Auteur: addergebroed

Blaze Of Perdition – The harrowing of hearts

Vijfde langspeler alweer voor het Poolse Blaze Of Perdition, een band die zich in het overvolle occulte en orthodoxe black metal genre gestaag naar de top aan het werken is middels een reeks uitstekende platen. “The harrowing of hearts” komt er drie jaar na “Conscious darkness“, een periode waarin de band van Agonia Records naar het grote Metal Blade verkaste en waarin drummer DQ (ex-Mord’A’Stigmata en Arkona) en gitarist M.R. (In Twilight’s Embrace) aan boord gehesen werden om de oorspronkelijke kern bestaande uit zanger Sonneillon en gitarist XCIII te vervolledigen. De “The harrowing hearts” klokt op een pittige 52 minuten af en bevat naast zes nieuwe eigen composities in de vorm van “Moonchild” ook een cover van Fields of the Nephilim. De gothrock van deze grootmeesters heeft trouwens duidelijk haar sporen nagelaten in de black van de Polen. Dat maken de eerste twee nummers “Suffering made bliss” en “With madman’s faith” meteen duidelijk door meer op warmbloedige atmosfeer en mid-tempo melodieën in te zetten waarbij de meer rock-georiënteerde drumstijl van de nieuwbakken vellenmepper goed tot zijn recht komt. Een zeer gesmaakte nieuwe invalshoek wat mij betreft. Met “Transmutation of sins“, de eerste vrijgegeven single voor de nieuwe plaat, wordt terug wat sneller van leer getrokken hoewel deze song zich ook al snel ontplooit tot een melodieuze kraker met een erg aanstekelijk meezingbaar refrein. Blaze Of Perdition is duidelijk toegankelijker geworden en begint wat naar recente Nachtmystium te neigen. Halfweg de plaat valt “Królestwo Niebieskie” op door de Poolse teksten waar we geen jota van verstaan – terwijl de screams van Sonneillon wanneer hij Engels uitbraakt vrij goed te volgen zijn – wat een gesmaakt exotisch kantje toevoegt aan het nummer dat opnieuw aan goth rock ontleende ritmes en melodieën bevat waarin ook een belangrijke rol voor de stuwende basgitaar is weggelegd. “What Christ has kept apart” zoekt wederom de aanstekelijkheid van “Transmutation of sins” op en weet op je gevoel in te spelen middels slepende leadgitaren en infectieuze melodieën. Het meer dan negen minuten durende “The great seduces” moet het hebben van bakken atmosfeer, Katatonia-achtige leads, onderhuidse spanning en subtiele post-rock invloeden. Zoals steeds het geval is bij deze Polen sluiten muziek, teksten (losjes gebaseerd op “The harrowing of hell“, de afdaling van Christus naar de onderwereld in de tijd tussen zijn kruisiging en wederopstanding, waarbij het menselijk hart vol angsten, duistere fantasieën en donkere verlangens symbool staat voor de hel) en artwork naadloos op mekaar aan. “The harrowing of hearts” is gemakkelijker verteerbaar dan de vorige platen en ligt goed in het gehoor met heel wat catchy nummers. Deze nieuwe richting voelt echter niet als een knieval richting commercie aan, maar laat zien dat Blaze Of Perdition steeds nieuwe invalshoeken zoekt voor haar kwalitatieve composities en haar black metal-origine hierbij herschaapt tot een beklijvende brok muziek met bredere invloeden.

