deströyer 666

Bütcher – 666 goats carry my chariot

Leder, pinnenbanden, slim fit broeken, puntbotinnen, zwarte vegen corpsepaint, de umlaut en het omgekeerd kruis in de bandnaam, het cover artwork van Kris Verwimp, het nummer van het beest in de titel, aliassen zoals LV Speedhämmer en R Hellshrieker,…U snapt het ondertussen wel: alle metalclichés zijn hier volop aanwezig en terecht want wat het Belgische Bütcher op diens tweede langspeler “666 goats carry my chariot” laat horen, is van de eerste tot de zesendertigste minuut opgedragen aan “the ancient godz of steele”. Op papier is de explosieve mix van heavy, thrash en een vleugje black niet aan mij besteed, maar sinds de release van “Bestial fükkin’ warmachine“, de eerste plaat die de band na haar ‘comeback’ uitbracht, las ik niets dan positieve dingen over het kwartet, waardoor ik besloot de nieuwe boreling toch maar eens een kans te geven. Ik besloot de epische negen minuten durende titeltrack als eerste te ondergaan. Sfeervol Bathoriaans akoestisch gitaarwerk en heldere koorzang trappen deze compositie in gang. “Hammerheart” lijkt nooit veraf. Wat volgt is een enorm pakkende en catchy rit die langzaam opbouwt totdat de metalen spanning losbarst. De maniakale frontman R Hellshrieker laat zijn stembanden alle registers van het metalen spectrum verkennen gaande van black metal gekrijs, dieper gegrom en natuurlijk de obligate falsetto uithalen waarin we heel wat King Diamond en Mercyful Fate terug horen. “666 goats carry my chariot” is als het ware Bütcher’s “Bohemian rhapsody“, een eclectisch nummer dat tot het einde der tijden met de band geassocieerd zal worden en waar de heren meer dan trots op mogen zijn. De lange speelduur, akoestische gitaren en het eerder mid-tempo gebeuk, maken van dit nummer wel een enigszins afwijkend rustpunt want de songs die we ervoor en erna te verwerken krijgen, vliegen aan een rotvaart voorbij waarbij de helse tempo’s, vlammende gitaren en schedelsplijtende solo’s van de getalenteerde KK Ripper de boel – volledig in lijn met het artwork – in lichterlaaie zetten. “45 RPM metal” is nog zo’n duivels metal anthem waarbij bloed, zweet en alcoholdampen uit mijn boxen spatten en dat live waarschijnlijk veel slachtoffers zal maken. In het berzerker-achtige “Sentinels of dethe” struikelt R. Hellshrieker net niet over zijn woordentsunami en geeft hij heel wat rappers het nakijken. Muzikaal en productioneel gezien is Bütcher begin jaren ’90 stil blijven staan en zo hoort dat ook in hun geval. 666 keer hulde en een aanrader voor fans van Mercyful Fate, Celtic Frost, Deströyer 666, Darkthrone, Nifelheim, Aura Noir, Desaster, Witchery, Absu, Nocturnal Breed en Impiety.

JOKKE: 82/100

Bütcher – 666 goats carry my chariot (Osmose Productions 2020)
1. Inauguration of steele
2. Iron bitch
3. 45 RPM metal
4. Metallström/Face the bütcher
5. Sentinels of dethe
6. 666 goats carry my charriot
7. Viking funeral
8. Brazen serpent
9. Exaltation of sulphur

