dissection

Ninkharsag – Discipline through black sorcery

UK Black metal doet het de laatste tijd vrij goed bij de Addergebroed redactie. Ook in het geval van Ninkharsag bevinden we ons op het eiland aan de overkant van de Noordzee. Ik dacht eerst dat het een nieuwe band betrof die Vendetta Records een duwtje in de rug wou geven, maar blijkbaar loopt Ninkharsag – vernoemd naar een vruchtbaarheidsgodin uit de Sumerische mythologie – al sinds 2009 op deze aardkloot rond en werd vijf jaar geleden reeds een eerste volwaardige langspeler “The blood of celestial kings” via Candlelight Records verspreid, volgens de band destijds niet meer dan een veredelde demo. Wedra zou echter de nieuwe langspeler “The dread march of solemn Gods” moeten verschijnen en in de vorm van de “Discipline through black sorcery” 7 inch krijgen we daar al drie voorproevertjes van. De band, die oorspronkelijk als een soloproject van lead gitarist Paul Armitstead startte maar ondertussen tot een volwaardige entiteit uitgroeide, heeft een grote voorliefde voor old-school Zweedse meloblack genre Dissection, Lord Belial, Dark Funeral, Setherial en Naglfar, dat wordt al vrij snel duidelijk. Drummer Jay Pipprell’s zweep gaat er tempogewijs dan ook drie nummers lang zo goed als voortdurend op, hoewel “The lord of death and midnight” eveneens wat meer groove laat horen. Ook logo’s van oude heavy metal bands zijn onmiskenbaar op de lederen vesten van de bandleden genaaid, luister maar eens naar het gitaarstukje naar het einde van “The necromanteion” toe. De scream van zanger/gitarist Kyle Nesbitt is bovendien vrj goed verstaanbaar, wat helpt bij het meebrullen van de toegankelijke refreinen. Originaliteitsprijzen zijn niet aan Ninkharsag besteed en het onderscheidend karakter van de drie songs is vrij miniem. Voor wie hier echter geen genoeg van krijgt, heeft Ninkharsag met de gekende ingrediënten van Zweedse meloblack een interessante teaser voor zijn op til zijnde langspeler weten klaarstomen.

JOKKE: 77/100

Ninkharsag – Discipline through black sorcery (Vendetta Records 2020)
1. Discipline through black sorcery
2. The necromanteion
3. The lord of death and midnight

Over The Voids… – Hadal

De Pool Michał Stępień verscheen onlangs nog op deze blog met Medico Peste’s tweede langspeler “ב :The black bile“. Drie jaar geleden bracht The Fall – dat is zijn pseudoniem – ook een eerste plaat uit met Over The Voids… Van die band verschijnt nu een vervolg dat de titel “Hadal” meekreeg. Het album start in de vorm van het inluidende “The pillar” nog enigszins ingetogen met akoestisch gitaargetokkel en heldere zang, maar eens het boeltje in “One commandment” op gang getrokken wordt, krijgen we zwartgeblakerde metal over ons uitgestort waarin plaats is voor zowel atmosfeer als agressie, voor melodie en dissonantie, voor somberheid en rauwe energie. The Fall zoekt voortdurend het spanningsveld tussen deze verschillende energiestromen op wat resulteert in een dynamisch geheel. De vocale aanpak heeft wat weg van hoe een Wraath bij Darvaza zijn woorden plaatst en uitbraakt. Vooral in een nummer als “Witchfuck“, waarin ik verder ook wat Turia in het hoge riffwerk en Dissection naar het einde toe hoor doorschemeren, leg ik die link. Ongetwijfeld één van de hoogtepunten! Het wat langere “Stone vault astronomers” trekt de Zweedse invloeden van halfweg de jaren ’90 nog verder door in het tremolo gitaarwerk en de heldere zang neemt een groot deel van het verhaal hier voor zijn rekening. “Prodigial” lijkt aanvankelijk wat te veel op het eindthema van de voorafgaande song verder te borduren, maar de groovende break iets verderop verandert het gezicht van dit nummer (al is het kortstondig), alvorens terug volop de kaart van snelle Zweedse meloblack te trekken. Naar het einde toe slaat de atmosfeer nogmaals om doordat heldere koorzang, enkel door subtiele percusie vergezeld, het voor het zeggen heeft. Het interessant getitelde “A tribe with no mythology” klokt net boven de twee minuten af en is een energiek recht-door-zee bommetje met snel hakkend drumwerk en staat in schril contrast met het meer atmosferische “Corridors inside a glacier” dat als eerste song gelost werd. “Hadal” bevat in het vocaal departement een gastbijdrage van Andreas Petterson (Armagedda, Stilla), tevens labelbaas van Nordvis Produktion dat zijn schouders onder Over The Voids… zette. En zo is de cirkel rond, want the Fall drumde Armagedda’s comebackplaat “Svindeldjup ättestup” in. Behalve in de akoestische afsluiter, begeeft The Fall zich quasi nergens op dun ijs want er wordt geen genreafwijkend gedrag vertoond. Desalniettemin is”Hadal” een sterke schijf die – net als de stalagtieten op het cover artwork – druipt van de passie en genegenheid voor het zwarte genre.

