Auteur: addergebroed

Zalmoxis – A nocturnal emanation

Zalmoxis. Een Duitse one man black metal band met een compleet onleesbaar logo die in 2010 werd opgericht en waarbij ik het in Keulen hoor donderen. Voor de naam werd inspiratie gevonden bij de Griekse geschiedschrijver Herodotus die Zalmoxis in zijn historische boeken vermeldt. Hij was een god die door de Getae en de Daciërs nabij de Hellespont werd vereerd en mystieke kennis over de onsterfelijkheid van de ziel zou hebben meegebracht uit het Oude Egypte. Achter Zalmoxis schuilt de illustere figuur Entheogen die tevens actief is bij A Binding Spirit, Ås en Fortress of the Olden Days, drie andere soloprojecten van het heerschap die me ook niet meteen iets zeggen. Het was echter het mysterieus ogende en verbluffende artwork van Nether Temple Design dat me over de streep trok om deze EP een kans te geven. “A nocturnal emanation” telt slechts één track maar dat is er dan wel één die op net geen vijfentwintig minuten speeltijd afklokt. Deze compositie kan haast als één langgerekte occulte toverspreuk beschouwd worden. Langzaam zwellen de ritualistische klanken en helder gezongen mantra’s aan, gevoed door repetitief drumwerk en dissonante gitaren. Het geheel badend in een dikke ondoordringbare en magisch aanvoelende laag waarin je je best volledig kan laten onderdompelen om de beleving compleet te maken. Een hallucinogene gitaarriff beukt minutenlang eenzaam op je geestestoestand in waarna subtiele postrock gitaarlijntjes zich bij de basisriff voegen om te exploderen in een zwartmetalen (o)orgasme vol huiveringwekkend gekrijs en uptempo drumspel. Songstructuren en harmonieuze conventies legt Entheogen moedwillig naast zich neer. De Duitser uit zijn primaire gevoelens en diepste zielenroerselen via epische cleane vocalen en getormenteerde screams, het ene moment introspectief, even later ontaardend in zelfontbranding. “A nocturnal emanation” is een EP die heel wat van de luisteraar vraagt, maar eens je je weg door de op het eerste gehoor ondoordringbare structuren gevonden hebt, openbaart er zich een verslavend mystiek hoorspel. Aanrader voor wie bands als Óreiða, toevallig nog een band uit de Signal Rex-stal, of het dissonant spul waarvoor Fallen Empire Records berucht was, wel kan smaken.     

JOKKE: 84/100

Zalmoxis – A nocturnal emanation (Signal Rex/Triumphant Cadaver 2020)
1. A nocturnal emanation

Asgrauw – IJsval

Vierde langspeler reeds voor het Gelderse Asgrauw en toch is “IJsval” mijn eerste échte kennismaking met de band. Als het vorige werk van een even grote kwaliteit is als wat deze zeven nieuwe nummers laten horen, is het zonde dat ik het trio nu pas op mijn radar kreeg. Asgrauw speelt immers midden jaren ’90 black metal zonder al te veel tierlantijntjes (hoewel toetsen wel subtiel ingezet worden) en met melodieën die onder je huid kruipen. De mid-tempo tweede helft van de titeltrack is hier een prachtig voorbeeld van. Maar denk nu niet dat het hier de romantische tour opgaat, want drummer Batr duwt aan het begin van dit nummer het gaspedaal serieus in. Een compliment gaat uit naar de songschrijver(s) want echt elk nummer heeft een eigen identiteit. Niet alleen door het variëren qua tempo, maar ook gitarist Vaal en bassist Kaos weten hoe ze hun stemmen moeten inzetten om een bepaald gevoel neer te zetten dat perfect past bij de songtitel en atmosfeer die de muziek uitstraalt. In agressieve nummers zoals het beukende “Nevel” of het vurig intense “Broeihaard” dat de boel in lichterlaaie zet, laten ze hun stembanden raspend krijsen, terwijl meer melodieuze songs als “Stortvloed” door heldere of semi-cleane zang ondersteun worden, maar ook eerder verhalende vocalen passeren de revue. Muzikaal gezien vallen invloeden van een Taake niet te ontkennen, luister maar eens naar de meer folky riffs in opener “Leeg“, maar ook oude-Ulver lijkt de band niet vreemd te zijn. “IJsval” is trouwens een vlag die de lading behoorlijk dekt want de stalactieten bengelen aan het gros van de grimmige riffs. Dikke duim omhoog voor Asgrauw. Oh ja, de vorige platen bleken ook dik de moeite waard te zijn!

