nevel

Mystagogue – And the darkness was cast out into the wilderness

Duivel-doet-al Maurice De jong – of Mories voor de vrienden – opereert het liefst solo en de geluiden die hij daarbij onder de noemer van één van zijn elvendertig projecten (waarvan Gnaw Their Tongues en Cloak Of Altering de meest bekende zijn) produceert, zijn meestal moeilijk behapbaar en verteerbaar. Mories is immers niet vies van wat rare kronkels in zijn muziek en doorspekt zijn avangardistische creaties regelmatig met bakken noise. Dat hij ook meer “normale” black kan schrijven, bewijst hij op “And the darkness was cast out into the wilderness” waarop hij samenwerkt met Laster’s Wessel Damiaen (verder ook actief bij Nevel, Willoos en Verval). Mystagogue is de naam waarmee beide heren de luisteraar acht nummers en een klein half uur lang inwijden in allerhande mystieke overtuigingen. Op basis van de bandnaam, het intrigerende hoesontwerp en de aangesneden thema’s zoals metafysica en occultisme verwachten jullie misschien rituele of orthodoxe black waar het kaarsvet vanaf druipt, maar die vlieger gaat toch niet op. Mystagogue’s sound neigt naar wat vele nieuwere Amerikaanse bands zoals een Woe of Void Omnia doen maar waarvan het geluid duidelijk gestoeld is op oude bands en zit hierdoor bij Vendetta Records op de juiste plaats. Natuurlijk schemeren er ook de nodige Scandinavische invloeden door, maar het is toch moeilijk om hier een overduidelijke Zweedse of Noorse stempel op te plakken. “Here in the white silence of the dawn” straalt een zekere positiviteit en lichtheid uit en doet me daardoor zelfs wat aan oude Deafheaven denken (wat Mories van die vergelijking vindt, lezen jullie hier). “A nacreous-tinted halo of bright sorrow” valt nog positief op door de spoken word samples die voor afwisseling zorgen met Mories zijn hoge krijsen die soms ook net lijken over te slaan wat een cool timbre creëert. Daar waar de muzikale schrijfselen van veel stijlgenoten in lang uitgesponnen nummers uitmonden, houdt Mystagogue de touwtjes strak in handen met compacte en overzichtelijke nummers waarbij de zweep er goed op ligt en waarbij af en toe subtiele ondersteunende keys te bespeuren zijn die voor extra grandeur zorgen. “And the darkness was cast out into the wilderness” kan tellen als eerste statement!

JOKKE: 82/100

Mystagogue – And the darkness was cast out into the wilderness (Vendetta Records 2019)
1. Bereaved of light
2. The gift of grief upon the black earth
3. And the darkness was cast out into the wilderness
4. Here in the white silence of the dawn
5. And shrieking winds lash the oceans into madness
6. A nacreous-tinted halo of bright sorrow
7. Nothing but the night-black mantle
8. The splendour of our demise

Nevel – Leven

Voor het album “Teloorgang” uit 2014 had het Utrechtse Nevel drie nummers nodig om een plaat af te leveren die op driekwartier speeltijd afklokt. Op het kakelverse “Leven” – het woordspelletje had u waarschijnlijk in één oogopslag door – hebben ze hiervoor aan één nummer genoeg. Ondanks het feit dat er wel meer bands – denk maar aan Inter Arma, Meshuggah, Pig Destroyer, Edge Of Sanity, Sleep, Jesu, … – ondertussen iets gelijkaardigs hebben gedaan, blijft het toch nog steeds een gewaagde keuze om slechts één kolossaal nummer op de tracklist te hebben staan prijken. Voornamelijk zij die last hebben van een korte aandachtspanne, zie ik in een grote boog omheen dergelijke releases stappen. Het duo Galgenvot (bas, gitaar, tekst en zang) ook gekend van o.a. Iron Harvest en Wrang en W. Damiaen (bas, drums, synths en zang), tevens actief bij Laster, Willoos en Verval zal het in elk geval worst wezen en presenteert in de vorm van “Leven” een vijfenveertig-minuten-durende track die het verhaal vertelt van iemand die zonder perspectief in het leven staat. Deze persoonlijke strijd vol frustratie, twijfel, ongeloof en wanhoop is voelbaar in de met allerhande-modern-klinkende-effectjes-opgesmukte atmosferische black die Nevel ons voorschotelt. Emotioneel geladen riffs en melodieën (waarbij er sporadisch een akoestische gitaar aan te pas komt) veranderen gestaag in verwrongen en woestere passages waarbij de krijsende vocalen (die heel wat aan een band als Laster refereren) ook steeds meer sporen van waanzin gaan bevatten. Rond de vijfentwintigminutengrens wordt de luisteraar een adem- en plaspauze gegund en vervalt de snelle black in serene ambient, pianospel en strijkers die stelselmatig meer dreiging uitwasemen totdat dit (subtiel) symfonisch intermezzo terug in snedige, snelle en snerpende black ontaardt. Gaandeweg wordt er plaats gemaakt voor melancholische slepende leads en uiteindelijk worden er zelfs triomfantelijke blazers uit de kast gehaald waarmee een haast orchestrale finale neergezet wordt. Al deze elementen zijn duidelijk hoorbaar in een uitstekende mix waarvoor W. Damiaen zelf optekende. En wat met de protagonist van dit verhaal? Uiteindelijk beseft hij dat de sleutel tot het leven in het “loslaten van de dingen” ligt. Leer accepteren dat er niet altijd voor alles een grotere of dieperliggende betekenis moet zijn. Leef in plaats van wakker te liggen van wat er allemaal fout kan gaan door dit of ’t geen te doen. Omarm de toekomst met een open geest zonder te weten wat er zal komen. Met deze wijze woorden ronden we de review van deze ambitieuze en straffe plaat (waarbij ik geen seconde separate nummers mistte) af.

