behexen

Welkin – Recollections of conquest and honour

Het artwork dat op de hoes prijkt van Welkin’s debuutlangspeler “Recollections of conquest and honour” herkennen we in één oogopslag van Abigor’s “Channeling the quintessence of Satan“, maar het betreft hier natuurlijk geen commissioned piece maar een werk van de Duitse kunstenaar Albecht Dürer getiteld “”Knight, death, and the devil”, geen wonder dat deze gravure uit 1514 te pas en te onpas opduikt in black metal artwork. Het betreft hier trouwens niet de Belgische Welkin, maar een éénmansproject van de Singaporese Hasthur die middels dit vehikel enerzijds zijn voorliefde voor Finse black à la Satanic Warmaster, Sargeist, Baptism, Behexen en Noenum wil botvieren en anderzijds ook inspiratie vond in meer episch/folky en exotisch zwartmetaal van namen als Darkenhöld, Holyarrow, Vothana en Thrawsunblat. Na een demo en een lokale samenzwering met Nuurisk en Luna Azure vond Hasthur de tijd rijp voor een volwaardig debuut en het moet gezegd dat “Recollections of conquest and honour” allerminst de mist ingaat, althans voor wie de black metal en typische melancholie van de aangehaalde Finse referenties (maar dan met een modernere sound) wel kan smaken en ook niet vies is van de nodige epiek. De riffs zijn melodieus, maar niet overdreven complex en pretenderen zeker niet naar de neoklassieke inslag van de Zweedse school. Zoals gezegd groeide Hasthur eerder met Finse black in zijn tienerkamer op. De vijf lange composities bevatten een onmiskenbare folk ruggengraat, maar gelukkig op een subtiele wijze zonder in hoempapa toestanden te verzanden. Het woeste, bijna tien minuten durende “War.Victory.Honour” doet zijn naam alle eer aan en bevat samples van zwaardgekletter en hinnikende paarden wat het oorlogszuchtig karakter van de song nog extra onderstreept. De drums zijn hoorbaar geprogrammeerd, maar het werkt nergens storend. Hashtur beschikt over een fijne, doch doorsnee klinkende raspende stem die doet wat ie moet doen, maar ons nergens omver blaast. Het afsluitende “Farewell” is geen outro-achtig mijmerend niemendalletje maar een negen minuten durend so long, farewell, auf wiedersehen, goodbye dat goed samenvat waar Welkin voor staat. “Recollections of conquest and horror’ is een plaat die aangenaam en toegankelijk klinkt, opwinding zonder risico verschaft en vertrouwd klinkt zonder te vervelen. Wie zich aangesproken voelt, moet deze dan ook maar eens een luisterbeurt gunnen. Best impressionant voor een zeventienjarige!

JOKKE: 79/100

Welkin – Recollections of conquest and honour (Pest Productions/Azure Graal 2020)
1. The Thalassic path / To the new world
2. Conquest
3. Winds of strife
4. Upon the starlit highlands
5. War.Victory.Honour
6. Farewell

