weakling

Blurr Thrower – Les avatars du vide

Tijdje geleden alweer dat hier nog eens iets van Les Acteurs de l’Ombre Productions passeerde. Hun nieuwste telg heet Blurr Thrower en het betreft hier een éénmansproject. In juli 2018 zag een eerste EP “Les avatars du vide” het digitale levenslicht, maar het Franse label brengt het onding nu ook fysiek uit. Het bestaansrecht van de band wordt gevoed door de angstaanvallen, hallucinaties en het isolement van de Parijzenaar die achter dit creatuur schuilgaat. Hij beschouwt Blurr Thrower in dit geval niet als een cathartische ervaring maar eerder als een neurose. De muzikant zijn psychische stoornis manifesteert zich in de vorm van lang uitgesponnen atmosferische black metal, waarbij de mosterd vooral gehaald werd bij Amerikaanse bands zoals Weakling, Ash Borer en Fell Voices en bij stijl- en landgenoten Paramnesia, Cepheide en Time Lurker. Vermits het vooral rond die eerste bands verdacht lang stil blijft, was een Cascadian style plaatje nog wel eens welgekomen. De occulte thematiek – hoewel ik daar bij het lezen van de Franse teksten niet veel van merkte – is echter niet zo veel voorkomend binnen deze stijl maar ligt dan wel weer in lijn met veel grondleggers en grootheden van de Franse black metal-scene. Ondanks het kalme cleane repetitieve openingsriffje van “Par-delà les aubes” gaan de drums meteen in blast-modus. Hierbij valt wel meteen de nogal dunne, droge en erg kort klinkende snaresound op. Wat meer galm had het drumgeluid meer ruimte gegeven en een upgrade van hi-hats en cymbalen had ook geen kwaad gekund. De gitaar begint rond de 2:30 grens naar de distorted kant over te hellen, wat voor een kolossale track van negentien minuten dus best meevalt als inleidende passage. Doorheen het lange nummer wordt regelmatig afgewisseld tussen introverte passages en uitbarstingen waarbij de blasts en schurende riffs lange tijd hetzelfde patroon aanhouden. Subtiele ondergrondse laagjes – ik ben niet zeker of deze via een keyboard of gitaar opgewekt worden – zorgen voor een hypnotiserend karakter waarover gekwelde vocalen hun angsten bezingen. Iets voorbij de dertien minutengrens en na een passage vol groots klinkende post-rock riffs, gaat Blurr Thrower in overdrive en horen we ook iets van een Turia doorschemeren. Tijdens deze manische ketelherrie klinkt Blurr Thrower op haar best. Na de storm valt de stilte terug in en ben ik verbaasd dat die eerste ellenlange song er toch al opzit. “Silences” moet qua speelduur echter niet onderdoen voor de opener en de titel zet je meteen al op het verkeerde been, want we krijgen à la minute een zwartmetalen pandoering om de oren. De drive zit er goed in en de zoemende riffs wiegen je stilaan in een trance waarbij de vloedpassages zich betrekkelijk weinig terugtrekken. Blurr Thrower is een veelbelovende nieuwe speler in de schemerzone van een genre dat wat op zijn retour is. De substroming een heus tweede leven inblazen is echter nog iets te hoog gegrepen. Daarvoor had de sound nog wel wat rauwer en bijtender moeten zijn. We zullen dus op één van de Amerikaanse vaandeldragers van de “Cascadian” sound – al dan niet woonachtig in deze geografische regio – moeten wachten voor een échte heropleving.

JOKKE: 79/100

Blurr Thrower – Les avatars du vide (Les Acteurs de l’Ombre Productions 2019)
1. Par-delà les aubes
2. Silences

