Je hebt splits die niet veel meer zijn dan twee of meer bands die lukraak enkele nummers samengooien en waarbij het soms ver zoeken is naar cohesie, maar er bestaan ook releases zoals “Verloren vertellingen” waarop de bands Schavot, Asgrauw, Hellevaerder en Duindwaler samen aan de slag gaan om een release met overkoepelend thema te realiseren en waarbij elke deelnemer de andere als het ware motiveert om de lat hoger te leggen, waardoor er quasi geen sprake is van onderling kwaliteitsverschil. Zwaar onder de indruk zijnde van “Verloren vertellingen“, een release op het Zwaertgevegt label, contacteerden we de bands voor wat duiding. Het feit dat ze aan een simpele vraag soms voldoende hadden om deze uitgebreid toe te lichten, leverde een uitgebreid relaas op over de achtergrond van “Verloren vertellingen“. Vandaar dat we dit interview in twee delen publiceren. In dit eerste deel zoeken we o.a. naar de parallellen en verschillen tussen inwoners uit het Oosten en het Westen van Nederland en duiken we dieper in de lokale verloren vertellingen. (JOKKE)

Dag heren en dame, “Verloren vertellingen” is niet zo maar een splitrelease geworden, daar er een gemeenschappelijke thematiek doorheen de plaat loopt. Vertel!
Hellevaerder: Toen we eenmaal met zijn allen in een appgroep terecht kwamen, vloeiden de ideeën al heel snel in grote aantallen. Na veel brainstormen kwam daar het idee voor ‘verloren vertellingen’. Het idee was dat wij allen onze eigen stijl zouden spelen, maar met één gezamenlijke thematiek. Dit idee sprak ons aan. Dit maakt het echt een album, in plaats van vier bands die proberen op de voorgrond te raken.
Schavot: Daar sluit ik me bij aan. Toen het idee voor een split-LP ontstond, kwam ook al snel het plan om er een ‘East Side versus West Side’ van te maken. Schavot en Asgrauw komen uut het Oost’n terwijl Hellevaerder en Duindwaler dagelijks de zeelucht ruiken. Maar muziek verbindt ons en er zijn nieuwe vriendschappen uit voortgekomen. Het leek ons gaaf om verhalen uit onze eigen streek te vertellen.
Wie initieerde het idee voor deze vierdelige split en wat maakt de vier deelnemende bands de perfecte zielsverwanten voor dit project?
Schavot: De waardering voor Hellevaerder stak ik nooit onder stoelen en banken, het is precies de black metal zoals ik het graag hoor. Die waardering bleek wederzijds te zijn. Alex van Zwaertgevegt zal al die lofzang niet onopgemerkt zijn gebleven en kwam met het snode plan ons samen te brengen. Alle vier de bands halen inspiratie uit verschillende hoeken van jaren ’90 black metal en op persoonlijk vlak klikt het. Op soortgelijke wijze is ook eerder door Alex een split van Asgrauw met Meslamtaea geïnitieerd. Meslamtaea is daardoor uit een winterslaap ontwaakt en daar ben ik Alex nog steeds dankbaar voor.
Hellevaerder: Wij werden door Alex benaderd of wij het zagen zitten een split te doen met Hellevaerder en Duindwaler samen met Asgrauw en Schavot. Dit was direct een volmondige “ja” vanuit ons. Wat dit hele proces vergemakkelijkte was dan ook de eerste show die Hellevaerder en Asgrauw samen speelden op 14 mei 2023. We hadden online onderling al wat contact, en vooral veel bewondering voor elkaars spel. Dit monde na deze show uit tot een vriendschap tussen ons en de bands. Dat maakte het samenwerken heel gestroomlijnd en fijn om te doen, we wisten immers met wie wij contact hadden en wat ieder kon leveren.”

Asgrauw en Schavot situeren zich zoals gezegd in het oosten van Nederland, terwijl Hellevaerder en Duindwaler uit het westen van het land stammen. Zien jullie grote verschillen tussen beide regio’s in termen van bv. temperament. In België staan West-Vlamingen bijvoorbeeld gekend als noeste, harde, ietwat boerse werkers, terwijl Limburgers eerder als jovialer, goedlachser en meer easy going gekend staan. Wij Antwerpenaren hebben dan weer de slechte reputatie arrogant te zijn.
