urfaust

Brånd / Häxenzijrkell – Split

Tweede split EP op rij voor het Duitse Häxenzijrkell nadat ze vorig jaar met labelmakkers LVTHN samenhokten voor een gespleten ten inch. Deze keer werd het Oostenrijkse Brånd als tegenpartij gekozen, misschien een iets meer logische keuze aangezien de sound van beide bands dichter bij mekaar ligt. Brånd is het geesteskind van Vritra, een illuster figuur die we ook kennen van Kringa. Brånd’s muziek is een amalgaam van post-punk, ambient en oer-black à la Ildjarn. Het lijkt misschien een wat vreemde combo op papier, maar in realiteit is dit heel goed te smaken. Een kille, spookachtige atmosfeer staat centraal, waarbij er heel wat ge-experimenteerd wordt met heldere en verwrongen vocalen, toetsen en xylofoons en effectenpedalen maar ook de basgitaar eist een grote rol op in de meer noisey passages van het zeven minuten durende “Seis wies Sei“. De punky start van het nummer staat mijlenver weg van de sobere ijzingwekkende finale, maar toch vloeien de verschillende passages naadloos in mekaar over en klinken de overgangen nergens geforceerd. Een interessante ontdekking! De twee heren van Häxenzijrkell sleuren de luisteraar de ondergrondse catacomben in voor een portie ruwe, onheilspellende black. Zowel cleane gezangen als getormenteerde screams zetten een sinistere atmosfeer neer die baadt in een ritualistische waas en ook hier heel bezwerend en innemend klinkt. Dit is een EP die dankzij het trance opwekkende karakter van de muziek geschikt is om een uur lang in een loopje af te spelen. Geschikt voor liefhebbers van Urfaust, Kwade Droes en konsoorten.

JOKKE: 85/100 (Brånd: 85/100 – Häxenzijrkell: 85/100)

Brånd / Häxenzijrkell – Split (Amor Fati Productions/Tour de Garde 2020)
1. Brånd – Seis wies Sei
2. Häxenzijrkell – Der Totenrijtt

Lugubrum/Urfaust – Bradobroeders

Het broederschap en wederzijds respect tussen Lugubrum en Urfaust is groot, héél groot. Zo viel Urfaust-drummer VRDRBR recent nog in voor Lugubrum-bassist Noctiz op twee Russische shows en in 2015 deelden beide bands een split (“Aalschuim der natie“). Vier jaar later herhalen ze dat concept nogmaals in de vorm van “Bradobroeders” die strikt gelimiteerd op 550 exemplaren door Ván Records uitgebracht wordt. Tegen de tijd dat u dit leest, bent u ofwel de trotse bezitter van dit werkje ofwel viste u achter het net aan en mag u reeds één week na verschijnen zo’n 80 euro of meer neerleggen voor een exemplaar dat door kapitalistisch uitschot op Discogs verkocht wordt. Zo’n lowlifes zijn de naam ‘muziekliefhebber’ onwaardig. Zowel Lugubrum als Urfaust hebben als gemeenschappelijke deler dat ze buitenbeentjes zijn in het respectievelijke Belgische en Nederlandse black metal-landschap. het Vlaamse trio zo waar nog meer dan het Nederlandse duo. Als we één kleur met Lugubrum mogen associëren is het zonder tegenspraak bruin. Zelf bestempelden ze hun experimentele muzikale output als brown metal, hun website benoemen ze “Lugubrum’s brown netherworld“, hun vijfde langspeler kreeg de niet mis te verstane titel “De bruyne troon” mee en het nummer dat ze voor deze split aanleveren is getiteld “Bruine moeder“. De associaties die deze titel kan oproepen, laat ik aan uw verbeelding over. Het trio experimenteert met jazzy klanken waarbij een speels orgel, een hoekig repetitief drumpatroon en ritmische basgitaar een bevreemdend muzikaal patroon neerzetten. Ik dacht 2 seconden met Oranssi Pazuzu te maken te hebben, maar dan zonder het overdonderende effect. Voeg daar nog de aparte zang (zowel helder als vervormd) van Midgaars aan toe en je krijgt een song die in de verte verte niets met black metal te maken heeft – het is een keurslijf dat Lugubrum al jaren ontgroeid is trouwens. Maar ik vraag me wel af of veel Urfaust-adepten dit zullen trekken. Wie openstaat voor een band als Grey Aura zal dit echter wel kunnen smaken. Benieuwd wat de voor februari 2020 geplande langspeler “Plage chômage” voor ons in petto zal hebben. Met deze schavuiten weet je nooit. Wanneer Urfaust aan de beurt is verandert de stemming van bizarre, haast luchtige free jazz naar het gekende recept van repetitief dronende duistere black, verdorven ambient, de hallucinogene meeslepende zang van IX en psychedelische leads. “Scabreusheden uit het tuchtarsenaal” bevat ook subtiele electronica en is één van de meest bezwerende composities die het duo de laatste jaren heeft geschreven. “Bradobroeders” is een split die muzikaal gezien ver uiteen ligt en waarbij vooral Urfaust me écht kon bekoren.

