gardsghastr

Skáphe & Wormlust – Kosmískur hryllingur

Het is al lang geen geheim meer dat er een duidelijke connectie bestaat tussen de crème de la crème van zowel de IJslandse als Noord-Amerikaanse scenes, en we steken evenmin onder stoelen of banken dat we er grote fan van zijn. Na het ter ziele gaan van Fallen Empire Records werd de vaandel doorgegeven aan het Mystískaos van Alex Poole (Chaos Moon, Entheogen, Gardsghastr) en H.V. Lyngdal (Wormlust), twee artiesten die samen nog wel enkele projecten hebben. Deze keer gaat het niet om een nieuw project, maar draait het rond een collaboratie tussen de zwartgallige entiteiten Wormlust en Skáphe – zodus is ook Dagur Gíslason van Misþyrming van de partij. Deze collaboratie (géén split!) werd “Kosmískur hryllingur” genoemd, een naam die ik nooit zal proberen uitspreken. In zesendertig luttele minuten, gesplitst in twee nummers, wordt gepoogd aan de luisteraar een aanval van zuivere claustrofobie te ontlokken, een race tegen de tikkende klok die het album aftrapt en afsluit. Als je dacht dat er op het kleurrijke artwork (waaraan oudgediende Metastazis meewerkte) al veel te beleven viel: guess again. De titel vertaalt zich vanuit het IJslands naar ‘kosmische horror’, en zelden dekte een naam zo goed de lading. Doorheen de structuurloze nummers wordt een bijzonder naargeestig en bedrukkend gevoel neergepoot, zoals we al hadden zien aankomen afgaande op de namen van de betrokken bands. Gaande van slepende, oncomfortabele passages waar melodieuze doch dissonante leads over een sinistere laag gitaarwerk worden gedrapeerd tot climaxen waarin het gaspedaal vol wordt ingedrukt, Skáphe/Wormlust laten geen spaander heel van je mentale belevingswereld en sleurt je mee in de krochten van het desolaat landschap dat hun sonische terreuraanval creëert. Ik meen vocale verdiensten van alle drie de heren te ontwaren waarbij Poole en Lyngdal voornamelijk in het eerste nummer voorkomen terwijl Gíslason op de tweede track de plek in de spotlights opeist, iets wat de diversiteit op een toch al divers werk enkel ten goede komt. Daar waar “Þeógónía” bij momenten pure chaos uitstraalt moet “Vaxvængir vonar” het vooral hebben van een langer uitgesponnen, mid-tempo aanpak. Niet getreurd, want ook hier wordt het tempo naar het einde toe ferm de hoogte in gejaagd. Zoals we van deze heren gewend zijn is ook de productie weer op en top, met dank aan BST Studios. Voor zij die houden van een bevreemdende, haast duistere psychedelische trip ondersteund door sporadisch ingezette keyboards in hun black metal is dit “Kosmískur hryllingur” absoluut verplichte kost! Ik haalde het al aan, maar deze release valt in twee woorden samen te vatten: pure claustrofobie.

CAS: 85/100

Skáphe & Wormlust: Kosmískur hryllingur (Mystískaos 2019)
1. Þeógónía
2. Vaxvængir vonar

Ærekær – Avindskjold

Synthliefhebbers kwamen recent al via Vargrav – wiens laatste worp ondertussen gemakkelijk nog een punt of zeven op de scoreladder gestegen is – en Gardsghastr aan hun trekken en hebben er middels het Deense Ærekær opnieuw een lekker speeltje bij. Ærekær maakt net als o.a. Blot & Bod, Grifla da la Secta, Fanebærer en Vaabnet deel uit van de new wave of DKBM en Korpsånd-cirkel waarvan reeds een straffe compilatie verscheen. De Kopenhaagse band trakteert ons op haar eerste langspeler “Avindskjold” een half uur lang op een mix van etherische en atmosferische black gecombineerd met het beste wat dungeon synth ons te bieden heeft. Dikke mistige riff- en synthlagen liggen voortdurend met mekaar te vozen terwijl een strak doorrammende drumcomputer het tempo op de achtergrond aangeeft. Breed uitwaaierende krijsen vermengen zich in het intergalactische klankenpalet dat opgetrokken wordt en enigszins lijkt te contrasteren met het historische aardse tafereel dat op de cover prijkt. Vergeleken met de demo MMXVIII ligt de nadruk meer op de metalen elementen wat ik toejuich. Magistrale nummers zoals “Nævens fejlslag” en “Efterbyrd” vormen een instant garantie op kippenvel en de bloedmooie met post-rock flirtende intro en outro van “Vingetræk” kunnen mij helemaal krijgen. De lange tijd verguisde keyboards lijken weer helemaal terug te zijn! Hoera!

