Season of mist

Gaahl’s Wyrd – GastiR – Ghosts invited

Kristian Eivind Espedal is beter bekend als “Gaahl”. Sommige mensen zullen hem waarschijnlijk wel kennen van Gorgoroth of Godseed, maar meer zullen hem wellicht voor het eerst echt hebben gezien in de documentaire “A headbanger’s journey“. Zijn rijzige, stoïcijnse voorkomen is sindsdien semi-legendarisch binnen bepaalde kringen. Helaas vertaalt zich dat, volgens mij, niet in spectaculaire muzikale prestaties. Het debuutalbum “GastiR – Ghosts invited”  is een amalgaam van black metal stijlen dat zeker niet slecht is, maar ook nergens echt indruk op me weet te maken. Er zijn elementen van al Gaahls’ vorige bands en projecten, waaronder ook wat folk, maar niks springt er echt uit. De riffs zweven tussen traditionele black, pagan en thrash terwijl de stem wisselt tussen screams, clean gezang en parlando. De vocalen zijn trouwens over het algemeen best in orde, maar nu ook niet indrukwekkend te noemen en op sommige plaatsen zelfs wat vals. De moderne, maar niet gelikte, productie is prima en het nogal knullige foto-artwork past ergens ook wel, maar voor mij voelt het allemaal wat flauw aan. Misschien ligt het eraan dat dit een eerste release is en de muzikanten elkaar nog wat moeten vinden, maar gezien Gaahl toegang heeft tot toch wel een hoop talent, had er eventueel wel wat beters in gezeten. Hoe dan ook lijkt de band wel relatief hoge ogen te gooien met de release, gepromoot door een Europese tournee met Mayhem. Fans van de man of echte black metal groupies kunnen dit gerust aanschaffen. De iets meer kritische mens, zou toch best eerst eens goed luisteren vooraleer tot een koop over te gaan.

Xavier: 70/100

Gaahl’s Wyrd – GastiR – Ghosts invited (Season Of Mist 2019)
1. Ek erilar
2. From the spear
3. Ghosts invited
4. Carving the voices
5. Veiztu hve
6. The speech and the self
7. Through and past and past
8. Within the voice of existence

Enthroned – Cold black suns

Nooit eerder zat er een gat van vijf jaar tussen twee opeenvolgende Enthroned-platen. Om maar aan te geven dat het na het verschijnen van “Sovereigns” duidelijk geen sinecure is geweest om met die elfde langspeler “Cold black suns” op de proppen te komen. Behalve op “Pentagrammaton” en “Obsidium“na, is Enthroned er nog nooit in geslaagd om twee opeenvolgende platen met dezelfde line-up in te spelen en ook nu vielen er twee personeelswissels te noteren. Bassist Phorgath hield het na elf jaar trouwe dienst voor bekeken (maar zat wel opnieuw achter de knoppen tijdens de opnames in de Blackout Studio) en werd vervangen door Norgaath (o.a. Coldborn, Grimfaug en Nightbringer). En op die moeilijke positie van tweede gitarist treffen we nu de Argentijn (!) Luis Cederborg aan. Nu u weer helemaal mee bent op vlak van line-up, kunnen we tot de muziek overgaan. Het moge duidelijk wezen dat “Cold black suns” niet de meest standaard Enthroned-plaat is geworden en dat we heel wat variatie te horen krijgen. In de vorm van het korte intense “Hosanna Satana” en het modern klinkende en claustrofobische “Vapula omega” vallen er nog wel enkele typische post-Sabathan-era Enthroned-nummers te bespeuren, maar een uitermate atmosferische en vrij toegankelijke song zoals “Silent redemption” en haar trippy start is toch wel een primeur voor onze vaderlandse blekkies. Het als een mantra opgebouwde “Aghoria” is met haar bezwerende gezangen een ander opvallend nummer dat boven de rest van de plaat uitsteekt net zoals de psychedelische insteek van het mysterieuze Oosters-klinkende “Oneiros” en haar rituele koorzang. “Beyond humane greed” is een song van contrasten op vlak van snelheid en bevat knappe psychedelische leads. Ook “Smoking mirror” heeft twee gezichten want na een mid-tempo start ontpopt het zich tot een razendsnel Enthroned-nummer waarin drummer Menthor volledig kan losgehen. Toch is er opnieuw ruimte voor een soort van kosmische atmosfeer die een link legt met het artwork waarvoor gitarist Neraath optekende. Het negen minuten durende “Son of man” borduurt hierop verder en heeft opnieuw een erg weids en open karakter waarbij ik soms wat Pink Floyd-invloeden in het gitaarwerk meen te bespeuren. Middels koorzangen die “Hail, Lucifer!” zingen komt er een einde aan deze avontuurlijke reis. Daar waar de laatste paar Enthroned-platen erg onderling inwisselbaar waren, siert het de band dat er met “Cold black suns” nieuwe wegen verkend worden. Puntje van kritiek is dat Enthroned in de blastpassages nogal steriel klinkt, een euvel dat ze sinds de laatste paar platen al hadden. Ik kan aannemen dat sommige fans wel eens zullen slikken bij de passages waar de band voluit voor atmosfeer gaat, maar ik smaak deze nieuwe invalshoek wel. Jankers die nog altijd op een nieuwe plaat in de stijl van “Towards the skullthrone of Satan” blijven hopen, zijn er ook nu weer aan voor de moeite en kunnen hun geld misschien beter op Sabathan inzetten.

