slayer

Ultra Silvam – The spearwound salvation

Het Zweedse Ultra Silvam werd me aangeraden door Stilla’s Pär. En het moet gezegd worden dat diens gelijknamige EP uit 2017 de aciditeit van een brok salpeterzuur benadert. Shadow Records brengt op 22 maart het debuut van het uit Malmö afkomstige trio uit dat met een speelduur van 28 minuten wel wat aan de korte kant is; de bandleden zullen waarschijnlijk het argument van Slayer’s “Reign in blood” wel in de strijd gooien, dat doet namelijk iedere band die een langspeler van minder dan een half uur uitbrengt. Soit, “The spearwound salvation” werd het kleinood gedoopt, een titel die nagels met koppen in de polsen van ome Jezus aan het kruis slaat. Het in bloed gedrenkte powertrio raast vol vuur en bezetenheid doorheen de zeven songs waarbij de idiomen van de oeroude Zweedse black metal-geschiedenis geëerd worden. Ultra Silvam houdt duidelijk niet van een gepolijste sound: de feedback van de gitaren giert erop los en de kleine foutjes die we her en der opmerken werden niet vakkundig weggemoffeld. Dit draagt bij aan de kracht en de ruwe bolster van het gebodene. Er schemert iets van de dunne, schelle sound van Sorhin’s “Apokalypsens ängel” doorheen de bijwijlen jengelende black van “The spearwound salvation” wat maakt dat een supersnelle song zoal “A skull full of stars” – het enige nummer van de EP dat we ook op deze plaat aantreffen – nog meer zout in de wonden strooit. Gitarist O.R. krijgt heel wat ruimte om thrashy leads op de luisteraar af te vuren, terwijl drummer A.L. serieus het stof van zijn ketels mept. Zanger/bassist M.A. vervolledigt het gewelddadige plaatje met overtuigende screams die afwisselend Engelstalige en Zweedse blasfemische boodschappen de wijde wereld insturen en de finale van een nummer als “Ödesalens uppenbarelse” voorziet hij van bulderende basnoten. Echt nieuwe dingen laat Ultra Silvam op het compacte “The spearwound salvation” niet horen, maar het ongedwongen karakter en de laaiende vurigheid en intensiteit van het trio maken veel goed.

JOKKE: 82/100

Ultra Silvam – The spearwound salvation (Shadow Records 2019)
1. The spearwound salvation
2. Ödesalens uppenbarelse
3. Birth of a mountain
4. Förintelsens andeväsen
5. Wings of burial
6. A skull full of stars
7. The first wound

Barshasketh – Barshasketh

Het van Nieuw-Zeeland naar Schotland verkaste Barshasketh volgen we al een tijdje; sinds het uit 2010 afstammende debuut “Defying the bonds of cosmic thraldom” om meer precies te zijn. Sinds den beginne had oprichter Krigeist het spelen van pure second-wave black metal met zijn éénmansband voor ogen. Een naam als Gorgoroth kwam vaak terug als richtingaanwijzer in zijn muzikale creaties, zo ook op de albums “Ophidian henosis” en de conceptuele split “Sein/Zeit” met het Pools Outre. Ondertussen wist Krigeist een volledige bezetting rondom zich te bouwen met de Finse drummer MK (Hautakammio, ex-Kalmankantaja) als laatste aanwinst. Een decennium na haar oprichting brengt Barshasketh nu haar vierde self-titled-plaat uit, de derde voor World Terror Committee. Wie zich altijd al afvroeg waar de mysterieuze bandnaam vandaan komt, zal het antwoord vinden op het nieuwe album dat gebaseerd is op het concept ‘Be’er Shachat‘ waar de naam Barshasketh van afgeleid werd. Het is een esoterische term en één van de zeven divisies van de hel die opduikt in de Qliphoth van de Joodse Kaballah en draait om het cyclische proces van het bestaan doorheen fases van vernietiging, zuivering en wedergeboorte. “Barshasketh” klokt op een ruime 54 minuten af en laat nog steeds second wave black horen met venijnige power chords, tremolo riffs en single chord partijen. Het eerder vernoemde Gorgoroth, maar ook een Dark Funeral is nooit veraf. De bassist is goed hoorbaar en geeft diepte aan de songs maar de ster van de plaat is ongetwijfeld drummer MK die leuke twists in zijn drumspel inbouwde. Let bijvoorbeeld eens op die gezwinde versnellingen die hij in “Ruin I” uit zijn mouw tovert. De plaat werd opnieuw vereeuwigd in de Necromorbus Studio wat een sound aflevert die erg geschikt is voor dit genre (maar ook wel een tikkeltje generisch klinkt) waarbij de balans tussen atmosfeer en agressie erg belangrijk is. In “Consciousness I” duiken melodieuze leads op en de melodieuze kaart wordt nog verder getrokken in het tweede deel van het nummer dat met cleane gitaren start en halfweg een morbide intermezzo bevat alvorens volledig los te barsten in de flitsende finale. Ook het tweede deel van “Ruin” is episch van opzet. Aanvankelijk word je nog compleet murw geslagen door diens hondsdolle snelheden, maar halfweg passeren een Watain-achtig stukje, cleane gitaren en subtiele cymbaalaccenten waarna een Slayer-riff het supersnelle einde inluidt. In “Rebirth” trekken progressieve Emperoriaanse riffs dan weer de aandacht. Als kers op de taart heeft Barshasketh met het afsluitende “Recrudescense” nog het langste nummer van de plaat voor ons in petto waarin allerlei rituele gezangen de revue passeren. Het ontbreken van een eigen identiteit maakt Barshasketh goed met het uitermate strakke spel en de beste nummers die ze ooit geschreven hebben. Met stip hun beste werk tot op heden.