Fides Inversa – Historia nocturna

Dat Gionata Potenti een wünderkind is hoef ik niet meer te vertellen. Met verdiensten bij onder andere Blut Aus Nord, Chaos Invocation, Darvaza, Enepsigos, Martröð en een verleden bij Acherontas heeft de Italiaan een bijzonder indrukwekkend palmares opgebouwd. In 2006 richtte hij onder het pseudoniem Omega A.D. samen met Void A.D. de entiteit Fides Inversa op, en drie jaar later werd het geniale “Hanc aciem sola retundit virtus (the algolagnia divine)” op de mensheid losgelaten, een album dat hier nog steeds heel regelmatig eens de revue passeert. Ook het prima “Mysterium tremendum et fascinans” (van een originele titel gesproken zeg) en de daaropvolgende “Rites of inverse incarnation” EP wisten onze honger voor orthodoxe black metal (hoe kan het ook anders bij een label als World Terror Committee?) te stillen. Anno 2020 komen de heren terug ten tonele, maar hebben een zeer interessante beslissing genomen: blijkbaar hadden de Italianen nood aan een zuchtje noorderwind dat eerder een wervelstorm is geworden, want niemand minder dan Wraath werd ingelijfd. Dezelfde Wraath die we kennen van ondermeer Darvaza, Behexen, Mare, Ritual Death en One Tail, One Head en die zonder enige twijfel één van de beste frontmannen binnen hedendaagse black metal is en zodus een aanwinst is voor zo goed als elk project waarmee hij in aanraking komt. Ook labeleigenaar Unhold is op de plaat te horen. De niet onbesproken Absurd-zanger speelde de baspartijen in maar zal live niet van de partij zijn. Zoals vanouds speelt Fides Inversa orthodoxe black metal volgens de regels van de kunst, maar het gitaarwerk klinkt gejaagder, opgefokter (“A wanderer’s call and orison”) en triomfantelijker (“I glance you with a touch…”) dan ooit, waarbij op dat laatste nummer de gecombineerde stemmen van Potenti en Wraath het nummer nog eens extra epiek meegeven. Op een nummer als “The Visit” blijkt dat de heren nog steeds goed geluisterd hebben naar “Si monvmentvm reqvires, circvmspice” en “Paracletus”, maar Fides Inversa heeft gelukkig nog steeds een eigen smoelwerk. Geen klassieke intermezzo’s deze keer, al wordt er wel wat geëxperimenteerd met repetitieve gitaarloopjes en vooral helder ‘roepende’ zang, in “Syzygy” zelfs bijgestaan door hoge vrouwelijke vocalen, en in tegenstelling tot op “Rites of inverse incantation” is dit experiment hier meer dan geslaagd en creëert dit veel variatie op een album dat het voor de rest vooral van hoge tempo’s moet hebben en waar de retestrakke blast beats van Potenti de plek in de schijnwerpers opeisen. Na deze epiek grijpt het energieke “I am the iconoclasm” echter nog eens duidelijk terug naar de begindagen van de band, en komen ook wat thrash-invloeden van om de hoek piepen, wat ik enkel kan toejuichen! Fides Inversa heeft met de huidige line-up enkele knallers van muzikanten in de gelederen, en “Historia nocturna” is zodus opnieuw een zeer degelijk werk geworden dat in tegenstelling tot vorig werk een zeer volle sound heeft meegekregen, nog steeds nét wordt overschaduwd door het monumentale debuut maar voor de rest met kop en schouders boven de twee voorgaande releases uitsteekt.

CAS: 85/100

Fides Inversa – Historia nocturna (World Terror Committee Productions 2020)
1. Intro
2. A wanderer’s call and orison
3. Transcendental lawlessness
4. The visit
5. I glance at you with a touch…
6. Syzygy
7. I am the iconoclasm

Bythos – The womb of zero

Perkele!” nog aan toe, wat een fijn orkestje krijgen we hier nu weeral voorgeschoteld door Terratur Possessions! De heren M.S. (zang), M.L. (gitaar en bas) en L.R. (drums) besloten de – voor deze gelegenheid onbekladde – koppen samen te steken en Bythos op te richten, waarvan de naam ontleend is aan de gnostiek waarin een pleroma de benaming voor de volheid, de structuur en verblijfplaats van de goddelijke wereld voorstelt. In het pleroma van gnosticus Ptolemaeus is er sprake van een volmaakte eon die het ‘Oerbegin’, de ‘Oervader’ of ‘Diepte’ (‘Bythos’) wordt genoemd. Deze Finse geweldenaars mikken op het resetten van de goddelijke plannen door vernietiging: schoonheid in vernietiging, vernietiging in schoonheid. Het trio houdt er nevenactiviteiten bij Behexen, Sargeist, Horna en Ajattara op na, maar heeft toch bestaansrecht naast deze gekende Finse blekkies. Bythos’ sound is immers niet zo Fins als verwacht werd, maar bevat veeleer elementen uit Noorse en vooral Zweedse black. Bovendien werd gekozen voor een krachtige en meer moderne productie wat de nummers meteen ook toegankelijker maakt. Nu niet om te zeggen dat de negen songs op debuutplaat “The womb of zero” mainstream klinken, maar ze happen toch gemakkelijker weg dan het materiaal van hun andere bands. Wat opvalt is dat de muziek van een nummer goed aansluit bij diens thematiek. Zo klinken de lofbetuigingen aan duistere figuren als Sorath en Lucifer dankzij de energieke meebrulrefreinen of sacraal aandoende gezangen heel krachtig en ecstatisch. Songs als de bezwerende opener “Black labyrinth” en het met subtiele keyboards en een melodieuze solo doorspekte “Call of the burning blood” slagen er dan weer in om een gevoel van beklemmende wanhoop te doen binnen komen. “When gold turns into lead” barst van het magnifiek melodieus gitaarwerk waarin de invloed van een band als Dissection hoorbaar is. De zanglijn volgt de melodie braafjes wat het een heel toegankelijk nummer maakt. “Omega dragon” kent een stuwende rock-beat en zet onherroepelijk aan tot meebrullen met het heldere zangkoor dat meermaals opduikt. “Legacy of Naahmah” wordt afgesloten met ingetogen akoestisch gitaargetokkel waarna het eerder berustende “Destroyer of illusions” je meevoert op diens meanderend melodieus gitaarspel. De vocalen die over de tremolo-riffs bulderen zijn licht vervormd en vormen een mooi contrast met de goed in het gehoor liggende gitaarharmonieën. De vernietigingsdrang van het goddelijke komt middels “Luciferian dawn” tot een einde. Met zes en een halve minuut speeltijd is het de langste compositie die “The womb of zero” telt waarbij akoestische gitaren er een sereen einde aan breien. Blastbeat fanatiekelingen zullen op hun honger blijven zitten, want ik heb er gedurende drie kwartier geen enkele geteld. “The womb of zero” is een uitermate geslaagd debuut dat het moet hebben van diens prachtig gitaarwerk en aanstekelijke, veelal meebrulrefreinen.