Schavot: Oh zeker! Elke provincie heeft zo ongeveer een eigen cultuur en dialect. In de Randstad (Westen) zijn veel mensen niet op hun mondje gevallen. Daar is het leven gehaast en ze wonen daar graag dicht op elkaar tussen de razende snelwegen. In het Oost’n (Twente) – waar ik mijn roots heb – houden ze van ruimte en de geur van koeienvlaai. Daar zijn mensen over het algemeen meer introvert. Hard werken, eelt op de handen, weinig woorden. Ik denk dat deze karaktereigenschap ook voor veel Noordelingen geldt. Zuid-Limburg is dan weer heel anders: joviaal en easy going net als de Belgisch-Limburgers wellicht? Dat botert niet altijd met rechtlijnige Tukkers en drukke Randstadters, die van deadlines en afspraken houden. Ik generaliseer natuurlijk.
Daan (HV/DD): Op muzikaal gebied is elke regio heel divers, al zijn er duidelijk bepaalde trends gaande. Maar die invulling laat ik liever aan anderen over. Wat het volk betreft zijn vooral Randstedelingen erg gehaast. Alles moet nu en direct, en maar beter snel. Daar heb ik zelf een handje vol van, liever gister dan vandaag. Ik vind het altijd een vakantiegevoel hebben als ik richten het Oosten en Zuiden ga. De mensen zijn minder gehaast, nemen de tijd voor elkaar en genieten van het ‘nu’. Dat spreekt natuurlijk niet voor iedereen maar het algehele verschil is er wel degelijk. Ik moet altijd terug naar aarde gebracht worden door Bas en Valentijn (Valentijn is onze ex-tijdelijke bassist en huidig bandhulp/drumtech) omdat ik te gehaast en daardoor te opgefokt reageer. Maar of dit nou eigenschappen van het gehele volk zijn of persoonlijke aandachtspunten, wie weet? Waarschijnlijk iets van beide.
En op gebied van lokale folklore? Zijn de verhalen die jullie per deelnemende artiest brengen gebonden aan jullie specifieke regio?
Asgrauw: Voor ons zeker! We hebben al eerder een full-length opgenomen met regio-gebonden thematiek. Dit is het album “‘”Gronspech“, dat tevens ook de eerste officiële naam van onze thuishaven is.
Hellevaerder: Onze verhalen zijn gebonden aan de regio waar wij onze persoonlijke geschiedenis opbouwen. Nu komen leden van Hellevaerder voornamelijk uit Noord-Holland, maar bijna elk lid uit een ander gebied. Onze stamplaats is Alkmaar en wij hebben dan ook gekozen voor de folklore uit dat gebied. Er is vroeger zo onwijs veel gebeurd in deze regio dat het zonde is om deze verhalen niet te blijven vertellen.
Daan (HV/DD): Duindwaler gaat over het Heemskerks duingebied, daar Heemskerk mijn geboorteplaats is. De geschiedenis is er erg rijk, met prachtige bezienswaardigheden en een grote geschiedenis. Van thuisuit heb ik een liefde voor geschiedenis meegekregen, en ik hoor dan ook heel graag de verhalen van vroeger aan. Alles is er voor een reden, maar hoe en waarom is dit ontstaan? Middels de twee tracks van Duindwaler neem ik jullie mee op tocht naar een stukje Heemskerkse oudheid. Verhalen die het waard zijn te vertellen, zodat zij niet vergeten zullen worden.
Hebben jullie diep moeten graven naar deze verhalen en legendes of kwamen jullie als kind via jullie ouders of school al in contact met deze verhalen? Is er nog overlevering de dag van vandaag of betreft het écht “verloren” vertellingen?
