finland

Ordinance – In purge there is no remission

Met Ordinance en diens tweede langspeler “In purge there is no remission” hebben we de tot dusver beste Finse blackmetalplaat van het jaar in onze handen. Punt. Next! Nee, we dienen dit natuurlijk wat beter te kaderen. Ordinance werd ergens aan het begin van dit vervloekte nieuwe millennium gevormd en brengt traag maar gestaag nieuw werk uit. Tot op heden verschenen een demo in 2007 en een debuut in 2014. Deze opvolger is de eerste muzikale output die ik van het duo Arttu Ratilainen (zang en snaren) en Lauri Laaksonen (drums; ook actief als muzikaal brein achter Convocation en Desolate Shrine) te horen krijg, en ik ben instant verkocht en verknocht aan deze ruwe diamant. Ondanks de Finse afkomst klinken de zeven nummers die er in vijftig minuten passeren allerminst als clichématig en typisch Fins zwartmetaal. “In purge there is no remission” spreekt de pure en onomwonden taal van tweede golf blackmetalclassicisme zonder enig voorvoegsel, maar met een onmiskenbaar uniek dialect door het toevoegen van onorthodoxe elementen zoals de heavymetalsolo’s én vocale uithalen, akoestische klanken en heldere koorzang in het waanzinnige “Credo sceleratum“. De brutale opener “Obstructed paths” doet me op zijn meest agressieve momenten aan Triumphator denken, maar bevat ook subtiele orchestratie. “Diabolopathia” wisselt berustende melodieën af met spetterend blackmetalvuurwerk en “Gathering wraiths” is een knap staaltje dynamiek met heel wat groove, verwrongen stonerachtige leads en sacrale toetseninkleuringen. “The kingdom of nothing” start met de nodige heidense epiek om vervolgens een U-turn van jewelste te nemen en de hel/ragnarök te laten openbarsten niet alleen door het overweldigende gemusiceer maar ook door de fenomenale diepe raspende strot van Arttu. “Gesticulation of death” laat dan weer uitschijnen alsof we plots met een postrockband te maken hebben en vervelt nadien tot een slepend doomy zwartgeblakerd epos met likkebaardend gitaarwerk. Hekkensluiter “Purging kremanation” klokt op meer dan elf minuten af en is van meerdere markten thuis: viscerale agressie, heidense melancholie, galopperende oorlogszucht, mid-tempo headbangpassages en schedelsplijtend soleerwerk. Er valt met andere woorden heel wat meer te beleven dan wat je op basis van het eentonige artwork zou vermoeden. “In purge there is no remission” is een werk van twee meestersambachtslieden en sluwe tovenaars tegelijk, een uitzinnige reis naar waanzin en mystiek, gegoten in een uitstekende productie die balanceert tussen rauwheid en melodieusheid.

JOKKE: 85/100

Ordinance – In purge there is no remission (The Sinister Flame 2020)
1. Obstructed paths
2. Diabolopathia
3. Gathering wraiths
4. Credo sceleratum
5. The kingdom of nothing
6. Gesticulation of death
7. Purging kremanation

