cascadian black metal

With The End In Mind – Unraveling; arising

With The End In Mind wist me in 2013 danig te overtuigen met hun “Thresholder” EP. Nadien verdween de band – nou ja, Alexander Roland Freilich is het brein achter With The End In Mind en laat zich op plaat telkens bijstaan door enkele sessiemuzikanten – van mijn radar om nu plots uit de donkere dichtbegroeide bossen van Olympia terug op te duiken met een debuut, getiteld “Unraveling; arising”. Wie “Olympia” leest en weet dat deze band atmosferische black metal speelt zal al snel Wolves In The Throne Room als referentiepunt aanhalen. En dat is niet meer dan normaal want With The End In Mind wordt overduidelijk beïnvloed door hun heersende streekgenoten die eindelijk ook terug uit hun winterslaap ontwaakt lijken te zijn. Er vallen heel wat rustpunten te bespeuren tussen de snelle en woeste black metal uithalen, die vorm gegeven worden middels cleane gitaren, cleane zang (zowel mannelijke als vrouwelijke vocalen), keyboards en viool. De mistige keyboardgordijnen zijn misschien net iets té prominent aanwezig, hoewel er bij de mix duidelijk rekening mee werd gehouden om ze naar de achtergrond te sturen wanneer Noors aandoende gitaarmelodieën de aandacht van de luisteraar opeisen. Met een gemiddelde speelduur van twaalf minuten per song (de titeltrack even buiten beschouwing gelaten) wordt danig de tijd genomen om een spanningsboog te creëren en naar catharsische hoogtepunten toe te werken. De eerste paar luisterbeurten lijkt er niets wereldschokkend te gebeuren, maar eenmaal je de plaat wat aandachtiger beluistert en de tijd geeft om op je te laten inwerken, ontplooit er zich een wonderbaarlijk natuurfenomeen: de repetitieve snelle stukken voelen als een verfrissende stortbui die de hemel doet open barsten na een lange hiking tocht doorheen mysterieuze wouden wanneer je op de top van een berg van majestueuze panorama’s aan het genieten bent. Je adem begint te stokken en je hartslag neemt toe, wanneer de druppels op je blote huid vallen. Ik verkies de metalen erupties boven de sfeer scheppende rustigere passages, hoewel het afsluitende “Wheeling, endlessly wheeling” met feeërieke zang van Caitlin Fate absoluut weet te overtuigen. Donderende doomuithalen en postrock-achtige gitaarscreams luiden deze song in, maar wanneer je de uppercut verwacht zuigt Caitlin de aandacht naar haar toe om je even later, ondersteund door plechtig maar sereen vioolspel, in vervoering te brengen. De folky ondertoon doet wat aan SubRosa denken. Na zeven en een halve minuut is er dan die laatste zwartgeblakerde pandoering die je bij je nekvel grijpt en waar ook een Altar Of Plagues vanachter een boom komt loeren. Wat een song! Hoor ik hier trouwens ook subtiel hoorngeschal? In afwachting van nieuw plaatwerk van Wolves In The Throne Room ga je met dit debuut van With The End In Mind enkele leuke uurtjes kunnen doorbrengen. Schandalig dat er nog geen enkel platenlabel haar schouders onder deze band gezet heeft.

JOKKE: 84/100

With The End In Mind – Unraveling; arising (Eigen beheer 2016)
1. Sings the sky
2. Anguish symmetry
3. Unraveling; arising
4. From the true source
5. Wheeling, endlessly wheeling

 

 

 

Antlers – A gaze into the abyss

Antlers is een vrij jonge band uit Leipzig die met hun eerste boreling “A gaze into the abyss” meteen een mooi visitekaartje aflevert. Hoewel ze opereren vanuit Duitsland hebben we hier echter met Spanjaarden en Catalanen te maken die ook actief waren of zijn in Ekkaia, Cop On Fire en Sangre De Muerdago, drie namen waarbij ik het in een andere Duitse stad hoor donderen. Opzoekwerk leert dat het hier om crustpunk en neo-folk bands gaat, wat verklaart waarom ze bij ondergetekende geen belletje deden rinkelen, want in deze scenes ben ik niet zo thuis. Black metal met een links-politieke en antifascistische achtergrond dus. Het gewei van dit zwarte hert kent vertakkingen in de oude Scandinavische scene, de recente Cascadian stijl en de Oost-Europese pagan variant. Het midtempo melodische gitaarwerk in “Hundreds” doet meer dan eens Drudkhiaans aan en in het snelle blastwerk sijpelen de Noorse invloeden door. In “To the throats” hoor ik zelfs wat stukjes van ons eigenste Wiegedood terug. In plaats van bomen te knuffelen en moeder aarde te adoreren wordt op tekstueel en inhoudelijk vlak geput uit literatuur van het collectief Luther Blisset en William Blake. Dat onze linkse rakkers niet vies zijn van een gitaarsolo op tijd en stond horen we in “Carnival of freedom and betrayal” en “Memories of the extinct”. Origineel is het allemaal niet, maar het luistert wel lekker weg. Ze hebben blijkbaar enkele dagen geleden in Gent opgetreden. Spijtig dat me dat ontgaan is want Antlers levert het bewijs dat punkers ook een ferme pot black metal kunnen spelen.

