acherontas

Fides Inversa – Historia nocturna

Dat Gionata Potenti een wünderkind is hoef ik niet meer te vertellen. Met verdiensten bij onder andere Blut Aus Nord, Chaos Invocation, Darvaza, Enepsigos, Martröð en een verleden bij Acherontas heeft de Italiaan een bijzonder indrukwekkend palmares opgebouwd. In 2006 richtte hij onder het pseudoniem Omega A.D. samen met Void A.D. de entiteit Fides Inversa op, en drie jaar later werd het geniale “Hanc aciem sola retundit virtus (the algolagnia divine)” op de mensheid losgelaten, een album dat hier nog steeds heel regelmatig eens de revue passeert. Ook het prima “Mysterium tremendum et fascinans” (van een originele titel gesproken zeg) en de daaropvolgende “Rites of inverse incarnation” EP wisten onze honger voor orthodoxe black metal (hoe kan het ook anders bij een label als World Terror Committee?) te stillen. Anno 2020 komen de heren terug ten tonele, maar hebben een zeer interessante beslissing genomen: blijkbaar hadden de Italianen nood aan een zuchtje noorderwind dat eerder een wervelstorm is geworden, want niemand minder dan Wraath werd ingelijfd. Dezelfde Wraath die we kennen van ondermeer Darvaza, Behexen, Mare, Ritual Death en One Tail, One Head en die zonder enige twijfel één van de beste frontmannen binnen hedendaagse black metal is en zodus een aanwinst is voor zo goed als elk project waarmee hij in aanraking komt. Ook labeleigenaar Unhold is op de plaat te horen. De niet onbesproken Absurd-zanger speelde de baspartijen in maar zal live niet van de partij zijn. Zoals vanouds speelt Fides Inversa orthodoxe black metal volgens de regels van de kunst, maar het gitaarwerk klinkt gejaagder, opgefokter (“A wanderer’s call and orison”) en triomfantelijker (“I glance you with a touch…”) dan ooit, waarbij op dat laatste nummer de gecombineerde stemmen van Potenti en Wraath het nummer nog eens extra epiek meegeven. Op een nummer als “The Visit” blijkt dat de heren nog steeds goed geluisterd hebben naar “Si monvmentvm reqvires, circvmspice” en “Paracletus”, maar Fides Inversa heeft gelukkig nog steeds een eigen smoelwerk. Geen klassieke intermezzo’s deze keer, al wordt er wel wat geëxperimenteerd met repetitieve gitaarloopjes en vooral helder ‘roepende’ zang, in “Syzygy” zelfs bijgestaan door hoge vrouwelijke vocalen, en in tegenstelling tot op “Rites of inverse incantation” is dit experiment hier meer dan geslaagd en creëert dit veel variatie op een album dat het voor de rest vooral van hoge tempo’s moet hebben en waar de retestrakke blast beats van Potenti de plek in de schijnwerpers opeisen. Na deze epiek grijpt het energieke “I am the iconoclasm” echter nog eens duidelijk terug naar de begindagen van de band, en komen ook wat thrash-invloeden van om de hoek piepen, wat ik enkel kan toejuichen! Fides Inversa heeft met de huidige line-up enkele knallers van muzikanten in de gelederen, en “Historia nocturna” is zodus opnieuw een zeer degelijk werk geworden dat in tegenstelling tot vorig werk een zeer volle sound heeft meegekregen, nog steeds nét wordt overschaduwd door het monumentale debuut maar voor de rest met kop en schouders boven de twee voorgaande releases uitsteekt.

