grifteskymfning

Grifteskymfning – Satanic poltergeist

Nicklas Johan Lingvall, beter gekend als Sir N. heeft er een erg productief jaar op zitten. Met Grifteskymfning katapulteerde hij twee gesmaakte langspelers de kosmos in, met Reverorum Ib Malacht werd de experimentele kuitenbijter “Vad är inte sju huvud?” uitgebracht en verder debuteerde hij nog met een eersteling van Draug. Alsof dat allemaal nog niet genoeg was om een jaar lang de tanden in te zetten, presteert de Zweed het om tijdens de allerlaatste dagen van dit bizarre jaar nog twee releases uit te poepen, opnieuw onder de noemer Grifteskymfning. Enerzijds is er de “Malignant morningstar” langspeler die met 80 minuten speeltijd een erg vette kluif geworden is en als toetje is er nog deze “Satanic poltergeist” demo die op een half uur afklokt en dus ook waar voor zijn geld biedt. Maar zelfs als het een EP met slechts één van de vier nummers zou zijn, zou ik nog tot aanschaf overgaan want van deze muzikale uitspattingen worden we enorm blij. Het ding werd opgedragen aan Belial en de eigen geweldige “Likpsalm” demo (uit 2011 alweer), maar de productie is er wel op vooruit gegaan. Deze demo en de langspeler zijn trouwens de eerste releases waarop Engelstalige songtitels prijken. Sir J en Sir S zijn er ondertussen niet meer bij, maar Sir N word bijgestaan door Nohr die op de andere platen die dit jaar uitgebracht werden de vocalen, drums en basgitaar voor zijn rekening nam en waarmee de Zweed ook in Grav, Draug en Svartrit collaboreert. Op deze demo opereert hij als zanger/drummer en Sir N neemt alle snaren voor zijn rekening. “Supersonic demonic vortex” is al meteen een meer dan 10 minuten durende satanische hoogmis met snerpende, doch atmosferische black ondersteund door subtiel toetsenwerk, krachtig drumspel en frivole basloopjes, helse screams en sporadische heldere vocalen. Dit is hoe ik mijn zwartmetaal het liefst geserveerd krijg! De beginriff van het titelnummer klinkt wat meer verwrongen en heeft een folky insteek waarna Sir N. overschakelt op cleane gitaren om ons meteen daarna met een heerlijk slepende lead volledig in te pakken. Ook verderop in het nummer volgt nog heel wat melancholische en emotionele geladenheid. Het maakt van “Satanic poltergeist” een song met een totaal ander gezicht dan de opener, maar beide insteken kunnen hier op heel wat bijval rekenen. Enkel het einde is nogal abrupt. Het hieronder te beluisteren “Illumination of astral satanic bridges” komt opnieuw wat venijniger en sneller uit de hoek, maar al gauw ontpopt ook deze compositie zich tot een opus vol nocturnale majestueusheid met een beklijvende finale die nog lang nazindert. “Phantom of everdying fire” beschouwen de heren als een bonustrack, maar is van hetzelfde kaliber als de drie eerste songs. Groots en overrompelend en met een duistere aantrekingskracht! Boem paukeslag! Grifteskymfning katapulteert zich met “Satanic poltergeist” op de valreep nog in mijn eindejaarslijst.

JOKKE: 90/100

Grifteskymfning – Satanic poltergeist (Darker Than Black Records 2020)
1. Supersonic demonic vortex
2. Satanic poltergeist
3. Illumination of astral satanic bridges
4. Phantom of everdying fire