JOKKE: 80/100

Antlers – A gaze into the abyss (Vendetta Records 2015)
1. Reverence
2. Hundreds
3. Carnival of freedom and betrayal
4. To the throats
5. A jail of flesh
6. Memories of the extinct

Wiegedood – De doden hebben het goed

Het Belgische Church Of Ra collectief heeft zijn gezanten reeds uitgestuurd in verscheidene sub-genres van het hardere werk zoals sludge, hardcore, grindcore, ambient en postcore. Black metal leek het nog te ontbreken puzzelstukje binnen het groter geheel, waarop leden van Oathbreaker, Amenra, Hessian en Rise And Fall besloten om Wiegedood in het leven te roepen. Verwacht je bij de term “black metal” hier echter niet aan een stel geschminkte panda’s die lofzangen brengen ter meerdere eer en glorie van de gehoornde, maar aan de atmosferische (some say hipster) variant van het genre, met een zeer grote vette knipoog naar de Amerikaanse Cascadian black metal scene. Klinkt misschien vreemd dat een Belgische band dit genre speelt? Welnee, je hoeft toch ook geen Zweedse band te zijn om Gothenburg death metal te maken of om aan de andere kant van de plas te wonen om Florida death metal te spelen? Wiegedood heeft bij mijn weten dan ook een monopolie op deze sub-stroming in ons vaderlandje. Daar waar collega’s meestal de pracht van Moeder Aarde prijzen, lijkt het trio, afgaand op de bandnaam, titel en songtitels, eerder het thema “dood” te bezingen, hoewel ik geen jota versta van de teksten die zanger/gitarist Levy uit zijn longen perst en geen idee heb of deze ook in het Nederlands gezongen worden. Openingstrack “Svanesang” legt meteen de zweep erop met een heerlijk snijdende gitaarriff ondersteund door het duidelijk in de mix hoorbare snare-geknuppel van vellenmepper Wim. Meteen moet ik aan een band als Ash Borer denken, wat absoluut als een compliment mag gelden. Halverwege de song valt de razernij stil om enkel nog wat gitaargetokkel over te houden, waardoor zowel de luisteraar als de muzikanten even naar adem kunnen happen alvorens terug een riff- en blastbeateruptie in te zetten. De bas is niet hoorbaar, omdat er simpelweg geen bassist aan te pas komt bij Wiegedood (wat we bijvoorbeeld ook bij een band als Sun Worship zien) en deze wordt eerlijk gezegd ook niet gemist. Het gitaarwerk in opvolger “Kwaad bloed” bevat enkele druppels Noorse hemoglobine en akoestische gitaar naar het einde toe. In de titeltrack gaat het er voor de drummer wat rustiger aan toe terwijl de gitaartandem een melodie op de luisteraar afvuurt die niet zou misstaan op een plaat van Wolves In The Throne Room. Afsluiter “Onder gaan” tovert twaalf minuten lang kippenvel op mijn armen en een brede grijns op mijn tronie. Wat een heerlijke song!  De repeterende riff op het einde bevat een spoken word stuk dat ingesproken werd door de Russische ex-vriendin van frontman Levy. Dit debuut heeft alles in huis om van Wiegedood een grote band te maken binnen de Cascadian stroming: goede songs, knap artwork van Stefaan Temmerman en een ruwe productie, waarin alle details toch goed hoorbaar zijn. Ook live ontketenen onze landgenoten een heuse wervelstorm, dus ga hen zeker checken op één van de vele opkomende live gigs.