JOKKE: 85/100

Enthroned – Cold black suns (Season Of Mist 2019)
1. Ophiusa
2. Hosanna Satana
3. Oneiros
4. Vapula omega
5. Silent redemption
6. Aghoria
7. Beyond humane greed
8. Smoking mirror
9. Son of man

Vltimas – Something wicked marches in

All-star bands, het is – naar mijn mening – vaak een hol fenomeen. Soms kan het echter de moeite zijn om aan te horen. Zo is het bij Vltimas, het zielenkind van David Vincent (ex-Morbid Angel, I am Morbid, Genitorturers, …), Blasphemer (ex-Mayhem, Aura Noir, …) en Flo Mournier (Cryptopsy, …). Hoewel niemand ondersteboven zal zijn van de nogal brave mix van metalen stijlen, is “Something wicked marches in” een erg aangename plaat als je van lift-muziek metal houdt. Nergens bekennen de heren enige sub-cultuur kleur of voorliefde voor een bepaald genre, behalve misschien voor de geliefde mid-tempo uitspattingen van het inmiddels erg teleurstellende Morbid Angel. Toch is het een erg interessante plaat die misschien wel symbool kan staan voor grensoverschrijding van de metalcultuur. Goed in het gehoor liggende poppy structuren maken de death en thrash – bij gebrek aan betere omschrijving – een ideale luisterbeurt voor de metalfan die niet per se een nichespektakel wil. De sterke performance van “I am Morbid” indachtig, kan ik het niet helpen dat ik het idee heb dat dit de uiteindelijke, betere ontwikkeling is van Morbid Angel.

Xavier: 82/100

Vltimas – Something wicked marches in (Season Of Mist 2019)
1. Something wicked marches in
2. Praevalidus
3. Total destroy!
4. Monolilith
5. Truth and consequence
6. Last ones alive win nothing
7. Everlasting
8. Diabolus est sanguis
9. Marching On