CAS: 85/100

Fides Inversa – Historia nocturna (World Terror Committee Productions 2020)
1. Intro
2. A wanderer’s call and orison
3. Transcendental lawlessness
4. The visit
5. I glance at you with a touch…
6. Syzygy
7. I am the iconoclasm

Acherontas – Psychic death – The shattering of perceptions

Een tijdspanne van gemiddeld twee jaar is zo wat de tijd die het Griekse Acherontas nodig heeft om een nieuwe langspeler neer te pennen en uit te brengen, waarbij het laatste nieuwe wapenfeit getiteld “Psychic death – The shattering of perceptions” enkele maanden later dan gepland verschijnt via Agonia Records. Covid19, je weet wel…Als je de eerste levensjaren onder de noemers Worship en het wenkbrauwfronsende Stutthof mee telt, timmert opperhoofd V.Priest al ruim 25 jaar aan zijn black metal pad dat bezaait ligt met allerhande mystieke, magische en occulte topics als astraal vampirisme, hermeticisme, de Kaballah en Luciferiaanse Magie. Bij momenten iets te veel hocus pocus waarbij de heren wat mij betreft over de rand van hun gewaden struikelden en los op hun bakkes gingen. Muzikaal gezien is het merendeel van de platen uit de back catalogue echter meer dan in orde, hoewel Acherontas in de wandelgangen ook wel meermaals van plagiaat beschuldigd wordt. Op “Psychic death – The shattering of perceptions“, de achtste langspeler die onder de naam Acherontas verschijnt, horen we het gekende New Wave of Greek Black Metal-geluid terug dat sterk beïnvloed wordt door het oorspronkelijke geluid van de Helleense black metal, aangevuld met jaren ’70 retro-rock (vooral hoorbaar in de klassieke gitaarsolo’s). De nummers hebben een gemiddelde speelduur van zeven minuten maar vervelen nergens doordat ze vernuftig in mekaar zitten. Acherontas denkt goed na over spanningsopbouw en dynamiek, zorgt dat pakkende melodieuze leads (het inlijven van Naer Mataron gitarist Indra in 2017 bleek een gouden zet) niet ontbreken en de frontman houdt met zijn breed keelklankenpallet het ritueel ook op vocaal vlak interessant. De overvloedig getattoeëerde bezieler van de band kan verscheidene toonhoogtes qua screams aan, zet zijn stem ook op een verhalende of proclamerende manier in en natuurlijk mogen ook sacrale koorgezangen niet ontbreken. “Kiss the blood” is één van die hoogtepunten waarin al deze elementen – samen met allerhande details zoals het inzetten van orgels of samples van krijsende meeuwen – samenkomen. Twee andere composities die eruit springen zijn het akoestisch startende titelnummer en het afsluitende “Μαγεια των καθρεφτων (Magick of mirrors)” waarin men het – toevallig of niet – tweemaal op zijn Grieks doet en het tempo meer naar dat van een epische ballade neigt. In de overige nummers gaat het er, ondanks de nodige bombast, snediger aan toe. Ondanks het feit dat “Psychic death – The shattering of perceptions” in drie verschillende studio’s in Griekenland, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk opgenomen werd, komt het totaalplaatje niet gefragmenteerd of als een samenraapsel over. Au contraire, Acherontas klinkt hier écht als een hecht broederschap. Ferme plaat en een sterke uitbreiding van hun œuvre!

JOKKE: 85/100

Acherontas – Psychic death – The shattering of perceptions (Agonia Records 2020)
1. Paradigms of Nyx
2. Κiss the blood
3. The brazen experimentalist
4. Psychic death “The shattering of perceptions”
5. Coiled splendor
6. The offering of Hemlock
7. Sermons of the psyche
8. Μαγεια των καθρεφτων (Magick of mirrors)

