portugal

Ventr – Numinous negativity

De offers die Ventr op haar altaar brengt zijn overduidelijk gericht aan de Duivel, laat daar geen twijfel over bestaan. De Portugezen bouwen hun blackmetal op een stevige basis van doordachte themathiek en de titel van hun eerste EP “Numinous negativity” spreekt wat dat betreft boekdelen. Conceptueel gezien focussen de teksten over het karakteriseren van numineuze negativiteit (de term ‘numineus’, wat zo veel betekent als ‘geheimzinnig’, werd geïntroduceerd door de Duitse theoloog en godsdientswetenschapper Rudolf Otto (1869 – 1937)) als een spirituele en/of religieuze vorm van negatieve perceptie – de mysteries in de werken binnen de alomtegenwoordigheid van de duivel. Zo verkent opener “Omnipresent abominations” het concept van (negatieve) Verlichting door de aanraking van de gruwelen van de Duivel. Afsluiter “A dagger to worship” handelt dan weer over het concept van ‘gruwelijke goddelijkheid”, gebruikmakend van het idee van de “Trinity Dagger” (Strijd, Wreedheid, Ongerechtigheid), die een weerspiegeling is van deze Goddelijke Verschrikking in de alledaagse werkelijkheid. Ik gaf al mee dat Ventr in Portugal resideert, samen met de USA en Bosnië Herzegovina zowat de huidige broeihaarden als het op rauwe blackmetal aankomt, maar productioneel gezien torent Ventr boven al deze groezelige kelderblack uit, zonder echter te vervallen in overgeproduceerde platte kak. Neen, de sound is lekker organisch en bevat een ruwe korrel die de betoverende melodieusheid van sommige riffs ook niet uit de weg gaat. Qua stijl doet Ventr’s duidelijk op tweede golf geïnspireerde black me aan Nidrosian acts als Mare of Kaosritual denken of de vele orthodoxe blackmetalbands (maar zonder de vele occulte fratsen), niet alleen muzikaal maar ook op de manier waarop de schreeuwerige vocalen ingezet worden. “Our altar of murderous fanaticism” bevat evenveel vlijmscherpe tremeloriffs als de opener, maar strijdt op een wat lager tempo. Geen high tech riffs, maar een simpele effectiviteit. Het titelnummer valt vervolgens uit de toon tussen de andere drie songs, niet alleen qua veel kortere speelduur, maar ook qua stijl want deze track fungeert eerder als een mysterieus en duister klinkend ambientintermezzo. “A dagger to worship” pikt de draad terug op waar deze op hun altaar van moorddadig fanatisme was achtergebleven. Best een aardig eerste visitekaartje dat liefhebbers van ongecompliceerde second wave blackmetal wel over de streep zou moeten kunnen trekken.

JOKKE: 79/100

Ventr – Numinous negativity (Signal Rex 2020)
1. Omnipresent abominations
2. Our altar of murderous fanaticism
3. Numinous negativity
4. A dagger to worship