JOKKE: 84/100

Asgrauw – IJsval (Death Kvlt productions 2020)
1. Leeg
2. IJsval
3. Nevel
4. Stortvloed
5. Broeihaard
6. Heilloos
7. Wanorde

Esoteric – We weten één ding zeker: we zullen sterven

Esoteric is een gevestigde waarde in de funeral doom scene met een rijke geschiedenis en een herkenbare sound. Ter ere van het laatste album “A pyrrhic existence“, had ik een digitaal praatje met zanger/gitarist Greg Chandler. (Xavier)

De perceptie van de Britse doom metal scene werd lang gedomineerd door bands als My Dying Bride en Anathema, maar de meer kritische fan kent jullie al vele jaren. Is erkenning van de “massa” van belang?
Nou, om eerlijk te zijn, zelfs toen we jong waren en de band begonnen, hadden we geen illusies dat we ooit populair zouden kunnen worden. De muziek is extreem. Door het vaak langzame tempo, het zwaar gebruik van effecten en de donkere atmosferen, zal het waarschijnlijk slechts een minderheid van mogelijke fans aanspreken. Voor ons maakt het niet uit. We schrijven en spelen in Esoteric uit liefde voor muziek, wat een vehikel is voor onze expressie. Als de band goed genoeg is om albums te blijven opnemen en uitbrengen en shows spelen, dan is dat alles wat echt belangrijk is voor ons.

Ironisch genoeg is de term ‘underground’ vaak gereserveerd voor black metal, terwijl – in mijn ervaring – Doom Metal heden ten dage toch meer een niche-subgenre is. Hoe word je gehoord zonder te breken met de muziek waaraan je trouw bent?
Ik denk dat ‘underground’ eender welke band in eender welk genre kan omschrijven. Maar extreme doom is inderdaad het minst populaire sub-genre in vergelijking met veel andere metal, zoals death, black of thrash. We hebben simpelweg geprobeerd onszelf trouw te blijven en nummers te schrijven die komen van onze eigen emoties, gedachten en ervaringen. Als anderen het leuk vinden, is het een bonus en zeer op prijs gesteld, maar het is dus niet het doel. Dus we denken er niet aan om onze fanbase te vergroten wanneer we nummers schrijven, we doen gewoon ons best om degelijke muziek te schrijven die persoonlijk is. Ik denk dat de meeste bands fans hebben, ongeacht hoeveel of weinig. Het is gewoon een kwestie van opgemerkt worden door de luisteraars met oprechte interesse. Seasons of Mist promoot het album en de media verspreiden het nieuws, dus als mensen dit horen, vinden sommigen het misschien leuk en anderen dan weer niet.

Het nieuwste album “A pyrrhic existence” klinkt bijzonder somber, wat in lijn is met de titel. Speelde klassieke geschiedenis/Griekse mythologie een rol spelen bij het schrijven ervan?
De titel is een verwijzing naar hoe het bestaan kan worden gezien als iets dat zoveel verwoesting veroorzaakt dat het zelfs voor de overlevenden gelijk kan zijn aan verslagenheid. De titel is inderdaad gebaseerd op oud-Griekse geschiedenis, ontleend aan de uitdrukking “pyrrusoverwinning”. Voor zover ik weet gaat dat over veldslagen tussen Grieken en Romeinen
die zo een zware tol eisten voor beide partijen dat zelfs de Griekse overwinnaars er eigenlijk als verliezers uitkwamen.

Zou je zeggen dat je een echt gevoel van ‘depressie’ nodig hebt om jullie merk van doom echt te waarderen?
Ik weet het niet. Mogelijks. Ik denk dat iemand die grote droefheid, verlies of duisternis heeft doorstaan, het gemoed in onze muziek misschien wel kan waarderen. Maar ik denk dat muzikale voorkeuren niet verbonden zijn met geestelijke gezondheid. Het is dus ook mogelijk dat iemand donkere muziek kan waarderen zonder zwaarmoedig te zijn.

