verenigde staten

Ushangvagush – Inanition

Het van een niet alledaagse bandnaam voorziene Ushangvagush is een black metal-project waarbij bezieler D. alle touwtjes zelf in handen heeft. In de vorm van “Inanition” laat Vigor Deconstruct ons kennismaken met diens eerste demo. Vier nummers en 22 minuten lang ontvouwt zich een rauw black metal-geluid dat toch eerder op atmosfeer dan pure agressie lijkt te focussen. De algehele sound is wat makjes en mist punch. De vocalen die zowel krijsend als helder van aard zijn, werden in één laag met de muziek verweven. De riffs bevatten recht voor de raap en goed te volgen melodieën maar zwermen op tijd en stond ook minder rechtlijnige richtingen uit. Telkens wanneer het even genieten is van melancholische klanken, stuurt D. de muziek weer richting kakofonische toestanden. Het zeven minute durende “IV” zoekt de extremen van het genre op door voortdurend te pingpongen tussen langzame passages, uptempo geweld en alles daartussen. Er zullen ongetwijfeld black metal-liefhebbers zijn die dit Ushangvagush enorm kunnen smaken, voor mij is het in deze tijden van overaanbod een middelmatige release. Maar laten we natuurlijk niet vergeten dat het nog maar om een eerste demo gaat. Zo toont een nummer als “III” wel dat er potentieel in dit project zit.

JOKKE: 66/100

Ushangvagush – Inanition (Vigor Deconstruct 2019)
1. I
2. II
3. III
4. IV

Krukh – Чёрный свет

Het had niet veel gescheeld of “Черный Свет“, de nieuwe EP van Krukh had het levenslicht nooit gezien. Diefstal van een studio laptop en enkele harddrives gooiden roet in het eten, maar M. Soroka (Tchornobog, Aureole) besloot uiteindelijk de verloren gegane composities gedeeltelijk te reconstrueren. “Черный Свет” (“zwart licht”) mag volgens de makers beschouwd worden als een conceptuele release waarop – net als op het debuut “Безглуздість!” – existentiële frustratie centraal staat in de teksten van leadgitarist N. Salimbayev. Stilistisch borduren de twee nummers verder op het debuut maar de sound is net een tikkeltje ruwer gehouden. De ratelende drums van S. Eldridge geven zelfs een mechanisch tintje aan de agressieve black. In het eerste deel van het titelnummer is er minder ruimte voor een melancholische insteek, jammer want dat vond ik net zo te pruimen aan Krukh. Het tweede deel laat daar gelukkig terug meer ademruimte voor. De bij momenten verwrongen zang is vrij hard met de achtergrond verweven en vormt zo als het ware één geheel met de muziek. Die achtergrond is trouwens opnieuw met allerhande samples zoals het luiden van klokken en regenbuien volgestouwd. Op basis van het sterke debuut had ik wel meer verwacht van deze EP die mij enkel ergens halfweg het tweede nummer écht weet te raken.

JOKKE: 69/100

Krukh – Чёрный свет (Vigor Deconstruct 2019)
1. Чёрный свет I
2. Чёрный свет II

Possession/Spite – Passio Christi Part I/(Beyond the) witch’s spell & Possession/Venefixion – Passio Christi II/Necrophagous abandon

De klassieke muziek van Pergolesi, Vivaldi en Allegri en Doug Maxwell’s beiaardmuziek die de twee delen van “Passio Christi“, de nieuwe conceptuele splitreeks van Possession over de laatste uren van Jezus Christus, in- en uitluidt zou mijn grootouders nog wel hebben kunnen bekoren. De chaotische old school zwartgeblakerde metal of death die daartussen uit de speakers knalt, zou ongetwijfeld op minder bijval gerekend mogen hebben. Op één langspeler na (het uit 2017 stammende “Exorkizein“) bestaat Possession’s discografie voornamelijk uit korte releases. Onder de noemer “Passio Christi” verschijnen nu twee splits waarvoor de Belgen gelijkgestemde zielen vonden in het Amerikaanse Spite en, dichter bij huis, de Fransen van Venefixion. Twee namen die ik wel al heb horen waaien, maar écht bekend met hun werk ben ik niet. Opdracht van deze splits om daar verandering in te brengen. Possession trapt beide releases in gang. Doorheen de licht-chaotische extreme metal van de oude stempel waait bij wijlen een bestiaal windje, daar zit een tour met Black Witchery en Nyogthaeblisz ongetwijfeld voor iets tussen. Maar gelukkig worden hypnotiserende melodische leads in “Temptatio“, het felle compacte “Crux immissa” en het wat langere “Stabat mater” niet geweerd. Een door ondergetekende positief ontvangen evolutie. Op ritmisch vlak wisselen militant hakkende drumritmes mid-tempo partijen en swingende blasts af. Spite vervolledigt het eerste deel en de sound van dit eenmansproject bevat veel meer invloeden van pure snerpende black. Opnieuw echter op oude stoel geleest, met heel wat invloeden van een band als Negative Plane, op zich misschien niet zo verwonderlijk als je weet dat meesterbrein Salpsan van diens livebezetting deel uitmaakt. De in 2018 verschenen langspeler “Antimoshiach” moet ik precies toch maar eens opsnollen. De cover van het “Cruel creator” oudje van het Columbiaanse Manitú leunt dichter bij de sound van Possession aan. Voor het tweede deel klopte Possession bij Venefixion aan, een band met een nog vrij bescheiden discografie en een geluid dat zich overduidelijk in het doodsmetalen hoekje afspeelt, tenminste nadat de inluidende pianoklanken van “Egregore” uitgestorven zijn. Het contrast kan amper groter zijn, wanneer de bestiale death van Venefixion gedurende zeven en een halve minuut en verspreid over twee nummers op ons wordt afgevuurd. Flitsende leads klieven doorheen de asgrauwe lucht en zetten elk gebedshuis in vuur en vlam. Twee interessante releases waarbij me enerzijds Possession’s nieuwe insteek met hypnotiserend leadwerk positief bevalt en anderzijds Spite en Venefixion als interessante verder uit te spitten bands getipt worden.