JOKKE: 85/100

Barshasketh – Barshasketh (World Terror Committee 2019)
1. Vacillation
2. Resolve
3. Consciousness I
4. Consciousness II
5. Ruin I
6. Ruin II
7. Rebirth
8. Recrudescense

Nordjevel – Nordjevel

Volle gas vooruit is de enige optie die de jongens van Nordjevel kennen. Niet moeilijk als je een snelheidsmonster als Fredrik Widigs (Marduk) in de gelederen hebt om de drumkruk te bemannen. Hoewel de andere jongens een Noors paspoort op zak hebben, draagt hun black metal een overduidelijke Zweedse stempel. De blasts en striemende tremolo riffs van gitarist Nord worden tegen lichtsnelheid op je afgevuurd en scheuren je trommelvliezen uiteen. De restjes die dan nog overblijven worden door de bijtende screams van Doedsadmiral verpulverd. Er speelt blijkbaar ook een bassist mee op de plaat, maar de bastonen van DezeptiCunt (ex-Ragnarok) geraken met moeite doorheen de krachtige maar overgecompresseerde sound. Daar waar Marduk de kunst in de vingers heeft om snelheidsmonsters af te wisselen met beukende mid-tempo krakers, musiceert Nordjevel een stuk rechtlijniger. Afzonderlijk beluisterd zijn de songs bovengemiddeld goed en er wordt strakker gemusiceerd dan de van botox doordrongen smoel van Donatella Versace, maar als plaat in het geheel is er te weinig afwisseling om de boel vijfenveertig minuten lang spannend te houden. Pas wanneer je de tijd neemt om de plaat aandachtig te beluisteren, herken je binnen de verwoestende maalstroom herkenningspunten en kapstokken om je aan vast te houden. Zo bevat het met momenten razende “Denne tidløse krigsdom” ook wel iets melodieuzere passages terwijl “Blood horns” wat thrashier van aard is. De geoefende luisteraar hoort op “Djevelen i nord” en “Norges sorte himmel” Nagash (Troll, The Kovenant) nog een woordje meescreamen en Archaon (1349) voorziet die laatste track tevens van enkele pakkende gitaarsolo’s. Deze meer epische tien minuten durende song wijkt ondermeer door het gebruik van piano en gitaarleads behoorlijk af van de rest van de plaat en gaat meer de Noorse toer op. en De gelimiteerde versie bevat nog een niets toevoegende cover van Slayer’s “Raining blood”. Nordjevel biedt op het eerste gehoor misschien weinig toegevoegde waarde ten opzichte van de Dark Funerals en Setherials van deze wereld, maar wie kickt op snelle en professioneel gespeelde black metal, heeft hier wel een vette kluif aan. Ik vind dit debuut trouwens de laatste paar releases van Dark Funeral met gemak overtreffen.

JOKKE: 79/100

Nordjevel – Nordjevel (Osmose productions 2016)
1. The shadows of morbid hunger
2. Sing for devastation
3. Djevelen i nord
4. The funeral smell
5. Denne tidløse krigsdom
6. Blood horns
7. Det ror og ror
8. Når noen andre dør…
9. Norges sorte himmel