Bokkerijders trekken zich weinig aan van muzikale hokjes en laten zich liever leiden door goede riffs dan door genreconventies. Met “Crush kill destroy” levert de band een eerste volwaardige langspeler af die bol staat van de rauwe metal, thrashy riffs en onversneden speelvreugde. Het album kreeg echter een extra emotionele lading door het overlijden van gitarist Wouter Lemmens in september 2025. We spraken met de overgebleven bandleden over hun muzikale eigenzinnigheid, de totstandkoming van het album en de toekomst van Bokkerijders, zonder daarbij de nodige humor uit het oog te verliezen. (JOKKE)

Jullie stellen dat Bokkerijders gewoon METAL speelt, zonder zich te veel te bekommeren om subgenres. Is dat een bewuste afwijzing van hokjesdenken of vinden jullie het simpelweg belangrijker om goede riffs te schrijven dan om een specifieke muzikale identiteit uit te dragen?
N: Voor mij persoonlijk is het een bewuste afwijzing van het hokjesdenken, maar het is vooral belangrijk om goede riffs en nummers te maken die voor ons goed aanvoelen.
L: We worden dagelijks 24/7 om de oren geslagen met informatie. Juist daarom houd ik zaken graag simpel. We brengen metal, that’s it.
J: Het gaat bij het maken van muziek in de eerste plaats om jezelf uitdrukken. Of dat nu met een zogezegde deathmetalriff is of met een wekkeralarm waarvan ik een metalriff heb gemaakt, wat dan nog?
Daarbij zijn we voor blackmetallabels te thrash en voor thrashmetallabels te black. Met al die hokjes waarin we dingen moeten duwen, voelt muziek soms als een schoenenkast in een bowlingzaal. Maar Bokkerijders houdt zijn eigen botienen aan en trekt strepen op de baan!
In hoeverre is jullie muziek een reactie op de huidige blackmetalscene? Willen jullie bewust afstand nemen van de toenemende nadruk op dissonantie, atmosferiek en conceptuele complexiteit of is die tegenstelling eerder iets wat anderen ervan maken?
L: Reactionair zou ik het niet noemen. We spelen graag samen en riffen graag samen. Meer moet dat niet zijn. Er is een tijd en een plaats om mee te doen aan de race naar complexiteit, maar dit is niet die plek.
J: Bokkerijders is eigenlijk nauwelijks bezig met het proberen achterlaten van een bepaalde indruk of het verzinnen van concepten. We komen op vrijdag samen, zetten ons materiaal op en spelen riffs aan elkaar van die week, van vorige maand of van tien jaar geleden, tot er een interessant, avontuurlijk nummer uitkomt.
Wanneer wordt trouw blijven aan de roots volgens jullie een kracht en wanneer dreigt het een excuus te worden om muzikaal op veilig te spelen?
N: Trouw blijven aan wie we zijn, is belangrijk. We schrijven en maken in de eerste plaats muziek die voor ons goed aanvoelt, niet voor iemand anders. Daar zijn we goed in en daar zijn we samen tevreden over. Maar we testen en dagen onszelf ook uit op andere vlakken van het muziek maken.
J: Voor mij hebben deze termen evenveel effect als wanneer ze op een T-shirt van G-Star Raw staan. Alles is maar een tool als het op nummers maken aankomt. Het is plezant om een nummer te starten met: “Dit keer gaan we een 100% Slayer-nummer maken.” Meestal eindigt het Slayer-gedeelte dan na 45 seconden omdat we een ander idee krijgen, maar het eindproduct is het belangrijkste.
Eén nummer op de plaat begon ik met het idee: “Nu ga ik eens de meest heavy metalriff schrijven die ik ooit gemaakt heb.” Wat er dan uitkomt, is enkel mijn interpretatie van dat heel brede idee. Toen Niels het hoorde, dacht hij: “Ah, dat is iets om blastbeats onder te steken.”
L: Iedere muzikant sleept uiteraard invloeden mee. Het verschil zit er volgens mij in of je iets wil nabootsen of iets nieuws wil maken met de invloeden die je hebt. Niemand gaat ooit het warm water opnieuw uitvinden, maar iedereen maakt er wel gebruik van.

“Crush kill destroy” is jullie eerste volwaardige album na de demo uit 2022 en de EP “Silver dust and swords of gold” uit 2023. Wat konden jullie op een langspeler kwijt dat op die eerdere releases nog niet aan bod kwam?
N: Ik denk dat we na die twee releases sowieso het idee hadden om eens een full-length te maken. Daar kwam Lemmens vanaf de eerste minuut bij, dus alles ging vanzelf met zijn nieuwe input. Er was ook direct een klik met hem.
J: Zoals Niels zegt, moesten we inderdaad niet ver zoeken naar nieuwe invalshoeken met de toevoeging van Wouter. Hij bracht zijn eigen idee van wat onze muziek was mee en het was bovenal plezant om de plaat met ons vieren te maken.