Ultha – Converging sins

Je hebt bands die er acht jaar over doen om met een nieuw album op de proppen te komen en je hebt er waarbij de inspiratiebron eerder like an everflowing stream is. Het Duitse Ultha behoort tot de laatste categorie en lijkt in een vat toverdrank gevallen te zijn want sinds hun oprichting in 2014 zijn ze erg actief met het afgelopen jaar zelfs drie releases op de teller. Eerst was er de “Dismal ruins” EP die een lichte sluier ophief over de nieuwe sound die ontwikkeld werd na toevoeging van keyboardspeler Andy Rosczyk, terwijl we kortelings daarna een split met Morast voorgeschoteld kregen waarop beide bands hun liefde voor Bathory in het zwarte wax beitelden. En nu is met “Converging sins” ook de tweede langspeler een feit. De Ultha leden namen in het verleden al ruim de tijd om hun zegje te doen, maar op de nieuwe plaat draaien ze hun hand niet om voor songs die het kwartier overschrijden. De voorliefde voor USBM was reeds hoorbaar in het oude werk, maar nu is de invloed van Ash Borer, Weakling, Wolves In The Throne Room en andere boomknuffelaars nog verder in de sound van het vijftal doorgedrongen en dat juich ik met open armen toe! “The night took her right before my eyes” is met zeventien minuten speeltijd niet meteen een Radio 2-hitje. Na een heel-erg-aan-Ash-Borer-schatplichtige intro met cleane gitaren worden alle registers open getrokken en vliegen de blasts en razende riffs ons rond de oren. Op vocaal gebied valt er voldoende afwisseling te bespeuren tussen de hoge, ijle screams van bassist Chris en de diepere stembandverkrachting van gitarist Ralph. De vrouwelijke zanglijnen die het veel rustigere, maar daarom niet minder intense “Mirrors in a black room” inkleuren, werden ingezongen door Rachel A. Davies van Esben and The Witch. ’t Is eens iets anders om haar vocalen in een metalen omgeving te horen opduiken in plaats van in de electronic dubstep soundscapes die we van het Britse trio gewend zijn. In het snelle, hypnotiserende “You will learn about loss” worden grote stukken dan weer door een bezwerende cleane diepe mannenstem gedragen. Met “Athame | Bane emanations” bewijst Ultha ook doomy slepende tracks te kunnen pennen. Sowieso draagt de wisselwerking tussen snelle en trage passages enorm bij aan de dynamiek van het werk. Hoewel de plaat over de gehele lijn erg sterk is, wordt met het massieve “Fear lights the path (Close to our hearts)” het beste voor het letste bewaard. Opnieuw een lang uitgesponnen track met een duidelijke knipoog naar de USBM-scene, waarin voortdurend met erg pakkende gitaarmelodieën en snijdende leads à la Predatory Light wordt uitpakt die nog een tijdje blijven nazinderen. Kippenvel galore! Nieuwkomer Andy bewijst een absolute meerwaarde te zijn en verrijkt niet alleen de sound met zijn electronics en keyboardklanken, maar nam meteen ook maar plaats achter de knoppentafel en hoewel de plaat in het repetitiekot van de band opgenomen werd, is de sound enorm krachtig, vuil en rauw. Zo horen we het graag! Met tweede gitarist Ralf Conrad werd Ultha opnieuw van vers zwart bloed voorzien, hoewel ook oudgediende Jens op “Converging sins” nog op gitaar te horen is. “Converging sins” is een major leap vooruit ten opzichte van debuut “Pain cleanses every doubt” en biedt een uur kwaliteitsmuziek waar ik de winter zeker mee ga doorkomen. Wat laat Ultha het in Keulen donderen met deze beest van een plaat zeg!

JOKKE: 92/100

Ultha – Converging sins (Vendetta Records 2016)
1. The night took her right before my eyes
2. Mirrors in a black room
3. Athame | Bane emanations
4. You will learn about loss
5. Fear lights the path (Close to our hearts)