Nu we het toch over zwaarmoedigheid hebben, wat is je mening over de betekenis van het menselijk leven?
Er is geen betekenis, althans niet dat we weten. Velen beweren ergens een kennis te bezitten van hoe de vork aan de steel zit, maar er is geen definitief, onbetwistbaar antwoord. Onze primaire instincten zijn overleven en voortplanting. Dus dat is wat de meesten doen. Maar er zijn veel vragen over ons bestaan die niet worden beantwoord door geloof, wetenschap of geschiedenis, omdat ons niveau van begrip omtrent de wereld en de menselijke geest gewoon ontoereikend is. Maar of er nu een betekenis/doel is of niet, we weten tenminste één onbetwistbaar feit: “We zullen sterven.” Dus we kunnen net zo goed proberen iets te doen met ons leven.

Ik zag jullie lang geleden in België optreden. Wat zijn de plannen voor internationale concerten?
In december stond Madrid op het programma. In 2020 hebben we shows
in Italië, Rusland en Australië. Ongetwijfeld zullen dat er op termijn meer worden.

Wat maakt een goed metal-album?
Dat is een goede vraag. Ik zou vooral zeggen dat de muziek je aanspreekt en past bij de persoonlijke definitie van wat een metal-album goed maakt. Er zijn zoveel verschillende stijlen van bands onder de metal-genres dat het moeilijk is om één antwoord te geven dat voor iedereen zou werken.

Welke tricks voor tuning/uitrusting/productie gebruik je om zo’n zwaar geluid te krijgen?
We stemmen standaard af op A #, met zessnarige gitaren en bas. We gebruiken ook veel lage frequenties in ons geluid en verdubbelen soms onze versterkingsvervormingen met een fuzz-pedaal, zoals een Big Muff of Supercollider, maar we hebben elk verschillende opstellingen en versterkers. Voor het studiogeluid gebruikt ik meestal een combinatie van een ribbon en dynamische mic microfoon over de gitaar kabinetten waarbij de ribbon het lagere warmere bereikt dekt en de dynamische meer attack geeft. De bas werd opgenomen met 2 amps en cabs en een 3 mic opstelling. De versterkers werden ook erg luid opgenomen, waardoor meer lucht wordt verplaatst. Ook hebben we opgenomen in een goede soundroom
waardoor alles meer leven en sustain krijgt, dan wanneer je dat apart van de versterking doet, achter de knoppen.

Vananidr – Damnation

Dat Anders Eriksson, de man achter Vananidr, bruist van de creatieve energie moge duidelijk wezen. In 2019 bracht de Zweed reeds twee langspelers uit (het gelijknamige debuut “Vananidr” en opvolger “Road to north“) en hoewel 2020 nog maar net begonnen is, ligt album nummer drie weer al rondjes te draaien. Op het debuut werd Anders nog bijgestaan door drummer Titan, die tijdens de aanloop naar de opvolger verstek liet gaan. Voor “Damnation” groeide Vananidr voor het eerst tot een trio uit met Rickard Silversjö als tweede gitarist en Ljusebring Terrorblaster op drums, hoewel die laatste ondertussen weeral vervangen werd door ex-Amon Amarth drummer Fredrik Andersson. “Damnation” laat geen wereldschokkende dingen horen ten opzichte van diens twee voorgangers maar combineert de plechtige melodieën van het debuut met de agressievere aanpak van de opvolger. Anders heeft dus nog steeds een duidelijke voorliefde voor Scandinavische black waarin agressie en melodie mooi samengaan. Denk aan Immortal, Windir, Kampfar en soortgelijke minnestrelen van het hoge ijskoude noorden. En daarbij doel ik niet alleen op jaren ’90 geluiden want deze derde plaat ademt ook een meer urbaan en modern gevoel uit. De productie ligt in het verlengde van de voorganger en is met andere woorden wat grimmiger dan de eersteling, wat we alleen maar kunnen toejuichen. Een agressief nummer zoals het lekker beukende Immortaliaanse Hunter” springt er wat mij betreft nog steeds bovenuit hoewel de mid-tempo kraker “Tides of blood” en de melodieuze aan oude-Katatonia en Daylight Dies refererende leads van “Reflection” mij toch ook wel behoorlijk kunnen bekoren. Anders heeft er goed aan gedaan om “Damnation” met een speelduur van 47 minuten toch iets beknopter te houden dan de 66 minuten van “Road to north“. Zijn beste werk tot dusver.

