World Terror Committee

Barshasketh – Barshasketh

Het van Nieuw-Zeeland naar Schotland verkaste Barshasketh volgen we al een tijdje; sinds het uit 2010 afstammende debuut “Defying the bonds of cosmic thraldom” om meer precies te zijn. Sinds den beginne had oprichter Krigeist het spelen van pure second-wave black metal met zijn éénmansband voor ogen. Een naam als Gorgoroth kwam vaak terug als richtingaanwijzer in zijn muzikale creaties, zo ook op de albums “Ophidian henosis” en de conceptuele split “Sein/Zeit” met het Pools Outre. Ondertussen wist Krigeist een volledige bezetting rondom zich te bouwen met de Finse drummer MK (Hautakammio, ex-Kalmankantaja) als laatste aanwinst. Een decennium na haar oprichting brengt Barshasketh nu haar vierde self-titled-plaat uit, de derde voor World Terror Committee. Wie zich altijd al afvroeg waar de mysterieuze bandnaam vandaan komt, zal het antwoord vinden op het nieuwe album dat gebaseerd is op het concept ‘Be’er Shachat‘ waar de naam Barshasketh van afgeleid werd. Het is een esoterische term en één van de zeven divisies van de hel die opduikt in de Qliphoth van de Joodse Kaballah en draait om het cyclische proces van het bestaan doorheen fases van vernietiging, zuivering en wedergeboorte. “Barshasketh” klokt op een ruime 54 minuten af en laat nog steeds second wave black horen met venijnige power chords, tremolo riffs en single chord partijen. Het eerder vernoemde Gorgoroth, maar ook een Dark Funeral is nooit veraf. De bassist is goed hoorbaar en geeft diepte aan de songs maar de ster van de plaat is ongetwijfeld drummer MK die leuke twists in zijn drumspel inbouwde. Let bijvoorbeeld eens op die gezwinde versnellingen die hij in “Ruin I” uit zijn mouw tovert. De plaat werd opnieuw vereeuwigd in de Necromorbus Studio wat een sound aflevert die erg geschikt is voor dit genre (maar ook wel een tikkeltje generisch klinkt) waarbij de balans tussen atmosfeer en agressie erg belangrijk is. In “Consciousness I” duiken melodieuze leads op en de melodieuze kaart wordt nog verder getrokken in het tweede deel van het nummer dat met cleane gitaren start en halfweg een morbide intermezzo bevat alvorens volledig los te barsten in de flitsende finale. Ook het tweede deel van “Ruin” is episch van opzet. Aanvankelijk word je nog compleet murw geslagen door diens hondsdolle snelheden, maar halfweg passeren een Watain-achtig stukje, cleane gitaren en subtiele cymbaalaccenten waarna een Slayer-riff het supersnelle einde inluidt. In “Rebirth” trekken progressieve Emperoriaanse riffs dan weer de aandacht. Als kers op de taart heeft Barshasketh met het afsluitende “Recrudescense” nog het langste nummer van de plaat voor ons in petto waarin allerlei rituele gezangen de revue passeren. Het ontbreken van een eigen identiteit maakt Barshasketh goed met het uitermate strakke spel en de beste nummers die ze ooit geschreven hebben. Met stip hun beste werk tot op heden.

JOKKE: 85/100

Barshasketh – Barshasketh (World Terror Committee 2019)
1. Vacillation
2. Resolve
3. Consciousness I
4. Consciousness II
5. Ruin I
6. Ruin II
7. Rebirth
8. Recrudescense

Mortuus/Serpent Noir – Split

Enkele maanden geleden verscheen een interessante 7 inch split die ik u toch niet wil onthouden. Zoals iedereen ondertussen wel weet is het met Daemon Worship Productions niet zo goed afgelopen. Heel wat bands zijn dan ook in de zak gezet door het label en enkele releases zijn in de vergetelheid geraakt. Het plan was dat er op een bepaald moment een labelcompilatie zou verschijnen, maar dat is nooit waar geworden. Links en rechts zijn al enkele van die songs opgedoken en ook op deze split prijken twee nummers die voor de verzamelaar bestemd waren: ééntje van Mortuus en ééntje van Serpent Noir. Beide songs werden door Abigor’s TT uit de compilatie geselecteerd en middels World Terror Committee uitgebracht. Het Zweedse Mortuus staat gekend voor haar slepende black die een penetrante grafgeur uitademt. En dat is op “Nyctophilia” niet anders. Je hoort zelfs wat invloeden van Thorns ten tijde van diens legendarische “Trøndertun“-tape uit 1992 terug. Ook de Grieken van Serpent Noir brengen geen blastfestijn met “Dreaming iblis“. Een dromerige ietwat sensuele atmosfeer kronkelt zich doorheen de occulte akkoorden en ritmes, maar het nummer klinkt toch wat ruwer dan wat we op diens laatste plaat “Erotomysticism” voorgeschoteld kregen. Interessante split voor de liefhebbers.