Nox Formulae – Drakon darshan Satan

Hoewel de oude Griekse black metal scene niet altijd mijn kopje thee is geweest, staat de bakermat van de westerse beschaving de dag van vandaag vooral bekend om de export van de orthodoxe variant van het genre. Naast olijfbomen is Griekenland ook de vruchtbare bodem voor een kern aan die hard esoterisch geïnspireerde artiesten waarvan de bekendste ongetwijfeld Acherontas, Serpent Noir en Thy Darkened Shade zijn. Aan dit rijtje occult gestemde zielen kan Nox Formulae toegevoegd worden die voor de tweede keer hun Luciferiaanse incantaties op de wereld loslaten. Gek genoeg doen ze dat niet naar goede gewoonte via World Terror Committee maar werd gekozen om met het Amerikaanse Dark Descent Records in zee te gaan. Opmerkelijk, gezien het label zich voornamelijk met rottende death metal bezighoudt. Een titel als “Drakon darshan Satan” laat geen twijfel bestaan over waar de heren hun inspiratie hebben gehaald, maar in tegenstelling tot de meeste van hun landgenoten worden de ambient intermezzo’s en ritualistische hocus-pocus geschrapt. Onversneden black metal die in uw bakkes geramd wordt dus. Hoewel minder progressief en technisch subtiel dan pakweg Thy Darkened Shade weet Nox Formulae ingenieus gitaarspel in hun relatief snelle black metal te krijgen, zoals de passende solo in “Eclipse of Gharrasielh”. Ondanks het gebrek aan traditionele intermezzo’s weten de Grieken op deze manier hun album toch bezwerend te doen klinken. De hese en vrij verstaanbare zang van de drie (3!) vocalisten lijkt bovenop de krachtige mix te zweven, maar het is toch de continue stroom aan intrigerende riffs die het album naar een hoger niveau tilt. Drummer Mezkal kan een aardig potje meppen en houdt het tempo consistent hoog maar mist variatie in zijn spel. Na twintig minuten rammen duikt het tempo met “The blood oath of Thagirion” initieel wat naar beneden (hoewel dit bijzonder relatief is) waardoor je even naar adem kunt happen. Een zeer welkom rustpunt, en door de relatief andere aanpak van dit nummer is het meteen één van de interessantste tracks die het album rijk is, niet in het minst door de langgerekte solo op het eind. Aan dissonantie geen gebrek ook op “Drakon darshan Satan”, maar het zijn toch vooral de harmonieuze melodieën die de aandacht opeisen. “The arrival of Noctifer” bouwt dan weer opzwepend en onheilspellend op middels elektronische beats en hierop wordt de Gehoornde dan toch opgeroepen met clean gezongen incantaties (met zodanig veel delay en reverb op dat ze even goed new wave zouden kunnen maken). Op deze manier omzeilen ze het herhalen van ritualistische ambient en steken ze dit concept in een nieuw jasje dat niet voor iedereen zal passen, maar mij wel bevalt. Eens Noctifer is gearriveerd wordt beslist er terug volop voor te gaan en met “Berzeks of OD” krijgen we terug een heel dynamisch Nox Formulae te horen, dat gezapig rollende riffs ten berde brengt en opnieuw een solo tentoonspreidt waar de Noren van Tortorum trots op zouden zijn. Ook vocaal wordt hier alles uit de kast getrokken, getuigen de overslaande, pijnlijke screams die doorheen het nummer te horen zijn. Ondanks het feit dat ik pas bij deze tweede langspeler lucht kreeg van het kwintet weet Nox Formulae me aardig te verrassen met een aanpak die zeer dynamisch, gevarieerd en bijwijlen inventief is maar toch trouw blijft aan de fundamenten van het orthodoxe genre.

CAS: 85/100

Nox Formulae – Drakon darshan Satan (Dark Descent Records 2020)
1. Psychopath of NOX
2. Ravens of terror
3. Eclipse of Gharrasielh
4. The black stone of Satan
5. The blood oath of Thagirion
6. The arrival of Noctifer
7. Berzeks of OD
8. Eve of annihilation