Candelabrum/Sulphuric Night – Death slumbers amidst the ruins

Portugezen en Bosniërs schieten precies goed op met elkaar, zeker in het rauwe blackmetalwereldje. Onlangs passeerde hier reeds een alliantie tussen Obskuritatem en Nidernes, nu is het de beurt aan het Portugese Candelabrum en het geweldige Sulphuric Night uit Bosnië Herzegovina, wiens debuutlangspeler “Forever cursed” we pas dit jaar oppikten, anders had die ongetwijfeld in de 2019 jaarlijst gepreken. Candelabrum kwam reeds eerder aan bod toen we een (positief) oordeel velden over diens tweede full-length “Portals” uit 2018. De 10″ split “Death slumbers amidst the ruins” is het eerste nieuwe teken van beide bands, die voor de gelegenheid beide een compositie van om en bij de tien minuten afleveren. Candelabrum bijt de spits af en is alvast de meest lo-fi klinkende van de twee. Het benauwde, enge gevoel dat “The labyrinth of mist (Into the oracle)” uitstraalt past eigenlijk perfect bij de titel van de split moet ik zeggen. De teneur is doods, de atmosfeer ronduit akelig, het tempo sleept zich repetitief en stapvoets voort, de melodielijnen klinken hypnotiserend en zinderend, de basgitaar eerder zompig en winderig, de keyboards triomfantelijk en de vervormde zwaar door de mangel gehaalde vocalen…daar moet je haast tot op het einde voor wachten. Candelabrum lijkt hier wat meer terug te grijpen naar diens demoperiode en levert heerlijk verslavend spul voor de liefhebbers van lo-fi black aan. Sulphuric Night blikt gelukkig niet met een melancholische bril terug op diens demodagen want het oudste spul dat op de “Arcane monoliths of triumphant death“-compilatie prijkt, is – dankzij het haast ontbreken van een productie- geen spek voor onze bek. Daar waar Candelabrum’s bijdrage eerder de vorm van een lugubere cinematografische soundtrack aanneemt, gaat Sulphuric Night voor een meer standaard aanpak. “To the cobwebs of non-existence (Death awaits)” sluit vrij goed aan bij het materiaal van het debuut, klinkt alleen een tikkeltje ruwer en is wat meer uitgesponnen qua speelduur. De pakkende gitaarmelodieën zijn weer om van te smullen en de snellere partijen klinken lekker opzwepend. Bandbrein O. stond er niet alleen voor, maar liet zich bijstaan door bassist/keyboardspeler A. (Niteris, Void Prayer, Vrač) en om de link met Portugal nog meer daadkracht bij te zetten, werd Sataere van labelgenoten Inthyflesh ingeschakeld om een potje te komen meek(w)elen. Volgens mij neemt hij de heldere verhalende vocalen aan het begin voor zijn rekening. De dynamiek zit goed want desondanks dat deze compositie een tikkeltje langer klinkt dan die van Candelabrum, heb je helemaal niet het gevoel naar een tien minuten durende song te luisteren. Geslaagde split die zo wat het beste van de Portugese en Bosnische blackmetalonderwereld op één plak gitzwarte wax verenigt.

JOKKE: 83/100 (Candelabrum: 82/100; Sulphuric Night: 84/100)

Candelabrum/Sulphuric Night – Death slumbers amidst the ruins (Altare Productions 2020)
1. Candelabrum – The labyrinth of mist (Into the oracle)
2. Sulphuric Night – To the cobwebs of non-existence (Death awaits)

Onirik – The fire cult beyond eternity / Noite – A cor do fogo

Het doet deugd om Dirge Rep (ex-Gehenna, ex-Enslaved, The Konsortium, …) nog eens te horen drummen op een plaat want het is ondertussen weeral van Djevel’s “Norske ritualer” uit 2016 geleden dat ik deze legendarische, maar vaak ondergewaardeerde Noorse trommelaar nog aan het werk heb gehoord. Daar waar hij bij zijn landgenoten vrij typisch blackmetaldrumwerk liet horen, mag hij zich bij het Portugese Onirik nog eens uitleven door zich in allerlei bochten te wringen. Goede zet van meesterbrein Gonius rex om de Noor als huurkracht aan te trekken voor zijn vijfde langspeler. Het werd trouwens hoogtijd want voorganger “Casket dream veneration” ligt weeral vijf jaar achter ons. Onirik is actief sinds 2002 en heeft het blackmetalgenre door de jaren heen in verschillende benaderingen verkend, maar is altijd trouw gebleven aan zijn oorspronkelijke doel: een ongewone, dissonante en rauwe uitvoering van het genre met trance-inducerende sferen, ijskoud en badend in magie. Dat dissonante aspect is op “The fire cult beyond eternity” nóg prominenter aanwezig dan ooit tevoren, maar tegelijk klinkt Onirik ook meer old-school, sinister en rauw dan op de voorganger. De vaak atonale gitaarlijnen spinnen als een krolse kater rond de vaak gekke en geïnspireerde baslijnen en het non-lineaire drumwerk. Songstructuren zijn in dit geval een abstract gegeven. De atmosfeer die neergezet wordt is ronduit verstikkend en hallucinogeen. Elke noot lijkt een directe uitdrukking te zijn van de gitzwarte poëzie die met de grootste minachting op een dramatische manier wordt gezongen waarbij regelmatig heldere zang opduikt die wat naar Ved Buens Ende neigt en je als luisteraar meezuigt in dit duistere universum waar je tere communiezieltje in lichterlaaie gezet wordt. Semjaza (Thy Darkened Shade) verzorgde niet alleen de ambientpartijen die her en der in de zeven, bovengemiddeld lange songs opduiken maar nam ook de mix en mastering voor zijn rekening in zijn Sitra Ahra studio, waar trouwens niets op aan te merken valt. Gelijktijdig met “The fire cult beyond eternity“, brengt Gonius Rex ook werk uit van zijn ander project Noite (‘nacht’) waarvoor hij inspiratie haalde uit middeleeuwse en neo-klassieke muziek. Dit levert een bevreemdende reeks, in het Portugees gezongen, psalmen vol boetedoening op waar ik echter zo nerveus van wordt dat ik na enkele minuten nagelbijten bijna aan mijn ellebogen zit te knabbelen. Noite grossiert een half uur lang in een wirwar aan psychedelische cleane zang, contrasterende koren, multi-gelaagde kerkelijke bezweringen en spreuken, treurige litanieën en schemerige melodieën, met cleane gitaren en een wulpse bas die overal ronddraait. De drums werden voor de eerste keer door Gonius rex zelf ingespeeld, wat met de niet-evidente ritmes wel een knappe prestatie is. Toch is dit debuut totaal geen spek voor mijn bek, en dat heeft niets te maken met het feit dat dit amper nog iets met metal te maken heeft. Onirik daarentegen kan mij wel bekoren met zijn moeilijk te doorgronden, avontuurlijke en technische, doch ook traditionele kijk op blackmetal.