L: We begonnen met drie, toen waren we met vier en nu zijn we weer met drie.
Na het heengaan van Babylon Doom Cult Records dienden jullie op zoek te gaan naar een nieuw label. Hoe zijn jullie bij Personal Records terechtgekomen?
N: Personal Records is zelf naar ons toe gekomen.
L: We zijn niet op zoek gegaan. RIP BDC, maar ik ben blij met de samenwerking die we nu hebben.
Jullie kiezen voor een vrij directe aanpak, maar de nummers bevatten verschillende lagen en heel wat riffvariaties. Hoe bepalen jullie wanneer een nummer voldoende ideeën bevat? Is er bij Bokkerijders ook ruimte voor het schrappen van een riff waar jullie aanvankelijk erg enthousiast over waren?
N: Zoals ik bij de vorige vraag al aanhaalde, waren er al ideeën en riffs waar we mee bezig waren. Toen Lemmens erbij kwam met zijn riffs en ideeën, begon alles zowat vorm te krijgen. Het was ook meteen een ervaring om met iemand samen te spelen die we toen nog niet helemaal kenden. Alles is dus goed terechtgekomen en op zijn plaats gevallen.
Riffs schrappen waar we zelf of iemand anders enthousiast over was, gebeurt regelmatig. Dat is dan eerder omdat ze niet meer passen binnen de constructie van het nummer. Die riffs worden dan opgeslagen en later gebruikt waar ze beter bij passen.
J: Niemand is gebaat bij een stuk muziek dat op zichzelf cool is, maar niet in een nummer past. Er is vast wel een ander nummer waarin het wél past. “Ashen scream” bevat een riff van Laurens die ik al onthouden heb sinds we 17 waren!
De albumtitel “Crush kill destroy” klinkt weinig subtiel. Is dat een kort maar krachtige samenvatting van jullie muzikale aanpak of schuilt er meer achter dan de titel op het eerste gezicht laat vermoeden?
N: Een referentie naar de Ultramagnetic MC’s.
L: Weinig subtiel is wat we doen.
J: Het is een goeie om in een micro te blaffen.
De plaat heeft een rauwe maar tegelijk heldere productie. Hoe belangrijk is die balans? Is het voor jullie essentieel dat de muziek vuil en ongepolijst klinkt of mag een productie ook de technische kwaliteiten van de muzikanten nadrukkelijk in de verf zetten?
N: Deze plaat is nog altijd vuile en ongepolijste metal, en dat willen we graag zo houden. Maar ze is ook wat technischer, waardoor het jammer zou zijn als sommige melodieën, riffs of wat dan ook verloren zouden gaan. Ik denk dus dat deze plaat nog altijd vuil is, maar tegelijkertijd een heldere productie heeft.
J: We wilden gewoon iets dat “GOED” klinkt. Dus inderdaad: iets waarop je alles goed kan horen. Die mythische bands van vroeger wilden ook helemaal niet dat je de kickdrum amper kon horen of dat de gitaar klinkt alsof je iemands neus dichtknijpt.
Zij wilden net zo goed dat je alles van hun muziek kon onderscheiden.
Een band als Disclose klinkt rauw, schel en angstaanjagend, maar je kan wel elk instrument heel goed onderscheiden. Het is enkel de gitaar die het geheel als een gierende bommenwerper laat klinken.
L: Ge moet het beste maken met de middelen dat ge hebt. Of dat nu een microgolf uit 2003 of een volledig engineeringteam is: als iedere schakel benut wordt, komt er sowieso iets goed uit.

Een goede gitaarsolo kan een nummer naar een hoger niveau tillen, maar kan evengoed een onderbreking vormen van de muzikale spanning. Hoe benaderen jullie solo’s binnen Bokkerijders en wanneer vinden jullie dat een solo écht iets toevoegt?
J: Meestal zegt iemand, nadat we driekwart van het nummer gemaakt hebben: “…en dan hier een gitaarsolo!” Daarna evalueren we of we deze frivoliteit echt nodig hebben.
Ik ben niet zo’n behendige sologitarist en vermijd ze liever als ik het me kan veroorloven. Met Lemmens in de band was het vanzelfsprekender dat een zwaar thrashnummer een chaotische solo verdient en een blackmetalnummer iets dramatischer. Dat kon hij heel goed.
Een solo voegt echt iets toe als je niet meer dan drie keer schudt. Anders ben je met jezelf aan het spelen.
België heeft een behoorlijk levendige blackmetalscene, maar veel bands blijven relatief onbekend buiten de eigen landsgrenzen. Is dat volgens jullie vooral een gevolg van beperkte middelen en promotie of ontbreekt het de Belgische scene aan een duidelijk profiel waarmee ze zich internationaal kan onderscheiden?
J: Geen idee. Er zijn toch een paar bands die het goed doen in het buitenland, zoals Alkerdeel en Lugubrum. Zou het het Meetjeslandse dialect zijn dat mensen zo aanspreekt?