JOKKE: 85/100

Bythos – The womb of zero (Terratur Possessions 2020)
1. Black labyrinth
2. When gold turns into lead
3. Sorath the opposer
4. Omega dragon
5. Call of the burning blood
6. Hymn to Lucifer
7. Legacy of Naahmah
8. Destroyer of illusions
9. Luciferian dawn

Enepsigos – Wrath of wraths

De Noor Anders O. Hansen kennen we als Doedsadmiral van de bands Nordjevel, Doedsvangr en Svartelder. Hij houdt er echter nog een andere band op na die Enepsigos gedoopt werd en verwijst naar de gevallen engel uit het testament van Solomon die van gedaante kan verwisselen. Voor Enepsigos wist de Noor – hier actief als V.I.T.H.R. – drummer Thorns (Darvaza, Fides Inversa en zo veel meer) aan te trekken. Oospronkelijk was de band als studioproject ontstaan wat resulteerde in debuut “Plague of plagues” dat in 2017 via Drakkar Productions verscheen. Het duo wordt nu versterkt door gitarist/bassist Rituul die de opgestapte Straff vervangt en heeft het plan om ook live podia onveilig te maken, zodra dat terug aan de orde is wel te verstaan. Het riffwerk van Rituul is verankerd in Noorse black maar bevat – net zoals bijvoorbeeld de laatste Behexen-plaat – een aan Zweedse death metal ontleende grofkorrelige structuur. Natuurlijk wordt er geramd en geblazen maar een zwaar en heavy downtempo nummer als “Seventh seal” zoekt in de eerste helft eerder doom/death-regionen op waarna Zweeds hakkende drumpatronen het tempo de hoogte insturen om uiteindelijk in knuppeltoestanden en meer technisch gitaarspel uit te monden. Het is een dynamisch en complexer nummer waarin V.I.T.H.R. zijn stembanden in alle uitersten stretcht. Ook in het groovy blastmonster “The whore is the temple” kan de zanger zich uitleven – Attila komt haast even vanachter de hoek piepen – en het is om – net zoals de angstvallig schreeuwende dame die opduikt – schrik van te krijgen. De Gregoriaanse gezangen die “Cups of anger” aftrappen, vallen ook nog positief op maar eigenlijk valt Enepsigos zes nummers lang nergens op een foutje te betrappen, daarvoor is er te veel ervaring binnen de band aanwezig. De high pitched riffs hebben hier een enerverend randje wat doet denken aan Nightbringer. Is u trouwens het artwork van Benjamin A. Vierling al opgevallen? Diens kunstwerkjes prijkten in het verleden ook al menigmaal op die van de vermelde Amerikaanse referentie. Nog even meegeven dat “Wrath of wraths” in de Zweedse Necromorbus Studio vereeuwigd werd en met andere woorden van een puike sound voorzien is. Knappe plaat die een kruisbestuiving van black metal (de helse screams en de haatdragende atmosfeer) en death metal (het bijwijlen groovy riff-werk) laat horen.

