gilead media

Yellow Eyes – Rare field ceiling

Hoewel de bakermat van Yellow Eyes de miljoenenmetropool New York City is, klinkt de muziek van het kwartet verreweg van urbaan of industrieel. Integendeel, bij Yellow Eye’s black metal passen eerder de adjectieven ‘organisch’ en ‘natuurlijk’. Voor het schrijven van de plaat trok gitarist Sam Skarstad zich – zoals gewoonlijk – twee maanden terug in een cabin in the woods in Connecticut, ver weg van het hectische leven. In complete afzondering kregen de songs hier vorm waarbij talrijke veldopnames aan de composities toegevoegd werden. Op voorganger “Immersion trench reverie” uit 2017 werd deze werkwijze reeds gebruikt, maar op het nieuwe “Rare field ceiling” is er nog meer plaats voor allerlei in de natuur opgenomen geluiden. In de nasleep van het optreden tijdens Roadburn en Doom Over Leipzig, bezochten de vier muzikanten – naast de Skarstad broers is de line-up met drummer Michael Rekevics (Vanum, Vilkacis, Fell Voices) en bassist Alexander DeMaria (Anicon) identiek aan die van de vorige plaat – vorig jaar nog een zevental landen met het oog op het vastleggen van allerlei veldopnames. Zo bevat “No dust” geluiden die in Siberië vastgelegd werden en wordt er naar het einde toe ook gemusiceerd op een door de bassist zelfgemaakte zither, een snaarinstrument waarbij de klankbodem bespannen is met één of meerdere snaren. Het einde van de albumopener wordt dan weer ingekleurd door vrouwelijke Russische koorzang. De veldopnames vinden hun culminatie echter in de zes minuten durende afsluiter “Maritime flare” waarbij ze, in combinatie met dronende gitaargeluiden en een minimalistisch melodiemotief, een somber en desolaat gevoel uitdragen dat nog aangescherpt wordt door de getormenteerde screams van Will Skarstad. De sound van “Rare field ceiling” is scherp, wrang, schel, bijtend en iel waarbij de ijle krijszang in de muziek verweven zit en voortdurend lijkt te moeten opboksen tegen de muzikale storm die er rondom heen plaatsvind. “Warmth trance reversal” start met een knoert van een black metal-riff maar zoals we van Yellow Eyes gewend zijn, gaat hun black meermaals alle richtingen uit. In haar meest progressieve momenten duiken bands als Ved Buens Ende en Fleurety als referentie op maar er wordt ook met dissonanten gegoocheld. De zes lange songs zitten complex in mekaar maar weten te begeesteren. De triomfantelijk klinkende gitaarmelodieën in “Light delusion curtain” overmannen je met een gevoel van majestueusheid en een zekere romantiek. Haaks hierop staan de vervreemdende waanzin en ijskoude duisternis die o.a. in het chaotische en uit messcherpe riffs opgetrokken “Nutrient painting” geëtaleerd worden. Het titelnummer start met een simpele punky drumbeat, maar schakelt verderop naar galopperende ritmes over en ontpopt zich eveneens tot een complexe song. Yellow Eyes heeft zichzelf op “Rare field ceiling” weten te overtreffen en levert een avontuurlijke plaat af voor fans van allesbehalve rechtlijnige en gemakkelijk verteerbare black. Een plaat die de volle aandacht vraagt om geabsorbeerd te worden.