JOKKE: Onirik (80/100); Noite (60/100)

Onirik – The fire cult beyond eternity (I, Voidhanger Records 2020)
1. Cult beyond eternity
2. Trapped in flesh, blood and dirt
3. Assigned to the inexorable flames
4. Melodies of reflection and praise
5. Granted the vision, molded into stone
6. Murmurs of the aging vessel
7. Apathy of might

Noite – A cor do fogo (I, Voidhanger Records 2020)
1. Noite eterna
2. A cor do fogo
3. No inferno e na terra
4. Centelha
5. Monstro adormecido
6. Marcha do caldeirão

Obskuritatem/Nidernes – Somber winter evocations

The title says it all. Afgelopen winter besloten het uit het in Bosnië en Herzegovina gelegen Trebević gebergte afkomstige Obskuritatem en het uit het Noord-Portugese Arga gebergte afkomstige Nidernes (niet te verwarren met het eveneens Bosnische Niteris) een pact te vormen om alzo de onzichtbare krachten van de duisternis en ijskoude winter op te wekken. Dit resulteerde in twee titelloze composities van om en bij het kwartier vol gure, kille en troosteloze rituele noise en ambient waar een blackmetalatmosfeer over gedrapeerd is. Een iets ander geluid dan wat we normaal gezien van deze rauwe blackmetal Einzelgängers gewend zijn, hoewel Obskuritatem op zijn recente langspeler “Hronika is mraka” ook al liet horen niet vies te zijn van misselijkmakende soundscapes. De gure wind blaast onophoudelijk doorheen deze twee sombere winterse evocaties en voert hopeloze wanhoopskreten, mystieke en mysterieuze aanzwellende ambient, repetitief gitaargetokkel, snijdende leads, rituele vervormde percussie en allerhande bevreemdende geluidselementen aan. ’t Is eens iets anders.

JOKKE: 75/100

Obskuritatem/Nidernes – Somber winter evocations (Death manifestations/Black Gangrene Productions 2020)
1. Obskuritatem – Untitled
2. Nidernes – Untitled