JOKKE: 82/100

Ærekær – Avindskjold (Nattetale/Tour de Garde 2019)
1. Bøj dig for din ælde
2. Nævens fejlslag
3. Efterbyrd
4. Vingetræk

Gnipahålan/Demstervold – Split

Swartadauþuz laat weer eens van zich horen. Deze keer via Gnipahålan waarmee hij vooralsnog geen langspeler heeft uitgebracht maar de weg van EP’s, demo’s, compilaties en nu ook een split bewandelt. De gelukkige wederhelft van dienst is het Nederlandse Demstervold, een creatie van Morden Demstervold die voor de gelegenheid bijgestaan wordt door sessiedrummer en Blood Tyrant-collega The Wampyric Specter (tevens de man achter dungeon synth revelatie Old Tower). Ook Swartadauþuz heeft voor het intrommelen externe hulp gezocht en gevonden bij Aska. Gnipahålan staat voor pure, oude black metal waar de mystiek langs alle kanten van afspat, niet te min door de obscure synthlaag die de striemende black metal een spookachtige vorm geeft. Swartadauþuz’s krijszang klinkt als een gure wind die doorheen een duister woud waait waarbij de riffs kettingzaagsgewijs oude bomen vellen en de drumaanslagen als een specht op speed klinken. Voer voor wie ook zijn nieuwste band Gardsghastr hoog in het vaandel draagt. Demstervold spuwt zijn haat en venijn er vol overtuiging eveneens in zijn moerstaal uit, niet dat we er enigszins ook maar één woord van verstaan, maar soit. Muzikaal passen beide bands in hetzelfde straatje van gure, old-school black die niet vies is van een grote portie synths, hoewel Demstervold iets meer riffgedreven is en de drums eerder hakken dan blasten. Een muzikaal fragment kan ik niet laten horen, maar wie fan is van oude synth black, 7 inches en splits moet deze gewoon in huis halen!

JOKKE: 84/100 (Gnipahålan: 85/100 – Demstervold: 83/100)

Gnipahålan/Demstervold – Split (Amor Fati Productions 2019)
1. Gnipahålan – Nordens blodfyllda urvrede
2. Demstervold – Maalstroom des doods

Gardsghastr – Slit throat requiem

Liefhebbers van symfonische black kwamen onlangs reeds aan hun trekken met Vargrav’s tweede plaat, maar hét album waar elke rechtgeaarde fan van het genre reikhalzend naar uitkeek, is natuurlijk het debuut van Gardsghastr. Wetende dat achter deze nieuwe band klinkende namen als Alex Poole, de broers Jackson en Steven Blackburn en Swartadauþuz schuilgaan, zorgde voor een opgewonden kriebel in onze broek. De eerste drie veteranen werkten reeds samen in Guðveiki, Chaos Moon en Entheogen maar sloegen voor Gardsghastr de handen in mekaar met het Zweedse brein achter o.a. Azelisassath, Bekëth Nexëhmü, Gnipahålan, Musmahhu en Mystik, tevens eigenaar van Ancient Records en Mysticism Productions en zowat het grootste genie dat er in de hedendaagse black metal-scene rondloopt. Aangezien dit voor ons allemaal klinkende namen zijn – enkel zanger Glömd kunnen we niet meteen thuisbrengen – verwachtten we dus vuurwerk van “Slit throat requiem“. De blauwdruk voor deze één uur durende trip is de Noorse symfonische black metal-scene van halfweg de jaren negentig die dankzij haar mystiek, majestueusheid en grandioosheid wereldwijd duizenden zieltjes converteerde tot de zwarte kunsten. Swartadauþuz verzorgde naast de lay-out en het bandlogo ook de mix die de hoogdagen van de klassiekers die in de Grieghallen Studios opgenomen werden, doet herleven. De keyboards gaan in overdrive zonder dat het carnavaleske toestanden worden en geven de venijnige zwartmetalen basis een extra lading bombast, heroïsche glorie of onheilspellende atmosfeer mee. Een geslaagd huwelijk met andere woorden tussen de weidse en schimmige signature sound van Alex Poole en de verdorven, ongefilterde en energieke insteek van Swartadauþuz. Het vuurwerk waar we op hoopten, horen we ondermeer knallen in het keizerlijke “Of crimson eyes“, de dynamische titeltrack (zelden kreeg de basgitaar in dit genre zo’n prominente rol toebedeeld), het tien minuten durende “Beasts of horn and wing” en het kosmische “Diabolical reverence“, maar de andere songs moeten hier amper voor onderdoen. Het totaalpakket klinkt overweldigend en vraagt meerdere luisterbeurten om alle details te ontdekken die in de wall of sound verstopt zitten. Dus ga op je rug in het gras liggen, steek die oortjes in, zet de volumeknop op tien en laat je door “Slit throat requiem” in de oneindigheid van je gedachten meevoeren terwijl je de majestueusheid van de nachtelijke hemel in je opneemt.

