bestia arcana

Akhlys – Melinoë

Ahhhh, Akhlys. Het eerste geschapen wezen, dat zelfs voor het ontstaan van Chaos zelve in de Griekse mythologie ronddwaalde. De personificatie van de eeuwige nacht, en de mist des doods. Een meer passende naam had bezieler, muzikale duizendpoot en dienaar van de duisternis, Naas Alcameth, niet snel kunnen bedenken. Naast zijn vele andere projecten – met name Nightbringer, Excommunion, Bestia Arcana en het recente Aoratos – staat Akhlys, onverslaanbaar en in een ijzige sluier van miserie, angst en desolaat nihilisme gehuld. De band is met deze “Melinoë” aan zijn derde langspeler toe, en ongeveer het volledige blackmetalminnend landschap keek reikhalzend uit naar de opvolger van het al enigszins iconische “The dreaming I”. Dat deze nieuwe plaat een premature geboorte kende, maakt verder helemaal niemand nog iets uit. Thematisch is ook deze langspeler opgebouwd als een uitlaatklep voor de vele vreemde gebeurtenissen die de illustere frontman doorheen zijn leven heeft meegemaakt terwijl hij droomde, in slaap viel of wakker werd. Voor elke ziel die wel eens badend in het zweet wakker werd na een zo tastbare, zo ondenkbaar duistere nachtmerrie, die hij of zij zich jaren na datum nog tot in detail kon herinneren. Voor iedereen die soms midden in de nacht zijn ogen opent en merkt dat er geen beweging in de rest van zijn of haar lichaam zit, enkel een sluipende, onverklaarbare en allesovertreffende angst die zich bij hem of haar in de kamer begeeft, en tot de genadeloze conclusie moet komen dat er geen alternatief is dan deze levende nachtmerrie te ondergaan. Melinoë, de dochter van Persephone en Hades, de heersers van de Griekse onderwereld, waakte over je. Zij is, dixit de vele schrijfsels, de ongerepte drager van nachtmerries en pure waanzin. Het gezicht van een eenzame nacht vol kwelling, terreur en het gedwongen onderwerpen aan een ontastbare overmacht. Hoe vertaal je zo’n beklemmend gevoel op auditieve wijze? Waar “The dreaming I” al een unieke blik achter de schermen van Alcameth’s wereld wist te bieden, gaat het op deze nieuwe, uiterst geniale uiting snel van kwaad naar erger. Vanaf de eerste noten op opener “Somniloquy” grijpt Akhlys je bij de haren, om je gedurende de resterende drie kwartier stampend en krijsend doorheen de negen cirkels van de hel en terug te sleuren. Dissonante riffs komen uit verre lagen geluid heen geëbd, huilend en schreiend alsof bezeten door een paranormale entiteit. Drums die lijken op te wellen als lava die stroperig maar met enige bombast uit een vulkaan komt scheuren. De sound op “Melinoë” is zo uitermate beklijvend dat het lijkt alsof een van pijn en eenzaamheid geweven deken zich rond je wikkelt, zonder enige intentie om je ooit nog los te laten. De krassende zang van Naas boort zich gestaag een weg naar binnen in je geest en drijft moeiteloos de laatste restjes emotionele stabiliteit uit je brein. Zelden klonken blackmetalvocalen zo onmenselijk en demonisch, wat gezien het uitgangspunt best een opmerkelijke prestatie is. Alle vijf komen de nummers op deze plaat onbeschrijfelijk goed tot hun recht. De samenhang is dermate sterk dat het één lang uitgesponnen verhaal lijkt, ook al staan de opussen perfect afzonderlijk als obscure pilaren in een van weemoedigheid doordrongen muzikale areaal. Wat overblijft, is de totale en eindeloze nacht. Akhlys bracht met “Melinoë” een onweerlegbaar meesterwerk ter aarde. Een schouwspel van diabolische geluidsgolven, duistere mythologie, kwaadaardige zenuwkwalen en bovenal voorzien van akelig gepaste en memorabele grafische vormgeving. Dit is exact wat onderstaande zoekt in het wijde spectrum van black metal, en ik kan daarom alleen maar dankbaarheid uiten voor de lugubere mentale hel waar Naas Alcameth door moet om deze muziek te schrijven.