JOKKE: 82/100 (Mortuus: 82/100 – Serpent Noir: 82/100)

Mortuus/Serpent Noir – Split (World Terror Committee 2018)
1. Mortuus – Nyctophilia
2. Serpent Noir – Dreaming iblis

Devathorn/Inferno – Zos vel thagirion

Het is weer tijd voor een lesje mystagogie. Het Duitse World Terror Committee liet twee van haar leerlingen, het Tsjechische Inferno en het Griekse Devathorn,  een werkgroepje “inwijding in de mysteriën” oprichten met “Zos vel thagirion” als eindwerk. Het is zoals we van beide bands gewend zijn opnieuw een werkstuk vol draconische grootspraak geworden. Je doet ermee wat je wil. Ik snap er geen jota van en zou zwaar gebuisd zijn als er een examen zou volgen op het aanhoren van deze split. Laten we het dus maar over de muzikale output hebben. Beide entiteiten boksten het eindresultaat niet op eigen houtje in mekaar. Devathorn liet zich bijstaan door de Zweedse componist, audiokunstenaar, schilder en schrijver Michael Idehall en Inferno kreeg hulp van Acherontas V. Priest. Devathorn bijt de spits af en laat voor het eerst in drie jaar tijd nieuwe muziek horen. De laatste langspeler “Vritra” kon ons absoluut bekoren. Op deze twee nieuwe nummers fronsen we meteen de wenkbrauwen bij het aanhoren van de vocalen, want die klinken veeleer hardcore dan black metal, voor mij persoonlijk een afknapper. De vurige en dynamische muziek van “Azazyel iscariot” klinkt met haar Zweedse insteek echter nog steeds à point, er flitst zelfs nog een zinderende solo voorbij. “Omphalos” is experimenteler qua opzet. Het nummer kent een duistere en rituele start en klinkt dreigend en mysterieus door het gebruik van koorgezangen en spoken word samples en doet me soms wat aan Behemoth denken, zonder de snelheidsuitbarstingen dan. In het einde van het nummer duiken we terug rituele sferen in met tribal percussie en mystieke gezangen. Geslaagd nummer! Van het Tsjechische Inferno zijn we behoorlijk fan. De twee voorgangers “Gnosis kardias (of transcension and involution)” en “Omniabscence filled by his greatness” werden dan ook een hoge score toebedeeld op Addergebroed. “The solitary immersion into autarchic silence” neemt de helft van de drieëndertig minuten totale speeltijd voor haar rekening en borduurt verder op de uitwaaierende en psychedelische klanken die op de voorganger verkend werden. De sound van Inferno is heel sacraal en de blasts en riffs zweven als het ware door het ijle universum. Er zijn heel wat rustige stukken in dit kolossale nummer verweven die een beklijvend gevoel opwekken en de spanningsbogen heel strak aantrekken alvorens Inferno haar demonen ontketent. Van welomlijnde songstructuren is er nog amper sprake. Daarna volgt nog het titelnummer van deze split, een heuse ambient/licht-industriële soundscape die op gepaste manier een einde breit aan deze interessante collaboratie. Beide bands slagen dan ook met grootste onderscheiding.