Akatechism/Slidhr – Amongst the lost light of misaligned stars

Het Iers/IJslandse Slidhr keert twee jaar na het verschijnen van diens tweede full length ‘The futile fires of man” terug aan het front middels een 7 inch split die ons tevens doet kennis maken met het Duitse Akatechism. Achter deze band schuilt Shrine Of Insanabilis drummer Serpenth die wordt bijgestaan door zanger/gitarist/Bassist AnV en voor hun eerste teken van leven, de “Dripping flames“-demo, moeten we al naar 2015 terugkeren. In 2016 maakten Slidhr en Shrine Of Insanabilis deel uit van een tour package dat ook nog Acherontas en Sinmara bevatte; het zou me niet verbazen dat het idee voor deze split toen ontstaan is. Akatechism krijgt de eer om het zaakje op gang te trappen en doet dat middels opzwepende zwartmetalen klanken met vocalen die lekker galmen en eerder naar orthodoxe death metal neigen. Het tempo doet meer dan enkel razen en neemt af en toe wat gas terug om zich slepend voort te bewegen. Wanneer de drummer dan toch nog eens volle gas wilt gaan, worden de uitbarstingen vergezeld van heerlijk snijdende tremolo-riffs. Slidhr start nog enigszins ingetogen met eerder doomy black die vergezeld wordt van plechtstatige melodieën en haast engelachtige gezangen. Rond 1:24 wordt er enkele versnellingen hoger geschakeld en worden krachtige zang en een mix van black en atmosferische death metal op ons afgevuurd. Maar ook verderop in deze zes minuten durende compositie wordt nog teruggegrepen naar mid-tempo snelheden en atmosferische randanimatie. Nog even meegeven dat deze split het laatste wapenfeit van bassist Garðar S Jónsson (Almyrkvi en Sinmara) is. Altijd leuk als er bij een split meer gaande is dan het louter samen kletsen van twee bands. Beide nummers zijn niet alleen aan mekaar gewaagd op basis van de geboden kwaliteit maar ook met elkaar verbonden door een cohesie tussen titel, teksten en (verbluffend) artwork. Een 7 inch split die op alle vlakken geslaagd is en een knap staaltje aan samenwerking – mét inachtname van social distancing – laat horen.

JOKKE: 82/100 (Akatechism: 82/100 – Slidhr: 82/100)

Akatechism/Slidr – Amongst the lost light of misaligned stars (Ván Records 2020)
1. Akatechism – Amongst the lost light
2. Slidhr – Of misaligned stars

Qayin Regis – Doctrine

Qayin Regis is de zoveelste band die in het orthodoxe black metal-genre het verschil wil proberen maken. Hoewel de jongens al sinds 2006 met de ideologische ideeën voor deze band rondliepen, duurde het nog ruim een decennium vooraleer het concreet werd voor Sovereign Pontiff Aheraaz (gitaar en bas) en Sublime Tirannus of Vedma (zang, ambient). Als trommelaar werd Patriarch Venerable Saturn aangetrokken. Hun paspoorten gooien ze niet zo maar te grabbel en ideologisch gezien draait het hier om hun fascinatie voor de dood (zie ook het artwork), spirituele gnostiek, Spaanse zwarte magie en the left hand path. In 2017 verscheen de “Blackthorn” EP en nu verschijnt het debuut “Doctrine” waarop vier songs prijken, goed voor drie kwartier orthodoxe black inclusief antieke armaturekes, kandelaars, botten en schedels en het sacrale parfum van mirre. Ik moet de heren nageven dat ze best weten hoe een spanningsboog op te bouwen en ook de atmosferische stukken die tussen de snedige black metal zijn ingeweven weten een rituele toon neer te zetten. In het akoestisch gitaarwerk van een nummer als “Neenia ataecina” schemeren Spaanse invloeden door wat steeds een extra pluspunt is als de eigen leefomgeving en achtergrond in de muziek terug te horen zijn. In hun meest overweldigende momenten hoor ik echo’s van een band als Nightbringer terug, zonder de snerpende riffs dan. “Yee naaldlooshii” flirt met gotisch aandoende cleane gitaarlijnen, maar weert ook de meer old school riffs niet. Nu is het niet al black wat de klok slaat want de band balanceert regelmatig op de slappe koord tussen black en death metal. De vocalen weten te bezweren en vullen de ruimte met hun mystieke betoveringen. De Moontower Studios in Spanje zijn zowat de tegenpool voor de Necromorbus Studio uit Zweden en elke band die hier passeert kan op haar twee oren slapen wat betreft een uitstekende productie. Sterk spul voor liefhebbers van Shrine Of Insanabilis, Ascension, Acherontas, Nightbringer en consoorten.