JOKKE: 82/100

Over The Voids… – Hadal (Nordvis Produktion/Malignant Voices 2020)
1. The pillar
2. One commandment
3. In the great war of nothing
4. Witchfuck
5. Stone vault astronomers
6. Prodigal king
7. A tribe with no mythology
8. Corridors inside a glacier
9. Thin ice

Vital Spirit – In the faith that looks through death

En de award voor ontdekking van de maand gaat naar Vital Spirit, een spiksplinternieuwe band waarachter echter twee mannen met heel wat ervaring schuilgaan. Zanger/gitarist/bassist Kyle Tavares (o.a. Seer en live muzikant voor Wormwitch) en drummer Israel Langlais (o.a. Wormwitch) deden muzikale inspiratie voor dit nieuwe project op tijdens de Amerikaanse tourns van Wormwitch in 2018 en 2019 en werden daarbij sterk beïnvloed door de landschappen en geschiedenis. Het fijne aan “In the faith that looks through death” is niet alleen het prachtige hoesontwerp maar ook dat deze EP met een speelduur van slechts 17 minuten in staat is een frisse wind doorheen het black metal landschap te laten waaien, een broeierig hete woestijnwind wel te verstaan want de winderige invloeden van het Wilde Westen zijn alom vertegenwoordigd in de zwartmetalen basis van de vier nummers. Zo lijken de gitaarmelodieën regelrecht uit één of andere jaren ’60 Spaghetti Western film te zijn geplukt. De sfeer die de muziek uitstraalt past dan ook perfect bij thema’s zoals Mayaanse kosmologie en geschiedenis, de rol van Pancho Villa (ook wel de Centaur van het Noorden genoemd) in de Mexicaanse revolutie en Wovoka’s Ghost Dance, een eeuwenoud spiritueel ritueel bij Indiaanse stammen in de VS. Tekstuele inspiratiebronnen vormen de woorden van Wovoka, Patti Smith, de Mayaanse orakelpriester Chilam Balam, Townes Van Zandt en de corridos (Mexicaanse muziekstijl waarin de daden van helden of criminelen bezongen worden) van de Mexicaanse Revolutie. Het verweven van die Spaghetti Western invloeden voelt nergens geforceerd aan maar vloeit op een interessante manier over in de felle black metal van het duo. Vital Spirit’s muziek is als een cocktail aan muzikale invloeden waarin namen als de recent overleden Ennio Morricone, Taake, Earth, Ulver, Marty Robbins, Dissection, Drudkh en Wovenhand hoorbaar zijn. “Harrowing ballads imbued with the enduring spirit of the Americas” noemen ze het zelf. Écht vernieuwend is het mengen van Americana en Spaghetti Western met black metal niet want een Volahn en andere Black Twilight Circle bands, een Cobalt of Devil With No Name gingen Vital Spirit al voor, maar nog nooit hoorde ik zo’n perfecte blend waarbij kippenvel 17 minuten lang gegarandeerd is. “In the faith that looks through death” is de eerste release op Tavares’ eigen label Hidden Tribe Records. Het wordt een tape waarop ik als een bezetene ga jagen. Vendetta zal de vinylrelease later op het jaar verzorgen. ¡Viva la revolución!