JULES: 97/100

Akhlys – Melinoë (Debemur Morti Productions 2020)
1. Somniloquy
2. Pnigalion
3. Succubare
4. Ephialtes
5. Incubatio

Ars Magna Umbrae – Apotheosis

Over Ars Magna Umbrae’s eerste langspeler “Lunar ascension” waren we twee jaar geleden erg te spreken. De Pool K.M. speelde gretig in op de dissonante trend die al een tijdje bezig was en vooral door IJslandse acts geëxploiteerd werd hoewel de origines ervan eerder tot de Franse scene te herleiden zijn. Ook het snerpende, nerveuze, demonische en kille gitaarwerk van USBM acts als Nightbringer of Bestia Arcana vond zijn weg naar het Ars Magna Umbrae universum. Al deze elementen zijn op het nagelnieuwe “Apotheosis” opnieuw aanwezig. Atonale klanken en dissonanten stromen nog steeds gretig door de riffaders en de link naar de aangehaalde USBM referenties wordt vooral in een kraker als “On the wings of divine fire” nogmaals bevestigd. Dit nummer heeft tevens een waas van oosters aandoende mystiek over zich gedrapeerd en speelt gretig met dynamische elementen. Ook de titeltrack is vermeldenswaardig en start met een monsterriff, probeert je nadien voortdurend op het verkeerde been te zetten met afwijkende tempo’s en ritmes, maar ontplooit zich wat later ook tot een meer melodische song. Het is typerend voor de occulte en esoterische black waarin we hier een kleine veertig minuten ondergedompeld worden en die ons het ene moment mee de abyssale dieptes in sleurt maar ons even later even goed in kosmische sterrenstelsels katapulteert. En of deze taferelen zich nu aan een horroreske rotvaart manifesteren of ons op traag glooiende uitdijingen doet meesurfen, maakt niet uit want Ars Magna Umbrae’s creaties barsten steeds van een gezwinde hypnose die droom en realitet doen samensmelten. Op vocaal vlak krijgen we heel diverse keelklanken voorgeschoteld gaande van raspend gekrijs over mysterieus gefluister, sappige screams en verhalende vrouwelijke stemmen. Deze tweede langspeler is opnieuw een schot in de roos en hopelijk nog niet de apotheose van deze uitermate getalenteerde one-man band. Nog even meegeven dat K.M. tot voor kort ook deel uitmaakte van Cultum Interitum die op de laatste dag van augustus hun eerste langspeler op de mensheid loslaten. Ook een aanrader voor fans van Ars Magna Umbrae en de aangehaalde referenties.

JOKKE: 86/100

Ars Magna Umbrae – Apotheosis (I, Voidhanger Records 2020)
1. Through fields of Asphodel
2. She who splits the earth
3. On the wings of divine fires
4. Apotheosis
5. Mare tenebrarum
6. Oracle of luminous dark
7. Of divine divergence
8. In tenebris ignis