Schavot: Met Schavot heb ik twee albums achter de rug vol Nederlandse volksvertellingen, de meest bekende verhalen uit de regio zijn al door mij verteld. Ik heb dus wat dieper moeten graven. Folklore leeft erg in de streek waar ik geboren en getogen ben. Het stadje Ootmarsum is heel oud en omgeven met bos en oude boerderijen. Als we vroeger mistflarden op het land zagen wisten we niet anders dan dat het Witte Wieven waren. Ook de bij ons lokale tradities zoals midwinterhoornbloazen is eeuwenoud. Dit geluid heb ik op “Waart oe!” gebruikt.
Asgrauw: Heel diep hebben we niet hoeven graven, met locaties in onze omgeving zoals de Duivelsberg en Galgenhei ontstaan er al snel veel mythen. Daarnaast heeft Groesbeek in de WOII een grote uitvalsbasis gehad voor de geallieerden, en een stuk verder terug de geschiedenis ook voor de Spanjaarden en zijn huurlingen om tegen het Geuze leger te vechten in het Groesbeekse bos en de Mookerheide. Hieruit komen natuurlijk ook verhalen voort. Zoals de “Na.chtgra.ver“, dit verhaal gaat over een van de ridders die onder Ridder Zeger naar het slachtveld trok en hier sneuvelde. Iedere nacht zou hij zijn rit door het bos opnieuw beleven, men zou zijn paard kunnen horen en zelfs het flikkerende licht uit zijn lantaarn kunnen zien. Wie het licht volgt, zal niet meer gevonden worden. Volgens de mythe belandt ook diegene op het slachtveld.
Hellevaerder: Zodra de thematiek was besloten door de groep was het niet ver graven. Wij kenden allen wel een legende die ons aansprak en inspiratie gaf tot het maken van muziek. Hoe wij deze legendes kenden? Zoals deze ooit zijn ontstaan: ‘van mond op mond’. Een verhaal tijdens het slapen, tijdens een gesprek, bangmakerij om af te schrikken, noem maar op. Ook onze gezamenlijke interesse in geschiedenis heeft hierbij geholpen. Wat vaak het mooie van deze verhalen is: er zit een kern van waarheid in. Verbasteringen van het duizendmaal herhalen van hetzelfde verhaal groeien uit tot een eigen entiteit. Naarmate de jaren vloeiden werden verhalen steeds meer aangepast. Of dat nou door nieuwe informatie of nieuwe desinformatie gebeurd. Juist door dit te blijven vertellen wordt het niet vergeten. Wij zijn niet alleen geïnteresseerd in geschiedenis, wij zijn geschiedenis.
Kunnen jullie wat dieper ingaan op de verschillende verhalen of folkloristische karakters die jullie in de desbetreffende songs behandelen? Ik vind het immers een gemiste kans dat de teksten niet bij de fysieke release zitten.
Hellevaerder: Door teksten toe te voegen nemen we juist kracht weg van de muziek. Iedereen moet zijn eigen invulling kunnen geven aan de muziek. De vocalen zijn een manier om energie over te brengen. Door precies te vertellen wat wij zeggen, vullen wij dit voor een ander in, wat wegneemt van hetgeen wat kunst voor ons betekent. Uiteraard zullen sommige stukken tekst vrij worden gegeven, maar dat is alleen wanneer wij dat gepast vinden. Wanneer wij vinden dat het nodig is om de kracht bij te brengen aan het geheel. Het enige dat wij nu vrij willen geven zijn de algehele thema’s van onze nummers. Voor Hellevaerder is dat koning Radboud en voor Duindwaler het Heemskerks duin.
Schavot: Over de nummers op de split het volgende. “Waart oe!” betekent ‘Pas op!’ in Twents dialect. Het gaat over de dodenweg, ook wel ‘weg naar de Hel’ genoemd. Dit is een oud Karrenspoor nabij het dorpje de Lutte, waarover ooit overleden mensen met een koets werden vervoerd naar het kerkhof. Op dit karrenspoor wordt tot op heden in nachtelijke uren soms nog steeds een lijkwagen waargenomen. Sommigen beweren zelfs omver te zijn gereden. Dat men in deze streek erg graag Grolsch lust kan daarvoor een verklaring zijn… Maar het verhaal van een spookkoets spreekt me meer aan. Het andere nummer (“Pieël“) speelde zich af nabij Sevenum. Het vertelt een verhaal over een groep rovers die dorpen plunderden. Totdat boeren met schoppen en dorsvlegels de plunderaars overmeesterden en doodden. Met uitzondering van één kerel – een ridder – die halsoverkop wist te vluchten. Hij had helaas de pech niet de weg in de wildernis van de Peel te kennen en zonk weg in het veen. Zoals dat gaat in volksverhalen, doolt zijn geest nog over de vlakten. Het schijnt dat de helm van deze woesteling ergens in een museum ligt.”