JOKKE: 85/100 (Devathorn: 82/100 – Inferno: 88/100)

Devathorn/Inferno – Zos Vel Thagirion (World Terror Committee 2018)
1. Devathorn – Azazyel iscariot
2. Devathorn – Omphalos
3. Inferno – The solitary immersion into autarchic silence
4. Inferno – Zos vel thagirion

Valkyrja – Throne ablaze

Op Metal Archives staat een vernietigende review te lezen van “The antagonist’s fire“, de derde plaat van Valkyrja, waarin de Zweedse band als een goedkope karikatuur van Watain wordt afgeschilderd en de songs als B-kantjes van diens “Sworn to the dark“-album afgedaan worden. Ik kan me in deze kritiek wel enigszins vinden maar Valkyrja als ‘goedkoop’ of ‘karikatuur’ bestempelen, gaat mij toch een paar bruggen te ver. Dat de Zweedse band goed naar genre- en streekgenoten Watain heeft geluisterd, valt niet te ontkennen en in dat opzicht is volgend statement van de band dan ook quatsch: As part of Valkyrja’s philosophy of ridding themselves from limitations, no specific genre was ever chosen since it would only serve to establish a framework of useless expectation. The artistic output created under the flag of Valkyrja defies all earthly shackles, including those of commercial categorization. Valkyrja speelt immers overduidelijk Zweedse black met invloeden van Watain en Marduk (inspecteer maar eens enkele riffs in “Opposer of light“), zonder buiten de lijntjes van het genre te kleuren. Daar waar Erik en co echter meer catchy te werk gaan, zijn de nummers van Valkyrja toch net iets moeilijker te doorgronden maar ze zitten wel vernuftig in mekaar. Enkel met “Crowned serpent” lijkt voor een meer toegankelijke, meezingbare en korte albumopener vol wervelende arpeggio’s gekozen te zijn. Ondanks voortdurend gerommel in de line-up heeft bandbrein Simon Wizén – die by the way nog geen dertig jaar oud is – zich sinds de oprichting van Valkyrja in 2004 steeds met uitstekende muzikanten weten omringen waardoor er op de strakke uitvoering van diens Zweedse melo-black al vier langspelers lang niets aan te merken valt. Na de plotse verdwijning van zanger RSDX (die echter nooit op plaat te horen was) heeft hij nu ook de vocalen voor zijn rekening genomen en die moeten absoluut niet onderdoen voor die van Andreas Lind die op de vorige albums te horen was. Simon klinkt een tikkeltje heser, maar hij kwijt zich heel goed van zijn nieuwe taak. Een ander pluspunt is het mooie soleerwerk en de knappe gitaarharmonieën die we o.a. in “Tombs into flesh” en “Paradise Lost” te horen krijgen. En hoewel de band grossiert in snelheidsduivels blijft het kwartet ook stevig overeind staan in mid-tempo songs als “Halo of lies”, dat een knappe flow kent, en “Transcendental death” waarin ook naar hogere snelheden geschakeld wordt. En zelfs in de negen minuten durende titeltrack met prachtige slotmelodieën blijven we geboeid luisteren. Collega Cas haalde recent vernietigend uit naar het plagiaat van Groza aangaande haar grote voorbeeld Mgła. Hoewel bij Valkyrja de Watain-invloeden er eveneens vingerdik bovenop liggen, beleef ik echter meer luisterplezier aan Valkyrja dan aan de laatste twee Watain-albums. Bovendien blijft Valkyrja consistent hoge kwaliteit afleveren. Liefhebbers van snel Zweeds spul genre Watain, Marduk, Setherial of Dark Funeral kunnen blind tot de aanschaf overgaan. Ben je op zoek naar een meer eigenzinnige of originele sound, dan laat je “Throne ablaze” maar aan de kant liggen.

JOKKE: 86/100

Valkyrja – Throne ablaze (World Terror Committee 2018)
1. In ruins I set my throne
2. Crowned serpent
3. Opposer of light
4. Tombs into flesh
5. Halo of lies
6. Transcendental death
7. Paradise lost
8. Throne ablaze

 

 