JOKKE: 89/100

Blaze Of Perdition – The harrowing of hearts (Metal Blade Records 2020)
1. Suffering made bliss
2. With madman’s faith
3. Transmutation of sins
4. Królestwo niebieskie
5. What Christ has kept apart
6. The great seducer
7. Moonchild (Fields of the Nephilim cover)

Slaughter Messiah – Cursed to the pyre

Old School is the new black‘ moeten de heren van het Belgische Slaughter  Messiah hebben gedacht. Na een slordig decennium komt de band met onder meer Sabathan (ex-Enthroned) in de gelederen op de proppen met een eerste full CD die – als je de band kent – klinkt zoals je zou verwachten, namelijk ouderwetse thrash metal met wat black metal invloeden. “Cursed to the pyre” is een release volgens de klassieke thrashy regels van de kunst: knullige cover, opvallend geleende riffs hier en daar – luister bijvoorbeeld maar naar de track “Hideous affliction” –  en een geluid dat afwisselt tussen chaotisch en strak. Dat gezegd zijnde klinkt alles best treffelijk en is het duidelijk dat de band met de spreekwoordelijke volle goesting speelt en de instrumenten ook degelijk beheerst, waarbij vooral de goede vocalen opvallen. Helaas is elk nummer nogal volgens het boekje en is die herdruk wel enigszins afgezaagd. Begrijp me niet verkeerd, dit is hoegenaamd geen slechte release, maar de plaat had dertig jaar geleden gewoon meer indruk gemaakt op een versie van mezelf die dit nog geweldig vond. Dit soort ‘worship of days gone by‘ heeft zeker een plaats, maar is simpelweg niet aan mij besteed zonder ergens een vernieuwende toets en dit geldt trouwens voor eender welk genre. Uiteindelijk is dit misschien wel zo een band die staat of valt met hoe ze het op termijn live zullen waarmaken. Intussen kunnen mensen die niet genoeg krijgen van bands als Dark Angel dit zeker kopen. Verder zou ik aanraden om het een kans te geven en een eigen oordeel te vormen. 

Xavier: 75/100

Slaughter Messiah – Cursed to the pyre (High Roller Records 2020)
1. From the tomb into the void
2. Mutilated by depths
3. Pouring chaos
4. Hideous affliction
5. Descending to black fire
6. Pyre
7. The hammer of ghouls
8. Fog of the malevolent sore

Primeval Mass – Nine altars

Orth, de bezieler achter Primeval Mass neemt na elke langspeler voldoende tijd voor het schrijfproces van een opvolger. Dat maakt dat er opnieuw vier jaar verstreken zijn sinds voorganger “To empyrean thrones“, die we voor de gelegenheid nog eens vanonder de mottenballen hebben gehaald. Wat een vette black/speed/thrash-schijf was me dat toch. Voor “Nine altars” heeft Orth echt het onderste uit de kan gehaald qua songstructuren en op alle vlakken werd de lat hoger gelegd. De duivel zit ‘em duidelijk ook in de details want er gebeurt heel wat in de complexe en volgepropte songs. En zoals steeds is de sound van Primeval Mass een melting pot van Europese en Amerikaanse thrash uit de jaren ’80, het klassieke heavy metal-geluid, eerste en tweede wave black en progressieve rock. Orth heeft voor deze vierde langspeler beroep kunnen doen op de talenten van heel wat illustere individuen. Zo wordt de Griek door producer George Christoforidis (War Possession) op drums bijgestaan. Hij blijkt niet alleen goed aan de knoppen te kunnen draaien want in een hectisch en experimenteel nummer als “Burning sorcery” of de opzwepende opener “Circle of skulls” wordt qua snelheden en ritmewijzigingen topsport afgeleverd. Leuk weetje is dat de drums voor “The irkallian born“, een rechttoe rechtaan speed/thrash nummer met zwart randje, kortelings na een aardbeving in Athene ingespeeld werden. Orth’s Witchcrawl makkers Tasos Molyviatis en Yiannis K. dragen respectievelijk hun heavy metal uithalen op “Firecrowned” en een akoestische gitaarsolo op het bijna twaalf minuten durende “The Hourglass Still” bij. Semjaza (Acrimonious, Thy Darkened Shade) levert dan weer een ellenlange solo in het instrumentale “Amidst twin horizons” aan. Liefhebbers van gitaarsolo’s komen hier serieus aan hun trekken, hoewel het voor mij soms wel wat te veel naar gitaarmasturbatie overhelt. En last but not least draven ook de twee voormalige Primeval Mass vocalisten Merkaal en Alchemoth nog op om wat mee te komen brullen op “Orphne” en “Night rapture“. Maar de meeste credits gaan natuurlijk naar Orth zelf die met “Nine altars” zijn meest energieke, intense en emotioneel geladen plaat tot op heden aflevert. Voor mij bij momenten echter ook wel iets té druk, virtuoos en hyperkinetisch. Nu Absu haar “eastern candle” uitgeblazen heeft, kunnen de black/thrash/speed-maniakken bij dit Primeval Mass aan hun trekken komen.

