dawn

Woe – A violent dread

Twee jaar na het uitstekende “Hope attrition” keert het Amerikaanse Woe terug met een twee songs tellende EP getiteld “A violent dread“. Oorspronkelijk was de idee om het titelnummer te bundelen met een song van Ultha, maar dat is uiteindelijk niet gebeurd. De line-up van Woe is voor een keer eens niet gewijzigd wat de band hoorbaar ten goede is gekomen. De negen minuten durende titeltrack is een typisch Woe nummer dat veel dynamiek laat horen waarbij agressieve riffs en melodieuze leads mooi hand in hand gaan en waarbij drummer Lev Weinstein zowat alle tempo’s uit zijn drumstokken en benen perst. Vooral het pakkende einde zit verdraaid knap in mekaar en doet het hoofdje mee beuken op de golvende riffs. Tekstueel gezien geeft Woe commentaar op geweld dat het gevolg is van wapenbezit en dan vooral de mass shootings in Amerika. Bij wie al wat langer meedraait in de scene zal er ongetwijfeld een belletje rinkelen bij de songtitel “The knell and the world“, de tweede song die op deze EP prijkt. Het betreft hier immers een coversong van het openingsnummer van “Slaughtersun (Crown of the triarchy)” van Dawn. Deze ondergewaardeerde meesters van Zweedse black zijn blijkbaar altijd al een invloed geweest op Woe, hoewel de Zweedse invloeden voor mij persoonlijk niet zo duidelijk hoorbaar zijn in hun sound. Toch past het nummer perfect in hun oeuvre. “A violent dread” is een sterke EP met een speelduur van net geen twintig minuten die bovendien heel knap vormgegeven werd. Het aanschaffen waard!

JOKKE: 82/100

Woe – A violent dread (Vendetta Records 2019)
1. A violent dread
2. The knell and the world

Perverticon – Wounds of divinity

Iron Bonehead Productions staat bekend om haar grote lading bestial/war metal bands, wat niet meteen mijn meug is. Toen ik de naam Perverticon zag passeren, vermoedde ik dan ook godslasterlijke klanken die in het Blasphemy-straatje zitten. De stupide aliassen die de bandleden aannemen beloofden ook niet veel goeds: Omnicremationist Supreme op drums en zang, Uncleanest Invictus op gitaar en Necrosadistic Elite op gitaar en bas. Van infantiele metalclichés gesproken! Groot was echter mijn verbazing toen ik “Wounds of divinity“, de tweede Perverticon plaat, opzette. Het powertrio is er namelijk in geslaagd om een authentiek klinkende plaat uit te brengen die de Scandinavische (en dan vooral Zweedse) black metal-scene van de tweede helft van de jaren negentig eert, zonder echter klakkeloos te kopiëren. We horen echo’s van Craft, Dawn, Dissection, Setherial en Tsjuder en minder Gorgoroth-worship zoals op de eerste langspeler “Extinguishing the flame of life” en promo uit 2013. Dé grote sterkte van de band is het gevoel voor ritme, dynamiek en melodie die ze in de negen anti-christelijke nummers heeft weten inbouwen. Zo bevat bijna elke song wel een catchy melodie of hook waarvan je de begeleidende drumlijnen met je vingers mee tokkelt, zonder dat er aan agressie ingeboet wordt. De cryptische melodieën van “An absence of all but ashes“, het met allerhande samples doorspekte “Cold embrace of sanctity“, het mid-tempo rollende “The cease of absolution“, het relatief korte “Breath of sulphur (Aura of flies)“, het dynamische “Extracorporeal climax” en de van een intrigerende titel voorziene afsluiter nestelen zich tussen je twee oren waardoor je keer op keer die play-toets opnieuw wil indrukken. De bandleden musiceren uitstekend en de moderne productie die “Wounds of divinity” werd aangemeten, doet de Zweden ook professioneler overkomen dan wat je op basis van de bandfoto’s zou denken. Perverticon leerde me met “Wounds of divinity” dat je met vooroordelen niet ver komt. Schitterende plaat!

JOKKE: 86/100

Perverticon – Wounds of divinity (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Thirsting for rain
2. An absence of all but ashes
3. Cold embrace of sanctity
4. The cease of absolution
5. Divine amusement for pitiless God
6. The apostate’s communion
7. Breath of sulphur (Aura of flies)
8. Extracorporeal climax
9. Holy gifts from skinless hands

Uada – Devoid of light

Midden à eind jaren negentig was de kans héél groot dat het hoesontwerp dat op een vers en met zuurverdiend vakantiegeld aangeschaft black metal album prijkte van de hand van onze landgenoot Kris Verwimp was. Het moet ondertussen echter van de laatste Absu plaat uit 2011 geleden zijn dat ik nog eens één van zijn tekeningen op een nieuwe release spotte (één die mij kon bekoren althans, want ondertussen verleende hij zijn diensten veelal aan pagan/viking-bands, wat minder mijn meug is). Met het debuut “Devoid of light” van het uit Portland afkomstige Uada (Latijn voor “spookt”) wordt opnieuw een plaat met Verwimp’s artwork aan mijn collectie toegevoegd. Dit Amerikaanse kwartet heeft duidelijk enkele jaren op een Erasmus-uitwisselingsprogramma in Zweden gezeten, want de invloeden uit de jaren negentig Zweedse school zijn legio in hun black metal. Vooral de colleges waarbij het oeuvre van grootmeesters Dissection en diens volgeling Dawn bestudeerd werden, laten hun sporen overduidelijk na. Het tempo ligt veelal hoog zonder snelheidsrecords aan diggelen te willen knallen en de Zweedse gitaarmelodieën grijpen je bij je nekvel om pas na vijfendertig minuten (had van mij gerust een kwartier langer mogen duren) terug los te laten. De diepere growls aan het begin van de titeltrack zorgen voor een licht orthodox cachet, daar waar ze iets verder in de song gevoelig de hoogte ingaan om suïcidale vormen aan te nemen. In “Our pale departure” (waar plots een diepe grunt opduikt) zal de aandachtige luisteraar enkele Agalloch invloeden ontwaren en de aftrap van hoogtepunt “Black autumn, white spring” neigt naar de iets noordelijker gelegen Cascadia regio (bij het aanschouwen van de machtige beelden van de videoclip voor de titeltrack, krijg ik goesting om mijn geplande trip naar het urbane New York om te boeken en met mijn tentje en rugzak de uitgestrekte wildernis aan de Westkust in te trekken), maar door de bocht genomen is het hier Swedish designer black wat de klok slaat (wat een weerzinwekkende finale ook van het album!). De sound van de plaat is dik in orde (helder, maar met een ruw randje) en de mastering was in handen van Joel Grind van Toxic Holocaust. Tenslotte nog even meegeven dat de fotografie van de band uitermate geslaagd is. Kan ook niet anders met (de voor de ingewijden ongetwijfeld bekende) Peter Beste achter de lens. Vorig jaar scoorde Eisenwald dikke vette punten met Fluisteraars, nu doen ze het met deze eerste van Uada.

JOKKE: 85/100

Uada – Devoid of light (Eisenwald Records 2016)
1. Natus eclipsim
2. Devoid of light
3. S.N.M.
4. Our pale departure
5. Black autumn, white spring