Gaerea – Limbo

Misantropen aller landen, verenigt u! De poorten naar de hel staan wagenwijd open, maar als het van Gaerea afhangt kom je er niet in. Voor de ietwat achteloze lezers, een korte uiteenzetting: “limbo o / m (religie) (rooms-katholiek) plaats voor de zielen van mensen die niet als zondaars kunnen worden beschouwd en dus niet naar de hel gaan, maar die niet gedoopt zijn en dus ook niet tot de hemel worden toegelaten.” Wie wil er nu niet een eeuwigheid in de wachtkamer blijven zitten? Zeker als die wachtkamer tot de nok gevuld is met getormenteerde zielen die na een elusief aantal dagen wegrotten tussen hemel en hel van hun eigen geest een Abu Ghraib voor gevorderden hebben gemaakt. Het is op dit soort mentale constructie dat de nieuwe langspeler van het Portugese vijftal werd gebouwd. Auto-destructieve verlangens, perpetuele eenzaamheid en een allesomvattend nihilisme staan op thematisch vlak centraal, en passen als geen ander bij de desolate edoch meeslepende riffs die de heren voortbrengen op Limbo. De auditieve golven op deze plaat durven uit onverwachte hoek komen. Naast onweerlegbaar strakke blastbeats en hypnotiserende black metal tremolo, is er ook ruimte voor post-invloeden en doomriffs. Daar giet Gaerea echter met momenten nog een laagje hard- of metalcore over. Of dit onder stimulans van de nieuwe schoonfamilie is laat ik in het midden, maar Season of Mist heeft alleszins weten helpen met een ontiegelijk propere productie en mastering. De hardcore riffs waren ook op debuutplaat “Unsettling whispers” hoorbaar, maar het geheel klonk op deze voorganger rauwer en daardoor eerlijker. Er lijkt de laatste jaren een subtiele trend te zijn ontstaan waarbij traditionele black- en death metal bands opteren om elementen uit hardcore in hun muziek te weven – wat zeker bonuspunten qua agressiviteit en intensiteit kan opleveren. Op “Limbo” gaat de band wat mij betreft soms iets te ver in die richting, wat gek genoeg net het omgekeerde effect kan opleveren. De riffs klinken catchy op momenten dat ze net ijskoud en genadeloos zouden mogen zijn (“Urge“), en het geheel komt zo soms te braaf of gepolijst over (“To Ain“). “Limbo” dreigt daardoor met momenten zijn net veelbesproken ziel te verliezen en de nummers weten me daarom minder bij te houden dan ik zou willen. Ben je echter opgezet met heel deftige songwriting, een dijk van een sound en een imposante beheersing van de bespeelde instrumenten, dan gaat deze kritiek mogelijks niet aarden. De in totaal net onder de 52 minuten afklokkende LP is nu eenmaal met momenten écht meeslepend en hondsbrutaal. Gaerea gaat in januari 2021 op hun tour doorheen Europa met Harakiri For The Sky, en dat ze naast een epische post-band gaan schijnen lijkt me vanzelfsprekend.

JULES: 81/100

Gaerea – Limbo (Season of Mist 2020)
1. To Ain
2. Null
3. Glare
4. Conspiranoia
5. Urge
6. Mare

Adverso – Descent

Derde demo al voor het Portugese Adverso. De tweede (“Ex inanis“) beviel ons wel, dus benieuwd naar wat de band nu voor ons in petto heeft. Toegegeven, iets spectaculairs verwachtten we absoluut niet, het betreft hier immers traditionele old-school black met een afkeer van vernieuwing. Vier nummers lang neemt Adverso ons mee op sleeptouw naar de donkerste uithoeken van de menselijke geest. Adverso’s somber klinkende black heeft een ceremonieel kantje (vooral in de titeltrack) zonder voluit de occulte en/of orthodoxe kaart te trekken. Ziekelijk klinkende riffs, ritualistische ritmische impulsen en kreten vol afgrijzen, ontzetting en afkeer vormen de soundtrack van deze afdaling naar de diepste krochten van onze ziel. De sound is ‘trve’ en heeft wel wat last van galm, maar dat versterkt deze ode aan de onderwereld alleen maar. Liefhebbers weten wat doen.

