finland

Kryptamok – Verisaarna

Het lijkt wel alsof er uit elke waterplas die kriskras in het landschap van het land van de duizend meren verspreid ligt een nieuwe black metal band komt opborrelen. Deze keer is het de beurt aan Kryptamok; met enkel de uit 2018 afstammende “Profaani” demo in de back catalogue, nog een vrij nieuwe speler dus. Maar achter Kryptamok schuilt een smoelwerk die het slagen van de zweep kent. Mika Packalen aka Hex Inferi geselde immers jarenlag de bassnaren bij Horna en was als zanger/gitarist actief bij Vordven. Of de Fin al dan niet door een sessiedrummer werd bijgestaan voor de opnames van zijn debuut, moet ik in het midden laten. Het artwork van “Verisaarna” (‘bloedpreek’) belooft in elk geval een gitzwarte, apocalyptische brok zwartmetaal over ons uit te storten. Maar doet het dat ook? “Apokalypsin epilooki” maakt diens titel waar en bevestigt volmondig, maar ook de met onheilspellende blazers opgesmukte opener weet een omineuze sfeer neer te zetten. Het slepende, van toetsen en heldere zang voorziene “Saastan rekviemi” en het doomy symfonische “Tämä on enne ja kuolema sen lupau” verkennen epische paden terwijl Mika in “Susien äitee“, de afsluitende titeltrack en “Pimeyden tyranni“, na een eerder mid-tempo start, zijn zwaard slijpt om er genadeloos in te hakken, hoewel die typisch Finse melodieusheid nooit onontgonnen terrein blijft. Zo lenen meerdere nummers zich perfect tot meebrultoestanden, moest het Fins natuurlijk niet zo’n tongbreker zijn. In “Rottien reformaatio” vullen donkere wolken de hemel terwijl akoestische gitaren en engelenzang een voorbode vormen voor de black metal orkaan die nadien ontketend wordt en waarbij sinistere orgelklanken en heldere koorzang een teneergeslagen karaktertrek toevoegen. Kryptamok laat op diens debuut “Verisaarna” 100% Finse black horen, niets meer, maar zeker ook niets minder.

JOKKE: 81/100

Kryptamok – Verisaarna (Purity Through Fire 2020)
1. Loputon, totaalinen sota
2. Apokalypsin epilooki
3. Saastan rekviemi
4. Susien äitee
5. Pimeyden tyranni
6. Rottien reformaatio
7. Tämä on enne ja kuolema sen lupau
8. Verisaarna