Draug – Irreelle sindelag

Ik zie een oud mevrouwtje dat eenzaam haar laatste adem uitblaast nu ze door COVID-19 geen bezoek kan krijgen in het rusthuis. Ik zie een jong koppeltje voor een klein grafzerkje met houten kruisje instorten op het kerkhof. Ik zie een vrouw met tranen in de ogen het hospitaal verlaten nadat ze van de oncoloog vernomen heeft dat ze nog slechts enkele maanden te leven heeft. Ik zie een man met een touw rond zijn nek op een stoel in zijn keuken staan wankelen nadat zijn bedrijf failliet gegaan is. Ik zie in de gietende regen een doodskist ten grave gedragen worden waarin het stoffelijk overschot van een aan de kou overleden dakloze schuilt die moederziel alleen deze wereld verlaat. Het zijn slechts enkele voorbeelden van de dramatische en hartverscheurende gemoedstoestanden die opdoemen wanneer ik de naald van mijn platenspeler kennis laat maken met “Irreelle sindelag“, de debuutlangspeler van het Zweedse Draug, nadat eerder al twee EP’s en een compilatie verschenen. Achter deze negatieve en miserabele muziek gaan Sir N, die er voorts nog heel wat activiteiten met o.a. Acerbitas, Grav, Grifteskymfning, Hädanfärd, Helgedom, Reverorum ib Malacht en Svartrit op nahoudt en de Deen Nohr schuil, waarmee Sir N, op Raksu na, reeds samenwerkte in Grav, Grifteskymfning en Svartrit. Het duo wordt verder nog bijgestaan door drummer Frater R., gitarist/bassist Conrad en violiste Grevinnan S. De jammerende en klagende vioolklanken zijn trouwens onontbeerlijk in de diepdroevige, terneergeslagen en deprimerende sfeerschepping die hier neergezet wordt. In een nummer als “En legemesløs fødsel” nemen ze de rol van de gitaar bij momenten haast volledig over. Dit is depri en droefgeestig zwartmetaal dat zich tergend langzaamaan vooruit sleept en gestaag onder je huid kruipt met “Vissen eksistens” als absoluut hoogtepunt (of dieptepunt, ’t is maar hoe je het bekijkt). Voor wie een referentiekader wil, kan ik de “Kollaps“-plaat van Manii meegeven. Draug wil niet de meest complexe, snoeiharde of haatdragende blackmetalband op aarde zijn, die rol laten ze aan andere collega’s over. Neen, Draug is het muzikale vleesgeworden equivalent van alle negativiteit, zwartgalligheid, depressiviteit en mistroostigheid die er onder het gedoemde mensenras rondgaat. “Irreelle sindelag” is absoluut geen plaat om vrolijk van te worden of geschikt is voor elk moment van de dag. Ze is wel de ideale soundtrack voor een dag als 1 november.

JOKKE: 81/100

Draug – Irreelle sindelag (Amor Fati Productions 2020)
1. Dage ved galgebakken
2. Absolutte domme
3. Vissen eksistens
4. En legemesløs fødsel
5. Irreelle sindelag
6. Den oplyste sti

Grifteskymfning – Svart materia & Bedrövelsens härd

Eind 2018 werd het toen nog ongetitelde “III” op het YouTube-kanaal van Darker Than Black Records geplaatst, en er na enkele dagen weer afgehaald. “Allez kom zeg, zijn toch geen doeningen?” hoor ik Marcel al zeggen en ik had exact dezelfde reactie, want ik keek zo mogelijk nog harder uit naar nieuw Grifteskymfning materiaal dan naar een eventueel tweede seizoen van Willy’s en Marjetten. Dat laatste is helaas van de baan, maar wat dat eerste betreft hebben we meer chance: een jaar na deze escapades wist de man achter het label ons op het ter ziele gegane en beruchte Nuclear War Now!-forum te vertellen dat er niet één, maar twee nieuwe Grifteskymfning albums het licht zouden zien. Ergens in februari werden die dan eindelijk, uit het niets, online gezwierd en het gat dat ik in de lucht sprong was zodanig groot dat ik waarschijnlijk een nieuwe scheur in de ozonlaag heb gereten. Het was namelijk al van 2011 geleden dat Sir N. ons verblijde met materiaal van zijn project dat in het Oud-Zweeds ‘grafschennis’ heet. In die periode is de bezetting wel wat veranderd, want naast Sir N. krijgen we nu Nohr op zang, bas en drums, die we kennen van ondermeer Grav.