JOKKE: 82/100

Nevel – Leven (Babylon Doom Cult Records 2019)
1. Nevel

Laster – Het wassen oog

Heb je je black het liefst in een strak keurslijf en lederen jekker met patches en spikes geperst? Blijf dan maar ver weg van het Nederlandse Laster want dit avant-gardistisch gezelschap uit Utrecht tast reeds drie langspelers lang de grenzen van het genre af. Na “Ons vrije fatum” uit 2017 bleek ook Prophecy Productions overtuigd van het kunnen van het trio want voor “Het wassen oog” werd bij het Duitse label getekend. De band beschrijft haar eclectische stijl zelf als “obscure dance music” en integreert – net als stadsgenoten Grey Aura – met het grootste gemak invloeden uit post en jazz rock, shoegaze en art pop binnen het kaderwerk van extreme metal. Deze van alle-oogkleppen-ontdane-aanpak werd op de nieuwe langspeler nog verder uitgediept wat resulteert in de meest cinematografische sound die Laster ooit neerzette. En dankzij de fel verbeterde productie – die liet in het verleden al eens wat te wensen over – komt deze smeltkroes aan invloeden nu ook veel beter over. Opvallend is dat reeds vanaf de opener “Vacuüm ≠ behoud” de heldere vocalen een veel grotere rol opeisen dan in het verleden. De bijwijlen excentrieke zangstijl roept meteen een link met Ved Buens Ende op, maar ook die typische hoge gortdroge screams zijn nog veelvuldig van de partij. De subtiele keys en progressieve riffs zouden ook fans van het latere Enslaved moeten kunnen bekoren. Frivole basloopjes huppelen doorheen bleke riffkleuren, melancholische melodieën en flamenco-gitaren. Het voor Laster begrippen kort durende “Schone schijn” wordt middels enkele drumroffels door Wessel Reijman (ook actief bij Nevel, Verval en Willoos) ingezet en de bedwelmende cleane vocalen tillen het nummer dat enkele bizarre wendingen bevat hier echt naar een hoger niveau. Nu het deksel van het experimentele vat wagenwijd opengetrokken is, gaat de band op “Zomersneeuw” nog een stapje verder. Bij dit nummer dat stukjes shoegaze rock en pompende baslijnen bevat, wordt duidelijk wat Laster met “obscure dansmuziek” bedoelt. Na het speelse intermezzo “Ondersteboven” geven de heftige black metal klanken van “Haat & bonhomie” je een fikse trap onder de reet voor moest je vergeten zijn dat de gemaskerde bende toch ook nog wel een degelijk potje zwartmetaal uit de instrumenten kan persen. Het duurt echter niet al te lang vooraleer de experimentele kaart terug getrokken wordt en verstaanbare heldere vocalen de Nederlandstalige poëtische teksten vertolken. Ook op de tweede helft van de plaat horen we nog enkele verrassende zaken zoals de accordeon in de inleiding van “Blind staren“, de spoken word-passage, samples en strijkers in “Weerworm” en de psychedelische en jazzy toets van afsluiter “Zinsbetovering“. Hoewel de band op “Het wassen oog” black metal gerelateerde archetypen zoals het kwaadaardige of alziend oog in vraag stelt, blijft de basis van Laster’s muziek toch nog ontegensprekelijk geworteld in black metal. Door de vele cleane vocalen en progressieve stukken klinkt Laster echter avontuurlijker én enigszins toegankelijker dan ooit. Nog even meegeven dat de dubbele CD-versie met art book ook nog de “Stadsluik” EP als bonus bevat. Ik ben fan!