JOKKE: 83/100

Enepsigos – Wrath of wraths (Osmose Productions 2020)
1. Shields of faith
2. Confess
3. Seventh seal
4. The whore is the temple
5. Cups of anger
6. Water and flesh

Abduction – All pain as penance

One-man black metal bands, er lopen er veel rond en hoewel er nog steeds veel gruizige slaapkamerprojectjes tussen zitten, is de gemiddelde kwaliteit er de voorbije jaren met rasse schreden op vooruit gegaan. Het Engelse Abduction is er zo één die de vooroordelen over éénmansprojecten de vuilbak in kiepert. Wie naar het nieuwe derde album “All pain as penance” luistert, zou ook niet meteen de bedenking maken dat al wat je hoort uit één en dezelfde koker komt. A|V is de man met het plan maar heeft zich voor deze release vakkundig laten bijstaan door EG als sessiedrummer, een geniale zet want deze vellenmepper tilt de muziek van Abduction naar een hoger niveau. “All pain as penance” is gezegend met een moddervette productie van de hand van de mij onbekende Ian Boult (Stuck on a Name Studios). Zowel de zang – die dieper klinkt dan de erg vervormde vocalen op het vorig jaar verschenen “A crown of curses” – als het militaristisch getinte drumwerk van opener “Infinite ancient hexes” roepen bands als Antaeus en Aosoth voor de geest en in de meer melodieuze passages horen we ook het occult sfeertje, dat bijvoorbeeld een Behexen weet te creëren, doorschemeren. De melodieën zijn erg gelaagd waarbij angstaanjagende riffs gecombineerd worden met ondersteunende atmosferische keyboards terwijl de drums er meestal genadeloos hard op los hameren. In “Ultra terrestrial” roepen de toetsen – u had het al geraden – een bevreemdend buitenaards sfeertje op. “Convulsing at baalbek” is aanvankelijk doordrongen van de snedige tremolo-riffs totdat de gitaren voorbij halfweg een eerder neerslachtig en desolaat Primordial-achtig gevoel neerzetten. Vrij onverwacht dat Abduction ook dit in haar mars heeft. “Embattled” vervult met haar duistere electronica, ambient/noise en creepy zang de perfecte rol van naargeestig rustpunt alvorens “Prayer of electrocution” haar forsbollen mid-tempowijs laat rollen over een aanstekelijk opzwepende riff. “Seven apparitions of suffering” doet het tempo nog verder zakken en laat warempel een sprankeltje hoop horen. Het contrast kan haast niet groter zijn met het hakkend blastfestijn van de venijnige afsluiter “The funeral of cosmic mastery” hoewel A|V naar het einde toe toch ook weer zijn meer atmosferische kant laat zien. Op “All pain as penance” heeft Abduction het bestiale geweld van debuut “To further dreams of failure” weten combineren met het desolate en buitenaardse gevoel van opvolger “A crown of curses“. Een erg sterke plaat die bewijst dat agressie en gevoel absoluut hand in hand kunnen gaan!

JOKKE: 85/100

Abduction – All pain as penance (Inferna Profundis Records 2019)
1. Infinite ancient hexes
2. Ultra terrestrial
3. Convulsing at baalbek
4. Embattled
5. Prayer of electrocution
6. Seven apparitions of suffering
7. The funeral of cosmic mastery