Akrotheism – Law of seven deaths

Akrotheism is – voor ondergetekende althans – niet meteen de bekendste naam uit de boeiende Griekse black metal-scene. Met haar nieuwe tweede langspeler “Law of seven deaths” zal daar ongetwijfeld verandering in komen want de Grieken – waarvan een deel een gemeenschappelijk verleden in de band Astral Aeon deelt – trakteren ons op een klein uur aan verstikkende occulte black gericht op de ongecontroleerde bevrijding van onderbewuste energieën. De ietwat vreemde mix van Stephen Lockhart en zijn Emissary Studio (o.a. Sinmara, Rebirth Of Nefast en Svartidauði) is even wennen want deze klinkt vrij dof en zompig maar past uiteindelijk wel bij het beklemmende sfeertje dat opgewekt wordt. Zanger Aeon perst de meest uiteenlopende keelgeluiden uit zijn strot gaande van getormenteerde screams over mysterieus gefluister tot sacrale gezangen en proclamerende vocalen. Aeon wordt voor de koorzang bij momenten ook bijgestaan door Acherontas V. Priest die wel meer bijklust als gastzanger. Er vallen in de magnifieke opener “Typhonian serpents” raakvlakken te noteren met een Akhlys, Bestia Arcana of Nightbringer en ook later duiken diens snerpende invloeden nog op. Maar evengoed horen we Blut Aus Nord-dissonantie in deze onheilspellende black terug. Het aanvankelijk op doomtempo startende maar nadien openbarstende “Manifesting tartarus” weet zich vanaf de eerste luisterbeurt in ons geheugen te nestelen en bleef daar nog enkele dagen rondspoken. “Desmotropia” sleept zich tergend traag voort maar haar tentakels kronkelen zich gaandeweg rond je lichaam en houden je een kleine tien minuten lang in een wurggreep vast. “Virtue of Satyr” start met een spoken word afkomstig uit de film “Caligula” en neigt – net zoals het artwork – opnieuw naar de eerder aangehaalde bands van Naas Alcameth hoewel er ook ruimte is voor melodieuze leads en groots klinkende zangpartijen. “Oracle mass” doet dienst als instrumentaal intermezzo en bulkt van de occulte ritualistische klanken. Het twaalf minuten durende “Skeptomorphes (The origin of I)” is allesbehalve een hapklare brok black metal waar je je nog tientallen keren mee kan vermaken om je tanden in te zetten en volledig te doorgronden. Subliem nummer! Ook hekkensluiter “En” heeft heel wat te bieden, maar dan zonder het gekende black metal-instrumentarium in te zetten. Ur Nahath leeft zich hier uit middels rituele percussie, mythische oerwoudgeluiden, bevreemdende ambient en naargeestige tribal-zang. Het voelt aan alsof we in een koperen ketel op het pruttelend vuur bij één of andere koppensnellersstam aanbeland zijn en langzamerhand het bewustzijn verliezen terwijl we gaar gekookt worden. Kortom, “Law of seven death” laat de typische Helleense sound achterwege en mixt het beste van USBM en de dissonantie aanbiddende IJslandse scene in een abstracte, angstaanjagende en hypnotiserende plaat die onder je vel kruipt, alle positiviteit uit je lichaam zuigt en een dissociatieve staat opwekt. Zo horen we het graag!

JOKKE: 88/100

Akrotheism – Law of seven deaths (Osmose Productions 2019)
1. Typhonian serpents
2. Manifesting tartarus
3. Desmotropia
4. Virtue of Satyr
5. Oracle mass
6. Skeptomorphes (The origin of I)
7. En

