falkenbach

Evilfeast/Uuntar – Odes to lands of past traditions

If it ain’t broke, don’t fix it! Dit is zowat het levensmotto van het Poolse Evilfeast want reeds vijf langspelers en ettelijke kleinere releases lang, houdt GrimSpirit zich koppig vast aan de stijl die hij met deze one man band laat horen. We hebben het dan over met dikke keyboardlagen en heldere zangkoren doordrongen grimmige black die zo cinematografisch van aard is dat je als luisteraar weinig moeite hebt om het verhaal en de scene achter een titel als “A castle enfolded in crimson twilight” voor de geest te halen. Als kleine extra krijgen we op deze split met het Nederlandse Uuntar, naast de dertien minuten durende eigen compositie, nog een cover van Helgrindr voor de kiezen. Deze Franse band, die er al in 1993 bij was, was me onbekend en het gecoverde nummer stamt van diens zwanenzang, de uit 2001 stammende EP “Von den Vorfahren herstammend Landen“. Deze song past EvilFeast als gegoten hoewel het tempo wat hoger ligt dan in het meer repeitieve eigen nummer. En zoals steeds lijkt het alsof de tijd midden jaren ’90 is blijven stilstaan, hoewel je je als luisteraar eerder in de donkere middeleeuwen waant. De twee andere songs zijn van de hand van Uuntar, wat Oud-Duits is voor ‘winter’. Het duo achter deze band met een meer heidense insteek kan je gerust als veteranen beschouwen want zowel zanger/gitarist/bassist Herjann als drummer/gitarist/toetsenist Nortfalke hebben een cv waarop zowat de helft van de NLBM-scene prijkt, waarbij hun wegen in het verleden o.a. kruisten bij Lugubre. Voorafgaand aan deze split verscheen in 2018 reeds de debuutlangspeler “Voorvaderverering“. Ook bij Uuntar staan keyboards en heldere zang centraal in hun muzikale visie. De toetsen klinken voortdurend alsof een groepje engelen mee loopt te neuriën met de gitaarriffs en tussen de raspende vocalen door zorgen de vele zangkoren op Falkenbachse wijze voor extra epiek. Naar het einde van het bijna elf minuten durende “Zon op de boer” toe, ontbloot het duo de tanden van hun riek wat meer wat geen kwaad kan om de schwung in de lange composities te houden. Ook “De man van Mander” houdt soms wat te lang dezelfde thema’s aan en ik ben blij wanneer de voet uiteindelijk dan toch op het gaspedaal belandt. Nog even meegeven dat de Nederlandstalige teksten redelijk goed verstaanbaar zijn, iets wat je kopje thee moet zijn. “Odes to lands of past traditions” is geen verplichte kost maar een fijne split voor liefhebbers van black metal, keyboards en heldere zangkoren.

JOKKE: 72/100 (EvilFeast: 74/100 – Uuntar: 70/100)

Evilfeast/Uuntar – Odes to lands of past traditions (Heidens Hart Records 2020)
1. Evilfeast – A castle enfolded in crimson twilight
2. Evilfeast – In umbra refugiis luminem exsecrari (Helgrindr cover)
3. Uuntar – Zon op de boer
4. Uuntar – De man van Mander