Sargeist – Unbound

Sinds haar conceptie in 1999 is Sargeist één van de vaandeldragers van de Finse black metal-scene. Oprichter Shatraug heeft zijn aandeel in zowat de helft van de bands die actief zijn in het land van de duizend meren, maar tezamen met Horna is Sargeist toch één van de meest consistente qua uitbrengen van plaatwerk, hoewel voorganger “Feeding the crawling shadows” toch ook weeral vier jaar achter ons ligt. In tussentijd heeft Sargeist echter grote kuis in haar line-up gehouden en heeft spilfiguur Shatraug in de Amerikaanse gitarist VJS (o.a. Adaestuo en Nightbringer), bassist Abysmal (o.a. Saturnian Mist), gitarist Gruft (o.a. Desolate Shrine, Perdition Winds) en zanger Profundus (o.a. Desolate Shrine) nieuwe strijdmakkers gevonden. Ondanks de nieuwe line-up doet Sargeist op haar vijfde langspeler wat van haar verwacht wordt: ongecompliceerde, van alle tierlantijntjes ontdane black metal op de luisteraar afvuren. De productie houdt hierbij het midden tussen grimmig en krachtig zodat de melodieën toch goed te volgen zijn. “Psychosis incarnate” is meteen een fijne binnenkomer die de toon zet voor de overige vijfenveertig minuten. Ook “To wander the night’s eternal path” is Finse black volgens het boekje. Voor sommigen zal daar het schoentje wringen omdat je voor verrassingen of experiment bij Sargeist écht wel aan het verkeerde adres bent. Op zich is er niets verkeerd aan de traditionele aanpak van het vijftal, maar van enige afwisseling is er bijgevolg dan ook weinig sprake hoewel “The bosom of wisdom and madness” door haar gevarieerde vocale aanpak positief opvalt. “Death’s empath” springt er eveneens bovenuit door haar semi-rockende semi-blastende opzet en pakkende riffs (waar Shatraug, na meer dan honderd nummers geschreven te hebben, de inspiratie vandaan blijft halen, is me dan ook een groot vraagteken). In “Hunting eyes” daalt het tempo aanvankelijk en weten de riffs opnieuw een heupwiegje in gang te zetten. De titeltrack is goed gekozen want deze perfectioneert de vintage-Sargeist sound tot in de perfectie. Daar waar ik tegen het einde van zowat elke Sargeist-plaat mijn focus verlies, is dat bij “Unbound” niet het geval. “Grail of the pilgrim” sluit deze viering van old-school Finse zwartgalligheid dan ook perfect af. Sargeist is geen rocket science, maar bewijst opnieuw dat het goed is in wat het doet en levert met “Unbound” met stip haar beste werk af.

JOKKE: 83/100

Sargeist – Unbound (World Terror Committee 2018)
1. Psychosis incarnate
2. To wander the night’s eternal path
3. The bosom of wisdom and madness
4. Death’s empath
5. Hunting eyes
6. Her mouth is an open grave
7. Unbound
8. Blessing of the fire-bearer
9. Wake of the compassionate
10. Grail of the pilgrim

Ascension – Under ether

Het Duitse World Terror Committee staat immer garant voor orthodoxe black metal van de bovenste plank, zoals Chaos Invocation recent bewees. Sinds het eveneens Duitse Ascension in 2007 ontstond werd de band ook onder de vleugels van het befaamde (en beruchte) label ondergebracht. Het anonieme gezelschap (waarvan één van de leden, zo blijkt, ook in Secrets of the Moon actief is) bracht van daaruit de EP “With burning tongues” uit, die mij meteen bij de keel wist te grijpen met een snedige gitaarsound en lang uitgesponnen, meeslepend gitaarwerk. Met opvolger “Consolamentum” zette de band in 2010 de trend voort en loste een pareltje dat in mijn ogen ondertussen als een moderne black metalklassieker mag worden beschouwd. “Consolamentum” was een conceptalbum, tot de nok toe gevuld met fantastische, bijwijlen dissonante riffs en de karakteristieke blastbeat-uitbarstingen – zo karakteristiek dat we het in besloten kring op den duur over ‘Ascension-riffs’ hadden. Na het iets minder geslaagde “The dead of the world”, dat hier en daar een opflakkering van de gekende Ascension-genialiteit liet horen (“Deathless light”), is het eind deze maand dan tijd voor langspeler nummer drie: “Under ether”. Het evocatieve artwork van Dávid Glomba zet zelfs voor de eerste luisterbeurt al de toon: “Under ether” is op nieuw een op en top orthodox black metal album vol left hand path symboliek. Onze oosterburen blijken qua sound het pad begonnen met “The dead of the world” verder te bewandelen, waarbij meer en meer death metalriffs de bovenhand nemen. We krijgen de gekende dynamiek tussen agressieve uitbarstingen en melodieuze twin-guitarpartijen opnieuw voorgeschoteld, doorspekt met staccato passages en vaak diepere vocalen dan we van de Duitsers gewend zijn. Echter besluipt me het gevoel dat de inspiratie voor langspeler nummer drie wat zoek was. In nummers zoals “Dreaming in death” vliegen de saaie chugga-chugga riffs ons om de oren, terwijl “Ecclesia” iets te veel een nummer als “Consolamentum” probeert na te doen. Ascension weet wel degelijk hoe ze degelijke tot zelfs zeer sterke songs in elkaar moeten boksen (afsluiter “Vela dare” is exact wat ik van deze band had gehoopt te horen!), maar ik kan me niet van de indruk ontdoen dat de band af en toe zichzelf lijkt te kopiëren of zelfs riffs recycleert. “Under ether” is zeker een degelijk album geworden, maar weet minder te beklijven dan eerder materiaal. Dat World Terror Committee dit album promoot als het beste wat de band ooit heeft geschreven, is helaas een loopje nemen met de waarheid.