JOKKE: 84/100

Wiegedood – De doden hebben het goed (Consouling Sounds 2015)
1. Svanesang
2. Kwaad bloed
3. De doden hebben het goed
4. Onder gaan

Addaura – …And the lamps expire

Voor wie de Cascadian black metal scene volgt, zal het uit Seattle afkomstige Addaura misschien geen totale onbekende zijn. Met hun demo en full plaat (“Burning the ancient” uit 2012) wisten ze mijn aandacht reeds te trekken. Nu valt er een nieuwe EP te beluisteren waarop ons twee volwaardige songs worden voorgeschoteld (“Chambering things lost” is eerder een noisy intermezzo) goed voor dik twintig minuten atmosferische black metal ter meerdere eer en glorie van Moeder Aarde. Daar waar Wolves In The Throne Room de onbetwiste numero uno is en op eenzame hoogte de maatstaf bepaalt voor dit subgenre, zijn Ash Borer en Fell Voices als een siamese tweeling met elkaar verstrengeld op de tweede en derde plaats. De vorige releases deden reeds het beste vermoeden voor de toekomst, maar het niveau van de heilige drievuldigheid wordt (nog) niet gehaald. Na een piano intro schiet “Amid the tumult and clamor (I look for the light through the pouring rain)” veelbelovend uit de startblokken. Het duurt echter niet lang alvorens de blastbeats stilvallen en akoestische gitaren en piano terug de hoofdrol opeisen tot het moment waarop de drummer het genoeg vindt en terug volle gas mag geven. Hoewel geheel volgens het boekje gespeeld, weten ze de haartjes op mijn armen niet recht te krijgen. Ook  “The sun shines today also (On the oaks of that bird hill)” wordt met toetsen ingezet en volgt hetzelfde stramien van de eerste song. Alleen vormen hier subtiele cleane zang (je moet echt wel je oor tegen je boxen houden) en organische orgaanpartijen (die door bassiste Heidi verzorgd worden) wel voor de onderscheidende factor ten opzichte van de collega’s en weten de riffs de grootsheid van de natuur tegenover de nietigheid van de mens wel uit te drukken. Akoestische gitaren en piano krijgen het laatste woord. Al bij al een goede EP die hun debuutplaat wel niet weet te overtreffen. Op hun bandcamp-site kan je deze EP voor één schamele dollar aanschaffen: https://addaura.bandcamp.com/. Doen!

JOKKE: 78/100

Addaura – …And the lamps expire (Eigen beheer 2015)
1. Amid the tumult and clamor (I look for the light through the pouring rain)
2. Chambering things lost
3. The sun shines today also (On the oaks of that bird hill)

Solbrud – Jærtegn

Als Erik Van Looy in de Slimste Mens zou vragen “som vier Deense black metalbands op” zal er hoogstwaarschijnlijk een pijnlijke stilte vallen. Nu moet ik bekennen dat ik zelf ook maar nét aan vier stuks zou geraken, namelijk Horned Almighty, Denial Of God, Black Dementia en Solbrud, waarvan net de tweede langspeler uitgebracht werd door Mighty Music. Dit maar om aan te tonen dat Denemarken toch wel serieus achterop hinkt vergeleken met de andere Scandinavische landen. Wat de reden hiervoor is, is me een raadsel. In hun thuisland zijn de vier heren echter blijkbaar goed bezig getuige een award die ze reeds in ontvangst hebben mogen nemen en performances op het Roskilde en Copenhell festival. Buiten hun landsgrenzen is er wel nog wat werk aan de winkel vrees ik, want ik vermoed dat deze band zelfs voor menig liefhebber van zwart metaal nog een nobele onbekende zal zijn. De eerste self titled plaat vond ik best te pruimen. Middels vier lange songs kregen we een portie atmosferische black metal voorgeschoteld in de stijl van, u raadt het misschien al, Wolves In The Throne Room en consorten. Op de tracklist van de nieuweling prijken ook weer vier lange nummers (tussen negen en vijftien minuten) netjes per twee verdeeld op elke kant van de vinylplaat. Valt er aan de muziek zelf iets nieuws te merken? Aan de eerste minuut te horen, alvast niet. Na een feedback intro, schiet de band als een razende uit de startblokken en krijgen we duidelijk door WITTR beïnvloedde black metal gepresenteerd (behoudens de meer ambient getinte partijen die de Amerikanen in hun muziek verwerken) die natuurlijk ook schatplichtig is aan de oude Noorse school. In de eerste twee nummers neemt de band slechts sporadisch een beetje gas terug, zoals in het akoestisch intermezzo in “Afbed”, maar dat is zelden van lange duur. De langste klepper van de plaat, “Klippemennesket” heeft wel een minuutje of drie nodig om middels cleane gitaren een opbouw te creëren, maar daarna worden de versterkers opengedraaid. Verderop in het nummer worden de harde stukken steeds opgevolgd door cleane of akoestische gitaarpartijen die steeds de nodige ademruimte vormen voor de daaropvolgende erupties. Een bekend trucje natuurlijk voor dit genre. Ondanks het verslinden van menig Deense crimi serie, versta ik geen jøta van de teksten die in hun moedertaal gebracht worden, maar volgens de bio handelen ze over natuur, dood en eenzaamheid. Liefhebbers van de Cascadian sound moeten dit Solbrud zeker eens een kans geven: voorwaar niets nieuws onder de zon maar wel oerdegelijk gebracht.