JOKKE: 85/100

Vital Spirit – In the faith that looks through death (Hidden Tribe Records/Vendetta Records 2020)
1. Heart of sky
2. Centaur
3. Face of the sun
4. Ghost dance

Dkharmakhaoz – Proclamation ov the black suns

Dkharmakhaoz is de ietwat vreemde naam van een nieuwe mysterieuze entiteit uit Wit-Rusland. Het duo met blauw-rood geverfde smoelwerken en lederen vesten geeft aan beïnvloed te zijn door de melodieuze bands die ooit deel uitmaakten van de No Fashion stal. Ik denk dan meteen aan Zweedse oudstrijders zoals Dissection, Dark Funeral, Throne Of Ahaz, Lord Belial en consoorten. Ik hoor echter niet meteen een overduidelijke invloed van één van deze namen terug in de zeven nummers die samen “Proclamation ov the black suns” vormgeven, of het moeten de screams zijn die wat aan de strot van Naglfar’s Olivius doen denken, een band die ook perfect in het voorgaande rijtje zou thuishoren. Dit debuut ademt eerder een post-apocalyptische sfeer uit, in de eerste plaats door de moderne sound en industrial-atmosfeer die de gespierde en robuuste laaggestemde riffs en ronkende basgitaar creëren. Het is een sound die ik ook niet meteen aan Iron Bonehead zou linken eerlijk gezegd, maar kijk. De bijwijlen simultane mannelijke en vrouwelijke vocalen in opener “The cycle ov omega” doen me haast geloven dat hier een robot aan het werk is. Leuk effect! Het dynamische “The way with the serpent entwined” werd als promonummer gekozen en vat de gebalde post-moderne sound van Dkharmakhaoz mooi samen. Het logge “Beyond the transcendental lumines” groovet lekker weg met zijn headbangbreaks en doet me zelfs wat aan oude Korn en Rammstein denken, op de black metal-stem na dan. Het titelnummer hakt er daarna met zijn vurige openingsriffs en blastbeats des te harder op in, maar verkent later opnieuw tragere regionen. Spacey keyboards en melodieuze leads vergezellen de beukende mid-tempo riffs en dubbele basroffels en voegen een levitatie-effect toe aan de dichtgeplamuurde geluidsmuur die gevoelens van angst en duisternis opwekt. “Chtonic rites ov fertility” klinkt met zijn progressievere elementen en spacey leadgitaar dan weer als de black metal-variant van het latere werk van ons eigenste In-Quest. Dat geldt ook voor het wat hoekerige, met tal van ambient-interludes, atonale riffs en bevreemdende vrouwenzang doorweven “Ascension“, misschien wel de moeilijkst te behappen brok muziek op “Proclamation ov the black suns“. “Reu nu pert em hru” klinkt toegankelijker dan de vreemde titel doet vermoeden en het is heerlijk meesurfen op de vloedgolven aan beukriffs en rollende basdrums. Avontuurlijke en verfrissende plaat!

JOKKE: 81/100

Dkharmakhaoz – Proclamation ov the black suns (Iron Bonehead Productions 2020)
1. The cycle ov omega
2. The way with the serpent entwined
3. Beyond the transcendental lumines
4. Proclamation ov the black suns
5. Chtonic rites ov fertility
6. Ascension
7. Reu nu pert em hru