Asgrauw: “Na.chtgra.ver” hebben we al toegelicht. “Óngeneu.jd” betekent letterlijk ‘onuitgenodigde’, dit is een wat meer klassiek spook verhaal. Waarschijnlijk zelfs meer een moraal. Het gaat over een man die een pact sloot met een entiteit. Hierdoor had hij eerst heel veel geluk in zijn leven op gebied van liefde en rijkdom. Maar uiteindelijk betaalde hij met zijn gezondheid. De entiteit werd sterker en de man steeds zwakker. Wanneer men in zijn huis zou zijn, zou men nog steeds negatieve energie voelen en dingen horen en zien in weerspiegelen van ramen.
Vanwaar de vreemde titelnaamgeving met puntgebruik voor de Asgrauw-nummers?
Asgrauw: Voor Asgrauw waren deze twee nummers in het verlengde van het album “Gronspech“. “Gronspech“’s titels waren al in het Gruusbèks dialect. En dat dialect heeft een wat vreemde interpunctie. Een “.” in een woord kun je bijna als pauze zien. De klank van de klinker klinkt nog even door en dan komt de rest pas.
Voor het ontwerp van de hoes van “Verloren vertellingen” klopten jullie niet aan bij een stereotiep metalhoezentekenaar, maar bij een heuse cartografe. Hoe kwamen jullie bij haar terecht?
Asgrauw: Toen we de thematiek hadden besloten kwam Kaos (Ward) met het idee het cover artwork in een kaartvorm te doen. Hij moest meteen denken aan een oude kaart, maar ook aan een RGP-kaart die je vroeger bij games wel eens kreeg. Toen hij dit idee in de groep gooide was Daan meteen overtuigd en de rest volgde snel. We hebben met een aantal kaartontwerpers contact gehad. Omdat er hier aanzienlijk minder van zijn dan van de ‘stereotiepe metalhoezentekenaars’, hebben ze veelal een lange wachtrij en zijn de prijzen ook anders. Hier moesten we even aan wennen. Maar Chloe, waarmee we in zee zijn gegaan, was zelf erg enthousiast over het plan en kon al snel beginnen.
Hellevaerder: Dit idee is wederom in een brainstormsessie ontstaan. De vraag was: vier verschillende covers of gewoon 1 hele dikke? De keuze was snel gemaakt. De gezamenlijke hoes maakt dit album een eenheid in elk opzicht. Gezien we al hadden besloten het over lokale legendes te hebben, was de stap naar een landkaart waar wij allen vandaan komen vrij klein. Het vinden van een cartograaf die op kort termijn wat voor ons kon beteken was nogal een uitdaging. Gelukkig zat Ward er bovenop en hij had binnen no-time een hele toffe gevonden die kon maken wat wij voor ogen hadden en dat nog eens binnen de door ons gestelde deadline.
De “S” van Schavot zien we nog eens apart op een vlag op de landkaart terugkeren. Waarom vijf i.p.v. vier vlaggen?
Schavot: Ik ben geboren en getogen in het mooie Twente, en ben via omzwervingen in Noord-Limburg terecht gekomen. Hoewel ik al wat jaren in Venray woon, voelt Twente ook nog altijd als thuiskomen. Het boerenlandschap met oude houtwallen, de beekjes en kanalen en de stokoude Eiken. Het ademt er geschiedenis. Ook Venray kent veel volksverhalen uit de Peel, wat vroeger een onherbergzaam veenlandschap was. Ik heb over beide regio’s één verhaal gekozen dus er is een extra vlag in het veen gestoken.
Lees verder in deel 2.