Craft – White noise and black metal

Het Zweedse Craft neemt sinds het fantastische “Fuck the universe” uit 2005 haar tijd als het op het uitbrengen van platen aankomt (kwaliteit boven kwantiteit weet je wel). Op “Void” dienden we destijds zes jaar te wachten en die plaat stelde allerminst teleur. Plots is daar na zeven jaar nu opnieuw een album getiteld “White noise and black metal” en we kunnen wel stellen dat door het lange wachten de verwachtingen hooggespannen zijn. Via nieuwe broodheer Season Of Mist werden in de aanloop naar de release drie singles vrijgegeven die mij telkens wel konden overtuigen, zij het pas na enkele luisterbeurten. Wat meteen opviel, was dat de sound van de Zweden een pak moderner klonk en dat er ook iets progressiever gemusiceerd werd. Vooral bij “Again” maakte ik me die bedenking want de riffs die we hier te horen krijgen, wijken toch wel af van het gekende Craft-geluid en doen eerder denken aan mid-tempo Inquisition (ook later op de plaat zal deze referentie nog opduiken). Met de fantastische bassist Phil A. Cirone (Hypothermia, ex-Shining) in de gelederen is het misschien niet te verwonderen dat Craft af en toe progressiever uit de hoek komt. Zo laat hij o.a. in het instrumentale “Crimson” en het dynamische “YHVH’s shadow” heel wat mooie basloopjes horen, maar ook het oudgediende gitaarduo Joakim Karlsson en John Doe speelt strak en vuurt enkele knappe riffs op de luisteraar los. Zo bevat het gitaarwerk van “Undone” heel wat moderne Immortal-invloeden en is het nummer enorm dynamisch door de afwisselend rollende en blastende basdrums van sessiedrummer Daniel Moilanen die we kennen van Katatonia, Runemagick en Heavydeath. Opener “The cosmic sphere falls” kent een twee minuten durende groots klinkende instrumentale aanloop maar zodra de salpetervocalen van Nox (Omnizide) invallen, hoor je overduidelijk dat hier Craft aan het werk is. Zoals steeds laat de frontman horen dat hij tot het clubje van beste black metal-zangers behoort. We krijgen meer blastbeats dan gewoonlijk op ons afgevuurd (check het met dissonante elementen flirtende “YHVH’s shadow“) maar middels de rock ’n roll-groove aan het einde van “Tragedy of pointless games” en de mid-tempo uppercut “Darkness falls” grijpt Craft ook terug naar het geluid van “Fuck the universe“. En de misantropie spat er nog steeds vanaf zoals we ondermeer horen in afsluiter “White noise“: “I despise all of you – I’m in some tedious level of hell. Meaningless points dressed in pointless words – Don’t let a lack of ideas hold you back. Let’s pay attention to what other people do, and let them know how it’s offensive to you. Let’s ignore what testimony show, let every dumb idea grow. Your world is not important to me. I couldn’t care any less about you.” Knap dat Craft (subtiel) nieuwe paden bewandelt zonder echter haar kerngeluid te verloochenen. En nu graag snel een vinyl heruitgave van “Terror propaganda” en “Total soulrape“!

JOKKE: 85/100

Craft – White noise and black metal (Season Of Mist 2018)
1. The cosmic sphere falls
2. Again
3. Undone
4. Tragedy of pointless games
5. Darkness falls
6. Crimson
7. YHVH’s shadow
8. White noise

Auðn – Farvegir fyrndar

Als je in het geïsoleerde IJsland opgroeit en op een bepaald moment besluit black metal te spelen in één van de vele bands die het mysterieuze land rijk is, kan het haast niet anders dan dat de invloed van haar grimmige klimaat en ruwe landschappen haar weg vindt in de muziek. Eén van de bands die hier in uitblinkt is Auðn, een kwintet dat een buitenbeentje vormt in een scene die gedomineerd wordt door de veelal dissonantie-aanbiddende black metal hordes. Auðn klinkt, net als Dynfari waarmee enkele leden gedeeld worden, een heel pak melodieuzer dan vele van haar scenegenoten en legt de nadruk op atmosfeer in plaats van een verstikkende wall of sound. Het self titled debuut uit 2014 liet al veelbelovende nummers horen maar op het nagelnieuwe “Farvegir fyrndar” (IJslands voor “oude rivierbeddingen”) tilt Auðn haar muzikale vakmanschap naar een hoger niveau. De ongereptheid van de IJslandse natuurlandschappen doemt meteen op als we de met subtiele folkinvloeden doordrenkte melodieën van opener “Veröld hulin” horen, maar tegelijk wordt ook duidelijk dat de band ijziger te werk gaat in de black metal orkanen die ontketend worden eens de gitaarriffs zich tot een donkere wolkenmassa hebben opgestapeld. “Prísund” en “Blóðrauð sól” zijn de grimmigste nummers op de plaat en leunen het meest richting ouwe getrouwe Noorse black. De songs zijn alles behalve eenzijdig en tonen, net zoals de grilligheid van moeder natuur, verschillende gezichten. Zo wordt een black metal tsunami ontketend aan het begin van “Lifvana jörð” om verderop in de song rustigere wateren te verkennen. “Ljósaslæður” belichaamt de albumtitel het best en combineert meanderende ingetogen passages met een waterval aan furie. “Skuggar” valt positief op door haar kippenvel opwekkende gitaarleads evenals het afsluitende “Í hálmstráið held” waarin je een weids panorama aan klanken voorgeschoteld krijgt waarbij het haast lijkt alsof je bovenop een fjord van het machtige uitzicht geniet. Naast de adoratie voor de overweldigende schoon- en ruwheid van hun thuisland komen ook thema’s als depressie en verlies van dierbaren aan bod en dat horen we onder meer terug in de emotionele vocale uithalen van zanger Hjalti Sveinsson en de weemoedige klanken van het acht minuten durende “Haldreipi hugans“. Auðn levert met “Farvegir fyrndar” een plaat af die over de gehele lijn weet te imponeren, mede dankzij de heldere maar krachtige productie. Bon, ik ga naar IJsland volgend jaar!