:Nodfyr: – In een andere tijd

In mijn jeugdige jaren luisterde ik af en toe wel eens naar heidensmetaal à la Falkenback, Theudho of Månegarm terwijl deze stijl nu nog amper door mijn boxen knalt. Toch weten de epische klanken van nieuwe speler :Nodfyr: mij te bekoren, in de eerste plaats door de genietbare cleane zang van Joris Van Gelre, die centraal in de muziek van :Nodfyr: staat. Bij zijn andere band Wederganger zorgen zijn plechtstatige vocalen voor afwisseling met de vettige screams van zijn kompaan Botmuyl, maar hier staat de man solo in de schijnwerpers. De muziek van :Nodfyr: heeft niet veel met black metal te maken en neigt eerder naar Joris’ ex-band Heidevolk, maar dan zonder de overdreven folk-elementen en het opzwepende, irritante huppelend karakter van diens muziek. :Nodfyr: klinkt serener en volwassener. De Nederlandstalige zang wordt gedrapeerd over mid-tempo metal die geïnfuseerd is met viool- en pianoklanken en middels de gitaarsolo in “In een andere tijd” een heavy metal toets kent. Gitarist Mark kwint en keyboardspeler Jasper Strik (beiden van de band Alvenrad) zorgen voor epische achtergrondkoorzang, maar het is toch vooral Joris die alle aandacht naar zich toezingt. Inspiratie haalt de band uit de folklore, mythologie en natuur van geboortestreek Gelderland. De bandnaam verwijst naar de Germaanse heidense manier van vuur maken zoals die vermeld wordt in de uit de achtste eeuw stammende “Indiculus superstitionum et paganiarum” en is daarmee één van de oudste proto-Nederlandstalige woorden. Ik kan dit :Nodfyr: wel smaken en de interesse is gewekt naar meer materiaal van deze Nederlanders.

JOKKE: 81/100

:Nodfyr: – In een andere tijd (Ván Records 2017)
1. In een andere tijd
2. Ode aan de IJssel

Arkona – Lunaris

De meest gekende Poolse bands die de second wave of black metal begin jaren negentig in gang staken, zijn ongetwijfeld Behemoth en Graveland. Vergeet echter Arkona niet dat sinds haar oprichting in 1993 al zeventien kogels uit de strak om-de-lederen-broek-gespannen kogelriem heeft afgeschoten. Met “Lunaris” als langspeler nummer zes, vuurt Arkona echter haar meest dodelijke kogel op de luisteraar af. Doorheen de jaren is het een komen-en-gaan van bandleden geweest met veteraan Khorzon (gitaar, bas en keyboards) als enige constante. En zelfs na de opnames van “Lunaris” blijft het een voortdurende position switch. Op plaat horen we Nechrist als tweede gitarist, Zaala als drummer/mitrailleursalvo en Necrosodom als sessiezanger. Die laatste werd recent vervangen door zanger/bassist Drac waardoor drie vierde van de huidige line-up uit leden van Taran bestaat. Het Arkona-geluid anno 2016 is een synthese van snelle op Zweedse leest (think Setherial, Dark Funeral) geschoeide straightforward black metal waarbij keyboards voor een donkere, neo-klassieke, romantische invalshoek zorgen. De heidense thematiek ligt er niet vingerdik bovenop zoals bij het type Аркона pagan/folk-band waarvan ik het groengespikkeld schijt krijg. Denk eerder richting Drudkh, vooral door de vocalen en onderhuidse pagan feel en – waarom niet – aan Falkenback zoals tijdens het begin van “Ziemia”. Het galloperende ritme en de drum rolls en fills uit de eerste helft van “Nie dla mnie litość” knipogen naar Dissection om nadien stillere wateren te verkennen waarbij de duistere symfonische klanken aan Limbonic Art doen denken. Hoewel “Lunaris” het hoogtepunt is uit de Arkona discografie en enkele pijnpunten uit het verleden, zoals de steriel klinkende (maar retestrakke) hyperblasts, verholpen zijn, heb ik toch nog wel enkele puntjes van kritiek. Zo klinken de snelle black metal passages bij momenten nogal standaard en inwisselbaar. Verder zal niet iedereen de keyboards kunnen smaken. Ik trek ze nog wel, hoewel ze halverwege opener “Droga do ocalenia” een ongewenste Bal-Sagoth déjà-vue oproepen. Het is niet zo dat de cinematografische toetsen- en orgelpartijen voortdurend de strijd met de tremoloriffs aangaan, ze fungeren eerder als aftrap of rustpunt in de vrij lange nummers, want het zijn de riffs die grotendeels voor het majestueuze karakter zorgen. Concluderend laat “Lunaris” niets nieuws onder de zon horen, maar is de plaat wel best te pruimen, vooral als je je kan vinden in voorgaande name droppings.

JOKKE: 80/100

Arkona – Lunaris (Debemur Morti Productions 2016)
1. Droga do ocalenia
2. Ziemia
3. Śmierć i odrodzenie
4. Nie dla mnie litość
5. Lśnienie
6. Lunaris