Witchcraft/Aske – Dead christ prayer

Het Finse Witchcraft leerde ik kennen dankzij de puike, vorig jaar verschenen split met ons eigenste Perverted Ceremony. Opnieuw ging het duivelse trio een pact met gelijkgestemde verdorven zielen aan, deze keer wel dichter bij huis want de uitverkorene is Aske, een Finse band die er in 1991 al bij was en een vijftal demo’s op de mensheid losliet, maar in 1998 wel een winterslaap van zo’n dikke achttien jaar intuimelde. Onder de niets verbloemende noemer “Dead christ prayer” krijgen we zes volwaardige nummers, een winderig intermezzo en een knisperende intro voorgeschoteld die tezamen op een krappe vijfentwintig minuten afklokken. Witchcraft bijt de spits af en aan de gortige uitwasemingen van het trio is niet te horen dat de band pas in 2013 het levenslicht zag. Witchcraft poept immers proto-black uit die heel schatplichtig is aan Beherit. In “Necrobestiality” komt het bestiale karakter serieus vanachter de hoek piepen, maar veel heeft het allemaal niet om het lijf. En een korte ‘compositie’ als “Demonolatrian war” al helemaal niet. Aske is sinds 2016 terug op dreef en hoewel deze Finnen wél tijdsgenoten zijn van Beherit, klinkt Aske toch net wat anders. Scheller en dunner vooral en een pak minder bestiaal en ook wel hypnotiserend en ietwat psychedelisch (iets wat ik bij Witchcraft ook wel bespeurde op de nummers die ze voor de split met Perverted Ceremony aanleverden, maar hier dus – op opener “Funeral throne of the sadogoats” na – mis). Bezieler Niko Thomasson’s aka Behemoth’s vocalen galmen als een begrafenisbriesje over de repetitieve onderstroom aan riffs en drums en bezorgen brave christenzieltjes wellicht de daver op het lijf. Ietwat vreemde combinatie aan stijlen op deze split, waarbij ondergetekende vooral naar Aske neigt.

JOKKE: 70/100 (Witchcraft: 65/100; Aske: 75/100)

Witchcraft/Aske – Dead christ prayer (Nuclear War Now! Productions 2020)
1. Witchcraft – Funeral throne of the sadogoats
2. Witchcraft – Necrobestiality
3. Witchcraft – Codex gigas
4. Witchcraft – Demonolatrian war
5. Witchcraft – Raid from hell
6. Aske – Intro (From below 21)
7. Aske – Kurnugia
8. Aske – Nuntius (Acip)

Förgjord – Laulu kuolemasta

Wie al eens een plons in één van de duizenden meren van Finland neemt, zal op de bodem ongetwijfeld de naam Förgjord wel al eens tegengekomen zijn. Deze Finse band met Zweedse naam voor “vernield” is al sinds midden jaren ’90 actief – zij het onder tal van andere namen – maar pas rond de eeuwwisseling begonnen er releases naar boven te borrelen. Vanaf de derde langspeler getiteld “Uhripuu” en tevens de eerste voor Werewolf Records, begon de band rond stichtend lid en snarenplukker (zowel de dikke als de dunne) Valgrinder (o.a. ook actief bij Marras) op te vallen. Sindsdien verscheen er aan een hoog tempo output want vorig jaar was er nog “Ilmestykset” en een goed jaar later dus weeral de vijfde langspeler die de titel “Laulu kuolemasta” meekreeg. De albumtitel betekent zoveel als “lied over de dood” en de plaat behandelt dit onderwerp dus ook conceptueel. De dood heeft immers verschillende gezichten. Als je de dood leert accepteren en je angst ervoor wegneemt, kan je een vrij leven leiden. Maar de dood kan ook de ultieme straf vormen of een oneindige nietigheid inluiden. Voer om even stil bij te staan. Vergeleken met de door orgelklanken opgewekte melancholie van voorganger “Ilmestykset“, is “Laulu kuolemasta” esthetisch gezien een meer bevrijdende plaat, waarbij de Finnen ook meer sombere en rockende territoria verkennen maar wel zoals steeds met een acute mystiek die de 46 minuten durende plaat als een aanhoudende mist bedekt. Elk van de acht nummers en twee spookachtige intermezzi met akoestische of ambientklanken stralen een bedrieglijke en smerige aanstekelijkheid uit die inherent is aan Finse black. Zelfs zonder hun moedertaal te kennen, begin je al snel mee te neuriën. De soms lange nummers worden gradueel opgebouwd door middel van langzame meanderende intro’s totdat de muziek op volle toeren draait en blastbeat-gewijs tot een apotheose leidt. De mix is aan de grofkorrelige kant, maar laat dat de pret vooralsnog niet drukken. Liefhebbers van Finse black weten wat doen.