JOKKE: 80/100 (Lugubrum: 75/100 – Urfaust: 85/100)

Lugubrum/Urfaust – Bradobroeders (Ván Records 2019)
1. Lugubrum – Bruine moeder
2. Urfaust – Scabreusheden uit het tuchtarsenaal

Kwade Droes – Onder de toren

Restaurant “Onder den toren”, café “Onder den toren”, bistro “Onder den toren”, frituur “Onder den toren”, … het blijken veelgekozen namen te zijn voor menig eet- en drinketablissement in Vlaanderen. Muzikaal gezien is er ook de toren waar, winter en zomer, de paartjes gaan vrijen in het licht van de maan, aldus schlagerzanger Christoff. Maar “Onder de toren” is ook de titel van de tweede langspeler van het geheimzinnige Nederlandse Kwade Droes. De toren in kwestie lijkt me de Grote Kerk te zijn in Elst in de gemeente Overbetuwe in de Nederlandse provincie Gelderland. Zoekwerk naar één of andere gortige of sappige gebeurtenis die aan deze kerk gelinkt kan worden, bracht niet veel op. Laten we ons dan maar op de muziek concentreren. Als die opnieuw zo verdomd verrot klinkt als op debuut “De duivel en zijn gore oude kankermoer” belooft dat weer veel goeds. “Nek van lood” trapt verdomme nóg zieker, schizofrener en meer bezeten af dan we van dit gezelschap gewend zijn. Ævangelististische sonische terreur, doorspekt met wansmakelijke samples, prehistorische Beherit-rauwheid, een Urfaustiaans delirium en zenuwtergende black. De compleet van de pot gerukte vocalen blijven in een nummer als “De zesklapper van Satan” bijna volledig achterwege, maar worden niet gemist in deze verrotte en dreunende compositie vol narigheid. Het op tien minuten afklokkende “In de Linge” drijft de experimenteerdrift nog verder op: een minimalistische beat zorgt voor een traag hartritme waarover dissonante gitaarriffs een horroresk beeld schetsen nadat een naargeestige bijna kleinkunstachtige sample het nummer in gang zette. Uiteindelijk zorgt de drummer voor een acute hartritmestoornis door het tempo op te drijven tot een repetitieve blast. Geen spek voor ieders bek! Met een titel als “Laat mij tot de kinderen komen” verwachtte ik hier absoluut geen kindvriendelijke Sinterklaas taferelen, integendeel, dit is teringherrie op funeral doom-tempo die absoluut niet voor gevoelige zielen is weggelegd. Opnieuw luidt een door de mangel gehaalde sample van één of ander folkloristisch lied de waanzin in. Het concept van échte nummers is op “Onder de toren” nóg minder omlijnd dan op de voorganger. Het komt me allemaal haast geïmproviseerd over. Enkel “Dorstige ratten in brak water” bevat nog min of meer structuur en houvast, maar verwacht nu geen easy listening Eurovisiesongfestival-materiaal want dit is eerder voer voor Leviathan-liefhebbers. Tussen de verwrongen black metal neemt een spacey solo je minutenlang mee op een hallucinogene trip. De titeltrack zet je voor de zevende keer op rij aan om de grenzen van je geestelijke gezondheid af te tasten. Wie zijn vervelende buren op stang wil jagen, heeft met “Onder de toren” een uiterst geschikt wapen in handen. Muzikaliteit is hier ver te zoeken, je bent gewaarschuwd!