Oranssi Pazuzu – Mestarin kynsi

Het Finse Oranssi Pazuzu maakte de overstap van het kleinere artistieke Svart Records naar het megalomane Nuclear Blast, als dat maar goed komt! “Mestarin kynsi” (‘klauw van de meester’) is langspeler nummer vier die evenveel jaar op zich heeft laten wachten. Dat was ook zo wat de tijd die we nodig hadden om voorganger “Värähtelijä” volledig te doorgronden want wie de muziek van deze Finnen kent, weet dat dit geen hapklare brok commerciêle bagger is. Oranssi Pazuzu creëert immers een universum waarbij elementen van progressieve moderne metal, acid house, krautrock en zelfs jazz tot een overheerlijke gehaktbal geboetseerd worden waarbij de screams de lekkernij in een black metal dipsaus soppen. Nu mag vier jaar lang lijken, maar in tussentijd verschenen er wel nog twee EP’s en de samenwerking met Dark Buddha Rising in de vorm van Waste Of Space Orchestra. “Mestarin kynsi” klokt op een vijftigtal minuten af, wat een pak minder is dan de zeer lijvige voorganger, maar die nog steeds langer duurt dan de gemiddelde plaat die we tegenwoordig voorgeschoteld krijgen. Een hele uitdaging dus voor mensen met een korte aandachtspanne. Alhoewel, er gebeurt zó veel in het Oranssi Pazuzu universum dat verveling ver weg blijft. Herhaling is de ruggengraat van psychedelische muziek en Oranssi Pazuzu beheerst het trucje meesterlijk. Ritmische en melodieuze patronen herhalen zichzelf voortdurend terwijl nieuwe elementen zich gestaag in de strijd gooien om naar een climax toe te werken. Opener “Ilmestys” is hier een treffend voorbeeld van en klinkt haast als een psychedelische western waarbij een cowboy met een onnoemelijk droog bakkes op sterven na dood door de zinderende hitte op de prairie zwalpt. Bedwelmende gitaarloopjes en repetitieve pulserende beats zwellen aan totdat ze in een zwartgeblakerde uitbarsting culmineren. “Tyhjyyden sakramentti” is erop uit om een spookachtig gevoel van discomfort en onbehagen neer te zetten en slaagt hier met glans in. Voor het fenomenale “Uusi teknokratia” werd een super knappe videoclip gecreëerd die een schoolvoorbeeld is van hoe beeld en geluid mekaar kunnen versterken. Het nummer klokt op meer dan tien minuten af en is een caleidoscopische nachtmerrie van panfluiten die in loopjes met helse vocalen interageren. Portalen van bijtende, repetitieve gitaarlijnen worden opengebroken en een orkestrale deining van spookachtige zang zorgt voor een gotische majestueuze toets. Je moet het horen om zelf te geloven! “Oikeamielisten sali” is een mindfuck voor je ritmegevoel en zet je voortdurend op het verkeerde been en een heel arsenaal aan strijk- en blaasinstrumenten zorgt voor een delirium. Pas in de finale van deze acht minuten durende verwarrende schoonheid komen de black metal vocalen op de proppen. “Kuulen ääniä maan alta” gooit het met zijn claustrofobische drones en militaristische beats die in een furieuze orgie uitmonden over een geheel andere boeg. De rustgevende uitlopende klanken vormen slechts stilte voor de storm – of beter gezegd apocalyps – want “Taivaan portti” barst los in een blastende woestenij die je haast gillend als een klein meisje het straat doet oplopen. “Mestarin kynsi” is nu een tweetal weken uit en heeft al wat tijd gekregen om te bezinken. Conclusie: Oranssi Pazuzu heeft opnieuw een eclectisch meesterwerk in mekaar geraaid dat ontegensprekelijk als Oranssi Pazuzu klinkt maar toch ook wel weer fris en fruitig voor de dag komt. Bovendien één die opnieuw in mijn eindejaarslijst zal opduiken. Hopelijk gaat de geplande tour voor het najaar door zodat het weer genieten wordt van de mensen rondom jou spastisch te zien dansen op zoek naar een houvast in deze psychedelische hoogmis.

JOKKE: 90/100

Oranssi Pazuzu – Mestarin kynsi (Nuclear Blast 2020)
1. Ilmestys
2. Tyhjyyden sakramentti
3. Uusi teknokratia
4. Oikeamielisten sali
5. Kuulen ääniä maan alta
6. Taivaan portti

Mørketida – Traveler of the untouched voids

Binnen de Finse black metal scene heb je grofweg twee strekkingen: de ene helft borduurt verder op de bestiale proto-black van oervaders Beherit en de andere helft melkt de ijskoude furie van de Satanic Warmaster sound tot in den treure verder uit. Het duo Mørketida daarentegen marcheert naar eigen zeggen eerder over een baan die door acts als Noenum, Vritra en Blood Red Fog geplaveid werd ofte spookachtige zwartmetalen klanken die bulken van de grimmigheid. Twee jaar na debuut “Panphage mysticism” keren de heren terug met een 22 minuten durende EP die gezegend is van een kleurrijke hoes die je eerder op een Suffocation plaat zou verwachten. De overwegend paarse kleur van het ontwerp verwijst naar het eerste nummer “Descent of purple mist“; het moet niet altijd paarse regen zijn, nietwaar? Die eerste langspeler was een typische middenmotor die echter niet de volledige rit kon boeien. Benieuwd of het met een beduidend kortere speelduur wel lukt om de aandacht vast te houden. Mørketida speelt nog steeds overwegend mid-tempo black, maar schakelt af en toe ook over in blasmodus waarbij de orgelklanken uit het verleden door keyboardtoetsen vervangen zijn. In de reeds aangehaalde opener doet dat het oude Gehenna herleven, vooral ook doordat het riffwerk eerder Noors geïnspireerd is. Er zit meer leven in de brouwerij dan op het debuut, vooral door de meer krachtige en dynamische sound van “Traveler of the untouched voids“. Een ander pluspunt is de zang die zich hier ver weg houdt van high pitched screams en eerder uit de diepere regionen opborrelt. Denk aan een Abbath of Dagon (Inquisition). In “Upon the aged heavens“, waarin we ook enkele Enslavediaanse riffs horen, benaderen de vocalen zelfs een Lord Angelslayer (Archgoat). Later in het nummer duiken nog Spaans klinkende gitaren op die dan weer een Helleens black metal sfeertje toevoegen. Doorheen de zeven minuten durende titeltrack huppelen regelmatig frivole toetsen rond maar er wordt ook snedig van jetje gegeven. Ook hier voegen Spaanse gitaren extra cachet toe hoewel ze niet honderd procent juist lijken te zitten qua ritme. Als toetje krijgen we nog een geslaagde coverversie van Immortal’s “Unsilent storms in the north abyss“, de zanger beseft dus wel degelijk dat er parallellen zijn met Abbath’s strot. Al bij al een fijne EP