One Tail One Head – Worlds open worlds collide

Een klein jaar geleden liet One Tail One Head eindelijk een voorproefje horen van haar debuutalbum “World open worlds collide” via de “Firebirds“-single. Ondertussen stuurde de band uit Trondheim de boodschap de wijde wereld in dat het debuut, dat zo’n twaalf jaar na oprichting zou verschijnen, meteen ook haar zwanenzang zal zijn. Vooral op het podium zal dit zooitje ongeregeld gemist worden want ze speelden de concurrentie met hun energieke en dynamische spel toch meermaals naar huis. Het feit dat het kwartet regelmatig op mooie affiches prijkte zonder een écht noemenswaardige release onder de arm te hebben, wekte links en rechts wel wat afgunst op, maar ik denk nu niet dat ze daar ook maar één nacht slaap voor gelaten hebben. Op de tracklist van “Worlds open worlds collide” vinden we zowel meer primitieve, tien jaar oude nummers terug als recenter, meer atmosferisch werk. “Arrival, yet again” moet even op gang komen, maar spreidt na een minuutje de kracht van de band tentoon middels opzwepende black metal, dynamisch drumwerk en een zwaar ronkende bas die een stuwende kracht doorheen de ganse plaat vormt. De titeltrack rockt lekker weg, maar blijkt vooral ook het moment te zijn waarop zanger Afgrundsprofet – die we in andere gedaantes ook tegenkomen bij onder andere Mare, Ritual Death, Whoredom Rife, Darvaza en Behexen – zich vocaal kan uitleven en de meest bizarre keelklanken produceert. Ik heb het al menigmaal gezegd en herhaal het nog een laatste keer: de zwaar getatoeëerde frontman is één van de beste die er momenteel op onze aardkloot rondlopen. “Stellar storms” is met haar zeven minuten een vrij lang nummer naar One Tail One Head-normen en is progressiever van opzet, maar lijkt ook nooit écht ergens naartoe te gaan. Bovendien ben ik geen fan van de main riff die regelmatig terug opduikt, ook al doet ie me soms wat aan Turia denken. Geef me dan maar het prijsbeest “Firebirds” dat hier echter in ingekorte versie terug te vinden is vergeleken met de single-versie van vorig jaar, zonder atmosferisch eindstuk dus. “Rise in red” is een vet nummer in hetzelfde straatje, of zeg maar gerust donker steegje waarin een zekere vijandigheid op de loer ligt en waardoor de geur van dood en verderf waait. Tussen deze twee krakers horen we “Sordid sanctitude“, een instrumentale track die de atmosferische kaart trekt maar me weinig boeit en waarin de basgitaar té prominent aanwezig staat en alzo veel definitie van de gitaar wegneemt. Een euvel dat we meermaals op de plaat tegenkomen. “Passage” is vintage One Tail One Head waarin de basloopjes dan weer Alkerdeelsgewijs positief uit de primitieve riffmuur springen. “Summon surreal surrender” is het langste nummer dat de bende ooit geschreven heeft en mixt donkere energie en duistere atmosfeer op een positieve manier. Concluderend kan gezegd worden dat “Worlds open worlds collide” niet de kopstoot is geworden die ik had verwacht. Hiervoor weet de band niet altijd voldoende te overtuigen in de meer atmosferische stukken en verneukt de sound van de té prominent aanwezige bas de luisterervaring meermaals, ook al is ze één van de sterktes van de band. Wanneer One Tail One Head echter goed op dreef is in de meer rechttoe-rechtaan stukken wordt de energie van haar live performances op plaat geëvenaard.

JOKKE: 80/100

One Tail One Head – Worlds open worlds collide (Terratur Possessions 2018)
1. Certainly not
2. Arrival, yet again
3. Worlds open, worlds collide
4. Stellar storms
5. An utter lack of meaning, Hitherto unbeknownst, suddenly revealed
6. Firebirds
7. Sordid sanctitude
8. Rise in red
9. Passage
10. Summon surreal surrender

Darvaza – Darkness in turmoil

Het Italiaans/Noorse Darvaza breidt met het nagelnieuwe “Darkness in turmoil” een einde aan de EP-trilogie die het eerder met “The downward descent” en “The silver chalice” erg sterk was begonnen. Dat Omega aka Gionata Potenti een drummer van formaat is, bewees de kleine Italiaan al meermaals in o.a. Blut Aus Nord, Chaos Invocation en Glorior Belli (to name but a few) maar in Darvaza laat hij horen ook geweldige songs te kunnen schrijven. En als je dat talent bezit, heb je natuurlijk ook een fantastische frontman nodig die Omega vond in de Noor Wraath (o.a. One Tail One Head, Behexen, Ritual Death). Op muzikaal vlak liggen de drie nieuwe nummers in het verlengde van de twee voorgaande EP’s, waarbij “Towards the darkest mystery” misschien net iets meer old school vibes uitstraalt. “A new sun” is de snelste track van de EP maar vind ik vrij middelmatig voor hun doen. Gelukkig zijn er nog de gevarieerde vocalen die Wraath uit zijn strot kan toveren en die nog veel goed maken. In het catchy Lucifer-aanroepende refrein van “Towards the darkest mystery” laat de Noor zich écht gaan. “Fearless unfeard he slept” is tenslotte mid-tempo van opzet en opnieuw experimenteert de frontman lekker met zijn stembanden. Het nummer kent een plechtstatig einde waarbij de basgitaar lekker door de repetitieve gitaarriffs heen ronkt. Gionata’s gitaarspel is ondertussen best herkenbaar, dus daar verdient onze multi-instrumentalist alvast een dikke pluim voor. En met “Towards the darkest mystery” bevat ook deze EP een échte klepper zoals “The barren earth” vanop het eerste deel of de titelsong van de tweede EP. “Darkness in turmoil” is echter niet het overweldigende sluitstuk dat ik had verwacht, maar desondanks is Darvaza nog steeds een band die ik erg kan appreciëren – en dat heeft niets te maken met de slang in het logo – en die hopelijk nog tot grootse dingen in staat is.