JOKKE: 81/100

Vananidr – Damnation (Purity Through Fire 2020)
1. Distilled
2. Damnation
3. Hunter
4. Tides of blood
5. Wounds of old
6. Reflection
7. Void

Deemtee – Flawed synchronization with reality

Dat deze release niet voor iedereen zal zijn, hoor je reeds in de eerste paar minuten. De eenzame Madrileen NHT is blijkbaar geen onbekende in de lokale scene, maar hier betwijfel ik of veel mensen al van hem hebben gehoord. Misschien komt daar verandering in, want creatief en vakkundig is deze Spanjaard in elk geval. “Flawed synchronization with reality” is het debuut van dit project en valt het best te omschrijven als experimentele black metal geschreven/opgenomen onder invloed van een al dan niet gezonde dosis psychedelica. We krijgen afwijkende en wisselende ritmes, ambient passages, zelfs kleine streepjes drum and bass, lange gesproken stukken en klassieke passages. Dat alles naast een hoop klassieker aandoende leads, sterke clean zang en natuurlijk ook de meer standaard black metal riffs en gekweel. Het spijt me dat ik deze promo zo lang heb laten liggen, want het is zonder twijfel een van de meest interessante platen die ik al in lange tijd heb gehoord. De extreme vocalen storen me soms een beetje, maar verder is het een ijzersterke release waar je in mee kan groeien. Als je tenminste openstaat voor de vele invloeden en niet gewoon 4/4 blastbeats verwacht. Persoonlijk vind ik de eerste track “Birds” de beste. Terwijl ik de akoestische afsluiter/outro “Nobody out there” als enig nummer best had kunnen missen. Misschien is dit wel zo een voorbeeld van muziek voor muzikanten, zoals het geweldige Ebony Lake destijds. Al denk ik dat ook fans van atmosfeer dit nog zullen kunnen pruimen. Eén ding is zeker, voor Deemtee moet je in elk geval de tijd nemen.

Xavier: 85/100

Deemtee – Flawed synchronization with reality (Grimm Distribution 2019)
1. Birds
2. Badtrip culmination
3. Glowing serpents everywhere
4. Multiverse recoil
5. Mirror of confusion
6. Tunnel of melting black stars
7. Nobody out there

Aethyrick – Gnosis

Aethyrick’s debuut “Praxis” is hier om één of andere reden aan een kritisch oordeel ontkomen, hoewel de symfonische black metal van het Finse duo absoluut niet verkeerd klonk. We zijn amper ruim een jaar later of de heren Gall en Exile hebben al een opvolger klaar. “Gnosis” heet het beestje en portretteert opnieuw een atmosferisch en symfonisch black metal-geluid dat gestoeld is op een epische second wave-basis. Hondsbrutaal of duivels snel is dit allerminst en Aethyrick’s black blijft vrij toegankelijk. De algemene aanpak is wel iets ruwer dan op de voorganger die tevens een iets warmere sound had, ook al lijkt dat moeilijk te rijmen met een black metal-plaat. Ik bedoel hiermee dat de riffs allerminst snijdend zijn en een comfortabel melodieus geluid produceren waarbij evocatieve keyboards en orgelklanken niet geweerd worden. In de tragere stukken eist de basgitaar bovendien een prominente rol op. In plaats van eenzijdig te rammen ontvouwt er zich een multi-dimensionaal panorama dat glorieuze momenten afwisselt met ruwere passages die echter ten allen tijde goed in het gehoor blijven liggen. En sommige gitaarmelodieën zijn gewoon ook bloedstollend mooi en emotioneel, op het emo post-blackerige af. De thematische focus van Aethyrick is gebaseerd op “sabbatic craft“, een esoterisch systeem dat zwaar leunt op oudere tradities van Europese volksmagie en heksenoverlevering. Ondanks de magische bouwstenen, wordt er geen occult schrijn gebouwd. Aethyrick is voer voor wie in de jaren ’90 is blijven hangen en niet vies is van symfonische en gemakkelijk verteerbare black.