JOKKE: 78/100

Mørketida – Traveler of the untouched voids (Werwolf Records 2020)
1. Descent of purple mist
2. Upon the aged heavens
3. Traveler of the untouched voids
4. Unsilent storms in the north abyss (Immortal cover)

Warmoon Lord/Vultyrium – Pure cold impurity

Warlord Moon…uhm…Warmoon Lord, ik vergis mij keer op keer. Warmoon Lord dus, vernoemd naar het Vlad Tepes nummer van diens “Morte lune” plaat. Het debuut “Burning banners of the funereal war” uit 2019 gaf ik veel te laat de nodige aandacht, spijtig, want anders was deze plaat resoluut in mijn eindejaarslijstje gekatapulteerd geweest. Lord Vechi Vrăjitor, de alleenheerser achter deze band, vond in Sadist Stalker en diens Vultyrium een gelijkgstemde ziel wat resulteerde in deze “Pure cold impurity” split wat voor Vultyrium een eerste teken van leven is. Warmoon Lord doet waar het goed in is, namelijk het creëren van mysterieuze nocturnale landschappen vol besneeuwde bergtoppen en donkere naaldboomwouden waar krijgers doorheen waden onder het licht van de maan en vergezeld door het gehuid van een roedel wolven. Dit vertaalt zich muzikaal in ijskoude Scandinavische black met majestueuze keyboards, ijselijke screams en frostbitten gitaarwerk. Catchy jaren ’90 melodieën en dramatisch toetsenwerk maar wel in een heerlijk rauw jasje. Onze Finse vriend Juuso Peltola is blijkbaar van veel markten thuis want naast zijn voorliefde voor second wave black metal is (of was) hij ook nog actief in andere genres zoals heavy metal (Loanshark), heavy/doom metal (Musta Risti), progressieve death metal (Orpheria), dungeon synth (Old Sorcery) en synthwave (Megahammer). Ik heb wel zo’n donkerbruin vermoeden dat enkel Warmoon Lord me kan bekoren. Het zwartmetaal dat hij hiermee creëert is werkelijk om duimen en vingers bij af te likken. Elk van de vier composties bevat immers kippenvelopwekkende melodiëen, zij het via de obligate tremolo picking riffs of het symfonische toetsenwerk, dat iets prominenter aanwezig is dan op het debuut. Zo is “The morningstar’s descent” werkelijk een rasechte zwartmetalen klassebak! Voor liefhebbers van Emperor, oude Ancient, oude Gehenna en Vargrav. Vultyrium gaat daarna wat grimmiger te keer en de sappige vocalen van onze sadistische stalker hebben een groter Golem gehalte. Ook deze Fin houdt er meerdere activiteiten op na zoals Kalterit, Purgatör en Sadokist waarbij black metal steevast gemixt wordt met invloeden uit thrash en heavy metal. Bij Vultyrium trekt hij echter voluit de pure black metal kaart die minder melodieus uitvalt dan bij zijn collega. Hier wordt de gure atmosfeer grotendeels via snijdende riffs, rauw gekrijs en ratelende (geprogrammeerde?) drums neergezet. Denk hierbij eerder aan oude Darkthrone en Gorgoroth. Enkel in “Journey through razorwinds” en de uitluidende tonen van “Crowning in desolation” doemen ondersteunende keys op. Deze split is een ab-so-lu-te aanrader voor eenieder die jaren ’90 Scandinavische black een warm hart toedraagt.