JOKKE: 83/100

Qayin regis – Doctrine (BlackSeed Productions 2019)
1. Via sincretica obscura
2. Yee naaldlooshii
3. Neenia ataecina
4. Deo aironis

Shrine of Insanabilis – Vast vortex litanies

Nadat Dysangelium de verwachtingen helaas niet helemaal kon inlossen, krijgt Wold Terror Committee dit jaar nog een tweede kans in de vorm van “Vast vortex litanies”, de tweede langspeler van Shrine of Insanabilis nadat in 2015 hun debuut “Disciples of the void en in het jaar daarna een twee nummers tellende EP het levenslicht zagen. Net zoals Dysangelium zag ik Shrine of Insanabilis een enorm strakke set spelen in Het Bos, dit keer als opener voor Slidhr, Sinmara en Acherontas. Ondanks mijn vermoeidheid na het Fall of Summer festival in Parijs wist het Duits kwartet te overtuigen – een kunstje dat ze op Netherlands Deathfest probleemloos (en dan heb ik het over de kwaliteit, niet over de technische mankementen) overdeden. De orthodoxe black metal die de heren spelen raast aan sneltempo door de speakers: zo goed als elk nummer zit barstensvol blast beats en het tempo blijft zo goed als constant de hogere regionen opzoeken. Shrine of Insanabilis is compromisloos en ondanks het orthodoxe karakter wordt niet gedweept met overbodige rituele passages en kilo’s dissonantie, hoewel die hier en daar (uiteraard) de kop op steken. De focus ligt vooral op melodieuze leadlijnen, een scherpe gitaarsound en de tandem van vocalen: hoge screams wisselen af of worden gecombineerd met diepere grunts, wat de dynamiek ten goede komt gezien de nummers allen een gelijkaardige opbouw hebben en er weinig ademruimte overblijft om wat gas terug te nemen. In nummers als “The last-born tyrant” en het fenomenale “Mother and executioner” zetten de heren net iets meer in op catchy, meeslepende melodie en dat mochten ze wat mij betreft wat vaker gedaan hebben. Shrine of Insanabilis hanteert een take no prisoners-aanpak waardoor, zeker door het constant hoge tempo, de afzonderlijke nummers af en toe wat onderling inwisselbaar worden. Echt memorabele nummers zoals “Ruina” van het debuut, die er met kop en schouders bovenuit steken vallen niet te bespeuren, ondanks het consistent technisch hoge niveau van de muzikanten, maar toch is dit een erg puik album geworden. De plaat werd ingeblikt in de befaamde Necromorbus Studio waardoor we naar goede gewoonte niks op de sound kunnen aanmerken. Na het teleurstellende album van Dysangelium weet W.T.C. Productions dit jaar dan toch nog terug te slaan!

CAS: 83/100

Shrine of Insanabilis – Vast vortex litanies (W.T.C Productions 2019)
1. Parallax endeavour
2. Lusting after a burn
3. The last-born tyrant
4. Vertex
5. Mother and executioner
6. Inisible. Infinite…
7. Verdict