Ultha – Dismal ruins

Vorig jaar bracht het Duitse Ultha het veelbelovende debuut “Pain cleanses every doubt” uit. Er waren nog wat werkpunten, maar het potentieel was er. De volgende stap richting stardom was een split met de Franse vriendjes van het fantastische Paramnesia. Door gezondheidsproblemen in de rangen van die band, werd de samenwerking echter op de lange baan geschoven, waardoor Ultha besloot om de twee songs, die exclusief voor de split bedoeld waren, nu toch reeds als EP met de mensheid te delen. Fijn gebaar. De eerste song “…And they carried death in their eyes” werd geschreven tijdens de opnameperiode van het debuut, maar laat toch een licht andere sound horen. De basis is nog steeds atmosferische, doch rauwe USBM in het straatje van Weakling, die nu echter door nieuwkomer A. opgefleurd wordt met de nodige keyboards. Nu kan het gebruik van toetsen binnen black metal een meerwaarde bieden indien ze correct (lees: subtiel) aangewend worden, maar het kan ook op een carnavaleske bedoening uitdraaien. Gelukkig is dat laatste niet het geval en zorgt de song voor een flashback naar jaren negentig black metal (Limbonic Art is dan al snel een referentie, hoewel de bombast wel een paar gradaties minder is), vooraleer de foute Duitse Last Episode bands de kop opstaken met hun symfonische Disney metal. Het andere nummer “Ghost walking” is een coversong van het Amerikaanse Mighty Sphincter, een deathrock/gothic legende, maar onbekend bij ondergetekende. Ik heb het origineel, inclusief heerlijk cheezy eighties clip, dus maar eens opgesnord en Ultha heeft er een doomy trage versie van gemaakt die vrij bombastisch en apocalyptisch klinkt, opnieuw versterkt door het – deze keer massief – inzetten van keyboards en heroïsche samenzang. Later op het jaar zou de tweede langspeler moeten verschijnen, die opnieuw een zekere koerswijziging in de sound zou moeten laten horen, evenals een split seven inch met de landgenoten van Morast. In de gaten te houden.

JOKKE: 73/100

Ultha – Dismal ruins (Vendetta Records 2016)
1. …And they carried death in their eyes
2. Ghost walking

 

Woman Is the Earth – Torch of our final night

Als ik je zeg dat Woman Is The Earth een Amerikaanse band is die black metal speelt, zou je kwartje moeten vallen over het subgenre-vakje waar het trio in thuis hoort. Juist ja, atmosferische black metal die vele raakvlakken vertoont met hun Cascadian scene-genoten, hoewel de band afkomstig is uit de centraler gelegen staat South Dakota. Hokjesdenken is dan misschien wat narrow-minded maar ik moet jullie natuurlijk een idee geven over hoe een bepaalde band klinkt. Woman Is The Earth liet op de vorige drie langspelers (hoewel ik de laatste met 24 minuten speeltijd eerder als een EP beschouw) horen een goede en betrouwbare middenmotor te zijn in het dichtbeboste woud aan Wolves In The Throne Room-volgelingen/kopieerders. Op het nagelnieuwe “Torch of our final night” wordt de horizon nog wat meer verruimd met enkele uit het post-rock genre geplukte gitaarriffs. Hierdoor heeft de band meer weg van het Zuid-Afrikaanse Wildernessking (of andersom) dan van ons wolvenduo. De vijf pakkende nummers (intro tellen we niet mee) met een gemiddelde speelduur van zeven minuten weten absoluut te overtuigen. Passages met meeslepende gitaarmelodieën wisselen af met stukken waar de keyboards meer de aandacht willen opeisen, maar telkenmale met de bedoeling de luisteraar bij het nekvel te grijpen en mee te voeren naar majestueuze natuurlandschappen. Die eindpassage in “Brother of black smoke” is hier een mooi voorbeeld van. “Broken hands” is de iets mindere song op de plaat, terwijl het navolgende “Sorrow and the floods” dan weer meer impact heeft op mijn gemoedstoestand met subtiele (post-rock) gitaarleads die armhaarerecties opwekken en die je ook op een plaat van Agalloch zou kunnen terugvinden. De titelsong start opnieuw wat venijniger om al snel plaats te geven aan cleane gitaarpartijen, die we van een band als Fen gewend zijn, om naar het einde toe de kaart van de post-rock grandeur te trekken. Ook het cool getitelde, grotendeels instrumentale, “Lungcrusher” is eigenlijk één grootse post-rock apotheose waarin wijdse gitaarmelodieën en akoestische gitaren hand-in-hand een boswandeling maken. Op productioneel vlak werden grote stappen voorwaarts gezet. Daar waar het vorige werk wat rauwer klonk met een productie in de stijl van Weakling, is de sound nu misschien iets toegankelijker (wat wel bij de melodieuzere ingeslagen weg past), zonder dat de ruwe randjes er echter afgevijld zijn. Liefhebbers van de eerder aangehaald bands weten wat hun te doen staat.

JOKKE: 82/100

Woman Is The Earth – Torch of our final night (Init Records 2016)
1. Triumph of the sun
2. Brother of black smoke
3. Broken hands
4. Sorrow and the floods
5. Torch of our final night
6. Lungcrusher