JOKKE: 95/100

Gardsghastr – Slit throat requiem (Profound Lore 2019)
1. Promethean flame
2. Of crimson eyes
3. Slit throat requiem
4. Journey through stagnant time and misery
5. Beasts of horn and wing
6. Diabolical reverence
7. Unfurl the profane wisdom
8. Outro

Délirant – Délirant

Het Mystískaos-collectief heeft nog heel wat lekkers voor ons in petto. Zo verschijnt er volgend jaar materiaal van o.a. Kosmikur Hryllingur, Andavald, Gardsghastr, Wormlust (“Hallucinogenesis“), een Wormlust/Skaphe-collaboratie, een Entheogen/Ljain-samenwerking en een gedeeld Mystiskaos/Ancient Records-project. Enkele dagen geleden bezorgde het debuut van Guðveiki ons nog een pandoering van jewelste en op de valreep van 2018 schotelt het label ons ook nog Délirant voor. Hoewel de Franse bandnaam (die “ijlend” betekent) anders doet vermoeden, is de oorsprong van deze éénmansband in Spanje te vinden. Op muzikaal vlak past Délirant perfect binnen de Mystískaos-esthetiek. De vier nummers op dit eerste wapenfeit klinken griezelig beklemmend zonder enkel dissonante geluiden op de luisteraar af te vuren. Er valt immers ook wel wat melodie te bespeuren die leentjebuur lijkt te spelen bij enkele bands van de Portugese Aldebaran-cirkel, hoewel de productie wel beter is (en zeker voor een tape). Bij Délirant draait het om het zoeken van schoonheid in de verschrikkingen van deze wereld. Na een griezelige introductie ontpopt de dertien minuten durende opener zich tot een beest van een black metal-nummer waarin sterk verwrongen vocalen en groezelige melodieën een bedwelmende roes opwekken. De maniakale ijle uithalen doorprikken meermaals je trommelvliezen en repetitieve hallucinogene riffcocktails bezorgen je een draaierig gevoel. Omineuze orgelklanken bezorgen het geheel nog een extra naargeestig randje terwijl de ijzingwekkende krijsen van D.B. het nummer in een horroreske opera omtoveren. Het tweede nummer is compacter van structuur en opzet en bevat slepende leads die je langs alle kanten omsingelen, maar gunt je ook enkele rustmomenten om even naar adem te happen. Het duizelingwekkende delirium dat in het derde nummer volgt is immers imposant. De rollercoaster aan benevelingen die zich van je meester maken wordt opnieuw onderbroken door een duivelse hoogmis van orgelklanken waarna onmenselijke uithalen heen en weer flitsen als bliksemschichten bij een zomers onweer. In het laatste nummer zakt het tempo en waaieren de ziekelijk makende klanken breed uit. D.B. kan het echter niet laten om er op het einde toch nog een spurtje uit te trekken. Na vijfendertig minuten gaat het licht in onze bovenkamer onherroepelijk uit. Wat past die bandnaam perfect bij deze auditieve koortsaanval zeg.

JOKKE: 85/100

Délirant – Délirant (Mystískaos 2018)
1. Délirant I
2. Délirant II
3. Délirant III
4. Délirant IV