JOKKE: 78/100

Adverso – Descent (Black Gangrene Productions 2020)
1. Unfolding corridors are unmade
2. Devoid of pain
3. Holding for too long
4. Descent

Israthoum – Arrows from below

Voor diens vierde langspeler “Arrows from below” ruilde Israthoum het Portugese Altare Productions in voor New Era Productions, wat op zich niet zo onlogisch lijkt aangezien de semi-Portugese band al heel wat jaartjes vanuit Nederland opereert. Weinig black metal-acts hanteren dezer dagen nog een intro en ook hier is dat niet het geval wat maakt dat “Litany of spite” meteen de deur open ramt en er geen spaander van heel laat. In een mid-tempo nummer als “Ascetic temples” – een oudje dat hier een nieuw leven kreeg – heeft het trio heel wat weg van het geweldige Zweedse Svartsyn, waarvan een heruitgave van diens demo op Nomad Snakepit, het label van Israthoum drummer Tiúval, verscheen. Atmosfeer staat steeds centraal bij Israthoum en de heren slagen daar meesterlijk in zonder in bijvoorbeeld lang uitgestrekte post-black landschappen te vervallen. Ondanks de bijwijlen razende black laat het trio haar muziek ademen (mede dankzij een organische productie) en gaat het een melodieuze leadpartij links of rechts niet uit de weg. Hoewel Israthoum’s kijk op het genre middels allerhande experimentele elementen zoals koorgezangen en een gelaagde textuur aan subtiele mysterieuze achtergrondgeluiden (“Tuam vocavit“) wel een occulte muzikale insteek heeft, resulteert dat gelukkig niet in theologische grootspraak. Het blasfemische “Laetetur cor” valt verder positief op doordat het de eerste keer is dat Israthoum een nummer in het Portugees brengt. De muzikanten hebben reeds meer dan twintig jaar ervaring op de teller staan en zijn dus best doorwinterde veteranen in de zwarte muzikale kunsten. Dankzij een open blik denken ze tevens niet binnen bepaalde hokjes wat van “Arrows from below” opnieuw een spannende en avontuurlijke plaat maakt die ook na meerdere luisterbeurten blijft boeien. Het enige puntje van kritiek is dat ze met 31 minuten speeltijd nogal beknopt gehouden werd. Maar daar zullen we maar niet te lang over blijven zeuren. Opnieuw een schot in de roos!

JOKKE: 85/100

Israthoum – Arrows from below (New Era Productions 2019)
1. Litany of spite
2. Bracu magistrïs
3. Ascetic temples
4. Laetetur cor
5. Adlivun
6. Tuam vocavit

Black Cilice – Transfixion of spirits

In 2017 leek de hoes van Black Cilice’s “Banished from time” wel het favoriete snoepje van menig Instagrammende lo-fi black metal worshipper te zijn. Zelf wist die plaat ons ook uitermate te bekoren. Benieuwd dus of “Transfixion of spirits” eenzelfde positieve indruk op onze gemoedstoestand zou nalaten. De ruwheidsmeter gaat nog steeds compleet in het rooie maar de sound galmt toch wel een pak meer dan op de voorganger. Wie een poging doet doorheen de schelle productie heen te luisteren, zal wel een zekere melancholie en drang naar melodie vinden ook al zit ze nu nóg verder weggemoffeld onder een schijnbaar ondoordringbare laag van fatalistische en onderdrukkende black. In “Maze of spirits” moet je daar geen al te goed getraind oor voor hebben, maar door de band genomen moet je deze keer toch nog wat meer je best doen om een glimp van al het moois te ontdekken dat in dit hysterisch gejank (waar wel wat meer variatie in had mogen zitten), de jengelende repetitieve riffs en diens kelderblack-productie vervat zit. “Transfixion of spirits” zal ongetwijfeld weer veel op Instagram opduiken, maar of eenieder die de hoes post ook daadwerkelijk veel naar deze plaat luistert, betwijfel ik. Ik hou het wel bij “Banished from time“. Op 12 oktober staat de band samen met Heinous en Häxenzijrkell in de P60 in Amstelveen geprogrammeerd. Benieuwd of het nieuwe werk me live meer zal weten te raken.