CAS: 75/100

Ascension – Under ether (World Terror Committee 2018)
1. Garmonbozia
2. Ever Staring Eyes
3. Dreaming In Death
4. Ecclesia
5. Pulsating Nought
6. Thalassophobia
7. Stars To Dust
8. Vela Dare

Chaos Invocation – Reaping season, bloodshed beyond

Met bands als Acherontas, Ascension, Fides Inversa, Acrimonious en Inferno onder haar hoede kan je het Duitse World Terror Committee gerust als het Mekka voor occulte en/of orthodoxe black metal beschouwen. Misschien minder bekend dan de aangehaalde bands, maar daarom niet minder bemind, en toch al drie platen lang bij WTC gehuisvest, is het Duitse Chaos Invocation. Op debuutplaat “In bloodline with the snake” uit 2009 klonken onze oosterburen nog als het kleine broertje van Watain, maar met opvolger “Black mirror hours” uit 2013 wisten ze mijn zwartgeblakerde hart voorgoed te veroveren. Daarna bleef het echter verdacht stil rond de band totdat vorig jaar een eerste teken van leven verscheen middels de split met labelgenoten Thy Darkened Shade. De band rond A. (gitaar) en M. (zang) had zich lange tijd teruggetrokken in het repetitiehok om aldaar aan de blijkbaar moeilijke derde langspeler te werken. Ondertussen werden de troepen ook herschikt en treffen we nu drumheerser Gionata Potenti (deze man behoeft geen introductie meer) in de line-up aan die in zijn kielzog Darvaza- en Fides Inversa-collega Tumulash op basgitaar meebracht. De kwaliteit die op “Black mirror hours” te horen was, is gelukkig na al die tijd niet weggeëbd, wat bewijst dat Chaos Invocation nog steeds een duivelseskadron is om rekening mee te houden. De black metal wordt ter meerdere eer en glorie van de Gehoornde gebracht en is met een gezonde portie Dissection-melodie geïnfuseerd. Dat resulteert in pakkende songs zoals het catchy “Obsession is always the answer” en het creatieve “Menskindrums of doom” waarbij ritualistische en melodieuze passages hand-in-hand gaan. Is “Reaping season, bloodshed beyond” dan een herhalingsoefening van de vorige langspeler geworden? Niet helemaal, want de aandachtige luisteraar merkt toch op dat er iets meer progressieve elementen in de volwassen songstructuren geslopen zijn. De mannen van Chaos Invocation vertonen vakmanschap op gebied van songwriting waarbij er duidelijk oog is voor interessante bruggetjes en onverwachte wendingen. Tevens wordt er nog steeds geëxperimenteerd met cleane vocalen, een uitprobeersel dat echter niet altijd volledig in smaak valt bij ondergetekende. Zo zijn de cleane gezangen in “Blackmoon prayer” op het randje van tenenkrommend. Dit is echter een héél kleine smet op het blazoen van een voor de rest beresterke en overtuigende plaat.

JOKKE: 88/100

Chaos Invocation – Reaping season, bloodshed beyond (World Terror Committee 2018)
1. Where hearts shall not rest
2. Calling from Dudail
3. To fathom the bloodmist
4. Menskindrums of doom
5. Obsession is always the answer
6. The search of keys and gates
7. Blackmoon prayer
8. Luciferian terror chorale
9. Chaos invocation
10. Bloodshed beyond
11. Ajna assassins absolute