Voodus – Open the otherness

Was ik twee jaar geleden door de overdreven Watain en Dissection invoeden té kritisch voor de debuutlangspeler “Into the wild” van het Zweedse Voodus? Misschien…met deze nieuwe EP “Open the otherness” doet de band een nieuwe verwoede poging mij te overtuigen. Twee tracks prijken er op dit kleinood. Met een totale speelduur van 24 minuten bieden die enerzijds waar voor je geld, maar één van de kritiekpunten op de langspeler was dat de muzikale hersenspinsels soms te langdradig waren. Vallen de heren opnieuw in deze valkuil? Aangezien er muzikaal gezien heel wat gebeurt op deze EP valt dat eigenlijk best mee. Dat waar menig band een ganse plaat voor nodig heeft, etaleert Voodus in één enkel nummer. Zo wordt het verhaal van de titeltrack verteld middels klassieke doom metal, clean gitaargetokkel, héél lang uitgesponnen epische melodieuze gitaarleads en energieke Zweedse black metal, nog steeds met de duidelijk hoorbare referenties. De toegankelijkheid is er ook nog steeds, zeker daar de écht vervaarlijke passages nog steeds in de minderheid zijn, vooral in het heel melodieuze titelnummer. In “Pillars of fire” trekt het kwartet aanvankelijk wat zwaarder van leer, hoewel er ook hier heel veel aandacht aan melodieuze riffs en leads besteed wordt, het gaat bij momenten zelfs haast de Pink Floyd toer op alvorens de heavy metal solo er een eind aan maakt. Al bij al is er dus niet veel veranderd ten opzichte van de voorganger, maar ik ben in een gullere bui voor deze EP aangezien de aandacht hier beter behouden kan blijven dan op een plaat van meer dan een uur van deze heren. Koop deze plaat niet op basis van de stoer uitziende bandfoto’s want je zou wel eens bedrogen kunnen uitkomen.

JOKKE: 77/100

Voodus – Open the otherness (Regain Records/Shadow Records 2020)
1. Open the otherness
2. Pillars of fire

Alasthor – Mahapralaya

Alasthor is een black metal band uit Bergen, niet het Noorse stadje, maar het Waalse, en is actief sinds 2013. Omdat er al een dozijn bands met de naam Alastor rondliep, besloten de heren WxTen en Styx een “h” aan de weinig originele bandnaam toe te voegen. Spijtig genoeg lijdt de muziek van het duo eveneens aan een gebrek aan inspiratie want wat Alasthor op diens derde EP “Mahapralaya” laat horen klinkt als dertien in een dozijn snelle black. Ze strooien zelf namen als Marduk, Arkhon infaustus, Dissection, Gorgoroth, Funeral Mist, Nargaroth, Watain en Mgła in het rond maar dat is puur aandachttrekkerij want het melodieuze aspect van een Dissection, de ijskoude sound van een Gorgoroth, de schwung van een Mgła of de orthodoxe aanpak van een Funeral Mist hoor ik hier absoluut nergens in terug. In een Marduk of bv. Thy Primordial kan ik dan nog deels inkomen omdat Alasthor’s zwartmetaal wel enkele Zweedse trekjes vertoont en de (geprogrammeerde?) drums bij wijlen tegen 300 per uur razen. De hese scream van Styx klinkt – op een sporadische diepere grunt na – vrij eentonig ook al spuwt deze de Left Hand Path-teksten uit van collega WxTen die een auteur is verbonden aan Fall Of Man publishing die naar eigen zeggen weet waar hij het over heeft, een ritueel beoefenaar van het sinistere pad is en zijn teksten even serieus neemt als zijn muziek. WxTen verzorgde ook alle opnames, en hoewel we een DIY-aanpak toejuichen, klinken de opnames vrij zielloos. Geef me dan maar de iets meer snerpende en verwrongen sound van de vorig jaar verschenen EP “Ascension of rage“. Al wat Alasthor tot dusver uitbracht, gebeurde in eigen beheer. Ik vrees dat dit nog wel een tijdje zo zal blijven, want wat de heren laten horen spring nergens boven de middelmaat uit. Het gebrek aan een eigen smoelwerk, songs die blijven hangen en memorabele riffs, resulteert dan ook in een clichématige eindscore.

JOKKE: 66/100

Alasthor – Mahapralaya (Eigen beheer 2020)
1. Possessed by the goddess
2. Riders of the dark scales
3. Nahash
4. Neuronal injection