Nightbringer – Terra damnata

“Does size matter?” In het geval van Kyle Spanswick in elk geval niet, want hoewel de Amerikaan klein van gestalte is, weet hij grootse dingen te doen met zijn Nightbringer. Op plaat nummer vijf bestaat het internationale gezelschap naast zanger/gitarist Kyle aka Naas Alcameth (Akhlys, Bestia Arcana) uit de Zweedse zanger ar-Ra’d al-Iblis (o.a. ex-Acrimonious), zanger/gitarist Ophis – je hoort inderdaad drie schreeuwlelijkerd aan het werk – Gitarist VJS (o.a. Adaestuo en Sargeist) – yep, ook drie gitaristen –  de Portugese drummer Menthor (o.a. Enthroned en Lucifyre) en met bassist Norgaath (o.a. Coldborn en Grimfaug) is er tenslotte zelfs een Belgische connectie. Allemaal jongens die het klappen van de zweep kennen en dus niet op een foutje te betrappen zijn. Voorganger “Ego dominus tuus” uit 2014 vond ik het toenmalige hoogtepunt uit de carrière van de band omwille van het lager gehalte aan enerverende tremolo picking leads ten opzichte van het ouder materiaal, wat me dus beter afging. Er werd wel grondig leentjebuur gespeeld bij Dark Funeral (zanglijnen) en in mindere mate Emperor en Dimmu Borgir (het symfonische aspect). Zelf zegt de band op de nieuwkomer terug te keren naar het meer orthodoxe geluid van “Hierophany of the open grave” uit 2011 –  wat ik beaam – maar spijtig genoeg betekent dat ook wel terug een hogere dosis volcontinu high pitched leads waar ik bij momenten onrustig van wordt – maar is dat eerlijk gezegd ook niet de bedoeling van black metal? In opener “As wolves amongs ruins” worden de snerpende leads zo verschroeiend heet als een laser waarmee foute tribal tattoos uitgewist kunnen worden om plaats te ruimen voor één of ander hip occult symbooltje. Naast moeilijker te verteerbare songs staan er ook een heleboel klassenummers op “Terra damnata” zoals “Midnight’s crown” waarbij de wisselwerking tussen de drie vocalisten vuurwerk geeft en “Let silence be his sacred name“, met haar dynamische en expansieve sound waarbij trage partijen afgewisseld worden met hyperspeed blasts die een meditatieve state of mind creëren. Referenties naar Emperor’s barokke “IX equilibrium“-periode zijn nog steeds aanwezig, zoals te horen is in de mid-tempo track “Inheritor of a dying world“. Het trage, slepende maar bombastische “The lamp of inverse light” springt het meest in het alziend oog met haar spoken word-sample, ontleend aan een interview met Julius Evola (Italiaanse filosoof, schilder en esotericus die hier spreekt over The Left Hand Path). In hekkensluiter “Serpent song” laat Nightbringer nog eens horen waarom ze qua complexe, symfonische black metal momenteel zo wat de absolute top in het genre zijn. Op grafisch vlak heeft de Mexicaanse kunstenaar David Herrerias zich weer eens mogen uitleven, want het cover artwork, vol occulte verwijzingen, is erg intrigerend. Deze jongens nemen hun spirituele overtuigingen uitermate serieus, wat bovendien respect afdwingt.

JOKKE: 86/100

Nightbringer – Terra damnata (Season Of Mist 2017)
1. As wolves amongst ruins
2. Misrule
3. Midnight’s crown
4. Of the key and crossed bones
5. Let silence be his sacred name
6. Inheritor of a dying world
7. The lamp of inverse light
8. Serpent sun

Akhlys – The dreaming I

Van over de grote plas bereikt ons de tweede plaat van Akhlys, een met ambient doorspekte black metal band waarvan we commandant Naas Alcameth natuurlijk kennen van het gerenommeerde Nightbringer en Bestia Arcana en die zich hier geruggensteund ziet door een zekere Ain op de artilleriedivisie. Deze illustere man weet wel hoe hij een spervuur uit zijn drumkit kan toveren. Net zoals bij Nightbringer is het tempo haast voortdurend verschroeiend hoog en dringen de typische licht enerverende tremolo gitaarriffs van Naas Alcameth je hersenpan in om daar dood en verderf aan te richten. Een subtiele laag effecten en keyboards geeft het geheel een licht sacraal karakter mee, want voor de rest is dit pure duisternis. De repetitieve mineur riffs van hoogtepunt “Consummation” creëren een kwartier lang een sinistere en bedreigende atmosfeer (wat ook tot uiting komt in de passende hoes), die met momenten onderdrukt wordt om even later zich naar de oppervlakte te murwen en aldaar tot een climax te komen. Op vocaal gebied produceren de vitriole stembanden van Naas Alcameth geluiden die het midden houden tussen Golem en de Nazgûl, en op sommige momenten klinkt het alsof die eerste droog in de kakker genomen wordt door die laatsten, alle negen tegelijk. Hoewel het totaalgeluid wel heel dicht bij Nightbringer ligt, heeft deze band absoluut bestaansrecht. Door de ambient die in het geheel verwerkt is, ligt het eindresultaat voor ondergetekende net iets beter in het gehoor, hoewel dit natuurlijk relatief is aangezien het hier over heel duister en bevreemdend spul gaat. Checkt u het hieronder vooral zelf maar.

JOKKE:  82/100

Akhlys – The dreaming I (Debemur Morti Productions 2015)
1.
Breath and levitation
2. Tides of oneiric darkness
3. Consummation
4. The dreaming eye
5. Into the indigo abyss