LvxCælis – Maher shalal hash baz

Wikipedia informeert me dat “Maher shalal hash baz” enerzijds een Japans muziekensemble is maar anderzijds ook naar de profetische naam van een kind uit de Bijbel verwijst. De naam betekent zoiets als “snel naar de buit of de prooi gaan” of “snel tot plundering overgaan” wat refereert aan de plundering van Samaria en Damascus in de achtste eeuw voor Christus door de Assyrische koning Tiglath-Pileser III. Het Chileense gezelschap LvxCælis vond het een geschikte naam voor haar derde langspeler die als van oudsher via het Zweedse Lamech Records verschijnt. Wie de voorgaande platen ook in de collectie heeft, weet wat er kan verwacht worden van het trio Irad (zang en gitaar), Nimrod (basgitaar) en Frater B. (drums), namelijk van Luciferiaanse gnosis en occulte rituelen doordrongen zwarte magie. Nu ligt de focus gelukkig wel grotendeels op de metalen invulling van het genre en is het aandeel aan koorgezangen, rituele ambient en andere toeters en bellen vrij beperkt gehouden (dikwijls gewoon met een inleidende of uitluidende functie). LvxCælis’s Zweeds geïnspireerde zwartmetalen klanken hellen zowel qua riffs als vocalen in een nummer als “Fading into Golgotha” of ook over naar de doodsmetalen variant wat de variatie enkel ten goede komt. Ook een solo links (“Throne of doom“) of rechts (“Raising above the demiurge“) wordt niet geschuwd. Het trio bouwt niet alleen tussen de songs onderling, maar ook binnen de structuur van eenzelfde nummer voldoende afwisseling in qua tempo’s en drumritmes waardoor we achtendertig minuten lang bij de les blijven. Zo heeft het slepende “Throne of doom” haar naam niet gestolen. De productie afkomstig uit de Zweedse Lamech Studios is helder, modern en krachtig hoewel de sound van voorganger “The watchers” uit 2015 wel zwaarder was. LvxCælis zal fans van Acherontas, Hetroertzen (waarvan enkele leden ook deel uitmaken van de LvxCælis live line-up), Sulphur Aeon en labelmakkers Kaosophia wel kunnen bekoren.

JOKKE: 80/100

LvxCælis – Maher shalal hash baz (Lamech Records 2019)
1. Beyond the falling stars
2. Fading into Golgotha
3. Throne of doom
4. The beginning was the end
5. Kiss the skull
6. Raising above the demiurge
7. Awakening the final chaos

Crimson moon – Mors vincit omnia

Het verhaal van Crimson Moon begon in 1994 toen multi-instrumentalist Scorpios Androctonus de band in zijn eentje in de US begon. Vier jaar later verkaste de muzikant naar Duitsland van waaruit hij sindsdien in menig band en project actief was. Zo verdeelde hij zijn tijd o.a. over Acherontas, Sabnack, Zemial en Melechesh, om er maar een paar te noemen. Met Crimson Moon is Scorpios – ondanks een inactieve periode tussen 1996 en 2005 – ondertussen aan langspeler nummer vier gearriveerd, met daarnaast nog talrijke demo’s, splits, EP’s en een compilatie. Ik leerde de band kennen via “Oneironaut“, de vorige langspeler die drie jaar geleden op Debemur Morti werd gereleased. Hoewel dat absoluut geen slechte plaat was, klonken de nummers soms als tweederangs Acherontas-songs. Ook op “Mors vincit omnia” (“De Dood overwint alles“) kozen Scorpios en co (gitaristen Agreas en Sabnoc en drummer Blastum) voor een black metal geluid dat barst van de occulte grandeur als ode voor Azrael, de Engel des Doods. De legio koorzangen, orgels, kosmische synthscapes, rituele ornamenten en andere hocus pocus zijn misschien wel iets té prominent aanwezig en leidden alzo de aandacht af van de second wave-riffs die niet altijd even beklijvend zijn. Blastum kennen we van zijn drumwerk voor o.a. Merrimack, Antaeus en Aosoth, maar kiest in de opener voor een nogal houterig hakkend drumpatroon dat me persoonlijk niet goed ligt. In de latere songs vloeit het dynamische drumspel gelukkig meer. In een nummer als “Godspeed, angel of death” pakt de mayonaise wel en ontwaren we de typische strotten van Proscriptor (Absu) en Lord Angelslayer (Archgoat) in de occulte grootspraak. In dit nummer eist de basgitaar tevens een goed hoorbare rol op. De veelvuldige variatie in zang is een welgekomen aanvulling op de vrij droge en monotone screams van Scorpios. In “Upon the pale horse” horen we een vocale gastbijdrage van Demoncy’s Ixithra en blijven we ondanks de veelvuldige zangkoren goed bij de les. Kawir’s Phaesphoros stond in voor de mix en horen we dan weer in de rituele gezangen van “Parcae – Trinity of fates” opduiken. Goede zaak dat we in dit nummer vanaf 3:40 toch ook weer wat venijnige riffs te horen krijgen, want alle ritualistische elementen beginnen op den duur gezapig in plaats van cryptisch te klinken. En wat ik van die panfluit moet denken, weet ik nog altijd niet goed. Brian Artwick, gekend van zijn werk voor o.a. Absu, Nurse en Equimanthorn componeerde het also outro dienende “Tempus fugit” maar heeft niet veel om het lijf. Concluderend is “Mors vincit omnia” voer voor wie zijn of haar black graag met een occulte saus en brandend kaarsvet overgoten ziet, hoewel het bijlange na niet de beste plaat in het genre is. Mij begint de theatrale bombast na vijfenvijftig minuten wel wat tegen te steken en wordt het eenheidsworst doordat zo goed als alle nummers van de nodige tierlantijntjes doordrongen zijn. Er is duidelijk veel werk in deze plaat gekropen, maar geef me nu naderhand maar liever een straightforward black metal-plaatje.