JOKKE: 76/100

Förgjord – Laulu kuolemasta (Werewolf Records 2020)
1. Laulu murtuvan niskan
2. Ihtiriekko
3. Surman virta
4. Kostonhetki
5. Kylmyys
6. Polkuni päässä
7. Kaksi kiveä
8. Ruotta 04:28
9. Finlandia
10. Veljessurma

Flail – ᛞᛁᛋᛏᚨᚾᛏ ᚹᚨᚾᛞᛖᚱᛁᛝᛋ (Distant wanderings)

Het Finse Flail houdt niet zo van de allerlaatste modeverschijnselen en zoekt zijn heil liever in maliënkolders, zwaarden, ridderhelmen…en één of ander runenschrift. Ook muzikaal gezien biedt deze nieuwe MLP geen moderne toestanden, maar zwartmetaal met een esoterisch en depressief randje die zich heel langzaam en repetitief vooruit sleept, alsof het héél erg moeilijk en zwaar valt om uit een diep dal vol persoonlijke tragedie te klauteren. De gitaarsound is beter dan op de selftitled EP maar nog steeds aan de dunne, schelle kant (wat echter niet storend is) en de metaalachtige snare-aanslagen snijden door de riffs als een mes door malse hoeveboter. In het tergend trage “Withering despair” is een Burzum niet veraf, vooral door de frivole basloopjes die hypnotiserende toetsen toevoegen aan de korrelige en groezelige onderlaag aan riffs. Net wanneer dit acht minuten durende nummer wat monotoon dreigt te worden, besluit de drummer een extra basdrumpedaal in de strijd te gooien wat iets meer schwung creëert. “Distant wandering” is, ondanks het feit dat dit nummer nog twee minuten langer duurt, net iets dynamischer, maar verwacht nu geen tientallen riffs en breaks. Naast getergde screams gooit Flail eveneens helder gezangen in de strijd die een bezwerende religieuze ondertoon hebben zonder als één of ander occult ritueel te klinken. Ondanks het rauwe karakter van de muziek bevat die ook tonnen atmosfeer, slechts miniem links en rechts door een verdwaalde synthtoets onderstreept. Die ridderuitrusting is dus helemaal niet nodig om ons terug naar middeleeuwse tijden te doen verlangen, de muziek alleen slaagt daar al in. Geslaagde EP voor liefhebbers van uitgesponnen, depressieve, monotone en hypnotiserende black.

JOKKE: 78/100

Flail – ᛞᛁᛋᛏᚨᚾᛏ ᚹᚨᚾᛞᛖᚱᛁᛝᛋ (Distant wanderings) (Gramschap/Ravdvs2020)
1. Distant wandering
2. Withering despair