Helfró – Helfró

Wie denkt dat de output qua IJslandse black metal stilaan aan het uitdoven is, is eraan voor de moeite want te pas en te onpas blijven er nog nieuwe orkestjes door de geisers uitgespuwd worden. Helfró is er zo eentje. Het creatief duo achter deze nieuwe band bestaat uit zanger, gitarist, bassist Halldor Simon Thorolfsson (Ophidian I) en zanger/drummer Ragnar Sverrisson (o.a. Ophidian I, Atrum en ex-live drummer voor Svartidauði en het Zweedse Valkyrja) waarbij Ragnar de acht nummers schreef en Simon het zaakje verder arrangeerde. Typisch IJslands klinkt Helfrò echter niet want de eerste nummers druipen van het Dark Funeral worship. Ragnar mept tegen onmenselijke snelheden zijn drumkit aan frennen en de riffs en bijtende screams snijden door merg en been. Toch flitsen er ook adembenemende tremolo’s door al het geweld heen. Na drie schedelsplijtende nummers zorgt het mid-tempo “Þegn hinna stundlegu harma” aanvankelijk voor wat ademruimte, maar naarmate het nummer vordert willen de muzikanten de handen en voeten losgooien om opnieuw snelheidsrecords op te zoeken. Extreme metal op steroïden is dit! Af en toe wil het duo ook laten zien dat ze technisch erg sterk en onderlegd zijn, maar gelukkig wordt hier niet in overdreven. “Þegn hinna stundlegu harma” ademt mede dankzij de diepere hese zang iets meer death metal uit en bevat een heerlijk keyboardmelodietje dat klinkt alsof ijskoud water van stalactieten druppelt. “Hin forboðna alsæla” valt dan weer positief op door de theatrale heldere zang die hier ingezet wordt en het nummer een bombastische insteek geeft. “Katrín” flirt opnieuw met death metal en bevat ook wat meer modern klinkende riffs hoewel er ook naar heldere vocalen teruggegrepen wordt. Afsluiter “Musteri agans” lijkt aanvankelijk de Dissection-erfenis aan te boren, maar vervalt al snel in übersnelle thrashy gitaarriffs die liefhebbers van een 1349 ongetwijfeld zullen bekoren. Zoals menig IJslandse black metal-band hen voordeed, trok het duo voor de opnames de Studio Emissary van Stephen Lockhart in. Die voorzag dit debuut van een kraakheldere sound waardoor alle gewelddadigheden perfect te volgen blijven. Helfró levert met diens gelijknamige debuut een plaat af die de ijskoude en barre desolate atmosfeer van thuisland IJsland perfect weet te capteren, niet zozeer door dissonante maalstromen maar middels frostbitten tremolo-riffwerk. Snelheidsmaniakken moeten hier gewoon toeslaan.

JOKKE: 82/100

Helfró – Helfró (Season Of Mist 2020)
1. Afeitrun
2. Ávöxtur af rotnu tré
3. Eldhjarta
4. Þrátt fyrir brennandi vilja
5. Þegn hinna stundlegu harma
6. Hin forboðna alsæla
7. Katrín
8. Musteri agans

Necrowretch – The ones from hell

Naar mijn weten is Frankrijk een land met toch wel wat talent als het op extreme metal aankomt. Een hoop steengoede death en black metal bands van alle strekkingen die vaker weten te verrassen dan teleur te stellen. Vooroordeel of niet, het heeft in elk geval mijn verwachtingen van het voor mij voordien onbekende Necrowretch en hun vierde full length “The Ones from hell” ingekleurd. Dommage…Met een bandnaam als Necrowretch kan je eigenlijk al denken dat de muziek behoorlijk wat old school invloeden zal hebben en jawel, het gaat hier wel degelijk om muziek gehaald uit een met thrash/black/death gevulde, voor Vaderdag in een jaren tachtig basisschool gemaakte, asbak. Snelle, typische gitaarriffs, ambivalente solo’s en wat willekeurig getier worden vergezeld van enthousiaste drums, die er ongelukkigerwijs soms een fractie “naast” zitten. Spitsafbijter “Pure hellfire” vind ik, op enkele lead riedeltjes na, rotzooi. Een muzikale belichaming van waarom ik niet vaak naar dit genre luister. Dit verandert pas lichtjes als we bij het derde nummer en titeltrack “The ones from hell” aankomen. Hier horen we de meer black metal kant van Necrowretch en daar slaagt de band iets beter in om te overtuigen. Het nummer doet me zelfs denken aan vroege Dissection. Er wordt op dit elan niet verder gegaan en de volgende drie tracks zijn wat meer mid-tempo death/thrash. Op bepaalde momenten vind ik het best catchy, maar na heel even verslik me dan toch steeds in de uitvoering, welke naar mijn bescheten mening, niet altijd even geweldig is en sowieso bij elke snellere passage het seizoen van de mist ingaat. De band sluit de plaat met het nummer “Necrowretch” even slecht af als ze begonnen. Het is mijn genre niet per se, dus wil ik niet te hard zijn en een eervolle vermelding geven aan het, om een of andere reden, Chinees aandoende artwork en de gitaarproductie die ok is… maar hoe iemand dit echt spectaculair goed kan vinden is me een raadsel.