JOKKE: 80/100

Kwade Droes – Onder de toren (Ván Records 2019)
1. Nek van lood
2. De zesklapper van Satan
3. In de Linge
4. Laat mij tot de kinderen komen
5. Dorstige ratten in brak water
6. Onder de toren

Gaistaz – Gaistaz

Laat je niet misleiden door het black metal uitziende logo dat Christophe Szpajdel voor Gaistaz ontwierp, want wat deze Nederlanders laten horen valt volgens hen eerder in het “doom”-hokje te plaatsen. “Supernatural doom metal” menen ze zelf. Twee nummers werden op een eerste op zesenzestig stuks gelimiteerde tape uitgebracht. Ik heb nummer éénenzestig weten bemachtigen. Gaistaz’ kijk op doom resulteert gelukkig niet in de cleane, afgelikte variant, maar heeft een zekere bovennatuurlijke necro feel over zich. De riffs van Krem klinken lekker ruw en duister. Aan “Altijd hier” zit ook een psychedelisch en ritueel kantje, wat de twaalf kaarsen in het logo dan weer hinten. Een Urfaust is hier niet zo veraf. Wanneer de plechtstatige heldere vocalen een uitzichtloos bestaan portretteren, wordt meteen duidelijk dat Alfschijn hier de vocalen voor zijn rekening neemt. Jullie kennen hem waarschijnlijk wel van Wederganger (RIP), Bezwering, :Nodfyr: en Knoest. Wat een unieke stem heeft die man toch! Sporadisch gooit Krem een krijs in de strijd wat voor een aangenaam contrast zorgt en opnieuw een link legt met black metal. “De tocht omlaag” neigt meer naar pure doom. Het uitzicht is kleurloos maar toch bombastisch dankzij majestueus toetsenwerk van Baluw. Gaistaz levert een – in mijn ogen – vrij frisse aanpak van het doom genre. De interesse is gewekt.

JOKKE: 82/100

Gaistaz – Gaistaz (Eigen beheer 2019)
1. Altijd hier
2. De tocht omlaag

Gaua – Feeble psychotic vortex

Vergeleken met Portugal hinkt de Spaanse black metal-scene toch nog een beetje achterop. Gaua probeert daar verandering in te brengen. Het betreft een nog vrij jonge band die in 2015 werd opgericht en later dat jaar een demo op de markt smeet (“Unearthly sorrowed visions“). In 2018 volgden een split met het Baskische Ur en een EP getiteld “Feeble psychotic vortex” die via Altare Productions op CD en LP verscheen. Écht nieuw is deze 37 minuten (!!) durende EP dus niet, maar vermits ie via Nebular Carcoma nu ook een derde leven op tape krijgt en wat we hier te horen krijgen best overtuigend klinkt, besloten we deze release toch nog even onder de aandacht te brengen. Adepten van Finse bands genre Sargeist (wegens de schurende grimmigheid en de openingsriff van “Schlitze” die wel heel veel wegheeft van diens “Satanic black devotion“) dienen de oren te spitsen voor Gaua. Hun black wordt verder à point gehouden middels een mengelmoes aan slepende melodieuze partijen en leads (finale van “Misfortune“), punky uitbarstingen, marcherende ritmes en Urfaustiaanse psychedelica wanneer de vocalen in “Second lament of a star” de semi-cleane tour opgaan. Wat een heerlijk intoxicerend nummer! De rockende partijen in combinatie met de grauwe screams ademen ook een zekere Nachtmystium-vibe uit. Dit alles verpakt in drie lange songs. Als toetje krijgen we nog een herwerking van het Vlad Tepes’ oudje “Drink the poetry of the Celtic disciple“, dat met zijn veertien minuten speeltijd eerder een ‘dessert deluxe’ is en met een minder ruwe sound dan het origineel laat zien dat dit best een gave compositie is. De aangehaalde referenties zouden jullie in staat moeten stellen een goed beeld te krijgen van dit “Feeble psychotic vortex” dat enerzijds vanuit een basis van traditionele grimmige black vertrekt maar daar toch ook talrijke melodieuze extra’s aan toevoegt.

JOKKE: 81/100

Gaua – Feeble psychotic vortex (Nebular Carcoma 2019)
1. Misfortune
2. Schlitze
3. Second lament of a star
4. Drink the poetry of the Celtic disciple (Vlad Tepes cover)