JOKKE: 80/100

Solbrud – Jærtegn (Mighty Music 2014)
1. Sortedøden
2. Afbed
3. Klippemennesket
4. Ursult

Sun Worship – Elder giants

De  eco-black metallers van Wolves In The Throne Room hebben enkele Jaren geleden een heel nieuw sub-genre binnen de black metal scene in het leven geroepen. In plaats van te flirten met satanisme, het aanbidden van de duivel en het moord en brand schreeuwen, staat de kracht van de natuurelementen en de relatie tussen mens en natuur centraal bij hen. Ook aan corpse paint, uit de kluiten gewassen pinnenbanden, studs & leather doen deze jongens niet mee. Hierdoor worden ze door black metal puristen (en vooral de orthodoxe stroming) niet als black metal beschouwd. Hun variant op deze extreme muziekstijl wordt gekenmerkt door snelle black metal met repetitieve hypnotiserende tremelo picking riffs (schatplichtig aan de Noorse black metal) en trance opwekkende blastdrums, die afgewisseld worden met tragere ambient-achtige passages. Het label “Cascadian black metal” dat op deze sub-stroming gekleefd wordt, verwijst naar de regio van de Cascade Mountains in het Noordwesten van de Verenigde Staten, waar vele bands hun origine hebben. In Europa schoten de Cascadian black metal bands echter ook als paddenstoelen uit de grond (hoewel dit geografisch gezien dus geen steek houdt). Eén van de beste Europese bands is het Duitse Sun Worship dat met “Elder giants” hun eerste volwaardige langspeler aan de mensheid presenteert. Als je hun demo, 2 splits en EP beluistert, hoor je dat de band steeds beter is geworden in het neerpennen van lang uitgesponnen atmosferische black metal tracks, die de aandacht van de luisteraar erbij weten te houden.  Het hoge niveau van de collega’s aan de andere kant van de Atlantische oceaan wordt nog niet altijd gehaald, wat ik merk aan het minder aantal kippenvelmomenten dat ik krijg bij het beluisteren van hun plaat, hoewel die er wel degelijk zijn (o.a. de grootsheid uitbeeldende riffs in openingsnummer “We sleep”). De invloeden van WITTR liggen er dik bovenop en in het titelnummer hoor je ook duidelijk de invloed van het almachtige Emperor terug ten tijde van “In the nightside eclipse” (een band waarvoor de Amerikaanse Weaver broertjes hun adoratie ook niet onder stoelen of banken steken). In het afsluitende “Transneptunian (infinite gaze)” wordt het drumstel aan de kant geschoven, en gaat het Teutoonse kwartet de ambient/drone-achtige tour op.  Na 37 minuten is de koek op, maar dan laat je kant A van de vinyl terug kennis maken met de naald.

JOKKE: 80/100

Sun worship – Elder giants (Sick Man Getting Sick Records 2014)
1. We sleep
2. The absolute is becoming
3. Elder giants
4. Transneptunian (infinite gaze)

 