Het eerste van deze twee albums heet “Svart materia” en de naam dekt de lading: melodieuze Zweedse black metal (hoe kan het ook anders?) die voornamelijk voortgaat op het élan van Grifteskymfnings eerste full length “Djavulens Böning”. Voor het eerst krijgt Grifteskymfning hier de productie die het verdient: de gitaren klinken messcherp en doen de melodieus uitgesponnen riffs meer dan ooit tot hun recht komen, en de ‘klik klik klik’-drumsound die het debuut kenmerkte (en waar ik in den beginne absoluut niet van moest weten) wordt achterwege gelaten, met uitzondering van het middenstuk in “Et åndsløst kald”, de ‘officiële’ eerste single die begin dit jaar werd vrijgegeven. Nohrs rauwe, krassende stem completeert de ietwat ruwe doch goed geproduceerde sound, maar het is Sir N. die zoals vanouds de show steelt – luister maar naar de laatste paar minuten van het hierboven vernoemde “III” dat uiteindelijk werd omgedoopt tot “Galgerytter”, meteen de beste riff van het album. De rustiger passages die “Djavulens Böning” zo herkenbaar maakten alvorens te ontaarden in een meeslepende tremolo-riff zijn hier ook alomtegenwoordig, zoals in afsluiter “En afslutning” duidelijk is. Interessant is hoe Sir N. duidelijk op het debuut verder borduurt…

Nog interessanter is dat “Bedrövelsens härd”, album nummer twee, zich van het debuut afkeert en de draad oppikt waar de Zweden die in 2011 lieten liggen met de demo “Likpsalm”, die in tegenstelling tot het debuutalbum veel ruiziger was qua klank en waar hoge leadlijnen minder domineerden tegenover de algemene sfeer. Zo ook bij deze nieuwe telg, waarin de leadgitaar iets minder prominent in de mix zit dan op “Svart materia” het geval is. De drumsound is een pak krachtiger en Nohr’s drumspel stuwt opener “Sorte horisonter” meteen aan een ferm tempo vooruit, en zijn vocals klinken getormenteerder en schizofrener terwijl het tempo doorheen het album opvallend hoger ligt dan op de contemporaire tegenhanger. De nadruk ligt hier, net zoals op de demo, meer op sfeerschepping en songwriting dan dat er gefocust wordt op aparte riffs. Het maakt de songs misschien iets minder onderling herkenbaar, maar het album hangt logischer aaneen en ook de bas komt iets meer tot zijn recht. Ondanks het feit dat we het hier over ondergronds Zweeds zwart metaal hebben zit de plaat vol catchy hooks – de meest memorabele in het voornoemde openingsnummer. Ook de ambient intermezzo’s die we in “Likpsalm” terugvinden keren hier terug.

Heeft Sir N. hier dan twee compleet verschillende albums op eenzelfde dag uitgebracht? Nee, alleen liggen beide in lijn met een specifieke oudere release, wat best een interessante denkoefening is als recensent. Hoewel “Bedrövelsens härd” bij mij meer blijft hangen is “Svart materia” ontegensprekelijk ook een brok kwalitatief spul – enkel liggen de accenten anders. Het is maar wat je voorkeuren zijn, maar in elk geval lijkt Sir N. zijn ex-kompaan-ondertussen-rivaal Swartadauþuz hiermee te evenaren qua niveau gezien beide albums belachelijk goed zijn.

CAS: “Svart materia“: 86/100; “Bedrövelsens härd“: 90/100

Grifteskymfning – Svart materia (Darker Than Black Records 2020)
1. Svart materia
2. Et skridt mod intet
3. Galgerytter
4. Et åndsløst kald
5. Urgabets Skrænter
6. En afslutning

Grifteskymfning – Bedrövelsens härd (Darker Than Black Records 2020)
1. Intro  
2. Sorte horisonter
3. Hadstjerne 
4. Lad ondt spire fra dybet  
5. Monster
6. En jagt på vinger  
7. I skyggen af den æreløse strejfer  
8. Bedrövelsens härd