Convocation – Ashes coalesce

Het Italiaanse label Everlasting Spew Records staat normaal garant voor een niet aflatende stroom aan death metal releases, waarvan een groot deel onder de noemer ‘brutal’ en ‘technical’ death vallen. Zodus passeren hun releases hier niet al te vaak op Addergebroed, al komt er hier en daar ook eens een album aan zompige vuiligheid bovendrijven dat mijn oren wel kan bekoren – denk maar aan bands als Void Rot, Naga of Assumption. Gelukkig heeft de immer sympathieke scout van het label, Tito Vespasiani, ook een hart voor trage death doom en lijfde hij enkele jaren geleden het Finse Convocation in dat bestaat uit leden van het duistere Desolate Shrine en Dark Buddha Rising, twee acts die we hier ten zeerste kunnen waarderen. Twee jaar geleden waren we zeer te spreken over hun debuutalbum “Scars across” en vorige week kwam dan het nagelnieuwe “Ashes coalesce” uit. Aan de formule van slepende death doom riffs, doorspekt met psychedelische leadlijnen (dat zanger MN er ondertussen ook nevenactiviteiten bij het Waste of Space Orchestra op nahoudt is eraan te horen) wordt weinig gesleuteld en ook telt het album opnieuw vier mastodonten van nummers die tussen de acht en de veertien minuten afklokken. Echter wordt de krachttoer die “Scars across” was niet zomaar herhaald, want Convocation trekt de registers verder open en klinkt zo mogelijk zwaarder en miserabeler dan voorheen. Waar opener “Martyrise” nog relatief wat met tempo’s speelt zoekt “The absence of grief” de traagste regionen van het genre op, flirtend met funeral doom. Echter is het niet één en al trage meeslependheid, want het nummer eindigt in een fikse apotheose waarbij Anssi Mäkinen (gekend van Profetus en een kort verleden als bassiste bij Horna) met haar krachtige zang de epiek de hoogte in stuwt. De iets snellere, meer rechtdoorzee death metalpassages die op het debuut te horen waren worden wat meer geschuwd, maar als er dan eens loodzwaar gebeukt wordt (“Misery form”) doen de basdreunen ons uit onze zetel trillen. Hoe verder het album vordert, hoe epischer de proporties die de muziek aanneemt lijken te worden tot “Portal closed” doet wat de titel belooft en het album stilletjes ten einde laat kabbelen. Ondanks de meer grandioze en weidse aanpak klinkt Convocation toch desolater dan ooit, en ondanks het trage tempo is “Ashes coalesce” een gevarieerd album, vooral door de verschillende zangstijlen die MN erop nahoudt en de psychedelische toetsen die wel wat naar labelgenoten Assumption neigen. Dikke aanrader voor wie van slepende, beklemmende death doom houdt.

CAS: 84/100

Convocation – Ashes coalesce (Everlasting Spew Records 2020)
1. Martyrise
2. The absence of grief
3. Misery form
4. Portal closed

Odiosior – Odiosior

Finse black metal muzikanten zijn blijkbaar niet vies van het presteren van overuren want de hoeveelheid releases van – veelal nieuwe – bands is nog amper bij te houden. Odiosior en diens self-titled debuut vormen het onderwerp van deze review. Het betreft hier een éénmansproject, maar laat u dat vooral niet afschrikken. A. Vexd, de man verscholen onder de cape op de cover, is wel geen babyface op gebied van black metal, want hij deed reeds ervaring op bij het ter ziele gegane Alghazanth en To Conceal The Horns, waarvan we de eerste langspeler een tijdje terug nog onder de loep namen. In vergelijking met diens symfonische en kosmische black gaat het er hier een stuk r(a)uwer aan toe: de hymnes ter meerdere eer en glorie van onze gehoornde vriend worden in het Fins uitgeschreeuwd, het tempo ligt doorgaans hoog en de vlijmscherpe knapperige riffs verliezen melodie en atmosfeer niet uit het oog. Zo héél af en toe worden er nog wel toetsen ingezet, maar dat is dan louter ter ondersteuning en het toevoegen van extra sfeer en gezelligheid. Na een dikke twintig minuten zit dit eerste wapenfeit erop en we zijn nog niet meteen overtuigd dat Odiosior iets of wat toevoegt aan het legioen Finse black metal bands. Daarvoor komen de vijf nummers niet hard genoeg binnen: geen enkele riff is memorabel en op geen enkel moment wil ik wijdbeens gespreid en met opengesperde handen onzichtbare appelsienen in de lucht steken. Enkel de inleidende klanken van het openingsnummer klinken iets of wat gaaf…maar daar red je het dus niet mee. Geef mij dan maar To Conceal The Horns.