Griefloss – Ruiner

Via de Fuck Yeah! Hipster Black Metal blog (laat de haatmail maar komen trve black metal kvlt fanatics!) stootte ik op het eerste album “Ruiner” van het uit Washington DC en North Virginia afkomstige Griefloss. De band omschrijft haar geluid als een mix van black metal en shoegaze waar ik me wel in kan vinden. De screams zitten in de depressieve black metal hoek en in de eerste twee songs doet de band me wat aan Woods Of Desolation denken. Derde song “łłł” vormt het hoogtepunt van de plaat. Dit melancholisch meesterwerkje start vrij ingetogen met een simpele maar effectieve drumbeat vergezeld van gitaarruis en breekbare cleane vocalen van gitarist Ben Polson. Qua stemgeluid leunt hij dicht aan bij John Haughm van Agalloch. Na een kleine drie minuten breekt de song open met een kippenvel opwekkende melodie die overgaat in een shoegaze/ postrock-finale, waarin de ijselijke screams van bassist Blade Ronetz voor een schril contrast zorgen met de ijle cleane zang. Ook in “Mouth of god” gaan melancholische stemklanken een spannend duel aan met wanhopige krijszang. Muzikaal gezien start dit nummer als een donkere meeslepende en rockende song, waar een versnelling in de drums halfweg toch weer voor een black metal impuls zorgt. Met het langzaam naar een climax opbouwende en 12 minuten durende “Charon” komt er na 50 minuten een einde aan deze verdomd goede debuutplaat. Fans van eerdergenoemde bands of van een Heretoir, Alcest of de Cascadian black metal sound moeten deze plaat eens opsnorren via hun bandcamp http://griefloss.bandcamp.com/

JOKKE: 83/100

Griefloss – Ruiner (Eigen beheer)
1. Ruiner
2. Void
3. łłł
4. Chindi
5. Mouth of god
6. Charon

With The End In Mind – Tresholder

Het lijkt alsof de stortvloed aan releases van “Cascadian” black metal bands stilaan voorbij is en het momenteel de orthodoxe black metal-benadering is die hoge toppen scheert en menig zwart-geblakerd zieltje weet te overtuigen. Hoewel het merendeel van de aanhangers van dat laatste subgenre woorden als “hip(ster)” en “trends” verfoeit kan je er niet om heen dat de meer occulte bands momenteel gretig aftrek vinden binnen de donkere krochten van de underground. Volledig terecht overigens. Of black metal bands het thematisch gezien over het aanbidden van de gehoornde hebben of eerder de grootsheid van de natuur aanroepen in hun rituele muziek, maakt ondergetekende niet veel uit. Zolang het maar oprecht is en de atmosfeer van de muziek me weet te overtuigen. Maar genoeg afgeweken. Onlangs stootte ik via Bandcamp op de tweede EP van de Amerikaanse éénmansband With The End In Mind, getiteld “Tresholder”. Het muzikale brein Alex F. laat zich echter bijstaan door Alex Mody op drums, Emily Metcalf op zang en cello en Jason Leher op fluit. Ja, u leest het goed: fluit. Verwacht hier nu geen hoempapa-metal, want dit extra instrumentarium wordt subtiel ingezet om de atmosferische “Cascadian” black metal extra kleur te geven. Na een kort intro wordt het gaspedaal meteen volledig ingedrukt en doet de hypnotiserende blastbeat vakkundig zijn werk. Halverwege de song (we zijn dan reeds 6 minuten ver) valt het tempo stil en brengt de breekbare stem van Emily, vergezeld van akoestische gitaar, je helemaal in vervoering. Deze ontroerende schoonheid staat in schril contrast met de hevige screams in de rest van het nummer. Daarna werkt een prachtige gitaarmelodie zich gestaag naar de voorgrond, om vervolgens terug alle remmen los te gooien en het slotstuk van de song in te zetten. De song vloeit over in het ambientachtige “The pantheon arches in all directions; endless” intermezzo. Feedback, akoestische gitaar en frèle vrouwenzang zorgen voor de juiste stemming alvorens over te gaan naar de laatste track van deze EP, getiteld “True weight of the things we must carry”. Ook hier schotelt de band je een heel dynamische en atmosferische black metal track voor waarbij distortion gitaren afgewisseld worden met ingetogen akoestisch gitaarwerk en subtiel fluitspel. Het is duidelijk dat Alex erg goed naar Wolves In The Throne Room heeft geluisterd, maar vermits deze band (voorlopig?) op een laag pitje staat, moeten liefhebbers van het genre deze band zeker eens checken. Eigenlijk onbegrijpelijk dat deze EP in eigen beheer uitgegeven werd. Als ik een platenlabel had, zou ik ze meteen tekenen. Je kan deze EP evenals de vorige EP trouwens (gratis) via hun Bandcamp downloaden. Doen!

JOKKE: 87/100

With The End In Mind – Tresholder (Eigen beheer 2013)
1. I. Tresholder
2. The pantheon arches in all directions; endless
3. II. True weight of the things we must carry