L: Misschien hebben we een soort Erasmusprogramma nodig voor blackmetalbands. Uitwisseling op kamers enzo. Stem Bokkerijers 2029.
“Crush kill destroy” is niet zomaar jullie debuutalbum: het is ook een blijvende getuigenis van Wouter Lemmens, die in september 2025 overleed. Verandert die wetenschap de manier waarop jullie naar de plaat luisteren? Horen jullie vandaag dingen in zijn gitaarwerk die jullie tijdens het opnameproces misschien minder bewust opvielen?
N: Ik ben er vooral trots op. Ik hoor vooral dingen waar ik trots op ben. De plaat is min of meer live opgenomen – de drums dan toch – en gitaar en bas zijn achteraf opgenomen. Hij heeft echt zijn stempel erop gedrukt, dus het is vooral een plaat vol herinneringen voor mij. Jammer dat hij de afwerking en het eindresultaat niet meer gehoord en meegemaakt heeft.
J: Uiteraard is deze plaat onlosmakelijk met hem verbonden. Ik ken elk hoekje van elk instrument op de plaat uit mijn hoofd. Ik zie gewoon telkens zijn fijne handjes over de fretboard racen tijdens de gitaarsolo’s.
L: Een plaat afwerken met partijen die ingespeeld zijn door iemand met wie je een hechte vriendschap had opgebouwd en die overleden is, heeft uiteraard impact. Daar hoef ik geen tekening bij te maken, hoop ik.
Een album uitbrengen ter nagedachtenis aan een overleden bandlid brengt onvermijdelijk een extra emotionele lading met zich mee. Hoe zorgen jullie ervoor dat “Crush kill destroy” in de eerste plaats ook als een volwaardig Bokkerijders-album wordt beluisterd en niet uitsluitend als een afscheid?
L: Wouter was een Bokkerijder. Het is een volwaardig album.
N: Mensen moeten ernaar luisteren zoals we zijn en zoals we waren. Op die plaat staan vier mensen die twee jaar lang geschreven, gedronken, gevloekt en gewerkt hebben om er een volwaardig album van te maken, wat het ook is. Natuurlijk draagt die plaat nu door de omstandigheden een geschiedenis met zich mee, maar niemand luistert toch ook naar “Master of puppets” in de wetenschap dat niemand wist dat dit het afscheid van Cliff Burton zou worden?
J: We spelen de plaat eenmalig in haar geheel in Trefpunt op 31 oktober en daarna simpelweg nooit meer. Misschien hier en daar nog een nummer of twee, maar we doen de muziek eigenlijk oneer aan als we ze met drie spelen. Wouter had in elk nummer cruciale toevoegingen en we zijn niet van plan hem te vervangen. Dus ja, in feite is het een afscheid en de afsluiting van een hoofdstuk in de band.

Hoewel jullie destijds naar een tweede gitarist op zoek gingen, hebben jullie ervoor gekozen om als trio verder te gaan. Betekent dat vooral dat jullie de bestaande aanpak willen voortzetten, of verwachten jullie dat de afwezigheid van Wouter ook muzikaal tot veranderingen zal leiden?
L: Het is voor ons drieën een jaar van zoeken geweest. We zijn begonnen met drie en toen kwam Wouter erbij, maar de dynamiek verandert natuurlijk. Dus ge bent plots een arm kwijt. Hoe gaat ge verder? Zoals we begonnen? Nee, maar wel met iets nieuws. Wouter had het niet liever gehad dan op die manier, denk ik.
N: We waren nooit op zoek naar een tweede gitarist. Dat was ook nooit het plan. Met ons drieën was het genoeg. Lemmens heeft zichzelf aangemeld toen hij ons twee keer zag optreden in Brugge en op Gruut Laweit. Hij contacteerde ons en kwam auditie doen. Hij kon meteen ons repertoire spelen alsof hij al jaren bij ons speelde, dus de keuze om hem bij de band te voegen was snel gemaakt.
De bestaande aanpak gaan we zeker behouden. De repetities in de maanden na zijn dood waren leeg, en dat zijn ze nog steeds in zijn afwezigheid. Het was weer even zoeken naar onszelf en onszelf terugvinden. Lemmens heeft veel achtergelaten in onze riffkast, dus hij zal altijd aanwezig zijn in wat we maken en uitbrengen, of dat nu in onze muziek is of in onze gedachten.
J: Geen van ons kan dingen schrijven in de stijl van Wouter, dus het zal meer terugkeren naar hoe we vroeger klonken. Wouter kon dat echter wel. “Miracle osmosis” bestaat volledig uit ideeën van hem, waarover hij zei: “Ik heb iets gemaakt in de stijl van Bokkerijders!” Haha.
Welke concerten hebben jullie zoal op de planning staan om “Crush kill destroy” te promoten?
N: Daarvoor zullen jullie de socials in de gaten moeten houden. Voorlopig kunnen we nog niks zeggen!
L: Fuck de socials, www.bokkerijders.com (lacht).