JOKKE: P.C. I: 81/100 (Possession: 82/100 – Spite: 80/100)

Possession/Spite – Passio Christi part I/(Beyond the) witch’s spell (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Possession – Intro
2. Possession – INRI
3. Possession – Temptatio
4. Spite – Beyond the witch’s spell
5. Spite – Cruel creator [Manitú cover]

JOKKE: P.C. II: 80/100 (Possession: 83/100 – Venefixion: 77/100)

Possession/Venefixion – Passio Christi part II/Necrophagous abandon (Iron Bonehead productions 2019)
1. Possession – Intro
2. Possession – Crux immissa
3. Possession – Stabat mater
4. Venefixion – Egregore
5. Venefixion – Necrophagous abandon
6. Venefixion – Ripped from the cross

Belshazzar – The empire rebuilt / The final battle

Het Amerikaanse Belshazzar laat er geen gras over groeien. Terwijl we wekelijks nog plezier halen uit hun ferme “Holy blood” demo, is er al een nieuwe release klaargestoomd: een twee tracks tellende EP die opnieuw via New Era Productions verdeeld wordt. Op de demo preek een schilderij van de Engelse romantische schilder John Martin getiteld “Belshazzar’s feast“, een verwijzing naar de bandnaam. Voor de EP werd het coverartwork ontleend aan het schilderij “The crucifixion” van de achttiende-eeuwse Italiaanse schilder Giambattista Tiepolo. Een beetje cultuur kan nooit kwaad. De akoestische aftrap van “The empire rebuilt” brengt ons meteen in vervoering en leidt naadloos naar mid-tempo black met een heuse rock-vibe die op tijd en stond terug plaats maakt voor non-distorted gitaren. Lekker catchy en old school en een geslaagde productie die rauwheid en transparantie (hoor die basgitaar gaan!) combineert. Ook “The final battle” opent met clean gitaargetokkel en ontbindt haar demonen middels trage black metal die hier eerder meeslepend dan rockend is, en opnieuw meermaals de versterkers laat zwijgen om ruimte te geven aan introspectieve momenten. De orgelklanken en toetsen die we op de demo hoorden, blijven hier achterwege maar het tweede nummer bevat dankzij een slepende leadpartij toch nog een melodieus hoogtepunt. Ondanks de shift van keyboards naar akoestische gitaren als sfeerbrenger, kunnen fans van de demo deze EP blind in huis te halen.

JOKKE: 81/100

Belshazzar – The empire rebuilt / The final battle (new Era productions 2019)
1. The empire rebuilt
2. The final battle