JOKKE: 83/100

Darvaza – Darkness in turmoil (Terratur Possessions 2018)
1. A new sun
2. Towards the darkest mystery
3. Fearless unfeard he slept

Antzaat – Een dystopische blik op de maatschappij

De laatste jaren doken er met Possession, Goat Torment, LVTHN en Absolutus tal van veelbelovende black metal bands uit de Belgische underground op. Een recente nieuwkomer is Antzaat die met haar eerste EP “Black hand of the father” meteen wist te overtuigen. De band staat aan de vooravond van een korte tour met het Poolse Blaze Of Perdition maar vond toch nog de tijd om ons te woord te staan. (JOKKE)

antzaat-ifp
(c) Djuna Keen

Heilgroet! Eerder dit jaar staken jullie plots de kop op. Met welk doel voor ogen werd Antzaat opgericht?
Antzaat is opgericht om de creatieve frustraties van de leden kwijt te kunnen en om de kleine Belgische black metal-scène aan te vullen.

Gitarist Ronarg kennen we van Ars Veneficium. Hebben de andere leden ook een verleden in andere bands?
Nihil speelt ook lead guitar bij Death Metal band Incult. Drummer Eenzaat en bassist Isaroth hebben een geschiedenis bij verschillende andere bands.

Wie zou vermoeden dat “Antzaat” één of andere mythische demoon is, slaat de bal compleet mis. Het betreft immers een oud vergeten Nederlands woord. Wat betekent het exact?
Antzaat is inderdaad een oud Nederlands woord. Als je een antzaat bent, ben je vijandig en haatdragend; dan ben je “tegen”. Wij hechten veel belang aan de lokale verankering, daarom hebben we gekozen voor een Oernederlandstalige naam.

Jullie hebben recent een eerste veelbelovende EP “The black hand of the father” uitgebracht. Wat bedoelen jullie met deze titel?
De meeste lyrics van de EP zijn gemaakt met een dystopische blik op de maatschappij. De zwarte hand van een duistere figuur bespeelt de massa als pionnen, zonder dat de pionnen het door hebben. Andere teksten zijn gebaseerd op occulte literatuur.

Toen ik de eerste promotievideo “Disciples of the Concrete Temple” zag, maakte ik meteen de bemerking dat het om de zoveelste band ging die qua visuele presentatie probeert te teren op de gehypte looks van het dezer dagen populaire Poolse Mgla; hoewel zij ook niet de eersten waren om zich door middel van hoodies en doeken anoniem voor te stellen. Snappen jullie deze kritiek en waarom is het anonieme zo belangrijk voor jullie? Het lijkt me natuurlijk ook een pak efficiënter om een kap over jullie hoofd te trekken dan de tronies telkens met corpsepaint te moeten besmeuren als jullie optreden.
Maskers, corpsepaint, zwarte kledij, leder, spikes, … Dit zijn allemaal typische kenmerken van metal die iedereen vrijuit kan gebruiken. Wij dragen hoodies en maskers omdat het perfect aansluit bij het muzikale concept. We zijn allemaal stukken van één geheel en proberen ons niet onherkenbaar te maken. Elk bandlid heeft zo zijn eigen symbool waarmee hij zich vereenzelvigt. Mensen hebben het recht om kritiek te uiten en wij hebben het recht om die te negeren.

antzaat-dotct
(c) Maaike Sanfrinnon

Jullie muziek leunt echter niet bij onze Poolse vrienden aan. Op de EP laten jullie vijf sterke black metal songs horen die eerder geïnspireerd zijn door Noorse black met pagan inslag à la Kampfar en Taake. Mijn collega Cas merkte echter ook sterke gelijkenissen op met het Finse Sargeist. Zo gaf hij aan dat de openingsriff van “Disciples of the concrete temple“ wel héél veel weg heeft van diens “Empire of suffering”. Wie beschouwen jullie zelf als jullie voornaamste inspiratiebronnen? 
Behexen, Satanic Warmaster, Darkthrone, Ulver en inderdaad Sargeist zijn enkele van onze inspiraties. Het kan inderdaad zijn dat “Disciples of the concrete temple” uw collega doet denken aan “Empire of suffering”, maar zeggen dat het er heel veel van weg heeft, vinden we wat overdreven.