JOKKE: 85/100 (Warmoon Lord: 89/100 – Vultyrium: 81/100)

Warmoon Lord/Vultyrium – Pure cold impurity (Wolfspell records 2020)
1. Warmoon Lord – Ancient death’s crown
2. Warmoon Lord – Victory of irreverend might
3. Warmoon Lord – Magie et sang
4. Warmoon Lord – The morningstar’s descent
5. Vultyrium – Towards the throne of solitude
6. Vultyrium – Journey through razorwinds
7. Vultyrium – Crowning in desolation

Bythos – The womb of zero

Perkele!” nog aan toe, wat een fijn orkestje krijgen we hier nu weeral voorgeschoteld door Terratur Possessions! De heren M.S. (zang), M.L. (gitaar en bas) en L.R. (drums) besloten de – voor deze gelegenheid onbekladde – koppen samen te steken en Bythos op te richten, waarvan de naam ontleend is aan de gnostiek waarin een pleroma de benaming voor de volheid, de structuur en verblijfplaats van de goddelijke wereld voorstelt. In het pleroma van gnosticus Ptolemaeus is er sprake van een volmaakte eon die het ‘Oerbegin’, de ‘Oervader’ of ‘Diepte’ (‘Bythos’) wordt genoemd. Deze Finse geweldenaars mikken op het resetten van de goddelijke plannen door vernietiging: schoonheid in vernietiging, vernietiging in schoonheid. Het trio houdt er nevenactiviteiten bij Behexen, Sargeist, Horna en Ajattara op na, maar heeft toch bestaansrecht naast deze gekende Finse blekkies. Bythos’ sound is immers niet zo Fins als verwacht werd, maar bevat veeleer elementen uit Noorse en vooral Zweedse black. Bovendien werd gekozen voor een krachtige en meer moderne productie wat de nummers meteen ook toegankelijker maakt. Nu niet om te zeggen dat de negen songs op debuutplaat “The womb of zero” mainstream klinken, maar ze happen toch gemakkelijker weg dan het materiaal van hun andere bands. Wat opvalt is dat de muziek van een nummer goed aansluit bij diens thematiek. Zo klinken de lofbetuigingen aan duistere figuren als Sorath en Lucifer dankzij de energieke meebrulrefreinen of sacraal aandoende gezangen heel krachtig en ecstatisch. Songs als de bezwerende opener “Black labyrinth” en het met subtiele keyboards en een melodieuze solo doorspekte “Call of the burning blood” slagen er dan weer in om een gevoel van beklemmende wanhoop te doen binnen komen. “When gold turns into lead” barst van het magnifiek melodieus gitaarwerk waarin de invloed van een band als Dissection hoorbaar is. De zanglijn volgt de melodie braafjes wat het een heel toegankelijk nummer maakt. “Omega dragon” kent een stuwende rock-beat en zet onherroepelijk aan tot meebrullen met het heldere zangkoor dat meermaals opduikt. “Legacy of Naahmah” wordt afgesloten met ingetogen akoestisch gitaargetokkel waarna het eerder berustende “Destroyer of illusions” je meevoert op diens meanderend melodieus gitaarspel. De vocalen die over de tremolo-riffs bulderen zijn licht vervormd en vormen een mooi contrast met de goed in het gehoor liggende gitaarharmonieën. De vernietigingsdrang van het goddelijke komt middels “Luciferian dawn” tot een einde. Met zes en een halve minuut speeltijd is het de langste compositie die “The womb of zero” telt waarbij akoestische gitaren er een sereen einde aan breien. Blastbeat fanatiekelingen zullen op hun honger blijven zitten, want ik heb er gedurende drie kwartier geen enkele geteld. “The womb of zero” is een uitermate geslaagd debuut dat het moet hebben van diens prachtig gitaarwerk en aanstekelijke, veelal meebrulrefreinen.

JOKKE: 85/100

Bythos – The womb of zero (Terratur Possessions 2020)
1. Black labyrinth
2. When gold turns into lead
3. Sorath the opposer
4. Omega dragon
5. Call of the burning blood
6. Hymn to Lucifer
7. Legacy of Naahmah
8. Destroyer of illusions
9. Luciferian dawn

