chili

Xalpen – Wowk otrr

Xalpen is een Chileense band die voornamelijk de aandacht zal trekken door zanger/bassist Tarem-Keláash. Wie hoor ik jullie luidop denken? Achter deze schuilnaam treffen we Alvaro Lillo aan, de man die sinds vele jaren live de bass-snaren mishandelt bij Watain. Het belletje rinkelt nu waarschijnlijk wel. Samen met zanger/gitarist Juan Pablo Nuñez richtte hij in 2014 dit Xalpen op waarvan in 2016 reeds de leuke “Black rites” EP verscheen. In de vorm van het vreemd getitelde “Wowk otrr” krijgen we nu een tweede EP voorgeschoteld en de derde zou ook reeds in de maak zijn. Ondertussen is de band ook aangedikt tot een kwartet. Xalpen eert met haar muziek haar voorouders en de goden van de onderwereld en doet dit in een onverstaanbaar taaltje. Doorheen nummers als “Kay’taw hawrr sho’on palakaw-msh – (A cold rain under a cloudless sky)” en “Xosh Kassek – (Chant to Xosh)” waait een duidelijke jaren ’90 wind en de primitieve black bevat een zeker bestiaal randje zonder al te veel richting war metal door te neigen. De bas van Alvaro Lillo krijgt voldoende ademruimte en solospots maar over het algemeen staan de vocalen wel veel te luid in de mix wat ten koste gaat van de gitaarriffs hoewel die op zich niet wereldschokkend zijn. De plaat moet het eerder hebben van de interactie tussen woeste black en rituele klanken. Zo straalt “Ten hashpen – (In darkness remains)” een magische en rituele gloed uit door de wisselwerking tussen de diepe en hoge vocalen die meermaals de goden lijken te aanroepen. Naarmate de plaat vordert is er ook meer ruimte voor atmosferische elementen in de songs. Zo is de titeltrack bijna uitsluitend opgebouwd uit noisy soundscapes en rituele gezangen en eindigt de EP in de vorm van “Sèyta – (The barn owl) / Outro (Piano suite)” met pianoklanken. Op zich opnieuw een leuke EP hoewel de voorganger me meer beviel, met name door de betere productie.

JOKKE: 72/100

Xalpen – Wowk otrr (Morbid Skull records 2018)
1. Intro
2. Kay’taw hawrr sho’on palakaw-msh – (A cold rain under a cloudless sky)
3. Ten hashpen – (In darkness remains)
4. K’terrnenqár shwaken – (The vengeance of K´térnen)
5. Xosh Kassek – (Chant to Xosh)
6. Wowk trr – (Oculus australis)
7. Sèyta – (The barn owl) / Outro (Piano suite)