JOKKE: 80/100

Primeval Mass – Nine altars (Katoptron IX Records)
1. Circle of skulls
2. The irkallian born
3. Night rapture
4. Amidst twin horizons
5. Burning sorcery
6. Orphne
7. Firecrowned
8. The hourglass still

Krypta Nicestwa – Sarkofagi nocnych zjaw

Wie wild is van spookachtige kerkhofklanken en een beklemmend horrorsfeertje zit bij het Poolse Krypta Nicestwa (“Krypte van het niets”) aan het juiste adres. Dit duo is een jaar of twee actief waarin al twee demo’s en twee splits verschenen (eentje met het Duitse Gjaldur en eentje met het Australische Forest Mysticism). In de vorm van “Sarkofagi nocnych zjaw” (“sarcofagen van nachtelijke verschijningen”) is er nu een nieuwe EP. En die start met een ijselijke grafkreet die me de stuipen op het lijf jaagt. De black metal-klanken die zich nadien vervoegen ruiken naar dood en verderf, maar nergens ambiëren zanger/drummer V. en snarenplukker/ keyboardspeler S. de positie van meest agressieve of snelle band in het genre. De toetsen creëren een lugubere en macabere setting en de riffs hebben in de mid-tempo partijen een heuse doom-insteek waarbij de vroegste bands van de Poolse scene geëerd worden. Wanneer Krypa Nicestwa in het overwegend mid-tempo “Ołtarze diabelskich pierwocin” dan toch accelereert, horen we heel wat vroege-Emperor in het riff-werk doorschemeren en “Czernie bytów chtonicznych” doet me – op het fluitje na – meer dan eens aan Mayhem in het “Deathcrush” era denken. Dan weten jullie meteen ook waar de heren de mosterd halen op vlak van melodieën. Doorheen de spinnenwebben van het archaïsche “W sferze pzoagrobowego trwania” dwalen middeleeuws aandoende synth-partijen die gelukkig nergens in kermistoestanden en polonaise-materiaal ontaarden. De droge krijsstem past dit soort grafherrie als gegoten en de basgitaar weet ondanks de grimmige sound toch haar plaatsje op te eisen. Niets mis met deze EP. S. en V. weten duidelijk waar ze mee bezig zijn.

JOKKE: 78/100

Krypta Nicestwa – Sarkofagi nocnych zjaw (Signal Rex 2020)
1. Spojrzenia świątyni nocy
2. Czernie bytów chtonicznych
3. W sferze pzoagrobowego trwania
4. Ołtarze diabelskich pierwocin