Reverorum Ib Malacht – Im ra distare summum soveris seris vas innoble

Tijd voor een unicum op Addergebroed! Zoals de naam van deze blog al duidelijk maakt hebben we als nageslacht van het Serpent weinig op met katholicisme – het merendeel van de projecten die hier de revue passeren zijn dan ook uitgesproken adepten van het left hand path, dan wel fervente aanhangers van de Gehoornde. Neem daarbij dan de golf van (meestal misselijkmakend slechte) unblack metal die enkele jaren geleden oprees en even snel weer uitdoofde, en het behoeft geen betoog meer dat het katholicisme, extreme muziek en deze blog niet bepaald hand in hand gaan. Voor een keer maken we echter een uitzondering, en niet in het minst omdat het zevenkoppige gezelschap dat Reverorum Ib Malacht vormt de doos van Pandora heeft geopend en een sonische terreuraanval op de mensheid heeft losgelaten. Meesterbrein Emil Lundin, die ook deel uitmaakt van het eveneens Zweedse Dödfödd, heeft naast zijn rooms-katholieke overtuiging ook een eigenzinnige visie op black metal. Zo werd “De mysteriis dom christi” op de drie gangbare formats (tape, vinyl en CD) uitgebracht waarbij de muziek verschilde van medium tot medium. Hoewel Reverorum Ib Malacht dus tot de meer ‘lichte’ kant van het filosofische spectrum behoort worden de grenzen van het black metalgenre systematisch afgetast: de sound is zo goed als ondoordringbaar en het vergt meerdere luisterbeurten om het nieuwe opus “Im ra distare summum soveris seris vas innoble” te laten doordringen, en nog meer om het werk te proberen doorgronden. Ettelijke gitaarlagen worden over elkaar gedrapeerd, er wordt duchtig met feedback rondgestrooid en de vocalen zijn niet minder dan demonisch. Hiernaast ontpopt Lundin zich ook tot geoefende drummer die niet vies is van wat experimenteren. Het katholieke kantje komt enkel naar boven middels de koorzangen en Latijnse gebeden die hier en daar opduiken. Het werk is dermate condens (“Incompatible molokh”) dat zelfs de geoefende luisteraar zal ondervinden dat het een verre van hapklare brok muziek is. Naast dit soort agressieve kleppers wordt op een nummer als “Cloud of unknowing” meer geteerd op een langzaam opbouwende en dreigende sfeer, die na intermezzo “E va um da” ontaardt in de maalstroom die “Etiam si omnes, ego non” is: een compleet geschifte song die nog maar eens duidelijk maakt hoe onconventioneel deze Zweden te werk gaan (zo werd het album opgenomen met stroboscopen en rookmachines in de studio). Deze dreigende staat van ontaarding wordt enkel versterkt op “(Natten inuti) en tagg som sticker mig, en ängel från satan som misshandlar mig (2 cor 12.7ff)” dat de terugkeer van Sir N. (Dödfödd, Grifteskymfning, Acerbitas, Svartrit, Hädanfärd, Kaos Sacramentum en nog wat projecten) bij Reverorum Ib Malacht inluidt en waarbij hij zijn typische schrijfkunsten bovenhaalt, waardoor het geheel nog eens een Ancient Records-toets meekrijgt. Het nieuwste uitbraaksel van het gitzwarte-maar-gek-genoeg-christelijke Reverorum Ib Malacht is een bijzonder gevarieerd maar moeilijk verteerbaar album, waarover men een half boek kan schrijven (wat Lundin trouwens zelf al heeft gedaan in interviews) en waarbij een review moeilijk kan vatten wat er allemaal te beleven valt. Eén ding staat echter als een paal boven water: wat chaos, extremiteit en (on)luisterbaarheid betreft zoekt Reverorum Ib Malacht de grenzen op, en verlegt ze. En nu we deze week al een hoop negens hebben uitgedeeld, kan er wel nog eentje van af zeker?

CAS: 91/100

Reverorum Ib Malacht – Im ra distare summum soveris seris vas innoble (Annapurna Productions 2018)
1. Intro
2. Where escapism ends
3. Incompatible molokh
4. Cloud of unknowing
5. E va um da
6. Etiam si omnes, ego non
7. Skin without skin
8. (Natten inuti) en tagg som sticker mig, en ängel från satan som misshandlar mig (2 cor 12.7ff)
9. Outro