JOKKE: 69/100

Odiosior – Odiosior (Spread Evil 2020)
1. Kavahda näkyäni
2. Kutsu
3. Oodi sudelle
4. Antaudu yölle
5. Andrasin sinetti

Gloom – Rider of the last light

Er lopen reeds heel wat bands met de naam Gloom rond in het wereldje van de extreme metalen. In deze review bespreken we het gloednieuwe Finse Gloom met leden van Nekrokrist SS die zijn kwaadaardige boodschap middels een vette pot Finse black verspreidt. Dat het de heren menens is, maken de promofoto’s duidelijk: met bloed overgoten zwart/wit bekladde smoelwerken, camouflagebroeken, meters zware kettingen, geweren, steekwapens, gasmaskers en een sik waar de baphomet jaloers op zou zijn. Ook de acht recht-voor-de-raap songtitels die op het Indiana Jones achtig getitelde debuut prijken, liegen er niet om. “Bleed” trapt “Riders of the last light” met een welgemikt nekschot in gang. Alle klassieke elementen die Fins zwartmetaal zo lekker maken zijn aanwezig in nummers als “Deep in the ground” , “No mercy after sunset” of het titelnummer: ijskoud striemend riffwerk, melancholische melodieën (wel eerder subtiel dan op de voorgrond), niet al te ingewikkeld straightforward drumwerk en haatvol gekrijs dat licht vervormd is en parallellen vertoont met Pest, Gorgoroth’s beste krijser. Maar ook muzikaal wordt duidelijk dat Noorse klassiekers als “Under the sign of hell” en “Transilvanian hunger” destijds regelmatig hebben opgestaan in de slaapkamers van de heren. Als er zo iets als een black metal dansfeest zou bestaan, zou een nummer als “Iron claws of black metal” met diens korte hoempapa ritme de beentjes ontegensprekelijk losgooien. Voor de rest gaat de drummer grotendeels rechttoe rechtaan voluit, met een uitzondering van het drum- en basgitaarmomentje in “By your own hands“. Dat maakt spijtig genoeg dat halfweg de plaat de verveling dan ook wel stilaan de kop begint op te steken. De riffs en drumpatronen hebben immers een broertje dood aan onderscheidend karakter en dat is verdomd jammer, want eigenlijk klinkt Gloom best lekker en weten de heren wel degelijk hoe ze een traditioneel black metal nummer moeten schrijven. Alleen is het bijna acht keer hetzelfde liedje dat we te horen krijgen.

JOKKE: 75/100

Gloom – Rider of the last light (Spread Evil 2020)
1. Bleed
2. Iron claws of black metal
3. Fuck your faith
4. Deep in the ground
5. No mercy after sunset
6. Murder yourself
7. By your own hands
8. Rider of the last light

Flagg – Nothing but death

Het Duitse Purity Through Fire heeft met releases van Goats Of Doom, Kryptamok, Malum, Nattfog, Nôidva, enzomeer duidelijk een locale talentscout in Finland rondlopen. Met Flagg voegen ze nog een nieuwe speler uit het land van de duizend meren aan hun rooster toe. Het betreft een nieuwe naam maar de bandleden houden er ook nevenactiviteiten bij Malum, Annihilatus en Kalmankantaja op na. Het Finse doodseskader knalt er doorgaans genadeloos op los in nummers als “Destroy, descerate” of het titelnummer die überagressief uit de hoek komen, maar weet ook dat ééndimensionaal geram uiteindelijk snel gaat vervelen. Met mid- tot down-tempo nummers als “Dark clouds gathering” en het eerste deel van het meer dan acht minuten durende “Towards emptiness” wordt dan ook voor wat tegengewicht gezorgd. Hier treden middeleeuws aandoende toetsenpartijen op de voorgrond en er wordt een spookachtig landschap geschetst volgens de regels van archaïsch klinkende black. De afsluiter is bovendien met tal van samples en vrouwelijke vocalen opgeluisterd. Nu, langer dan één nummer moet deze andere zijde van dezelfde munt blijkbaar nooit bovenaan liggen, want al snel trekt Flagg terug de kaart van furieuze black met zwaar hakkende drums, snerpende gitaren, helse krijsen en een basgitaar die gek genoeg ook zijn plaats in de mix weet op te eisen. Net wanneer je denkt dat het in een nummer als “Abomination” niet destructiever kan, schiet “Apex predator” met een aan hondsdolheid grenzende furie uit de startblokken. Flagg biedt niets nieuws onder de zon, en is enkel voor de puristen en liefhebbers van opgefokte Finse black weggelegd. Mij steekt het nogal snel tegen zeker omdat de riffs soms in een kakofonie verzanden.