JOKKE: 79/100

Black Cilice – Transfixion of spirits (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Darkness and fog
2. Maze of spirits
3. Outerbody incarnation
4. Revelations

Graves – Liturgia da blasfémia

Het is al even geleden dat ik nog wat underground zwarte ragherrie heb beluisterd en ik weet plots terug ook waarom. Het Portugese duo genaamd Graves levert met debuutplaat “Liturgia da blasfémia” een half uurtje zwakke tot matige old school black metal af met een productie die klinkt alsof een stofzuiger en een mixer betrekkingen hebben met elkaar. Het is moeilijk in te schatten wat deze heren in hun mars hebben, want de simpele cliché riffs met al even eenvoudige drums lijden zwaar onder het barslechte geluid. Bas is bijna niet aanwezig en kwelende vocalen lijken eerder opgenomen in een ranzig, leeg zwembad dan een kerk. Ik hou van een potje reverb, maar dan wel een potje dat goed klinkt als je het deksel eraf haalt. De nummers vallen amper van elkaar te onderscheiden, behalve als je let op zaken zoals de nog irritantere stem in bijvoorbeeld “Do teu ventre a maldade saiu“. Ik snap dat dit een soort eerbetoon moet zijn aan vroege Scandinavische black metal, maar om die reden gewoon wat troep op een album gooien, vind ik niet bepaald een goed idee. Ergens wil ik geloven dat er meer in zit, maar dan gaat Graves toch met een andere aanpak op de proppen moeten komen.

Xavier: 32/100

Graves – Liturgia da blasfémia (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Do demiurge… ultraje de viver
2. I am fire I am death
3. Sangrando em Golgota
4. Sangrando em Golgota… parte 2
5. Impregnado p’ la foice
6. Do teu ventre a maldade saiu
7. Minha alma imolei em Golgota
8. Graves hold your name
9. Via Dolorosa até Golgota

Ab Imo Pectore – Heaven, hell, earth, chaos, all

Eind 2018 bracht Oration Records nog een hele resem interessante platen uit waarvan de meeste re-releases waren, maar tussen deze lading zat ook de eerste langspeler van het Portugese Ab Imo Pectore, waar leden van Angrenost, Israthoum en Monte Penumbra (allen acts die we bij Addergebroed heel goed kunnen smaken) achter schuilgaan. We verwachten m.a.w. best veel van deze plaat. Zeker nadat we er zes jaar op hebben moeten wachten. En ook de ambitieuze titel “Heaven, hell, earth, chaos, all” scherpt onze verwachtingen aan. De zeven nummers die de Portugezen er in een dik half uur doorjagen, worden gedomineerd door dissonante melodieën, de niet-liefhebbers kunnen dus meteen al afhaken. Dit is immers desoriënterende waanzin zoals er in de IJslandse scene wel enkele genregenoten rondlopen. De krankzinnigheid druipt van de vocalen af, of het nu de met-een-bak-echo-overgoten-screams zijn of de sacrale, plechtstatige cleane stemmen die we horen en de muziek een ritueel karakter geven. Er wordt gegoocheld met kalme passages die abrupt overgaan in woeste, apocalyptische uitbarstingen en we horen allerlei naargeestige achtergrondgeluiden die bij momenten een goddelijk karakter aan deze auditieve calamiteiten geven. Met een gemiddelde speelduur van zo’n vier minuten (enkel het afsluitende “Inoreincorde” klokt boven de zeven minuten af) behouden de muzikanten het overzicht en verliezen ze zich nooit in een onstuurbaar geheel, hoewel de songs toch ook nu al erg veel van de luisteraar vragen. Voor mij scoort Ab Imo Pectore vooral in een nummer als “Teartasteglory” waarin enkele psychedelische en repetitieve passages een extra hallucinogeen effect oproepen. Stephen Lockart (STudio Emissary) weet ondertussen ook wel hoe hij dergelijke bands moet mixen zonder dat het geluid in een kakofonie verzandt. Met “Heaven, hell, earth, chaos, all” heeft Ab Imo Pectore een knaller van een plaat uitgebracht die liefhebbers van het dissonante ongetwijfeld zal kunnen bekoren. Dat meen ik uit het diepst van het hart, voilà op deze manier weet u meteen ook wat de betekenis is van de Latijnse bandnaam.

JOKKE: 84/100

Ab Imo Pectore – Heaven, hell, earth, chaos, all (Oration Records 2018)
1. 147 vertices
2. Teartasteglory
3. Between the fourth and the fifth
4. Nada
5. Finitude
6. Precipice invisible
7. Inoreincorde