Wrathprayer/Force of Darkness – Wrath of darkness

Het mag geweten zijn dat ik niet vies ben van een streepje ranzige blackdeath en met mate ook blackthrash. Blijkbaar hebben ook Spaanstaligen een voorliefde voor dit soort smerigheid, gezien enkele van de meest interessante bands deze tongval als moedertaal meegekregen hebben. Dit doet natuurlijk snel denken aan het Spaanse Teitanblood, maar voor deze uitgave steken we de Atlantische Oceaan over en ontmoeten we twee Chileense bands: Wrathprayer en Force of Darkness. Niet ontoevallig brachten deze bands een split uit, die gemakkelijkheidshalve maar “Wrath of darkness” werd getiteld en door David Herrerias (opnieuw van oorsprong Spaanstalig!) van artwork werd voorzien. Gezien beide bands een onderkomen hebben gevonden bij het Amerikaanse Nuclear War Now! Productions klinkt het achteraf bezien best logisch dat deze split ter wereld is gekomen. Muzikaal gezien liggen beide bands echter even ver uiteen als dat de kustlijn van Chili lang is. Daar waar Wrathprayer hun gekende formule van laaggestemde gitaren, gorgelende grunts en sterke dynamiek tussen knallende uitbarstingen en sinistere, broedende passages terug uit de kast halen horen we bij Force of Darkness typische blackthrash à la Aura Noir, waarbij het tempo echter nog iets verder wordt opgeschroefd en waar een sausje smerigheid afkomstig uit de darmen van Sarcófago over werd gegoten. Tijdens de eerste twee nummers na de intro, van de hand van Wrathprayer, worden we teruggekatapulteerd richting het uit 2012 afkomstige “The sun of moloch”, een persoonlijke mijlpaal in het genre. Het gaat hier om genadeloze blackdeath metal in de stijl van Pseudogod, Grave Miasma en dergelijke meer. Het trio beukt er vanaf de eerste noten op los om meteen terug te vallen in de aloude gewoonte van onheilspellend opbouwende passages – dit alles is natuurlijk enkel een voorbode van de sonische slachtpartij die ons gedurende het volgende kwartier ten deel zal vallen. Wrathprayer klinkt zoals gewoonlijk compromisloos, oerduister en gevaarlijk. Force of Darkness daarentegen gooit het met hun hondsbrutale aanpak over een andere boeg: de focus ligt op hypersnelle riffs en dito geram op de drumvellen, waarbij amper een rustpunt te bespeuren valt. De gitaren klinken messcherp en de reverb spat van de vocalen af. Enkele chaotische solo’s worden doorheen de strakke blastbeats geweven maar wat mij betreft mochten deze gerust achterwege gelaten worden. Los van een geslaagd melodieus deel in “The order” komt Force of Darkness snel eentonig over en weten deze Chilenen mijn aandacht niet vast te houden. Stiekem was het beter geweest indien Wrathprayer gewoon een nieuwe langspeler de ether in zou hebben geknald.

CAS: 79/100 (Wrathprayer 85/100 – Force of Darkness 73/100)

Wrathprayer/Force of Darkness – The wrath of darkness (Nuclear War Now! Productions 2017)
1. Wrathprayer – Intro – inhaling wrath
2. Wratphrayer – Tria serpentis
3. Wrathprayer – De profundis
4. Force of Darkness – Wall of fire
5. Force of Darkness – Nunc scio tenebris lux
6. Force of Darkness – The order
7. Force of Darkness – Outro – exhaling darkness

Oraculum – Always higher

De oude metalen des doods worden wereldwijd nog steeds door heel wat legioenen in ere gehouden, alsook in Chili waar Oraculum zich vol passie en toewijding van deze taak kwijt. Het is voorlopig nog wachten op een volwaardig debuut maar via Invictus krijgen we met deze “Always higher” mini toch een leuke zoethouder, na de eerder verschenen EP “Sorcery of the damned“. De titel verwijst naar het principe van de “veroveraar” die middels zijn wijsheid, kracht en overtuiging het holle aardse rondom hem overstijgt. De drie rauwe death metal nummers die we na de intro te verwerken krijgen, klinken dan ook potent, viriel en krachtig. Drummer Conqueror of Fear hakt zich een weg doorheen de barbaarse riffs van gitaristenduo Scourge of God en V. Imprecator en de old school vibe is alom tegenwoordig. Dat de vier heren de oerdagen van het death metal gebeuren in hun hart dragen, bewijzen ze door met coversong “Sphinx” op gepaste wijze een eresaluut te brengen aan het in 1982 opgerichte en in 1987 alweer vergane Duitse Poison, één van de allereerste extreme metal bands ooit (het gaat hier voor de goede verstaanbaarheid dus niet om de Amerikaanse glamrockers). Deze negen minuten durende nekbreker past uitstekend bij de eigen composities hoewel het aandeel thrash metal net iets groter is. Leuke EP voor de fans.

JOKKE: 80/100

Oraculum – Always higher (Invictus Productions 2017)
1. Exeunt
2. Lex talionis
3. Semper excelcius
4. Sphinx (Poison cover)