JOKKE: 85/100

Yellow Eyes – Rare field ceiling (Gilead media 2019)
1. Warmth trance reversal
2. No dust
3. Light delusion curtain
4. Nutrient painting
5. Rare field ceiling
6. Maritime flare

Eigenlicht – Self-annihilating consciousness

Wie bij de bandnaam Eigenlicht aan een Belgische of Nederlandse band denkt, komt bedrogen uit. De bakermat van Eigenlicht valt immers aan de overkant van de Grote Plas te situeren, meer bepaald in de donkere, overweldigende en mysterieuze bossen van Olympia, Washington. Deze geografische oorsprong, in combinatie met de achtergrond van de leden in bands als Fauna, Skagos en Sadhaka geeft dan ook meteen aan in welke hoek we de black metal van deze dames en heren moeten situeren: atmosferische USBM. Aan debuut langspeler “Self-annihiliating consciousness” ging drie jaar geleden de EP “Sacral regicide” vooraf en het moet gezegd worden dat er sindsdien de nodige vooruitgang werd geboekt. De composities klokken nog steeds boven de elf minuten af maar klinken overtuigender en pakkender en de verschillende gemoedstoestanden die in de lang uitdijende songs geëxploreerd worden, lopen vloeiender in mekaar over. De grote stappen die op productioneel vlak gezet werden, zijn hier eveneens debet aan. Zoals de titel suggereert schuilt er een diepere gedachtegang achter “Self-annihilation consciousness“, namelijk de exploratie van kennis en zelfontplooiing. Zelfreflectie en meditatie worden opgewekt via de tweestrijd tussen enerzijds etherische klanken die vaak een meditatief karakter hebben en anderzijds majestueuze en atmosferische black metal partijen die door de nodige synth-onderstroom meer body krijgen. In het indrukwekkende epos “Hagia Sophia” creëren orgelklanken zelfs een sacraal aandoende sfeer. Af en toe passeert er ook een fluit, maar laat je daar vooral niet door afschrikken. En hoewel met haar zalven-en-slaan aanpak het warm water zeker niet opnieuw uitgevonden wordt, weet Eigenlicht toch best een eigen smoelwerk te creëren met haar experimentele kijk op USBM. Op vocaal vlak valt er heel wat te beleven, want afhankelijk van de emotie die in de muziek vertaald wordt, horen we grunts, screams of cleane vocalen, maar enkel indien de muziek erom vraagt. En of het nu via beklijvende black metal uitbarstingen, meer doom-getinte passages of de epische proporties aannemende en klassiek getinte start van “Deifugal force” is, Eigenlicht weet steeds de gevoelige snaar te raken. Interessante plaat voor de avontuurlijke black metal liefhebber.

JOKKE: 81/100

Eigenlicht – Self-annihilating consciousness (Gilead Media/I, Voidhanger Records 2018)
1. There lies already the shadow of annihilation
2. Hagia Sophia
3. Labrys
4. Deifugal force
5. Berserker

Yellow Eyes – Immersion trench reverie

De nieuwe vierde plaat van Yellow Eyes was bijna door de mazen van het net geglipt en dat zou heel spijtig geweest zijn, want ik smaak deze band rond de broers Will en Sam Skarstad wel. Net zoals op voorganger “Sick with bloom” zit drumbeest Michael Rekevics  (Fell Voices, Vanum, Vilkacis, Vorde, …) nog steeds op de drumkruk en de bass-snaren worden gegeseld door Alex DeMaria (Anicon, Obaku). De band heeft er recent een korte Europese doortocht met het Duitse Ultha opzitten, waarbij ik ze spijtig genoeg niet aan het werk kon zien. Hopelijk lukt dat bij hun volgende passage wel. Om inspiratie op te doen, trokken beide broers een maand naar Siberië. De winterse geluiden verbonden aan deze geïsoleerde regio hebben hun sporen duidelijk nagelaten in het geluid van “Immersion trench reverie“, de plaat die hieruit volgde. Zo horen we in de ijl klinkende USBM van opener “Old alpine pang“, het begeesterende mid-tempo startende “Shrillness in the heated grass“, de titeltrack en het tien minuten durende “Jubilat” ondermeer Russische flat bells terug. Ruw, somber, desolaat en grauw beschrijven de black metal van het kwartet het best met “Velvet on the horns” als extreme uitschieter. Hoewel er enkel ruimte lijkt te zijn voor verschillende zwart- en grijsschakeringen wordt het einde van “Blue as blue” en “Shrillness in the heated grass” ingekleurd met harmonieuze gezangen van een vrouwenkoor dat in een Siberisch stadje opgenomen werd en in de titeltrack maakt het geblaf van wilde honden haar opwachting. Het zijn deze elementen en het gebruik van akoestische gitaarpassages die nog nét dat tikkeltje meer sfeer weten creëren en van “Immersion trench reverie” de beste Yellow Eyes-release tot op heden maken.