Xavier: 68/100

Necrowretch – The ones from hell (Season Of Mist 2020)
1. Pure hellfire
2. Luciferian sovranty
3. The ones from hell
4. Absolute evil
5. Codex obscuritas
6. Darkness supreme
7. Through the black abyss
8. Necrowretch

Bythos – The womb of zero

Perkele!” nog aan toe, wat een fijn orkestje krijgen we hier nu weeral voorgeschoteld door Terratur Possessions! De heren M.S. (zang), M.L. (gitaar en bas) en L.R. (drums) besloten de – voor deze gelegenheid onbekladde – koppen samen te steken en Bythos op te richten, waarvan de naam ontleend is aan de gnostiek waarin een pleroma de benaming voor de volheid, de structuur en verblijfplaats van de goddelijke wereld voorstelt. In het pleroma van gnosticus Ptolemaeus is er sprake van een volmaakte eon die het ‘Oerbegin’, de ‘Oervader’ of ‘Diepte’ (‘Bythos’) wordt genoemd. Deze Finse geweldenaars mikken op het resetten van de goddelijke plannen door vernietiging: schoonheid in vernietiging, vernietiging in schoonheid. Het trio houdt er nevenactiviteiten bij Behexen, Sargeist, Horna en Ajattara op na, maar heeft toch bestaansrecht naast deze gekende Finse blekkies. Bythos’ sound is immers niet zo Fins als verwacht werd, maar bevat veeleer elementen uit Noorse en vooral Zweedse black. Bovendien werd gekozen voor een krachtige en meer moderne productie wat de nummers meteen ook toegankelijker maakt. Nu niet om te zeggen dat de negen songs op debuutplaat “The womb of zero” mainstream klinken, maar ze happen toch gemakkelijker weg dan het materiaal van hun andere bands. Wat opvalt is dat de muziek van een nummer goed aansluit bij diens thematiek. Zo klinken de lofbetuigingen aan duistere figuren als Sorath en Lucifer dankzij de energieke meebrulrefreinen of sacraal aandoende gezangen heel krachtig en ecstatisch. Songs als de bezwerende opener “Black labyrinth” en het met subtiele keyboards en een melodieuze solo doorspekte “Call of the burning blood” slagen er dan weer in om een gevoel van beklemmende wanhoop te doen binnen komen. “When gold turns into lead” barst van het magnifiek melodieus gitaarwerk waarin de invloed van een band als Dissection hoorbaar is. De zanglijn volgt de melodie braafjes wat het een heel toegankelijk nummer maakt. “Omega dragon” kent een stuwende rock-beat en zet onherroepelijk aan tot meebrullen met het heldere zangkoor dat meermaals opduikt. “Legacy of Naahmah” wordt afgesloten met ingetogen akoestisch gitaargetokkel waarna het eerder berustende “Destroyer of illusions” je meevoert op diens meanderend melodieus gitaarspel. De vocalen die over de tremolo-riffs bulderen zijn licht vervormd en vormen een mooi contrast met de goed in het gehoor liggende gitaarharmonieën. De vernietigingsdrang van het goddelijke komt middels “Luciferian dawn” tot een einde. Met zes en een halve minuut speeltijd is het de langste compositie die “The womb of zero” telt waarbij akoestische gitaren er een sereen einde aan breien. Blastbeat fanatiekelingen zullen op hun honger blijven zitten, want ik heb er gedurende drie kwartier geen enkele geteld. “The womb of zero” is een uitermate geslaagd debuut dat het moet hebben van diens prachtig gitaarwerk en aanstekelijke, veelal meebrulrefreinen.

JOKKE: 85/100

Bythos – The womb of zero (Terratur Possessions 2020)
1. Black labyrinth
2. When gold turns into lead
3. Sorath the opposer
4. Omega dragon
5. Call of the burning blood
6. Hymn to Lucifer
7. Legacy of Naahmah
8. Destroyer of illusions
9. Luciferian dawn

Trespasser – Чому не вийшло?