JOKKE: 73/100

Crimson Moon – Mors vincit omnia (Debemur Morti productions 2019)
1. Vanitas
2. Altars of Azrael
3. Godspeed, angel of death
4. Upon the pale horse
5. Parcae – Trinity of fates
6. Mors vincit omnia
7. Funeral begotten
8. Tempus fugit

Akrotheism – Law of seven deaths

Akrotheism is – voor ondergetekende althans – niet meteen de bekendste naam uit de boeiende Griekse black metal-scene. Met haar nieuwe tweede langspeler “Law of seven deaths” zal daar ongetwijfeld verandering in komen want de Grieken – waarvan een deel een gemeenschappelijk verleden in de band Astral Aeon deelt – trakteren ons op een klein uur aan verstikkende occulte black gericht op de ongecontroleerde bevrijding van onderbewuste energieën. De ietwat vreemde mix van Stephen Lockhart en zijn Emissary Studio (o.a. Sinmara, Rebirth Of Nefast en Svartidauði) is even wennen want deze klinkt vrij dof en zompig maar past uiteindelijk wel bij het beklemmende sfeertje dat opgewekt wordt. Zanger Aeon perst de meest uiteenlopende keelgeluiden uit zijn strot gaande van getormenteerde screams over mysterieus gefluister tot sacrale gezangen en proclamerende vocalen. Aeon wordt voor de koorzang bij momenten ook bijgestaan door Acherontas V. Priest die wel meer bijklust als gastzanger. Er vallen in de magnifieke opener “Typhonian serpents” raakvlakken te noteren met een Akhlys, Bestia Arcana of Nightbringer en ook later duiken diens snerpende invloeden nog op. Maar evengoed horen we Blut Aus Nord-dissonantie in deze onheilspellende black terug. Het aanvankelijk op doomtempo startende maar nadien openbarstende “Manifesting tartarus” weet zich vanaf de eerste luisterbeurt in ons geheugen te nestelen en bleef daar nog enkele dagen rondspoken. “Desmotropia” sleept zich tergend traag voort maar haar tentakels kronkelen zich gaandeweg rond je lichaam en houden je een kleine tien minuten lang in een wurggreep vast. “Virtue of Satyr” start met een spoken word afkomstig uit de film “Caligula” en neigt – net zoals het artwork – opnieuw naar de eerder aangehaalde bands van Naas Alcameth hoewel er ook ruimte is voor melodieuze leads en groots klinkende zangpartijen. “Oracle mass” doet dienst als instrumentaal intermezzo en bulkt van de occulte ritualistische klanken. Het twaalf minuten durende “Skeptomorphes (The origin of I)” is allesbehalve een hapklare brok black metal waar je je nog tientallen keren mee kan vermaken om je tanden in te zetten en volledig te doorgronden. Subliem nummer! Ook hekkensluiter “En” heeft heel wat te bieden, maar dan zonder het gekende black metal-instrumentarium in te zetten. Ur Nahath leeft zich hier uit middels rituele percussie, mythische oerwoudgeluiden, bevreemdende ambient en naargeestige tribal-zang. Het voelt aan alsof we in een koperen ketel op het pruttelend vuur bij één of andere koppensnellersstam aanbeland zijn en langzamerhand het bewustzijn verliezen terwijl we gaar gekookt worden. Kortom, “Law of seven death” laat de typische Helleense sound achterwege en mixt het beste van USBM en de dissonantie aanbiddende IJslandse scene in een abstracte, angstaanjagende en hypnotiserende plaat die onder je vel kruipt, alle positiviteit uit je lichaam zuigt en een dissociatieve staat opwekt. Zo horen we het graag!