JOKKE: 81/100

Aethyrick – Gnosis (The Sinister Flame 2020)
1. Will embodied
2. Oneiric portals
3. Stellar flesh
4. Your mysteries
5. Blood acre
6. Anointed bones
7. Golden suffering

Slow – VI – Dantalion

Mijn kennismaking met Slow (kort voor Silens Lives Out/Over Whirlpool) was in 2017 toen “V – Oceans” uitgebracht werd, en het Belgisch duo wist me toen al een verstikkende trip aan te doen. Na een heropgenomen versie (met bonustrack) van “IV – Mythologiæ” kwam eind vorig jaar dan het tot nu toe laatste stuk in het verhaal, getiteld “VI – Dantalion”, naar de 71e demon in Solomons Lesser Key. Slow speelt funeral doom niet gewoon volgens, maar gaat verder op de regels van de kunst – de bandnaam is geen leugen. Sinds het eerst aangehaalde album nam Lore niet enkel de bas voor zich, maar ontfermt ze zich ook over de lyrics en songwriting in samenspraak met multi-projectionist en -instrumentalist Déhà (Aurora Borealis, Merda Mundi, Yhdarl, Cult of Erinyes, Wolvennest). Het resultaat is een album dat de bandnaam waardig is, en verre van het concept ‘riff’ eert. De klassieke piano die “Descente” inzet is een voorbode van de bijna orchestrale funeral doom die Slow naar ons hoofd gooit, waarbij keyboards en voornamelijk Déhà’s vocalen de sfeer scheppen – in plaats van lyrics te zingen fungeren zijn bombastische, uitgerekte grunts meer als instrument – en de 78 minuten durende speelduur vullen. Blijkbaar hebben we funeral doom nodig om eindelijk weer eens een full length die naam qua lengte waardig te gunnen. Ondanks het consistent trage, hier en daar met midtempo regionen flirtend tempo weet het duo wel voldoende variatie op te bouwen om niet binnen de paar minuten te gaan vervelen maar veeleer een lang uitgerekt klankbord te scheppen waarin je als luisteraar wordt meegezogen. Waar in “Lueur” de afdaling in de hel, die de songtitels omschrijven, nog enige hoop aanwezig lijkt te zijn, lijkt de gestorven ziel zo goed als hopeloos te zijn tegen de tijd dat “Futilité” er dertien minuten lang op inbeukt en waar een keyboardpassage voor een welkom rustpunt zorgt. “Lacune” is aanvankelijk dan weer het meest turbulente nummer en met “Incendiaire” krijgen we het meest gevarieerde en tegelijk opbouwende nummer van het album, waarbij de epiek meteen de hoogte in gestuwd wordt en het slopend trage tempo enkel zwaarder gaat klinken en uitgediept wordt – tot de keys op de voorgrond komen en een ridicuul cathartisch crescendo opbouwen, en meteen dé reden vormen waarom ofwel dit album, ofwel Clouds’ “Dor” op mijn nummer 11 van vorig jaar geëindigd zou zijn. Slow weet het voorgaande uur aan (durf ik het zeggen, gevarieerde) funeral doom op enkele minuten naar een absolute climax te spelen en sluit af met het zestien minuten durende, drum- en distortionloze “Elégie”, waarbij de luisteraar na een uur platstompende, bezwerende funeral doom eindelijk ruimte krijgt om de ingehouden adem uit te blazen. Funeral doom is een genre waarin het moeilijk is iets origineel te doen omwille van de aard van het beestje, maar Slow weet de aandacht vast te houden en een emotionele trip van jewelste neer te poten.

CAS: 86/100

Slow – VI – Dantalion (Code666 Records/Aural Music 2019)
1. Descente
2. Lueur
3. Géhenne
4. Futilité
5. Lacune
6. Incendiaire
7. Elégie