JOKKE: 84/100

Laster – Het wassen oog (Prophecy Productions 2019)
1. Vacuüm ≠ behoud
2. Schone schijn
3. Zomersneeuw
4. Ondersteboven
5. Haat & bonhomie
6. Blind staren
7. Weerworm
8. Zinsbetovering

Wrang – Domstad swart metael

Doorheen de donkere steegjes van Utrecht dwaalt een agnostisch black metal-monster genaamd Wrang. Er verschijnt weldra een split met Grafjammer maar eerst buigen we ons over debuut “Domstad swart metael“, een titel die niet alleen een verwijzing naar thuishaven Utrecht bevat maar ook naar het genre dat de heren brengen. Het trio bestaande uit zanger/gitarist Galgenvot (Iron Harvest, Nevel), bassist Eitr (Deleterious) en drummer Valr (Grafjammer, Iron Harvest, Wesenwille, Weltschmerz) probeert echter buiten de lijntjes van de zwarte kunst te kleuren en geeft een eigen twist aan haar nihilistische black. De band wisselt furieuze slachtpartijen inclusief snedige tremolo riffs en bijtende vocalen af met heldere epische Viking-achtige zangstukken en hoge uithalen, piano-interludes en grandioos klinkende melodieën. De knappe eclectische titeltrack die de plaat aftrapt, bevat reeds alle vernoemde ingrediënten. Keer op keer bekruipen ons nostalgische gevoelens naar het oude werk van een band als Ved Buens Ende, Fleurety of In The Woods. “Tot dwalen verdomd” klinkt grimmiger en iets minder experimenteel hoewel cleane vocalen ook nog van de partij zijn. In “Propaganda der afvalligen” wordt het tempo teruggeschroefd en zoekt zanger Galgenvot de grenzen van zijn stembanden op door ze in alle mogelijke richtingen te stretchen. Eens halfweg het nummer vindt slagwerker Valr het slakkengangetje genoeg geweest en krijgen we enkele snelheidsuitbarstingen voor de kiezen die een melodieuze finale inluiden. Knap voorbeeld van een dynamische, goed gecomponeerde song waarin heel wat te beleven valt qua tempo’s en gemoedstoestanden. “Stormend naar de nietigheid” is meer bezwerend van aard met haar repetitieve riffje en heldere zang totdat bassist Eitr de song een nieuwe wending geeft en we opzwepende black voorgeschoteld krijgen. Deze thrashy insteek met melodieuze leads gaat me echter minder goed af. Geef me dan maar de zwartgeblakerde pandoering waar Wrang ons plotsklaps weer op trakteert. In de start van “Heerser van niemandsland” heeft de bassist opnieuw heel wat in de pap te brokken. Doorheen de black metal-melodieën schijnt een folky insteek door en er kwamen hoorbaar nog enkele vrienden langs om een potje mee te brullen. De hevige uithalen zijn wederom enorm effectief maar de heren rocken er ook deftig op los. Eindigen doet Wrang met een mysterieus klinkende en bezwerende melodie. Zo eclectisch en avontuurlijk als in de titeltrack gaat het er verder op de plaat niet meer aan toe. Van mijn part mag dat buiten-de-hokjes-denken van de opener echter nog verder geëxploreerd worden. Met “Domstad swart metael” heeft Wrang meteen een duidelijk statement gemaakt dat ook zij meedingen naar een plaatsje in de top van de erg sterke en kwaliteitsvolle Nederlandse black metal-scene. Dikke pluim trouwens voor Tour de Garde om de band een kans te geven en hierbij uit haar sinistere comfortzone te treden.

JOKKE: 81/100

Wrang – Domstad swart metael (Tour de Garde 2019)
1. Domstad swart metael
2. Tot dwalen verdomd
3. Propaganda der afvalligen
4. Stormend naar de nietigheid
5. Heerser van niemandsland