JOKKE: 70/100

Flagg – Nothing but death (Purity Through Fire 2020)
1. Destroy, desecrate
2. Nothing but death
3. Dark clouds gathering
4. Burning sky
5. Abomination
6. Apex predator
7. Sixth sun salvation
8. Last breath drawn
9. Towards emptiness

Kryptamok – Verisaarna

Het lijkt wel alsof er uit elke waterplas die kriskras in het landschap van het land van de duizend meren verspreid ligt een nieuwe black metal band komt opborrelen. Deze keer is het de beurt aan Kryptamok; met enkel de uit 2018 afstammende “Profaani” demo in de back catalogue, nog een vrij nieuwe speler dus. Maar achter Kryptamok schuilt een smoelwerk die het slagen van de zweep kent. Mika Packalen aka Hex Inferi geselde immers jarenlag de bassnaren bij Horna en was als zanger/gitarist actief bij Vordven. Of de Fin al dan niet door een sessiedrummer werd bijgestaan voor de opnames van zijn debuut, moet ik in het midden laten. Het artwork van “Verisaarna” (‘bloedpreek’) belooft in elk geval een gitzwarte, apocalyptische brok zwartmetaal over ons uit te storten. Maar doet het dat ook? “Apokalypsin epilooki” maakt diens titel waar en bevestigt volmondig, maar ook de met onheilspellende blazers opgesmukte opener weet een omineuze sfeer neer te zetten. Het slepende, van toetsen en heldere zang voorziene “Saastan rekviemi” en het doomy symfonische “Tämä on enne ja kuolema sen lupau” verkennen epische paden terwijl Mika in “Susien äitee“, de afsluitende titeltrack en “Pimeyden tyranni“, na een eerder mid-tempo start, zijn zwaard slijpt om er genadeloos in te hakken, hoewel die typisch Finse melodieusheid nooit onontgonnen terrein blijft. Zo lenen meerdere nummers zich perfect tot meebrultoestanden, moest het Fins natuurlijk niet zo’n tongbreker zijn. In “Rottien reformaatio” vullen donkere wolken de hemel terwijl akoestische gitaren en engelenzang een voorbode vormen voor de black metal orkaan die nadien ontketend wordt en waarbij sinistere orgelklanken en heldere koorzang een teneergeslagen karaktertrek toevoegen. Kryptamok laat op diens debuut “Verisaarna” 100% Finse black horen, niets meer, maar zeker ook niets minder.

JOKKE: 81/100

Kryptamok – Verisaarna (Purity Through Fire 2020)
1. Loputon, totaalinen sota
2. Apokalypsin epilooki
3. Saastan rekviemi
4. Susien äitee
5. Pimeyden tyranni
6. Rottien reformaatio
7. Tämä on enne ja kuolema sen lupau
8. Verisaarna