JOKKE: 90/100

Auðn – Farvegir fyrndar (Season of Mist 2017)
1. Veröld hulin
2. Lífvana jörð
3. Haldreipi hugans
4. Prísund
5. Ljósaslæður
6. Blóðrauð sól
7. Eilífar nætur
8. Skuggar
9. Í hálmstráið held

Ghost Brigade – IV – One with the storm

Het Finse Ghost Brigade is in een kleine tien jaar tijd middels drie sterke albums uitgegroeid tot een gevestigde waarde in de metal scene met hun toegankelijke melodieuze metal, die (gelukkig) een gezonde dosis melancholie bevat zonder de huppeldepup tour op te gaan, een euvel waar veel andere Finse bands aan lijden. Hun sterkte is dat ze elementen uit verschillende sub-stromingen (doom, post-rock, sludge, alternatieve rock) toevoegen aan hun bandgeluid en daaruit een unieke en eigen identiteit destilleren. Hierdoor passen ze perfect op uiteenlopende affiches zoals in het verleden reeds is gebleken uit tours met o.a. Enslaved, A Storm Of Light, Intronaut en Samael. Wat valt er zoal te ontdekken op hun vierde langspeler, getiteld “IV – One with the storm”? Enerzijds zijn er de typische songs waarin met harde distortion en zachte cleane gitaren gejongleerd wordt (opener “Wretched blues”, het catchy “Departures”, “Aurora” “Disembodied voices” en “Anchored”) ondersteund door cleane en grunt/scream-vocalen van frontman Manne Ikonen en doorspekt met prachtige melodieuze gitaarsolo’s. Op plaat klinkt de zang altijd erg sterk, daar waar vooral de cleane zangpartijen spijtig genoeg live dikwijls te wensen overlaten. Na enkele luisterbeurten nestelen de melodieën zich in je brein en kan je de refreinen luid meekelen (ideaal “veur in de otto” dus). Opnieuw zonder dat het ook maar één moment al te cheesy wordt. Anderzijds is het op zoek gaan naar die uitschieters waarin Ghost Brigade het experiment aangaat  en die we deze keer op de tweede albumhelft terugvinden. Een mooi voorbeeld is de song “Electra complex”. Met deze, met spacy keyboards doorspekte, song heeft het sextet voor de eerste keer een nummer neergepend dat de tienminutengrens overschrijdt en dat ondergetekende als eerste uitschieter beschouwt. De zwaardere songs, waarin de band meer de sludge/doom weg opgaat, zijn “Stones and pillars” en het gave “The knife”. Het stevige, uptempo en volledig in het Fins gebrulde “Elämä on tulta” zorgt voor de passende afsluiter van een album dat Ghost Brigade verder gaat doen doorstoten naar de top van de hedendaagse metal. De band musiceert op een hoog tempo. De keyboardpartijen van nieuw bandlid Joni Vanhanen zorgen voor een meerwaarde en voegen nóg meer sfeer of dreiging toe aan de metalen basis. Een andere factor die niet over het hoofd gezien mag worden is drummer Veli-Matti Suihkonen die de boel op een vakkundige manier strak bijeenhoudt met zijn straffe drumroffels (check “Elämä on tulta”). “Long way to the graves” wordt door de vellenmepper op een knappe manier ingezet en zijn afwijkende drumbeat zorgt voor de ruggengraat van deze fragiele emotionele song. Met tien songs tikt het album af op 68 minuten, maar het voelt geenszins als een lange rit aan doordat er de nodige afwisseling te bespeuren valt. Liefhebbers van Katatonia, Amorphis en Paradise Lost weten wat doen: zich zo snel mogelijk naar de platenboer begeven en 16 februari met een dikke stift in de agenda markeren want dan passeert Ghost Brigade samen met Talbot en Agrimonia langs het Antwerpse Kavka om hun nieuwe album live voor te stellen.

JOKKE: 87/100

Ghost Brigade – IV – One with the storm (Season of Mist 2014)
1. Wretched blues
2. Departures
3. Aurora
4. Disembodied voices
5. Electra complex
6. Stones and pillars
7. Anchored
8. The knife
9. Long way to the graves
10. Elämä on tulta