Politiek in muziek. Ik denk te mogen stellen dat de gemiddelde muziekliefhebber zijn of haar muziek het liefst politiekvrij heeft, hoewel de meesten een protestsong op tijd en stond wel kunnen waarderen. Er lopen echter tal van bands rond die hun muziek gebruiken om tal van politieke pijnpunten aan te kaarten. Binnen het wereldje van de extreme klanken zijn er aan beide uiteinden van het spectrum ook bands te vinden die hun politieke opvattingen middels hun muziek aan de man willen brengen. Aan de rechtse kant heb je NSBM en lijnrecht tegenover deze nationaalsocialistisch gezinde zielen staat de RABM-beweging wat staat voor Red and Anarchist black metal. Beide extremen clashen van tijd tot tijd, zeker als Antifa zich (te pas en te onpas) bemoeit. De meningen over dit fenomeen laat ik over aan de internet warriors onder ons. In het geval van de Zweed XVI en zijn band Trespasser is zijn muzikale uitlaatklep heel sterk politiek geïnspireerd. Gevoed door teleurstellingen in het fascistisch gedachtegoed van veel van zijn favoriete bands en het ontbreken van brutaliteit en muzikaal vakmanschap van veel van de ‘linkse’ spelers richtte de Zweed met een jarenlange achtergrond in de punk-scene in 2017 Trespasser als soloproject op. Al snel besloot hij echter zanger Dräparn aan de rangen toe te voegen (wat een uitstekende zet was op basis van zijn strot die we hier te horen krijgen) en na drie demo’s ziet de eerste langspeler “Чому не вийшло?” nu het levenslicht. De stijl van de zeven nummers die het debuut telt, beschrijft de muzikant als ‘anarchastische blastbeat mayhem’. Hoewel de sound overduidelijk als black metal omschreven kan worden, neemt XVI die term zelf niet in de mond aangezien hij walgt van de ego-worshipping en de quasi-spirituele rituelen waarachter veel black metal-bands zich verschuilen. Soit, de voornaamste inspiratiebronnen voor Trespasser’s muziek waren Marduks’ “Frontschwein“, Dissection’s “Storm of the light’s bane” en “Pure holocaust” van Immortal. Van die eerste twee is dat absoluut niet gelogen. Razendsnelle door blastbeats gevoede partijen, hondsbrutale vocalen, wat oorlogssamples dabei: de Zweedse pantserdivisie loert in pijlsnelle nummers als “Tachanka” en “The execution of Grigoriev” om de hoek. In de melodische stukken zoals de openingsklanken van “Hunted like wolves” leeft de geest van Jon Nödtveidt dan weer onmiskenbaar voort. De invloed van the sons of northern darkness is minder voor de hand liggend. De zeven nummers vliegen aan een rotvaart voorbij maar gelukkig kennen songs als het met-akoestische-gitaren-doorspekte “Death to fight death“, afsluiter “Miscreant dawn” en het met-plechtige-gezangen-doorspekte “To the barricades” ook de nodige mid-tempo passages. Thematisch gezien handelt de plaat over de geschiedenis van anarchisme en de ideeën van Nestor Ivanovitsj Machno, een Russische (Oekraïense) partizanenleider en volksheld die tijdens de Russische Burgeroorlog als leider van het Zwarte Leger, onder anarchistische vlag, streed aan wisselende fronten tegen wisselende vijanden. Ondertussen is de band door toevoeging van drummer Леопольд, bassist Upiór en gitarist Gyða Hrund ook klaar om live dood en anarchie te zaaien. “Чому не вийшло?” is een plaat waarvan het politiek statement wellicht groter is dan het muzikale doordat de invloeden er wat té dik bovenop liggen. Desondanks een erg effectieve, agressieve, maar niet-rechtlijnige black metal-plaat.

JOKKE: 80/100

Trespasser – Чому не вийшло? (Heavenly Vault Records 2019)
1. Hunted like wolves
2. Black flags on a blood-red horizon
3. To the barricades
4. Death to fight death
5. Tachanka
6. The execution of Grigoriev
7. Miscreant Dawn