Lord Mantis – Universal death church

Na de zelfmoord van drummer Bill Bumgardner in 2016 leek het na twee EP’s en drie langspelers game over te zijn voor het geniale Lord Mantis. Maar kijk, het bloed kruipt waar het niet gaan kan en recent verscheen in de vorm van “Universal death church” een vierde plaat. Oprichter en songschrijver Andrew Markuszewski liet zich hiervoor bijstaan door Abigail Williams frontman Ken Sorceron op gitaar, Indian frontman Dylan O’Toole, die links en rechts wat zang voor zijn rekening nam, en ex-The Faceless drummer Bryce Butler die Bumgardner’s plaats op de drumkruk inneemt. Maaaaaar…het beste moet nog komen want de verloren zoon Charlie Fell keert terug als zanger/bassist nadat hij na de release van “Death mask” wegens allerhande verslavingen uit de band werd gesjot. De plooien lijken nu gladgestreken te zijn en daar zijn we maar wat blij mee. Fell is immers één van de beste frontmannen in het sludge genre en kon in tussentijd aan het werk gehoord/gezien worden bij het eveneens geniale Cobalt op diens “Slow forever“-plaat. “Qliphotic alpha” en “Damocles falls” werden naar aanloop van de “comeback” op de mensheid losgelaten en beloofden het allerbeste. Die eerste track bevat halfweg een serieuze mood shift waarbij beukende sludge tsunami’s in meer melodieuze wateren overgaan. En we horen net als op ouder werk her en der een vocoder die Fell’s vocalen door de mangel haalt. “Damocles falls” grijpt terug naar het “Pervertor“-era, mijn favoriete plaat van de band. “God’s animal” is een vrij a-typisch nummer want we horen hierin een voorliefde voor heavy metal doorschemeren hoewel Lord Mantis’ sludge doorgaans met industriële elementen doorspekt is (invloeden van Ministry en Skinny Puppy kunnen dan ook niet ontkend worden). Luister maar eens naar het mechanische “Consciousness.exe” waar tevens een oeroude Isis-vibe doorheen waait. In het daaropvolgende “Low entropy narcosis” neemt Lord Mantis middels akoestische gitaren en een Death in June en Current 93-vibe een u-turn van jewelste. Geslaagd experiment als je het mij vraagt, want de duisternis blijft inherent ook al zwijgen de versterkers. Dat de muzikanten ook niet vies zijn van een streep vuile black, horen we in de kort maar krachtige opener “Santa muerte” en “Fleshworld” waar we zelfs op een heus blastfestijn getrakteerd worden. Deze zwartgeblakerde noise-orkaan mondt uiteindelijk uit in een portie beklijvende doom. “Universal death church” doet het licht uit middels het epische “Hole” dat gastbijdrages kent van producer Sanford Parker op synths en Yakuza’s Bruce Lamont op saxofoon. Het levert heerlijk verwrongen twists op in een apocalyptisch geluidsuniversum dat al niet aan tere zieltjes besteed is. “Universal death church” is Lord Mantis’ meest gevarieerde plaat tot op heden geworden. Of ze nu Mike Tyson-gewijs sludge uppercuts uitdelen, pekzwarte noise uitademen, steriele industriële klanken smeden, introspectieve akoestische nummers schrijven of de black metal tour opgaan, Lord Mantis excelleert als geen ander.

JOKKE: 91/100

Lord Mantis – Universal death church (Profound Lore 2019)
1. Santa muerte
2. God’s animal
3. Qliphotic alpha
4. Consciousness.exe
5. Low entropy narcosis
6. Damocles falls
7. Fleshworld
8. Hole

Minenwerfer – Alpenpässe

Eén blik op het bandlogo, de discografie, albumtitels en pseudoniemen (Generalfeldmarschall Kriegshammer en Wachtmeister Verwüstung) waren genoeg om te weten waar Minenwerfer ‘het mosterdgas’ haalt. Ondanks de Amerikaanse afkomst heeft de band een voorliefde voor alles wat met W.O.I. te maken heeft en bezingt haar fascinatie daarvoor ook regelmatig in het Duits. Nog steeds een woelig en gevoelig thema waarbij de Antifa waakhonden waarschijnlijk al op de loer liggen. Ik gunde de band het voordeel van de twijfel daar ik niet meteen ‘foute’ boodschappen ontdekte en koos de nieuwe derde langspeler “Alpenpässe” als automuziek voor een ritje naar Keulen. Vanaf de eerste seconden van “Der Blutharsch” wist het duo me te verrassen daar ik een totaal andere variant van black metal had verwacht dan de lang uitgesponnen haast post-rock-achtige epiek van de zeventien minuten durende albumopener. Na de inleidende spoken word samples nemen rauwe black metal vocalen het over en ondanks het feit dat de drums in blast-modus overschakelen, blijft het overheersende gevoel neergezet worden door de leadgitaar die Agallochsgewijs adembenemende panorama’s over de Alpenpas schildert. Ook de basgitaar eist een melodieus plaatsje op in dit uitgestrekte canvas aan epiek en halfweg is er zelfs ruimte voor proggy gesoleer. De sterke en pakkende melodieën wekken tegenstrijdige gevoelens van verdriet, triomf, wroeging en vergelding op. Dat contrast wordt muzikaal in de verf gezet wanneer het tweede nummer “Dragging the dead through mountain passes” zich aandient. Diens militant hakkende drums, flitsende solo’s en woeste black staan immers als een tang op een varken vergeleken met de weidse, vloeiende en vrije aanpak van de opener. De dromerige klanken ruimen abrupt plaats voor de harde realiteit van de horror van oorlogsvoering wat zich uit in minder fijngevoelige en meer chaotische muziek (wat ik oorspronkelijk eigenlijk ook verwacht had). “Cloaked in silence” grijpt met haar twaalf minuten opnieuw iets meer naar de melodieuzere aanpak van de opener terug en heeft ook ruimte voor heldere gezangen, terwijl “Kaiserjägerlied” en “Tiroler Edelweiss” hier ook nog lange akoestische passages en zelfs fluitspel aan toevoegen. Ondanks al deze elementen met melodieuze insteek, verliest Minenwerfer haar black metal-basis niet uit het oog, wat afsluiter “Withered tombs” duidelijk maakt. “Alpenpässe” is een plaat die een uur van je vrije tijd in beslag neemt, maar je in die tijdspanne weet mee te nemen op een beklijvende trip naar de tijden van W.O.I. Erg fijne kennismaking met dit Minenwerfer waarover de vooroordelen ongegrond bleken.