Lucifericon – Al-Khem-Me

Onze Nederlandse vrienden kennen de laatste jaren een serieuze opflakkering van hun black metal-scene, maar laat ons niet vergeten dat ze in een verder verleden ook op death metal-gebied vaak baanbrekend werk afleverden. Lucifericon is een band die in 2009 opgericht werd en wiens (ex-)leden een verleden hebben in Nederlandse grootheden zoals Asphyx, Pentacle en God Dethroned. Deze veteranen van dienst brachten reeds 2 EP’s uit (“The occult waters” uit 2012 en “Brimstone altar” uit 2016), maar het nagelnieuwe “Al-khem-me” is mijn eerste kennismaking met de band. Geen gore toestanden of horroreske taferelen, maar zwartgeblakerd doodsmetaal met occulte thematiek en uit de alchemie ontleende inspiratie zoals de woordspeling in de titel aangeeft. De muziek van Lucifericon bevat een heuze old-school insteek en enkele thrash-elementen. Daar zit het kortstondig lidmaatschap van frontman/bassist Rob Reijnders bij Deströyer 666 misschien wel voor iets tussen? Diens raspende vocalen hebben trouwens ook heel wat weg van Pete Helmkamp’s (Angelcorpse) stijl. Maar ook muzikaal vallen er in bijvoorbeeld “Flesh unto void, void unto flesh (The twofold gate)“, “Azothoz : The alpha & omega of Zoa-Azoa” of de felle titeltrack parallellen te trekken met dit Amerikaanse trio. De band verliest de dynamiek niet uit het oog zodat er tussen de blastbeats en energieke tremoloriffs ook mid-tempo werk te beluisteren valt zoals “Zsin-Niaq-Sa“, “Intrinsic being” en de hekkensluiter “Sevenfold“, tevens ook de iets langere tracks op “Al-Khem-Me“. In de razernij is ruimte behouden voor (melodieuze) leads en ook de basgitaar eist meermaals haar plaatsje op in de mix die lekker korrelig maar krachtig klinkt. Wanneer het vijftal een gave riff heeft weten schrijven, passeert die ook meermaals de revue, waarbij dat in de afsluiter misschien net wat te veel van het goede is. Dat is dan ook het enige minpuntje dat ik op deze eerste langspeler van Lucifericon kan aanmerken. Voor de rest is “Al-khem-me” dan ook een plaat om trots op te zijn.

JOKKE: 80/100

Lucifericon – Al-khem-me (Invictus 2018)
1. Inside the serpent’s “I”
2. Succubus of the 12th aether
3. Zsin-Niaq-Sa
4. Flesh unto void, void unto flesh (The twofold gate)
5. Intrinsic being
6. Azothoz : The alpha & omega of Zoa-Azoa
7. Al-khem-me
8. Sevenfold

Embrace Of Thorns – Scorn aesthetics

Toen ik als ukkie van 11 jaar de mysterieuze wereld van black metal ontdekte, was mijn blik vooral op het hoge noorden gericht. Ik vond het toen nogal een ridicuul idee dat deze duistere muziek ook in mediterrane landen zou worden gespeeld. Ik heb me met andere woorden nooit echt ondergedompeld in de oervaders van bv. de Griekse scene zijnde Rotting Christ, Necromantia, Varathorn, Kawir en Zemial. Stom natuurlijk. In de latere, meer occulte exploten van deze scene (Acherontas, Acrimonious, Serpent Noir, Thy Darkened Shade, …) ben ik beter thuis. Embrace Of Thorns heeft met haar mix van black, death en bestial war metal echter nooit in een bepaald hokje gepast. De band is sinds 1999 actief, na een jaartje eerder onder de naam Requiem geopereerd te hebben. Sinds de naamsverandering was de band vrij consistent qua muzikale output. Nu heeft het iets langer dan normaal geduurd, maar vier jaar na “Darkness impenetrable” valt het nieuwe “Scorn aesthetics” nu toch op de deurmat. Er is bitter weinig veranderd in het receptuur van de band want hun black metal wordt nog steeds met een zeer fikse scheut death metal en een snuifje war metal op smaak gebracht. Zo hoor je in opener “The wanderer and his shadow” ongetwijfeld de invloed van Morbid Angel doorschemeren. De vocalen klinken dan ook wat dieper en de sound wat zwaarder (hoor die bas maar eens ronken) dan de doorsnee black metal band. Melodieuze partijen en mid-tempo nummers (bijvoorbeeld “Reducto ad absurdum” dat een Deströyer 666-achtige solo bevat) worden afgewisseld met beukende dubbele basritmes (“Mutter aller Leiden” of de titeltrack) of opzwepend snel geschut. “In our image, after our likeness” is met haar negen minuten speeltijd en ingebouwde spoken word-samples de langste en meest epische track van het album. Met de dynamiek zit het alvast helemaal snor. Volgens de heren is het feit dat ze de voorbije twintig jaar voor velen noch vis noch vlees waren, de verklaring voor het feit dat de band nog vrij diep in de underground verscholen zit. Hoewel Embrace Of Thorns nog nooit zo goed geklonken heeft en er best een paar knallers op “Scorn aesthetics” prijken (“Stoking the fire of resentment” en de opener), kan ik me in deze redenering slechts deels vinden. Een grotere oorzaak voor hun onbekendheid is het songmateriaal dat niet genoeg blijft plakken en te weinig beklijft. Het niveau van de aangehaalde referentiebands (voeg hier gerust ook oude Celtic Frost, Dissection en Incantation aan toe) wordt dan ook nergens geëvenaard.  De songschrijvers Herald of Demonic Pestilence en Archfiend DevilPig zullen dus nog een tandje moeten bijsteken als ze echt potten willen breken.