Nôidva – Windseller

Maand na maand blijven er maar nieuwe orkestjes opduiken. Het Finse Nôidva is één van hen. Achter de band gaan leden van o.a. Sacrificium Carmen en Riivaus schuil en aan een langspeler wagen ze zich voorlopig nog niet want het eerste wapenfeit is de “Windseller” EP waarop vijf nummers en een instrumentaaltje prijken, goed voor een 27-tal minuten Finse black. Thematisch gezien koos het kwartet voor een focus op shamanistische folklore uit hun habitat Lapland. De titeltrack vond ik met zijn dertien-in-een-dozijn riffs en screams maar doorsnee klinken en de te vrolijke keyboarddeuntjes die later nog in de opener opdoken, vormden al vrij snel een domper op de feestvreugde, want voor een potje Finse black mag je me doorgaans wel wakker maken. In “Followers of the north star” trakteren de Finnen ons na het inleidend basbruggetje op een traditionele folk-melodie waarbij een scream en ietwat valse heldere zangstem het melodietje in koor aframmelen. Een traktatie die ik liever aan mij voorbij had laten gaan. De shamanistische aanpak van “Häilän Joiku” kan ik dan wel weer smaken als tussendoortje en zelfs het mid-tempo maar opzwepende “Into polar nights“, waar we voor het eerste die typisch Finse melancholie in waarnemen, kan er vervolgens nog mee door. Leuk dat Nôidva halfweg dit nummer ook nog een tandje hoger schakelt en wat meer van zich afbijt. Bizar dat ze dit nummer niet gebruikten om hun EP mee af te trappen. Met “Eclipsed by Goahti’s blood” en diens huppeldepup- gitaar- en orgelmelodietje keldert het restje hoop dat ik terug had echter al weer instant. De fellere afsluiter “Vindictive old ones” probeert de meubelen opnieuw te redden en slaagt daar aanvankelijk in totdat de melodieuze Eftelingtoestanden weer opdagen. Blij dat “Windseller” een EP is geworden, want na een klein half uur heb ik het wel gehad met dit Nôidva. Geen hoogvlieger, maar dat u wellicht al door intussen.

JOKKE: 65/100

Nôidva – Windseller (Purity Through Fire 2020)
1. Windseller
2. Followers of the north star
3. Häilän Joiku
4. Into polar nights
5. Eclipsed by Goahti’s blood
6. Vindictive old ones

Curse Upon A Prayer – Infidel

De muzikale uitspattingen van Curse Upon A Prayer zijn zo haram als maar kan zijn. Deze Finnen spenderen namelijk al hun vrije tijd aan Koran en islam bashing. Het zorgt voor welgekomen afwisseling in een genre waarbij niemand nog écht wakker lijkt te liggen van stoere praat richting de katholieke kerk. Met “Infidel” als bomgordel aan, trekt Curse Upon A Prayer opnieuw ten strijde om Allah achterwaarts in zijn hol te neuken. Allemaal goed en wel, maar hoe brengen ze het er muzikaal vanaf? Bij hun vorige wapenfeit, de in 2018 verscheen “The three woes” EP, maakten we namelijk wel wat kanttekeningen zoals een gebrek aan afwisseling en een tekort aan weinig opzienbarende riffs. Op “Infidel” werd duidelijk werk gemaakt van dynamiek want er wordt niet langer eenzijdig geramd en geblazen. Er wordt regelmatig wat gas terug genomen zoals in het mid-tempo “Al-Masih ad-Dajjal“, het hoogtepunt van de plaat dat jullie hieronder kunnen beluisteren, en een nummer als “The portrait of Iblis” is eerder een soort van mystiek intermezzo waarbij deels akoestische gitaren en rituele percussie een Midden-Oosterse sfeer neerzetten. Het afsluitende “Jahannam” gaat voor een 100% akoestische aanpak. Nog steeds vind ik dat Curse Upon A Prayer’s melodieuze black eerder naar die van buurland Zweden neigt, dan aansluiting te vinden bij die van hun thuisland. Luister maar eens naar de riffs en melodieën van nekkenbrekers als “Haram” of “Prophetic poison“. Wanneer het tempo daalt, sijpelen de Finse invloeden wel meer door. Het is nog niet zo dat elk nummer in staat is een pagina van de Koran in lichterlaaie te zetten, want sommige nummers doen niet veel meer dan een ezelsoor creëren. Maar de songwriting met oog op meer dynamiek heeft duidelijk zijn vruchten afgeworpen waardoor “Infidel” ons toch al een pak meer weet te overtuigen.

JOKKE: 76/100

Curse Upon A Prayer – Infidel (Saturnal Records 2020)
1. Call to prayer
2. Infidel
3. Taste ye the penalty of burning
4. Haram
5. The portrait of Iblis
6. Al-Masih ad-Dajjal
7. Prophetic poison
8. Fitna
9. Jahannam