Oranssi Pazuzu – Mestarin kynsi

Het Finse Oranssi Pazuzu maakte de overstap van het kleinere artistieke Svart Records naar het megalomane Nuclear Blast, als dat maar goed komt! “Mestarin kynsi” (‘klauw van de meester’) is langspeler nummer vier die evenveel jaar op zich heeft laten wachten. Dat was ook zo wat de tijd die we nodig hadden om voorganger “Värähtelijä” volledig te doorgronden want wie de muziek van deze Finnen kent, weet dat dit geen hapklare brok commerciêle bagger is. Oranssi Pazuzu creëert immers een universum waarbij elementen van progressieve moderne metal, acid house, krautrock en zelfs jazz tot een overheerlijke gehaktbal geboetseerd worden waarbij de screams de lekkernij in een black metal dipsaus soppen. Nu mag vier jaar lang lijken, maar in tussentijd verschenen er wel nog twee EP’s en de samenwerking met Dark Buddha Rising in de vorm van Waste Of Space Orchestra. “Mestarin kynsi” klokt op een vijftigtal minuten af, wat een pak minder is dan de zeer lijvige voorganger, maar die nog steeds langer duurt dan de gemiddelde plaat die we tegenwoordig voorgeschoteld krijgen. Een hele uitdaging dus voor mensen met een korte aandachtspanne. Alhoewel, er gebeurt zó veel in het Oranssi Pazuzu universum dat verveling ver weg blijft. Herhaling is de ruggengraat van psychedelische muziek en Oranssi Pazuzu beheerst het trucje meesterlijk. Ritmische en melodieuze patronen herhalen zichzelf voortdurend terwijl nieuwe elementen zich gestaag in de strijd gooien om naar een climax toe te werken. Opener “Ilmestys” is hier een treffend voorbeeld van en klinkt haast als een psychedelische western waarbij een cowboy met een onnoemelijk droog bakkes op sterven na dood door de zinderende hitte op de prairie zwalpt. Bedwelmende gitaarloopjes en repetitieve pulserende beats zwellen aan totdat ze in een zwartgeblakerde uitbarsting culmineren. “Tyhjyyden sakramentti” is erop uit om een spookachtig gevoel van discomfort en onbehagen neer te zetten en slaagt hier met glans in. Voor het fenomenale “Uusi teknokratia” werd een super knappe videoclip gecreëerd die een schoolvoorbeeld is van hoe beeld en geluid mekaar kunnen versterken. Het nummer klokt op meer dan tien minuten af en is een caleidoscopische nachtmerrie van panfluiten die in loopjes met helse vocalen interageren. Portalen van bijtende, repetitieve gitaarlijnen worden opengebroken en een orkestrale deining van spookachtige zang zorgt voor een gotische majestueuze toets. Je moet het horen om zelf te geloven! “Oikeamielisten sali” is een mindfuck voor je ritmegevoel en zet je voortdurend op het verkeerde been en een heel arsenaal aan strijk- en blaasinstrumenten zorgt voor een delirium. Pas in de finale van deze acht minuten durende verwarrende schoonheid komen de black metal vocalen op de proppen. “Kuulen ääniä maan alta” gooit het met zijn claustrofobische drones en militaristische beats die in een furieuze orgie uitmonden over een geheel andere boeg. De rustgevende uitlopende klanken vormen slechts stilte voor de storm – of beter gezegd apocalyps – want “Taivaan portti” barst los in een blastende woestenij die je haast gillend als een klein meisje het straat doet oplopen. “Mestarin kynsi” is nu een tweetal weken uit en heeft al wat tijd gekregen om te bezinken. Conclusie: Oranssi Pazuzu heeft opnieuw een eclectisch meesterwerk in mekaar geraaid dat ontegensprekelijk als Oranssi Pazuzu klinkt maar toch ook wel weer fris en fruitig voor de dag komt. Bovendien één die opnieuw in mijn eindejaarslijst zal opduiken. Hopelijk gaat de geplande tour voor het najaar door zodat het weer genieten wordt van de mensen rondom jou spastisch te zien dansen op zoek naar een houvast in deze psychedelische hoogmis.

JOKKE: 90/100

Oranssi Pazuzu – Mestarin kynsi (Nuclear Blast 2020)
1. Ilmestys
2. Tyhjyyden sakramentti
3. Uusi teknokratia
4. Oikeamielisten sali
5. Kuulen ääniä maan alta
6. Taivaan portti