JOKKE: 83/100

Yellow Eyes – Immersion trench reverie (Gilead Media 2017)
1. Old alpine pang
2. Blue as blue
3. Shrillness in the heated grass
4. Velvet on the horns
5. Immersion trench reverie
6. Jubilat

False – Untitled

Het Amerikaanse Gilead Media heeft de afgelopen jaren een goede reputatie opgebouwd als kwaliteitslabel aangaande US black, death, drone, post or whatever metal. Ze brachten immers releases uit van Fell Voices, Thou, Ash Borer, Barghest, Krallice, Inter Arma, Minsk, Alraune en nog meer van dat lekkers. Een niet te vergeten underground parel uit de Gilead Media stal is False. Wie het label volgt zal de uitstekende split met Barghest en de daaropvolgende EP wel kennen. Nu is het tijd voor het echte werk en is de eerste langspeler een feit. Het ding een naam geven, vonden ze blijkbaar niet nodig, want net zoals de vorige titelloze EP, draagt ook de nieuweling de uiterst creatieve titel “Untitled”. Het lijkt wel alsof het sextet hun creatieve ei al genoeg kwijt kon in de muziek (want met speelduren van negen tot vijftien minuten, valt er heel wat te beleven in de vijf songs,) en daardoor geen inspiratie meer over had voor een gepaste titel. Of ze laten het op deze manier voor de luisteraar open zodat hij of zij een eigen invulling aan de thematiek van de plaat kan geven. Wie het vorige werk kent weet dat de sound van False wel een héél vette knipoog is naar het Noorse Emperor. Hun bijdrage op de split met Barghest is pure onversneden “In the nightside eclipse” black. Hoewel de invloeden er op de daaropvolgende EP wat minder dik oplagen, doet aftrapper “Saturnalia” wel meteen een link leggen naar de Noorse keizers maar dan ten tijde van “Anthems to the welkin at dusk”, want deze song kent veel gelijkenissen met de knallers “Ye entrancemperium” en “The loss and curse of reverence”. Op de rest van de plaat wordt de Emperor adoratie wat subtieler aan de man gebracht. In de line-up van de band huist een vrouw, maar de onwetende luisteraar zal nooit verwachten dat die achter de microfoon staat. Mijn god, wat klinken de vocalen van frontvrouw Rachel heftig, hoewel ik ze hier wel monotoner en dieper vind klinken dan op het oudere werk. Daar waar False in het verleden wel al eens langdradig durfde zijn, is er nu meer afwisseling in de songs ingebouwd. Door de lange speelduur, maakt dit het dan weer geen gemakkelijke rit maar elke luisterbeurt ontdek je weer nieuwe lagen of sounds in het groter geheel (hoedje af voor klanktovenaar Kishel). Zo vormen de titeltrack (absurde woordkeuze in dit geval), hoewel soms wat chaotisch, en het triomfantelijke “Hedgecraft” de absolute hoogtepunten van de plaat. Chapeau trouwens ook voor het fascinerende artwork van de hand van Nicole Sara Simpkins. Fans van Emperor of licht symfonische black metal in het algemeen, moeten False zeker eens uitchecken. You will not be disappointed!

JOKKE: 81/100

False – Untitled (Gilead Media 2015)
1. Saturnalia
2. The deluge
3. Untitled
4. Entropy
5. Hedgecraft