Hoe groot is de uitdaging om origineel uit de hoek te komen voor een band als Antzaat?
Die is zeer groot, er zijn namelijk veel black metal bands die allemaal proberen origineel uit de hoek te komen. Veel dingen zijn immers al gedaan. Met “The black hand of the father” hebben we onze eerste stappen gezet. De toekomst zal uitwijzen waar deze ons gaan leiden.

Wat is voor jullie de waarde van een positieve of negatieve review? Houden jullie als jonge, nieuwe band rekening met kritiek (indien die onderbouwd is) of doen jullie stug jullie eigen ding?
Positieve reviews zijn altijd fijn om te hebben, maar wij zijn niet de mensen om compromissen te sluiten. Wanneer we kritiek tegenkomen die onderbouwd is én waar we ons in kunnen vinden, zullen we hier rekening mee houden.

Jullie zetten een krabbel onder een contract met het Belgische Immortal Frost Productions waar Ars Veneficium ook getekend is en diens zanger Surtur labeleigenaar is. Was het van meet af aan duidelijk dat jullie met hem in zee wilden gaan of was er ook interesse van andere labels?
Immortal Frost Productions was voor ons een logische keuze. We kennen Surtur en weten dat hij voldoende kennis heeft om ons vooruit te helpen. Verder maakt dit het ook gemakkelijk om combo-tours te doen met Ars Veneficium.

De samenwerking met Immortal Frost Productions lijkt in elk geval haar vruchten af te werken aangezien jullie weldra op een korte tournee vertrekken met Blaze Of Perdition en Ars Veneficium. Welke steden doen jullie allemaal aan?
Het plan was eerst om Nederland, België en Duitsland te doorkruisen, maar omdat de locatie in Nederland failliet is verklaard, zal het bij België en Duitsland blijven. De eerste dag stoppen we in café De Witte Non in Hasselt, voor ons bekend terrein. Zaterdag is het in Asgaard, Gent te doen en ten slotte rijden we door naar Löberschutz. Dit ligt halverwege Duitsland, dus ik verwacht weinig slaap.

Ik moet zeggen dat ik de productie van de EP erg geslaagd vind. Waar werd “The black hand of the father” vereeuwigd en hoe verliep het opnameproces?
Zelf zijn we ook tevreden. Ronarg begon met het schrijven van de muziek, die we dan oefenden en verder afwerkten. Toen we vijf nummers hadden, besloten we om een EP op te nemen. De drums werden opgenomen in Zwaneberg CC; de rest is home recording. Het volledige pakket werd vervolgens naar Owe Inborr van Wolfthrone Studios in Finland gestuurd. Met zijn ervaring in het genre, wisten we dat hij het er goed van zou afbrengen.

Zit er al nieuw Antzaat-materiaal in de koker en wanneer mogen we dit verwachten?
Er zijn momenteel nog geen plannen voor nieuwe opnames. Maar wees gerust, de tijd staat niet stil en nieuwe nummers zullen er komen.

Welke doelen staan er op jullie bucket list?
Tegenover doelen hebben we een redelijk nuchter standpunt. We hopen verder te kunnen gaan in de richting die we hebben ingeslagen en dat de mini-tour van dit weekend de eerste van vele is.

Het einde van het jaar staat weeral stilaan voor de deur. Met het zicht op de eindejaarslijstjes had ik graag enkele van jullie absolute toppers vernomen die dit jaar het levenslicht zagen. 
We zijn unaniem fan van de nieuwste release van onze tour-genoten Blaze of Perdition, genaamd “Conscious darkness“. Smaakvolle lange nummers met boeiende teksten.
Verder is ook de nieuwste van Der Weg einer Freiheit (“Finisterre“) het waard om vernoemd te worden. Blastbeats die geregeld worden afgewisseld met zachtere stukken.
Andere releases die ons kunnen bekoren zijn Azarath met “In extremis“, Night met “Raft of the world” en “Sanctimonious” van Attic.

Bedankt voor het interview en succes met de tour!