JOKKE: 72/100

Embrace Of Thorns – Scorn aesthetics (Iron Bonehead Productions 2018)
1. The wanderer and his shadow
2. Mutter aller Leiden
3. Reducto ad absurdum
4. Stoking the fire of resentment
5. Scorn aesthetics
6. In our image, after our likeness
7. Wolf uncaged _ Prometheus unbound

Vassafor – Malediction

Op papier zou Vassafor mijn hart moeten kunnen veroveren met haar barbaarse mix van black, death en doom, maar in de realiteit blijk ik moeilijker te versieren zijn dan gedacht. In het verleden was ik niet altijd overtuigd van de (soms ellenlange) songs van het Nieuw-Zeelandse duo, want steevast waren ze mijn aandacht halverwege kwijt. Nu twee interessante labels hun handen in mekaar hebben geslagen om het langverwachte tweede full album op de mensheid los te laten, besloot ik Vassafor nog eens een kans te geven. Eén blik op de tracklist laat zien dat drie van de vijf songs nog steevast boven de tien minuten grens afklokken waarvan opener “Devourer of a thousand worlds” zelfs boven het kwartier. Het duurt even vooraleer de duisternis voldoende aangezwollen is om vervolgens loodzwaar uit de startblokken te schieten. Die startblokken zijn van massief beton gemaakt, want dit is onvervalste funeral doom waarover zwaar distorted vocalen dood en verderf prediken. Alleen begin mijn aandacht na een minuut of vijf weer af te dwalen en is er een versnelling nodig om me terug bij de les te houden. In de up-tempo stukken, voelt het geheel echter al snel modderig aan door de zompige sound, wat meer te maken heeft met de productie dan met de instrumentbeheersing van de twee heren. Net na de tien minuten grens dient een Deströyer 666-achtige riff de boel opnieuw te moeten redden. Conclusie na de openingstrack: hier had één goede song van vijf minuten ingezeten en de rest is middelmatigheid doordat de riffs niet spannend genoeg klinken. Geef me dan maar het snelle en bestiale “Emergence (Of an unconquerable one)” dat “slechts” vijf minuten nodig heeft om een dozijn nonnen naar het hellevuur te katapulteren, hoewel de trage riff halverwege opnieuw van een gebrek aan inspiratie blijkt. Het compacte “Elegy of the accurser” veegt het Vaticaan zelfs op drie minuten tijd van de kaart. Het kan dus! De laatste twee songs zijn terug monumentaler qua speelduur en hoewel ze danig verwrongen en overstuur klinken, weet enkel “Illumination of the sinister” met haar snelle, zwaar zagende riffs en ronkende bastonen te overtuigen. Zanger/gitarist VK zou volgens de geruchtenmolen ook deel uitmaken van het gelijkaardige Irkallian Oracle, dat mij een pak beter weet te bekoren. Nu zijn het enkel de kortere songs en snellere passages die de meubels weten te redden, want wanneer Vassafor de doomregionen induikt, weet ze niet boven de middelmatigheid uit te steken.

JOKKE: 70/100

Vassafor – Malediction (Debemur Morti Productions/Iron Bonehead Productions 2017)
1. Devourer of a thousand worlds
2. Emergence (Of an unconquerable one)
3. Elegy of the accurser
4. Black winds victoryant
5. Illumination of the sinister

