, logge passages en blastwerk waarbij in de finale doodslag de death metal elementen de overhand nemen. Daarna geeft Devouring Star alleen van jetje in het bulderende “A pale monument” dat qua opzet teruggrijpt naar het knappe debuut “Through lung and heart” want met haar meer doomy getinte “Antihedron” EP wist de band me niet volledig te overtuigen. Devouring Star mastermind JL begrijpt dat er niet voortdurend vocalen nodig zijn zodat de voortdenderende cascade aan death en black ook meermaals instrumentaal kan overdonderen. Caecus sluit de EP af met het kort maar krachtige “Ascend to the void” waarin de Schotten wild om zich heen hakken en geen spaander heel laten van al wat op hun weg richting de grote gapende leegte komt. Toffe split van twee bands die adversarialisme als gemeenschappelijke visie hebben.

JOKKE: 80/100

Devouring Star/Caecus – Apostasis (Terratur Possessions 2018)
1. Apostasis – Split track
2. Devouring Star – A pale monument
3. Caecus – Ascend to the void

Mare – Ebony tower

Een luttele vijftien jaar na haar oprichting vond het Noorse Mare het maar eens hoogtijd geworden om met een volwaardig debuut op de proppen te komen. We kregen sinds de geboorte van de band gelukkig wel al drie demo’s en twee goede EP’s te verwerken (“Spheres like death” uit 2010 en “Throne of the thirteenth witch” uit 2007). Het uit Trondheim afkomstige kwartet doopte haar sound – op al dan niet arrogant wijze – tot “Nidrosian black sorcerous art” en bestaat uit leden die in de line-up van zowat elke andere Nidrosian black metal band opduiken/opdoken. Dit vriendenclubje, met het label Terratur Possessions als gemene deler, krijgt her en der ook wel wat kritiek en misnoegen omdat deze scene serieus gehypet zou worden. So be it, ik vind zowat alles uit de NBM-scene verdomd lekker, of het nu origineel klinkt of niet. En sinds een overweldigend optreden van enkele jaren geleden in Magasin 4, staat dus ook Mare bij ondergetekende hoog aangeschreven waardoor deze langspeler met veel gejuich onthaald wordt. Van de twee beresterke nummers “Blood across the firmament” en het van een Emperor-achtige intro voorziene “These foundations of darkness” konden we al enige tijd genieten en deze deden me watertanden naar de drie andere songs die “Ebony tower” vervolledigen. De muziek van Mare kenmerkt zich vanaf de openingstonen van “Flaming black zenith” door een erg occult sfeertje dat doorheen haar black metal waart en zich dieper onderhuids vastzet. In de eerste plaats manifesteert die rituele atmosfeer zich middels de sacrale (ge)zang(en) van frontman en gitarist HBM Azazil (Black Majesty, Dark Sonority, Vemod) waarbij dat in het geval van het reeds aangehaalde “These foundations of darkness” wel héél hard richting Mayhem’s Attila neigt. Anderzijds is er het geslaagde huwelijk tussen begeesterende en repetitieve – al dan niet tremolo-picking – gitaarriffs en ondersteunende keyboards. Het tempo van drummer ⷚ (One Tail One Head, Aptorian Demon) hoeft hierbij niet continu verschroeiend hoog te liggen zoals het tien minuten durende mid-tempo en van fraaie kippenvelopwekkende gitaarmelodieën voorziene “Nightbound” laat horen. Ondanks de Mayhem-worship in het begin van het nummer ongetwijfeld de beste track van de plaat, hoewel de vier andere songs amper moeten onderdoen. Tegelijkertijd met de release van “Ebony tower” verschijnt er ook een gelimiteerde EP van Lamia Vox waarop twee nummers vol rituele percussie en duistere ambient prijken die ooit voor dit debuut geschreven werden maar er nooit op beland zijn, behalve dan de geheimzinnige en onheilspellende outro van het van psychedelische riffjes voorziene “Labyrinth of dying stars“. Het lange wachten op “Ebony tower” wordt ruimschoots goedgemaakt door de torenhoge (no pun intended) kwaliteit van de vijfenveertig minuten hoogwaardige black die we voorgeschoteld krijgen ook al wordt er meer dan eens een serieus vette knipoog naar “De mysteriis dom sathanas” gegeven. “This isn’t a show, this isn’t a gimmick. This is real Black Metal how it always was meant to be”, dixit MareZe hebben godverdomme gelijk!

JOKKE: 90/100

Mare – Ebony tower (Terratur Possessions 2018)
1. Flaming black zenith
2. Blood across the firmanent
3. These foundations of darkness
4. Nightbound
5. Labyrinth of dying stars