JOKKE: 83/100

Minenwerfer – Alpenpässe (Purity Through Fire/Worship Tape 2019)
1. Der Blutharsch
2. Dragging the dead through mountain passes
3. Cloaked in silence
4. Kaiserjägerlied
5. Tiroler Edelweiss
6. Withered tombs

Kostnatění – Hrůza zvítězí

Dat er de laatste jaren een heuse trend was om black metal met hopen dissonante klanken te doorspekken, is een understatement. Op de vorig jaar verschenen demo “Konec je všude” werd de USBM soloband Kostnatění nog beïnvloed door black metal-buitenbeetjes Odz Manouk en Tukaaria van het Rhinocervs-label, maar op de eerste volwaardige langspeler “Hrůza zvítězí” (Tsjechisch voor “horror overwint”) haalde D.L. toch ook wel wat mosterd bij de dissonanten van het onvolprezen Deathspell Omega. Mare Cognitum’s Jacob Buczarski stond de man bij met het programmeren van de drumpatronen en verzorgde ook de mix en mastering. D.L. werd een tijd lang gekweld door paniekaanvallen omtrent zijn eigen dood en het schrijven van deze plaat was gelukkig voor hem een bevrijdend en meditatief proces. Zijn beklemmende doodsangst wordt perfect gecapteerd door de kakofonie aan verwrongen klanken die we 37 minuten lang voorgeschoteld krijgen. Regelmatig verkennen D.L.’s vocalen diepere regionen, wat in combinatie met de zwaardere sound, een iets groter death metal-randje aan het geheel geeft wanneer het gaspedaal ingeduwd wordt en aan doom refereert in de slome passages. De elf minuten durende binnenkomer “Hrůza zvítězí” is meteen een zwaar te verduren brok razende chaos die zich alle kanten uit murwt en opgesmukt wordt met (deels door de mangel gehaalde) trompetpartijen. “Jedna generace” piept, kraakt en knarst dat het een lieve lust is en is een heuse aanval op mijn zenuwstelsel, niet altijd in de positieve zin weliswaar door de bij momenten te groten tsjingeltsjangel-factor. Er wordt met cleane avantgardistische zang geëxperimenteerd en in de tweede helft ontwaar ik wat Cobalt-invloeden die mij beter afgaan. Aan het einde krijgen we nog clean gitaargetokkel dat eventjes rust lijkt te brengen maar waarbij de gekozen noten toch ook weer niet meteen de voor de hand liggende zijn die je in de muziekles hebt aangeleerd gekregen. “Každé zranění předurčeno” en “Únik z existencestaat” staan bol van de krankzinnige leads die mijn tronie in allerlei verwrongen grimassen trekken (op die manier heb ik wel wat weg van de figuur op de hoes) waarbij ik mijn trommelvliezen menig maal moet samenpersen om de schade te beperken. En alsof dat nog niet genoeg is, worden in afsluiter “Donekonečna v přítomném čase” alle registers open getrokken en het aantal BMP vertienvoudigd wat de intensiteits- en maniakaliteitsfactor compleet in het rode duwt. Voeg hier nog wat noise aan toe en het feestje kan niet meer stuk voor zij die over stalen zenuwen beschikken. Na de ontmanteling van Fallen Empire Records, staat Kostnatění er momenteel alleen voor. Labels die niet vies zijn van bands die buiten de lijntjes kleuren (want zelfs naar FER-begrippen is dit zware toebak), zien hier misschien wel potentieel in. Voor mij bijwijlen te enerverend en een plaat die me haast onverwijld klaar maakt voor het gesticht.

JOKKE: 70/100

Kostnatění – Hrůza zvítězí (Eigen beheer 2019)
1. Hrůza zvítězí
2. Jedna generace
3. Každé zranění předurčeno
4. Únik z existence
5. Donekonečna v přítomném čase