Irae – Crimes against humanity

De bloeiende Portugese black metal scene hebben we bij Addergebroed om één of andere reden bijna volledig links laten liggen, terwijl we steevast de nieuwste IJslandse snoepjes onder de loep namen. Nu zijn ze in Portugal wel niet zó inventief als in het hoge Noorden en gaat het er hier door de bocht genomen vrij old school aan toe. We verkondigden reeds onze mening over de laatste van Black Cilice en nu is het de beurt aan Irae, die deel uitmaken van een clubje gelijkgestemde zielen onder de noemer “Black circle“. Irae is één van de vele bands van een zekere Hugo Leal ofte Vulturius voor de black metal vrienden. De man is reeds vijftien jaar actief en heeft zich die periode verre van verveeld aan zijn uitgebreide discografie te zien. Vulturius kijkt duidelijk niet op een splitje of demo meer of minder. Op gebied van langspelers is “Crimes against humanity” de vierde in het rijtje, waarop de oprichter bijgestaan wordt door J. Goat op bas en Andrecadente op drums. Voor fijngevoeligheid of filosofische tekstflarden ben je bij Irae aan het verkeerde adres getuige songtitels als “In the name of Satan” of “Mastergoat” en het aantal keer dat er “Satan“, “Lucifer“, “Baphomet“, “Leviathan” of een ander koosnaampje van onze duivelse vriend gescandeerd wordt, is amper bij te houden. Soms roept ie het ook verdoken in het Portugees. Op de vinyl-insert staat dan ook een duidelijke boodschap te lezen: “Irae is black metal the way it is supposed to be manifested as. A big fuck off to the tolerant, valueless and safe “black metal” trend. … Black metal is intolerance!” Altijd fijn te weten wat je in huis haalt. Het tempo ligt meestal vrij hoog zonder echter blastsnelheden te halen, maar een mid-tempo song als “A um passo do fim” zorgt voor de aangename afwisseling. Als er gas gegeven wordt, haal ik de reeds lang vergane SM-knakkers van Tsathoggua voor de geest, hoewel een Impaled Nazarene ook niet misstaat als referentiepunt. “Beyond my torments” kent enkele zwartgeblakerde speed-metal momentjes à la Impiety, maar de allesvernietigende blitzkrieg van “Mastergoat” met serieuze Deströyer 666-vibe is het hoogtepunt van de plaat, zonder het niveau van de Aussies echter te halen. Hoe “Crimes against humanity” zich verhoudt ten opzichte van vorig werk, moet ik schuldig blijven. Ik heb geen tijd en zin om heel de discografie van Irae te gaan uitpluizen. Ik kom wel aan mijn trekken met deze.

JOKKE: 75/100

Irae – Crimes against humanity (Altare Productions 2017)
1. In the name of Satan
2. Beyond my torments
3. Genocide journey
4. Mastergoat
5. Da brandoa com ódio
6. The tongue of fire
7. The wildest existence
8. A um passo do fim
9. The sabbatical deathsign of moon

Krossfyre – Burning torches

Het Spaanse Krossfyre laat er geen gras over groeien. Dit zootje ongeregeld bestaande uit leden van Sheidim, Graveyard, Körgull the Exterminator, Insulters, Morbid Flesh en Suspiral verenigde amper een jaar geleden de krachten en presenteert nu reeds een eerste worp in de vorm van de twintig minuten durende EP “Burning torches“. Een jeugdig joie de vivre spat van deze explosieve mix aan black, speed en thrash metal af en de luchtgitaar wordt dan ook in gruzelementen geslagen. Nadat de inleidende klanken zijn weggeëbd, vliegt die vuist ostentatief de lucht in waarna twee vingers zich uitstrekken om de gehoornde te saluteren. De solo’s vliegen om je oren en de opzwepende riffs en staccato drums stuwen “Fire solution” als een exprestrein vooruit. Dit kan zich meten met het beste werk van Aussies Deströyer 666 en Gospel Of The Horns. De strot van frontman A.K. lijkt als twee druppels wijwater op die van Erik van Watain, een gelijkenis die bij zijn andere band Sheidim ook reeds werd aangehaald. Muzikaal gezien heeft Krossfyre echter meer weg van de Nifelheims van deze wereld en ook oude Tribulation kan ermee door als aanknopingspunt. Songs als “Tabellae defixionum” en “Black jaws of evil” zijn ideaal om een kleine, zwetende club in lichterlaaie te zetten. Ik kan me niet inbeelden dat je hier geen drang van krijgt om een metalen danske te placeren. Als de afterparty dreigt stil te vallen, smijt je het aanstekelijke “The great masturbator” op de draaitafel om de fik er terug in te steken. Nog even meegeven dat de productie waarvoor de Moontower Studio verantwoordelijk was, uitstekend te noemen is: lekker krachtig, organisch en alle instrumenten zijn goed hoorbaar. “Ashes to ashes and dust to dust!“.

JOKKE: 82/100   

Krossfyre – Burning torches (Hells Headbangers Records 2017)
1. Krossfyre (Intro)
2. Fire solution
3. Burning torche
4. Tabellae defixionum
5. Black jaws of evil
6. The great masturbator