Altered Heresy – Demo II

Death to the false God Jahwe” en Black metal is spiritual warfare”. Twee statements die op Altered Heresy’s tweede demo nog extra kracht bijgezet worden door de afbeeldingen van de gebikvakmutste black metal terrorist die in zijn ééntje verantwoordelijk is voor deze “bleak anti-music“. Het moge duidelijk wezen dat de drie nummers en intro die deze Belgische one man band op ons afvuurt niet voor teergevoelige oortjes zijn. Geen akoestisch kampvuurgetokkel, vrolijke keyboarddeuntjes, feeërieke gezangen, weidse cinematografische klankpanorama’s of meebrulrefereintjes hier, maar hondsdolle agressieve teringblack voortgestuwd door militaristische drumcomputersalvo’s en ontdaan van elke vorm van menselijkheid. Na een gitzwarte ambient-intro, strippen de vlijmscherpe salpeterriffs van “Rites of melancholic torment” het vel van onze botten. De vocalen zijn zwaar door de mangel gehaald en openbaren de getormenteerde ziel van het heerschap achter Altered Heresy. Zo waar doemt er op deze demo toch voor de eerste keer een streepje melodie op in de totale duisternis die hier verder nochtans geschapen wordt. Ook de basgitaar weet zich doorheen de verstikkende dampen en het vochtige muskus te murwen en ook zonder alles vernietigende drums en staccato tempo’s wordt er in “Sorcerous antiquity” middels een zoemende gitaar en onheilspellende synths een naargeestige sfeer neergezet. Daar er geen YouTube-clipje of Bandcamp-link gepost kan worden van deze tweede demo, trakteer ik jullie hieronder op de audioterreur van de eerste demo uit 2018 en als bonus nog de “Clandestine rituals of beastly intend“-compilatie tape waarop naast Altered Heresy nog meer rauwe black te vinden is van Woeblood, Opium Grave, Henbane en Häresie.

JOKKE: 72/100

Altered Heresy – Demo II (Eigen beheer 2019)
1. Intro
2. Rites of melancholic torment
3. Dank musk from rotting corpses
4. Sorcerous antiquity

Turia – Degen van licht

De Nederlander O. is hier op Addergebroed allang geen onbekende meer. Als één van de oprichters van het Haeresis Noviomagi collectief voelden we hem eerder al aan de tand, en ook projecten als Lubbert Das, Nusquama, Iskandr en Solar Temple bleven niet onbesproken. Het collectief is dan ook koploper in de springlevende Nederlandse black metalscene en blijft de ene na de andere nieuwe release uitspuwen. Deze keer is het na een resem splits met onder andere Vilkacis en Fluisteraars tijd voor de derde langspeler van Turia, één van de eerste projecten die de cirkel voortbracht. Geïnspireerd door trektochten door de zuiderse Alpen brengt het trio via Eisenwald “Degen van licht” uit, waarop Turia’s kenmerkende repetitiviteit en blast beat-uitbarstingen terug alom aanwezig zijn. Ondanks de bewust lo-fi gehouden sound heeft “Degen van licht” de tot nu toe beste productie van een Turia-plaat meegekregen, waardoor de gitaar een pak scherper klinkt dan op voorgaande releases en het stofzuigereffect dat bijvoorbeeld “Dede kondre” kenmerkte wat naar de achtergrond is verdwenen. Na intro “I” laat “Merode” er alvast geen gras over groeien en schiet meteen recht in de roos middels een riff die dagen in je hoofd blijft hangen en waarop vocaliste T, die tevens de zang in Nusquama opneemt, haar eerste kenmerkende krijs naar buiten perst. Het moet gezegd, met haar rauwe krijsen vol wanhoop heeft T één van de meest karakteristieke stemmen die je heden ten dage in black metal tegenkomt. Ook op “Met sterven beboet” toont Lubbert Das-drummer J meteen hoe je een stroom aan blast beats toch interessant kunt houden en er een psychedelisch aandoende riff extra mee in de verf kunt zetten. Halfweg het nummer wordt iets meer ruimte gecreëerd voor zich herhalende melodie en wordt het tempo wat teruggeschroefd, zonder echter de flow te doorbreken en waarop O zelfs enkele Pink Floyd-achtige lijnen uit zijn gitaar perst. Opvallend is hoe O doorheen het constante tapijt van snelle riffs een hoop subtiele tremolo-riffs weet te weven, een constante op elke Turia-release en dus ook op “Degen van licht”. Na de bergpieken die de eerste twee nummers waren daalt het titelnummer wat af in een dal en toont Turia een meer melodieuze kant middels een trager tempo en langer uitgesponnen epiek, die zich zonder haast verder ontplooit als een glestjer die langzaam de helling afglijdt. Het moet niet altijd rammen en beuken zijn. “Storm” jaagt het tempo meteen terug de hoogte in en na een ambient intermezzo in de vorm van “II” eindigt het album met het dertien minuten durende “Ossifrage” dat zonder twijfel het meest gevarieerde en, simpel gezegd, beste nummer van de plaat is. Turia heeft de neiging zichzelf keer op keer te overtreffen en dat is dit keer niet anders. “Degen van licht” zit barstensvol riffs die dagen in je hoofd blijven nazinderen en straalt een beklemmende, desolate sfeer uit die je moeiteloos naar weidse dalen en bergkammen teleporteert. Ik heb alvast een plekje in mijn jaarlijst gereserveerd.