JOKKE: 88/100

Akrotheism – Law of seven deaths (Osmose Productions 2019)
1. Typhonian serpents
2. Manifesting tartarus
3. Desmotropia
4. Virtue of Satyr
5. Oracle mass
6. Skeptomorphes (The origin of I)
7. En

Devathorn/Inferno – Zos vel thagirion

Het is weer tijd voor een lesje mystagogie. Het Duitse World Terror Committee liet twee van haar leerlingen, het Tsjechische Inferno en het Griekse Devathorn,  een werkgroepje “inwijding in de mysteriën” oprichten met “Zos vel thagirion” als eindwerk. Het is zoals we van beide bands gewend zijn opnieuw een werkstuk vol draconische grootspraak geworden. Je doet ermee wat je wil. Ik snap er geen jota van en zou zwaar gebuisd zijn als er een examen zou volgen op het aanhoren van deze split. Laten we het dus maar over de muzikale output hebben. Beide entiteiten boksten het eindresultaat niet op eigen houtje in mekaar. Devathorn liet zich bijstaan door de Zweedse componist, audiokunstenaar, schilder en schrijver Michael Idehall en Inferno kreeg hulp van Acherontas V. Priest. Devathorn bijt de spits af en laat voor het eerst in drie jaar tijd nieuwe muziek horen. De laatste langspeler “Vritra” kon ons absoluut bekoren. Op deze twee nieuwe nummers fronsen we meteen de wenkbrauwen bij het aanhoren van de vocalen, want die klinken veeleer hardcore dan black metal, voor mij persoonlijk een afknapper. De vurige en dynamische muziek van “Azazyel iscariot” klinkt met haar Zweedse insteek echter nog steeds à point, er flitst zelfs nog een zinderende solo voorbij. “Omphalos” is experimenteler qua opzet. Het nummer kent een duistere en rituele start en klinkt dreigend en mysterieus door het gebruik van koorgezangen en spoken word samples en doet me soms wat aan Behemoth denken, zonder de snelheidsuitbarstingen dan. In het einde van het nummer duiken we terug rituele sferen in met tribal percussie en mystieke gezangen. Geslaagd nummer! Van het Tsjechische Inferno zijn we behoorlijk fan. De twee voorgangers “Gnosis kardias (of transcension and involution)” en “Omniabscence filled by his greatness” werden dan ook een hoge score toebedeeld op Addergebroed. “The solitary immersion into autarchic silence” neemt de helft van de drieëndertig minuten totale speeltijd voor haar rekening en borduurt verder op de uitwaaierende en psychedelische klanken die op de voorganger verkend werden. De sound van Inferno is heel sacraal en de blasts en riffs zweven als het ware door het ijle universum. Er zijn heel wat rustige stukken in dit kolossale nummer verweven die een beklijvend gevoel opwekken en de spanningsbogen heel strak aantrekken alvorens Inferno haar demonen ontketent. Van welomlijnde songstructuren is er nog amper sprake. Daarna volgt nog het titelnummer van deze split, een heuse ambient/licht-industriële soundscape die op gepaste manier een einde breit aan deze interessante collaboratie. Beide bands slagen dan ook met grootste onderscheiding.

JOKKE: 85/100 (Devathorn: 82/100 – Inferno: 88/100)

Devathorn/Inferno – Zos Vel Thagirion (World Terror Committee 2018)
1. Devathorn – Azazyel iscariot
2. Devathorn – Omphalos
3. Inferno – The solitary immersion into autarchic silence
4. Inferno – Zos vel thagirion