macabre omen

Acherontas – Faustian ethos

Wandelend occult tattoo-kleurboek Acherontas V. Priest heeft duidelijk geen zittend gat want elk jaar schotelt de Griek ons met zijn Acherontas wel een nieuw album voor. Drie jaar geleden werd met “Ma-IoN (Formulas of reptilian unification)” een trilogie gestart. Hoewel elk Acherontas-album bovengemiddeld goed is, haalden de veelvuldige ambient-intermezzo’s de vaart uit die plaat. Op opvolger “Amarta अमर्त (Formulas of reptilian unification part II)” werden deze niet-metalen klanken echter zo goed als compleet verbannen. Acherontas V. Priest kan zich middels Shibalba blijkbaar voldoende in rituele dark ambient uitleven. Ook op dit laatste deel, dat “Faustian ethos” getiteld werd, trekt de band de lijn van zijn voorganger door. Het songmateriaal dateert dan ook uit de schrijfperiode van “Amarta” maar de nummers werden voor een aparte release opzij gehouden aangezien de thematiek verschilt van de eerste twee delen. “Ma-Ion” en “Amarta” stonden in het teken van respectievelijk de Thelema-filosofie en de Rig-Veda, de oudste van de vier godsdienstige hindoegeschriften die bekendstaan als de Veda’s. De nieuwe plaat handelt over Westerse kunst, filosofie en religie, zwarte magie en de Left Hand Path-ideologie, een invalshoek die ook reeds op de “Chtonic libations” samenwerking met het Zweedse Nåstrond verkend werd. Gek genoeg verschijnt dit derde deel wel niet meer via World Terror Committee maar luidt het de terugkeer in naar het Poolse Agonia Records. De voornaamste line-up wissel die in tussentijd heeft plaatsgevonden is die op de drumkruk waarbij de Italiaanse interimdrummer Gionata Potenti zijn plaats afstond aan de Engelsman Dothur aka Tom Vallely die we kennen van onder andere Lychgate en het fantastische Macabre Omen. En gitarist Indra (Naer Mataron) die op de voorganger nog als gast te horen was, is als vast lid toegetreden tot de coven wat maakt dat er nu naast de bandleider en oudgediende Saevus H. drie snarenplukkers actief zijn. En dat werpt zijn verboden vruchten af, want het gitaarspel op “Faustian ethos” is om duimen en vingers bij af te likken. Zo bevat opener “The fall of the first pillar” pakkende gitaarmelodieën en gevarieerde zang en zit er ook wel wat Nightbringer in vervat. De harmonieën in “Sorcery and the apeiron” dragen eerder een sinister gevoel uit vooral wanneer het tempo drastisch terugzakt aan het einde van het nummer. Met de dynamiek is alles in orde want naast het snellere werk zijn songs als “Aeonic alchemy (Act I)” en de bezwerende, in de moedertaal gezongen titeltrack en “Decline of the west (O Ιερεας και ο Ταφος)” uit tragere tempo’s opgebouwd wat een melancholisch sfeertje creëert. De productie die in handen was van George Emmanuel (Rotting Christ, Old Man’s Child) is een pak beter dan op de voorganger: iets minder ruw en meer kracht en helderheid. Verder geen overdaad aan magische hocus pocus, maar acht straightforward nummers waar de occulte geest subtiel doorheen waait en doen terugdenken aan “Vamachara“, samen met de nieuweling de beste Acherontas platen.

JOKKE: 87/100

Acherontas – Faustian ethos(Agonia Records 2018)
1. Τhe fall of the first pillar
2. Sorcery and the apeiron
3. Aeonic alchemy (Act I)
4. Faustian ethos
5. The old tree and the wise man
6. The alchemists of the radiant sepulchre (Act II)
7. Decline of the west (O Ιερεας και ο Ταφος)
8. Vita nuova

Macabre Omen – Gods of war – At war

You should not release albums every year or two. Just play in many bands and leave some space in between“. Of het was iets gelijksoortig wat een zekere Alex me ooit toefluisterde. Het betreft een visie die de sympathieke Griek zelf hoog in het vaandel draagt. Zoek het maar op; hoofspelers The One en dus ook Macabre Omen brengen slechts zelden nieuw materiaal uit en de tussentijd wordt en werd genuttigd ten voordele van Razor of Occam, Scythian, Glorior Belli,… en het kleine UG label Maleficentissimus Triumphatus. Er ligt maar liefst 10 jaar tussen Macabre Omens debuut “The ancient returns” en nieuweling “Gods of war“. Met Ván Records heeft Alex een sterke partner gevonden om deze wereldschijf op de mensheid los te laten. De alfabeten onder jullie hebben nu al door dat “Gods of war” een prachtschijf is voor ondergetekende. Waarom? Muzikaal brengt Macabre Omen flarden van de legendarische sound die de Griekse onderwereld ooit voortbracht; zijnde melancholische melodieën zoals blijkbaar alleen Rotting Christ, Thou Art Lord of Tatir (om lekker underground te blijven) dat ooit konden, zie “I see, the sea”, “Hellenes do not fight like heroes, heroes fight like Hellenes” en haast alle andere tracks. De uitgesponnen nummers zijn steeds erg gevarieerd in tempo en beleving dankzij sterke keys, akoestische gitaren (“Man of 300 voices“, Negura Bunget, ZÓ moet het), dynamische wisselingen en een waaier aan vocale afwisseling, gaande van Burzumeske screams, tot standaard geschreeuw, spoken words, grunts en redelijk veel cleane zang. Op “From son to father” wordt op die manier zelfs een heuse epische Bathory sfeer ten gehore gebracht. Op deze manier distantieert Macabre Omen zich van de Oud Griekse periode. Verwacht absoluut geen kopieergedrag, maar een zeer sterke en perfect uitgevoerde vernieuwing van de gekende erfenis. En dit met een ongetwijfeld persoonlijke invalshoek. Macabre Omen laat oude tijden herbeleven en oogt ontzettend frist! Dus: prachtschijf!

Flp: 92/100

Macabre Omen – Gods of war – At war (Ván Records 2015)
1. I See, the sea
2. Gods of war
3. Man of 300 voices
4. Hellenes do not fight like heroes, heroes fight like Hellenes
5. From son to father
6. Rhodian pride
7. Alexandros – Ode A
8. Alexandros – Ode B