CAS: 92/100

Turia – Degen van licht (Eisenwald, 2020)
1. I
2. Merode
3. Met sterven beboet
4. Degen van licht
5. Storm
6. II
7. Ossifrage

Faustian Pact – Outojen tornien varjoissa

Het verhaal over de Duitse magiër en medicus Johann Faust die een pact met de duivel sloot, is u allicht bekend. Het inspireerde deze Finse jongens in 2007 tijdens de zoektocht naar een geschikte bandnaam voor hun black metal-bandje. Er werden jaar na jaar drie demo’s ingeblikt maar in 2010 was ‘het kokeneten gedaan’. Tot nu…want een decennium later zijn de heren uit hun winterslaap getreden en is het tijd voor een volwaardige langspeler die de titel “Outojen tornien varjoissa” meekreeg. Als toverfluitjes, vrouwelijke vocalen, heldere zangkoortjes en tonnen keyboards uw ding niet zijn, moet je hier misschien best ook stoppen met lezen. Faustian Pact klinkt immers behoorlijk gedateerd. Dit is het type black metal dat rond de milleniumwisseling behoorlijk fout klonk en dankzij een label als Last Episode op de mensheid losgelaten werd. Hoe grimmig het trio ook probeert te klinken, de romantische melodieën, fantasy-toetsen en het vrouwelijk gekweel toveren deze plaat in een black metal-musical met een té groot Studio 100-gehalte. Het is er bij momenten zwaar over net zoals de beschrijving van de rol die de heren spelen of wat dacht u van Octus (‘gnarling sorcery-poetic recitations of the gormenghastian towerspeech’), Morthum (‘fluttering stringmastery of the cape-willed shapes’) en Kathral (‘aristocratic pounding of the nontraditional towers and bizarre shadows’)? Héél soms (“Myytti Am’Khollenin kuninkaasta“, “Loitsupuut“) weten de symfonische elementen wel de juiste keizerlijke snaar te raken, maar té regelmatig verzandt het geheel in tenenkrommende circustoestanden. Het kan toch echt niet de bedoeling zijn om polonaises te dansen op black metal? Ofwel? Luister en huiver: “Kuulas musta aika“. Wie echter verzot is op frivole tierlantijntjes en tonnen middeleeuws aandoende toetsen, zal van deze black metal musical smullen. Ik wou elke luisterbeurt na twee nummers de zaal uitlopen.

JOKKE: 55/100

Faustian Pact – Outojen tornien varjoissa (Werewolf Records 2020)
1. Saastainen valo lintutornissa
2. Myytti Am’Khollenin kuninkaasta
3. Kuulas musta aika
4. Loitsupuut
5. Rauniopuhetta
6. Keihäsrinta
7. Valottomien askelten takana
8. Askeesikuun luolissa
9. Yön viittojen saleissa
10. Viimeisen tyrannin silmä