Dodenbezweerder – Zwarte sluiers & Rehearsal tape 20/02/2019 & 27/02/2019

Recent kwam Maurice De Jong op Addergebroed aan het woord in het kader van het op til zijnde debuut van Mystagogue. Deze duivel-doet-al heeft echter nooit aan één project genoeg, zodoende verscheen er recent ook een nieuwe EP van Dodenbezweerder waarvoor Mories samenwerkt met drummer Santino Van der AA (Aardling, Hypothermia). Eerder verschenen al twee geïmproviseerde (!) rehearsal tapes (gratis digitaal in huis te halen via de Bandcamp-pagina) en de EP in kwestie getiteld “Zwarte sluiers” is een voorbode voor een eerste langspeler die in 2020 verwacht wordt en waarvan ook al een tipje van de (zwarte) sluier werd opgelicht. De band heeft haar naam alvast niet gestolen want de twee nummers die het duo ons op de EP voorschotelt, klinken als een rituele bezwering die in goed verscholen ondergrondse krochten leek te hebben plaatsgevonden en een über-lügüber sfeertje uitwasemt. Santino stuurt een pulserende doombeat doorheen de kille echoënde atmosfeer waarin allerhande verwrongen kreten, schelle uithalen, oorschurend geschreeuw en gorgelend geprevel begraven zijn. De vochtige schimmel druipt dan weer van de snijdende en bijtende gure riffs. Op de één of andere manier sijpelt er een subtiele Urfaust doorheen deze grafherrie, want net zoals haar landgenoten, wekken deze trage bezwerende klanken een hallucinogeen effect op, maar dan met een meer uitgesproken black metal-karakter. Vooral de eerste rehearsaltape weet me in een sepulchrale trance te brengen, klaar om één of ander kerkhof te ontwijden. De tweede rehearsaltape, die een week na de eerste ingespeeld werd, laat een toegenomen lo-fi ‘necro-feel‘ horen, maar het zou een brug te ver zijn om te beweren dat deze onmenselijke klanken bij onderstaande necrofiele verlangens opwekken. De gitaareffecten in “Zalf de voeten van het hoofdeloze lichaam” belichamen als het ware het klaroengeschal van de dood. De “Bestorming van de hemel” lijkt dan weer met duivels en manisch klinkend orgelspel gepaard te gaan dat opdoemt vanuit diens hysterische zwartgalligheid. Nadien nemen deze begrafenisklanken een meer berustend karakter aan wanneer je wordt “Opgeslokt door de ontzielde leegte“. Dodenbezweerder grossiert als geen ander in de productie van “Weemoedige liederen van de dood“, dat staat als een omgekeerd kruis op een graftombe. Op basis van de eerder vermelde teaser van de aankomende langspeler, lijkt Dodenbezweerder daar voor een nóg meer verstikkende en beklemmende aanpak te gaan. Dat belooft!

JOKKE: 81/100 (EP: 82/00; Rehearsal 1: 81/100; Rehearsal 2: 79/100)

Dodenbezweerder – Zwarte sluiers (Eigen beheer 2019)
1. Verstenigd en verdelgd
2. Zwarte sluiers over dode gezichten

Rehearsal tape 27/02/2019 (Eigen beheer 2019)
1. Zalf de voeten van het hoofdeloze lichaam
2. Bestorming van de hemel
3. Opgeslokt door de ontzielde leegte
4. Weemoedige liederen van de dood

Rehearsal tape 20/02/2019 (Eigen beheer 2019)
1. Untitled
2. Untitled

Ibex Angel Order – I.Õ. Creatõr / I.Õ. Destrõyer

Ondanks de sterke line-up van de meest recente editie van het Veneration Of The Dead-festival moest ik verstek laten gaan. Opener van dienst was het Nederlandse Ibex Angel Order en naar aanleiding van hun optreden zagen ze de kans mooi om nieuw werk te laten horen, al is het slechts een twee songs tellende tape (de EP-versie zou nog moeten volgen). “I.Õ. Creatõr / I.Õ. Destrõyer” laat twee ritualistische invocaties horen die conceptueel gezien rond primitieve en gnostische kunst draaien. De occulte atmosfeer druipt middels allerhande rituele gezangen en percussie inclusief gong- en belgeluiden van de twee nummers af en het is best bewonderenswaardig dat een duo – zanger/gitarist Herr Aids en drummer Ludas – Urfaustsgewijs in staat is deze magische atmosfeer neer te zetten. “I.Õ. Creatõr” is erg bezwerend door de vocale aanpak die parallellen vertoont met een band als Mare, maar bevat ook enkele sterke gitaarriffs en wisselt knuppelstukken met dreigend mid-tempo werk af. “I.Õ. Destrõyer” kent een noisy trance opwekkende start maar eens Ludas uit de startblokken schiet, lijkt er geen ontsnappen meer aan en worden we in de ban gehouden door de profetische bezweringen en repetitieve riffs van Herr Aids. Ibex Angel Order zet de kwaliteit van het sterke debuut “I” met deze EP resoluut verder.

JOKKE: 85/100

Ibex Angel Order – I.Õ. Creatõr / I.Õ. Destrõyer (Heidens Hart Records 2019)
1. I.Õ. Creatõr
2. I.Õ. Destrõyer