One Tail One Head – Firebirds b/w Prowess

Een luttele elf jaar na haar oprichting maakt het Noorse One Tail One Head zich op voor de release van haar langverwachte debuut “Worlds open, worlds collide”. Naar aanloop daarvan trakteert het viertal ons nu al op de “Firebirds b/w Prowess” maxi single waarop een alternatieve versie van de albumtrack “Firebirds” prijkt en het nummer “Prowess” exclusief voor deze release bewaard werd. De afgelopen jaren ben ik fan geworden van de band – niet in de eerste plaats door de demo’s en EP’s waarvan de laatste ook alweer zes jaar oud is – maar door hun energieke live shows. Hoewel niet altijd even strak, droeg het ietwat chaotische karakter bij aan de reputatie van de band en was het steeds een aimabel schouwspel om te ervaren dat in schril contrast staat met de vele zoutpilaren black metal bands die er de dag van vandaag rondlopen. De energie die live van het podium spat, weet One Tail One Head ook op plaat over te brengen. “Firebirds” klinkt behoorlijk dynamisch waarbij de bas van Andras Marquis T. een belangrijke rol opeist en frontbeest Luctus (Behexen, Dark Sonority, Darvaza, Mare, Ritual Death) nog maar eens laat horen waarom hij één van de beste black metal vocalisten van de laatste jaren is. In de versie die hieronder te horen is, werd het sfeervolle einde weggeknipt. Het is een facet van de band dat we nog niet eerder kenden, maar goed uitdraait. “Prowess” rockt bij aanvang dat het een lieve lust is, maar verkent al snel rustigere wateren waarbij de onderhuidse spanning echter voortdurend op de loer ligt in de vrij repetitieve zwarte meanderende atmosfeer die gecreëerd wordt, maar waarbij het nooit meer tot een uitbarsting komt. Ik smaak de nieuwe richting wel die One Tail One Head hier laat horen. Benieuwd of de langspeler in het verlengde van deze aanpak zal liggen of eerder naar de meer compacte up-tempo songs uit het verleden zal teruggrijpen.

JOKKE: 85/100

One Tail One Head – Firebirds b/w Prowess (Terratur Possessions 2017)
1. Firebirds
2. Prowess

Doedsvangr – Satan ov suns

Als je de heren Shatraug (Sargeist, Horna, Behexen en een peloton andere bands), AntiChristian (o.a. Tsjuder en Isvind) en Doedsadmiral (Nordjevel) samen een potje muziek laat maken, weet je van tevoren al dat het resultaat geen balverschrimpelende power metal zal zijn, maar ouderwets klinkende black. Voor deze Noors/Finse-collaboratie zou in theorie het predicaat “superband” van onder de mottenballen gehaald mogen worden. In theorie, want de praktijk leert ons dat het samenbrengen van muzikanten die hun sporen al dubbel en dik verdiend hebben, toch niet altijd tot muzikaal vuurwerk leidt. In het geval van Doedsvangr valt het allemaal wel mee. Natuurlijk kennen de heren het klappen van de zweep en beheersen ze hun instrumenten tot in de puntjes, maar het wordt slechts zelden écht spannend op dit debuut. We horen veelal uptempo black à la Dark Funeral, hoewel het trio wel weet dat ze op tijd en stond ook eens wat gas moeten terugnemen (o.a. in de titeltrack), want dat een blastfestijn van meer dan vijftig minuten anders al snel gaat vervelen. Het dynamische “Black dawn” steekt met haar aanstekelijke riffs boven de middelmaat uit en ook “Black sun nimbus” weet te bekoren, maar dan zijn we spijtig genoeg reeds bij het laatste nummer aanbeland. Doedsvangr brengt zijn black te veel volgens de regels van het boekje en mede door de te proper en modern klinkende productie (o.a. machinaal klinkende bassdrums) en de eentonige doordeweekse screams van Doedsadmiral, is dat onvoldoende om boven de grijze massa uit te stijgen. Het surrealistische artwork spring dan weer wel in het oog. Hier had toch wel wat meer ingezeten als je het mij vraagt.

JOKKE: 75/100

Doedsvangr – Satan ov suns (Immortal Frost Productions 2017)
1. Our lord cometh!
2. Rituals
3. Doedsvangr
4. Black dawn
5. Northern watchtowers
6. Diaboli
7. Gnashing of teeth
8. Breath of lucifer
9. Throne of black illumination
10. Blood whores
11. Black sun nimbus